MET DKW EN TENT NAAR DE ALPEN

Met volle benzinetank,twee reservebanden,leeftocht voor drie dagen doch slechts weinig Belgisch en Fransch geld- nét voldoende om onderweg benzine te kunnen byladen teneinde de grens van het Zwitsersche luilekkerland te kunnen halen (dankzy een doktersattest dat deze reis naar Zwitserland rechtvaardige kreeg ik wat deviezen)reden wy,op een der schaarsche zomerdagen van den herfstmaand augustus,bezuiden Maastricht België binnen, en voelden ons als Lavarède,die met een kwartje op zak de wereld rond trok. De gelukkig nog in goede conditie verkeerende DKW, die vyf oorlogsjaren het daglicht niet had gezien, pruttelde opgewekt, de zon scheen, we waren uiteindelyk weer eens in het buitenland en genoten ervan door schilderachtige slordige Belgische dorpjes te ryden. In Nederland is het,dankzy de A.N.W.B.borden,geen kunst om op den goeden weg te blijven, in België en vooral in Frankrijk raakt men spoedig de koers kwyt als men, zooals ik,slechts over een soort "overzeiler" beschikte voor het traject Maastricht-Bazel.:Na korten tyd waren we reeds op een binnenweg terecht gekomen en veroorzaakten groote opwinding in een klein dorpje waar de geheele bevolking was samengedromd by de finish van "de" jaarlyksche  locale wielerwedstryd. Argeloos bleken wy aan den kop van een zwoegende horde renners te zyn gekomen. Gejuich,geschreeuw,jawel,vlak achter ons werd een uitgeputte kampioen met een krans omhangen en op de schouders genomen.

Wij zyn wel eens geneigd te vergeten dat de oorlog ook over onze grens zware wonden heeft geslagen;nu ervoeren wy hoe van Maastricht tot Bazel bruggen waren opgeblazen en dorpen in puin gelegd. Overal ruines van huizen,gaten in muren en daken, byna geen dorp of stad, dat niet de verschrikkingen van luchtbombardementen heeft gekend. Hoe Zuidelijker we kwamen des te minder de opbouw was gevorderd;wel wordt er gewerkt,maar in de Ardennen zal het gebied waar het laatste Duitsche offersief woedde nog wel zeer lang de sporen dragen ervan. In Luik werd het een puzzel den weg naar het Zuiden te vinden. Het was Zondag,dus genoeg volk op den been en een stelletje zeer vroolijke Belgen deden hun best om ons van dienst te zyn, maar zagen geen kans ons den weg naar Bastogne duidelyk te maken. Het resultaat was ,dat we in het dal van de Ourthe terecht kwamen,het was er prachtig en buitengewoon levendig met al die,op en langs de rivier genietende vacantiegangers tusschen steile rotsen.

Honderden fietsers stoven na een welbesteeden Zondag met vaart de hellingen af in de richting Luik. Ik had het al opgegeven naar Bastogne te vragen;  verder dan het moeilyk uit te spreken Aywaille zouden wy dien dag toch niet komen, doch eerst na vele, met overmatig duidelyke explicaties, gelukte het de groote heirweg naar het Zuiden te bereiken, die door de Amerikanen met talryke waarschuwingsbordjes: "Slow Curve", "slippery road" of pittige opschriften als "Drive carefully, death is so permanent "ter beveiliging van het massaverkeeer militaire colonnes, was voorzien. Het schilderachtige, in een dal gelegen Houffalize was in flarden geschoten; resultaat van geallieerde luchtbombardementen tydens het Ardennen offensief. Vernielde tanks en autokarkassen lagen her en der verspreid langs den weg, maar de natuur was blyven leven. Het wrak van een Tigertank stond als een roestig monster tusschen golvend graan. Voorbij Aywaille reed ik een binnenweg in en parkeerden  de DKW tusschen bremstruiken op een heuvel van waaruit we een wyd uitzicht hadden over de Ardennen. Het tentje werd opgezet en de soep gekookt; spoedig viel de nacht in en zagen we de lichtgloed van Luik. Het heeft toch ook voordeelen om geen deviezen te hebben en de stilte van een zomeravond te genieten tusschen brem en geurend dennenhout en te luisteren naar het verre blaffen van een hond in plaats van naar de radio in de gelagkamer van een hotel. Elke medaille heeft echter twee kanten; den volgenden morgen werden wy gewekt door irriterend getik van regen op het tentdak. Wolken hingen laag over de donkere Ardennen; het kapotgeschoten Bastogne,waar in Kerstmis 1944 10.000- omsingelde G.I's hardnekkig weigerden te capituleeren, was een toonbeeld gryze troostlooze ellende, doch temidden van de ruines stonden draaimolens en kermiskramen. Het leven herneemt zyn rechten! Het ryden  over de nog slechts gedeeltelyk herstelde wegen van dit oorlogsterrein is zeker niet eentonig want het uitwyken der venynige granaatkuilen eischt speciale vaardigheid. Hier en daar werkten ploegen nauwlijks herkenbare Duitsche  soldaten; zy zagen er gezond uit, doch houding en uitdrukking waren lusteloos en dof

Tot dicht by de grens van Luxemburg  bleven de sporen van het verbitterde winteroffensief zichtbaar. Daarna rydt men langen tyd door een gebied ,dat slechts zeer weinig heeft gelede;n, eerst by het bereiken van de Moezel, benoorden Metz, keerde het pynlyk vertrouwde beeld van gehavende dorpen terug dorpen terug. Wat is toch de verklaring van het wonder dat Frankryk ons steeds: zoo boeit? De dorpen en stadjes, waar we door heen  reden zyn arm:vervallen,verveloos en vies; het meerendeel der huizen voor onze begrippen onbewoonbaar, maar de bevolking "iets" dat wy in ons nuchtere kraakzindelijke landje missen. Ondanks  de ontzettende beproeving van twee verwoestende oorlogen in een generatie,ondanks het nypend tekort aan werkkrachten - het F'ransche land is onrustbarend "leeg", is de Fransche "esprit" tastbaar gebleven. Hoe genoten wy van de levendige conversatie in een klein cafeetje in de omgeving van Nancy waar "Madame"tegen vergoeding van een pakje sigaretten "Patates frites" voor ons klaar maakte. Een in grys bestoven overall gekleede werkman kwam binnen, zette zijn race fietsje in de gelagkamer en legde met onnavolgbare geste een bosje koolplantjes op tafel."C'est mon bouquet,Madame".En terwyl de patates frites pruttelden in het vet kon ik my in de keuken gaan scheren voor een minuscuul spiegeltje.Er waren nog een paar vaste klanten binnengekomen. Wat een taal,wat  een "verve". Ja, dat was Frankryk, overal puinhoopen, al deze menschen hadden de angsten van gierende bommen en fluitende granaten meegemaakt, zy leefden van de hand in de tand, in groote armoede, waren moe, heel moe, maar ontvreembaar was toch hun innige verknochtheid aan hun dierbare France, onverwoestbaar hun bezit van de Fransche "geest", die zooveel voor Europa beteekent. Voorby Naney gaf St Dié, de "ville martyre", dat de "Furor Teutonicus" in matelooze ontzetting heeft beleefd (het stadje werd voor de helft totaal platgebrand als represaille) een verbysterend beeld van waanzinnige wraaklust. "N'oubliez pas ,St Dié revivra" stond op een eereboog te midden van de puinhoopen. Vele vrouwen en kinderen saamgedreven in een brandende kerk vonden hier een vreeslyken dood. De nachtmerrie van Putten, maar dan honderdvoudig. Geleidelyk naderden wy de Vogezen, de DKW hield zich best men moest maar niet denken aan de mogelykheid van een "panne" - en bracht ons langs kronkelende bergwegen naar de op 800 M..hoogte gelegen Col du Bonhomme waar een hotel stond. Het bleef regenen, de tent was nog nat en bovendien niet waterdicht meer, zoodat wy voortdurend hadden uitgekeken naar een verlaten schuurtje om de nacht in door te brengen. De Col du Bonhomme, waar een koude regenwind over blies, was onherbergzaam; het hotel wrakgeschoten en bovendien voor ons, wegens gebrek aan francs, ontoegankelyk, zoodat de situatie niet geheel rooskleurig kon worden genoemd. De Duitsehers hadden hier echter een barak gebouwd; door een openstaand raam klommen wy naar binnen, vonden enkele oude matrassen, die er al lang genoeg ongebruikt hadden gelegen om insecten vry te zyn en spoedig kookte het theewater. 's Nachts goot het, doch 's ochtends brak de zon door. Wy daalden langs de romantische route de la Crêtes en passeerden het uiterst schilderachtige, half kapot geschoten, oude plaatsje Kayserberg. Nu waren wy in Elzas;wat is er sinds 1914 veel Fransch bloed gevloeid om het behoud van dit land. "Il est chique de parler Francais" stond nu voor verschillende winkelramen.

De blauwe Vogezen lieten wy achter ons;door de vruchtbare groene Rynvlakte via Colmar en de rommelige, gehavende kazernes stad Mulhouse, naderden we de Zwitsersche grens. Vruchtboomen links en rechts langs den goed onderhouden weg, voor ons de eerste heuvels van Zwitserland. Bazel! Even oponthoud voor grensformaliteiten en we reden Zwitserland binnen. Een goede raad voor landgenooten, die ons voorbeeld zouden willen volgen:probeer in ieder geval over een of twee francs Zwitsersch geld te beschikken want; Zwitserland heft statistiekrechten voor iedere binnenkomende auto. Niet veel, slechts 1 "rappe" voor ieder 10 kg, die de auto weegt, doch by gebrek aan Zwitsersch geld vroeg men my drie kostbare Hollandsche guldens te betalen als tegenwaarde voor 75 "rappen". Het contrast tusschen de bittere arme, vervallen, havelooze Fransche dorpjes vlak voor de grens en het kraakheldere, zindelyke Bazel met zijn overvolle winkeletalages, waar álles te koop is, dat wy sinds jaren niet meer hebben gezien; Wedgwood tafelserviesen, wol, zyde, fietsen en nog eens fietsen, banden, bananen, alle merken cigaretten, chocolade, dranken enz. enz. kwam toch als een schok, al waren wy er op voorbereid door de vele verhalen van landgenooten  Door het vriendelyke, schoongewassen Mitteland over mooie asphaltwegen, ruim voorzien van richtingsborden, langs gemoedelyke dorpjes met bloemen voor de ramen, naderden wy tegen de avond het punt van bestemming: een gastvrij huis op de helling van de Gürten waar men een wyd uitzicht heeft over Bern met de Jura op den achtergrond. De verre witte toppen van het Berner Oberland werden rose verlicht door het laatste zonlicht; de hemel gloeide  - Zwitserland! Wat hebben wy er naar verlangd in de oorlogsjaren  Nadat wy onze kleine reisgenoot naar haar herstellingsoord hadden gebracht, was het voor ons de sport om nog zoolang mogelijk in deze "playground" of "Europe" te blyven met het bescheiden bedrag aan Zw. francs dat, dankzy een familielid, te onzer beschikking stond. Het leven is er duur, hotels en restaurants voor ons onbetaalbaar, doch wy hadden een tent, en  by regenachtig weer sliepen wy in "massenlagers" waar je voor 1 frs of 1 1/2 frs. onder dak vindt, of by gebreke hiervan in een stal op hooi.   Een nieuwe belevenis om zorgeloos te kunne rondtrekken  en de mooiste uren van den dag als de zon omhoog klimt achter steile bergkammen of lang schaduwen de dalen vullen opeen geurend alpenweitje je potje te koken , en naar het geluid van koeien bellen en stroomend water te luisteren.
Te snel ging de droom voorby, in dit gebenedyde, gastvrye
land, De DKW werd weer volgeladen, een oude reserveband kon tegen een, voor onze begrippen, belachelyk gering aantal francs worden ingewisseld voor een nog zeer bruikbare band voorzien van een flinke laag rubber en de lange tocht om de Noord nam een aanvang. Tusschen Bern en Bazel begon de motor echter raar te sputteren, met moeite konden de hier toch zeker niet steile hellingen gehaald worden. Het was de zwitsersche benzine met zeer hoog alcohol gehalte, die ons parten speelde. Vlak voor de grens was er echter geen leven meer in den motor te krygen. Het Zwitsersche geld was op, ik moest dus Fransche garage zien te bereiken.  Zoo werd de DKW dus, tot vermaak van de douane, over de grens geduwd en in  St Louis werd voor de somma van twintig fransche francs = f.0.45 de carburateur schoongemaakt en de verstopte benzineleiding doorgespoten. De tragische overgang van de welvaart in het Zwitsersche gedeelte van Bazel naar de armoede in dezelfde straat op Fransche bodem werkt sterk tot de verbeelding. Men beseft dan heel duidelyk hoeveel er nog moet gebeuren voor Frankrijk de ontredderingen van dezen tweede grooten oorlog te boven zal zyn gekomen. Wy reden nu van Muhlhouse via de Col du Bussang door de Vogezen en volgden het Moezeldal van de oorsprong af totdat de moezel een rivier was geworden  is en by Thionville in N.O.lyke richting tusschen Eifel en Hondsrug naar den Ryn doorbreekt. Het zilvergryse licht, de hooge populieren en glooiende boschryke hellingen, maakt dit Lotharingsche land wel zeer aantrekkelijk Voor Epinal hielden wy even stil by een Amerikaansch kerkhof. Twaalfduizend witte kruizen in lange ryen op smaragdgroen gras te midden van het prachtige heuvelland der Vogezen. Hoog wapperde de Amerikaansche vlag boven de stille kruizen, die slechts voorzien waren van naam, voornaam en stam boeknummer, geen rang: de dood maakte deze soldaten, die nu ver van huis in Franschen grond rusten allen gelijk. Namen die op Engelsche, Italiaansche, Duitsche en Japanse afkomst duidden, doch allen zonen van de groote republiek der Vereenigde Staten . die hier in den stryd vielen. By Bayon, tusschene Epinal en Nancy, dichtbij de Moezel zetten wy het tentje op, "ergens"op een weilandje. Hoe anders was het licht hier dan in Zwitserland, dat is toch het geheim van die zilverachtige gryze, zachte tinten. 

De DKW bleef zich als een trouw dier gedragen, maar de dynamo vertoonde kuren, zoodat de motor alleen door de auto te  duwen een vaartje te geven, kon worden gestart. Geen bezwaar: als rustpunten werden nu uitsluitend plekjes uitgezocht op de top van een helling..Toch was met het oog op een rustig gevoel dat de Nederlandsche grens niet zoo heel ver meer weg was. Ik slaakte een zucht van verlichting  toen we, met het vallen van de  avond op Limburgschen bodem stonden en direct een kronkelend landweggetje inreden om een plekje te zoeken voor de tent. "Braaf gedaan beestje"" en ik klopte op de motor kap. Terug in Nederland voelden we de wind weer, de vermoeiende eeuwige wind van ons zeeklimaat, die ons sterk deed verlangen naar de rust ,voor onze begrippen, windstille Zwitserland. Maar toen wy  den volgende dag door ons vlakke land reden, genoten wy van de grootsche vergezichten en machtige wolken gevaarten en kwamen onder de indruk van de  noeste vlyt waarmede by ons  vernielingen van den oorlog zyn of werden hersteld  Maar dat wy nog dikwyls  met heimwee en dankbaarheid aan Zwitserland ondervonden gastvryheid zullen denken is wel zeker.