Dagboek 1970-1972
Dagboek 1970
Alle activiteiten die ik heb meegemaakt met de acties rond het conflict Nigeria/Biafra in de periode van januari - maart 1970 heb ik in een apart hoofdstuk verwerkt: Dagboek Biafra oorlog 1969/1970
Januari 1970 Artikel in NRC-Handelsblad. "Mensen die gewoon niet meedoen"
Interviews Ineke Jungschleger en Max van Rooy.
In drie kolomen worden de interviews gegeven van Tini Hofman, Mike Lorsch en
Tom de Booy
Hier volgt het interview met mij:
Dr. Tom de Booy (15), geoloog, Himalayabeklimmer, bezetter van de Tilburgse
Hogeschool en het Maagdenhuis, heeft op 11 januari (de dag dat generaal Ojoekwoe
Biafra verliet) een aanklacht tegen minister Luns ingediend bij de Hoge Raad. De
inhoud van deze aanklacht heeft in de meeste kranten gestaan want tegelijk
met zijn schrijven aan de Hoge Raad verstuurde De Booy de nodige doorslagen aan
de pers, de Kamer, de oliemaatschappijen en de Koningin en nog een paar
instanties. "Ik doe zoiets precies zoals het hoort" zegt De Booy, terwijl hij in
het Wetboek van Strafrecht de artikelen opslaat waarop hij de minister van
buitenlandse zaken heeft aangeklaagd. "In artikel 135 en 136 staat dat je
informatie die je hebt over een misdaad niet mag achterhouden en in 355 en 356
staat dat de minister de plicht heeft informatie te verstrekken over bezittingen
in het buitenland:" Die artikelen heeft de minister volgens De Booy duidelijk
overtreden. "Tot nu toe heb ik nog helemaal niets op de aanklacht gehoord. Er is
een vraag van een kamerlid over geweest, helemaal niets. Dat komt·omdat mijn
vorm van brengen volledig correct is, omdat ik het Japans spreek, zoals ik het
altijd noem, en daar weten ze geen raad mee." Onder "Japans" verstaat De Booy de
officiële Nederlandse taal die in hogere milieu's gebruikelijk is en de
bijpassende omgangsvormen. In dezelfde week dat hij zijn aanklacht verstuurde,
kreeg De Booy na lang wachten de schriftelijke bevestiging dat zijn vervolging
wegens het binnendringen van het Maagdenhuis zal worden voortgezet. "Dat loopt
nu allemaal prima" zegt hij met duidelijke tevredenheid. "Ik heb moeten vechten
om te voorkomen dat mijn zaak geseponeerd werd. Moet je je voorstel1en, de
studenten krijgen gewoon een aanklacht in de bus, worden gewoon veroordeeld en
ik moet vechten om niet geseponeerd te worden. Terwijl Abspoel gezegd heeft dat
positie en leeftijd van de Maagdenhuisbezetters in acht genomen worden bij
veroordeling: Nou, wie moet er dan het zwaarst veroordeeld worden van al die
Maagdenhuisbezetters? Ik toch zeker? Normaliter zou ik al lang de zwaarste
veroordeling!: moeten hebben. Maar aangezien we in een oligarchie leven, worden
de hooggeplaatsten gesauveerd. Binnen de universiteit worden de hoogleraren
gesauveerd, iedereen is het over bepaalde dingen eens maar pas op dat je het
niet hardop zegt als je weet dat het de hoogleraar niet aanstaat want er moet
heel wat gebeuren voordat de universiteit een hoogleraar laat vallen." Vorig
jaar maart vertelde De Booy burgemeester Samkalden dat hij, als medewerker van
het Geologisch Instituut van de gemeente Universiteit, niet langer college kon
geven omdat hij het fundamenteel oneens was met de structuur van de
universiteit. Hij daagde de burgemeester uit hem te ontslaan, hetgeen niet
gebeurde. Sinds half november heeft De Booy niet meer op het instituut gewerkt,
maar zat hij thuis, in de bibliotheek van zijn Baarnse villa waar naast de
antieke piano de portretten hangen van Che Guevara, Mark en Lenin, en besteedde
zijn tijd onder andere aan het uitgeven (en aan iedereen sturen) van de
GEOPOL-bulletins (geologie en, politiek). Deze bulletins over olie en
oliebelangen stelt hij samen uit internationale publikaties en persknipsels. Ze
worden met een eigen stencilmachine vermenigvuldigd en voor tien cent verkocht.
Hoewel zij het doel hebben informatie over oliebelangen te
democratiseren, zien zij er even ingewikkeld uit als alle klassieke
wetenschappelijke publikaties. De Booy, na een uitgebreid requisitoir tegen de
Tweede Kamer, waar het een Hyde-Park corner zou moeten zijn, maar waar ze
integendeel te beroerd zijn om zich voor het gewone volk verstaanbaar te maken.
Over zichzelf: "Ik hang ertussen in. Dat is het beroerde. Ik kan niet met de
studenten roepen: de machthebbers zijn schoften en leugenaars. Ik
begrijp waarom zij zo ver van de studenten afstaan dat ze er geen barst van
snappen wat de jeugd bezielt. Dacht je dat ik een paar jaar geleden begreep waar
ze het over hadden als ze zeiden: er komt een culturele revolutie? Welnee. Ik
heb me er eerst ook tegen verzet. Maar ik heb wel gezien dat het wat anders was
dan hoepelen of knikkeren, de leeftijdsverschijnselen die wel weer over gaan,
zoals mijn leeftijdgenoten dat wilden zien. Het is begonnen met Jasper
Grootveld. Die jongen heeft mij geloof ik wel de ogen geopend. Zeer
indrukwekkend is Jasper. Maar ik voel me een eenling in de actie en dat zal
ik ook wel blijven omdat ik het Japans spreek en omdat ik begrijp dat een Samkalden en een Udink geen boefjes zijn. Waren ze dat maar, dan konden we ze in de gevangenis stoppen, dat zou gemakkelijker zijn. Maar het is
voor mij duidelijk dat het systeem uit elkaar gaat knallen als er geen
ingrijpende veranderingen komen. Met die processen moeten we nu maar eens kijken
hoe eerlijk ze zijn, de autoriteiten, en waar de grenzen van onze vrijheid
liggen. Daarmee kunnen we weer verder zien wat er te doen staat,"
Februari 1970 EGO project gaat van start
Werkgroepmiddagen
Iedere Donderdag vanaf 2 uur (reeds begonnen 26-2-70) Centrale
gespreksthema: de bewustwording van de rol, die de geologie in de maatschappij kan
spelen. Als eerste onderwerp is gekozen: de rol, die petroleum in onze maatschappij
kan spelen. De volgende vragen worden ter discussie gesteld:
Wat is petroleum? Hoe, waar en door wie wordt het gevonden? Hoe en door wie wordt het vervoerd? Hoe, waar en door wie wordt het verwerkt
tot bruikbare produkten? Wie maakt er gebruik van? Hoe zal de toekomst zijn?
Krijgen wij een betere verdeling van de kennis om de petroleum te winnen en een
betere verdeling van de petroleum produkten? Kan de petroleum een bijdrage
leveren voor de oplossing van problemen zoals voedseltekort, lucht-, land- en
watervervuiling? Is het mogelijk de steeds groter wordende kloof tussen rijk en arm kleiner te maken en is het mogelijk de mensheid te laten inzien dat het puur eigenbelang is om
elkaar te helpen?
Leesochtenden:
Iedere Donderdag vanaf 9 uur (te beginnen 5 maart 1970).
Wekelijks lezen van binnengekomen literatuur die van belang kan zijn voor de werkgroepmiddag. De volgende literatuur zal o.m. ter inzage liggen: the Economist, New Scientist, Science Journal, Financial Times, Le Monde, Keesings
Historisch Archief, Intermediair, Handelsblad, Trouw.
Maandelijkse excursies:
Ieder tweede weekeinde in de maanden van october tot mei.
Eerste excursie zaterdag 11 april 1970: Geologie van het Rotliegendes".
(Formatie van de aardgasvoorkomens van Groningen). Rendez-vous: Station Bad Kreuznach, 10 uur s'ochtends. Voorbespreking tijdens werkgroepmiddag van
donderdag 9 april. Elke deelnemer zorgt voor eigen vervoer en verblijf.
Uitgave Tijdschrift GEOPOL:
Tot nu toe heeft GEOPOL de volgende publikaties verzorgd: Geopol bulletin nr. 1, d.d.
12 december 1969, Geopol bulletin nr. 2, d.d. 14 december 1969, Extra Uitgave Geopol, d.d.
11 januari
1970, (over de rol van olie in conflict Nigeria/Biafra). Het ligt in de
bedoeling begin mei 1970 het eerste nummer te laten verschijnen van Geopol
Journal, dat uitsluitend geologische artikelen zal bevatten. Het eerste nummer, dat in voorbereiding is, zal o.m.
de wetenschappelijke resultaten van het "Castellane experiment" van
zomer 1969 weergeven. De verkregen resultaten tijdens de werkgroepmiddagen en excursies kunnen
eveneens worden gepubliceerd in GEOPOL.
Het E.G.O Project dient als richtlijn voor het instellen van een nieuwe
keuze vak op experimentele basis voor een bepaalde termijn voor de leden van de "Universitaire Gemeenschap Nederland".
De deelnemers aan het onderwijs zouden tijdens hun studie de volgende
verplichtingen moeten nakomen:
1. bijwonen van de leesochtenden en werkgroepmiddagen gedurende 1 jaar.
2. het deelnemen aan 5 excursies.
3. het schrijven van een publicatie over een keuze-onderwerp in GEOPOL, of
een ander tijdschrift.
Aangezien iedereen, die zich voor E.G.O. interesseert welkom is, kan men reeds het onderwijs volgen, voordat het kandidaatsexamen wordt afgelegd. Het keuze vak Experimentele Geopolitiek zal echter alleen voor het doctoraal gelden.
Korte samenvatting van de eerste werkgroepmiddag E.G.O. op donderdag 26 februari 1970. Wat is petroleum? Waar wordt ruwe olie voornamelijk gevonden en hoe groot is de productei van ruwe olie per land?
Voorjaar 1970 Brief van Rob Symons, journalist van Vrij
Nederland
"Kijk Tom jij bent over de drempel
gestapt. Je bent een drop out, je draait niet meer mee in de mallemolen, je
corrumpeert je zo niet meer. Voor het systeem, was je (vergeeft de wat nare
beeldspraak) een kwaadaardige tumor die hebben ze gewoon weggesneden. Maar
je was voor je weg ging al aan het uitzaaien en dat 'uitzaaien' gaat nu
door en dat opzicht ben je dan ook min of meer géén dropout Zelf geloof ik binnen
het systeem nog iets zinnigs te kunnen doen. Misschien is het naïef, misschien is
het aanmatigend. Ik beschouw het zo: elke persoon die door je actie iets meer
inzicht krijgt telt. Dat geldt ook voor jou, dat geldt ook voor mij. Met je kennis
kun je mensen helpen je kunt iets "triggeren' maar ieder individu moet het
uiteindelijk zelf doen. Ik weet dat je hard werkt. Ik wens je veel sterkte wat de
resultaten want de resultaten worden moeizaam behaald zeker als deze merkbaar
zijn. Met vr gr. Rob Symons"
5 maart 1970. Voorbereiding brede discussie over
relatie student en de Rechtsstaat
Gesprek ten kantore van mr Kappeyne van de Copello met de heren Claassen en
Elshof. Voorop wordt gesteld, dat zowel de studentenvereniging voor
Internationale Betrekkingen als het Genootschap van de Rechtsstaat vijf
deelnemers zal aanvaardigen voor een gesprek over het onderwijs: de student en
de rechtsstaat, waarbij in het oog dient te worden gehouden, dat de
studentenvereniging zich in de eerste plaats voor de ontwikkeling van het
internationale recht interesseert. Van de zijde der studentenvereniging
zijn als deelnemers aangewezen:
- Paul Elshof, student in de politiek wetenschappen aan de Universiteit van
Amsterdam, lid van het dagelijks bestuur der SIB
- Frits Stroink, student in de rechten aan de Rijksuniversiteit te Leiden
- Arnoud Fortgens, idem
- Arthur van Eck, idem
- Piet-Hein Donner, student in de politicologie aan de Universiteit van
Amsterdam (Later minister)
Van de zijde van het Genootschap voor den Rechtsstaat zijn tot nut toe bereid
gevonden aan het gesprek deel te nemen:
- mr J.W. de Jong Schouwenburg te Bloemendaal, lid van het Bestuur van het
Genootschap
- Staatsraad mr A.A.M. Struyken te 's- Gravenhage
- dr. Tom de Booy te Baarn
- alsmede de voorzitter van het genootschap, mr Kappeyne van de Capello
Wanneer de deelnemers voor het gesprek bijeengeroepen worden, zal het eerste
punt, dat aan de orde komt, de vraag zijn, wat men met het gesprek bereiken wil.
Men zal een inventarisatie moeten opmaken van datgene wat er in het bijzonder
aai de zijde der studenten zich aan vraagstukken opdoen. Daarna zal de discussie
op een bepaald punt dienen te worden geconcretiseerd en zo mogelijk daar omtrent
een gezamenlijk rapport worden opgesteld. In het bijzonder zou men willen
beginnen met die structuren te noemen, die de deelnemers tegenstaan. Buitendien
is het van groot belang zich te realiseren wat de omstandigheden zijn, die
tegenhouden, dat een wereldrechtsorde bestaat.
8 maart 1970 E.G. O. Nieuwsbrief nr 1
Korte samenvatting van de tweede werkgroepmiddag van 5 maart 1970. Inleiding
over de geschiedenis van de petroleum industrie . Besloten werd om nader in te
gaan op rol die petroleum speelt in Iran. Het was verheugend dat een
gedeelte van de middag werd bijgewoond dor Prof Brouwer.

De Maagdenhuis bezetter die om zijn vervolging vroeg. Spotprent van
de geologie student Loeb.
De kruisiging van Tom de Booij. Het oude lullen pakhuis van de zevenhoofden,
vlnr de professoren Hermes (tact), Egeler (progressie), de Roever
(bescheidenheid) , Hospers (flexibiliteit), Brouwer ( democratie), de Geest die
waart in het Geologisch Instituut. 'Vergeef het hen Vader want ze weten niet wat
ze doen' Tekst linker bovenhoek: U.S. Army: 'Who are those twerps, V.C. I
suppose'. Rechter bovenhoek: Pathet Lao: 'Wie is die reactionaire? Men
zegt een naloper van Confucius, ondubbelzinnig verward.' In het hart van
Tom staat geschreven: 'Laat de kinderkens bij mij komen'. Links van Tom:
pistolen paultje (Paul de Boisonjé), man met bord op rug: 'Love me van Harte"
(hiermee wordt bedoeld Dik van Harten) De fascistoiden worden gekruisigd.
De rechter kant van Tom: een boon (Jaap Boon), naast hem als discipel Tom Roep,
naast hem de cartoonist Jan Bresser met zijn hond. Het Altru Project met
drie portretten van Marx, Lenin, en Mao Tse Toeng. Onderaan de studenten die
Pathos roepen. Op de achtergrond wolven die meehuilen in het bos.
13 maart 1970 Verslag van de berechting door de politierechter Mr Nomes van een
van de medewerkers van E G.O door Ewout van der Hoog
Temidden van vijftig vrienden, kennissen en ex-Maagdenhuisbezetters,
Journalisten van Trouw, Parool, Volks- en Heldere krant stond vrijdag 13 maart voor de Amsterdamse politierechter Mr. Nomes terecht
Dr. Tom de Booy. Wetenschappelijk hoofdmedewerker aan het geologisch instituut,
bekend beklimmer van zeer hoge bergen, en met vrouwen drie kinderen wonend te
Baarn. Beschuldigd van het wederrechtelijk binnendringen van een besloten
administratiegebouw, althans een gebouw voor openbare dienst aan Spui 21, en
aldus te boek staand als Maagdenhuisbezetter 289.

De politierechter Mr Gerard Nomes
Het is klokslag twee uur. Mr. Nomes leest de verklaring bij de
rechter-commissaris voor, waarin de B. verklaart op 16 mei 21.45 uur via een
metalen ladder door een raam aan de voorkant het Maagdenhuis te zijn
binnengegaan "om mijn solidariteit aan de studenten te betuigen." Meermalen was
hij via de luchtbrug in en uit geweest, om vervolgens woensdagochtend 11 uur
door een cordon en een kleine haag van politie (staf, staf roepend) weer
binnen te: gaan. "Als u nu niet verdwijnt moet ik u helaas arresteren". Van de twaalf stafleden die in het Maagdenhuis waren geweest, namen zes de
gelegenheid te baat zich achteraf als "bemiddelaar" te laten kenmerken. De
andere zes (de B., Ettema, Teitler, Bos, Holvast en Binnerts) bleven zichzelf
als bezetter zien en kregen na een half jaar soebatten eindelijk hun proces.
Als getuigen waren opgeroepen ASVA-voorzitter Middendorp ("Komt u gerust iets
naar voren, u bent nu geen verdachte maar echt getuige!"), en de leden van het
Centraal stafbestuur Noorman en Van de Velde, rector Belinfante en
kanselierdirecteur Drechsel. De leden van het Centraal stafbestuur verklaren, in
tegenstelling tot Belinfante en Drechsel, wel een vergadering van de werkgroep
bestuursstructuur gehouden te hebben in het Maagdenhuis. En wel in kamer 12 van
de letteren faculteit. De B. tegen Middendorp: "Voelden jullie je ongerust?".
Middendorp: "Belinfante was bij de vergadering, de dag na het ultimatum, en hij
was duidelijker dan hij ooit geweest was, mag ik wel zeggen. Het was duidelijk
dat er niets meer te doen viel voor de democratisering." De B. tegen Noorman: "U kwam woensdag 14 mei op de vergadering en u zette de
koffiekan neer en zei nu blijven we zitten tot ze het zeggen. Verder zegt u in
het Parool: het is tragisch dat een middel als dit een resultaat heeft, dat je
anders niet bereikt zou hebben. En Veringa zegt in HP: Maagdenhuis en Tilburg
tonen de tekorten in de universiteit aan. Is art. 4 van het Voorontwerp door de
bezetting versneld?" Noorman: "Dat klopt allemaal". De B. tegen Van de Velde:
"Wat gebeurde er op 12 mei?".Van de Velde: "We waren met vier stafleden. Om tien
uur ging Belinfante het Maagdenhuis in en ik naar het café. Ik hoorde van de
studentenactie. In de rectorskamer was hevige paniek. De secretaris van de
senaat (prof. Rooij), een zware figuur mag ik wel zeggen, deed een staaltje van
gewichtlopen en stond geleund tegen een deurpost. Uiteindelijk kwamen we er toch
in". De B.: "U zou prof Wertheim dank hebben gezegd, toen deze
Belinfantes argumentatie tegen het nieuwe bestuursreglement bestreed. Belinfante
en Jongkees, de meer conventionelen, hadden gezegd "Nanterre te willen voorkomen
" en dat ze verraden waren door hun enige bondgenoot: de staf." Nomes: "Prof.
Wertheim stond daarin alleen? ". Van de Velde: "Nee. Zelfs de duiven in de
senaat, Köbben en Rooij, vonden dit onzin." Mr. Nomes: "Bent u eigenlijk
in het Maagdenhuis geweest? " Van de Velde: " Ja zeker."Mr. Nomes: "Namens
wie dan? "Van de Velde: "Namens mijzelf". Op aandringen van Mr. Nomcs verklaart
de vierde getuige, kanselier-directeur Drechsel: "Die hield het niet voor
mogelijk dat personeelsleden, ambtenaren, iets dergelijks zouden doen. Mijn
voorstellingsvermogen schiet tekort. Onbegrijpelijk" De B.: "In het Zwartboek staat uw nota van 30-8-68, waarin, u
pleit voor een college van toezicht zoals commissarissen in grote ondernemingen.
Niemand mocht het Maagdenhuis meer in." Drechsel: "Die nota was intern, die heb
ik als ambtenaar geschreven !" Mr Nomes: "Hoe komt dat stuk in het Zwartboek?"
Drechsel: "Tja ... ontvreemd zou ik zeggen." Mr. Nomes: "U kunt beter maar niet
doorlezen".De B.: "Het is helemaal niet geheim. Ik heb het boek voor
twee-vijftig in de boekhandel gekocht. De heer Drechsel is in oktober al met
zijn centralisatie begonnen, zoals hij bij Economische Zaken gewoon was". Drechsel: "Het was meer het opheffen van dislocatie dan om te centraliseren. Een
heleboel dingen zouden toch uit het Maagdenhuis. verdwijnen". De B.: "Helaas is
alles zonder voorkennis geschied".De laatste getuige, rector Belinfante, weigert
de eed. Mr. Nomes: "Bent u doopsgezind?" Belinfante: "Nee, humanist".Even
later:"Iedereen, ook staf en hoogleraren, hadden toestemming moeten hebben om
binnen te komen. Er kan best een vergadering geweest zijn, maar dan hadden ze er
ook wat te doen." De B.: "U had het over een loze kreet, omdat u
ongelukkigerwijs bestuursjurist was. Voor de eerste maal in de geschiedenis hebt
u er de politie bij geroepen. U was tegen het politie-ingrijpen in Mexico. In
februari hebt u de jongens eruit gepraat. In uw rectoraatsrede noemt u uzelf
draaipunt en middelaar. Uw gedrag op 12 mei is escalerend geweest." Belinfante:
"Onze vergadering werd uiteengejaagd. U weet heel goed, mijnheer (kwaad), dat we
een heel jaar iedere week hebben gepraat." De B.: "Op 21 juni i968 bleek uw wil
tot democratisering. Maar op 12 mei 1969 hebt u emotioneel gehandeld ". Mr.
Nomes leest de verklaring voor van de B. voor de rechter-commissaris. Kort
samengevat stond hierin het volgende: "In het Maagdenhuis heb ik geholpen met de
organisatie van de ravitaillering, de constructie van de luchtbrug en de
communicatie met de Aula. Ik was het eens met Tilburg en ben daar als docent
geweest. Ik onderwees daar tegen de oogkleppen, tegen het vakidiotisme. Bij
olieboringen spelen immers ook economie en politiek mee. De Tilburgse studenten
hebben mij geaccommodeerd, maar ik heb niet meegeholpen met de bezetting daar.
De hervorming en de autonomie van de universiteit gaan mij nu nog meer ter
harte: ik heb goede contacten met de ASVA voorzitters en de staf gehad; en
vertrouwen gehad in Belinfante, die ook tegen Maris en Mexico was. Maar hij ging
steeds meer praten over Den Haag en efficiency, en hij gaf geen antwoord op de
eis van medebeslissingsrecht. De ASVA werd aan het lijntje gehouden en de actie
op 12 mei, met politie erbij, is de escalatie geweest. Ik heb welbewust
meegedaan aan de bezetting, omdat ik de democratie belangrijker vind dan mijn
positie. Ik lap niet alle macht aan mijn laars, maar dit was te gek." Mr Nomes:"Ik
lees in VN van 21-6-·69 dat u ook in het Mexicaans consulaat was".De B.: "Nee,
op straat, om op te konen voor de studenten die niet zo gelukkig zijn als wij en
niet eens een proces krijgen. Nee, ik was niet in het consulaat. Ik ben geen
recidivist!" Mr.Nomes: "U hebt gezegd: ik heb veel geleerd van jongens als Verhey, Regtien en Middendorp".De B.: "Ja, dat het niet om persoonlijke rancunes
gaat, maar om wat Dutschke noemt "Wir kämpfen nicht gegen Personen aber gegen
Institutionen." Deze drie kijken in de toekomst. Het gaat om de "Institutionen".
Op 10-3-69 en 13-11-69 heb ik curatoren geschreven. "Ik sta nu onder curatele
van curatoren. Mr. Nomes: "Hebt u in uw werk nog moeilijkheden gehad?" De B.: "De doelstellingen van het onderwijs zijn wel aardig, maar de uitvoering
niet. Lesgeven is onmogelijk, ik wil een ander schema. Ik heb over mijn
EGO-project een brief aan Veringa geschreven, over experimenteerartikel 47-1.
Samkalden en Dufour hebben nog niets laten horen. Ik heb speciaal voor u, mr.
Nomes, een overdruk van de brief gemaakt." "De wederrechtelijkhe.id van het
binnendringen ontken ik. Ik mag er in als universitair familielid. Als er een
discussie over de democratisering van de rechtspraak is wordt U ook niet
buitengesloten. Er is mij, heus waar, door niemand verteld dat ik er niet in
mag. De politie is de enige die wederrechtelijk is binnengedrongen".Officier mr.
Bergsma:" Op 12 mei heeft prof. Belinfante u gezegd dat u niet in het
Maagdenhuis mocht.. Mogelijk is er een nieuwe visie op de wederrechtelijkheid
mogelijk, maar mag ik bijvoorbeeld een rijke erfoom doodslaan omdat hij niet
vroeg genoeg sterft? Het gaat in de universiteit hard tegen hard, maar dit is
een strafbaar feit. Het is alleen straffeloos, als men niet bij zinnen is (wat
ik van deze verdachte niet kan zeggen) of om have en goed te beschermen.
Ik eis tweehonderd gulden boete." In zijn laatste woord wil de B. nog iets
kwijt over de juridische kant van de zaak en zijn motieven. "Volgens mij is de
escalatie door prof. Belinfante onrechtmatig en gezagsondermijnend. Kortom een
emotioneel losschieten en een cerebraal conflict. Er kwamen geluiden uit een
politiewagen van iemand, die ik geen bevoegd ambtenaar kan noemen. In Tilburg
echter was er helemaal geen politie; we waren heer en meester. We hadden de
ziekenhuisadministratie van een Katholieke organisatie van heel Nederland, we
hadden een tapijtententoonstelling van miljoenen onder onze voeten! Nee, ik ga
een aanklacht tegen Belinfante indienen." Mr. Nornes: " Waarom hebt u dat dan
nog niet gedaan?" De B.:"Omdat de zaak nog sub judice is. Prof. Hulsman zegt in
de Tijd van 11-6-69: er is ook ongeschreven recht en marginale toetsing. Sociaal
wenselijk gedrag is te honoreren, ook al gaat het in tegen het geschreven recht.
U moet nu afstand nemen, in het belang van de toekomst van Nederland. En in het
belang van de duidelijkheid, Haja zegt het de hele dag. U hebt nu een kans om
niet de symptomen te veroorzaken van een Agnew, dat links en rechts vechten om
een been, en de derde wereld loopt ermee heen. Geef de studenten
verantwoordelijkheid en identiteit, anders worden de concessies afgedwongen. Het
recht van vergadering, zoals in de Grondwet staat, moet niet worden vertrapt
maar erkend. Ook in het Maagdenhuis. Stel u voor: ik rijd vanavond op mijn
fietsje naar huis en ik hoor dat ik er niet meer in mag. Nu hebben we thuis
one-man-one-vote, dus dat kan. Maar hier, hier vind ik het totaal onterecht dat
ik terecht sta. "."En dan mijn motieven. Ik weet dat dit een lang verhaal is.
Maar de situatie is zo ernstig, dat we in plaats van negen tot vijf mannetjes
best eeris vijf-tot-negen mannetjes kunnen worden." Mr Nomes:"Hebt u ooit een
rechtzaak meegemaakt? Ik ga zelden voor vijven weg". De B.: "Nee. Ja, de zaak
tegen Verhey, en op de TV, dat duurt ook altijd erg lang. Maar over democratie
gesproken: in Den Haag zeggen ze altijd dat ze het tuintje schoon willen houden.
Maar als je tuintje van de parlementaire democratie te goed bloeit, dan komen
misschien de sprinkhanen uit het Oosten of het Westen en die vreten je hele
tuintje leeg. In de oorlog moest ik als student voor Rauter tekenen, en ik hoor
nog de stem van de toenmalige rector Deelman. Maar ik verdomde het, dat heb ik
mijn moeder ook geschreven. We hebben ervoor gezeten, zonder proces. Als ik nu
Belinfante hoor, en dat deze bezetting hem doet denken aan de Duitse, en dat
slechte stuk van Wiegersma lees, dan zeg ik: leg uw oor te luisteren, niet bij
de zwijgende meerderheid maar bij de jeugd. En als die studenten zich eens
slecht uitdrukken - wat wilt u? Dat ligt aan het onderwijs. Het moderne
strafrecht, zegt Prof. Hulsman, kan nuanceren en hoeft niet meer met de botte
bijl te werken. En als u mijn motief wilt weten: ik wil niet in een rottend
organisme leven. U kunt het nieuw leven inblazen."
Als het een half uur later inmiddels half zes is geworden, straft Mr. Nomes
onnavolgbaar genuanceerd met een maand gevangenisstraf, voorwaardelijk vanwege
de grote maatschappelijke consequenties, plus een boete van vijfhonderd gulden.
Juist een man van zijn leeftijd en positie had meer verantwoordelijkheid kunnen
tonen.
14 maart 1970 Geestelijk reveil 15e congres :"Wat is het nieuwe
in deze Tijd? en waar brengt het ons?".
Hier volgt mijn bijdrage:
ALPHA + BÈTA = GAMMA; GEESTVERONTREINIGING
"Ik
geloof dat het beste is, om te beginnen met de titel van het gespreksthema
van vandaag: "wat is het nieuwe in deze tijd", vanuit een geologisch beeld.
Een mens denkt, dat hij uniek is, dat het een uniek moment is, dat er iets is,
dat nog nooit is geweest. Ik geloof daar ook in, want elk moment is uniek. Maar
vandaag, zoals we bij elkaar zitten, is het een momentopname: dat leven van ons.
Als u zo'n 80 jaar wordt, waarvan u een derde verslaapt en in de overige
tweederde veel sleur is, dan is er van de levensduur van 700.000 uur maar een
zeer gering deel bewust leven. En dan te weten, dat onze aarde 5.000.000.000
jaar bestaat, waarop de mens zijn intrede heeft gedaan - d.w.z. wat we de
definitie geven van"mens",
homo sapiens - ongeveer een miljoen jaar geleden.
In dat hele beeld van miljoenen en miljarden jaren, uiteraard een seconde van de
eeuwigheid, zijn die 600.000 uren of die 2 of 3
uur, die we hier bijeenzitten, een
momentopname. Gisteren is de mens gaan leven in holen - zoals Neanderthalers ze groepten
bijeen, ze leefden in dorpjes, communes en daarna ik sla veel fasen over - gaat
het naar provincies en naar naties. Ik ben grootgebracht in een natie, in een
volk en een vaderland, Nederland, waarin we in de oorlog gevochten hebben tegen
de Duitse bezetting. Dat was voor ons een wezenlijk iets: het vaderland, dat je
moest verdedigen, dat werd overspoeld door een vreemde indringer. Langzamerhand
gaat het nu naar een verenigd Europa en naar een groter begrip van samenleving.
We hebben daarbij communicatiemiddelen uitgevonden en nu gebeurt er, dacht ik,
iets nieuws, iets, waar we geen van allen raad mee weten. Op deze aarde, met al
die verschillende culturen, worden nl. zonder aanzien des persoons, zonder ons
daarvan bewust te worden; al die culturen doorverbonden. Een vrouwtje ergens in
Spanje of in Patagonië, dat gelooft in Maria en haar hele leven daarop afgestemd
heeft en al haar verdriet en narigheid daarmee heeft gedeeld, wordt door
televisie - tussen reclames door - verteld, dat Maria niet bestaat. Dit opeens doorverbinden van al die
culturen geeft een schok, die de mensen prikkelt. Maar de schok kan te groot
zijn, als men niet zorgvuldig heeft nagegaan of de mensen inderdaad bestand zijn
tegen deze invloed. Dagelijks maken onze kinderen de indringende media mee van
de pers en vooral de televisie. De noodzaak echter om te weten hoe de andere mens denkt en voelt, is
afgenomen. Als je iemand op straat gewoon groet met "goede morgen"
en probeert naar hem te informeren, dan denkt hij "hé, nu moet ik oppassen". We hebben afgeleerd in deze tijd, om gewoon als mensen
tegenover elkaar te staan. Het wordt ons eenvoudig niet gegund; we moeten
conformeren, iedereen, of hij wil of niet, aan een bepaald patroon. Ik geloof,
dat elk individu, zoals we hier zitten, anders reageert en mijn woorden anders
hoort. En dat is m.i. het geweldige van de hele cosmos, dat juist die
verschillen van elk dingetje en elk korreltje er zijn, maar toch alles op een of
andere manier samenhangt. Hoe het samenhangt, daar begrijpen we niets van,
tenminste ik niet. Nu zien we op deze wereld, zoals men zegt: het globale dorp,
de globale stad, je kunt het noemen, zoals je wilt, maar of we willen of niet en
eigenlijk willen we niet - moeten we met elkaar op deze planeet leven. En we zien
nu dat er een verschil is in opvattingen, we zien verschil in behoeften. We
hebben hier in Amsterdam een situatie - laat ik het maar concreet houden - dat
we behoren tot de "gelukkigen" der aarde op het gebied van materie. We hebben
alles wat ons hartje begeert en toch: gisteren was ik op de Dam en zag ik wat
daar gebeurde. Daar is toch iets, wat we niet hebben of wat de jeugd niet heeft.
Daar kom ik later op terug; dit is even een verbinding met het moment, nu. We
zien op deze aarde, dat er mensen vechten om grond, zoals wij vroeger gedaan
hebben. El Fatah vecht om grond op leven en dood. Dan zijn er mensen - dat is
hier nog wel, maar toch al afgenomen - die om geld elkaar naar het leven staan.
Dus verschil in grond, verschil in geld: ongelijkheid. Dan is er een verschil in
kennis. De een heeft gelegenheid gekregen van de gemeenschap om een opleiding te
genieten en meestal die mensen, die zich goed kunnen uitdrukken, die uit een
milieu komen, die welgesteld zijn, die academisch zijn geschoold, hebben een
veel grotere kans, zodat het ook altijd weer in dezelfde hoek blijft zitten. Maar ik zou nu de ernstigste ongelijkheid willen aanstippen en dat is de
ongelijkheid in bewustzijn. Als wij hier vandaag en morgen, door met elkaar te spreken, bewuster
zijn geworden ten opzichte van
ons bestaan, ten opzichte van ons leven, en ons gerelativeerd hebben, d.w.z. dat
we onszelf zien lopen in de historie van die eindeloze miljoenen jaren op deze
bol... dat kunt u zich het beste voorstellen, door op de maan te gaan staan en
daar de aarde. te zien en u-zelf in dat heel kleine schilletje van wat lucht,
die nu nog goed is, dus u bewust te zijn van tijd en ruimte - als u dat heeft
bereikt na deze twee dagen, dan bent u al weer iets bewuster dan mensen, die in dezelfde tijd hebben geslapen of
niet bewust hebben geleefd en de consumptie-maatschappij hebben gediend. Dit verschil in bewustzijn is een feit, dat zich in onze maatschappij
voltrekt. Dit is een zeer ernstige situatie. Ik heb een voorbeeld van studenten,
die in het Maagdenhuis waren geweest en terugkwamen voor de pinkster-vacantie
bij hun families, waar je reinste burgeroorlogen hebben gewoed door een verschil
in opvatting, in bewustzijn en dat er over en weer geen begrip voor elkaar is
geweest. Dat begrip voor een ander mens is voor ons het allermoeilijkste. Waarom
is dat het moeilijkste? Nu kom ik op het ego; ik beken hier, dat ik meer houd
van mezelf, dan van iemand anders. Christus heeft gezegd, 2000 jaar geleden, dat
het maximale, wat een mens kan opbrengen is, als hij evenveel houdt van zijn
naaste als van zichzelf. Daaruit maak ik op, dat ik meer houd van mezelf, dan
van iemand anders. Jan Cremer zegt: "Ik kom alleen, ik leef alleen en ik sterf alleen".
Maar ik weet
ook dat ik de ander nodig heb. Van dit grondprincipe dienen we uit te gaan.
Accepteer allereerst de ongelijkheid, die er bestaat tussen de mensen onderling. Daarna ga je onderzoeken, wat je
gemeenschappelijk belang is. Elk moment opnieuw moet de belangengemeenschap
worden onderzocht. De belangengemeenschap wordt het meest gediend - en dat is verreweg het moeilijkst voor ons mensen -
door ons te forceren om het andere individu zijn vrijheid te laten. Het is
echter onze maatschappijstructuur, die het eenvoudig verbiedt, dat wij onze individuele gedachten ontplooien. We
zijn allemaal op elkaar gejaagd, we zijn met onze vrijheidsgraden heel dicht bij
elkaar gekomen. Een directeur van een olie-maatschappij, of wie ook, kan niet
zeggen wat hij werkelijk denkt, omdat hij dan direct in conflict komt met zijn
omgeving en hij zal dan zeggen: "Ik kan dat niet doen, omdat ik nu eenmaal hier
zit en moet werken voor de gemeenschap".
Nadat ik heb laten zien, dat ik een egoïst ben - tenminste dat hoop ik - kom
ik met de cyankali voor de geest, de rancune, de ijdelheid, de vrees om
impopulair te zijn. Dat is een dagelijks voorkomend iets. Je bent bang om iets
te zeggen, omdat je je afvraagt: wat zal een ander van me denken? Dit gebrek aan
moed van ons en ook de angst voor de vrijheid, waar Fromm over schreef en vele
anderen, hoe bang we zijn om werkelijk de vrijheid te hebben, speelt ons parten.
Denk aan de mensen, die voor medebeslissingsrecht vechten en opeens die vrijheid
krijgen en er dan geen raad mee weten. Uiteraard niet, want hun is ook nooit
geleerd, hoe je die vrijheid moet benutten, hoe je bewust moet zijn van je
omgeving. Nu kom ik aan "waar brengt het ons". Als wij zo door gaan, zoals we op het
ogenblik bezig zijn te werken, elke dag weer, met al onze plannen van
ontwikkelingshulp en dergelijke, zijn we bezig om de kloof tussen rijk en arm,
van grond, geld, kennis en bewustzijn groter te maken. Als we daarmee doorgaan - dat is niet alleen
mijn mening, maar die van velen dacht ik. Velen zeggen" maar ja; we kunnen er niets aan doen; après moi le déluge en laat het maar, ik heb
mijn tijd gehad" - dan gaat het onherroepelijk mis met homo sapiens We willen
nu eenmaal met onze levensdrift gewoon blijven ademen. Dat is tenminste mijn primairste behoefte. En dat ademen kunnen we alleen blijven doen door de mensen,
die honger hebben, niet alleen te helpen met geld en grondstoffen en voedsel,
maar vooral met kennis en bewustzijn. Want geld kun je drukken en afnemen, grond
kun je afnemen, maar kennis en bewustzijn kun je niet afnemen, dat is
onvervreemdbaar bezit. Met alles wat wij hier doen, denken we alleen aan ons
zelf, denken we, hoe wij beter kunnen worden en vergeten we, dat in de
rest van de wereld deze mensen juist het meest honger hebben naar dit bewustzijn
en naar deze kennis, om mee te doen in het denkspel. Ik behoef helemaal niet ver
van huis te gaan. Ik kan gewoon hier in Amsterdam blijven. Ze hebben het altijd
over de rijk-arm-, noord-zuid-verhouding of de derde wereld. Maar ik wil het nu
terugbrengen tot hier. Ik ben nl. gisteren ongelooflijk onder de indruk geraakt,
van wat er gebeurd is voor de Bijenkorf. U heeft het misschien gelezen in de
krant. Daar zag ik opeens weer, wat ik al zo vaak heb gezien. Gisteravond was ik
het me nog meer bewust dan daarvoor, misschien omdat ik deze lezing moest
houden. Ik zag deze jonge mensen. Heel gemakkelijk om te zeggen; langharig tuig, baldadigheid,
vernielingen, allemaal strafbaar, enz. enz., maar waarom vragen we ons af -
waarom doen ze dat? Dat doen ze omdat ze geen enkele behoefte hebben, om in
deze consumptie-maatschappij hun verdere leven te leven. Dat interesseert ze
helemaal niet meer. Ze hebben geen werkelijke interesse voor Cadillacs en
televisie. Ze willen slechts au sérieux genomen worden als mens en niet altijd voor een dichte deur komen. Ze willen als individu erkend worden. En wat wij bezig zijn te doen, is juist het tegenovergestelde. U ziet het aan Spiro Agnew en we hebben in Nederland
genoeg mensen, die we dezelfde naam zouden kunnen geven, het claimen van die
meerderheid, die zwijgende meerderheid. Maar de jeugd die je op de Dam ziet
lopen, de zwijgende meerderheid van morgen, denkt er fundamenteel anders over.
Als wij dat niet gaan onderzoeken, dan kan er een catastrofe gebeuren. Dan is
het twee honden vechten om een been en, ja, wie loopt er mee heen? Niet eens een
derde. Nu is er iets, wat ik zelf probeer te doen, nl. de geestelijke guerrilla. Het
is een mobilisering om een vastgeroest systeem, zoals onze parlementaire
democratie, weer leven in te brengen, dat we dat alleen kunnen doen door een
geestelijke striptease van onszelf primair te stellen. En sommigen zullen
daarbij sterven. Niet door een kogel, maar door overspanning, en dan afknappen.
Dat zijn m.i. de slachtoffers van morgen. U zult zeggen: dat is een
verschrikkelijk iets, wat u daar zegt van die geestelijke guerrilla. Maar als we
onze kennis en inzicht niet willen uitdragen en uitwisselen met onze medemens en
alleen maar voor onszelf willen houden, om er steeds "rijker" mee
te willen worden, dan is er geen plaats meer voor homo "sapiens" op deze aarde.
En dat is, wat ik U vanmiddag wilde zeggen.
Reactie op mijn lezing van 14 maart
1970
"Ik kreeg een aardig briefje van mevrouw Hofman-Bolken,die mijn lezing had gehoord en me o.a het volgende schreef:
" .. erg genoten van uw lezing op het
Geestelijk Reveil, Wat mij bijzonder getroffen heeft wat u vertelde over de
bezetting van het Maagdenhuis meer de reactie van de bezetters die gingen
beseffen dat zij zelf een dictatuur gingen opbouwen. Het probleem van deze jeugd
boeit mij, maar tegelijk is het beangstigend dat zij zich tot de verdovende
middelen hebben gewend wat ontzettende gevolgen kan hebben ( ... ) Ik praatte op
de Dam met een jongeman die daar een speciale uitgave verkocht van de
Telegraaf van de 2e wereldoorlog. Hij deed dit uit protest van hem tegen de
Telegraaf. Ik zei tot hem het volgende." Dat jij hier kan staan als een vrij
mens heb je te danken aan de offers van de jonge mensen die hun vrijheid door
hun leven te offreren aan ons heeft gegeven. Ik begreep ineens dat deze mensen
door de enorme welvaart geen dingen meer hebben om voor een ideaal te strijden
en nu meegesleurd worden door de slechte elementen, die er tussen zitten als
betaalde cellenbouwers."
18 maart 1970 E.G.O. Nieuwsbrief nr. 2
Korte samenvatting van de derde werkgroepmiddag donderdag 12 maart 1970.
Voorstel excursie naar Iran van 1 oktober - 1 december. Doelstelling van
deze excursie is de bestudering van de rol die de petroleum industrie speelt in
Iran. De route is te zien op bijgevoegd kaartje. 1 september vertrekken Tom en
Adrienne de Booy met caravan om excursie voor te bereiden

Route van de voorgenomen excursie naar Iran najaar 1970
Rendez-vous donderdagmiddag 2 uur 1 oktober 1970 op het stationsplein in Teheran. Kosten uitgaande van 6 deelnemers en 2 auto's f 18.000 .
24 maart E.G.O Nieuwsbrief nr 3 :
Korte samenvatting van vierde werkgroep E.G.O. op donderdag 19 maart 1970.
Begonnen aan het Iran project. Onder de aanwezigen was iemand, die duidelijk
protest aantoonde tegen doelstellingen van E.G.O., hetgeen de discussie
boeiend en instructief maakte. Een aantal medewerkers gaf de wens te kennen om
meer informatie over petroleum winning Venezuela, Suriname en Israël. De heer
J.J.H. Leinders van de Rijksuniversiteit Utrecht heeft toegezegd om donderdag 7 mei voor E.G.O. iets te vertellen over de petroleum industrie
Venezuela.
27 maart 1970 Pasen
Met de familie met auto en caravan naar
Grindelwald camping. We zijn daar ingesneeuwd. Maar al met al heerlijk
skivakantie

Vertrek uit Baarn voor reis nar Grindelwald. Ingesneeuwd
op camping Grindelwald

Pasen Grindelwald. vlnr Mauk, Mariette, Adrienne en Jan Maarten
1 april 1970 Artikel in Nieuwe Linie (?). De taktiek van een geestelijke
guerrillastrijder
Donderdag 29 januari jongstleden bezocht Errit Petersma het rustiek gelegen
huis van dr.
Tom de Booy, wetenschappelijk hoofdmedewerker van de universiteit Amsterdam. Daar
in Baarn werd uitgebreid ingegaan op de metamorfose van de idealistische Zeeuw tot fanatieke barrikade-man en van alpinist tot geestelijk
guerrillastrijder.6 weken later (12 maart) werd in kamer 85A (sinds 27 april 1969
bezet gebied) van Geologisch Instituut in Amsterdam het gesprek afgerond. Vlak
voordat Tom de Booy terecht moest staan voor zijn aandeel in de bezetting van het
Maagdenhuis, bijna een jaar geleden
Op 25 augustus 1924 wordt in
Vlissingen Tom de Booy geboren. In zijn eerste studie jaar toont hij al een
duidelijke voorkeur voor wetenschappelijk werk, waarvan hij hoopt dat hij ook
later na zijn studie, waarmee hij in 1942 is gestart, mee kan doorgaan. In de
oorlogsjaren weigert hij de loyaliteitsverklaring te tekenen, hij is in staat
onder te duiken, maar brengt toch ook enige tijd door in het kamp Amersfoort. Wanneer Tom in 1947, na een jaar in Zwitserland vertoefd te hebben, in
Amsterdam terugkeert, wordt zijn studiezin duidelijk gestimuleerd door
professor Brouwer (vader van de huidige President-direkteur van de Shell) , een
man die een grote aantrekkingskracht heeft uitgeoefend. In 1951 studeert De Booy af en promoveert drie jaar later. Een wens gaat in vervulling als hij
ingaande 1 januari 1955 wordt benoemd als onbezoldigd wetenschappelijk
medewerker aan de universiteit van Amsterdam. Het feit dat hij onbezoldigd is,
staat in geen verhouding met de 'status' van wetenschappelijk medewerker. Brouwer gaat in januari 1957 weg en zijn hoogleraarstaak wordt gedeeltelijk
overgenomen door professor Egeler. Een vaste aanstelling als wetenschappelijk
hoofdmedewerker krijgt Tom de Booy op 23 oktober 1959. Precies tien jaar
later (23-10-1969) brengt de ironie in Amsterdam de kuratoren van de
universiteit van Amsterdam bij elkaar om over ·het lot van de dan tot een
eenzame revolutionair uitgegroeide De Booy te konfereren ! .
Einde Orde-periode
Tot 1961 heeft Tom de Booy zichzelf een zeer grote rechtse
klootzak gevonden, maar dan bespreekt bij met zijn vrouw en ouders het probleem
van een eventuele benoeming tot hoogleraar, hetgeen in de lijn der verwachtingen
heeft gelegen. Hij besluit op een eventueel verzoek in die richting negatief te
reageren. Het volgend jaar weigert hij voor de tweede maal in zijn leven een
loyaliteitsverklaring te tekenen; een aanbod om lektor in de sedimentologie te
worden slaat hij af. Hierdoor snijdt De Booy bewust het pad tot hoogleraar af.
De Booy staat bij een deel van zijn studenten in die tijd toch nog te boek als
een weinig progressieve, in het systeem van de universiteit ingebouwde figuur.
Disputen tijdens de kolleges leidden ertoe dat Tom op een avond op een
zolderkamer tegenover en door een aantal studenten aan een 'derde graads
verhoor' wordt onderworpen. Het wederzijdse begrip wordt hierdoor onmetelijk
groter. Zo langzamerhand raakt iedereen in zijn omgeving ervan overtuigd dat de
ordeperiode in het leven van Tom de Booy definitief afgesloten is. Op de
universiteit in Amsterdam zijn er een aantal lieden die De Booy voor gek
verklaren en dit ontaardt soms in ernstige beschuldigingen. Duidelijk wordt een eventuele smoes om de rebel uit het wetenschappelijk
korps te stoten hieraan de oppervlakte gebracht. De Booy besluit dan
zichzelf aan een grondig. medisch onderzoek bloot te stellen (1965 - 1966). Het resultaat. van een struktuuranalyse
van zijn persoonlijkheid en een psychotechnische inventarisatie
is positief. Met andere woorden: De Booy is allerminst gek. Belangrijk is hier
de taktiek, die de hierna volgende jaren steeds meer geslepen wordt. Elke
mogelijke zet van de tegenstander moet voorbereid en beantwoord kunnen worden.
Het bewijs dat hij niet gek is, mag hiervan als evident voorbeeld gelden.
Bezetten
In 1966 krijgt De Booy een·aanbod uit Illinois om een reis
naar en door de Verenigde Staten te maken en gastcolleges te doceren. Binnen
twee maanden in Amerika evenwel ontstaat een vergelijkbare situatie als eerder
in Amsterdam: hij ontvangt uitermate veel kritiek en men acht hem
levensgevaarlijk.'Jij infekteert de studenten hier en later worden ze gestraft
voor dat ze van jou geleerd hebben.' De Booy verlaat de Verenigde Staten weer
spoedig. Het is duidelijk dat een van de konklusies uit het psychotechnische
rapport juist was: u bent bezig met een fundamentele strijd, waar u mee door
kunt gaan.
Een brief, gedateerd 25-3-1965, aan zijn bergvrienden
hoogleraar Egeler en een antwoord van hem aan De Booy (20-5-1965) betekenen een
ideologische breuk tussen twee ervaren alpinisten, die naast de Zwitserse Alpen
ook de Andes en de Himalaya hebben bezocht. De Booy is het op fundamentele
punten oneens met het beleid van Egeler op het Geologisch Instituut in
Amsterdam, waar beide docenten al geruime tijd te werk zijn gesteld. Hun wegen
scheiden zich definitief. Vier jaar later is Tom te vinden bij de bezetting van de
Hogeschool in Tilburg en vervolgens in het Maagdenhuis in Amsterdam, als
dat korte tijd later ook bezet wordt. De Booy maakt indruk door zijn
theoretische uiteenzettingen en gedegen kennis van en kijk op revolutionaire
bewegingen. Studenten vormen een dankbaar gehoor en hij lokt vele nuttige diskussies uit.
Sam is een gevoelsmens
Tom de Booy bezit aan de Waldeck Pyrmontlaan 3a een fijn,
alleenstaand huis met onder meer een ruime werkkamer. Als je om je heen kijkt, zie je een piano, een orgel en twee schemerlampen
die de gehele dag blijven branden en doen vergeten hoe laat het is. Buiten schijnt de zon en aksentueert de kaalheid van
de vele bomen. Langs de muren landkaarten, talloze boeken, portretten van Lenin
en Che Guevara, vakken met tientallen plakboeken en. een stereo-installatie met
stapels grammofoonplaten. De Booy zelf is een inspirerende persoonlijkheid: ijdel, kleine mond,
twinkelende, intelligente ogen, soms sterk geëmotioneerd. Hij praat
voortdurend, ondersteund door zijn beweeglijke armen en handen. 'In november 1969 heb ik een gesprek met Sarnkalden in Amsterdam gehad. Ik heb gezegd dat ik weiger onderwijs te geven
aan een universiteit waar de rechtsregels in strijd zijn met iedere vorm
van demokratisch onderwijs. Het was toch wel een mieters gesprek. Samkalden is typisch een
gevoelsmens.'
Guerrilla
Elke guerrilla vereist een speciale taktiek en die van de Booy is duidelijk
de schaaktaktiek van ene intellectueel. 'In ieder guerrilla moet je van tijd tot
tijd je grimmige gezicht laten zien en je moet
duidelijk grommen.' (Maakt afgrijselijk
gromgeluid.) 'Je moet niet eerst komen praten, want dan krijg je sherry en dan
ben je weg. Je moet POWER bezitten.' (Maakt voorwaartse beweging met gebalde vuist.) 'Het is een
bevoorrechte positie waarin je iedereen tegen je in kan nemen. Aan de telefoon
heb ik een kassetterekorder gehecht, zodat ik in staat ben om
telefoongesprekken vast te leggen. Het is nuttig dit als eventueel bewijs
later te hanteren. Deze methode behoort tot mijn guerrilla-oorlog.' 'Tot de taktiek behoort,
verder: het uit het hoofd leren van data, nummers van allerlei artikelen (sub x of ij),
uitspraken uit het verre, verleden, die ik
vastgelegd heb. Iedereen vergeet altijd het uiterst belangrijke
tijdselement. Ik zou kapot gaan
als ik mijn geestelijke guerrilla niet meer kan strijden. Ik ken de kliek,
die het in ons land voor het zeggen heeft, de couveuse-kaste van de 200 van Mertens, mijn gehele familie komt uit die kringen. Je
moet je tegenstanders op hun zenuwknop treffen en dus het zenuwstelsel kennen. Het heeft geen zin om een perifere strijd te leveren. Mijn guerrilla-outfit is als volgt: keurig pak,
onberispelijk van snit. Lefdoekje op juiste plaats, lintje, veel Frans door
mijn taal. " Doordat ik ook de taal van de upper-ten, het Japans
zoals ik dat noem, spreek, kan ik in mijn strijd op gelijke hoogte met mijn opponenten staan.' 'Ik zie op deze wereld geen happy
end, ook , niet aan mijn gevecht.' Gedurende het gesprek met Tom de Booy wordt
veelvuldig, een vergelijking met de film 'Easy rider' gemaakt. 'Wat me
frappeert in die film, is dat toekomstbeeld, dat even te zien is, dat brandende stuk. Ik herken
mijzelf daarin.'
Bevoorrechte verdachte
Het proces-verbaal dat tegen De Booy is, opgemaakt naar aanleiding van het
feit, dat hij mede het Maagdenhuis heeft bezet, is
aanvankelijk geseponeerd, maar op verzoek van een Tweede-Kamerlid en De Booy
zelf is de zaak toch, weer in behandeling genomen (inmiddels is hij
veroordeeld tot een voorwaardelijke
gevangenisstraf van een maand en een boete van f 500). 'Niemand in de
Nederlandse rechtswereld heeft zoveel privileges als de verdachte en daar
zal ik gebruik van maken. Ik hoop als verdachte karrière te maken.' Tom
lacht.
Dodelijk zijn bijvoorbeeld angst, rankune en jaloezie. Daartegenover zijn
rookbommen 'of steenslag (in de Alpen) niet dodelijk, wel gevaarlijk. 'Elke aktie eist
dat ik weer harder wordt; ik moet nog veel harder worden.'
'Ik moet toegeven dat ik, door uit de kaste te treden, in
een vakuüm ben terechtgekomen: getrapt door vriendjes van vroeger, mensen die
nog tot de couveuse-kliek behoren. En niet geaksepteerd door sommige studenten. Maar het is
fundamenteel fout om aan rankune ten onder te gaan; rankune
=
cyaankali voor de geest.'
Inventarisatie 't belangrijkst
Voordat een diagnose wordt gegeven of een therapie wordt
aangegeven, is het beslist noodzakelijk dat een gedegen inventarisatie wordt gedaan. De
wetenschappelijke methode van Tom de Booy ziet er als volgt uit:verwonderen --
waarnemen - inventariseren - vraag stellen -
werkhypothese - werkhypothese
zelf aanvallen --.nieuwe
inventarisatie - reakties ontlokken en bijsturen -
nieuwe gegevens verzamelen -
verwondering
+
waarneming - nieuwe werkhypothese.
''Dit is een goede gang van zaken, die mij al verschillende keren
groot nut heeft opgeleverd. Een goede dokumentatie is noodzakelijk. Ik ben
geabonneerd op de knipseldienst van Vaz Dias en vele dagbladen, vaktijdschriften
en weekbladen. De tot nu toe verschenen uitgaven; die bij mij op zolder gedrukt worden, de
zogenaamde
GEOPOL-bulletins zijn het resultaat van een uitgebreide dokumentatie
en inventarisatie. Ik heb vroeger les gegeven aan mensen die olie in Biafra
hebben gevonden en die nu van plan in zijn ook in Libië hun slag te slaan. Ik revancheer mij nu door ieder op de gevaren wijzen. In 'Olie en Biafra' heb ik gewaarschuwd tegen de aktiviteiten van de Shell de Nederlandse
regering. Het heeft nauwelijks mogen helpen.
Kolonelsbewind
In de eerste nota Veringa staat op de tweede pagina: 'dat zij' (universiteit) 'moet opleiden
tot kritische wetenschapsmensen, die zich bewust zijn van de rol die hun
wetenschap in maatschappij kan spelen'.'
'Er bestaat nu alleen maar een universiteit, die opleidt om in hokjes te stappen.Van de bovenvermelde zinsnede uit de nota Veringa, waartegen ik in een éénmansaktie
(november 1969) heb gedemonstreerd komt in de praktijk niets terecht. Dat noem
ik kolonelsbewind, hier in ons land. De macht van de hoogleraar blijft
onaangetast. In de Tweede Kamer heerst volgens de Booy een volkomen verkeerde
stemming en mentaliteit. Iedereen is benauwd (een enkele uitgezonderd) om de
zenuwknoop van de andere te raken. In de Kamer zou echter een Hyde Park kunnen zijn. Art. 107 van
de grondwet dat 'leden van de
Staten-Generaal, ministers, de commissarissen en de ambtenaren niet gerechtelijk
vervolgbaar zijn voor hetgeen zij in vergadering hebben gezegd of aan haar
schriftelijk hebben overgelegd''. 'Dit geeft iedereen in de Kamer een grote vrijheid, waarvan
geen gebruik wordt gemaakt' aldus Tom. Inderdaad is het zeer opvallend dat niemand in de Kamer gereageerd heeft
op de beschuldiging van Tom de Booy aan het adres de minister van Buitenlandse
Zaken. In een brief van 20 januari 1970 aan de procureur-generaal bij de Hoge
Raad der Nederlanden stuurt De Booy de·volgende beschuldiging: misdrijven
tegen de openbare orde, inlichtingen achtergehouden en feiten verzwegen. De Booy beroept zich op de artikelen
135 en 136 van het
Wetboek van Strafrecht.'Alle kamerleden zijn met handen en voeten bonden, man, ze
durven geen van allen', vult hij aan. .
Ego=Geo
Het is duidelijk dat de strijd van Tom de Booy er één is van een eenzame,
van iemand die grotendeels alleen staat, al staat hij bij zijn Geopol-uitgaven
niet meer helemaal alleen. Zijn vrouw en onder andere de geoloog van Meurs
staan volledig aan zijn zij.
De individualist De Booy, waarbij de drie letters
e, g
en o een uiterst belangrijke plaats innemen, strooit door middel van
de GEO-bulletins (geo van geologie en pol van politiek) achtergrondinformatie uit
teneinde te waarschuwen tegen activiteiten als van de Shell, in Biafra en Nigeria, maar
ook in Libië. 'Daar gaat het
dezelfde kant op', aldus de Booy. De Booy 'De Shell is werkelijk OLIEdom.'
Bekend is geworden, dat onlangs een zeer geplaatste magistraat bij de Shell het
lezen van Petrol. Int. Weekly voor oningewijden verboden heeft,
omdat dit gevaarlijk zijn. Verboden op straffe publiekelijk voor inkompetent te
worden verklaard. Ego heeft nog een betekenis gekregen:
experimenteel
geopolitiek onderwijs.
Dit onderwijs is vanaf 26 februari
1970 in de praktijk gebracht. Iedere donderdagmiddag is er in kamer 85A van het
Geologisch Instituut in Amsterdam een werkgroepmiddag, waar iedereen welkom is en waar
steeds een centraal gespreksthema behandeld zal worden. Aan deze middagen
gaan leesochtenden vooraf, waar wekelijks binnengekomen literatuur wordt gelezen
die van belang kan zijn voor de werkgroepmiddag.
De Booy benadrukt het feit dat kamer 85A bezet gebied is en dus niet meer
tot de universiteit behoort. Een rode vlag aan de wand bekrachtigt de woorden
van De Booy. Al bijna een jaar heeft hij, naast zijn huis in Baarn, waar boven
op zolder de Geopol-bulletins en nieuwsbrieven worden gestencild, ook in
Amsterdam een centrum van waaruit hij zijn aktiviteiten kan ontplooien. Alle studenten zijn welkom, maar
zij lopen nog steeds het risiko voor 'bezetters' te worden uitgemaakt. De Booy: 'Zodra
een student, die bij mij kollege loopt en meedoet aan de werkgroepsaktiviteiten bemerkt
dat hij hierdoor belemmerd wordt in zijn universitaire ontplooiing of loopbaan, moet hij
overwegen niet meer te komen. Het is al gebeurd dat iemand
een assistentschap is misgelopen heeft door zijn medewerking aan mijn projekt.' De Booy werkt geheel onafhankelijk van de
universiteit. Hij financiert alles zelf......
Dit het einde van het artikel de rest is verloren gegaan en niet
meer in mijn dossier aanwezig.
18 april 1970 Brief van 17 stafleden van Geologisch Instituut aan
College van Curatoren van de Universiteit van Amsterdam
Vervolg jaaroverzicht EGO project 28
april 1969- 28 april 1970 (Het eerste
deel is afgedrukt in mijn dagboek 1969 en een deel in mijn Biafra dagboek
1969/1970))
Voor de bewustwording, dat de relatie tussen de politieke beslissingen en de
voorkomens van olievelden veel groter was dan we aanvankelijk vermoedden, rees
meteen de vraag of deze relatie in andere gebieden van de aarde even duidelijk
was als in Nigeria. Zo ·werd begonnen met een systematische analyse van
olieconcessies over de hele wereld, de productiecijfers, reserves etc. Donderdagmiddag
op 26 februari werd gestart met deze materie te bespreken in een werkgroep
van EGO met als centrale gespreksthema: De rol die petroleum in onze maatschappij
kan spelen. De vraag ·werd ter discussie gesteld of we de steeds
groter wordende kloof tussen rijk en arm - in grond, geld, kennis en bewustzijn
- kleiner kunnen maken. Besloten werd om een bepaald land nader onder de loupe
te nemen. Zo viel de keuze op het grootste olie exporterende land van de wereld:
Iran. Tevens werd een plan gesmeed om een excursie naar Iran te organiseren in
het najaar. Tijdens de zes werkgroepmiddagen, die inmiddels hebben
plaatsgevonden, was de discussie levendig en er rezen meer vragen dan konden
worden opgelost. Maar ook hier werden weer tekenen opgevangen die erop wezen,
dat de studenten huiverig zijn om op de EGO kamer te worden geïndoctrineerd.
3 maart werd aan Minister Veringa gevraagd
of het geopolitieke onderwijs zou kunnen worden ingepast in het studieprogramma
en als keuze vak zou kunnen gelden Voor het doctoraal examen aan de Nederlandse
Universitaire instellingen. Bij telefonische navraag bij het departement van
Onderwijs en Wetenschappen bleek, dat men het zo druk had met het maken van de
nieuwe wet, dat de correspondentie moest blijven liggen. Blijkbaar is de oproep
van de Minister-president de Jong om de brieven van burgers sneller door de
bewindslieden te laten beantwoorden nog niet bij Minister Veringa doorgedrongen.
Commissie Harting.
Voorgeschiedenis 12 februari 1970 - 28 april 1970.

Professor Harting
De reden voor het instellen van de Commissie Harting op 12 februari 1970 was het moment waarop de onhoudbaarheid bleek van de oplossing van de crisis situatie op het Geologisch Instituut, die door de Commissie Dufour op 28 april 1969 was gegeven. Het conflict de Booy was nog steeds niet opgelost. Eerst kwam curator Dufour bij de Booy persoonlijk op bezoek om te bemiddelen. Als resultaat hiervan werd een gesprek gearrangeerd tussen de president curator Dr Samkalden en de Booy. Dit vond plaats op 13 november op het stadhuis van Amsterdam. De mogelijkheid werd besproken hoe EGO zou moeten worden ingepast in de universitaire struktuur. Deze bespreking had evenmin direct resultaat. 3 december 1969 richtte Ir Dufour zich tot de voorzitter van het Geologisch Instituut met de mededeling dat het college van Curatoren hem had verzocht om zich in de problemen van het Instituut te verdiepen en te trachten tot verbetering te komen. Tevens werd daarbij de hoop uitgesproken, dat de zgn. Commissie Verwey (de commissie die een herstrukturering van de aardwetenschappen in Nederland tot stand zou proberen te brengen) tot een ontwikkelingsschema op lange termijn zou komen. Er waren zelfs geruchten, dat deze commissie Verwey de Academische Raad zou voorstellen om de geologische opleiding aan de Universiteiten van Utrecht en Leiden te handhaven, hetgeen er in gewone taal op neer komt, dat het Geologisch Instituut in Amsterdam gesloten zou worden en dat de leden, die niet in de nieuwe struktuur zouden passen, op wachtgeld zouden worden geplaatst. Het Instituutsbestuur (in paniek bijeen) stuurde een brieftelegram aan Ir. Dufour op 11 december met de volgende inhoud:"De leden van het Instituutsbestuur zijn unaniem van mening, dat de geologische opleiding te Amsterdam en het Geologisch Instituut zo waardevol zijn, dat zij waard zijn met kracht te worden gehandhaafd. Op 12 februari 1970 werd iedereen in het Geologisch Instituut opgeroepen aanwezig te zijn, omdat Ir. Dufour enige mededelingen zou doen. Hier werd de Commissie Harting voorgesteld.

Spotprent van Jan Bresser. De commissie Harting zoekt een veilig heen komen iemand (de Booy?) een rookbom in de
Sixtijsne kapel naar binnengooit. Het onderschrift luidt als volg: Commissie van
Goede Diensten: Net zoals bij de pauskeuze zullen wij geen beslissing nemen
voordat er eenstemmig iets besloten is
Voorzitter Prof. Dr. D. Harting (lid van de
voormalige Commissie Dufour), als leden:Ir. Dufour (voorzitter van de Commissie
Dufour) en Dr. P.E. Noorman, lid van de wetenschappelijke staf Natuurkunde. De
Commissie had van de Curatoren vergaande volmachten gekregen. Zij kon, indien
eenstemmigheid tussen de drie leden werd bereikt, een bindend voorstel bij
Curatoren indienen, dus niet meer in de trant van een vrijblijvend
adviescollege. De Commissie ging met grote voortvarendheid aan de slag. Vrijwel
iedereen in het Geologisch Instituut werd gehoord . Het was de bedoeling van de
Commissie Harting, dat ten tijde van het onderzoek geen wijzigingen in bestuur
of organisatie binnen het Geologisch Instituut zouden plaatsvinden. Desondanks
hebben een aantal stafleden er goed aan menen te doen hier geen rekening mee te
houden en een aangetekend schrijven aan de Voorzitter van de wetenschappelijke
Staf van de 4e subfaculteit te richten met het verzoek een vergadering te
beleggen om de representativiteit van de stafvertegenwoordigers aan de kaak te
stellen.
Op advies van een lid van de Commissie Harting werd op dit schrijven niet
gereageerd. Op donderdag 16 april werd door een raad van elf stafleden
een vergadering belegd, waarin unaniem een motie werd aangenomen, die in feite
neer kwam op een motie van wantrouwen tegen het bestuur. Deze motie geldt in
feite alleen nog maar de jure, aangezien de facto de werkzaamheden van de
stafvertegenwoordigers betreffende het Geologisch Instituut was overgenomen door
de aangewezen stafleden, die zitting hadden met stemrecht in het
Instituutsbestuur (zie regeling getroffen) door de Commissie Dufour op 28 april
1969, pag.4 ).In antwoord op deze motie hebben de voorzitter (de Booy) en de
secretaris (van Harten) van de wetenschappelijke staf der faculteit geologie en
geofysica op 21 april 1970 schriftelijk aan het College van Curatoren de
wens te kennen gegeven om van hun functies te worden ontheven. Op 28 april 1970
(precies een
jaar nadat de Commissie Dufour haar resultaat had bekend gemaakt) zal de
Commissie Harting enige mededelingen doen. De besluiten, die de Commissie
Harting zal gaan nemen, zijn niet alleen voor het Geologisch Instituut in
Amsterdam van belang, maar ook voor de herstrukturering der Aardwetenschappen in
Nederland. Zoals reeds eerder vermeld (pag.l) werd door de Academische Raad de
Commissie Verwey ingesteld, die voorstellen zou moeten doen betreffende
herstrukturering van de aardwetenschappen in Nederland. Zaterdag 18 april
werd de eind nota van de Commissie Verwey in de vergadering van de Academische
Raad besproken en met de grootst mogelijke meerderheid verworpen.
Op 28
april 1970 zal het feit gevierd worden,
dat 1 jaar geleden op kamer 85a het EGO centrum werd ingericht. Op dezelfde dag
zal moeten blijken of de Commissie Harting het EGO project in de huidige
struktuur van de Universiteit van Amsterdam kan inpassen d.w.z, dat EGO zijn
experimentele karakter kan blijven behouden. De Commissie Harting zou EGO binnen
het huidige onderwijsbestel weliswaar willen tolereren, maar dan moet van te
voren de garantie worden verkregen, dat de onderwijsmanifestaties in het
Geologisch Instituut niet in het gedrang komen.
Het
komende jaar zal EGO derhalve vermoedelijk geen
gebruik kunnen maken van een gedeelte der lokaliteiten van het Geologisch
Instituut der Universiteit van Amsterdam .EGO zal dan zijn experimenteel
geologisch onderwijs elders voortzetten.
Hiermede zijn we aan het eind gekomen van het jaaroverzicht van het EGO project
1 mei 1970 E.G.O. NIEUWSBRIEF Nr. 4. 28 april 1970 was voor EGO een zeer bijzondere dag. In de ochtend werd het éénjarig bestaan van EGO gevierd op kamer 85a van het Geologisch Instituut, alwaar ruim 50 EGOisten zich te goed deden aan hartversterkende middelen. Om 2 uur moesten de feestelijkheden worden afgebroken, aangezien de Commissie Harting in de Grote Collegezaal van het Geologisch Instituut enige mededelingen zou doen betreffende de herstrukturering van het Geologisch Instituut en het tevens zou blijken of EGO in de huidige struktuur van de Universiteit van Amsterdam ingepast zou kunnen worden. De Voorzitter van de Commissie Prof Dr.D.Harting deelde in de plenaire vergadering mede, dat voor experimenten, zoals die door Ego waren geformuleerd, GEEN RUIMTE BESTAAT. EGO medewerker Dr.T.de Booy zou geen nieuwe funktie in de nieuwe struktuur van het Geologisch Instituut kunnen krijgen. Dit betekent dat de Booy zal worden voorgedragen bij Curatoren voor ontslag ( met wachtgeldregeling) uit zijn huidige funktie als wetenschappelijk hoofdmedewerker aan de Universiteit van Amsterdam. Prof. Harting stelde daarbij uitdrukkelijk vast, dat de Booy wel toegang blijft houden tot de wetenschappelijke verworvenheden van de Universiteit van Amsterdam en in het bijzonder van het Geologisch Instituut. Door deze maatregelen zal EGO geen gebruik kunnen maken van kamer 85a van het Geologisch Instituut. Deze kamer is dan ook op 29 april 1970 om 13.00 uur officieel aan de Directeur van het Geologisch Instituut Prof Dr. J .J .HERMES overgedragen. EGO zal zijn activiteiten ELDERS voortzetten. Voorlopig is het contactadres: UITGEVERIJ GEOPOL WALDECK PYRMONTLAAN 3a BAARN. NEDERLAND. Tel.02154-2852. In de komende maanden zal worden gezocht naar nieuwe mogelijkheden voor het geven van Experimenteel Geologisch Onderwijs. De gunstige financiële positie van EGO is enigszins in gevaar gekomen. EGO zal genoodzaakt worden om op EGOistische wijze aan financiële middelen te komen. Het jaaroverzicht EGO 28 april 1969 - 28 april 1970 (in een oplage van 300 genummerde exemplaren) is, zonder kosten, te verkrijgen bij GEOPOL Baarn.
6 mei 1970 Artikel in Parool. Voorstel tot ontslag geoloog dr. De Booy

per abuis foto van Prof. Egeler afgedrukt
AMSTERDAM, woensdag. Een commissie van goede diensten, die in februari door
de curatoren van de Amsterdamse universiteit is ingesteld om de al
geruime tijd bestaande moeilijkheden binnen het Geologisch Instituut te
onderzoeken, zal binnenkort. advies uitbrengen aan curatoren. Een van de
adviezen zal zijn, dr. Tom de Booy, wetenschappelijk medewerker van het
instituut en landelijk bekend door zijn deelname aan de bezettingen van de
Katholieke Hogeschool Tilburg en het Maagdenhuis, te ontslaan en op wachtgeld te
zetten. Prof. Harting, voorzitter van de faculteit wis- en natuurkunde die
samen met de curator ir Dufour en het wetenschappelijk staflid dr. P. Noorman
deel uitmaakte van de commissie van goede diensten, wees er vanmorgen op, dat dr
De Booy bepaald niet als veroorzaker van de moeilijkheden op bet instituut kan
worden gezien. "De commissie zal het advies om hem ontslag te verlenen, alleen
handhaven, als de curatoren akkoord gaan, met de hele lijst van adviezen die
wij met betrekking tot de moeilijkheden aan het opstellen zijn". Dr. De Booy
eiste de vrijheid voor zich op, zijn onderwijs en onderzoek niet alleen tot de
technisch-geologische feiten te beperken, maar ook de politieke en sociale
gevolgen van bijvoorbeeld aardolie-exploitatie in de ontwikkelingslanden te
behandelen.
Vrijheid
De commissie heeft hem gevraagd, zijn onderwijs in te passen in het
programma, dat voor de hele studierichting geldt, maar De Booy wilde dat alleen
als hij volkomen experimenteervrijheid behield. Deze eis was onaanvaardbaar. De
commissie van goede diensten heeft daarop besloten, er bij curatoren op
aan te dringen dat hem ontslag met wachtgeld wordt verleend. Dr. De Booy zal het
ontslag juridisch niet aanvechten, heeft hij verklaard. Hij wil zijn ideeën in
de toekomst als journalist en uitgever verder uitdragen. Over de moeilijkheden
op het instituut verklaarde prof. Harting nog, dat die voortspruiten uit
tegenstellingen ·tussen de hoogleraren onderling en tussen de hoogleraren enerzijds
en studenten anderzijds. De moeilijkheden worden nog vergroot door de aandrang
vanuit het ministerie van onderwijs en wetenschappen in Den Haag, de geologie
studie in Nederland te concentreren aan enkele universiteiten en een
taakverdeling tussen de afzonderlijke instituten tot stand te brengen. Al
geruime tijd heeft het ministerie de geologische instituten een peroneelsstop
opgelegd.
Einde artikel Parool

Spotprent Jan Bresser. Commissie van Goede Diensten: vlnr Noorman, Harting,
Dufour . Rechts bord met opschrift: Het eerste schaap over de dam.
De wolf in schaapskleren met de letters G.I (Geologisch instituut) met 5
poten de professoren Mac Gillavry, de Roever, Hospers Egeler,Hermes
21 mei 1970 Artikel in Hongerkrant EGO-IST Dr TOM DE BOOY 'HONGER IS MAAR
EEN RANDPROBLEEM
Ieder bewust mens in onze samenleving zit met de honger in de derde wereld
in zijn maag. Hij krijgt hierdoor (zij natuurlijk ook - sorry mina) weliswaar
niet het lichamelijke hongergevoel, maar geestelijk voelt zij zich er niet
helemaal lekker bij. De mensen hier hebben er echt wel wat voor over om dit
probleem te helpen oplossen. Toch zijn op elke dag van het jaar
eigenlijk nieuwe inzamelingen nodig, wil de hoogste nood van grote
delen van de mensheid gelenigd worden. En dat blijft maar doorgaan.
Het is duidelijk dat deze aanpak geen echte oplossing biedt. Dus we voelen ons
nog steeds niet lekker. Wat kan het individu ondernemen om deze toestand op te
heffen? Dr. Tom de Booy, sinds enige dagen ex-wetenschappelijk ambtenaar - met
wachtgeld aan het Geologisch Instituut van de Universiteit van Amsterdam heeft
een antwoord op deze troosteloze zaak ontwikkeld. Dat luidt: persoonlijke revolutie. Het
bijvoeglijk naamwoord staat alleen maar voor 'revolutie' om duidelijk te maken
dat de bedoelde ommekeer in onze maatschappelijke en economische orde slechts kan slagen als ieder mens voor zichzelf tot het besef is
gekomen dat het zo niet langer gaat en bereid is om actief aan een verandering ten goede mee te werken. Het NUFFIC (Netherlands University Foundation For International
Co-operation) hield zaterdag 9 mei in Utrecht in het kader van de leergang ontwikkelingsproblematiek een werkvergadering
. Een aantal werkgroepen had van te voren stellingen op papier gezet, die daar met andere belangstellenden werden besproken. Ook Tom de Booy was
aanwezig en nam deel aan de gespreksgroep onderwijs. Het had voor het uiteenzetten
van zijn ideeën trouwens niets uitgemaakt of men was beginnen te praten over het voor en
tegen van visvijvers of de moeilijke keus tussen een girorekening en een
rekening-courant bij de Amrobank. De Booy stelde dat je eerst een analyse van de eigen
situatie in de eigen
samenleving moet maken. Dan kom je vanzelf op vragen: 'Welke rol
speel ik in dit systeem?'. 'In hoeverre wordt mij deze rol van hogerhand opgedrongen en ben ik mij dat wel bewust?' en 'Hoe
gedraagt mijn samenleving zich tegenover andere en met name minder
bevoorrechte?'. Er zijn voorbeelden genoeg te vinden om duidelijk te maken hoe de
verhouding tussen de rijke en de arme wereld ligt. De Booy hield de
vergaderende studenten voor dat zij daar uiteindelijk toch maar bij elkaar
zaten op kosten van de arme landen. De happy few die het voorrecht van
voortgezet onderwijs genieten kosten direct alleen, maar geld aan de overheid.
En net zo goed als humanitaire hulp aan bevrijdingsbewegingen in de derde wereld voor
de guerrilla's
betekent dat er geld voor wapens vrijkomt, zo kan onze overheid meer geld voor onderwijs
uittrekken zolang we nog meer aan de derde wereld verdienen dan we er voor
uitgeven.
REVOLUTIE
De vraag die
zich opdringt is dan: moet je doorgaan met dit systeem in stand te
houden. De opofferingsgezindheid van de aanwezige studenten was werkelijk voorbeeldig.
Niet één zei daar ja op. De praktische revolutie ligt in het onderwijs in dit systeem, aldus De Booy. We moeten - als
happy few - onze kennis en inzichten vertalen en uitdragen aan die mensen die
onze ontwikkeling nog niet bezitten. De Booy die vorig jaar de kranten haalde
door aan de bezette Tilburgse hogeschool les te geven en doordat hij daarna
het Maagdenhuis mee bezet hield, bevindt zich met deze bewering in weinig
revolutionair gezelschap. In de nota Veringa staat: " ... de
universiteit ... moet opleiden tot kritische wetenschapsmensen, die zich
Bewust zijn van de rol die hun wetenschap in de maatschappij kan spelen. "
Over zijn 'revolutie' zegt De Booy: "Het bijzondere is dat ieder voor zich tot het inzicht komt dat die
kennisoverdracht noodzakelijk is. Je kunt dit inzicht niet aan anderen
opleggen. Hoogstens kun je proberen het gesprek aan te gaan met die andere mens en die het het
meeste
nodig hebben, de nog niet bewusten, de rechtsen. Het gaat mij om verruiming
van het eigen bewustzijn, en verruiming die niet uitsluitend ten eigen bate
wordt aangewend. Doe je het dan wel dan ben je fascist. Iedereen komt tot een
vergelijking met de samenleving en geeft tot op zekere hoogte toe ( ook ik
rook mijn sigaretje en ieder mens moet wonen, paren en behoorlijk kunnen
leven) maar doe het wèl bewust.
OP SCHOOL
Het is dus zaak eerst een analyse te maken van de eigen rol in de
samenleving. Je moet wel binnen het systeem werken, want je moet ook eten. Maar
eenmaal
opgenomen moet je steeds naar structuurverandering streven. Het revolutionaire zit
hem in het
bewustzijn dat ons systeem een onrechtvaardige wereldorde in stand houdt en in
de mogelijkheid om te zien en te zeggen wat er hier veranderen moet om aan die toestand een
einde te maken. Honger is het gevolg van het bestaan van de huidige orde en
derhalve een randprobleem
Op scholen (daar waar mensen geschoold worden) moet gepraat worden over
het doel van de scholen de invloed op de samenleving. Deze discussie moet
in het onderwijsprogramma worden opgenomen. Tegen zo'n grondige wijziging van
het onderwijs bestaat ergens boven ons (bij mensen die uit een lange ervaring weten dat zoiets nooit
kan werken en zeker niet
efficiënt is en zo meer) veel tegenwerking. Aan de universiteiten van Tilburg
en Groningen zijn commissies buitenland bezig met een toetsing van de
studieprogramma's van alle richtingen op de mate van bewustzijn met betrekking tot de wereldontwikkeling. Door slechte medewerking van de universiteitsbazen komt
zo'n onderzoek maar moeilijk van de grond. En dit is zeker niet het enige
voorbeeld. Torn de Booy heeft zich er lang over verbaasd hoe dat toch mogelijk
is. Ten langen leste is hij maar iets gaan doen. Een jaar geleden startte hij
met het Experimenteel . Geologisch Onderwijs (EGO) in zijn instituut. De deelname was vrijwillig en teder bepaalde mede wat in de 'colleges'
ging gebeuren. Het gevolg was dat Tom de Booy volle zalen trok, terwijl de
balende hoogleraar die tegelijkertijd of direct na zijn uur les moest geven
af en toe tegenover één student stond te vertellen wat hij allemaal wist. Voor
een opsomming van de gebeurtenissen hiervan het gevolg waren en die
uiteindelijk tot De Booy's ontslag hebben geleid, zie de extra uitgave van 28
april jl. van Geopol, Waldeck Pyrmontlaan 3a, Baarn. Voor EGG-isten geen
plaats in het geologisch instituut. Hij probeert nu een overzicht samen te stellen - aan de
hand van concrete cijfers - hoe ons innig vervlochten maatschappelijk,
politiek en economisch systeem werkt. Want: "De mensen aan de top zijn geen boeven. Persoonlijk wil ik
best een pilsje met ze drinken. "
GOEDE MORGEN
"We moeten toe naar een mentaliteit, die het mogelijk maakt dat ik
tegen een wildvreemde die ik op straat tegen kom kan zeggen 'goede morgen'
zonder dat die anderen meteen denken 'wat wil-ie van me hebben''''.
DIRK DRAGSTRA
9 juni 1970 Proces-verbaal terechtzitting van de Vijfdekamer
van het Gerechtshof te Amsterdam tegen de Maagdenhuis bezetter Tom de Booij
De terechtzitting werd voorgezeten L.W.D. Schreuder met W.A de Kanter
en S. Boas als raadsheren en W.H. Folmer als Procureur-Generaal.
De voorzitter deelt mondeling mede de korte inhoud van
a. een op 2 juni 1969 uitgegeven de verdachte betreffend uittreksel uit het Algemeen Documentatieregister van de afdeling van de Justitiële documentatiedienst te Middelburg; b. een door Gerard Jan Toorenaar en
Hans Hock, beiden
hoofdinspecteur van gemeentepolitie te Amsterdam, ambtsedig op 23 mei 1969
opgemaakt procesverbaal Nr.2085-A./1969; c..een door Hans Hock en
Frits Leker, onderscheidenlijk hoofdinspecteur en hoofdagent-rechercheur van
gemeentepolitie te Amsterdam, ambtsedig op 23 mei 1969 opgemaakt proces-verbaal Nr .2085-B./1969 d. een door Hendrik van
Malsen, hoofdagent-rechercheur van gemeentepolitie te Amsterdam, ambtedig op 23
mei 1969 opgemaakt proces-verbaal Nr .2085 D./ 1969; e. een door Willern Pieter van den Toorn, hoofdagent-rechercheur van
gemeentepolitie te Amsterdam, ambtsedig op 21 mei 1969 opgemaakt proces-verbaal Nr .1630/1969;f .een fotokopie van een brief d.d. 10 maart 1969 van verdachte aan het College van Curatoren
der Universiteit van Amsterdam. Voorts leest de Voorzitter voor het proces-verbaal van verhoor van verdachte
door Mr.J.K. Franx, rechter-commissaris belast met de behandeling van Strafzaken
in de Arrondissementsrechtbank te Amsterdam van 10 oktober 1969.Verdachte, door de Voorzitter ondervraagd, verklaart zakelijk weergegeven als volgt: "Ik volhard bij de inhoud van mijn verklaring,vervat in het proces-verbaal
van de rechter-commissaris d.d.10 oktober 1969, welk proces-verbaal ik de Voorzitter heb horen voorlezen.
Ik ben bekend met de arresten van Uw Hof nopens de bezetting van het
Maagdenhuis en weet dat Uw Hof die bezetting ziet als een ernstige inbreuk op de rechtsorde.
In de in de tenlastelegging vermelde periode was ik wetenschappelijk hoofdmedewerker bij de Universiteit Van
Amsterdam, welke ambtenaarsfunctie ik ook nu
bekleed. Ik ben in hoger beroep gekomen, omdat ik van mening ben ten onrechte te
zijn veroordeeld. Ik heb inderdaad aan de bezetting van het Maagdenhuis
deelgenomen. Ik deed zulks teneinde uit solidariteit met de studenten tezamen
met dezen kracht bij te zetten aan hun eisen tot democratisering van de
Universiteit van Amsterdam. Onder "democratisering" versta ik in dit verband
een hervorming van de structuur en daarmee ook het
Bestuur van de Universiteit volgens beginselen die beantwoorden
aan de opvattingen der "democratisering" eisende studenten. De studenten willen
inspraak zonder precies te weten wat dat inhoudt. Ik persoonlijk heb die bezetting beschouwd als een "buitenparlementair pressiemiddel", dat geschikt was
om druk uit te oefenen op het Universiteitsbestuur om de bestaande
wettelijke voorschriften na te leven. Ik ben namelijk van mening dat deze
voorschriften door het Bestuur van de Universiteit met voeten
waren getreden
en dat dit Bestuur aldus de Universiteit had uitgehold. Ik had er recht op in het
Maagdenhuis aanwezig te zijn,niet alleen als lid van de wetenschappelijke staf,
maar ook als lid van de gehele universitaire familie,waarvan alle leden het recht hebben in het
Maagdenhuis te zijn in mijn hoedanigheid van staflid had ik geen mededeling ontvangen
dat het Maagdenhuis , zonder toestemming, niet meer toegankelijk
was. Voorts ben
ik van mening, dat het Presidium van de Universiteit niet bevoegd was de toegang tot het
Maagdenhuis te ontzeggen. Ik ontken dan ook wederrechtelijk het Maagdenhuis te zijn binnengedrongen."
De Procureur-Generaal voert het woord, legt zijn vordering voor en legt
die aan het Hof over.
De verdachte in de gelegenheid gesteld het woord tot verdediging te
voeren,verzoekt het Hof hem toe te staan een bandrecorder te gebruiken. Het hof gehoord de Procureur-Generaul; wijst het verzoek van verdachte
af. De verdachte voert daarop het woord tot verdediging en betoogt zakelijk
weergegeven als volgt: "Ik ben blij met het requisitoir van de Procureur-Generaal,
omdat
daarin uitvoerig is ingegaan op de wijze van binnendringen en het doel van dat binnendringen. lk mag in dit verband een citaat van Pascal aanhalen,
dat
vertaald luidt: "De waarheid heeft U zo verstopt en de leugen zo vastgeroest, dat U de waarheid niet
meer ziet". Uw hof zit duidelijk hier om de rechtsorde te
handhaven. Mijn doel om
het Maagdenhuis binnen te dringen bestond al jarenlang vóór de bezetting van het Maagdenhuis.
Ik had gehoopt, dat de
universitaire autoriteiten eerder hadden gevraagd of de leden van de
wetenschappelijke staf loyaal zijn. Ik wil aan Uw Hof overleggen een geschrift
betreffende mijn motieven voor het binnendringen, waarbij ik met name wijs op bladzijde
3
van bedoeld geschrift".De verdachte legt aan het Hof over een schriftuur, voorzien van een oranje
gekleurde omslag. De verdachte betoogt nader: "Mijn verdediging is gebaseerd op het adagium
actie is reactie. De studenten zijn de reactie, het handelen van de
universitaire autoriteiten de actie. Al vóór 1969 was er een crisis-toestand
op de Universiteit. Ik was namelijk Voorzitter van het
overlegorgaan Vierde Subfaculteit. Ik kan dat dus beoordelen. Geen enkel advies
van het overlegorgaan was acceptabel voor de Universiteitsleiding. Er werd een commissie van goede diensten ingesteld, evenwel zonder
resultaat. Daarop werd
een nieuwe commissie ingesteld, die evenmin tot resultaat kwam. Het was
allemaal frustrerend. Op 10 maart 1969 constateerde ik dat de universitaire autoritei
ten de universitaire wetten met voeten hadden getreden.
Ik ben evenwel
niet rancuneus geworden ,zoals ten onrechte in het proces verbaal van de zitting van de
Politierechter staat vermeld. op 28 april 1969 had de senaat duidelijk rechtsregels met voeten
getreden en wel ongestraft.
.Belediging van hoogleraren is als het ware Godslastering Ik wil niet,dat de
Universiteit wordt uitgehold door lieden,die de wet vertrappen.
De verklaring van Prof. Belinfante in het politieverbaal Nr.2085-A./1969
is onvolledig. Belinfante en Drechsel waren al lang bezig met dreiging; zij
hebben de universitaire doelstellingen met voeten getreden. De
wetenschappelijke staf en de hoogleraren zijn de maatregelen van het
Maagdenhuis beu.
98% van de begroting van de Universiteit wordt
door de belastingbetaler opgebracht. Deze Universiteit ,ik bedoel daarmee de Universiteit van Amsterdam is afgegleden niet door
studenten
,maar als reactie van dezen op het met de voeten treden van wetten door de
universiteitsbestuurders. Met wetten bedoel ik dan de doelstellingen van de
Universiteit
In juni 1968 zei Prof. Belinfante:
ik ga de nota Maris in de Academische Raad boycotten. Tegen hen is toen geen vervolging op basis van de
strafwet
ingesteld. Dan wil ik nog wijzen op de kwestie van het Mexicaanse consulaat
in Amsterdam. Prof. Belinfante had samen met de ASVA een communiqué uitgegeven,
waarin verontwaardiging werd geuit over de bezetting van de Universiteit van
Mexico door het legeren de politie. Ik wilde geen wijziging van de
bestuursstructuur der
Universiteit, alleen dat men zich aan de bestaande organisatieregels
hield. Er is in de Universiteit sprake van oligarchie ,die
afglijdt naar anarchie. Onder de studenten, die medebeslissingsrecht
wensen, heerst de stemming van: men doet maar wat met ons. Prof.Belinfante en
curatoren hebben keer op keer de rechtsregels verkracht. Dat zijn mijn motieven
geweest om het Maagdenhuis binnen te gaan. Ik heb U al verklaard waarom ik
naar mijn mening daar binnen mocht gaan zonder wederrechtelijk te
handelen.-Het is onjuist, dat
er van 8
tot 14 mei 1969 in het Maagdenhuis geen
vergaderingen
zijn geweest .Er zijn in die periode aldaar weldegelijk vergaderingen
gehouden, te weten over bestuurshervorming. Ook Prof .Belinfante had niet het
recht mij de toegang
tot het Maagdenhuis te ontzeggen. De discussie aan deze Universiteit, waar ik al 26 jaren hen,werd kortgesloten. Toen ik het Maagdenhuis in de avond van 16
mei 1969 was
binnengegaan heb ik mij gemengd in de discussie, die aldaar aanwezige mensen
voerden. Als universitair medewerker wilde ik mee discussiëren, teneinde het mogelijk te maken de democratisering in de Universiteit te bevorderen en
dusdoende de Universiteit haar oude aanzien te geven."
Aan verdachte wordt het recht gelaten het laatst te spreken. Verdachte verklaart nader:
" De formulering omtrent de bevoegdheid van de rector-magnificus is in de Universiteitsgids 1970/1971 geschrapt. Het beleid
van de rector-magnificus kan mijns inziens worden gedesavoueerd
door de curatoren. Prof.Wertheim zegt, dat zulks door de senaat kan geschieden. Ik ben de
mening toegedaan,dat ook curatoren in deze de wettelijke regels met voeten hebben getreden."
10 juni 1970 Artikel in Parool. Tegen de Booy in hoger beroep
drie weken geëist
"Op loyaliteit van de
ambtenaar moet onvoorwaardelijk
kunnen worden gerekend; de omstandigheid dat deze verdachte zich als zodanig
niet heeft ontzien aan een dergelijk strafbaar feit schuldig te maken,
accentueert de ernst van het delict in hoge mate".Aldus motiveerde de procureur-generaal bij het Amsterdamse gerechtshof mr H. W. Folmer,
gistermiddag in zijn requisitoir tegen de 45-jarige wetenschappelijk hoofdmedewerker
van de Amsterdamse Universiteit dr T. de Booy zijn eis van drie weken gevangenisstraf
wegens lokaalvredebreuk. De verdachte, één der deelnemers aan de Maagdenhuisbezetting,
die zelf om vervolging had gevraagd, was in hoger beroep gekomen tegen het
vonnis van de politierechter, die in eerste aanleg één maand voorwaardelijk en een boete
van f 500, had opgelegd. Ook de officier van justitie,had appèl aangetekend
De heer De Booy voerde evenals enkele maanden geleden
voor de politierechter zijn verdediging, waarbij hij het
wederrechtelijk karakter van zijn uit solidariteit met de jeugdige bezetters voortvloeiend
optreden met nadruk bestreed. Hij kreeg daarbij van de
president van het Hof, mr L. W. D. Schrreuder toestemming om voor zijn vele vellen papier gebruik te maken
van de katheder op de plaats der advocaten;
niet echter om een door hem meegenomen bandrecorder in te schakelen. De
verdachte voerde aan een verklaring van hem destijds op de politierechterzitting - zoals
hem nu uit het
requisitoir van de procureur-generaal was gebleken niet juist was
genotuleerd. Daarom wilde hij ter voorkoming van een nieuw misverstand van de
bandrecorder gebruikmaken, alleen als registrerend
hulpmiddel ter bescherming van mijn eigen privacy zoals hij het uitdrukte.
De president gaf echter geen toestemming het apparaat in te schakelen.
Het gerechtshof zal op 23 juni arrest wijzen
23 juni 1970 Uitspraak Gerechtshof
Amsterdam inzake hoger beroep tegen verdachte T. de Booij, Maagdenhuis bezetters
OVERWEGENDE, dat de Universiteit
van Amsterdam is één instelling van wetenschappelijk onderwijs, welke haar
wettelijke grondslag vindt in de Wet op het wetenschappelijk onderwijs en de
Verordening van de Gemeente Amsterdam dd. 28 december 1960, beide reeds genoemd,
alsmede in de daarop steunende reglementen, dat elk oprecht streven naar verbetering van de maatschappij of van een harer
instellingen uit de aard der zaak respectabel is;dat echter in onze samenleving, waarin wettige wegen openstaan om
op
democratische wijze - ook indirect, door beïnvloeding van de openbare mening -
te geraken tot hervormingen van het staatsbestel alsook van instellingen welke
bij of krachtens wet of verordening zijn geregeld, het onduldbaar is dat een
groep burgers de verwezenlijking van eigen verlangens op het stuk van hervorming
van enige instelling tracht te bereiken met schending van door de strafwet
beschermde rechtsbelangen;dat dergelijke onwettige acties een verruwing betekenen van het maatschappelijke spel, waarbij
allicht een gewenning aan verwerpelijke
strijdmethoden optreedt - een ontwikkeling welke gevaar voor ontwrichting der democratische
samenleving in zich draagt;dat om voormelde redenen verdachts strafbaar handelen moet worden
aangemerkt als een ernstige inbreuk op de rechtsorde;dat dan ook onjuist is de opvatting als zou, nu de bezetting
van het Maagdenhuis plaatsvond in verband met een conflict binnen de
Universiteit van Amsterdam, deze zaak geheel liggen binnen de universitaire sfeer; dat bovendien de gehele Nederlandse samenleving belang heeft bij het goed
functioneren van haar instellingen
van wetenschappelijk
onderwijs en de bezetting van het Maagdenhuis dan ook - gelijk van algemene
bekendheid in
den lande grote onrust heeft verwekt ver buiten de kring van de universitaire "gemeenschap;
dat het Hof bij de straf toemeting buiten beschouwing laat de vraag, of naast
het aan verdachte te laste gelegde en bewezen feit van het wederrechtelijk in het
Maagdenhuis binnendringen, hij bij de voorbereiding of uitvoering der
bezetting mogelijk nog een bijzondere rol heeft gespeeld, welke zijn handeling
in verhoogde mate strafwaardig zou maken;
dat toch de processen-verbaal van het in dezen gehouden onderzoek - zowel in
de zaak van deze verdachte als in de (aan het Hof ambtshalve bekende) zaken van alle andere personen, die
wegens hun deelneming aan de bezetting van het Maagdenhuis zijn veroordeeld en
bij dit Hof in hoger beroep zijn gekomen - omtrent enige bijzondere rol als even bedoeld van afzonderlijke bezetters nauwelijks enige aanwijzing behelzen;
dat bij deze stand van zaken het bewijs dat een verdachte een dergelijke rol
heeft gespeeld, in de regel enkel zou kunnen steunen
op
hetgeen hij zelf - ter zitting van het Hof verschenen - desgevraagd daaromtrent
zou verkiezen mede te delen;
dat onder deze omstandigheden het ten nadele van een verdachte in aanmerking
nemen van enige aanwijzing of mededeling als evenbedoeld zou leiden tot
uitkomsten, welke in deze door collectief handelen gekenmerkte zaken niet als rechtvaardig
zouden kunnen worden aanvaard;
dat het Hof echter niet kan voorbijzien aan de omstandigheid dat verdachte
ten tijde dat hij wederrechtelijk het Maagdenhuis binnendrong,als
wetenschappelijk hoofdmedewerker deel uitmaakte van de wetenschappelijke staf
van de Universiteit van Amsterdam;
dat hem deswege zijn deelneming aan de bezetting van het Maagdenhuis
zwaarder moet worden aangerekend dan aan deelnemers, die evenbedoelde
hoedanigheid niet bezaten, hebbende immers verdachte, die als bezoldigd
ambtenaar een taak had op het gebied van onderwijs en wetenschapsbeoefening
en uit dien hoofde zijn bijdrage had te leveren tot het goed functioneren van de
Universiteit van Amsterdam, door deel te nemen aan meergenoemde bezetting
zich een deloyaal ambtenaar betoond,
dat anderzijds ook voor deze verdachte geldt dat aan de bezetting van het
Maagdenhuis in den lande vergelijkbare acties waren voorafgegaan zonder dat een strafvervolging was ingesteld
alsmede dat publiekelijk gedane uitlatingen van uit hoofde van hun ambt
gezaghebbende personen de indruk hebben kunnen vestigen dat niet elke bezetting
van universitaire gebouwen als verwerpelijk kon worden beschouwd, al hetgeen
ertoe kan hebben geleid dat verdachte de ernst van zijn strafbaar handelen heeft
onderschat;
dat het Hof gelet
op
al het voorgaande termen vindt voor het
opleggen van na te noemen straf:
tot een geldboete van vijfhonderd gulden, bij gebreke van betaling en verhaal te
vervangen door hechtenis gedurende vijftig dagen .
23 juni 1970 1e vergadering, gehouden te Leiden van de
discussiegroep van het Genootschap voor den Rechtsstaat en de
Studentenvereniging voor Internationale Betrekkingen (SIB)
Aanwezig: de heren Kappeyne van de Copello, Struycken, De Jong
Schouwenburg,·De Booy, Fortgens, Claassen, Elshof, Van Eck en
Stroink.
De heer Kappeyne van de Copello zat de vergadering
voor en de heer Claassen maakte het verslag.
Voorgesteld werd dat zonder enig voorbehoud alles in principe ter
discussie gesteld kon worden. Men diende elkaar niet te ontzien d.m.v
genuanceerde redeneringen. Een uitgangspunt was een dialoog op te zetten tussen
mensen van diverse generaties, opvattingen en studie over de vraag waarom de
maatschappelijke verhoudingen steeds meer vast komen te zitten.
Als concreet onderwerp werd het onderwijs naar voren gebracht, waarvan in het bijzonder de
universiteit. Men was het er over
eens dat de
moeilijkheden in de universiteiten een afspiegeling genoemd kunnen worden
van wat er in de hele maatschappij fout zit. Als einddoel werd voorlopig
voor ogen gesteld om aan de hand van de discussies enige desiderata te formuleren, die aanleiding
zouden kunnen tot een experimentele toepassing in de universitaire structuur.
Het meest urgente en direkte probleem in de universiteit noemde men de kennis-cultuur overdracht. In hoeverre
gedoogt de wetenschappelijke
opleiding een autoritair bestuur? De Sokratische wijze van kennis
werd als ideaal geschetst. Iedere deelnemer werd verzocht om zijn mening hierover
kort en bondig op papier te zetten en op te sturen naar de heer Kappeyne, die voor tijdige verspreiding zal zorgen. De volgende vergadering is vastgesteld op woensdag 2
september te10.00 in het
Gravensteen, Juridisch Studiecentrum
te Leiden.
Eind juli 1970 Met Adrienne, en twee zoons Jan
Maarten en Mauk en onze hond Tref een rondtocht om de Mont Blanc gemaakt. Hut
naar hut. De hond mocht niet in de hut en moest buiten slapen . We zijn begonnen
in Chamonix en eerst in Noordelijke richting naar Italië en vandaar weer terug
naar Chamonix. Prachtige tocht geweest
l-

Links:Vader met twee zoons en hond. Rechts: Adrienne, Mauk en Tom voor Italiaanse hut
17 augustus 1970 Enkele bespiegelingen over het
onderwijs: L'expérience ne se transmet pas.
1. De universiteit.. moet opleiden tot kritische wetenschapsmensen die zich
bewust zijn van de rol die hun wetenschap in de maatschappij kan spelen".
Het tegenwoordig instituut dat zich belast met het hoger onderwijs
beantwoordt niet aan deze definitie.(Nota Veringa, pg. 2, 27 juni 2969, Nieuwe Uitleg, 's Gravenhage).
2 De studenten, groot gebracht in
het paternalistisch onderwijs willen
eigen verantwoordelijkheid, inspraak, medezeggenschap etc. zonder precies te weten wat dit voor hun betekent.
3. De paternalistische relatie docent-student van de tegenwoordige
Universitaire struktuur moet plaats maken voor een mogelijkheid tot het
uitwisselen van kennis en inzicht tussen individuen, behorende tot de
Universitaire Gemeenschap.
4.
Deze Universitaire Gemeenschap - in staat gesteld door de tegenwoordige
maatschappij om haar werkzaamheden te vervullen heeft een dienende taak
t.o.v. de menselijke samenleving.
5. Personen, die deel uitmaken van deze Universitaire Gemeenschap zullen het
tot hun eerste plicht moeten rekenen om de verworven kennis en inzicht ten
dienste te stellen van de samenleving en niet als middel om hun eigen
maatschappelijke status meer allure te geven.
6. Dit verantwoordelijkheidsgevoel, of beter gezegd, deze mentaliteit, is
van essentieel belang om te komen tot een samenleving, die er niet op gericht
is om zich ten koste van de ander te verrijken.
7. Om deze mentaliteitsverandering tot stand te brengen is het
in de eerste plaats nodig,
dat een mogelijkheid wordt gecreëerd om ons op experimentele wijze te
oefenen in dit democratische denken.
8. Dit democratische denken kan worden gestimuleerd indien de leden der
Universitaire Gemeenschap elkaar respecteren en naar elkaar willen luisteren,
zonder dat condities voor dit luisteren van te voren eenzijdig worden
opgesteld.
9.Vervolgens zal moeten worden geprobeerd elkaar·te stimuleren, dat van een belangen-gemeenschap gesproken
kan worden.
Alleen dan is een optimale kennis overdracht mogelijk en heeft de overgedragen kennis de mogelijkheid om het geestelijk eigendom
van de ander te worden en tegelijkertijd inducerend te werken, zodat
tevens een kennisoverdracht in omgekeerde richting mogelijk wordt gemaakt.
10.
Er is voor de tegenwoordige samenleving geen ander alternatief dan de
gelegenheid te bieden voor dit experiment om op deze wijze uit te vinden waar
de nieuwe grenzen liggen, waar nu eenmaal niemand buiten kan.
28 augustus Teach-in :
Indonesië Imperialisme in Zuid- oost Azië. Neo-kolonalisme en Vrijheidstrijd.
In een brochure heb ik een artikel geschreven:
Wie slepen de grondstoffen weg? Indonesië
is een van rijkste gebieden ter wereld wat betreft delfstoffen: Petroleum,
Tin,Bauxiet, Nikkel, Koper, Goud, Zilver, Mangaan Diamant, Kolen en Kwik.
In Vrij Nederland heb ik aan de journalist P.E. (Paul) de Hen vele van
deze gegevens verstrekt over de oliewinning in Indonesië, vooral betreffende rol
die de grote oliemaatschappijen daarbij spelen zoals Shell en Japex. Er kwam een
halve bladzij vullend artikel met als kop : JAPEX en SHELL. DE SLIMME EN DOMME
SCHURK. Hoe groot zijn de bodemschatten van Indonesië. Dit artikel viel niet
bepaald in de smaak bij de SHELL en de hoofdredacteur Rinus Ferdinandusse van
Vrij Nederland zette in een klein kader de volgende week een rechtzetting over
dit artikel met excuses aan de SHELL dat het artikel van Paul de Hen
onterecht de goede eer en naam van dit bedrijf heeft aangetast

September 1970 familie foto van alle neven en nichten bij Kraantje Lek, vlnr. Francine, Mauk, Sophie, Sam, Henriette, Marceline, Mariette, Daniel, Jan Maarten
3 september 1970 2e vergadering te Leiden, van de discussie
groep van het Genootschap voor den Rechtsstaat en
de Studentvereniging voor Internationale betrekkingen
Aanwezig de heren Kappeyne van de Coppello, de Jong Schouwenburg;
de Booy, van Benthem van den Berg, Claassen, Fortgens en Stroink
Naar aanleiding van stellingen ingestuurd door de heren
Elshof, Stroink, de Booy en de Jong Sehouwenburg werd er gediscussieerd
. Uitgaande van het algemene probleem hoe de mens gecreëerd wordt in zijn leef-
en leersituatie, spitsten wij
ons gesprek toe op de situatie in de universiteit, dit enkel
en alleen op grond van het feit,dat
die situatie het merendeel der groep
het meeat te nastaat. Bovendien, zo werd gesteld zijn de problemen overal zo groot, dat je beter
een analyse kunt geven vanuit je eigen situatie".
Hoe komen wij
25-27 september 1970 Congres Zuidelijk Afrika in Nijmegen. Geopol artikel over 'Goud en Zuid Afrika' ter bespreking in de economische werkgroep Congres B(L)AKING SOUTHEREN AFRICA
"Wie der Hirsch schreït nach frischem Wasser so schreitet seine Seele nach
Geld, dem einzigen Reichtum". (Karl Marx, Das Kapital I)
Hoe paradoxaal het ook moge klinken is goud - in vergelijk met andere
metalen zeer goedkoop. ($ 36,- per ounce op de vrije markt.) Dit komt
vooral door de druk die de Verenigde Staten op de vrije marktprijs uitoefent.
Zuid Afrika mag alleen goud op de vrije markt brengen "in an orderly manner" om
de lopende betalingen te dekken. In een brief van de U.S. Treasury aan de
Minister van Financien van Zuid Afrika, Dr. Diederichs, d.d. 23 december 1969
staat o.m. "That there is an understanding among Fund members generally that
they do not intend to initiate official gold purchases directly from South
Africa". Deze overeenkomst is op zijn minst gezegd onreglementair. Het kwam
voort uit bilaterale discussies tussen de V.S. en Zuid Afrika onder hevige druk
van de V.S. op Zuid Afrika en ook op de lidstaten van het Internationale
Monetaire Fonds. Het doet duidelijk inbreuk op het reglement van dit fonds, dat
stelt dat ieder lidstaat vrij is om goud te verkopen tegen de officiële prijs.
Ondanks de lage vrije marktprijs is de goud productie voor Zuid Afrika nog zeer
lonend. aangezien men de zwarte mijnwerker vrijwel geen loon behoeft te betalen.
In 47 mijnen van Zuid Afrika werkten in 1969 ruim 400.000 mensen. (364.151 niet
blanken, waarvan slechts 35% woonachtig in Z.A.) De omzet van deze mijnen
bedroeg in 1969 4100 miljoen gulden en er werd een netto dividend aan de
aandeelhouders uitgekeerd van ruim 644 miljoen gulden. Volgens de laatste
gegevens verdient een Bantu mijnwerker f 1100,-per jaar.
De totale kosten voor voedsel, medische zorg e.d. die door de mijn gratis worden
verstrekt, worden geschat op f 450,-- per jaar, zodat men uitkomt op een
salaris van f 1550,--. Het bestaansminimum wordt in Zuid Afrika geschat"
op f 3200. -- per jaar. Zou men overgaan tot een loon dat dit bedrag zou
halen, dan is het onmogelijk om dividend uit te betalen aan de aandeelhouders
van de mijnbouwmaatschappijen. Immers in 1969 werd 644 miljoen gulden uitbetaald
als dividend, d.w.z. gemiddeld f 1600.- per mijnwerker. De regeringen van
de V.S, ert Z. Afrika zorgen er in ieder geval voor dat in de naaste toekomst de
aandeelhouders op hun dividend kunnen blijven rekenen.

Professor Wertheim (1907-1998)
Welnu, het revolutionaire denken staat niet stil in
Nederland. Was de logische konsekwentie van Wertheims leus het bepleiten van
steun aan revolutionaire bevrijdingsbewegingen in de derde wereld om zodoende
voorwaarden te scheppen waaronder ontwikkelingshulp wèl effectief en zinvol kan
worden gegeven, de inmiddels met dit steunwerk opgedane ervaringen hebben
sommige groepen activisten in Nederland ervan overtuigd, dat ook dit werk nog te
kortzichtiger is. Ze zijn van mening, dat alle acties direct
gericht dienen te worden op de bestrijding van wat ondertussen de kern van het
probleem is gebleken te zijn, namelijk het kapitalistische economische systeem
hier ter plekke. Steunverlening aan de bevrijdingsbewegingen in de derde wereld
is in deze conceptie niet meer dan gesnuffel aan de rand. Een opvatting die zich
laat samenvatten onder de leus: "geen man en geen cent voor de
bevrijdingsbewegingen".
Om de betekenis van deze laatste slogan verder uit te werken is het aardig om
eerst weer twee en een half jaar terug te gaan en de argumentatie van Wertheims
stelling nog even op te halen. Vrij samengevat kwam dat hier op neer, dat
ontwikkelingshulp in feite zelden iets anders inhoudt dan het subsidiëren van
westerse concerns, die met behulp van dat geld de natuurlijke rijkdommen van de
derde wereld ten eigen bate exploiteren. De enigen in de derde wereld zelf die
daar wèl bijvaren zijn de regerende elites ter plaatse, die in ruil voor enige
vette kruimels hand- en spandiensten verrichten bij de leegplundering van hun
land. Deze plundering is extra aantrekkelijk, omdat de ontwikkelingshulp vaak in
de vorm van risicodekking bij buitenlandse investeringen wordt verleend. In dit
proces worden de vooruitzichten op een succesvolle sociale omwenteling steeds
geringer, omdat het buitenland zijn aldus verkregen belangen veilig stelt door
de plaatselijke paladijnen te steunen. De plaatselijke bevolking wordt door de
uitverkoop van de natuurlijke rijkdommen armer en armer. Daarom, zei Wertheim,
die zijn stelling sindsdien aan de hand van het Indonesische voorbeeld
konkretere inhoud heeft gegeven - geen man en geen cent voor ontwikkelingshulp,
zolang in de ontvangende landen geen revolutie heeft plaatsgehad die - zoals
bijvoorbeeld in China, Noord-Vietnam en Cuba - de voorwaarde schept voor een
werkelijke sociale en economische ontwikkeling in het land. Geen man en geen
cent voor reactionaire en corrupte regimes. In deze lijn doorredenerend ligt het
voor de hand om niet alleen- zoals Wertheim deed - ontwikkelingshulp te
bepleiten voor landen waar zulke revolutionaire omwentelingen wèl plaats hebben
gehad, maar ook om te trachten hulp op gang te brengen voor revolutionaire
bevrijdingsbewegingen die de corrupte en uitbuitende regimes nog omver moeten
werpen. Ook dat gebeurt al geruime tijd in Nederland. Organisaties als
bijvoorbeeld de Dr.Eduardo Mondlane Stichting en het Angola Comité bepleiten al
jaren Nederlandse regeringssteun voor bevrijdingsbewegingen in de Portugese
koloniën, en aangezien dit streven tot op heden geen overdonderend sukses
beschoren is, doen deze organisaties allerlei dingen zelf, die volgens hen
eigenlijk taak van de regering zouden moeten zijn, zoals het inzamelen en
verschepen van geld, medicijnen en boeken. Een groep als de Verenigde
Steungroepen voor het Zuidvietnamese Bevrijdingsfront verzamelt ondermeer geld
in, dat onvoorwaardelijk wordt afgedragen aan de Voorlopige Revolutionaire
Regering van Zuid-Vietnam, hetgeen impliceert, dat de Vietcong er eventueel
wapens voor mag kopen. Allemaal activiteiten, waarvan op het eerste gezicht
gezegd zal worden, dat zij een bijdrage leveren tot het scheppen van de
voorwaarden waaronder volgens Wertheim ontwikkelingshulp een zinvolle zaak kan
zijn. Ik zeg op het eerste gezicht, want bij sommige actiegroepen heeft
verdiepte analyse recentelijk geleid tot het verwerpen van de stelling, dat
derde wereld-activisten in Nederland zich dienen te concentreren op hulp aan de
bevrijdingsbewegingen. Het meest expliciet is dit voor zover mij bekend aan de
orde gekomen op het Zuidelijk Afrika Congres van de politicologie-studenten in
Nijmegen, nu ruim een week geleden. Weliswaar waren organisatoren en bezoekers
daar in meerderheid onwankelbare voorstanders van directe steunverlening aan de
bevrijdingsbewegingen, maar dit principe werd door een aantal congresgangers
toch voortdurend in discussie gesteld. Directe aanleiding hiertoe was het
pleidooi, dat de in Londen in ballingschap wonende blanke
Zuid-Afrikaanse journalist Basil Davidson - zojuist teruggekeerd van een reis
door de bevrijde delen van Angola hield voor steunverlening aan de
bevrijdingsbewegingen in Zuidelijk Afrika.

Links op de foto Basil Davidson op latere leeftijd
De geoloog dr. Tom de Booy: "Niemand
is zo rijk als ik, want ik ben full time guerrillero", zegt hij, sinds hij
vanwege de onverenigbaarheid van zijn onderwijskundige opvattingen met de Wet op
het Wetenschappelijk Onderwijs werd ontheven van zijn post bij het Geologisch
Instituut van de Universiteit van Amsterdam, en op wachtgeld werd gesteld,
attaqueerde Davidson bij die gelegenheid met de volgende stelling: misschien is
het inderdaad mogelijk, aldus De Booy, om de regeringen en maatschappijen die
deel nemen aan de uitbuiting van Mozambique uit dit gebied te verdrijven, maar
het is nuttig je te realiseren, dat een onvermijdelijk bijverschijnsel hiervan
zal zijn, dat enige tijd later dezelfde regeringen en maatschappijen zich ergens
anders zullen innestelen, met voor dit nieuwe gebied potentieel even onaangename
gevolgen als oorspronkelijk voor Mozambique. Weliswaar zal Mozambique daar wèl
bijvaren, en zal niemand het Frelimo kwalijk nemen, wanneer deze organisatie
binnen dit beperkte kader werkt, maar wie vanuit Nederland werkt doet er goed
aan de zaak in wijder perspectief te zien. Wie van hieruit Frelimo helpt, dient
te beseffen dat hij op datzelfde moment de rest van de derde wereld met een
zelfde probleem opzadelt. Dat probleem heet volgens De Booy 'kapitalisme'.
Desgewenst zegt hij dat met Lenin in de hand ("imperialisme is het
hoogste stadium van het kapitalisme"), maar hij wil het ook best in meer
eigentijdse termen uitleggen. Als voorbeeld mag dienen het Cabora Bassa-projekt,
het plan om in Mozambique, in de Zambesie-rivier, een reusachtige stuwdam te
bouwen. Dit plan wordt door de bevrijdingsbewegingen in Zuidelijk Afrika en door
onafhankelijke Afrikaanse staten, waarvoor Zambia als woordvoerder optreedt,
gezien als een sleutelprojekt in de militair-economische expansie in noordelijke
richting door het blok van blanke minderheidsregimes in Zuidelijk Afrika. Het is
één van de belangrijkste doelwitten voor Westeuropese actiegroepen die zich
volgens wat ik maar even het recept-Wertheim zal noemen opstellen, juist omdat
financiering en productie van de dam plaats vindt in samenwerking met
Westeuropese regeringen, banken en concerns. De kortzichtigheid van een direct
op Mozambique gerichte actie wordt volgens De Booy aangetoond op het moment dat
de actie succes heeft. Zo slaagden Zweedse actiegroepen erin de terugtrekking
uit het projekt af te dwingen van de Zweedse firma ASEA, met als resultaat dat
dit bedrijf bij wijze van compensatie belangrijke concessies in Zambia kreeg,
terwijl Frelimo nog even ver is als voorheen, aangezien het Duitse concern
Siemens het contract van ASEA overnam, zodat de dam er toch komt. Mocht de
Duitse actiegroep die op dit moment probeert om een terugtrekking van Siemens te
bewerkstelligen, succes hebben, dan zal ook Siemens - die nu eenmaal uit hoofde
van het winstmotief functioneert en dus produceren moet, zoal niet in Mozambique
dan toch ergens anders zijn activiteiten eenvoudig verleggen.
Voor De Booy betekent dit, dat het enige waaraan een linkse activist in
Westeuropa zijn schaarse uren dient te besteden het ontmantelen van
kapitalistische structuren in de eigen, Westeuropese omgeving. Een stelling, die
kan worden samengevat in de woorden "geen man en geen cent voor de
bevrijdingsbewegingen". Essentiëel is niet het met ethische of politieke
kriteria begeleiden van de activiteiten van concerns die zelf volgens
kapitalistische kriteria werken, want daartussen bestaat vanzelfsprekend een
onvermijdelijk discrepantie. Nee, van essentieel belang is het nu juist om een
einde te maken aan de kapitalistische productiewijze zelf. Hulpverlening aan de
bevrijdingsbewegingen betekent in deze gedachtengang niet meer dan het
bestrijden van de schaduw van het kwaad. Overigens is ook de synthese van de
dialectische tegenstelling tussen de stelling-Wertheim en de stelling-De Booy
inmiddels al gegeven, en wel door de man die in zijn argeloosheid de aanleiding
was geweest voor deze hele discussie, Basil Davidson. In een gesprek dat De Booy
met Davidson had na afloop van diens pleidooi voor hulp, bleek dat de laatste -
zeer tot verrassing van de eerste - veel voelde voor de stelling-De Booy.
Davidson had de kwestie echter niet willen aanroeren voor een publiek waarvan
hij niet meer zijn te weten, dan dat het de moeite had genomen de zaterdagavond
op te offeren aan een congres in een katholieke universiteit in een niet notoir
linkse streek, en waar de organisatie van materiële hulp één van de
belangrijkste werkzaamheden beloofde te worden. Zulke mensen, zo had hij
geredeneerd, moet je niet op het lijf vallen met al te radicale praat. Het
voordeel van het steunwerk is in elk geval, dat het meestal aantrekkelijk genoeg
is om mensen bij de zaak te betrekken, hetgeen op zich al winst is. Pas
vanuit die betrokkenheid en de daaruit eventueel voortvloeiende teleurstelling
is een verdieping van de analyse in de zin van Tom de Booy te verwachten.
Iedereen moet maar doen, waar hij op een gegeven moment juist aan toe is. Een
synthese, die op datzelfde congres al werd samengevat met Mao's stelling over de
duizend bloemen: ze moeten allemáál maar bloeien.
Dit artikel van Frits Eisenloeffel werd niet in het Handelsblad-NRC geplaatst om 'onvoorziene' redenen.
21 october 1970 Concentratie geologie in één landelijk instituut
DEN HAAG, 21 oktober. Minister Veringa heeft de knoop. van de geologische studie,
waar zijn voorganger Diepenhorst in 1966 al aan begon te tornen, doorgehakt. Aan
curatoren van de betrokken universiteiten heeft hij laten weten, dat hij
volgens het advies van de cornmissie-Doeglas zal handelen. Dit betekent dat de
bestaande studierichtingen in de geologie zullen worden opgeheven en samen zullen worden ondergebracht in één
landelijk geologisch instituut, dat in Utrecht zal worden gevestigd. Reden tot dat besluit zijn het geringe aantal studenten per universiteit (484
in totaal), de moeilijk te vervullen en kostbare Personeelsbezetting, de in
verhouding tot het rendement te hoge investeringen aan noodzakelijke apparatuur
en te weinig binnenlands emplooi voor afgestudeerden. De desbetreffende universiteitsbesturen en hoogleraren zijn
het met de minister op praktische gronden eens en bereid om aan de tot standkoming van het ene instituut hun medewerking te verlenen. Zij zijn het echter niet eens met de uitzondering, dat de Vrije Universiteit een zelfstandig geologisch instituut en Nijmegen optie houdt op een eventuele eigen leerstoel. Het is volgens hen een ongegronde bevoorrechting van de
bijzondere instellingen op politieke gronden, die met de 100 pct. subsidiëring
door het rijk niet meer kunnen gelden: "Als Groningen, Leiden, Utrecht en
Amsterdam in één instituut moeten worden ondergebracht, dan moet dat evenzeer
gelden voor Nijmegen en de VU. Er is geen bezwaar tegen en misschien wel aan
te bevelen, dat het ene instituut in twee vestigingen wordt ondergebracht, maar
dan onder één bestuur en met één onderwijs en onderzoekprogramma." Bezwaren
bestaan er volgens de directeur van het Leidse instituut, prof. dr. E. der Tex, ook tegen, dat
het instituut als subfaculteit zal verbonden 'blijven' aan de faculteit
van natuurwetenschappen en wiskunde.
De betekenis van de geologie wordt volgens prof. Den Tex ook onderschat.
Zij heeft niet alleen de gasbel in Slochteren ontdekt, maar zal ook een
essentiële bijdrage gaan leveren aan het milieubeheer. De 80 pct. van de geologen, die naar
het buitenland gaan, wil
hij niet zien als een investering ten gerieve van vreemde mogendheden, omdat de meesten in het ontwikkelingswerk terechtkomen
en bij terugkeer niet ten laste behoeven te komen van sociale zaken. Prof. Den Tex vreest wel voor de toekomst van de toch al
achterop geraakte geologie in Nederland, omdat dit besluit genomen is zonder een concreet plan voor het op
te richten centrale instituut. Het gevaar is volgens hem niet denkbeeldig,
dat oude instituten ontmanteld worden, terwijl het nieuwe instituut het
werk nog niet kan overnemen. Op een vergadering, van het instituut te Leiden, waaraan docenten en
studenten deelnamen, is deze week een resolutie aangenomen, waarin
medewerking afhankelijk wordt gesteld van de volgende voorwaarden
• alle universiteiten, ook de VU, moeten worden ingeschakeld bij
het Centraal Instituut;
• onderwijs- en onderzoekprogramma's - moeten worden samengesteld door één uit de instituten gevormde raad;
• met de personeelsbezetting mag pas worden begonnen als de
studieprogramma's zijn vastgesteld;
• de instituten moeten worden betrokken bij de bepaling van de overgangsmaatregelen.
October 1970. Aangetekende brief van College van Curatoren met bericht dat T. de Booy eervol ontslagen zal worden op 1 december 1970
Zeer geachte Heer De Booy,
In het bezit van Uw schrijven van 10 maart 1969 en onder verwijzing naar het
gevoerde overleg, delen wij U, ter bevestiging van hetgeen reeds telefonisch met
U werd besproken, mede, dat wij hebben besloten U per 1 december 1970 eervol
ontslag te verlenen uit Uw betrekking van wetenschappelijk hoofdmedewerker in
dienst der Universiteit van Amsterdam. Een afschrift van het desbetreffende besluit, waarin de redenen die tot dit
ontslag hebben geleid zijn weergegeven, doen wij U hierbij toekomen, waarbij wij
U er, ingevolge het voorschrift in artikel 87, lid 16, van het
Ambtenarenreglement op attent maken, dat U binnen 30 dagen na de datum van het
besluit; beroep kunt instellen bij de Commissie van Beroep, p.a. Mr. J.D.van
Ketwich Verschuur, kamer 26, Raadhuis, Amsterdam.
Een afschrift van het besluit, waarbij U wachtgeld wordt toegekend, zult U
een dezer dagen van ons ontvangen.
Hoogachtend, Curatoren der Universiteit Amsterdam,

5 november 1970 Bericht van ontslag: Uittree bericht Universiteit Amsterdam 1.12.1970 wetenschappelijk medewerker eervol ontslag .1969 40.391.10. Zorgvuldig bewaren in verband met pensioen
27 november 1970 artikel in Parool : Tom de Booy verklaart universiteit de
oorlog. "Je leidt couveusekindjes voor de directiestoel op "
Baarn. Tom de Booy heeft de oorlog verklaard aan de Universiteit . Hij ziet
het niet meer zitten en daarom heeft hij met ingang van 1 december eervol "de
laan" laten uitsturen als wetenschappelijk hoofdmedewerker aan het geologisch
instituut in Amsterdam.
Zijn studenten kunnen nog één keer naar hem luisteren. Want maandag houdt dr. Tom de Booy zijn
afscheidscollege. "Ik speel de komedie tot het eind toe mee".Deze
ex-bergbeklimmer, Maagdenhuisbezetter en volleerd actievoerder gelooft niet, dat
hij het studentenvolk zal missen. "Ze zijn mijn vijanden geworden", zegt hij.
"Ze zijn de toekomstige directeuren en ze zien dat ik hun positie aantast. Aan
de universiteit leid ik couveusekindjes op voor een directiestoel bij Philips, Unilever en Shell. En dat verrek ik". Het begin van de
ontslagkwestie·de Booy was eenvoudig. Deze wetenschappelijk hoofdmedewerker weigerde langer loyaal te zijn tegenover zijn chefs. Een besluit dat volgde, nadat
hij had geconcludeerd dat het verkeerd zit met de universiteit en met alles in
de wereld.
Geoloog
Om zijn gewetensconflict te verduidelijken gebruikt Tom de
Booy een definitie van minister Veringa.
Hij zegt over een universiteit dat zij kritische
wetenschapsmensen moet opleiden, die zich bewust zijn van de rol die hun
wetenschap in de maatschappij kan spelen. "Als ik dat vertaal voor een geoloog,
kom ik bij de wijze waarop de olie- en boormaatschappijen. hun rol spelen. En
dan blijkt steeds weer, dat ons systeem fundamenteel fout is. Als wij één
gulden belastinggeld uitgeven aan ontwikkelingshulp, komen er twee of drie
guldens via bedrijven terug. En niet bij de mensen in hun totaliteit, maar bij
de aandeelhouders. Ook in Nederland wordt de kloof tussen arm en rijk steeds
groter. Daarvan kun je Nelissen de schuld geven en anderen,
maar of zij er wat aan kunnen doen. Er zijn namelijk hogere
krachten dan de gemeenteraad, provinciale staten en Tweede Kamer die
uiteindelijk beslissen. Om er ééntje te , noemen: Hoogovens. Het gaat om het scherpste zwaard van
het kapitalisme. En dat is geld. Directeuren moeten hun bedrijven
winsten laten maken. Anders worden de aandeelhouders ontevreden en trekken zij hun
geld terug. Het gevolg kan zijn dat er honderden mensen zonder werk op straat
staan. Nou zeggen ze dat de universiteit gericht moet zijn op de economie. Ik
ben als wetenschapsmens wakker geworden. Ik leid geen studenten meer op voor een
maatschappijstructuur die zeker tot 1980 hetzelfde blijft. Ze moeten mij eens
vertellen wat er voor verschil is in onderdrukking tussen een bejaarde in
de Rijnmond ,en een man in Zuid-Afrika.
Eén pot nat
Tom de Booy wil duidelijk stellen dat hij niet voor het communisme kiest, want dat vormt met
kapitalisme één pot nat. "Japanse, Russische, Franse en Engelse firma's gaan
samen in Siberië koper exploiteren". Wat hij wil bereiken, is dat iedereen aan
kritische analyse gaat doen. De conclusie moet dan zijn: "Ik kan me niet meer
solidair verklaren met de structuur in de wereld". Jarenlang heeft Tom de Booy meegelopen in het universitaire
gareel. Toen zag hij het nog anders en werd hij aanvaard. Zijn verklaring
daarvoor: "Wanneer je kritiek hebt op het systeem en de grondvragen van het
fundament met rust laat, dan ben je welkom in dat systeem. Daar is een enorm
grote marge. Maar het gekke is, dat je gaat ontdekken, dat de problemen dieper liggen. De antwoorden die je op je
vragen krijgt, bevredigen je niet
en je gaat door met vragen. Als je dan bij de essentie bent aangeland valt
van de ene dag op de andere de bijl. En waar je het op laat afknappen, is soms
maar één woordje. De grote crisis van dit moment is, dat je inwendig het
vertrouwen hebt opgezegd. Een universiteit krijgt geld van de gemeenschap en
moet dienen door de gemeenschap en geen bedrijven bevoordelen door bepaalde
dingen wel naar voren te schuiven en andere niet. Maar het probleem is dat de mensen met de goede bedoelingen steeds
voor een grote muur staan".
Tom de Booy verklaart dat hij bereid is om tot het uiterste
te gaan om tegen misbruik van de wetenschap te·waken. "Ik laat me niet
afslachten en ik doe geen water in de wijn. Het kan niet zo doorgaan. Als je in
een Amerikaans blad leest over Vietnam dat er in een gebied als Californië tien
miljoen kogels zijn afgevuurd .... ".
Christus
Nu heeft Tom de Booy besloten overal lezingen te gaan houden om zo te werken
aan het bewustwordingsproces van de mensheid. Hij zegt: "Ik verwerp
machtspolitiek en ik geloof heilig in de democratie. Maar ja .... ik ben een
egoïst. Eén van de drieëneenhalf miljard in de wereld. Als je gelooft, kun je
zeggen, dat er pas één man is die het lidmaatschap op dat egoïsme heeft
opgezegd. Dat was 2000 jaar geleden en die man heet Christus".

Tom de Booy tijdens zijn afscheidscollege 30 november 1970 Vlnr: vooraan: Montfrans,
Jan Bresser en zijn vriendin Anneke Zwart. Eerste rij van de collegebanken: Mijn
zuster Elsbeth, mijn zoon Jan Maarten, mijn Vader, Boudewijn Chorus, Hugo van
Rijn, ?, ?. Tweede rij: Frits Eisenloeffel,
prof Hospers, prof van Bemmelen, Bollegraaf, achter Bollegraaf Jan Smit.

Frontblad afscheidscollege 30 november 1970: Waar gaat onze aarde naar toe? Onderschift. Profiellijn overgenomen van de reconstructie tekening van de vulkaan Krakatau van de uitbarsting van 1883
WAAR GAAT ONZE AARDE NAAR TOE?
Verklarende tekst bij de dias geprojecteerd tijdens het afscheidscollege van
Dr T. de BOOY op 30 november 1970 te 16.00 uur, Geologisch Instituut van de
Universiteit van Amsterdam.
I . Ontstaan en vergaan van onze aarde.
Waar komt. onze aarde vandaan en waar gaat onze aarde naar toe, zijn vragen
waarop we geen antwoord kunnen geven. Wij zijn echter als geologen verplicht
om hier over na te denken.
De
gemiddelde levensverwachting voor de westerse mens is 600.000 uur (70
jaar). De ouderdom van de aarde is 43.800 miljard uur (4.5 miljard jaar). Onze aarde zal vermoedelijk over 10 - 15 miljard jaar een
oppervlakte temperatuur krijgen van tenminste 10000 C. Dit
komt doordat de zon, na een groot deel van haar energie te hebben verbruikt zal
uitzetten, om vervolgens weer in te krimpen totdat het vuur voor altijd zal zijn
gedoofd. Voor zover er nog iets van onze aarde over is, zal zij haar reis als
koud kosmisch stof vervolgen.
2. Opsporen van delfstoffen. De geoloog houdt zich bezig met de reconstructie van de geschiedenis van onze aarde en tracht o.m. met
zijn kennis delfstoffen op te sporen, die van belang kunnen zijn voor de
samenleving. Hij dient zich daarbij voortdurend bewust te zijn van de rol, die
zijn geologie in de maatschappij kan spelen. (naar nota Veringa, pag. 2, 27 juni
1970, 's-Gravenhage).
3. Jonge rivierinsnijdingen geven een goed inzicht van oude aardlagen
De oudste gesteenten van de continenten zijn 3.5
miljard jaar oud (dus jonger dan de gesteenten, die men kort geleden op de maan
heeft aangetroffen van 4.5 miljard jaar). In de Grand Canyon zijn in de
diepste delen van de jonge insnijding van de Colorado rivier, gesteenten
aangetoond die een leeftijd hebben van tenminste 2 miljard jaar, direct bedekt
door gesteenten met een ouderdom van slechts 1/2 miljard jaar. Een dergelijk
tijdshiaat (1 1/2 miljard jaar) laat veel ruimte over voor speculatie.
4. De opheffing van het Himalaya gebied gaat nog steeds door.
Aanwijzingen hiervoor zijn het verder uitdrogen van de zoutmeren ten noorden van
de Himalaya en de toename van het puin, dat door de rivieren zoals de Ganges en Indus naar de Indische Oceaan wordt
getransporteerd.
5. De gesteenten van de continenten zijn oud en die
van de oceanen zijn jong.
Grote hoeveelheden puin afkomstig van
de hoge bergen worden door middel van rivieren en troebelingstromen afgezet op
de jonge bodem van de oceaan in de vorm van grote puin waaiers.
6. Geologische ongelijkheid.
De oppervlakte van onze aarde kan grof weg worden onderverdeeld in continentale gebieden (30%) en
oceanische gebieden (70%). Om dit verschil te
verklaren heeft men
verschillende theorieën ontwikkeld.
7. Continentale drift theorie.
Ten gevolge van horizontale
bewegingen zijn grote delen van continenten uit elkaar gescheurd. Deze theorie
is voor het eerst geponeerd door A. Snider in 1855, die een kaart heeft
gepubliceerd, waarbij de continenten van Noord- en Zuid Amerika aan Europa en
Afrika zouden hebben vastgezeten en tengevolge van horizontale bewegingen uit elkaar
zouden zijn gedreven. Een theorie, die tegenwoordig weer veel opgeld
doet.
8. De onderzochte bergruggen der oceanen vormen de jongste delen van de der
oceanen.
Tussen deze uit elkaar gedreven continenten ligt de
mid-atlantische rug. Deze onderzeese bergketen maakt deel uit van een wereld
omspannend systeem (Worldrift system).
9. Het Afrikaanse continent wordt verbrokkeld, resp. uit elkaar gescheurd.
10. Het uit elkaar gescheurde gebied van Egypte tot Israël.
11. Ten noorden van de Nijl delta bereikt de Middellandse zee diepten van 3000
meter
12. Het raadsel van Gibraltar.
Tussen het vroegere Laurasia en het Gondwana continent heeft een uitgestrekt marien gebied gelegen, dat men
aanduidt met de naam Tethys. Dit gebied is ten gevolge van belangrijke
horizontale bewegingen verdwenen, zodat de twee continentale gebieden
momenteel aan elkaar grenzen. Ongeveer op de plaats waar het lidteken van deze
vroegere oceaan is gelegen (Tethys) hebben zich in de jongste geologische
geschiedenis èen aantal oceanische bekkens gevormd, die we aanduiden met de geografische naam: de
Middellandse Zee. Het directe verband van deze jonge structuur met de vroegere geschiedenis is helaas niet duidelijk.
13. De geboorteplaats van Homo "Sapiens".
De aarde van 200.000 km afstand ziet er uit als een onbewoonde planeet. Men
neemt aan dat zon 3000 miljoen jaar geleden het organische leven begon. Pas 1
miljoen jaar geleden deed de mens zijn intrede. In Genesis 1-26 staat te lezen
dat deze mens de heerschappij moet hebben over de vissen der zee, over het
gevogelte des hemels, over het vee,
over wilde dieren, en over al het kruipend gedierte der aarde. Met behulp van de volgende dias lijkt het
als of men nog een zin vergeten heeft, nl. dat de mens deze heerschappij
ook toepast op zijn medemens. De mens heeft door de tijden heen steeds geprobeerd om aan de aarde verschillende delfstoffen te onttrekken, die hem mede in staat stelden zich in stand te houden. Het lijkt wel of deze zelfde
delfstoffen hem momenteel in zijn bestaan bedreigen. De geologische ongelijke verdeling van deze delfstoffen in de aardkorst brengt
grote problemen met zich mee. De rechtmatige verdeling van deze delfstoffen is
volkomen mislukt. Het heeft geleid en leidt nog steeds tot moord en doodslag.
14. Gold! yellow, glittering, precious gold, Thou common whore of
mankind (Shakespeare)
In 1969 werden in de "free world"100.000 goudstaven (12 1/2 per staaf)
geproduceerd, hiervan neemt Zuid Afrika er maar liefst 80.000 voor zijn rekening.
De omzet van 47 goudmijnen in Zuid Afrika bedroeg ruim 4 miljard gulden. In totaal zijn in deze mijnen ruim 400.000 mensen
werkzaam.
15. Apartheidspolitiek biedt onbeperkte mogelijkheden voor
het in dienst nemen van arbeidskrachten, die men nog minder dan elders behoeft
te betalen voor het afgeven van hun enige bezit: ARBEIDSKRACHT.
16. Mijnwerkers verrichten hun arbeid in de goudmijnen van Zuid Afrika soms
3000 meter onder de grond
De 360.000 zwarte mijnwerkers ontvangen hiervoor een vergoeding ter waarde van
f 1600.- per jaar (inclusief voedsel, medische zorg, woning). Volgens de recente onderzoekingen betekent dit de helft van het bestaansminimum in
de goudmijnstreek van Johannesburg.
Hiervan zegt R. S. Cooke, President van de "Chamber of Mines" van Zuid
Afrika in zijn jaarrede op 23 juni 1970:
"These cash wages are low in comparison to those paid to skilled white workers , and lower than the
South African average for African workers
in secondary industry, but food, lodging and medical car are provided free and
make it possible for the Africans on the mines to save or send home substantial
sums of
money which are an important factor in the economy of the
tribal territories"....(onderstreping van redactie)
Zou men echter overgaan tot een verhoging van het salaris tot het
bestaansminimum voor de Bantu mijnwerkers, dan kan er geen dividend
worden uitgekeerd aan de 3 aandeelhouders, immers in 1969 betaalden de
gezamenlijke een netto dividend uit van 644 miljoen gulden, dat is
gemiddeld f 1600 per mijnwerker.
De regeringen van de westerse wereld, inclusief Nederland zorgen er
echter voor dat in de naaste toekomst de aandeelhouders op hun dividend kunnen
blijven rekenen.
17. Tenminste 6000 jaar wordt koper door de mensheid gebruikt
Het wordt meestal bovengronds gewonnen. De koperproductie in de wereld in
1969 was 5.8 miljoen ton, waarvan de V.S. de grootste producent met
1.4 miljoen ton. Desondanks moeten de V.S. nog een aanzienlijke
hoeveelheid aan koper importeren.
18. De tragiek van de koper exporterende landen.
De twee grootste koper exporterende landen zijn Zambia (719.000 ton) en Chili (680.000 ton), verder nog Congo (361.000 ton) en Peru (208.00
tori). Dramatisch zijn de politieke ontwikkelingen in
de laatste tijd voor deze landen. De koperprijs wordt gecontroleerd door de 4 grootste koperconcerns van de wereld, t.w. ANACONDA, KENNECOTT, .ASARCO en PHELPS DODGE. De prijs op de vrije markt in
Londen is van 750 pond in april, omlaag geschoten naar 445 pond in november
1970. Dit is natuurlijk catastrophaal voor landen zoals Zambia c.n Chili.
Zambia is maar liefst voor 97% van zijn export afhankelijk van
koper, terwijl Chili voor 75%. Onlangs heeft Sir RonaId Prain van het mijnbouw concern HST medegedeeld dat
het aandeel van deze exportlanden in de koper wereldhandel in de volgende
jaren omlaag zal gaan van 72.1% naar 61. 5% (in 1975). Of zoals
de president van de grootste koper maatschappij Anaconda, C.J. Parkinson eind vorige maand heeft gezegd
(Mlining Journal, october 30, 1970); ...that nationalisation of domestic mining in the
industries by the Cipec mcmbers (Chili, Zambia, Congo, Peru) will accelerate coppcr developments in
"more stabIe" areas in world"...
19. Dankzij de ontwikkelingshulp kan het westen zich steeds beter ontwikkelen
ten koste van de ontwikkelingslanden
Wat zijn nu de "stable areas" van Parkinson? Een goed voorbeeld hiervan is de grootste koperberg van de
wereld in West Irian (voor het
eerst ontdekt door de Ned. Exp. onder leiding van Colijn in 1936), met een
reserve van 33 miljoen ton erts met een gehalte van 2.5% koper, 40.6% ijzer en 4 dwt. goud en 0.3
oz/ton
zilver. De
exploiterende maatschappij is Freeport Sulphur. De investering
nodig voor dit project is 135 miljoen dollar. Japan zal 75% van de
productie afnemen in de jaren 1973-1986. Freeport Sulphur heeft nauwe relaties met Texaco, die grote belangen
heeft bij de olieproductie in Indonesië, getuige hiervan zijn de 4 gezamenlijke
commissarissen. Hoe het financiering systeem hier werkt wordt duidelijk gemaakt in het commentaar van het blad
Mining Journal, juni 26, 1970, p. 589..."More important, for
future projects, however, is the demonstration of cooperation between thc
Indonesian Government and Freeport Sulphur and the support of the projects (in
the form of guarantees against expropriation, currency in convertability,
etc.) by the U. S. and German government agencies".....Volledigheidshalve zei
hier vermeld dat ook Nederland deze exploitatie met een bedrag van 14 miljoen dollar steunt.
20. Nieuwe Wingewesten voor de olie-industrie Indonesië .
De vooruitzichten voor de oliewinning in Indonesië zijn voor de. westerse
wereld zeer gunstig en wel om de volgende redenen:
1. stabiele politieke situatie. 2. laag zwavel gehalte van de olie (in belang tegen de luchtverontreiniging)
3.zeer grote reserves. (vermoedelijk even groot als in het Midden Oosten). Momenteel is de productie ruim 1 miljoen vaten per dag, maar men verwacht in
de naaste toekomst een dagproductie van 3 miljoen vaten (Net zoveel als Libië
momenteel). De grote afnemer van deze olie is Japan. Momenteel gaat 47% van de
Indonesische olie naar Japan. Alle grote oliemaatschappijen zijn zeer actief met de exploratie vooral in de
Zuid Chinese Zee (gebied gelegen tussen Borneo (Kalimantan), Sumatra, Malakka en
ten Noorden begrensd door Vietnam). Onze eigen SHELL heeft helaas voor
haar aandeelhouders op het gebied van de exploratie in Indonesie achter het net
gevist. Bij
een vraag van de ASVA om deel te nemen aan een teach-in over Indonesië
eind augustus 1970 zei de SHELL hierover telefonisch:"In Indonesië speelt
SHELL geen rol van weinig betekenis".Het behoeft nauwelijks betoog, dat de V.S. en Japan alsmede West Europa tegen
geen enkele prijs bereid zullen zijn om hun invloedsfeer in Zuid Oost Azië op te geven. Een ieder die zich dit realiseert heeft meer
"begrip" voor de Amerikaanse politiek in Zuid
Oost Azië. Nog duidelijker wordt het als men Ian Mac Gregor (president
American Metal Climax) aanhoort (Mining Journal, oct. 9, 1970, 'p. 309-311):
..."Bearing in mind that it is the private sector which will continue to be
relied on the search for develop and produce minerals in the U.S. it is hardly
to be wondered that leaders of America's mining industry have been stressing the need for governement co-operation in tax incentives and depletion allowances.
There is no doubt however, that as the U.S. has had to·come to terms with its heavy
worldwide involvement in the general political and economic sense so.now there
are signs of a greater readiness by government to view the whole mineral
situation in an international context. Indeed there is understood to be an
influential U.N. Lobby in Washington which has been getting support in STATE
DEPARTMENT CIRCLES in its efforts to promote the concept of international
commodity agreements to help sustain the economic of the developing countries".
Interessant in dit verband is om te zien hoe Nederland soortgelijke zaken regelt. De Minister van Ontwikkelingssamenwerking drs B.J. Udink heeft Indonesië een lening aangeboden van 43.4 miljoen
gulden, o.m. om te besteden aan de afbouw van het elektriciteitsbedrijf te Mantung op het eiland Banka ten behoeve van de energievoorziening voor de
tinwinning. Gelden afkomstig van de Nederlandse belastingbetaler worden besteed
projecten, die een grote steun betekenen voor de maatschappijen, die zich met de exploitatie
van tin bemoeien zoals de Billiton Mij (kort geleden
opgekocht door de SHELL). De winsten, die vervolgens gemaakt worden vloeien naar de aandeelhouder.
21. Per dag worden er op deze wereld 44 miljoen vaten ruwe olie gewonnen en
over 10 jaar zal dat bijna het dubbele zijn.
22. Gouden tijden voor de bezitters van mammoettankers.
Tengevolge van de schaarste in brandstof in de westerse wereld is er een onvoorstelbare vraag naar laadruimte voor ruwe olie. De SHELL heeft de
grootste particuliere tankschepenvloot. Die vloot komt overeen met 1/6
van het wereldtonnage aan tankschepen en is groter dan de gehele koopvaardijvloot van de V.S. De hoge
wereldprijzen voor de ruwe olie blijken in sommige gevallen te leiden tot abnormale hoge winsten. Zo verdiende de Griekse reder Aristoteles Onassis met een tanker op een reis 4.2 miljoen dollar,
ongeveer 1/3 van 4e kosten van het schip. (Newsweek, oct. 19, pag. 42, 1970).
23. Milieuverontreiniging is geweld.
Op pagina 17 van the Oil en Gas Journal van juni 29, 1970, staat heel duidelijke taal: POLLU TION WON'T BE A DIRTY
WORD ANYMORE
IF YOU CAN MAKE A PROFIT OUT OF IT. De lijst van milieuverontreinigende stoffen
wordt steeds
groter. Sommige zijn kankerverwekkend (nikkeloxide) en andere kunnen zelfs schadelijk zijn op het erfelijke materiaal van de levende cel (zwavel
dioxide). Zwangere vrouwen worden aangeraden geen vis te eten, die gevangen
worden gevangen in de kustwateren of in zoetwater. Het water bevat veel
kwikverbindingen, die worden opgehoopt in de vis.
Het Nederlandse autoverkeer verspreidt jaarlijks ongeveer 800.000 lood. Nieuw binnengekomen op de
"hitlijst" is cadmium (slecht voor de nieren)
(Budel, Billiton). Zeer interessant is om te zien hoe Amerika, door strenge maatregelen bij de
koper raffinage, zijn koper nu elders (in West Europa ) laat raffineren en
daarna weer terug invoert, getuige hiervan is het volgende citaat:
.... "possible future legislation is already having some effect on copper smelting
activities and has led some U.S, companies to ship copper in concentration overseas for smelting and refining on
a reverse toll basis ". september l8, 1970, Mining Journal p.241). De zgn.
"Muskie Bill ("Muskie is een Amerikaans senaatslid) wordt zeer
gevreesd door de industrie. Hierover uit hetzelfde artikel het volgende citaat:
It has been pointed out that as it stands it would for all intents and purposes eliminate coal as a source of fuel for
electric energy. This is seen to be the case because of proposals that zero
tolerences should be established for such trace metals as beryllium,
cadmium and mercury. It has been this and some other elements of the Muskie Bill,
... that has prompted one senator to comment "we
need pollution controls but we don't need to wreck the economy to install
them"...
Een ieder die zich inzet voor de strijd tegen de milieuverontreiniging zal het vroeg of laat moeten ontgelden. Zo heeft president Nixon op 25 november 1970 zijn minister van
Binnenlandse
Zaken, Walter J. Hickel, op staande voet ontslagen, zonder
de gebruikelijke dank voor bewezen diensten. Volgens de correspondent E.G. Lechman
van de NRC-Algemeen handelsblad van 26 november 1970 zou een zwaar wegende reden van het ontslag zijn geweest, dat Hickel, die
gouverneur van Alaska is geweest, tegen alle verwachting in de zorg voor het
leefmilieu zeer ernstig opvatte en daarbij veel industrieën voor het hoofd stootte. Bijvoorbeeld na het lekken bij oliebronnen in zee voor de kust van
Californië nam hij besluiten, die bij de olie-industrie verzet wekten.
24. Een blauwdruk van de westerse wereld voor de toekomst :de verdeling van de
wereld energie in 1980
De consumptie van ruwe olie in 1970 wordt geschat op ongeveer 45 miljoen vaten en in 1980 op
83 miljoen vaten, Dit betekent, dat in de volgende
tien jaar net zoveel zal worden geconsumeerd als in de laatste 110 jaar. De aangetoonde economisch winbare reserves
nemen echter nog sneller toe,
zodat in 1980 er olie genoeg zal zijn. Zo wordt verwacht dat in 1980 52% van de energie komt van ruwe olie. Het aardgas zal in de volgende tien jaren toenemen en in 1980 18.l% van de energie leveren. De kernenergie in 1980 bedraagt slechts
3.4%. Hoe is met de verdeling van de energie in 1970 over de wereld en hoe zal
deze zijn in 1980. De vergelijking van deze cijfers zal ons een inzicht verschaffen omtrent de verandering in de verdeling de rijke en arme landen. De cijfers tonen aan,
dat Lat. Amer., Afrika, M.Oosten in 1970 10.6% van de totale beschikbare energie zullen gebruiken en in 1980
10.5%. Dit mag op het eerste gezicht een stilstand betekenen in de steeds groter wordende kloof tussen rijk
en arm, maar indien we ons realiseren dat de wereldbevolking in de ontwikkelingslanden veel sterker zal toenemen ziet het er
dus naar uit, dat de kloof steeds groter zal worden.
25. "Gaat heen en vermenigvuldig U"
Op grond van de jongste berekeningen zal de wereldbevolking van ruim
3.6 miljard in 1970 tot ruim 4.4 miljard in 1980 bedragen. De sterkste groei
zal in de minder ontwikkelde gebieden plaats vinden. Elke minuut
worden in de ontwikkelingslanden twee honderd kinderen geboren, maar veertig
van hen sterven binnen een jaar. Vergeleken met hun Europese en
Noord-Amerikaanse leeftijdsgenootjes is hun sterfkans
twintig tot veertig keer zo groot. De situatie is des te alarmerender wanneer
wij ons realiseren, dat op onze wereld driekwart van de kinderen onder vijftien
jaar - bijna een miljard - in ontwikkelingslanden leven. Aldus een rapport van de Ver. Naties De
Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling
(OESO) constateert, dat het Westen in 1969 zijn uitgaven voor de
ontwikkelingshulp in vergelijking met 1968 heeft verhoogd, maar
dat de rijkdom van het Westen echter nog sterker is toegenomen. Relatief is
de ontwikkelingshulp dus verminderd.
26. Wetenschap in dienst van de wapenindustrie
Sinds 1965 is onze Westerse wereld er in geslaagd om 10 miljoen ton
explosieven (= 500
Hiroshima atoombommen) in Zuid-Oost Azie tot ontploffing te brengen en in 1968
tot het aanleggen van 2.6 miljoen bomtrechters voornamelijk in landbouwgronden. Het Zweedse polemologische instituut SIPRI is tot de conclusie gekomen dat
de nucleaire wapenvoorraad nu zo kolossaal is dat de hele wereldbevolking met
een lading van 15 TNT per persoon opgeblazen kan worden. Als men elke seconde
een dollar munt zou laten vallen zouden er 260.000 jaar voor nodig zijn om
door al het geld te komen, dat tegen 1980 aan bewapening in de wereld zal zijn
uitgegeven (UNESO rapport).
De Nederlandse industrie zal in de toekomst een steeds belangrijke bijdrage leveren voor de bewapening van de Westerse
wereld. Zo lazen we in de NRC-Algemeen Handelsblad van 29 oktober 1970 dat :PHILIPS met AEG-Telefunken
(Duitsland, werkt mee aan de Cabora Bassa dam in Mozambique), Hughcs Aircraft
International (V.S.), Marconi (Engeland), Selenia (Italië) en Thomson-CSF
(Frankrijk) een consortium heeft opgericht, dat een aandeel wil leveren aan de Nato strijdmacht.
27 Wat doet onze regering?
Het beleid van onze regering is er direct opgericht om een systeem in stand te houden, dat ons
met haast mathematische zekerheid - naar de ondergang voert. Er zijn geen tekenen die
er op wijzen, dat zij dit zij dit systeem om ver wil werpen. In. Nederland zijn
een groot aantal mensen, die geloven, dat het systeem zich laat ombuigen in een
andere richting. Zijn er in Nederland nog instanties die een bijdrage kunnen
leveren tot het scheppen van mogelijkheden om tot en wezenlijke verandering te komen?
Men zou kunnen denken aan
onze Nederlandse universitaire instellingen en hogescholen. Immers zij behoren de maatschappij - die hen daartoe via de
belastingsgelden in staat stelt - van advies te dienen voor de toekomstige ontwikkelingen
van onze samcnleving. De Nederlandse Universiteiten en Hogescholen zijn
echter uitgegroeid tot organisaties, die geen duimbreed mogen afwijken van de
door het systeem uitgestippelde weg. Zij eisen van een
ieder
een onvoorwaardelijke loyaliteit.
In dit college. heb ik U getracht duidelijk te maken de redenen waarom de
verwezenlijking van een door de Universiteit van Amsterdam gedefinieerde loyale
samenwerking mij onmogelijk is geworden nog langer naar behoren realiseren. Ik zal in mijn
nieuwe werksituatie trachten te verhinderen, dat door de Nederlandse
Universiteiten en Hogescholen, mensen en materiaal worden
afgeleverd aan organisaties , die door hun activiteiten direct medewerken
aan het in stand houden van een systeem, dat onze samenleving bedreigt.
GEOPOL-BAARN
Reactie op mijn lezing: Dezelfde avond schreef de geologie student Kees Windt van het jaar 1964 mij
een brief met o.a. de volgende tekst:.. maar deze lezing is voor mij schokkend
geweest omdat ik daarbij heb besloten
te trachten de confrontatie met ons systeem niet langer uit de weg te
gaan. Je zult mijn moeilijkheid misschien ook begrijpen als ik in je eigen
terminologie sprekend, moet erkennen te weten dat ik de
loyaliteitsverklaring nooit mag ondertekenen (voor zover ik dat niet reeds doe) maar ik weet
ook dat ik geen held ben en hier ligt het dilemma. Je weet zelf welke beveiligingen in
ieders maatschappelijke situatie zijn ingebouwd om te zorgen dat
hij niet zomaar zonder kleerscheuren van de wagen waar hij op rijdt kan afstappen
om zelfstandig zijn weg te gaan en dus als hij dat noodzakelijk vindt tegen de
stroom in te kunnen gaan. Je hebt waarschijnlijk gelijk als je nu zegt dat je
elke beveiliging zelf aanpraat en oplegt en dat ze pas in werkelijkheid zullen
bestaan als je dat te lang volhoudt, goed, maar dan blijft nog het
probleem hoe je ervan af kunt komen om tegen de stroom in te kunnen gaan
aan de noodzaak hiervan twijfel ik niet. Ik zeg , geloof ik, niet schokkends als
ik erken dat de grond van mijn overtuiging, dat het heersende systeem moet
worden bestreden niet direct ligt in charitatieve gevoelens voor de slaven van
onze wereld. Als eerlijk menslievende gevoelens zouden kunnen bestaan zou
misschien het huidige geraffineerde uitbuitingssysteem niet
kunnen bestaan, ook mijn overtuiging komt voort uit wat jij in je lezing hebt
proberen over te brengen, namelijk dat we er onherroepelijk zelf (en
waarschijnlijk binnen afzienbare tijd) aan kapot zullen gaan. Pure menselijke egocentrie dus, maar daarom juist gefundeerd. Een ander punt is dat ik weet dat
ik in mijn ééntje nooit tegen de stroom in zal gaan, het zou bovendien weinig
effect sorteren. (we zijn tenslotte, althans de meeste van ons, geen reuzen).
Misschien ben je het daarom ook met mij eens dat meer kans op enig effect zal
bestaan als vele mensen en liefst met gezamenlijke inspanning tegen de stroom in
gaan. Jij gaat al, dat is bekend en omdat ik niet graag het kontakt , dat de
laatste tijd ongewild op een laag pitje stond, niet te verliezen, maar weer te
verstevigen, heb ik je deze , misschien chaotisch brief geschreven. P.S. Essentie
misschien: Ik kan
mijn raison d'être niet vinden.Kees Windt
30 november 1970 Artikel van Frits Eisenloefffel. Afscheidscollege Tom de Booy
"De geoloog houdt zich bezig met de reconstructie van de geschiedenis van
onze aarde en tracht onder meer met zijn kennis delfstoffen op te sporen, die
van belang kunnen zijn voor de samenleving. Hij dient zich daarbij voortdurend
bewust te zijn van de rol, die zijn geologie in de maatschappij kan spelen".
Zo omschreef gistermiddag de geoloog dr. Tom de Booy - onder verwijzing naar de
nota- Veringa - het vak, dat hij niet meer zal doceren aan de Amsterdamse
Gemeente Universiteit. Met ingang van vandaag is De Booy ontslagen uit zijn
functie van wetenschappelijk hoofdmedewerker aan het Geologisch Instituut
Zijn gisteren onder grote belangstelling in het Geologische Instituut gehouden
afscheidscollege toonde aan, hoe broodnodig een verdere bewustmaking
onder geologen van hun rol in de samenleving is. Immers: "De mens heeft door de
tijden heen steeds geprobeerd om aan de aarde verschillende delfstoffen te
onttrekken, die hem mede in staat stelden zich in stand te houden. Het lijkt wel
of deze zelfde delfstoffen hem momenteel in zijn bestaan bedreigen. De
geologische ongelijke verdeling van deze delfstoffen in de aardkorst brengt
grote problemen met zich mee. De rechtmatige verdeling van deze delfstoffen is
volkomen mislukt. Het heeft geleid en leidt nog steeds tot moord en doodslag."
De Booy werkt deze stelling uit aan de hand van voorbeelden als het
Zuid-Afrikaanse goud, waarvan de productie op de apartheidspolitiek drijft; en
het koper, waarvan de wereldproductie bijna geheel plaats vindt in slechts vier
landen, die dientengevolge onder zware druk van buitenlandse belangen staan. De
prijs, die deze vier ontwikkelingslanden (Zambia, Chili, Congo Peru) voor hun
koper kunnen krijgen, wordt effectief bepaald door de vier grootste (en
samenwerkende) koperconcerns ter wereld: Anaconda, Kennecott, Asarco en Phelps
Dodge. In de loop van dit jaar hebben deze concerns de prijs op een voor de
producerende landen katastrofale manier laten kelderen. Het zal dan ook niemand
verwonderen, dat er in de koperproducerende landen een neiging bestaat om zich
door middel van nationalisering ("democratisering", zegt De Booy) van deze
funeste invloeden te bevrijden. Maar wat blijkt dan?: De president van Anaconda
heeft vorige maand aangekondigd, dat deze neiging de ontwikkeling van nieuwe
koperindustrieën in "meer stabiele gebieden " zal bevorderen: de geoloog als
onderkruiper. Maar niet alleen is dit systeem - waarin geologen zonder ethische
principes te hanteren plegen mee te draaien - volgens De Booy misdadig, het is,
zegt hij, bovendien levensgevaarlijk voor het voortbestaan van de mensheid.
Bewapening (" er is genoeg nucleaire wapenvoorraad om de hele wereldbevolking
met een lading van 15 TNT de man de lucht in te blazen "l) en
milieuvernietiging (is geweld) hebben met geologie te maken. De maatschappelijke
gevolgen van deze verschijnselen gaan de geoloog dus aan. Wat ligt er dan méér
voor de hand, dan de bestudering van deze aspecten van de geologie in de
geologische studie op te nemen? Toch heeft het feit, dat dr.de Booy dit in
Amsterdam heeft trachten te verwezenlijken, tot zijn ontslag geleid. De Booy:
"Het beleid van onze regering is er direct op gericht om een systeem in stand te
houden, dat ons met haast mathematische zekerheid naar de ondergang voert.
·Er zijn geen tekenen, die erop wijzen, dat zij dit systeem omver wil werpen.
Zijn er in Nederland nog instanties, die een bijdrage kunnen leveren tot het
scheppen van mogelijkheden, om tot een wezenlijke verandering te komen? Men zou
kunnen denken aan onze Nederlandse universiteiten en hogescholen. Immers, zij
behoren de maatschappij van advies te dienen voor de toekomstige ontwikkelingen
van onze samenleving. De Nederlandse universiteiten en hogescholen zijn echter
uitgegroeid tot organisaties, die geen duimbreed mogen afwijken van de door het
systeem uitgestippelde weg. Zij eisen van een ieder onvoorwaardelijke
loyaliteit," aldus dr. Tom de Booy, die zijn - met enigszins pop art-achtige
dia's geïllustreerde - afscheidscollege met een soort oorlogsverklaring
beëindigde: "Ik zal voortaan trachten te verhinderen, dat door de Nederlandse
universiteiten en hogescholen mensen en materiaal worden afgeleverd aan
organisaties, die door hun activiteiten direct medewerken aan het in stand
houden van een systeem, dat onze samenleving bedreigt".
Ook dit artikel van Frits Eisenloeffel was bedoeld voor het Handelsblad-NRC, maar werd om '
onvoorziene' omstandigheden niet gepubliceerd
4 december 1970 Vrije Volk in rubriek Journaal
Vandaag is dr. Tom de Booy, tot voor kort wetenschappelijk hoofdmedewerker aan de
Universiteit van Amsterdam, zijn tweede loopbaan begonnen. Als free-lance
journalist. De geoloog, die begin dit jaar bij de Hoge Raad een aanklacht tegen
minister Luns is per 1 december ontslagen wegens "structurele moeilijkheden" en de ''de slechte samenwerking met zijn
.collega's." In zijn afscheidsrede keerde dr. De Booy zich fel tegen
het regeringsbeleid, dat erop gericht is "een systeem in stand te
houden dat ons met haast wiskundige zekerheid naar de
ondergang voert". Een aantal kranten, zoals de Telegraaf, het Algemeen Dagblad en het Handelsblad-NRC, dat speciaal een verslaggever naar De
Booys afscheidscollege had gestuurd; heeft er met geen woord melding van gemaakt.
Dezelfde Handelsblad-NRC verslaggever; schreef begin oktober in opdracht van zijn krant een artikel over het Zuidelijk Afrika-Congres in Nijmegen, waar zich een verhitte discussie afspeelde tussen Tom de Booy en Basil
Davidson over
de zin van
hulpverlening aan bevrijdingsbewegingen in Zuidelijk Afrika. Het verslag haalde de krant
niet, hoewel de hoofdredacteur Heldring zei de problematiek op zichzelf
voldoende interessant te vinden. Op 13 december 1969 publiceerde Tom de Booy
een artikel in de Algemeen Handelsblad, waarin hij de rol van de grote oliemaatschappijen in de Biafraanse oorlog aan de kaak stelde.
Een week later diende de Shell een formeel protest in, overigens zonder de
feiten afdoende te weerleggen. Tom de Booy, die vanmiddag in het Haagse
perscentrum
Nieuwspoort zijn opwachting maakt, gaat voortaan zelf de Geopol-publikaties
verzorgen.
18 december 1970 Scholing Socialistische Jeugd
Onderwerp geologie en politiek.
21 december 1970 GEOPOL publicatie Milieuverontreiniging is geweld!
De Nederlandse bevolking neemt in steeds toenemende mate deel aan acties
tegen de milieuverontreiniging. De industrie,die voor het grootste gedeelte verantwoordelijk is voor deze
verontreiniging, heeft in de gaten gekregen, dat er aan de
milieuverontreiniging geld te verdienen is. In de Verenigde Staten
van Amerika zijn het de grote concerns die nu de grootste voorvechters
zijn geworden tegen de milieuverontreiniging. Het bestrijden van stoffen die
ze zelf grotendeels maken! Op deze manier verdienen ze twee maal. Zo stond in een Amerikaans vakblad
voor de olieindustrie (Oil; and Gas Journal van 29 juli 1970) de volgende zinsnede:
"Milieuverontreiniging is geen vies woord meer als je er winst mee kan maken.
(Pollution won't be a dirty word anymore if you canmake a profit out of
it!). De lijst van milieu verontreinigende stoffen wordt steeds groter. Sommige
zijn kanker verwekkend ( nikkeloxide) en andere kunnen zelfs schadelijk
zijn op het erfelijke materiaal van de levende cel (zwavel dioxide).
Zwangere vrouwen worden aangeraden geen vis te eten, die gevangen wordt in
kustwater of zoetwater. Het water bevat vele kwikverbindingen, die
worden opgehoopt in vis. Zo konden we verleden week in de krant lezen, dat
een grote hoeveelheid tonijn werd afgekeurd omdat ze te veel kwik zou hebben bevat, en dit terwijl men deze vis had gevangen in gebieden, die niet als
gevaarlijk bekend stonden. In Trouw van 30 oktober 1970 lazen wij:
"Het dagelijks Bestuur van Utrecht steunt de bewoners van de wijk
Zuilen, die een eind willen maken aan de luchtverontreiniging, die de
laatste tijd door de Demka staalfabrieken in dit deel van Utrecht wordt
veroorzaakt."
Actie tegen Demka
Op
13
juli j.l. richtte de actiegroep Zuilen zich
tot de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, met o.m. het verzoek om meetfilters
aan te brengen direct naast de gifbron en op diverse meetpunten in deze
woonwijk voornamelijk gelegen oostelijk van de DEMKA. De minister heeft
hierop gereageerd om de inspecteur van Volksgezondheid Dr. R. Schilt op te
dragen een luchtmonster onderzoek te verrichten. (Dr. Schilt is belast met het
toezicht op de hygiëne van het milieu in de provincie "Utrecht). Dr. Schilt heeft op zijn beurt het
Rijks Instituut voor de Volksgezondheid te Bilthoven gevraagd om luchtmonsters
te nemen in de omgeving van de DEMKA. Dr. Schilt heeft ons medio november j.l. geadviseerd om de minister eind
november - "begin december te vragen naar de resultaten van dit onderzoek. Het
rapport was toen nog niet gereed, omdat hij nog slechts op een enkel detail
wachtte, maar eind november zou hij het zeker aan de minister opsturen. Een maand later vrijdag 18
december j.l. bleek bij navraag bij het Ministerie dat het rapport van Dr. Schilt nog niet binnen was.
Dit nu is
voor ons de reden geweest om de resultaten van ons eigen onderzoek bekend te
maken, aangezien wij niet langer lijdelijk willen toezien hoe de omwoners van de
DEMKA fabriek vergiftigd zullen worden. Alhoewel Dr. Schilt ons vertelde, dat de resultaten van het onderzoek
alvorens de minister het rapport zou ontvangen geheim waren, is aan het licht
gekomen, dat Dr. Schilt een deel der resultaten van het onderzoek reeds aan de directie van de DEMKA alsmede aan de Heer Konijnenberg, waarnemend chef van de afdeling Volkshuisvesting van de
gemeente Utrecht, heeft medegedeeld. Het blijkt nu dat het onderzoek van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid
alleen in de omgeving van de DEMKA is geschied en niet naast de gifbron
(zie verzoek van het actiecomité). Volgens Dr. Schilt mag men niet op
het terrein van de DEMKA komen voor het onderzoek, want dat is het domein van de
arbeidsinspectie (Ministerie van Arbeid onder dezelfde minister Roolvink). Om een goed wetenschappelijk onderzoek uit te voeren
is het noodzakelijk om zowel binnen als
buiten het bedrijf metingen te verrichten en voorts dat men van de omringende
industrieën (Werkspoor etc.) ook alle inlichtingen verkrijgt over de materialen
die verwerkt worden, op welk tijdstip,
etc. etc. Van dat alles is niets terecht gekomen. Men wil geen pottenkijkers, van de
kant van de industrie is dat begrijpelijk, want die heeft maar één duidelijk motief, dat is de aandeelhouders tevreden te stellen.
Volstrekt onbegrijpelijk is het echter
van instanties, die tot hun primaire taak hebben om de burgerbevolking te
dienen: het gemeente bestuur van Utrecht en het Ministerie van Sociale Zaken van
Volksgezondheid. Nu wij helaas niets te weten zijn gekomen betreffende de resultaten van het luchtmonster onderzoek moeten wij volstaan met de publicatie van ons
eigen onderzoek. Dit onderzoek is al even onbeholpen en onwetenschappelijk als
dat van Dr. Schilt. Wij hebben de beschikking gekregen over een monster metallisch stof, afkomstig van de ramen van een woning in de
directe omgeving van DEMKA
In Nieuw Utrechts Nieuwsblad van 22 december 1970
Minister wetenschappelijk verantwoord onderzoek gevraagd. 'Demka verspreid
gevaarlijk nikkel over omgeving 'dr T. de Booy
Utrecht, dinsdag - De minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid zou een
wetenschappelijk verantwoord onderzoek moeten instellen naar de
luchtverontreiniging door de Demka in Utrecht. Dit temeer omdat de zeventig
meter hoge schoorsteen de afvalstoffen van het bedrijf over en nog grote gebied
worden verspreid. Dit heeft dr T.de Booy uit Baarn in een maandag verstuurde
brief geschreven aan minister Roolvink.
Lezingen die ik heb gehouden in 1970 over onze aarde

De aarde van geboorte tot zijn dood. Van links naar rechts: Geboorte uit het
stof van de de oernevel en eindigt als stof van de witte dwerg
Titel van de lezing:"Waar gaat onze aarde naar toe ?
Wetenschap, onderwijs en politiek zijn in de tegenwoordige samenleving
niet meer van elkaar te scheiden. De
wetenschapsman en docent moet zichzelf en ook anderen ervan bewust maken, dat
zijn ontdekkingen grote maatschappelijke gevolgen kunnen hebben. Hij mag dan ook nooit de economische, politieke en
sociale betekenis
daarvan uit het oog verliezen. Het moet dan mogelijk zijn om de steeds groter
wordende kloof tussen rijk en arm in grond, geld, kennis of bewustzijn, kleiner
te maken.
Dr. DE BOOY zal trachten aan de hand van een serie dia 's die hij tijdens
Andes- en Himalayaexpedities en op studiereizen door Europa en Amerika
maakte, duidelijk te maken de enorme betekenis die o. m. de olie- en
aardgasvondsten in de wereldpolitiek hebben. Het aardgas in Groningen en de
olievelden van Lybië, Nigeria, het Midden-Oosten, Indonesië en Alaska halen niet
alleen de aarde, maar ook de mensen die daarop wonen, ondersteboven.
Deze lezingen zijn te boeken bij het secretariaat J.W. Bottenheim,
Koninginneweg 154, Amsterdam-Z
In het jaar 1970 zijn door mij in de volgende plaatsen deze lezing
gehouden:
Zuid Beijerland ,Goes, Terneuzen, Doetinchem, Groningen, Gorkum, Tholen, Axel,
Bergen, Vlagtwedde, Laren,Terschelling, Schoorl
Opmerkelijk is dat ik na de dramatische middag van 28 april 1970 (viering van
het éénjarig bestaan van EGO, toen door de Commissie Harting werd gezegd dat het
EGO project niet meer mocht plaats vinden in het Geologisch Instituut en ik zou
worden voorgedragen voor ontslag, moest ik naar Groningen voor het geven van een
lezing.
Op 30 november 1970 hield mijn afscheidscollege en de volgende dag moest ik
Terschelling een lezing geven. Na afloop van de lezing te lang in de kroegen
gezeten met vrienden en de trein gemist naar Baarn, zodat ik de nacht in het
station heb doorgebracht!
Een van de recensies in de pers over mijn lezing zoals die van 18 februari 1970
in Doetinchem.
De barre weersomstandigheden hadden een
nadelige invloed op het bezoek aan de interessante lezing met kleurendia's over de
"De aarde" door de Volksuniversiteit dinsdagavond belegd in zaal
Wildenbeest. De kleine groep, die sneeuw en gladheid had getrotseerd, is getuige geweest
van een zeer leerzame inleiding en weergaloos mooie dia's, door dr. Tom de Booy uit
Amsterdam over dit onderwerp vertoond.
De heer De Booy begon zijn lezing met te stellen, dat het in verband met de
geschiedenis van de aarde en haar toekomst zo
moeilijk is het "begrip tijd" aan te geven. Geologische waarnemingen
bevestigen dat de aarde reeds 5000 miljoen jaren bestaat en dat de maan dezelfde ouderdom heeft. Eigenaardig
is echter, dat de stenen, die op de maan zijn gevonden
veel ouder zijn, dan de oudste stenen der aarde. Onderzoekingen hebben tot de veronderstelling
geleid, dat 1 à 2 miljoen jaren geleden, de eerste mensen op aarde hebben geleefd.
Op wetenschappelijk terrein komt men soms tot
uitspraken in deze materie , die flagrant met elkaar in tegenspraak zijn. De oceanen
zijn van veel latere datum dan de aardekorst. Over de wijze van het ontstaan der
oceanen is men het in de
kringen der wetenschap nog niet geheel eens. Men verkondigt die theorie van het uit elkaar drijven van continenten en het wegzakken ven continenten. Spreker
kende aan beide theorieën een kern van waarheid toe. Geologen veronderstellen dat in de
bodem van de oceanen
nog grote rijkdommen aan delfstoffen te vinden zullen zijn. Deze delfstoffen·
zullen in de komende .jaren een belangrijke rol gaan spelen in de samenleving.
Men denke b.v.
alleen nog maar aan het aardgas. Het ontstaan van de bergen en de loop der rivieren daar doorheen, die de afval van de
bergen, veroorzaakt door aardbevingen, lawines en andere invloeden, naar
zee afvoeren, getuigen van enorme krachten onder de aardkorst. De kleurendia's (deskundig toegelicht) gaven
een boeiend beeld, van de geologische onderzoekingen, die de laatste jaren over
onze planeet "Moeder Aarde" zijn verricht.
Al met al een bewogen jaar waar ik de Universiteit vaarwel heb gezegd en mijn eigen weg ben ingeslagen. We zullen zien wat er in de komende jaren staat te gebeuren.
Dagboek 1971
Uit mijn agenda en dagboek:
30 december 1970 - 2 januari 1971 Met de familie tijdens de jaarwisseling naar Sauerland
om te skiën.
6 januari 1971 Peter Bronkhorst heeft 2000 gulden van mij geleend
voor zijn orgel. Hij belde op om te zeggen dat hij er al aardig op swingde.
Nooit iets teruggezien uiteraard.
12 januari 1971 Ongezouten kritiek van Jan Maarten: dat ik niet naar de tennis
vergadering mocht gaan omdat wanneer ik er kom, ik alleen maar moet praten en
niemand de gelegenheid heeft om iets te zeggen.
16 januari 1971 Zeer frustrerend bezoek van Maarten van Dullemen tot 12
's nachts. Had geen humor, geen resultaat (zie later briefwisseling met Maarten
14 en 15 april 1971).
29 januari 1971 Scholing van de Socialistische jeugd en over grondstoffen
en de wereldpolitiek. Wereld kaart die ik had meegenomen op straat laten
staan tijdens het inladen van mijn dia apparatuur. Door iemand mee genomen
(Later heeft van mijn Moeder het geld voor een nieuw kaart geschonken)
1 februari 1971 Zeer belangwekkend gesprek met gemeente arbeider.
Klassenhaat heel diep geworteld.
15 februari 1971 Reactie op mijn lezing: Waar gaat de aarde naar toe? van
C. R. A. van Stolk uit Bergen N.H.
Zeer Geachte Heer de Booy, Dit is een dankwoord, achterna, voor de voortreffelijke en hoogst
stimulerende lezing,die U Zaterdag j.l. voor ons hebt gehouden. Wij, d.w.z. mijn vrouw en ik, krijgen nog voortdurend bedankjes,maar ik
realiseer mij,dat die kennelijk U beiden zouden moeten bereiken. Vandaar deze
brief. Misschien vergis ik mij, maar het kwam mij voor,dat U werkelijk warme menselijke reacties op Uw lezing uitlokt. Aannemende dat ik mij
daarin niet vergis, hierbij mijne reacties. (voor wat zij waard zijn!). Revoluties zijn m.i. explosies, die ontstaan bij onderdrukking,
langdurige vooral. Omwentelingen zijn eigenlijk permanent, althans, zouden dat
moeten zijn. Bevolkingsexplosies zooals na den oorlog, hebben ten gevolge, dat
zelfs de zachtmoedigste regeringen en misschien wel juist de zachtmoedigste, worden geconfronteerd met voortdurend de schokken wegens het achterblijven met de snel nodige hervormingen. (De
niet zachtmoedige, totalitaire systemen hebben daarvan minder last, omdat zij à priori verdrukken met geweld
en wel terstond en grondig). De Franse,en Russische revoluties,om er maar een paar te noemen ,zijn bloediger geweest naar gelang de druk groter is
geweest, langer heeft geduurd. De aanstaande zwarte explosie in Zuid Afrika zal
te bloediger zijn daar zij langer is tegengehouden.
Standen,establishment, enz.
Inherent aan de menselijke natuur. Hoe onzinnig ook, gezien vanuit wetenschappelijke hoek. Men behoeft slechts de bovenste laag te elimineren
om te zien dat zich onmiddellijk een nieuwe bovenlaag vormt, hardnekkiger (naar
gelang jonger van structuur en onbeschaafder) dan de vorige. De dictatuur van de nieuwe negerstaten is bloediger dan wat dan ook. Dat neemt niet weg,dat er gaandeweg een nieuw soort
minder materialistische, voor
mijn part intellectuele bovenlaag kan ontstaan, die meer regeert door voorbeeld
dan door bezit! (Is dat inderdaad, zoo?).Hoe het ook zij, ik bedoel,intellectueel,spiritueel en sober.
Een
dergelijke bovenlaag, is m.i. slechts denkbaar, bezield door een geloof, wel te verstaan, een spiritueel geloof, geen materieel geloof, want
dat brengt Stalins, Bresjnieffs voort. Ik ben dus bereid om te geloven aan een betere, voor
mijn part andere
bovenlaag, maar die moet clan toch ook gevormd worden! want die is er
niet.!
In Uw lezing heb ik,als ik het wel heb,U tweemaal horen refereeren aan 2000 jaar geleden. Een naam hebt U niet uitgesproken,want
dat is in deze moderne wereld synoniem geworden met bijgeloof, achterlijkheid,
gebondenheid,willekeur en knevelarij! Toch is "2000 jaar geleden" het enige punt dat in Uw lezing
positief is, houvast geeft en richting voor de toekomst. U hebt in zekeren zin, gebroken met deze samenleving. Ik vind dat
moedig, maar het is slechts een begin. Ik heb eens gevraagd aan een van onze briljante wetenschapsmannen(Prof. Natuurkunde). Hoe kom je aan je
ideeën ? Bouw je die op uit
hetgeen bekend is, of krijg je inspiratie". Bijvoorbeeld: Ineens
een idee: "Zou het ook zoo kunnen zijn? "Ja natuurlijk het laatste! " was zijn
antwoord en dat zal, neem ik aan ook Uw antwoord zijn.
Deze lezing, is goed, in zooverre dat zij ons mensen en ook Uzelf aan het
denken zet. Ik denk bijv.op dit moment met U mede! Maar,deze lezing is een begin! Geen einde. Ook niet voor Uzelf!
U hebt studenten medegenomen en U
hebt hen bewust uit hun denksleur gehaald! U hebt dat gezien als een
verdieping van de perceptie. Accoord! U hebt niet als de
schoenmaker, bij Uw leest willen blijven,al werd U dat als voorwaarde gesteld voor het in functie blijven (heb ik dat
goed
begrepen?) Nu hebt U "A" gezegd, maar U moet verder. Waarheen? Terug naar de
miljoenen en miljarden jaren, eindigende in het niets, waarmede de Geologie U
confronteert kunt U Uw studenten niet langer aandoen en ook blijkbaar Uzelf
niet!
Uw wetenschappelijke training geeft U de mogelijkheid om op allerlei
wetenschappelijk gebied in korten tijd dieper te boren en (ook op economisch
terrein), maar er heeft zich nog niet iets geopenbaard aan U wat richting geven
kan aan Uw- behoefte en uitgesproken aanleg om leiding te geven aan jongeren." Ik kan U ook niet helpen! en als ik het zou kunnen, zou ik het zeker
niet doen, omdat eenieder dat voor zichzelf moet zien. Wel kan ik enkele dingen noemen,die misschien voor U de moeite waard
zijn om nader onderzocht te worden. Ik noem er, twee, neen drie! Misschien is het er toch maar
een, want wellicht zouden in Uw
geval die drie samen kunnen vallen tot slechts een.
Psychiatrie!,Astrologie, Religie. Dat zijn zij dan!
Astrologie, is volkomen nonsens,volgens ieder wetenschapsmens. Kwakzalverij!
Best, maar er zit wat in! Wat? Niet de horoscoop komt uit!Want die komt niet uit!
Wel komt de karakterbeschrijving dikwijls uit. Wel is er een tendens tot het
geboren worden op verjaardagen van bloedverwanten, veel mijner kleinkinderen
werden geboren op mijn verjaardag. Twee mijner zoons (een ijzige tweeling)
werden geboren op den verjaardag van hunne overgrootmoeder. Een andere zoon werd
geboren op den verjaardag van een andere overgrootmoeder. Dat is slechts een
voorbeeld in mijn eigen kleine kring. Met het badwater is ook het kind weggeworpen, kennelijk
U met Uw wetenschappelijke training, zoudt misschien
kunnen proberen om waarheid en kwakzalverij te scheiden? Psychiatrie en religie.
Kunnen die gescheiden blijven? Wat denkt Jung
daarvan? Ik heb terloops enkele richtingen aangeduid. Mocht ik"toevallig" raak
geschoten hebben, hetgeen "elk mens toch kan gebeuren" dan
zou ik het aardig vinden om t.z.t. nog eens van U te horen. Inmiddels verblijf ik met vriendschappelijke groeten
Hoogachtend C.R.A. van Stolk
24 februari 1971 vermoeiend en interessant interview met Boudewijn
Chorus, redacteur van het Utrechts studentenblad Troof
27 februari tekst interview van Boudewijn Chorus gekregen, wel
geschrokken van felle taal..
5 maart 1971 Artikel in Troof. Tom de Booy:
Geen hond van links heeft in de gaten dat de fundamenteelste regels uit onze
grondwet dag na dag worden overtreden door wie zich parlementaire demokraten
noemen.
Deze week komt Tom de Booy
in het kader van de gamma-cyclus naar Utrecht.
We dachten dat het aardig zou zijn om een
schriftelijk souvenir-tje in troof te zetten, ook al is éénoog (troof) koning in
het land der blinden (Ú'). Kunt u
nagaan: iedere week 'U', eens in de twee weken troof en godbetert - eens in het jaar De Booy. Bewaren maar dit aardig staaltje van
mondiaal vooruit denken. Vet en kursief helpen u door de brei van zinnigheden
heen. Sukses. Opzeggingen welkom.
Inzet
Dr. Tom de Booy . Geboren Vlissingen 25 aug,1924. HBS-B: 1943 geweigerd
loyaliteitsverklaring te tekenen als student GU Amsterdam. Ondergedoken,
werkzaam in het verzet, verraden en gepakt en via Arnhem-gevangenis en
Amersfoort-kamp naar Duitsland afgevoerd. 1944 terug met valse papieren, opnieuw
ondergedoken, als arbeider bij Shell gewerkt, Binnenlandse Strijdkrachten. Na de
oorlog studie geologie opgevat 1 jaar Bern geologie, afgestudeerd GU 1951,
gepromoveerd 1954 onderwerp Corsica, 1 jan 1955 onbezoldigd buitengewoon
assistent 23 okt 1957 wetenschappelijk medewerker. 1 dec 1970 eervol ontslag en
op wachtgeld. Te lastige jongen. Nu medewerker GEOPOL (geologies-politieke
uitgeverij, geschriften over de invloed van grondstoffenpolitiek op onze
samenleving). Bruisende gezondheid. Lieve vrouw (ook GEOPOL), brave kinders.
Guerillia-strijder uit de happy few. Ziet het wel zitten. Is in Nepal befaamd
geworden om de beklimming van bergen. Wordt in Nederland befaamd om zijn moedige
afdaling in dalen. The young one.
- Tom. Geen gelul meer over jezelf en de toeren die er om
jou heen gebouwd zijn links. en rechts. -De geologie en de universiteit is
voorbij. In de aksie hebben we gezien dat het alleen maar ging om demokratisering
van de happy few, dat die alleen maar beter georganiseerd moest worden om
nog effektiever mensen te kunnen onderdrukker, uit te buiten, te gebruiken. De
few dus die happy genoemd kunnen worden, omdat ze door hun kennis,
door hun overslag aan bewustzijn de anderen duidelijk kunnen beheersen, door ze
hun revolutionair élan te laten inleveren bij de bank van lening en daarvoor geld
terug te geven in de vorm van inspraak die niet verder gaat dan hun direkte
omgeving. Dat waren dus degenen die me demokratisering bezig waren zonder
perspektief.
Daar hoorde ik ook bij en als je daar mee bezig bent en je ontdekt opeens
dat je bezig bent met de verwerving van niets anders dan een fopspeen, dat komt
het wel even aan. Het lose end. Je begint met je te verwonderen over de
samenleving waarin je je bevindt, zegt: dat klopt niet, je wilt medebeslissen,
dan de eindeloze diskussies en dan merk je dat het allemaal niks is en dat het
demokratiserings streven weer een gekonditioneerdheid was,
demokratisering van de top. De potentie van die top om te kunnen onderdrukken
vermeerderde je alleen maar. Je gaf ze de methodes om het alleen op subtieler
wijze te doen. Toen we daar langzaam aan achter begonnen te komen kwam de tijd
van impasse, kwam het vakuüm weer. En wie stonden er de loer om de ontstane
leegte in te vullen? Globaal twe groepen. Eerst natuurlijk het
gekonditioneerde kapitalisme. Ophouden met je aksie, hier is je studiebeurs,
hier is een Z.W.O.-studie, hier is een assistentschap, aan het werk! Een
tastbaar alternatief nietwaar. Dus: terugzuigen in het systeem door die
geldgoot. De tweede groep: disciplinaire organisaties. De duidelijke
dogmatiese aanval, het kanten-klaar idee, ontwikkeld via Marx, Lenin
enzovoort.Eerst macht krijgen en daarna aan die vrijheid gaan werken. CPN,
Marxisties-Leninistiese Studenten
Dus van éen verbondenheid door de strijd voor gelijkluidende (idealen, inspraak, medebeslissing, openbaarheid van bestuur en beleidsvoorbereiding)
naar een verbondenheid door hergroepering in disciplinair gestoelde organisaties
- met een differentiëring van idealen en de methodes om ze·te bereiken.
Zo te zien een logiese ontwikkeling. Aan de ene kant oplossing van het vakuüm
door inlijving in centralistiese front: groeperingen (de individuele beslissing
in handen van de autoriteit van een discipline die binnen organisaties uniform
wordt gemaakt) aan de andere kant uitsplitsing van doelstellingen en te volgen
methodes. De bons dus ook aan het Ni Dieu Ni Maitre - idee, dat toch juist
school begon te maken (onder meer via projekt-onderwijs).
Ja. Ik vat de twee groepen ook onder een noemer. Het gaat niet om een
invullen van het ene machtsblok door het andere. Door de konfrontatie met de
macht - en dat hebben. we geleerd in het Maagdenhuis - zagen we opeens dat in de
lege ruimte die we onszelf hadden gekreëerd, de spelruimte die we
onszelf hadden aangemeten, dat in onze eigen Vrije Maagd binnen vier dagen opnieuw
een volledig fascistiese maatschappij kon worden opgebouwd. Opnieuw
reproduceerden we datgene wat we in onze opvoeding kregen ingepompt. Het heeft
ons het inzicht gebracht, hoezeer we denken in machtskoncentraties, in
tegenstellingen, in termen van verliezen en winnen. Maar als dan de ludieke
figuren komen, de Jakob Juttes en de Hans Hofmannen, dan zie je door het zwijgen
wat hen werd opgelegd waar de krisis werkelijk lag: in ons denkpatroon. En nu
begint daar het vervolg van te komen. Heel langzaam, niet revolutionair
maar evolutionair, komt het besef dat het positief resultaat een verkleinde
maagdenhuis-therapie is die binnen de talloze ontstane aksiegroepen in feite
wordt gehanteerd. Ze krijgen bij het scheppen van die tegenstellingen de
gelegenheid om naar de diepere gronden te gaan. We gaan terug naar de vraag:
waarom zijn we er altijd op uit om, als we een groep vertegenwoordigen,
ons af tijd weer van die groep te distantiëren in plaats van namens die groep
iets in het midden te brengen? Steeds dat standpunt bepalen van: tégen die
groep, vóór onze groep. Dat moet niet langer. Dat leidt af van de werkelijke strijd.
En dan zie je, dat het anarchistiese perspectief wel degelijk terug komt en een
enorm voordelige taktiek of ideologie - hoe je het noemen wil - is in déze
lokale situatie. Dus ik spreek niet van Zuid Afrika en wat in dat rijtje
thuishoort, - dat is van second priority. Het gaat nu en eerst om
je eigen omgeving. Wat konstateer je daar. En wat ga je nu doen. Gezamenlijk of
alleen. Om het vakuüm op te vullen. Dat vakuüm dus, waarin wij met 'ons
geordende leven' een systeem in stand houden dat eenvoudig de mensheid in zijn
totaliteit gaat elimineren. Het ligt vóór ons, maar we weigeren nog om
het te zien. We kunnen dat vakuüm niet, door een stellingenoorlog, doorbreken
maar alleen door een guerrilla van de ergste soort. Nemen we het toepasselijke
voorbeeld van de Schelp van Shell: iedereen weet dat een schelp potdicht blijft
als je er hard tegen tikt. Wat moet je dus doen?
Wanneer je niet meer luistert naar degenen voor wie en met wie je als
guerrillero vecht, dan wordt je verslonden.
Tik er zacht tegen, er komen Shell mensen uit lopen,-
mensen als wij, dus we zetten ons er NIET tegen af en op het moment dat die
mens niet meer namens de schelp maar als MENS spreekt, op dat ogenblik is hij
solidair met onze strijd, de strijd om een samenleving waarin de mens als
individu de kans heeft zich te ontwikkelen. En met die solidariteit komt de
mens automaties in moeilijkheden met die schelp. De schelp begint te roepen.
Er dreigt gevaar: komt terug mannetje, anders,klappen we dicht en verlies je je
benen. De man moet dus heel hard rennen; je stuurt hem dus terug, hij zit in
die schelp, - en wat zien we? Hij is niet meer zo loyaal ten opzichte van de
werking van die schelp.
En dat is het, antwoord aan degene die voor
machtspolitiek kiest: wanneer je probeert de sluitspier van die schelp door
te snijden, dan kan het gerepareerd worden. Dat is zelfs gunstig voor de
schelp, de kosten worden ruim verhaald op de bewoners van de schelp. Het is dus
veel beter om daar dat bewustzijnsruimende element, die solidariteits-verwerving,
de sluitspier als zout op te lossen, te desintegreren waar mogelijk. Hij
verliest de kracht en de wil om te overheersen. De elite-loze strijd, de guerrilla met de permanente feed-back.
- Geen messen dus als wapen om de sluitspier door te snijden, maar een wapenuitrusting door solidarisering.
Ja. Wat Stokely.Garmichael zegt: The truth is like salt in an open wound. The more you want
to get it out the deeper it goes in. Dus precies dit: je kent een feit en
dat feit zet je tussen twee mensen in. En elke vent - en dat zie je veel in links - die probeert om dat feit politiek te gaan
verdraaien is mijn regelrechte vijand. Neem de volkstelling.
De kritiek van links gaat voorbij aan de essentie. De bevolking van
Nederland heeft NIETS tegen de volkstelling, ze weten de ballen van het CBS. De
maatregelen worden uitgevaardigd daar anonieme heersers. Natuurlijk wordt dat
niet meer aanvaard, maar het is steeds opnieuw een bewijs van de juistheid van de visie van de gewone man:
'hij' wordt toch verneukt. Door massaal invullen van de volkstelling-vragen
neemt de Grote Frustratie alleen maar toe. Het gaat dus niet om zinnige argumenten
maar, om de politisering. De fout van links is nog steeds dat ze er teveel van uitgaan
dat we hier in een zogenaamde parlementaire demokratie zitten in plaats
van in een onderdrukte samenleving. Elke inspraak legt het af
tegen het Wetboek van Strafrecht. Geen hond van links heeft in de gaten
dat de fundamenteelste regels uit de grondwet, dag na dag worden overtreden
door wie zich parlementaire demokraten noemen: art.3, art.7 en ga zo maar door.
-Als we even bekijken óf, en in hoeverre een benadering van een dergelijke
strategie (Stokely Carmichael) hier in Nederland wordt gepraktiseerd. Blijven
nog over verzetsgroepen als de Vrijheidsschool Amsterdam, de Socialistiese
Jeugd, Rode Jeugd, harde-aksie groepen en - aan de andere kant
- nog niet genoemd de kabouters, die zich in feite al een wapenuitrusting
hebben aangemeten waarvan ze nu (doods verklaringen Oranje Vrijstaat, personal
promoting Roel van Duyn, ja/nee meespelen in het parlementaire spel,
verkiezingen Tweede Kamer, uitgesplitste groep Caspar Schukinck Kool etc.)
inzien dat die weinig effektief is. En dan niet te vergeten de - ook
door de KEN en CPN bevorderde - buurt en wijkkomitees. Tekent zich het
strukturele antwoord af of blijft het bij prikken? "
Dat is moeilijk te zeggen. Ik ben zeker blij met die hele
ontwikkeling van kabouters, met de KEN en met de aksiegroepen. Een heleboel
mensen zijn daardoor in staat geweest om een maagdenhuis situatie te kreëren,
te zien dat theorie alleen niet genoeg is en te ontdekken dat daar meteen weer komt: de elite, hoe iedereen meteen weer achter een Roel van Duyn
aanloopt. De taxichauffeur gaat op hem stemmen ("nou ja, dat is lollig joh") tot op het moment dat Van Duyn daar zit en zich dus konformeert aan het
spel dat die taxichauffeur juist ervaart als het grote bedrog.
Natuurlijk, hij doet het op zijn manier. Maar de taxichauffeur leert weer en
opnieuw: ook gij, Brutus! En de happy few tuint er het hardst in. Ze kennen
de werkelijke haat niet die iemand heeft die voor een dubbeltje is geboren.
Het gevoel van altijd de lul zijn. Maar steeds duidelijker ziet hij het
mechanisme waarmee hij onderdrukt wordt. Dat het eerst Colijn was of Kuiper en
dat het nu Van Duyn is. En evengoed, aan de andere kant, zien we dat een Ralph
Nader in Bussiness Week 'our greatest friend' wordt genoemd. Wij kunnen zijn
taktiek gebruiken; het is precies -.wat we nodig. hebben; dank u wel! , - kraait
de happy few. En zo is het met een Lucas Reinders en ga maar door.
De Groenen en de Vrij Nederlanders
Dat is trouwens een typies kenmerk van veel zich links
noemende vogels bij bladen als Vrij Nederland en De Groene. Zo'n Reinders van
VN of een Van Dullemen van De Groene - die laatst nog eens een volle dag met me
is komen praten - het zijn jongens die verdomd hard werken èn een blad maken met
hun volle inzet. Theoreties zijn zè heel goed onderlegd, veel beter dan ik.
Maar zij wensen niet de dingen die zij zeggen en waar ze volgens hun schrijven
voor staan door te voeren naar hun eigen leefsituatie. Zolang ze hun
meningen spuien en dat met de nodige aandacht doen, vinden ze dat dat genoeg is.
Kijk en zolang het zo is, vindt ook niemand ze gevaarlijk en zijn ze ook
niet gevaarlijk. Ze beschouwen hun journalistieke prestatie als guerrilla,
terwijl het allemaal nauwelijks een aanzet is. Kijk, dan vind ik dat ze een onvergeeflijke denkfout
maken. Ze zijn overtuigd van hun nuttig werk, maar ze trekken niet de
noodzakelijke konsekwentie uit hun opvattingen, ze maken niet de nodige
analyse. Kijk en dat bedoel ik met we moeten nog een stapje dieper gaan. Een heel aardig voorbeeld van de inkompetentie van zo'n Vrij Nederlander om die akkolade naar zijn eigen leefsituatie door te trekken - ook ·al zijn ze heel
positief bezig en kan ik ook iets aan hun werk hebben - heb ik kortgeleden zelf op de
voet kunnen volgen. Maar ik moet je eerst nog laten zien dat het niet
alleen op dit niveau is. Op het Kapitalisme '70-congres in Tilburg was ook ik
degene die onder de indruk was van Mandel: Die sprak op mijn intellektueel
niveau. Maar een paar weken later, in Amsterdam op die diskussie tussen Mandel
en Den Uil maakte ik het anders mee. Ook daar vond ik Mandel geweldig, ik was épris. Maar naast me zat een arbeider. Die stond op een gegeven moment op en
riep tegen het forum: meneer, u lult. U zegt aan ons arbeiders hoe wij het
moeten doen. Hoe weet u dat, u bent helemaal geen arbeider. Houdt u zich toch
bij uw leest. Ga weg, ik heb niets te maken met u." En toen wist ik:
die man heeft gelijk. De grote fout die
wij maken, en die de Reindersen, de Kousbroeken, de Gortzakken, de Mandels en noem
ze maar op, maken, die gaan moraliseren over de
Vietnamezen, de Palestijnen, de Mondlane Stichting enzovoort is, dat ze vergeten de
gegevens en de meningen en de feiten op hun eigen leefsituatie.te projekteren. En dan
kan het zijn dat het toch guerrilleros in disguise zijn en het prachtig, prima, -wie ben ik om ze te veroordelen. MAAR:de boom
herkent men aan de vruchten - en nou kom ik op het voorbeeld - want toen ik een keer
een test heb gedaan, prikte je door als ballonnen.
Wat is het geval? Ik schrijf een stukje voor.het ASVA-bulletin over
Indonesië: Daarin spuit ik de droge oliefeiten op - inderdaad: ·te droog voor
de pers, daar hebben ze ook niet de ruimte voor, maar een van de medewerkers
van Vrij Nederland, die ziet daar toch ·brood in en wil er toch een stukje van
maken. Die man is bij me gekomen, heeft alle in- en outs gehoord. Daarbij als
kernpunt dat de Shell in Indonesië achter het net heeft gevist bij de
exploitatie van de olie. Hij slaagt er prima in om het zaakje te herschrijven in
het 'Vrij Nederland-jargon' dus dat is: 'kapitalistiese schurkachtigheid'
en ga maar door, met de daarvoor te vinden VN-termen. Hun taal waarmee
ze zich afzetten tegen de struktuur. Goed. We nemen dus nog aan dat ze in
disguise zijn, nietwaar. Maar wat gebeurt er? In oktober wordt het
allemaal gepubliceerd onder de kop Shell en Japex, de domme en de slimme
schurk en een week later krijgt Ferdinandusse een telefoontje van de Shell
waarin hem wordt gezegd als de donder de aantijging van schurk te
rektificeren of anders zal de Shell een half miljoen eisen via een kort
geding. En wat doen de Vrij Nederlanders? 'Nota bene na overleg met de
redaksie van De Groene - zoals ik laten hoorde - hebben ze gezegd: wij kunnen
ons dit niet permitteren, wij willen juist die ongekontroleerde marge die ons
gelaten wordt invullen en nu worden we gekontroleerd. Ga eens na gewoon·door een telefoontje van een mannetje bij Shell-Nederland, wat maar een pion is
vergeleken bij de grote Shell een bedrijfje
dat toevallig benzine aan de pomp verkoopt met het merk Shell!, maar het heeft geen zin die half
miljoen te
riskeren, omdat we dan ons werk moeten stoppen. Natuurlijk, ze hadden het
verloren. Maar wie zegt dat ze niet door stavast te zijn, de guerrilla te
beoefenen, vijf maal zo groot waren geworden? Maar nee, meneer Ferdinanusse gaat
naar de Shell met de broek vol en wat komt er op 31 oktober in VN - ausgerechnet
op pag. 3 onder een interview van Bibeb met Witteveen - zonder inleiding of wat
ook:: Rechtzetting op verzoek van Shell. ( ... ) Van de zijde van de Koninklijke
Shell is bezwaar gemaakt tegen de titel, en tegen op Shell betrekking hebben
zinsneden in het artikel, met name tegen de passage: 'onze eigen Shell, die zo
nu en dan mag paraderen als het toppunt van internationale schurkachtigheid kapitalistiese en helaas op het
voor haar
aandeelhouders op het terrein van de exploratie een onhandige schurk. De redaksie
van VN kan het standpunt van Shell billijken ... etc. En op
deze manier laten ze hun eigen medewerker vallen, in naam van de Koninklijke
Shell. En je zult zien, het wordt bij VN nog als een guerrilla-aksie gerationaliseerd ook, als je er naar gaat vragen. Kijk
en dan is voor mij de koek op. Daar zit geen greintje politieke motivatie bij die jongens.
De oplossing was zo eenvoudig geweest. Ze hadden het hele
verhaal kunnen publiceren, dat de Shell gebeld had en zo. Dan hadden ze van mij
nog nadere gegevens kunnen krijgen en ze hadden het verhaal kunnen
besluiten met: we zullen in ons volgende nummer de rechtzetting afdrukken,
precies zo als de Shell het wil. Kijk, dan was de Shell natuurlijk
geëxplodeerd en VN had van zijn verlies winst gemaakt. Maar,- en dat
is mijn interpretatie hoe het komt - ze kunnen niet anders, omdat hun beginpunt opportunisties is.
Dat sjablone, dat salon-revolutionaire is de grootste vijand van de
werkelijke strijd. Deze farizeërs zijn véél erger als vijand dan een
Geertsema en een Van Riel, die - en;dat is oprecht daar ben ik van overtuigd -
tegen me zeggen: ik geloof in dit systeem en ik geloof dat de meerderheid van
het Nederlandse volk achter dit systeem staat. En als je zegt, dat dat niet zo
is en je kunt ze ervan overtuigen, dan weet ik dat ze liberaal genoeg zijn om te
zeggen: goed dan vertrek ik. En dan zal links wel boos wezen dat ik een
Geertsema zit te verdedigen. En om dit ook voor De Groene te staven dit: aan Gortzaks
gemoraliseer over de Palestijnen kun je het zien. Ik was daar diep door
geschokt. Wat zien we in het Midden Oosten? We hebben een klein groepje mensen die
daar histories met de ballen tussen de deur zitten. Klap. Er komen vliegtuigkapers
en dat is het sein voor Gortzak. Is hij - volgens de strategie - werkelijk de
analyse had uitgevoerd, dan had men kunnen zien, dat Amerika en
Rusland het beide over twee dingen eens waren: een EL Fatah is okay, maar meneer
Habash, die daar een duidelijk internationaal revolutionair front wil vormen,
tegen het imperialisme, tegen het staatskapitalisme, die meneer die moe$t verdwijnen. En
zo geschiedt, want ze worden nu systematies afgemaakt. En voor mij wordt een
Gortzak medeschuldige aan dit soort geintjes dóór te schrijven wat wel en wat
niet goed is. Dat is een kolonialisme van het ergste soort. Een journalist van
De Groene. Maar ze zijn beter dan de Vrij Nederlanders. Want toen ik dit,
wat ik jou nu vertel, aan Van Dullemen zei kon ik uit zijn reaksie duidelijk
merken dat hun opzet niet opportunisties is. Een verschil dus dat heel wat
uitmaakt. Gortzak heeft zich, toen hij over die Palestijnen in Televizier werd
aangevallen ook moedig geweerd. Op VN heeft De Groene dus idealisme vóór,
maar de parallel ligt in het niet kunnen dóór projekteren op de eigen situatie. Ze
zijn een autoriteit en dat blijven ze. Daarom mogen ze geen fouten maken als
met die She!l, als met die Palestijnen. Het zijn opiniebladen, vergeet
dat niet. Maar aan·mij en aan jou komen ze aan de achterdeur vertellen:
jij wilt het te zuiver, je wilt het te mooi, dat kán niet.
-Je hebt zelf ook, na je ontslag in Amsterdam, met GEOPOL
verkenningen gemaakt in de journalistiek. Hoe waren je ervaringen?
Ja, dat was ongelooflijk interessant. Want ik heb weer
gezien, dat ik - en dat staat diametraal tegenover wat ik net over VN verteld
heb - een kapitale fout heb gemaakt. Niet meer toebehorend aan de
wetenschappelijke elite kwam ik in de journalistieke elite. Via lidmaatschap van
Nieuwspoort, NVJ en dat soort hebberige organisaties. Ik kom daar met de
veronderstelling te maken te hebben met een goed rood stelletje. Ik zie dat het
niet zo is. en als ik ze daarover aanval dan zeggen ze ·in koor: niet
schieten! wij zijn gevangenen. En zie het verschil met de wetenschappelijke
elite: de journalisten wéten het van zichzelf en zullen het je ook zeggen. Ze
horen bij de onderdrukte klasse. Hoofdredaksie en direksie zijn rechts. En wat
eronder zit is zo links als wat. Die zeggen meneer, ik moet eten! En ik
maakte dus wéér de fout, die wij altijd maken. Het zijn je vrienden, en daar
moet je je niet tegen gaan afzetten. Ze zijn zich bewust van hun geketende
positie. Op zich is dat al een bewustzijnsverruiming die explosief kan gaan
werken. Ik zie veel brood in die groep mensen. Alleen, het vriest nog dertig
graden en hun wollen kleren liggen nog bij de bank van lening.
De Demka-aksie
Bij mijn werk voor de Demka-aksiegroep Rook op heb ik
dezelfde fout gemaakt. Ik zag en hoorde van die groep. Ik bood mijn medewerking
aan. Ik spui mijn kennis en hup, ik wordt meteen in het keurslijf van het kompromis gedrukt. Had ik het scherp gespeeld, dan was het weer een
eenmansguerrilla geweest, ik had met de resultaten van het onderzoek van hun
stank een persoonlijk suksesje kunnen boeken, maar de wezenlijke problemen
zouden daarmee onaangetast blijven. Dat merkte ik halverwege mijn werk en toen
ben ik er mee gekapt. Een weg terug was er niet. Er was een ongelijkheid
in die aksie. Zolang ik niet bereid ben zelf in een krotje naast de Demka te
gaan wonen moet ik er met mijn grote gore kapitalistiese poten vanaf blijven.
Mijn fout was een evaluatiefout. Dezelfde die ik nu VN en De Groene aanreken. Wanneer je niet meer luistert naar degenen voor wie en met wie
je als guerrillero vecht dan wordt je verslonden.
Wat is je konklusie uit die fouten?
Als ik een student hier krijg, een potentiele direkteur dus, slachtoffer van de nieuwe
opleiding tot obergruppenführer nietwaar (want de
oude corps-opleiding is aangepast aan de eisen van de tijd; - het zou best eens
kunnen dat de oude corpsballen de revolutionairen van·straks zijn en de technokratièse student
van nu de gevestigde kaste van straks!) en hij
komt bij me praten in dat universitaire straatje om mij te misbruiken
voor zijn proefschriftje of doktoraal skripsie dan houd ik mezelf voor:de
rijken van geest zijn rijk omdat ze altijd ontvangen hebben, de armen arm
omdat ze altijd gegeven hebben. En ik geef die student dus niks meer. Dat
is dus een arbitraire grens die je trekt, een kwestie dus van prioriteiten. Wat is dan het alternatief, het raison d'être voor mezelf? Ik moet
proberen de kennis die ik heb zo om te buigen, te vertalen voor diegenen die
daar het meest behoefte aan hebben in de strijd. Je vertaalt zonder iets
te verwachten. Niet zoals vroeger dus het pionnenoffer om een kasteel te
pakken, nee, je geeft alleen en je luistert. Op die manier probeer ik nu
te werken. Op die basis ook - natuurlijk het kan ook weer op een
teleurstelling uitlopen - werk ik nu samen met de groep die de stoot heeft gegeven tot heel wat belangrijke peilers
dan de aksie van de afgelopen jaren (maagdenhuis, dolle Mina, koninginneverjaardag/politieke
verjaardag). Een groep die zich ze!f verjongd heeft - ik
spreek nu over de Amsterdamse afdeling - die de oude paternalisten van zich
afgeworpen heeft en nu bezig is die stap dieper, die analyse, te maken: de SJ. Je
kunt die samenwerking een samenscholing noemen: zij scholen mij, ik school hen. Een uitwisseling van know·how,
via lezingen, diskussies, bulletins. En we zitten dus helemaal in die
analyserende fase, terwijl de praktijk op een zacht pitje staat. Wat de
pedagogen en zo verkeerd begrijpen in hun beoordeling van de
werkende jeugd is dat ze met hun brommer en hun stuffie willen, maar ze willen scholing hebben. Ze willen weten hoe het
zit. En dan worden ze te lijf gegaan met statistiese onderzoekingen enzo en daar komen natuurlijk alleen
maar als-ik-m'n-natje-en-m'n-droogje-maar-heb antwoorden uit. En dan kunnen de sociologen weer zeggen: zie
je wel, ze willen alleen de bromfiets. En daarom moet je het niet van dat elite-tuig verwachten. Die fout moet ik ook verdomd goed beseffen. De
werkende jeugd krijgt in de gaten dat het niet gaat om vijf, zeshonderd gulden
loon, maar dat er nieuw geld komt, dat zijn bankbiljetten waarop staat: kennis. Die
bankbiljetten, dat weten ze, zijn verkrijgbaar aan de
universiteit. Maar daar komen ze niet. En daar zal de Mammoetwet ook wel
even heel goed voor zorgen: daar zullen ze ook niet komen. Dat er een
nieuwe keuken is waar weer nieuwe recepten
worden en bereid - ze proeven het want ze krijgen weer wat anders te
vreten - hebben ze goed in de gaten. Het vakuüm dat we al konstateerden zijn ze
bereid te accepteren. Ze zien het onder ogen. En zie daar vooralsnog het verschil
met de student en met de langharige stufrokende damslaper. Behalve die samenwerking met groepen als de SJ heb ik dan
ook nog mijn lezingen. Op het platteland, in Vlagtwedde en ook zoals bij jullie
in Utrecht voor de gamma-cyclus, de universitaire 'happy few'. En dat doe ik om
het kontakt met de anderen niet te verliezen. Want dan zou ik de fout naar de
andere kant maken. Ik moet de DS·70ers leren kennen, want anders isoleer ik
mezelf in de strijd. En het gekke is, dat ik op zulke lezingen - die op het platteland vaak uitlopen tot diep
in de nacht - geweldige ervaringen opdoe. Mensen die geweldig open staan voor alles. Waar ik niet tegen praat maar
mee praat. Die genoeg hebben van een semi-revolutionair als Van der Louw. En dan merk ik hoeveel agressie er eigenlijk onder de goudsluier zit. Hoe de mensen toch voelen dat ze belazerd worden . Dat er niet naar hun geluisterd wordt, getuige bijvoorbeeld de één-uur-staking. Een enorme teleurstelling voor hen, die staking.
Negentig procent van de werkende klasse geeft op beschaafde, rustige wijze blijk van hun protest en een uur later staan ze in de kamer te lullen alsof er niets gebeurd is. Dat gaan ze nu heel duidelijk voelen. Het vertrouwen is zoek: En ze weten dat ze niet de mogelijkheden hebben en ook niet zullen
krijgen - want niemand steunt hen, de pers niet, de partijen niet - om dat
vertrouwen te herstellen. En dus heb je een struktuur van een samenleving waarvan de werkende
klasse deloyaal wordt. En daar hebben we dan via een omweg onze man in de
schelp. Pas het toe op mijn lezing in Utrecht voor de gamma-cyclus en zie hier: ik word gevraagd door een hoogleraar chemie die zijn studenten, gewild of ongewild opleidt voor de A KZO, voor Dow Chemical die in Terneuzen een deelproces van de produksie van
napalm beheerst, ik word gesubsidieerd door de Nederlandse staat, ik bevind me daar tegenover, face en face
met de vijand. Inklusief de studenten die daar zitten. Dat moment van vijandschap houdt pas op meteen wanneer zij namens zichzelf spreken en niet namens de struktuur. Dan is de vijandschap omgeslagen in de sfeer van Vlagtwedde, dan heb ik te doen met de eerste verschijnselen van deloyaliteit. En de sikkeneurigen en de tegenstribbelaars blijven in de kontramine.
En als ik vertrek, dan zitten ze natuurlijk weer zo waar ze al zaten, al!een -
en dat hoop ik dus
- ze zijn weer een beetje deloyaler. Ik geef ze geen alternatief, maar ik laat ze zien dat ze zelf ook geen alternatief hebben.We zien samen in de tijdelijke vriendschap in wat voor leegte we zitten. En als we dat nu goed leren beseffen, jij en ik en zij, dan komt het invullen ook zeker. Want dan zijn we een stuk
verder.
Je moet met elkaar praten. Het interfereren. En weer het grootste gevaar:
elitevroming. Zolang je dat niet ziet, ga dan in je tuintje zitten en stem VVD.
Tenslotte graag je mening over de ontwikkeling van de derde wereld.
Ja. Let even op dat die naamgeving: eerste-tweede-derde
wereld puur kolonialisties is, heel subtiel weer dat verschïl aangeeft. Op
de meest subtiele en interessante wijze houden de grootmachten in de praktijk
die onevenwichtigheid in de ekonomie in stand. Amerika en Rusland kunnen het ook
alleen maar overleven als ze elkaar in stand houden. Amerika-Rusland-Japan-EEG,
dat is de grote kongsie, geworden. De onderontwikkelde gebieden, dat wil dus zeggen de gebieden die de kongsie tot ontwikkeling hebben gebracht, moeten
eronder gehouden worden wil de kongsie zich handhaven, want die gebieden hebben
de waardevolle grondstoffen. Hoe doe je dat? Eenvoudig: door niet teveel te
investeren in die gebieden. We zien duidelijk, dat de investeringen van
bijvoorbeeld Amerika veel hoger worden in Europa dan in de derde wereld,
waar bijvoorbeeld in Latijns Amerika de investeringen een procentueel veel
geringere progressie vertonen dan voorheen. Aan de andere kant probeert de kongsie zoveel mogelijk de grondstoffen te
verkrijgen uit politiek stabiele gebieden. Brazilië is er het voorbeeld van,
tegenover bijvoorbeeld Chili dat gemeden gaat worden. Bovendien dat de
research naar surrogaat-grondstoffen steeds intensiever worden aangepakt. Ik
voorzie dat de derde wereld tot 1980, 1990 volledig in de greep blijft van de
kongsie. Alle middelen zullen te baat genomen worden om die grip te behouden. En
een Allende heeft geen schijn van kans. Zoals die sociaal-demokraten hier
gefaald hebben, zal hij - want hij is ook een sociaal-demokraat een Joop den
Uil, geen marxist - ook falen. Ook een Sekou Toure zal vóór '73 - als die bauxiet
uit Guinee komt - gevierendeeld zijn. Weinig andere hoop dus, dan die van
het maagdenhuis: de aksie is nuttig, gunstig, maar ze slaagt niet in de
opzet. En dan kom ik op onze wereld. De multinational coöperations
('vindt elkaar in een weekend om een oliekartel te vormen') hebben straks nieuwe olifanten nodig, zoals direkteur van Siemens zegt: ik ben
een oude olifant gewend om dikke boomstammen te vervoeren. Hun zorg gaat niet
uit naar de sociale onrust op de universiteiten, of het geweld op straat of
in de derde wereld, maar naar het feit dat de jonge olifanten óf verloren raken
aan de subkultuur - omdat ze dóór hun intelligentie en dóór hun begaafdheid het
niet meer zien - en zich volspuiten met heroine en op een eiland in de stille
oceaan zitten voor voorlopig, het verlies van raison d'être van de jonge
intelligentia, óf zich ontwikkelen tot revolutionaire guerrillero's. En de
Siemens-man ziet nu dat hij alleen nog de mediocre vogel krijgt die het alleen
doet voor het geld. De oude olifanten hebben het nooit voor het geld gedaan. Zij
deden het to build an empire, power. De tremendous egos die willen
heersen. En dan weer terug naar die derde wereld, waar we, dus zien
dat de eerste twintig jaar geen wezenlijke vooruitgang zal worden geboekt omdat de oude olifanten stug door blijven gaan hun internationale boomstammen
voort te dragen, de multinational coöperations zullen hun power uitbreiden.
Maar dan dus de noodgedwongen overname door het leger mediocre vogels. En daar
zal de revolutie beginnen. In de politiek hebben we dat al gezien (waarom
hebben we een technokratiese samenleving? omdat de politicologen in
staat zijn gebleken tegenspel te leveren, die nu in de kamer
zitten zijn het soort mediocre vogels dat we in de corperations krijgen en we krijgen het nu in de ekonomie, de overgebleven grote macht. En zie hoe
de mediocre vogel in de politiek handelt om te weten hoe hij in de ekonomie gaat handelen: de Udinks en de
Bakkers zijn de koryfeeën van ons
parlementaire stelsel, want door hun domme grollen maken ze het volk duidelijk
bewust hoe het verneukt wordt. Tegenspel van de politieke bonzen ten
opzichte van de industrie is vrijwel nul, vandaar dat de technoloog misschien
ongewild technokraat is geworden, hij voelt zich daarbij lekker, het is een soort
drug voor hem geworden, die aanvankelijke bewustzijnsverruiming komt de
vernauwing en ziedaar: hij merkt dat er aan de top geen Loudon meer zit, maar
een mediocre vogel, een man zoals hij: opheffing van de ongelijkheid. Bij
gebrek aan blauwdrukken voor de toekomst zal het gebouw van de ekonomie onvoltooid blijven, tot stilstand komen en tenslotte in elkaar
storten. Uit de stofwolken (de Chinezen hebben al gezegd: iemand die op
de grond slaapt kan niet uit bed vallen! ) van het geleidelijk ineenstorten hoop ik, dat het geleidelijk invullen zal ontstaan.-
Een van de eerste punten van de agenda van de wereldrevolutie, die zich dus niet in één keer voltrekt - zal dan moeten
zijn de relatie man-vrouw, dat betekent de opvoeding, dat, betekent
waarschijnlijk de pre-natale opvoeding. De werkelijke gelijkwording kan pas
komen als de zaak in het reageerbuisje wordt geregeld. Niet de schepping van
allemaal gelijke mensen dus, maar hantering als positief van de
verschillen tussen de mensen. Als men die positief ziet dan laat men de
mogelijkheid van ontplooiing van de verschillen, en dan denk ik aan het
ontstaan van mondiaal-begrip, mondiaal denken. Van het lokale Neanderthal-idee
naar het mondiale denken. Dat mondiale denken moet nu ontstaan, kan alleen maar ontstaan als de
overlevingsdrift van de huidige jonge generatie groot genoeg zal zijn. Als dat
zo is. zullen problemen als de beheersing en kontrole van de oergevaarlijke
computer vanzelf worden opgelost. En degenen die lopen te roepen dat we het
allemaal niet meer zullen beleven vanwege de milieu-vervuiling zijn wel nuttig,
maar krijgen geen gelijk omdat het probleem van de milieubeheersing ook het
probleem de kapitalisten is. Meneer Nixon, de Shell, de Esso
zijn momenteel de grootste voorvechters van milieu-orde want wat zeggen ze:
pollution is not any longer a dirty word as long as you can make a profit of it. En dus zien ze in dat ze
daar twee keer aan kunnen verdienen en dat, als
ze dat niet doen, de wil tot kopen van de consument zich beneden het nulpunt
gaat bewegen. En dat is het einde.
B.C.
Maart 1971 Brief van mijn nicht Mariette van Hall
Lieve Tom, heb zo juist je stuk in Troof gelezen.; als je jouw manier van
praten kent, is het als interviews wel te begrijpen; zo niet is moeilijker omdat
je spontane manier van spreken een lijn vaak moeilijk et ontdekken valt. Maar
mijn grote probleem na het lezen van dit interview is gebleven, wáár in
Godsnaam zie je je zelf? Je wilt je niet vijandig opstellen tegen iets of iemand
als ik het goed begrijp, maar van binnen uit veranderen (maar je veroordeelt
mensen die dat zélf doen (V.N ers en Groene) omdat die zich weer aansluiten bij
een systeem). Je manier van leven je wijze van optreden doet me enorm denken aan
wat ik begrepen heb van Chrisjna Murtié 's ideeën: pak aan wat je tegen komt en
doe dáár wat aan on the spot. Maar m.i. is het on-mo-gelijk om zo te werk te
gaan in jouw gevoel want je lezingen, je werken: er moet een lijn in zitten,
maar welke...? voor wie vecht je, voor de arbeider? (dat kun je niet want je
bent er zelf geen) voor de happy few -welke happy few en waarvan? in verdomd
veel opzichten ben je er zelf eentje van; in andere ook weer niet. Wát versta je
onder "happy"zijn? kennis?? als je in "Johnson aan de lopende band sta en
met bepaalde mensen om me meepraat, zij er bepaald mensen die niet zo'n
erge behoefte aan kennis hebben (waarmee ik niet wil zeggen dat er meer kennis
zou moeten komen voor een heel groep mensen ...! bien entendu!). Je praat over
je "kennis"als een stabiel stuk, wat je onder je arm hebt, zoals Max Croiset
over zijn helderziende gave (of vloek ?) kon spreken gister op een lezing maar
bij hem in het een onveranderlijk gegeven! terwijl 't bij jouw kennis is die
echter contant aangevuld, veranderd en onderhouden moet worden; maar hoe
selecteer je je nieuwe gegevens? 't Is een primitieve vraag, maar ik ben zo zeer
iemand die in de trend van de bestaande instellingen denkt, dat ik me gewoon
afvraag "waar je bij hoort: of zie je je zelf als een soort "apostel" ,
revolutionair" maar dan niet in de wat verwaterde betekenis die 't woord
gekregen heeft? 't Spijt me, 't is allemaal wat onsamenhangend geworden, maar
ik snap er ook dan de ballen niet meer van. De kritiek aan tafel zijn inderdaad
niet gevallen van vaders zijde: hij had al genoeg moeite 't gekeuvel te kunnen
volgen! Groet Adrienne en de kinderen. Salut Mariette.
25 maart 1971 Uit mijn dagboek. Essentie: revolutie bestaande ongelijkheid ontmaskeren dwz 1e klas trein 1e klas dood gaan etc
2-14 april 1971 Ski vakantie in Grindelwald en wandeltocht Stechelberg (Zwitserland)


13 april 1971 Brief van de voorzitter van Genootschap voor den Rechtsstaat
Mr N.J.C.M.Kappeyne van de Copello (ook gericht aan Mr de Jong Schouwenburg,
Mr Struycken, Jhr G. van Benthem van den Berg)
Mijne heren. Tot mijn spijt heeft de Heer Claassen mij namens de studenten laten
weten, dat zij om een drietal redenen tot de slotsom zijn gekomen dat
continuering van ons gesprek in de vorm waarin het geschiedt weinig zinvol is.
Zoals de heren studenten doen gebruikelijk hopen zo spoedig af te studeren en
hun tijd is dus dan zeer in beslag genomen om aan een werkgroep deel te nemen.
Tenslotte zijn zij van mening dat men over een concreet onderwerp pas goed kan
spreken als men minstens eens per maand met grondige voorbereiding en veel inzet
van een ieder te werk gaat. Het spijt mij dat wij onze werkzaamheden met de
heren niet kunnen voortzetten. Inmiddels zeg ik U dank voor uw bereidwilligheid
om daaraan deel te willen hebben. Met vriendelijke groeten. Uw Kappeyne van de
Copello
14 april 1971 Bij terugkomst brief met harde kritiek van Maarten van Dullemen naar aanleiding van ons gesprek in januari 1971. Hieronder enkele ciaten uit zijn brief en mijn antwoord geschreven op 15 april
Beste Tom, He, he,daar ben ik dan eindelijk. Het heeft me
grote moeite gekost contact met je op te nemen na de vreselijke tot niets
leidende uren die je me op die zaterdagmiddag bezorgd hebt ! Ben er
minstens twee dagen doodziek van geweest. Na afloop was ik
alleen maar murw en we hadden nog niets concreets afgesproken. Je moet echt
beloven een volgende keer niet zo je spraakkunst, ijdelheid en zuiverheids
toetsingen bot te vieren! Beloofd?
Beste Maarten, Dank voor je brief met veel informatie ook wat betreft mijn
indruk op jou tijdens je bezoek van 16 januari , dat je de 3 eigenschappen die
je meende niet een volgend keer naar je hoofd geslingerd krijgt kan ik
onmogelijk
beloven. Want ik ben ijdel (wie is het niet) die zijn gedachten etaleert de ene
doet het met zijn mond de andere met zijn pen en weer een ander wel een
titel en carrière of god mag weten wat. ik heb chronische behoefte tot het
etaleren van mijn twijfels en een klankbord nodig! en tevens probeer ik tot
een nulpunt te komen dat altijd lager ligt dan het vorige. Helaas is het eerste
contact met elkaar totaal de mist in gegaan. Het enige hoop geven er van is wel
dat we blijkbaar er beide minstens 2 dagen dood ziek van zijn geworden. In
mijn dagboek staat geschreven: M. van Dullemen zeer frustrerend bezoek geen
resultaat. Groen of paarse of rode nergens meer vertrouwen in. Jij kwam
namens de Groene blijkt en blijk ik (zo lijkt het me thans na analyse ) reageer ik
hier op ( dus op de zgn links pers) zo allergisch dat een contact met Maarten van
Dullemen daardoor totaal onmogelijk bleek, ik kom nu met het volgende concreet
voorstel :Is het mogelijk te spreken met Maarten van Dullemen en dat tijdens dat
gesprek mogelijkheden voor een andere samenwerking worden uitgewerkt? Zo
ja dan zal ik van mijn kant beloven om zo zakelijk mogelijk te blijven en
tegelijkertijd zo eerlijk en kritisch als het in mijn vermogen ligt en niet op de
guerrilla manier zoals de vorige keer (Er kwam toen iemand namens de GROENE). Zo
niet dat is jammer om geen gelegenheid te hebben gehad kennis te hebben
mogen maken met Maarten van Dullemen - want dat kan ik wel zeggen - hetgeen mij
bijzonder interessant lijkt; want ik heb behoefte aan mensen te ontmoeten en geen
dingen. Ik heb behoefte aan mensen waar ik gezamenlijk mee kan werken aan de
analyse van het perfide systeem , deze analyse (inclusief onze eigen
levenssituatie en niet alleen Vietnam c.s ) deze geestelijke striptease
zal een beginnetje moeten vormen misschien letterlijk en figuurlijk kan
bijdragen tot een uitbanning van een systeem dat ons allen in
en wurgreep houdt. Ons denken is er mee geperverteerd, zo gecorrumpeerd dat we
nauwelijks meer merken. Deze striptease kost energie, tijd en vooral de eis om
zich geheel bloot te geven aan de ander. Het is alleen mogelijk als de ander
niet namens een element van dat systeem komt, want de Groene is een onderdeel,van
het kapitalistisch systeem. Het hoort er bij, zeer toepasselijk is wel de
volgende zinsnede uit Business week van 17 oktober "Ralph Nader might just
turn out to be marketing's man best friend when it comes to coping with
the fast growing
megamarkets of trillion dollars economy".
Helaas geen antwoord gekregen.
Donderdag 15 april 1971 Bespreking familie de Booy
Aanwezig Adrienne, Tom, Jan Maarten (mungle), Mariette en Mauk. Tevens
verwerkt nog aanvullende opmerkingen
1. Besloten werd dat we vijf voor half zeven' s-avonds gaan eten voor laatkomers 10
minuten speling dwz na vijf over half zeven geen voer meer.
2. Korveen wisselt op donderdag avond voor het avondeten dus de nieuwe korvee
moet direct de vuilnisemmers verwisselen; en op straat zetten. Vanzelfsprekend verzorgt de korvee ook de vuilnisemmersop maandag avond (voor die avond dat men te laat was)
.
3. Bij niet nakomen van afspraak moet de schuldige de rol van Mamma overnemen,
afwassen koffiezetten etc
4. De korvee begint op donderdag 15 april met Jan Maarten daarna volgt de
volgende week Marriette en daarna Mauk.
5. De regeling van de financiën van Jan Maarten en Marriette: Elke maand
10 gulden zakgeld, de rest van de uitgaven met voorgeschoten geld betalen. Wanneer dit geld op is de uitgegeven gelden verantwoorden met een zo
gedetailleerd mogelijke afrekening om daarna weer een nieuw voorschot te krijgen. Uitgaven die niet
gelden onder normaal worden afgetrokken van het maandgeld. Mauk
krijgt 13,- per maand.
6. De fietsen dienen in goede staat te worden gebracht.
7. De zomervacantie wordt door een ieder zelf geregeld. Voor gelden nodig voor deze
plannen kunnen Jan Maarten en Marriette zich wenden (met goed uitgewerkte plannen) tot
Grootmoeder, die heeft toegezegd om iets te betalen aan de vacanties
van JM en Mar.
8. Het .huis aan de Waldeck Pyrmontlaan 3a sluit haar poorten van 26 juni - 15
juli 1971. Een ieder moet een goed heen komen vinden.
9. Woensdag 21 april zullen J.M. en Mar. worden
doorgelicht op het adviesbureau, zij zullen deze dag van school vrij vragen.
10.Tennismiddag van 1/2 5 - 1/2 7 op vrijdagmiddag met Pappa. Iedereen van de rest
van de familie is welkom
16-30 april 1971. Artikel in Troof. 1 mei nog rood?
Verzetsstrijder Tom de Booy, waarmee we in troof 13 (u weet wel van de centrale postdienst & de
lepeltjes, alles mede gesubsidieerd door het kuratorium waarvan we nog geen cent gezien hebben) een uitvoerig gesprek hadden, zit sinds maandag de 18e april in het Utrechtse Huis van Bewaring aan het
Wolvenplein. De Booy, die er zonder twijfel in zal slagen het halve
gevangenispersoneel om te turnen, zit vijftig dagen uit, omdat hij het
verdomt de boete die de Hoge Raad hem voor zijn aandeel in de Maagdenhuis-bezetting oplegde te betalen. Hoewel Tom zich in zijn
cel
zeker vrijer zal voelen dan
menige gefrustreerde kapitaal-sabbelaar van de. N. V. Opleidingsbedrijven
te Den Haag (p/a Veringa, Ministerie van Onderwijs) is het toch
eigenlijk wel te gek dat het linkse gebroed zich thuis met de PSP of de PPR
zit op te fokken, terwijl Tom en zijn kornuiten via ingewikkelde
manipulaties van de justitie straks als martelaren uit de bus van Mulder,
Westerhout, Roolvink, Kruisinga, Udink, Schmelzer & Co's moeten komen.
Onbegrijpelijk dat we dat zomaar schijnen te nemen zonder ook maar
een formeel studenten-protestje, Wolvenplein-demonstratsietje of wat ook. Laat staan
ontzetting. En hoe zal dat nou straks gaan als soortgenoten van Tom reeds
weken tevoren zonder een vuiltje aan de lucht voor aksies waar ze alleen
maar van dromen worden vastgezet? Zie het godsgruwelijk ontwerp van de Commissie Mulder en vraag je af
waar al die enthousiastelingen blijven die de laatste tijd voor een verdriedubbellng van het ledental van organisaties als Amnesty International
zorgen. Is het dan helemaal gezegd met de opsomming van wat argumenten-tegen,
.- of wordt het voor de donder tijd voor een kleine knechting van het haagse
establishment dat onze demokratie verkracht? Straks kunnen we zelf
vanuit de gevangenis een kaartenaksie starten, omdat we er drie weken
terug aan dachten om dit stukje te schrijven. Justitiële molens malen immers
langzaam maar fijn. Hallo?
Grepen uit mijn dagboek opgemaakt in de het Huis van Bewaring aan het
Wolvenplein in Utrecht van 20 april t/m 9 juni 1971


Twee foto's van het Huis van Bewaring I aan het Wolvenplein in Utrecht. (In de 19e eeuw ontstond in Amerika en Europa het idee om mensen op te sluiten in gevangeniscellen als nieuwe humane manier van straffen. De gevangenis aan het Wolvenplein in Utrecht was de tweede cellulaire gevangenis in Nederland en nu de oudste nog bestaande. De officiële opening was op 1 juli 1856)..
Dinsdag 20 april Gemeld bij politie bureau Baarn. Met agent Lodestein
naar Huis van bewaring in Utrecht. Ze hadden het vonnis nog niet. Terug naar
Paleis van Justitie aan de Hamburgerstraat. Daar in cel gestopt Even later met
boevenwagen naar Huis van Bewaring. Kleren ingenomen en kleiding van het Rijk.
Gestopt in cel B 1/18. Gelucht met dieven en stropers. 4.45 kwam Bibliotheek
man,
6.19 haring met 10 boterhammen en half pakje margarine (dat is ook voor
het ontbijt).Vilstiften moeten worden ingeleverd.
7.30 boeken gebracht 8.10 koffie en 9.30 wassen en 11.00 gaat het licht
uit.
Woensdag 21 april:
Goed geslapen. Om 4 uur wakker bezoek van Humanistisch Verbond. Zakjes
vouwen. Eten om 12.30 gepraat met man die kind had doodgeslagen . Gesprek met
directeur van 1 uur .In de avond recreatie pingpongen.
Donderdag 22 april Onrechtvaardigheid blijft altijd bestaan omdat we
altijd ongelijk aan elkaar blijven en deze ongelijkheid niet willen erkennen en
respecteren. Ongelijkheid is de werkelijkheid het verbloemen ervan misdadig
(Van nu af aan elke dag een spreuk opgeschreven). De pater zei: : Judas heeft geen berouw getoond
Petrus wel. Lust u nog peultjes!? I.Q. was laag in de lik volgens de pater. Ook zo'n
lieve uitspraak voor en geestelijke verzorger. De kerk moet met de grond gelijk
gemaakt worden zodat zulke duivelse praat niet meer verkondigd kan worden
Vrijdag 23 april De kennis over iemand moet authentiek zijn
niet via de overlevering Zie de reiniger. Wat hij ook gedaan heeft hij is een mens en blijft het en verdient
een menselijke behandeling.
Bindingenenergie waterstof naar ijzer toename daarna afname. WAAROM! Is
ijzer het stabielste element ? De fout m.i. van Einstein is dat hij de
lichtsnelheid
als constante beschouwt waarom geen onzekerheid invoegen.
Tuchthuisboef gesproken, hele leven onder justitie. Hij zegt dat je niemand moet
vertrouwen, daar moet je vanuit gaan Hier bevrijd gebied zie hij. Hij is 19 jaar.
Eigendom is diefstal dus
ook geestelijk eigendom dat men moet geven aan de massa. Oppassen dat je iets
niet in een politiek kader plaatst want dan gaat het weer fout
Idee van bevrijd
gebied van onze cel het idee samen ontwikkeld met Jan Ebeltjes.
Ik mag nu al in de avond pingpongen , ik heb de plaats ingenomen van de reiniger
Bertus van der Poorten poot. Wat een klasse justitie. Normaal moet je een tijdje zitten
voordat
je deze recreatie mag hebben.
Zaterdag 24 april Het absurde is meestal het dichtst bij de waarheid.
In de krant bericht over het rapport van Demka die spreekt over een electro oven
die schuld had. Misschien heeft mijn rapport geholpen bij dit onderzoek Maar
je vraagt je af waar mijn actie goed voor is. De overheid gaat met de eer strijken en alles blijft
weer bij het oude! In de krant niets over de voorgeschiedenis. De pers is door en door verziekt.
Zondag 25 april Iedereen hoort in de gevangens slechts enkelen
worden hierin onderbracht vooral diegenen die niet over grond, geld, kennis,
bewustzijn etc en
voldoend macht en beschikken
Bij eten zei bewaker tegen mij dat de voogdijraad jongens opleidt voor de
gevangenis

Interieur van het Huis van Bewaring Wolvenplein
Maandag 26 april Menselijkheid is de grootste vijand van het
kapitalistische stelsel. Het doet er niks toe wat je gedaan hebt je moet je
waarde laten zien en daarop wordt je beoordeeld
Uitgezonderd zijn die ontuchten hebben gepleegd, die worden door de rest op
een afstand gehouden. Wonderlijk de scheiding tussen seks aan een kant en roof en moord
aan de andere kant. Dat
moet een diepere betekenis hebben.
Merkwaardige sensatie opeens had ik moeilijkheden om met de gevangenen contact op te
nemen, nogal vijandig. De eerste roes van excitatie ebt schijnbaar weg en nu komt de leegte is al zijn
vormen naar voren. De hopeloze strijd geen ander alternatief te hebben dan
elkaar te
bejatten en in elkaar te trappen. Het gevecht van de jungle. Ook dit is een
ervaring
die ik voor geen goud had willen missen. Ze leven als gekooide
roofdieren.
Iemand vroeg me of ik in de bouw werkte. Ik schijn me zo aangepast te hebben dat ze me
nauwelijks of niet herkennen Tijdens recreatie van een Limburger
gehoord wat
hij allemaal heeft uitgespookt 21 inbraken, autodiefstal 50 stuks. Vechten en nog
eens vechten. Hii zegt ook: ik praat niet. Heb altijd 2 messen op zak. Geweld en nog
eens geweld. the survival of the fittest.
Dinsdag 27 april Humor is een vorm van relativiteit.
Bij het krijgen van het eten zei ik tegen de
reiniger dat de
buik en onderbuik gevuld moesten zijn. Antwoord dan kan je hem weer leeg
trekken.

De linker zandloper: In het heelal geeft bij splijting uranium (Ur)
energie en streeft naar ijzer (Fe), terwijl waterstof (H) bij fusie energie
geeft en ook de elementen zwaarder dan waterstof maar lichter dan ijzer. Alles
streeft naar de vorming van ijzer .
De rechter zandloper (meer bedoeld als metafoor) zien we dat door de mens met
behulp van ijzer uranium en waterstof bommen worden gemaakt, wat dus energie
vergt. Omgekeerde wereld die leidt tot onze ondergang ?
Woensdag 28 april. Een egoïst bestaat niet want die is dan de grootste
vijand van zich zelf
Ego (na twee jaar) is dood of levend net wat je wilt.
Leuk gesprek gehad met bewaarder (tussenvoegsel. Daarvoor had ik het in mijn
dagboek over bewaker nu de eerste keer over bewaarder) 's middags basketbal op
de luchtplaats. Kort overzicht van van voedsel dat we hier krijgen : 's
ochtends of bruine suiker of 1 ei. 1 kop thee, 10 uur kop koffie soms
twee,
middageten aardappels, vlees,groenten, puddinkje, 's-avonds brood
10-12 + 3 sneetje kaas of vlees , 2x week half pakje margarine Je ziet
men kan met heel weinig gelukkig zijn zelfs met en dichte celdeur. Alleen
zonder boeken zou ik het niet zo prettig vinden.
Donderdag 29 april Leven is begrip hebben voor onbegrip Uitslag
Kamerverkiezingen DS 70- en Soc winnen, Niemand hier, behalve enkele bewaarders,
is er in geïnteresseerd. Maar dan ook HELEMAAL NIET, geef ze ongelijk De
maatschappij heeft hun buitengesloten. Gewerkt door zakjes te vouwen. De bewaker
zette het luikje open omdat ik werkte. Als ik bezig ben met hoofdarbeid is dat
voor hem geen werken zo ingekankerd is arbeid, arbeider). Een man die iets
produceert. Heerlijk bezoek van Adrienne en Mauk
vrijdag 30 april Een autoriteit iemand die nooit autoritair is
Met Jan Ebeltjes afgesproken dat onze cel bevrijd gebied
is en daarbuiten de gevangenis. Eerste brief geschreven aan Jan:
" Vanuit het bevrijde gebied Voor de bewaarders (levend in bezet gebied) B
1/18 -B 1050 Voor mijn vriend Ebeltjes (ook op bevrijd gebied
van uit het bevrijde gebied.) Voor de bewaarders B 1/14 C 2095.
Jij tekent en hebt daardoor en middel om je uit te drukken

Tekening van Jan Ebeltjes
Ik doe het met mijn mond of pen om me te bevrijden van het harnas dat ze tevergeefs ons proberen aan te trekken Ze geven het nooit op ...wij ook niet. De enige structuur waar ik in pas is mijn kist of urn, maar ik ben zelfs van plan om een bandje met scheldwoorden mee te nemen in de kist om dit te laten afdraaien tijdens de begrafenis als iedereen een potje staat te huichelen! Deze brief wordt je overgebracht door iemand die we gevangen hebben genomen, maar het is een heel geschikte man. Mao heeft gezegd dat men krijgsgevangene altijd goed moet behandelen want ze kunnen geestelijke herscholing goed worden gereclasseerd in onze vrije maatschappij. Bedenk goed we vechten niet tegen deze personen maat tegen de vastgeroeste structuren die het geestelijk milieu verkankeren en daardoor iedereen gevangen zetten.

Tekening door mij gemaakt in het HvB Tekst: grijze gelijkheid van de gevangenis met groen ongelijke vrije gebieden waarin vrije mensen wonen. Doel alles moet van grijs groen worden. Ruimte buiten aarde om daarna van groen weer grijs te worden of te wel de eeuwige revolutie!! C1-14 C 18 zijn de cellen van Jan Ebeltjes en Tom de Booij in het Huis van Bewaring te Utrecht
(Tussenvoegsel. Iets wat ik me nog sterk herinner maar niet heb
opgeschreven is dat wanneer ik zat te lezen in mijn cel en de bewaarder binnen
kwam, ik aan hem vroeg wat voor hem kon doen. De omgekeerde wereld).
Zaterdag 1 mei Vrijheid kan men niet kopen en niet krijgen alleen voelen.
Gesprek met beroepskraker in 3 maanden 1 miljoen! Erg trots over zijn daden.
Tijdens TV kerels op de vuist onderling niet schelden, maar slaan.
Zondag 2 mei Menselijke zwakte is de bron vorm zijn kracht
Maandag 3 mei Leven is geweld
Met bewaarder gesproken, was niet te
spreken over de tegenwoordige gedetineerden vroeger veel meer eenheid nu
ieder voor zich

Mijn cel zag er ongeveer zo uit. Aan de muur het prikbord en matglazen ruitjes
Dinsdag 4 mei Hoe verder men in zich zelf afdaalt des te meer mensen men
ontmoet, hoe verder men in zich zelf omhoog stijgt des te minder mensen men
ontmoet
Ebeltjes vertelt dat zijn vader boeienkoning was, hij werd
in water gegooid en na 1 minuut was hij los. Geheim mee genomen in zijn
graf.
We hebben een
soort metafysisch contact. Alles wat hij denkt heb ik al gedachte en omgekeerd. Extrême se touche. Recreatie humanistisch verbond. Een jongen zou a.s. keer er niet
meer bij zijn. De humanist zei wat jammer dat was natuurlijk een misser Hij
had 5 1/2 maand gezeten. Zo weinig begrijpt de man er van.
Woensdag 5 mei Vrede bestaat niet, Vrijheid wel.
Donderdag 6 mei Het steeds weer proberen een nieuwe vorm te geven aan het
zelfde
materiaal
Het kapitalistische stelsel kan steeds blijft steeds bestaan als de mens primair gericht is om geld
te verdienen en winst te maken met dat geld. Ebeltjes gefeliciteerd met zijn 24ste
verjaardag een gedicht voor hem geschreven
Mijn hoofd en lichaam voelen....
Mijn hoofd en lichaam zijn gescheiden
Nu is er rust in mijn denken
Nu is het contact weer hersteld en alles begint weer opnieuw
Ook deze val wordt weer ontdekt
Altijd weer zonder ophouden
In deze eeuwige vrienden stroom van gedachten en daden
Komt heel langzaam iets tot ontwikkeling
Dat ik voor de eerste keer de hooghartige moed heb om te "dichten"
Alhoewel ik
verzekerd ben dat het nooit zal gaan
Het toch te doen dat is leven
Dat is pas mogelijk door te doen!
Goethe liet Faust zeggen :In het begin
was de daad
Het is chaotisch maar door de chaos te aanvaarden
Begint de kiem
van hernieuwd leven en daardoor wordt het mogelijk
De oude bladeren af te
stoten en als mest te gebruiken
Van Tom
Mocht vandaag ik met Ebeltjes luchten. Met bewaker gehad over kamp Amersfoort. Hij vond dat de jeugd van nu met de gummiknuppel moest worden onderdrukt. Je ziet het fascisme leeft onder ons. Niets maar dan ook niets hebben we geleerd. Van Ebeltjes gekregen tekening van een paardebloem en Jan de Arbeider

Tekening van Jan Ebeltjes met als titel : Hoe kunnen we onze vele
werkzaamheden verdelen
Vrijdag 7 mei Het aanbrengen van grenzen schept de mogelijkheid deze
grenzen te overtreden
(permanent revolutie)
Goed contact met Ebeltjes, maar misschien zal ik weer door hem
teleurgesteld worden door een te groot verwachtingspatroon, maar ja dat zien we
wel.
Zaterdag 8 mei Autoritair denken is als een kankergezwel en moet door
geweld verwijderd worden zie daar de eeuwige kringloop
Zondag 9 mei In den beginne schiep God wie schiep het beginne? Er is geen
begin en geen einde maar een eeuwige revolutionaire strijd
Maandag 10 mei Leegte kan alleen gevuld worden door leegte anders verschuift
alleen de plaats van de leegte
Met depressie wakker geworden moe en weinig zin in iets. Ik zit in fase 4 vooral
door het lezen van kranten. Te denken dat Nederland 10 plakboeken volschrijft over
het Maagdenhuis, dat nu de mensen die daarbij betrokken zijn geweest nu doen alsof
hun neus bloedt. De kranten en tijdschriften zo vol leegte. Heerlijk
gesport, net aan toe. Het gebrek aan lichaamsbeweging is toch wel schadelijk, want
het veroorzaakt snelle depressieve verschijnselen. Het lichaam moet bezig zijn
anders kan de geest niet bezig zijn.
Dinsdag 11 mei De leerling onderwijst. De onderwijzer leert. Zo wordt de
onderwijzer leerling en beginnen we met onderwijs
Net plens water door ruitje in mijn smoel gegooid, ze willen zien hoe
ik hierop regeer, ze willen zien of de grote mond dan ook nog lacht. Ik lachte me rot,
stel je voor dat dan kwaad wordt dan kan je beter naar de administratie gaan en
je boete betalen.
Om 4 uur begint Congres van het Humanistisch Verbond.
Woensdag 12 mei geen dagboek bijgehouden
Donderdag 13 mei Geweld - geweldloos is geen tegenstelling zoals dag en nacht
aanval en verdediging wel
Vanochtend door het congres te veel opgeslurpt om dagboek bij te schrijven. Er is
veel omgewoeld en zoveel geleerd maar je ziet hoe zeer door het leventje zo'n
evenement je uit het gevangenis gedoe komt. Door het contact met buiten verlies je het
gevoel dat je gevangen zit. Het contact met de bewaarders is heel anders daarvan
kun
je helemaal niet voorstellen dat ze behoren tot de buitenwereld.
Nu maar wachten op bezoek dan is het weer tuchten. Dit is een werkwoord dat je
alleen maar leert in de bajes. Heel lief bezoek gehad van mijn grote schat Ze
doet het maar.

Luchtplaats van het Huis van Bewaring
Vrijdag 14 mei Wanneer ziet men dat iets wit is of zwart is wanneer zwart
in het wit of wit in het zwart zit
Ebeltjes komt met tekening van viskom. 's middags gelucht met Bertus en Jan
zeer goed gepraat goed contact tussen ons drieën. Bibliothecaris liet ik de tekening
van Jan zien. Hij antwoordde: Ebeltjes was een instrument in mijn handen. Lust je nog
peultjes.
Zaterdag 15 mei De revolutie is niet romantisch omdat de problemen van de
onderdrukte klasse niet romantisch zijn
Gelucht samen met Ebeltjes.
Het normenstelsel is hier totaal anders dan waarin ik ben opgevoed, is het
mogelijk een gemeenschappelijke noemer te vinden. Het maakte me bij terugkomst
in cel
zeer depressief vooral na het lezen in het boek over Lenin met de trieste
afloop dat al zijn goede bedoelingen ten spijt het een onderdrukking is in de USSR.
Wat een lange weg, vol stof, eindeloos. Na moeilijk slaap vatten met een
slaappil weggebracht naar het niets.
Zondag 16 mei Hoe moeten we elkaar verstaan als we niet eens met onszelf
kunnen spreken
Bewaarder zei tegen me dat hij alleen een goede bewaarder kon zijn,
als hij zijn hart op de stoep had gelegd en 's-avonds weer mee naar huis nam.
Maandag 17 mei In nood leert men vrienden maken omdat men ze nodig
heeft. Als men ze niet meer nodig heeft blijven het echte vrienden (Hoeveel ?
Nul, Ha Ha)
Op luchtplaats aan de mensen gevraagd waarom ze links om op de luchtplaats
lopen. Iedereen had een ander antwoord .
Nieuwe gevangenen binnengebracht. Verschrikte gezichtjes. Zelf voel je je een
hele Piet, want je hoort erbij. Wonderlijk proces gebeurd zelfs in de bajes.
Op de luchtplaats gesprek met reiniger (Bertus). Hij dacht maar aan 2
dingen 1. wat hij gedaan had 2. hoe zijn leven opnieuw op te bouwen. Brief aan
min van Justitie voor Zwiers geschreven, het had geholpen. Als het maar in hun
burgerlijke taal is gesteld, dan verstaan ze het, voor de taal van het
proletariaat zijn ze doof.Je ziet weer klasse justitie.
Brief aan Janneman geschreven: Hier volgt de tekst uit het voorwoord van Jean Paul
Sartre in het boek van Fanon de verworpene der aarde. Het geeft heel goed en
duidelijk aan waarom wij verleden week zo ellendig beroerd, driftig, verdrietig , wanhopig
etc zijn geweest tijdens de congres dagen van het Humanistisch Verbond. Deze
woorden komen aan als zweepslagen en geven mij steun en kracht om ons verder te
ontwikkelen bij onze eigen bevrijding van het juk van onze
verkankerde maatschappij waarin wij alleen maar zien een verdere vernietiging
van ons symbool van de paardebloem in het huis van bewaring op een morgen in
Mei. De
revolutie zal gewelddadig moeten zijn want alleen geweld kan geweld doen
verdwijnen en
niet door zachtheid want dat maakt stinkende wonden.
Dinsdag 18 mei Zwakte is kracht. Kracht is zwakte. Is = samenvoeging van
mogelijkheden
Gesprek met man die ontucht met kinderen had gepleegd, aangegeven door zijn
eigen vrouw, had zelfmoord willen plegen. Zelf slechte opvoeding 4
moeders tot 18 jaar in gesticht 21 j kosthuis. Drinken etc. Schoenmaker van het
Humanistisch Verbond maakte weer de fout door te zeggen: " tot over 2 weken hoop ik
jullie weer terug te zien". Hij werd kwaad dat we hem er op attent hadden
gemaakt. Hij zei dat heb je van de Booy. Zijn
ogen vlamde.
Woensdag 19 mei Chinees gezegde: Ware woorden zijn niet mooi en mooie
woorden zijn niet waar
Donderdag 20 mei Niemand kan je beter helpen dan jezelf
Vrijdag 21 mei Het is moeilijk om te verwerken voor een mens dat hij het moment NU de
enige hoop heeft te verwerken
Vermeulen had 14 dagen beperkt gekregen omdat hij een sigaret had
opgestoken in de kerk. De bewaarder die ik sprak vond het wel redelijk. Bezoek Adrienne, Mariette en Mauk erg gezellig.
Zaterdag 22 mei Macht is Recht
Handenarbeid,zeer typisch de man die er bij hielp heeft iedereen een
vel papier gegeven om daar iets op te kalken. Vervolgens deze aan elkaar te
plakken tot een groot stuk papier. Een ware happening.. Iedereen deed
mee en iedereen kalkte zijn agressie op het stuk papier: hakenkruizen,
sleutelbossen, celdeuren, kortom alle fascistische trekjes van een gevangenis. Nu
werd het deze man te gortig en vroeg me om de vrije expressie te onderdrukken zo
zie je dat komt ervan als je vrije expressie wilt geven in een onvrijheid.
Dat kan niet. Mijn heren zullen jullie het nooit begrijpen. Het stuk papier
hebben ze
uitgerold in de gang. Wieringa er bij, er gebeurde niets alleen dat het moest
worden ingerold. Men was verbaast dat er geen repressie kwam.De adjunct
directeur de Besselaar kwam in mijn cel. Hij
had de brief van Ir van Tijen gelezen en zei: Uw vader was het niet met U
eens....
Zondag 23 mei Er is altijd een duivel in het paradijs dat is dus de
definitie van het paradijs. Hel en hemel bestaan niet afzonderlijk maar zijn en
blijven met elkaar verbonden.
Maandag 24 mei Het ontdekken en erkennen en accepteren van
tegenstrijdigheden geeft de kracht om door te gaan met dit proces
Zeer boeiend is Marx 's boek Het Kapitaal. Wat een logica. Zo helder als wat en
wel overtuigend van wat arbeid eigenlijks is en wat het waanzinnige is van van geld . Bull
Verwey van Radio
Veronica binnengebracht.

Collage van foto's die ik heb gemaakt en opgehangen op mijn prikbord.
Dinsdag 25 mei Bezit om andere mee te onderdrukken ( en niet om zich
zelf in stand te houden) behoort niet aan een groep maar aan de gehele mensheid
Brief van Bertus van der Poorten Vandaag begin ik met werkstaking.. Ik ben
benieuwd of ze er intrappen. Ik denk van niet Bij de directeur geroepen, 14
dagen beperking omdat ik niet wil werken. Alle drie directeuren
waren aangetreden om mij te straffen. De directeur Kroes was zichtbaar nerveus.
Mijn brief waarin ik gezegd had dat ik om principiële reden niet wil werken had hij
niets te maken, alleen het rapport van de huismeester. Hij gaf toe dat het werk
onzinnig was.
Woensdag 26 mei De daad bevrijdt en geeft kracht om zich als mens te
ontwikkelen
Bewaarder zei : het wordt tijd dat U weggaat. Opnieuw instellen vooral de
kooi is indrukwekkend dan voel je als een beest. Zoals mijn buurman zei terecht die 2 kooien verder op zat: Je
wordt zo vals als een hond in een hok. Dat gevoel
is het. Je wordt vals een beter woord weet ik er niet op.

Luchtkooi voor gevangenen met beperking
Donderdag 27 mei Niemand moet iets namens een groep of zo iets. Ik zelf
alleen moet namens mij zelf en dan ook niemand anders
Tuchten, wachten tot bezoek. Enig om Jan Maarten te zien. Ik vertelde van
mijn straf. Wat schrok mijn lieve vrouwtje, ze verzette zich er tegen. Daardoor ging
veel van het bezoek verloren. Het was daarom zo om.
Vrijdag 28 mei De vraag is een dodelijke dolksteek voor steller als
gevraagde
Vanochtend 4 uur op, Adrienne geschreven, daarna geslapen top 7 uur. Om en of
andere reden kwaad geworden het alleen voelen (fase IV) niemand zelfs, Ebeltjes
met de verwachting in hem is ook mijn fout geweest. Hier eens weer voor mij zelf bewezen dat de
eenzame guerrilla het enige strijdmiddel.
Naar administratie. Discussie met de man werd kwaad en gooide me er uit. Nu
pas tot rust gekomen in het lot
(door mij zelf opgelegd )geschikt.'s-middags plezierige lucht, de man durfde de
deur niet open te doen en sprak door het ruitje met me. Over marxisme Geld is
niet alles. Hij zou mijn stront opeten voor 1 miljoen, maar nooit het hoofd
van zijn vrouw afhakken er is een grens aan alles.
Zaterdag 29 mei Beperking kan vergroting van vrijheid betekenen
1696 John Bellers: The labor of the poor being the mines of the rich. Veel
bezoek gekregen door ruitje. Iedereen weet van mijn actie en is solidair er mee. Mijn overbuurman
heeft een plaatje aangevraagd voor mij dat door de radio
wordt uitgezonden. De bewaarder kwam binnen om mijn schaar af te pakken. Kreeg
conflict met hem. Dit conflict met de bewaarder was toch wel erg essentieel want
door mijn felle reactie van woede heeft hij iets wezenlijks geraakt met zijn
kritiek.
Enerzijds verwachten ze van de kaste noblesse oblige en anderzijds de haat dat
wij de uitbuiters zijn. Hoe dit verschijnsel op te lossen. Als nl mijn kaste
zo iets van me zegt, ga ik lachen. Ha Ha want dat raakt me niet, maar als hij het
zegt doet het me pijn.
Zondag 30 Mei 1e Pinksterdag Actie -> Rust, Geweld ->
Geweldloos,
Nacht -> Dag, Is bestaat alleen
Om 4 uur wakker, het voorval gisteren heeft me de hele nacht bezig gehouden,
daarna weer ingeslapen.7 uur wakker van de diepe tonen van de Domtoren, tussen het
geweld van rinkelend glas van mijn bovenbuurman die de zaak bezig uit zijn cel
te gooien. Heel leuk gesprek gehad met bewaarder waar ik gisteren zo boos was
geweest. Heerlijke brief van Jan Maarten gehuild want opeens had ik het gevoel dat
het mijn zoon was en dat ik contact met een mens had. Wel een teleurstelling
dat Mama geen briefje heeft gestuurd voor de pinksterdagen en dat in de brief
van JM stond dat ik een brok zenuw was. Ze vergat dat dit was omdat ik bang zou
zijn voor haar reactie en onbegrip voor het doel van deze nieuwe actie. Ik ben
dus niet meer in contact met haar. Het zal een heel werk zijn om haar te laten
zien hoezeer ze nog vast zit aan haar frustratie en door een influistering van de omgeving. JM
begrijpt het beter. Hij is het met mijn stellingen eens. Mariette laat ook al
niets meer horen. Dus hier ook een scheiding van de geesten. Wonderlijk zo diep
gaat het mens van de revolutie. Maar ik moet proberen begrip te hebben voor haar
gebondenheid en angst voor de mensen van de omgeving. BOWO krantje
gekregen. Ebeltjes is een solidariteit staking gegaan met onze actie.
Aan Jan geschreven: Vrienden danken elkaar niet met het woord maar met de daad.
Vrienden zijn het die elkaar
kunnen verloochenen zonder verraad. Vrienden zijn het
die elkaar vrijlaten in het leven. Vrienden blijven vrienden als nooit meer
vragen dan geven.
Maandag 31 mei 2e Pinksterdag Ontdekking van zwakte geeft sterkte aan
geheel
Als ik droom altijd plezierige dromen. Vele filosofische gedachten gehad
vandaag. Net gesprek gehad met van Dijk wat een goede. We
hebben het over God gehad. Hij zegt : Bent u wel eens in Duitsland geweest, ja zeg
ik. Hij zegt: Zou god dat ook allemaal gemaakt hebben. Zou God alle talen spreken. Dit
is weer een goed voorbeeld, dat ik nog eenvoudiger moet beginnen. Ik had het niet
voor mogelijk gehouden dat in het jaar onzen heren 1971 de mensen nog zo goed
gelovig zijn.
Dinsdag 1 juni Wit zwart maken, daarna duidelijke verschil tussen zwart en wit.
Er is nu grijs waarvan niemand meer weet waaruit het is opgebouwd wat wit en wat
zwart was
Goed contact met bewaarder. Hij waarschuwde voor de schurken die me wel
zouden vergiftigen en dat bij de directie en bewaarders ik doorga als gevaarlijk
Ze maken je kapot op een jofele manier en is uw vrouw weduwe. Vanavond Frits van
de Wereld gesproken. Het Humanistisch Verbond was weer een
afknapper.
Woensdag 2 juni De kracht die uitgaat van een ontspannen lichaam is
groter dan van een gespannen lichaam
Mijn actie heeft succes men gaat over enkele weken een modelstaking van 1 dag
voeren, niet werken niets eten, niets maar dan ook niets. Zo zie je weer. als je maar
begint en ze vrijlaat dan komen ze wel, als ze niet komen dan is de modelactie
niet aangepast aan de actuele situatie.
BOWO post niet vrij gegeven. Luikje mocht open omdat ik gezegd heb
dat het 24 graden in de cel was
Salaris 3000 zakjes vouwen per week = f 7.50. Niemand
mag meer aan mijn luikje komen praten De driebergse moordenaar kwam ook
langs, maar mocht ook niet met me praten.
Donderdag 3 juni Elitevorming is de zekere dood voor elke actie of beweging
Lief bezoek weer goed contact. Drukke dag weinig denkwerk heel anders dan
andere dagen. Verwey nog gesproken .
Vrijdag 4 juni In het hart zit minder geweld dan in de vuist
In de droom verwerkt dat ik in de gevangenis had gezeten en naar buiten
mocht. In onderbewustzijn gevangen zitten als beginpunt en vandaar naar buiten. Ook
is
verdwenen het gevoel van machteloosheid als de deur achter je dicht gaat. Er is
misschien de angst voor de terugkeer, de teleurstelling, het missen van gemaakte
vrienden, want als er een behoefte is bij mij dan is het contact met andere
mensen. Vanmiddag bezoek bij directie samen met Ebeltjes. Ontroerend moment de "moordenaar" kwam een kusje op mijn raam geven!
Zaterdag 5 juni Elke geslaagde actie is mislukt
Mijn activiteiten zullen in de toekomst erop gericht zijn steeds weer de
afwisseling (spasmodisch ) tussen theorie en praktijk. Mijn fouten: niet luistern,
poeh ha, gevaarlijk willen zijn, masochistisch etc
Zondag 6 juni Oorzaak en gevolg vallen samen
Maandag 7 juni De straf houdt slechts rekening met een fractie van het
geheel en wel met het laatste beeld. Hoe het tot stand is gekomen doet niet
terzake
Goed gesprek met lid van de commissie van toezicht de heer Westerhout. Hij
begreep er
alles van. Hij zei dat ik bij hem dingen bewust had gemaakt die reeds sluimerde.
Dinsdag 8 juni Kwantiteit, kwaliteit, tijd, ruimte, energie, materie zijn vele
kanten van hetzelfde gezicht.
Het lezen van Business week doet je rillen. Wat een verschrikkelijk stuk over
computers. Stel je voor dat je in de gevangenis hier zou computeren, dus
effectief
zou maken. Te erg laat staan dat de computer de
arbeid verricht dat is het einde niets menselijks aan, gelukkig afhankelijk van
elektriciteit.
Woensdag 9 juni Vreemd gevoel om daar op de stoep te staan van het
Huis van Bewaring. Een scheiding tussen 2 werelden. Een wereld,vol vrienden die me nog na
brulden 'Alte kamaraden' en de andere wereld met mijn lieve gezinnetje omringd
door een vijandige wereld.'s-Avonds erg moe, een beetje verdoofd door
wonderlijke
sfeer van dat deze wereld gewoon doorgedraaid heeft en totaal niet bewust van al
het leed. Adrienne lief gehad, ook dat was nog onwezenlijk. Ik was nog te
vol van de wereld in het HvB van de vergezichten dat ik deze wereld nog kon
voelen. Het eten bv deed me niets het moet lekker zijn geweest maar ik proefde
het niet.

( Foto's van het Huis van Bewaring ontleend aan het boek van Bettina van Santen De gevangenis aan het Wolvenplein. Uitgave Stichting Plantage, Utrecht 2001, ISBN 90 77030 026)
Correspondentie tussen Adrienne en Tom de Booij ten tijde van zijn hechtenis van 50 dagen in het Huis van Bewaring Utrecht
Donderdag 20 april 1971 20.20 uur cel B 1/18. Huis van Bewaring. Wolvenplein
Utrecht .
Lieve viertal ( + Dino). Daar zit pappa in de bak. Boris Boef (BB). Het is een
hele belevenis. Ik zal maar meteen vertellen hoe de de dag is verloren.
Vanochtend door Mamma om 9 uur bij het Baarnse politiebureau afgezet, waar Mamma
mij heeft toe gefluisterd dat ze er achter stond dat ik naar de gevangeis ging! ( heel lief en flink
van haar, wees maar lief voor haar, kinders). Door hoofdagent Lodeisen naar Utrecht
gebracht met een blauw Dafje. Bijzonder
aardig. Eerst naar Huis van Bewaring. Hij wist niet waar het lag en heeft wel
2 maal op straat naar de weg gevraagd. Hij wilde steeds maar mijn koffers dragen.
We kregen nul op het rekest bij het huis van bewaring, want het vonnis was er
nog niet, dus naar de Hamburgerstraat (vlak bij de Dom). Daar nam ik
afscheid en werd in de cel gestopt na eerst mijn zakken te hebben
leeggemaakt en het geld te hebben afgegeven. Toen 2 uur gewacht; tezamen met
een andere gevangenen overgebracht naar het Wolvenplein. Daar bijzonder
vriendelijk
ontvangen, net als het binnenkomen in een ziekenhuis. Heerlijk middageten.
Soep en bal gehakt, aardappelen en sperziebonen. Prima. Daarna naar de
kleedkamer. Alles inleveren: radio + camera+ zaklantaarn , mes , schaar
afgenomen (Kan Mamma bij haar bezoek weer meenemen), 15 scheermesjes
eveneens. Elke dag krijg ik 's-ochtends de beschikking over een mesje. Ondergoed, pyjama, handdoeken alles gratis van Minister Polak. Wat een aardige
man toch. Boeken mocht ik meenemen. Na eerst een douche (warm) te hebben
genomen, kreeg ik een cel (kamer) voor mij alleen. Met draadomroep die je zelf
aan en uit kan zetten. Potten en pannen om je eten te ontvangen. Afwasteiltje,
spiegel, bed met witte lakens en sloop ! (HELDER!) keurige tafel met formica,
goed zittende stoel. Kortom een ideale werkkamer. met prima verzorging op
materiaal gebied. Een klein detail aan de binnenkant van de deur zit geen kruk
en slot. Ik heb een bel om de wacht te roepen, dus wat wil je meer. Ik moest een
verklaring tekenen dat ik alleen wilde zitten, anders zou ik bij een paar
mensen komen, dan komt er van werk niets meer. In de cel gekomen(heel
aardige bewaker) alles uitgelegd. Ik was op orde om 3 uur. Dan begin je dus aan
de 50 x 24 uur = 1200 uur in een kleine ruimte. Een wonderlijke ervaring.
Dezelfde sensatie als in Arnhem, maar met één groot verschil, dwz . je weet
precies wanneer het is afgelopen. 3.15 thee (ook geweldig goed) 3.45 gelucht op
een pleintje met je medegevangenen (man of 30 schat ik ). Leuke gesprekken. Zeer
levendig en interessant. Details later. Lekker in het zonnetje op een bankje,
precies als in een wachtkamer voor de dood: bejaardenhuis. Een van de gevangenen
had ook in het concentratiekamp Amersfoort gezeten onder Kötella. De gevangenen
helpen mee aan de bediening van de maaltijden. 4.45 man van de bibliotheek of
ik boeken wilde lenen. 6.10 eten, 10 boterhammen (ik kon er ook meer krijgen)1/2
pakje margarine (van de cantine kreeg ik een pot appelstroop en
pindakaas).Tevens nog een heerlijke haring. 6.45 werd het broodmes opgehaald
(niet om de nacht mee door te brengen) 7.30 tijdschriften (Revue en Panorama)
alsmede een zeer uitgebreide catalogus. Ik kan bestellen en morgen brengen ze de
gevraagde boeken. 8.10 koffie, 8. 45 gevraagd of ik naar de WC wilde gaan en
nacht maken (wassen) . In de gang kwam ik nog een gespreksgroep van ene
kerkelijke organisatie tegen (kan ik me ook voor opgeven) deze mensen (incl.
aardige meisjes) waren in mijn ogen nu al mensen van een andere wereld, die gaan
konden waar ze wilden en tevens dit voorecht niet beseffen De tragiek van
de vrijheid. Woensdag, Zaterdag en Zondagavond cantine avond (ping pong, TV etc)
Zaterdagochtend handenarbeid en Zondag kerkdienst. Ik mag ook op een krant
abonneren die 's-ochtends bij het ontbijt krijg. Het werken wilde vandaag nog
niet vlotten. Ik hoop morgen al zo gewend te zijn dat ik me voldoende kan
concentreren. Het is toch een hele overgang, maar alles went en ik weet nu al
dat ik het voor geen goud had willen missen, alhoewel van de 1200 uurtjes er wel
een paar bij zullen zijn die minder leuk zijn. Maar dit alles valt in het niet
als je je bedenkt wat er in de wereld gebeurt hoeveel mensen in de
gevangenis zuchten onder condities waarbij dit een Walhalla is. Het lijkt me
desondanks zeer nuttig als Jacob ook een een poosje naast me komt zitten. Het
uitspreken van een vonnis zal hem dan wel iets anders vallen. Maar ja denk maar
aan Speer of Philips die denken ook alleen maar aan het bouwen van paleizen en
gloeilampen. Hoe was het zonder Pappa? Ik denk heel rustig, maar ik hoop toch
dat na 50 dagen jullie het te rustig vonden. Nu lieve schatten. Ik zit heel
dicht en toch heel ver van jullie. Geniet maar van het leven en wees lief
voor elkaar, van jullie in de gevangenis zittende vader die zich heel erg vrij
voelt. Veel liefs Pappa
(Enige regels van het Huis van Bewaring I te Utrecht.
1. Om 6.45 uur v.m. wordt het licht in Uw cel aangedaan. Als er voldoende
daglicht is, zal de béwaarder het licht uitdoen. Om 23.00 uur zal het licht uitgedaan worden. Het is mogelijk dat U 's
nachts een wat zwakker licht (nachtverlichting) in Uw cel aanhoudt.
2. Om 07.00 uur 's morgens wordt U door de bewaarder gewekt. U bent verplicht U
in de wasgelegenheid te gaan wassen. Scheren moet U zelf op de cel doen.
3. Wanneer U Uw cel verlaat, voor bezoek etc., bent U verplicht om
onmiddellijk na afloop daarvan naar Uw cel terug te gaan. Gedurende de tijd dat U
wandelt op de luchtplaats zijn de toiletten
gesloten. Bij de luchtplaats zijn enige toiletten aanwezig.
4. Het is niet toegestaan dat twee of meer gedetineerden
zich in een cel bevinden, b.v. voor het schrijven van brieven. Alleen met
toestemming van de directeur of de hoofdbewaarder is dit mogelijk.
5. Het is niet toegestaan
gedurende de recreatie de recreatiezaal te verlaten. Bij hoge uitzondering kunt U met toestemming van de toezichthoudende
bewaarder de zaal verlaten, terugkeren is echter onmogelijk. U moet dan naar Uw cel gaan. Uitgebreid toileteren moet U voor de recreatie doen. Na afloop van de
recreatie is slechts een kort bezoek aan de wasgelegenheid mogelijk.
6.Gedurende de pauzes van het personeel blijven de
celdeuren gesloten. De pauzes zijn van 08.00 - 8.30 uur; 10.00-10.30 uur;
12.20 -13.00 uur; 15.40-16.00 en van 17.45- 19.00 uur.
7. Nachts,van 21.30 tot 06.45 uur blijven de
celdeuren gesloten. Het is dus belangrijk dat U voor die tijd drinkwater in
Uw cel heeft. Een kruik is hiervoor in elke cel aanwezig.
8. Als
U kleren e.d wilt in- of uitvoeren moet U toestemming vragen aan de badmeester.
9. Het is mogelijk (10.30- 11.00) om tenminste een half
uur per dag te wandelen op de luchtplaats.
10.Op maandag en
vrijdag kunt U gaan douchen. Uw badgoed kunt U alleen op
vrijdag wisselen.
11.Donderdags wordt U in de gelegenheid gesteld in de kantinewinkel
aankopen te doen. 12.Het is niet toegestaan foto's,tekeningen tegen de muur te
plakken. In elke cel zijn hier twee fotoborden voor aanwezig.
13. Alleen op medisch advies kunnen deze regels gewijzigd worden
14. De gedetineerden moeten nauwkeurig
zorg dragen voor hun lichamelijke reinheid en zijn verplicht tenminste een keer
per week een bad of douche te nemen.).
Vrijdagochtend 23 april 1971. Brief van Adrienne (onder de droogkap)
Lieve gedetineerde, Ik heb vannacht gedroomd van zware ijzeren deuren,
rinkelende sleutels etc. Het heeft schijnbaar gisteren toch en grote indruk op me
gemaakt , zo'n totaal onbekende omgeving voor mij, voor jou beter bekend. Het
gevoel om daar niet uit te kunnen lijkt me toch wel erg beklemmend, voor jou is
het natuurlijk anders want je kan dit
opsluiten volkomen accepteren maar het moet voor een heleboel mannen iets
afschuwelijk zijn. Ik had graag je kamer gezien, het je iets van een uitzicht
uit het raam? Wat is zo'n bezoekje kort en onwennig met zo'n bewaker erbij,
maar dat zal ook weel weer wennen, we moeten maar veel schrijven, dan kunnen we
iets persoonlijker zijn, hoewel het idee dat ze deze brief ook weer zullen
lezen ik heel vervelend vinden. Je hebt in ieder geval veel tijd om te werken,
kan je je goed concentreren of is het erg lawaaierig? Je hebt het toch niet zo vrij
als dat vriendje van Hoekert die overal in en uit liep. Dus toch wel een
tegenvaller? Je bent natuurlijk wel erg veel alleen je zal wel uitkijken naar de
avonden van vertier! Met wat voor soort mannen ben je daar en wat hebben ze
gedaan kan je daar een over schrijven?. Ik heb dus de zwarte tas achter gelaten
bij de portier. Mevrouw er zit geen contrabande in vroeg hij. Ik zei nou
misschien hier en daar een vijltje! Hij lachte zich rot. Ik vertelde dat jij
hard werkte, vandaar alle post. Hij keek me glazig aan. Jij moet met de
directeur regelen dat er iedere Donderdag een pak kranten klaar ligt die ik dan
mee kan nemen.. Dan knip ik ze thuis en plak ze in. Ik kom in het vervolg op
Donderdag 5.10 dat is dus het vaste uur. De kinderen mogen helaas niet mee van 4
t/m 16 is het verboden. Ze willen zien waar het is dat je zit , dus neem ik dus neem
ik ze mee volgende week, dan moeten ze maar even wachten. Van
Moeder kreeg ik nog een lief briefje met f 10,- om iets aan je te sturen, wil je
nog boeken en schrijf als je nog iets speciaals nodig hebt zal ik nog en paar blouses meenemen? Het
is inderdaad heel stil zonder jou, maar de kinderen
zijn ongelooflijk lief, dus dat scheelt alles. Ik weet niet waar je ze mee
gechanteerd hebt maar het werkt feilloos! Mauk vraagt iedere avond of hij tot
nu toe lief is geweest, hij is heel gehoorzaam. Het is daardoor ook gezellig
onder elkaar. Ik ben nog niet tot nu toe aan werken gekomen voor de zaak. Ik
begin Maandag, eerst nog zoveel opruimen en uitmesten. Het oerinstinct van
het nest schoonmaken. Niets in de pers hopelijk blijft het zo. Dag chou
hou je maar taai we denken veel aan je tot Donderdag,mille baisers, Ton
chou
Zaterdag 24 april 1971 Huis van Bewaring I, B 1050 B 1/18 (Mijn
registratienummer in Arnhem was 223860).
Mijn lieve schat, Heel veel dank voor de post. Jammer dat er niets persoonlijks
in zat, want daar heb ik ondanks de geweldige ervaringen die ik opdoe bijzonder
veel behoefte aan, maar ja jullie leventje gaat gewoon door dat vergeet ik
natuurlijk als je hier zit. Er blijkt weer eens uit : "Niemand is onmisbaar". Zo
zullen we moeten wennen aan twee verschillende werelden a) in het luxe leventje,
waarvan je de luxe niet beseft en b) de andere waar de waarheid geheel naakt is
en daardoor pas ziet hoezeer de mensen vergeten zijn hebben in het
"normale"leventje te leven. Misschien de tragiek van de mensheid. Net werd ik
even opgehouden met het schrijven van door het vragen van hulp te geven bij het
opstellen van een brief voor gratie van iemand. Uit dat geval blijkt hoezeer wij
bevoorrecht zijn zonder het te beseffen. De ervaring die ik hier op doe zijn
inderdaad zo ongelooflijk dat ik nu pas het gevoel heb dat ik begin te leven.
Het was heerlijk om je lieve gezichtje te zien. Je was geloof ik wel onder de
indruk van de sfeer van de gevangenis, het is hier een echte gevangenis. Ik
word gelukkig precies zo behandeld als iedereen. Ik ben een gestrafte of ik nu
een boete niet wil betalen of een moord heb begaan is voor iedereen in deze
omgeving hetzelfde. Dat is in de democratie die niet in de buitenwereld bestaat
gelijke monniken gelijke kappen. De bewaarders zijn bijzonder goed, zeer
menselijk . Een moeilijke rol voor hun. Ze zitten er altijd tussen in maar wat
ik tot nu toe gezien heb doen ze het voortreffelijk. Het is net zoals in de
maatschappij. Hoe hoger in de hiërarchie, des te meer ze moeten voldoen aan de
orders van boven en voeren ze de orders dan ambtelijk uit. Wel zijn ze zeer
precies dat je celdeur steeds dicht blijft en je mag er maar even uit om te
plassen, wassen, poetsen of luchten maar dan gauw terug in je hok. Daar moet je
echt aan wennen. Als het hok dichtgaat, dan pas uren daarna er weer iets
gebeurd. Alles went. Het geeft je in ieder geval je de gelegenheid om klinisch
na te denken. De denkmachine draait in deze cel op volle toeren en ik zal moeten
oppassen dat steeds een rust wordt ingelast, maar ja net roept de radio om dat
we vanavond TV mogen zien. Swiebertje begint om 7 uur. Tijdens het journaal
moeten we naar de WC. Morgen avond ook TV Panomariek, Sport etc. Net komt het
eten binnen, dus hou ik even op ( voortgezet zondagavond). Bij terugkomst TV
vond ik je lieve brief, zo vol met liefde. Nu moet ik mijn eerste zinnen van de
brief weer doorstrepen, want die gelden niet meer maar ik laat ze toch staan, je
ziet er uit hoezeer ik het fijn vindt om een teken van jullie bestaan te
krijgen. Alhoewel hoe meer de dagen verstrijken net als bij een vakantie des te
verder lijkt de "gewone" wereldje weg. Het is ongelooflijk wat ik hier mee maak.
Met geen pen te beschrijven. Je vraagt wie hier zitten antwoord ik alleen maar :
MENSEN. wat ze precies gedaan hebben hoor ik wel van ze maar dat gaat de
buitenwereld geen klap aan. Ik ga niet precies aan deze buitenwereld vertellen
wat voor slachtoffers ze maakt en dan nog opsluit bovendien. Nee dat blijft
hier, wel kan ik je vertellen dat het menselijk contact de uitwisseling van
menselijke warmte oneindig veel groter is dan op een familiefeest van onze
kaste! wat een verschil. Hier zijn mensen bij die durven te leven en dat
kan van weinig mensen gezegd worden in de verkilde kapitalistische wereld (dat
is wel dubbel op: verkild en kapitalistisch ) leven. Het werken gaat steeds
beter. Het tempo ligt bijna als thuis en de concentratie eveneens. Het
levensritme bevalt me uitstekend. Net genoeg afleiding en ook weer niet te veel.
De lege ruimte van de cel leer je gewoon op te vullen, je went er aan om
steeds met minder tevreden te zijn. Deze striptease van de koloniale geest (om
met Sarte te spreken ) gaat steeds beter. Ik heb heel goed contact met e
mensen aangezien het mij niet interesseert of ze hun dochter hebben doodgeslagen
of verkracht of dat ze het kapitalisme voor een paar ton hebben opgelicht. Wie
ben ik dan die daar een oordeel over mag vellen. Het zijn mensen en zo benader
je ze zonder vooroordeel geen van horen zeggen, dan volgt het contact
automatisch! Ze beschouwen me niet als een buitenbeentje. Vanavond dacht nog
iemand waar ik al een tijdje - paar dagen - mee spreek of ik ook voor
vermogens delicten zat. De bewaarders beschouwen me ook gelukkig precies
hetzelfde. In feit ben ik ook een even groot gevaar (of misschien wel groter)
voor de maatschappij dan zij. Er bestaat in feite geen verschil. We houden ons
allen hier niet aan de regels van het kapitalistische spel. Wat lief van Mauk
die brief, zeg tegen hem hoe fijn ik het vond. Ik ben blij dat de pers nog niets
heeft gehoord. Je moet maar zeggen (mochten ze nog bellen) dat ik geen interesse
meer heb ik de pers die alleen maar spreekbuis is van een systeem dat niet in
ons eigen belang is om in stand te houden. Het enige dat me nog interesseert is
met mensen te praten, te denken en te leven. Het contact dat ik nu met Jan de
arbeider heb is zo'n ontzagwekkende openbaring voor mij. Het feit dat ik
nu met hem figuurlijk op de grond slaap is een openbaring. Dan voel je het enige
wezen van de revolutie nl niet naar ze afdalen, maar lateraal een contact
relatie en communicatie tot stand te brengen. Ik weet niet of ik me na 50 dagen
nog precies zo praat maar ik geloof echter dat het nog intenser wordt naarmate
ik dieper in me zelf afdaal en daardoor een geestelijke bevrijding meemaak. De
relativering van je zelf en je omgeving. Nu nog even enkele technische details.
Ik zal morgen de administratie vragen over de kranten enz. Ik probeer of ik
wekelijks de schaar mag hanteren dat maakt het makkelijker, bij de controle dwz
minder materiaal om mee te geven Nog een antwoord op een vraag.. Ik heb geen
uitzicht: Matglas. Ik kan nauwelijks merken of de zon schijnt. Het interesseert
me totaal niet waarom zou je je druk maken over maken. Alleen bij het
luchten is het belangrijk hoe de temperatuur is. Daar stap ik dan rond weer met
de ene en dan weer met de een ander (totaal 2 x 1/2 uur). Zeer boeiende
contacten. Ook dan merk ik nauwelijks hoe het weer is. Neem svp de volgende
dingen mee: wit sporthemd, 1 paar schoenen (oude bruine trappers) nog 2
hemdjes. De (vieze) andere hoop ik aan je mee te geven. Systeemkaartjes( 4
pakjes), de volgende boeken: Fanon Black skin White mask. Che Guevara's
dagboek, idem Black revolution, Nhrumah Neocapitalism, Mao's politieke
geschriften Guerrilla oorlogvoering + rode boekje, Bijbel (kamp NCSV).
Marx Kapitaal deel I., Bakoenin (zwart boekje) uitgave Boucher, Speer's memoires
(als je het al uit hebt), Shakespeare. Kaart van Nederland. Ik zeg niet
waarmee ik Mauk gechanteerd heb, dat is een geheimpje. Ik kreeg nog een heel
lieve brief van vader en Moeder. Heel flink van vader om me te schrijven. Nu
lieve schat ik hou heel veel van je en voelde dus heel goed, dat het een grote
indruk was het bezoek hier, maar alles went. Het draagt in ieder geval er toe
bij dat je nu de tijd hebt om het losmakings proces in eigen tempo voor te
zetten en niet teveel wordt opgezweept door mij. TAKE YOUR TIME BUT DO IT
OTHERWISE .. Dat klinkt als een chantage kreet maar het is toch lief bedoeld. Dag
grote schat genietende mannetje.
Dinsdagavond 27 april 1971, Utrecht
Grote lieve schat. Het is 9.35."We" zijn net van het washok. Een paar
tegelijk worden dan uit hun kooien bevrijd om naar het washok te gaan om te
plassen, poetsen etc. Nu is iedereen weer terug "na een welterusten" te zijn
gewenst door de bewaarders. Daarna ( nu terwijl ik zit te schrijven) komt een
bewaarder langs alle kooien om te kijken of de vogeltjes er nog in zitten. Een
raampje van 15-20 cm met een groen gordijntje er voor (dwz aan de buitenkant van
de deur), dat hij even omhoog tilt door te kijken. Ik maak deze brief niet lang
want ik ben moe van het harde werken (minus 2 x 1/2 uur luchten) opgesloten
geweest, en dan ben je wel verplicht om iets te doen. Ik heb nu alle
tijdschriften en kranten doorgewerkt. Ik heb de beschikking gekregen overdag ('s-avonds
wordt het weer veilig opgeborgen) over mijn schaar, zodat ik de kranten kan
knippen. Ik stuur je dus de knipsels toe via de post of anders bij de
administratie op de Donderdag van je bezoek. In mijn leventje begint zelfs al een zekere
sleur te komen, dan gaat de tijd sneller precies hetzelfde proces als met de
vakantie. De contacten tijdens het luchten zijn daarentegen nog steeds geen
sleur. Ongelooflijk interessant het ontmoeten van mensen die zichzelf zijn en
niets te verbergen willen hebben Morgen 2e verjaardag van EGO. In mijn
gevoel kan EGO morgen beter op zijn tweede verjaardag overlijden, want het was iets dat
geboren was om zich af te zetten tegen de structuur, dat heb ik niet
meer nodig er is in die 2 jaar veel veranderd en ik geloof niet meer in een
organisatie hoogstens de organisatie van mensen zonder meer. Deze klasseloze
benadering is geloof ik het enige alternatief. (Deze sprong is misschien te
moeilijk) maar ik heb een nauwkeurige beschrijving van mijn gedachteontwikkeling
bijgehouden dus dat komt later wel en zul je zien hoe belangrijk het is voor een
mens om in een klein hokje te worden opgesloten. Door deze gewelddadige ingreep
(want dat is het toch wel) krijg je pas goed de gelegenheid een hele boel zaken
van je af te schudden of je van te bevrijden. Ik kan nu al met stelligheid
beweren dat ik dit nooit had willen missen ook al zij 50 daagjes veel. Ik heb
het nu alleen maar over me zelf gehad, maar ik denk bij het schrijven veel aan
jou want ik voel dat je heel dicht bij me bent en ik ook bij jou. We praten in
gedachten veel met elkaar. Voor jou is het misschien nog moeilijker want je staat
in een wereld die vijandig staat ( en dat is heel begrijpelijk) tegen mijn daad.
Jij ontmoet hun dagelijks en dat ervaart je natuurlijk als en bedreiging want je
staat er alleen voor. Gelukkig dat de kinderen zo lief zijn. Ik kreeg van Mariette een hele lieve briefkaart. Zeg maar dat ik haar gauw terugschrijf
net zoals Mauk. Verder kreeg ik nog brieven van de volgende mensen: Kees Hoekert,
Tom Roep, ( nu zie je wie echte vrienden zijn) Tante Leo, Mammie, Maria,
Vader en Moeder. Zeg maar als je een van hun spreekt dat het me heel veel
sterkte heeft gegeven. Ik beantwoord alleen brieven, dus niet op eigen
initiatief aan mensen schrijven (dit heb ik ook niet meer nodig).
Ik verheug me op donderdag. Nu nog even over de reis naar Rusland, heel vreemd om
te zeggen maar mijn hoofd staat er helemaal niet naar. Het eist toch wel een
grote voorbereiding. Internat Paspoort, precies uitrekenen van het reisschema.
We bespreken nog wel of jij al die moeite er voor overhebt, want die
voorbereiding zal grotendeels op jou neer komen of zeg je: na deze tijd
rustig samen ergens naar toe om helemaal op elkaar te kunnen concentreren.
Na deze 50 dagen zullen we wel enige tijd nodig hebben om weer aan elkaar te
wennen, want er zal zo veel zijn om uit te wisselen en zoals we geleerd hebben
moeten we daar onze tijd voor nemen anders verbreekt het contact. Het moet
langzaam groeien. Er is zoveel gebeurd. Als ik eerlijk ben ga ik de 27ste weg
met jou waar de wind ons brengt E-W-S-N al naar gelang we zin hebben en geen
zware voorbereiding. Vergeet niet we hebben samen met een expeditie in de spiritosfeer van 50 dagen bivak achter de rug en wie "lange reizen doet kan veel
verhalen". Deze stap om het duister van ons bewustzijn is spannend vermoeiend en
zeer de moeite waard. We moeten er dus van bij komen. Nu dat waren mijn gedachten
misschien denk jou er geheel anders en wilt wel naar Rusland. Zeg het dan
eerlijk dan we er weer over gaan denken. Nu lieve schat, ik vind je maar flink in
je eentje in zo groot huis + 3 kinderen en een man in het gevang, maar een
ding moet je maar beseffen WAT ZIJN WE BEVOORRECHT in vergelijk met de tragedies
die ik hier weer meemaak soms onvoorstelbaar de leegte, de zwartheid van het
bestaan. Buiten hun schuld maar eenvoudig slachtoffer van deze meedogenloze
harde maatschappij die zich parlementaire democratie noemt en morgen naar de
stembus gaat. STEMADVIES Cel 1/18 "Laat ze met hun mooie geouwehoer de
pleuris krijgen. "Dat is echte boeventaal ! Dag grote schat en veel liefs Pappa.
Veel liefs aan de kinderen.
Donderdagmiddag 29 april 1971. 2 1/2 uur voor
het bezoek. Brief van Adrienne
Lieve schat, Vanwege je klacht in je brief na mijn bezoekje dat er niets
persoonlijks bij de post was, even een krabbeltje. Ben zojuist klaar met alles
bij elkaar te zoeken, het worden weer vele pakjes. Wat lief van je om
zoveel te schrijven, gisteren een brief en vandaag weer een. Wat maak je veel
mee, ondanks je opsluiting, een totaal andere wereld, waar wij geen flauw idee
van hebben, maar je laat ons gelukkig meeleven in je gevoelens , zodat we een
klein beetje mee kunnen voelen. Ondanks het leventje wat hier natuurlijk normaal
doorgaat mis je af en toen heel erg en merk dan hoe weer hoe diep verbonden met
elkaar zijn. Daarom wil ik ook net zoals jij niet naar Rusland gaan van de
zomer. Ik heb er helemaal geen behoefte aan om op reis te gaan. er zal zoveel te
bespraken zijn samen als je weer terug bent, dat we dar veel tijd voor moeten
nemen. Wat fijn voor je dat je post kreeg inderdaad van echte vrienden of mensen
die erg veel aan je denken. Uit Baarn zal je niet zoveel horen ! Ik verheug me
nu meer op het bezoek dan vorige week, ik was zeer onder de indruk van de
gevangenis , maar ook dat went weer. Je had dus niet veel aan me, ik was erg
zenuwachtig, idioot he? Zo , nu moet ik weg om op tijd bij je te zijn. Ik
schrijf wel na het bezoekje Dag chou je t'aime je vrouwtje.
1 mei 1971. Brief van Adrienne
Eindelijk weer eens rustig momentje om aan jou te schrijven. Ik voelde me zo
rot dat ik weer heb zitten janken op het bezoekuurtje zo vervelend voor
je, dat ene kwartiertje in de week dat je je vrouwtje mag zien, ik was echt van
plan me goed te houden en ik was ook veel rustiger dan vorige keer, maar het
zijn schijnbaar toch de 'zenuwen' wat mij enorm frustreert is zo'n vreemde man
erbij, aan jou merk ik ook dat je het moeilijk vindt, maar je houdt je eenmaal
beter dan ik. Ik begrijp best als je zegt dat je liever een ander hebt op bezoek bv Elsbeth of Hoekert of weet ik wie. Zeg het dan eerlijk, wij kunnen later
alles praten. Ik ga janken wanneer je lief tegen me doet, dus laten we maar over
de bekende koetjes en kalfjes praten dan hou ik het wel! Efin laat maar horen
hoe je erover denkt. Hoe vond je Mauk die daar opeens zat. Hij scharrelde
zichzelf naar binnen met zijn mooie ogen, lekker ventje hè, toch wel een hele
indruk voor hem. Voor jou is je leven waarschijnlijk al heel gewoon, maar voor
ons hier blijft het nog steeds heel vreemd. Hoe dan ook het is heel,anders
als dat je op excursie bent! De reacties van de mensen zijn zeer verschillend. Elsbeth voelt erg met ons mee er is er veel mee bezig. Het was leuk dat ze hier
was zonder jou, daardoor had ik echt contact met haar, anders praten jullie
altijd samen. Van de buurt merk ik uiteraard niets, Tineke vroeg mij jou
veel groetjes te doen, ik zei hij mag post krijgen, maar toen veranderde snel
het gesprek. Van Erland niets gehoord. Op de tennisclub zegt niemand iets,
maar men weet het wel. Hetty Oostendorp denkt veel over je na, ze heeft er nu
de tijd voor. Haar man zei mij dat hij als hij ook zover was gegaan was als jij
ook nooit betaald had, maar was gaan zitten ! Gracia Schimmelpennick belde
vanmorgen, ze had iemand te logeren en die wilde jou graag ontmoeten, ik
vertelde hoe en wat, geen enkel reactie van haar kant, wilde alleen weten
wanneer het dan wel zou schikken, ik zei na 7 juni. Verder belde nog uit
Vlissingen, ik weet haar naam niet, ik geloof de la Hey? vriendin van Sien
Rahusen, bruidsmeisje van haar, je logeerde bij haar na een lezing. Ze kwam
naar Baarn deze week en wou eens langs komen weer op de hoogte te geraken van al
je ervaringen. Ze begreep wel dat je was gaan zitten, ze vertelde dat ze heftige
discussies had met haar conventionele kringetje, die haar zelfs hadden willen
bekeren, toen ze zei dat ze op D66 zou gaan stemmen. Ik voelde aan haar dat ze
dolgraag contact met je wou hebben en of we toch vooral weer kwamen logeren als
je in Vlissingen kwam. Een leuk mens, die zich realiseert dat ze conventioneel
is maar niet bang is om jou te zien. Dat waren zo'n beetje de reacties van de
kaste. Ik vertelde je dat Lodestein (hoofdagent) op had opgebeld, vol
belangstelling hoe je het had, bijzonder aardige man. De Roeps waren hier
gisteren op doortocht naar het Oosten voor 1 nachtje. Ik vertelde van het
telegram hij lachte zich helemaal rot. Hij heeft nl de directeur zelf aan
de telefoon gehad, hij voelde dat hij erg met je begaan was. Roep vertelde dus
alle reacties op het instituut. Brouwer is helemaal kapot, zei Roep, hij vindt
het heel erg naar en zei alsmaar de Booy hoort daar niet (Je ziet maar weer hoe
je vele mensen aan het denken zet). Winnubst was zeer onder de indruk. Otto vond
het een goede bak. Hij vertelde dat Hospers nu echt zenuwziek was (dat is je dus
gelukt). Gisteren Koninginnedag 's morgens heb ik Mauk naar Rotterdam gebracht
waar hij 3 daagjes logeert bij Thijs Rauwenhoff ;
's-middags de Roeps en 's avonds met de 2 andere naar
Amsterdam. Ik heb ze laten kiezen tussen kermis in Laren of Amsterdam. Dus het
laatste heel gezellig eerst 1 uur kermis op de Vleesmarkt de guldens vlogen mijn
beurs uit, wat zijn het dan nog echte kinderen op de cakewalk wilden, ze en
in zo'n spiegeldoolhof,daarna poffertjes en toen de keus tussen Love story of
Lawrence of Arabia, de laatste kozen ze we hebben samen gezien, maar ik
wilde hem best weer zien. Ze vonden het machtig, half één waren we thuis. Nu je
zoveel tijd hebt lijkt het me heel nuttig en noodzakelijk als jij de grote
kinderen in heel duidelijke taal eens schrijft hoe je over allerlei dingen
denkt. Het is toch weer anders als ze zoiets op papier zien dan dat je met ze
discussieert. Ik kom er eigenlijk op omdat Maria Kapteyn hier was en die begon
tegen Mariette over jou te fulmineren, zo van "wat heeft dat Maagdenhuis voor
zin gehad en je Vader profiteert nu toch maar van ons geld met zijn wachtgeld en
dan dit mooie huis van jullie". Ik hoorde Colette door haar woorden
heen. Mariette had hier geen enkele reactie op, tegen mij zei ze later dat Pap
toch eigenlijk niet consequent was in zijn levenshouding. Nou je ziet maar of je
ze schrijven wil. Dr Thomy heb ik opgestuurd, de grap ging goed op, ik heb
me rot gezocht. De tuin is nu prachtig. J.M. maait af en toe, na veel moeite
krijgen we dat rot ding aan, maar hij doet het. Ik ben nog niet erg tot Geopol werken gekomen, ik kan er de rust niet voor vinden, dat komt wel, eerst
grote schoonmaak in het huis. Jannie informeerde erg naar je ze vindt
het geloof ik heel zielig voor je. Zo dat was mijn kletsverhaal, laat gauw weten
over a.s. Donderdag. dag lieve schat, ik vind je flink zo in je eentje, maar ik
ben heel dicht bij je, heel veel zoentjes, je vrouwtje
4 mei 1971 cel 1/18 Reg. nr. B 1050 's avonds 9.16
Grote lieve schat van mij, je hele lieve brief vanochtend gekregen, was er erg blij mee, want ik voelde er uit hoe je dicht bij
me blijft ondanks alles waar jij door heen moet. Ik heb deze weg zelf gekozen,
dus voor mij is het een excursie of expeditie en niet naar de het hoogste
gebergte ter aarde maar nog iets veel grootser en indrukwekkende en
gevaarlijker, nl de afdaling in onze spiritosfeer in ons denken en in ons
zelf. Ik merk elke dag hoe schitterend mooi het uitzicht is. Elke ochtend bedenk
ik een spreuk voor mijn dagboek. Vanochtend was het: Hoe verder men in zich
zelf afdaalt des te meer mensen men ontmoet. Hoe verder men in zichzelf omhoog
stijgt des te minder mensen men ontmoet. Nog een paar andere spreuken: Zondag 2
mei : de zwakte van de mens is de bron van zijn kracht. Zaterdag 1
mei Vrijheid kan men niet kopen niet krijgen alleen voelen. Vrijdag 30 april:
Een autoriteit is iemand die nooit autoritair is. Donderdag 29 april: Leven
is begrip voor onbegrip. Dinsdag 27 april Ongelijkheid is de werkelijkheid en
het verbloemen ervan is misdadig. Ik begreep heel goed dat je moest huilen, dat is
voor mij alleen maar een bewijs hoeveel je van me houdt en hoe intens je deze
tijd beleeft, heerlijk dat er mensen zijn die met je mee voelen. Het is
inderdaad een scheiding van geesten. Als de waarheid naakt gaat en wordt
iedereen ontmaskerd. Dat is niet leuk maar wel broodnodig. Het verbloemen ervan
levert toch niets op. Reactie van Colette (Maria), Tineke en Gracia etc
moet je dan ook plaatsen in het licht van het onbegrip, waarvoor je te allen tijd
open moet blijven staan dwz ontspannen tegemoet treden, want dan zien ze pas
in zich zelf wat het betekent. Hun reacties zijn zo begrijpelijk. Ze zijn zich
normaal in hun leventje niet bewust van de geïsoleerdheid van hun bestaan.
Het is voor mij eigenlijk niets bijzonders gewoon een normale consequentie
van je hele levensinstelling waarin je tot de ontdekking komt van je
geconditioneerdheid en daardoor voor de ander en een inconsequente lijn volgt,
maar het zich er van beseffen het realiseren is de eerste stap naar de losmaking
en bewustwording van je zelf. Zij worden opeens gedwongen over dingen na te
denken waar zij de mogelijkheid dat het in hun leven zou voorkomen niet voor
mogelijk hadden gehouden. Zelfs voor een Brouwer op zijn leeftijd met zijn
levenservaring betekent het een schok. Ik geloof niet dat ik tot degenen behoor
die het moeilijk hebben gedurende deze 50 dagen. Integendeel zou ik haast
willen zeggen!!! Wat een luxe om geen haat en rancune meer te hebben (dwz minder haat en
minder rancune ). Je schept steeds nieuwe mogelijkheden. Mao's
rode boekje zegt. What we call experience is the process and the end result of
carrying out a policy. Only through experience can we verify whether a
policy is correct or wrong and determine to what extent it is correct or
wrong. But people's practice, especially the practice of the revolutionary party
and the revolutionary masses cannot but be bound up with one policy of another! A revolution is not a dinner party, or doing embrodery: or writing
an essay, or painting a picture , so leisurly and gentle, so temperate, kind courtious , restrained and magnimous (wat betekent dat woord?). A revolution is
an insurrection, an act of violence". Deze "acte of violence" is in
onze taal in onze cultuur in onze kaste, in ons leven : "het bevrijden van je
geconditioneerdheid". Je maakt nu zelf aan den lijve mee, dat die act of violence is en dat het niet lief is en niet zacht. Pas wanneer je stuk voor stuk
deze ketenen losmaakt zie je dat het ook zonder geweld gaat. dat is nu
juist de paradox! Nadat je geweld hebt gebruikt zie je pas dat het niet nodig
is. Nu echt genoeg wat betreft de partij-ideologie. Ik zal proberen een stuk
te schrijven aan de kinderen. Misschien kunnen ze je a.s. donderdag een paar
vragen meegeven, die dan kan beantwoorden. Is dat te moeilijk is dan probeer
ik wel iets. Het lijkt me anders een goed idee van je. Ze komen nu ook in de
vuurlinie te liggen! Ik hoop dat je donderdag komt. Misschien over een paar weekjes iemand anders als jij er door heen bent want
het ontvluchten is niet
goed. Hier gaat het leventje zijn gewone gangetje. Er is weer veel gebeurd, sinds
je vorige bezoek maar dat hoor je wel mondeling en later uit het dagboek. Dank
voor alle post en de kleren. De mosterd is mij getoond maar daarna weer ingenomen.
Het reglement zegt dat het niet toegestaan is etenswaren aan gedetineerden te
sturen. Het komt dus te liggen bij de badmeester als ik 9 ( en niet 7 juni)
naar huis ga mag ik het meenemen. Dus het beste, net zoals vorige keer met de chocola nu de
mosterd mee te nemen. Het is wel makkelijk, alle post wordt door de
censor voor mij opengemaakt dat bespaart werk. Gedurende de dag kon ik
zeer geconcentreerd werken, pas na 2 weken weer net als thuis, daarvoor toch
wel gauwer afgeleid door geluiden, rammelen van sleutels in de gang etc. Het
lukt me nu pas om mijn dag ZELF in de delen en niet dat ZIJ het regelen. Het
is gewoon een kwestie van ervaring, dat moet je gewoon leren. Het zitten in
een gevangenis is een vak als een ander. Al doende leert men. Als ik in de toekomst
weer komt te zitten en dat zie ik wel zitten, gaat het beslist in het begin
gemakkelijker, ideale opleiding. Dag lieve schat veel zoentjes van je
mannetje.
Lieve Jan Maarten, Mariette en Mauk. Van jullie alle drie heb ik hele leuke briefkaarten gekregen met veel goed nieuws over jullie leventje. Volgende keer ga ik jullie een lange brief schrijven om eens precies uit te leggen waarom ik hier zit en wat zo'n beetje mijn gedachten en gevoelens zij over alles en nog wat. Gelukkig is het goed weer om te tennissen. Dank J.M. voor wie er en VVD bord in zijn tuin had. Heel goed gezegd van je: LAAT ZE MAAR ze weten niet beter, daar kunnen ze niets aandoen.. Nu lieve kinderen heel veel plezier op school, tennis, zwembad, bioscoop, restaurant en alle andere plaatsen waar je je vrij kunt bewegen. Geniet er maar van. Besef dat jullie bevoorrecht zijn. Dag schatten van mij, Pappa.
Zondagmiddag 9 mei 1971. Brief van Adrienne
Grote lieve schat, Gisterenmiddag je lange lieve brief wat houden ze dat lang vast
helaas, ik was zo blij iets van je te horen,
want die bezoekjes zijn wel heel erg kort. Het ging deze keer beter met mij
vond je niet, alles schijnt te wennen, je ziet als je maar niet te lief tegen me
doet, gaat alles best. We weten toch hoe veel we van elkaar houden. Je ziet er
nog steeds reuze goed uit, je zit dus wel in geldnood merk ik (...) Mammie was
hiet het weekend de reactie van mensen om haar heen, waren enigszins schichtig
zei ze. Men zit er toch wel over in
Tante Maggy vond het ergens wel principieel van je, maar voor mij vond ze
het zo zielig .Tante Miep was hier vrijdag 5 uren lang, doodmoe was ik daarna,
want je moet zo schreeuwen. Ik moet vooral heel veel groeten doen, schrijven
vind ik zo moeilijk zegt ze, nu ik weet dat alle post gelezen wordt (Lulsmoes
natuurlijk). Van Moeder een briefje, je bent almaar in haar gedachten schreef
ze, ze hoopte iets van je te horen. Schrijf ze nu naar de Catslaan, dan
vinden ze de brief bij thuiskomst. Het leventje gaat hier gewoon door, we
hadden schitterende warme
dagen, ik zal je maar niet vertellen hoe mooi alles nu is, want dan hou je het
niet langer uit. De appelboompjes bloeien nu in de tuin, ik heb me rot gewerkt
in de tuin. Elsbeth belde nog op van de week, ze denkt veel aan je, ze ziet het
geeft me toch een beetje ziekerig gevoel dat je zo opgesloten zit. Vertel me nog eens hoe
gaat met mensen in voorarrest. Waarom moeten ze zo lang wachten en hebben ze
allemaal recht op een advocaat wie betaalt dat enz. Je zei er iets over op het
bezoekje dat je iemand geholpen had (waarmee?) kan je het eens iets uitvoeriger
schrijven. Nu even over de kinderen. Schrijf eens aan Jan Maarten hoe het gaat
met de zomerplannen. Hij heeft nl nog helemaal niets georganiseerd, wat doen we
nu, moet hij hierbij geholpen worden of niet, in het laatste geval weet ik heel
zeker dat er dan ook niets gebeurd. We hebben nog steeds geen uitslag van de
test, helaas. Verder is J.M. goed, ik hoor alleen maar mooie cijfers zoals
gewoonlijk, 's avonds geen televisie ze werken dan, en gaan vroeg naar bed.
Mariette zit boordevol plannen voor de zomer, dus dat is geen probleem. Ze wint
haar partijen met tennissen, vooral als ze achter staat gaat ze winnen! Vandaag
speelt ze in Buitenveldert, is dus de hele dag weg. Maandags doodmoe naar
school. Ook alleen maar mooie cijfers! Mauk is heel erg lief, hij houdt zich
kennelijk in voor de beloning iedere avond moet ik op zijn bed gaan zitten en dan
vraagt hij altijd hetzelfde zinnetje "ben ik vandaag lief geweest"? Vanmorgen
Moederdag op bed , ze hebben me reuze verwend met thee en allemaal mooie
boeketjes (uit de tuin). Mariette had een leuk blaadje gekocht en Mauk
lekkere nootjes. Zoiets hebben ze nog nooit gedaan ze vonden zeker dat het me
toe kwam. Het zijn echt schatten, ik heb natuurlijk meer aan ze nu jij er niet
bent (dat zeg jij ook altijd als ik weg ben!). Ik heb alles besteld wat je had
opgegeven, alle knipsels liggen in de boeken, ik heb alles weer op orde. Dr
Thomy zal ik dan meenemen en kijk wat ervan komt. Het eten gaat je zeker mooi
vervelen, wat zal je meer genieten van Moeders pot. Ik sprak nog even met Verhey,
zo is de baas er niet, vroeg hij. Nee zie ik hij zit. Hij keek er wel van
op. Hij zei dat hij alles was je deed kon volgen en ook wel bewonderen, maar het
moet niet te agressief worden ! Hij had ook gezeten in de oorlog 14 dagen, hij
zei het leek wel 14 jaren. Je moest veel groeten van hem hebben. Nu lieve schat dat was weer een
babbeltje tot
donderdag. Dag chou hou je maar taai je t'aime je vrouwtje
Maandagavond 10 mei 1971 Utrecht B 1050 B 1/18 Brief aan
Adrienne
Grote lieve schat. Heerlijk om je brief te krijgen vol met je liefde. De
bezoekjes zijn heerlijk alleen daarna heb ik het even moeilijk vooral als ik je
zo buiten zie staan met er achter de Japanse kersentak, dan weet je weer
duidelijk en scherp wat je mist, het is nog steeds uit te houden. Je vragen over
hulp en dergelijke beantwoord ik liever niet. Schrijf er maar niet over dat
zien wel weer als ik weer terugkom, je weet nooit. Vergeet nooit wij horen tot
de bezittende klasse en ons kan niet veel gebeuren. Dat besef ik meer dan ooit
in vergelijking met de KWETSBAARHEID, DE HULPELOOSHEID , DE MACHTELOOSHEID van de
groep mensen die aan de andere kant van de streep zijn geboren. Ik wist wel
dat een een levensgroot verschil was, maar heb me toch nooit gerealiseerd dat
het zo groot was vooral het feit dat we de beschikking hebben over het WOORD
en zij alleen het van ons mogen lenen en verder onze gedachten. Bakoenin schreef: Niemand kan denken zonder taal,
dus hoe armer de taal hoe
armer het denkvermogen. Wie de macht over het woord heeft een
voorsprong die nooit meer is in te halen. Ik ben momenteel alle boeken van Marx,
Mao Bakoenin aan het doorwerken en aantekeningen met eigen aanvallende
gedachten. Dit materiaal kan ik later gebruiken voor het boek, want het is
geschreven onder omstandigheden waarin je het beter kan indenken dan in de WPlaan. Gelukkig dat de
kinderen zo lief voor je zijn. Erg lieve brief van Mauk gekregen. Ik voel er uit dat ze jouw steunen, maar
tegelijkertijd meen ik er
ook uit te mogen afleiden, dat jij het niet gemakkelijk hebt, maar ik vind dat
je het maar flink doet. Ach al die mensen met hun kritiek en hun schroom, angst
en schaamte etc om mij te schrijven is zo begrijpelijk. Het is een nieuwe
wereld die voor hen is opengegaan nl een boze droom. Het is alsof nu
opeens de berichten die ze steeds op de TV en in de krant lezen nu echter en
dreigende vormen gaan aannemen. Wij
zijn allang door al die fasen heen gegaan, maar voor hun is het een nieuwe
ervaring. J.M. zal ik schrijven, we moeten hem toch vrij laten. Niets
onderdrukken. Hij heeft recht op zijn eigen leven. Er wordt in onze verziekte
maatschappij al zo veel van een ieder gevraagd, geëist etc, dat als we daar
ook mee gaan doen is het einde zoek. (...) Hoe langer ik hier zit hoe meer ik
besef hoe nodig dit was voor mij deze confrontatie, want zo geïsoleerd in Baarn
is toch wel gevaarlijk ondanks de lezingen maar dat zijn incidentele uitvallen
van een vaste bases. Het lijkt me in de toekomst zeer nodig om 1 maand weg
te gaan om je beter van de situatie te kunnen inleven en daarna weer terug te
komen. Dus in de trant van de geologische excursies. Nu je er aan gewend bent
zal het in toekomst inderdaad meer op een excursie gaan lijken. Ik popel gewoon
om je alle verhalen te vertellen van de dingen die ik hier meemaak. Ik word
vreemd genoeg steeds toleranter tov de mensen wie dan ook maar harder en
onverschilliger tegen de structuren. Het opent een ontspannen sfeer. Ik hoef nu
niet meer in de krant of gewaardeerd worden door de structuur. Mensen zijn
alleen nog belangrijk. Vanuit dit gezichtspunt wordt opeens alles veel rijker en
meer de moeite waard en heeft het grote voordeel dat je niet (haast) meer
teleurgesteld wordt in het systeem, want dat heeft al afgedaan omdat het de
ontplooiing van de menselijke waardigheid en identiteit onderdrukt. Nu lieve
schat van mij, ik verheug me op donderdag om je lieve gezichtje te zien. Vele zoentjes,
je mannetje. Ps het is wel moeilijk om te verwerken dat de mensen waarmee
in het Maagdenhuis zat, zoals Dick Winnubst etc. niet schrijven. Maar het
is waarschijnlijk te moeilijk voor ze.
Zaterdagmiddag 15 mei 1971. Brief van Adrienne
Lieve schat, Zojuist was hier die jongen Nijland om de dias te halen .Hij
vertelde dat hij je 1 uur had mogen bezoeken, hij heeft het verder geschopt dan
ik . Het had ook een grote indruk op hem gemaakt dat hele gevangenisgedoe, hij
dacht niet dat hij het zelf zou kunnen opbrengen. De bezoekjes worden alweer
een soort van routine, ik verheug meer nu echt op je weer te zien, het is alleen
veel te kort, maar ja nu nog 15 dagen gelukkig dat je het zo druk hebt. Kreeg je
nou eindelijk Dr Thomy en Moeder vroeg of je haar boekje had gekregen over
Krishnamurti. Gisteren zijn ze thuis gekomen, ze was dolblij met je brief, zelfs
Vader heeft het nu helemaal geaccepteerd dat je zit! (..) Ik belde Elsbeth
nog op ze zou zien wat ze kon doen, maar erg van harte ging het niet. Jacob had
haar verboden iets te ondernemen, vandaar de moeilijkheden, ze zou geloof ik nog
contact opnemen met Boudewijn. Nu even over de financiën. Schrik niet, hou je
vast
Mammie heeft besloten om haar jaarlijkse bijdrage niet te geven aan niemand wel
weer volgend jaar. Marlof had gevraagd waarom het enige wat ze zei is om
principiële redenen en ik ben echt niet van plan om er om te gaan bedelen. Het
is
het toppunt van krenterigheid. Tante Leo heeft de opbrengst van Rijnegom meteen
aan haar kinderen doorgegeven, maar dit wetende wil je je misschien nog even
bedenken over je gift aan de S.J. Ik hoor het dan wel volgende week. Inmiddels is
het avond. Ik moest het tennisteam van J.M halen. Hilversum 5-0 verloren, dus
die degraderen dit jaar. Paul Lamme kwam eten is nu met Mariette naar de bios in Flora. Mauk is het
hele week weg met fam. Jiskoot op de boot naar
Hoorn, komt morgen terug, dus lekker rustig. Hij is niet zo makkelijk meer als
de eerste weken, de pret is er een beetje af. Hij speelt geweldig vals met
tennissen, ik merkte het toen ik woensdagmiddag een uurtje op de jeugd moest
passen. Hij is zo kien om te winnen dat hij vals gaat tellen. Mies de Jong was
er ook en het was haar ook opgevallen. Deed jij dat vroeger ook? Hij staat al
ontzettend leuk te spelen. Jan Maarten is weer beter, maar zier er nog fataal
uit , spierwit en snipverkouden. Het typische is dat de kinderen helemaal niet
laten merken of ze het nou wel of niet erg vinden dat je zit. Ik geloof dat Mariette het zich nog het minst aantrekt, maar de jongens zit het misschien
toch wel dwars. Schrijf je nou eens een keertje, ik begrijp wel dat je het druk
hebt maar ik vond het toch geen goed excuus om ze niet te schrijven, Op die
manier verlies je alle contact met je bloedeigen kinderen, jij die zo voor
menselijk contact bent, zou je eigen kinderen veel te kort doen. Ik begrijp
best van je je helemaal in je geïsoleerde bestaan daar inleeft, dat is goed
natuurlijk en dat je hele denksfeer mijlen ver van ons verwijderd is, maar
toch ze zouden het zo fijn vinden iets van je te horen. Ik kom dus Vrijdag ipv
Donderdag grote lieve schat je bent nu over de helft, wat zal het weer wennen zijn
als je thuis bent. Je zier er misschien wel een beetje tegen op ? Ik niet, ik
snak er naar je weer bij me te hebben, alleen is maar alleen. Je t'aime ben heel
dicht bij je, je vrouwtje.
Maandagavond 17 mei 1971 B 1/18 Huis van bewaring Wolvenplein
27 Utrecht. Brief aan mijn 3 kinderen
Lieve Jan Maarten, Mariette en Mauk. Jullie hebben lang moeten
wachten, maar nu krijgen jullie dan toch een lange brief van pappa. Voor jullie
lijkt het misschien niet erg lang, dat we van die bergen afskieden voor mij wel!
alhoewel ik er steeds aan denk door de leuke foto's, die hier voor me staan. Jammer
dat jullie niet even een kijkje kunnen nemen om te zien hoe ik zier zit. Ik begin me al aardig
thuis te voelen in de bajes, lik, bak of hoe ze dat ook
mogen noemen, maar zit ik hier al 4 weken, dus over de helft, maar ik ben maar een
groentje er zitten hier mensen die hebben 1,2, soms 3 jaar.! dat is nog wel even
langer, gelukkig heb ik veel te doen. Overdag worden we 2 maal een half uur
gelucht, dwz mogen we op een klein pleintje lopen, natuurlijk met een hoge muur
er om heen. Dan kan ik met de andere gevangenen praten (er zijn totaal zo'n 100
gevangenen). Ik heb al veel vrienden gemaakt. Maandagavond (dus dat was vanavond
pingpongen van 7-9 uur en woensdag en zaterdag en zondag TV, dammen of schaken. Ik kijk
alleen zondag TV van 7-9.15 dus Vrijbuiters, studio Sport Panomariek en Dubbeldekkers. Dinsdagavond nog een gespreksgroep met 20
medegevangenen maar overdag zit ik altijd tussen 4 muren. Uitzicht heb ik niet
wel kan ik de auto's buiten horen rijden. Ik denk wel eens mensen daarbuiten
weten jullie wel hoe fijn het is om vrij te zijn dwz dat je kan gaan en waar je
wilt. Gelukkig hebben jullie maar een fijn leventje. Veel sport, heerlijke tuin,
mooi huis etc. Geniet er maar van. Ik maak hier mensen me die daar allemaal
niets van hebben. Zelfs heb ik laatst een jongen 20 jaar oud geholpen met het
schrijven van briefkaarten naar zijn familie . (Hij kan niet lezen en
schrijven en verveelt zich dus dood de hele dag in de cel). Er was ook een man
die was jarig en niemand die hem feliciteerde. Hij had helemaal geen familie.
Verder was er ook een man die tegen me zei: " Ik ben zo alleen op de wereld dat als
ik straks er uitga me voel als een hond die uit een kennel komt en tevergeefs
wacht op zijn baas, die hem zou komen halen". Zo kan ik wel doorgaan. Ik schrijf
jullie dat alleen omdat je dan beter beseft hoe veel geluk wij wel hebben. De
reden waarom ik hier ben gaan zitten, heeft hier ook veel mee te maken. Mamma
schreef mij of ik jullie eens moet uitleggen waarom ik naar de gevangenis ben
gegaan nu ik zal proberen dit een beetje uit te leggen. Ik zal vast
en zeker nog niet helemaal duidelijk zijn geweest, maar jullie kunnen me dan een
brief sturen met vragen en die kan ik dan proberen om te antwoorden. Nou daar
gaat ie dan. Begin maart 1969 heb ik een brief geschreven aan het hoofd
van de Universiteit van Amsterdam dat ik niet wil werken in een omgeving die
zich niet aan de regels houdt dwz er zijn vaste wetten en wat zag ik nu
sommige mensen mochten die gewoon overtreden en dan gebeurde er niets terwijl als
andere lager geplaatsten mensen dat deden werden ze gestraft. Deze
onrechtvaardigheid heb ik steeds geprobeerd aan te klagen, maar zonder
resultaat. Ik bemerkte dat dat niet alleen in de Universiteit van Amsterdam het
geval was maar eigenlijk in heel Nederland. Zoals jullie weten heb ik met alle
protesten van studenten meegedaan, Tilburg, Maagdenhuis , optochten etc. Ook bij de
bestraffing van de mensen van het Maagdenhuis zag je weer hetzelfde. De
arme studenten kregen meer straf (ze hadden hetzelfde gedaan) dan de rijke
studenten. Nu heb ik als ambtenaar in dienst van Amsterdam de kat de bel
aangebonden zo noemen ze dat of d e knuppel in het hoenderhok gegooid en tijdens
de rechtszittingen geprobeerd dit onrecht aan de kaak te stellen. Wat gebeurt
er bij de politierechter, ik kreeg
f 500,- boete of 30 dagen gevangenis als ik
het niet wilde betalen, daarbij zegde de rechter dat :"de gevangenisstraf
voorwaardelijk opgelegd wordt omdat een onvoorwaardelijke opgelegde
gevangenisstraf consequenties met zich meer zou brengen". Mamma legt jullie dit
wel uit het komt ert dus op neer dat omdat ik een goede baan heb ik minder straf
krijg dan iemand die veel lager op de maatschappelijke ladder staat. Dat is
natuurlijk helemaal niet juist en dat noemt men KLASSENJUSTITIE dat wil zeggen
de rijke mensen (betere banen) krijgen minder straf omdat ze goede banen
hebben dan de de arme sloebers. In de gevangenis. zie je ook geen rijke mensen!
die kopen zich er wel uit. Tegen dit onrecht ben ik ingegaan en in hoger beroep
gegaan. Daar hebben ze ,omdat ik er om gevraagd heb ( konden ze niet
anders ) me een hogere straf gegeven nl f 500,- of 50 dagen en was het vonnis met de volgende woorden:"Dat hem zijn
deelneming aan de bezetting
van het Maagdenhuis zwaarder moet worden aangerekend dan de van onderwijs en
wetenschapsbeoefening en uit dien hoofde zijn bijdrage had te leveren tot het
goed functioneren van de Universiteit van Amsterdam door deel te nemen aan
meergenoemde bezetting zich een deloyaal ambtenaar betoond". Dit was op 23 juni
1970. Ondanks het feit dat ik door de rechter was veroordeeld heeft de baas van de Universiteit Burgemeester
Samkalden mij op 1 december 1970 eervol ontslagen en
mij op wachtgeld gezet. Ik heb tegen de rechter gezegd dat het vonnis niet juist
vond en daardoor voelde ik mij niet geroepen om te betalen, want anders
leg je je bij de straf neer. Ik ga er dus tegen in en vind wel dat hij me
beter heeft gestraft dan de politierechter maar protesteer tegen het feit
dat er nog steeds een Universiteit van Amsterdam en een Nederlandse samenleving is
waar de mensen onrechtvaardig worden behandeld dwz de arme man moet er altijd
voor opdraaien. Dit is misschien een beetje moeilijk te begrijpen maar
ik protesteer consequent en als ze dan ondanks het feit dat ik veroordeeld ben
toch eervol ontslag geven ben ik wel goed maar niet gek en pak de
wachtgelden centen gaarne aan. Dat moeten zij weten. In de gevangenis
heb ik nu de gelegenheid om nog duidelijker mee te maken dus in de praktijk hoe
onrechtvaardig alles is verdeeld en hoe het precies is dat wat ik al aanvoelde.
Als ik terug kom zal ik jullie uitvoerig vertellen hoe iemand die geen opleiding
heeft gehad (nauwelijks lagere school) een geweldige handicap heeft en
altijd de LUL is . Hij beschikt niet over het woord dat wij leren gebruiken
op de school en de universiteit en ook mee krijgen door onze rijke opvoeding. Het
enige dat hij kan doen is er op te slaan en dat mag niet dus komt hij in de
gevangenis . Soms voor een vechtpartij op straat 1 maand of meer achter de
tralies. Ja kinderen, ik ben erg blij dat ik de gelegenheid heb gekregen dank zij de
rechters van Amsterdam (waar oom Jacob er één van is) om de werkelijkheid en
de ellende van dichtbij mee te maken. Wij hebben door onze rijkdom niet alleen geld , of een mooi
huis maar vooral de beschikking van het woord en de kennis van Frans, Duits en Engels etc,
op vacantie te zijn geweest, sport en spel te kunnen doen voor de lichamelijke
ontwikkeling, ga zo maar door, een grote voorsprong en geloof ik dat wij
daardoor een grotere verantwoordelijkheid hebben en er voor te zorgen
dat wij onze minder goedbedeelde medemens van onze rijkdom laten meeprofiteren
en ons voor hen in te zetten. Dat is een moeilijke taak, vooral omdat
onze omgeving (kijk maar naar alle VVD borden Jan Maarten) er niets van willen weten en mij maar een rode rakker, of iets dergelijks vinden. Om met
Jan Maarten te spreken : "Laat ze maar daar moeten wij om niets van aantrekken. Wij moeten
hem daarbij de vrijheid laten als wij maar goed beseffen wat wij
moeten doen in ons leven". Denk maar even aan Sinterklaas toen we voor die oude
mannetjes kwamen en we een beetje gezien hebben, wat zij allemaal hadden
meegemaakt
en hoe blij ze waren dat wij ons voor hun interesseerde. Het gaat er niet zo
zeer om hun materieel te helpen waar zij het meeste nodig hebben dat merk ik ook
weer zo goed hier in de gevangenis: Gewone normale menselijkheid. De
bewaarders hebben hier bv een mooie taak, want deze mensen hebben het zwaar te
verduren en over het algemeen zijn ze bijzonder plezierig. Maar het gaat niet om
het lagere personeel dat zijn ook mensen die sterk afhankelijk zijn van
de hogere heren. Nee het gaat om de macht die de mensen van onze soort
hebben. Deze hebben geen flauw benul wat ze de rest van de mensheid
aandoen. De arme mensen zij arm omdat ze altijd geven en nooit ontvangen hebben.
De rijke mensen zijn rijk omdat ze altijd ontvangen hebben en nooit hebben leren
GEVEN. Nu kinderen ik hoop dat jullie een beetje begrepen hebben waar ik mij voor
inzet. Ik weet heus wel ik ben ook inconsequent als iedereen want iemand die
werkelijk consequent is wordt aan het kruis gespijkerd, maar probeer me
bewust te maken van de verantwoordelijkheid die wij met onze macht aan grond,
geld, kennis en bewustzijn hebben tegen over de andere mensen die niet met een gouden lul zijn
geboren (zo noemen ze dat hier). Ik hoor van Mamma allemaal goede berichten over
jullie alleen J.M. even ziek geweest nu weer beter
gelukkig. Mariette alles goed. Mauk fanatiek aan het tennissen. Speel je al net zo
vals als Pappa vroeger? en zijn jullie nog steeds lief voor Mamma of gaat de mop
er een beetje af? Hoe staat het met de zomerplannen? Vele vragen,ik hoop dat
jullie me terugschrijven met veel berichten over jullie leventje dan kan ik het
beter indenken want Baarn lijkt wel in een andere wereld te liggen zo ver
weg lijkt het. Het is gezellig om Mamma elke week te zien. Nu schatten van mij,
heel veel liefs en zoentjes ook Dino van Papa . Voor Mamma. Dank voor brief
morgen zal ik antwoorden. PS Geld aan SJ overmaken svp .
18 mei 1971 Utrecht. Brief aan Adrienne
Lieve schat. heerlijk je lieve brief van
zaterdag. Hopelijk krijg je de brief voor Vrijdag. Zoals je hebt gezegd heeft een
noodkreet direct effect gehad nl de brief aan de kinderen. Ik heb erg mijn best
erop gedaan. Ik hoop dat ze het een beetje begrijpen, misschien kan je het een
beetje uitleggen en vragen ontlokken zodat ik daar weer op in kan gaan haken. ls het zo
opgeschreven staat is het misschien duidelijker voor ze. De dr Thomy gekregen en van Moeder boek
van Krishnamurti. Tevens nog brieven van Manmie, Moeder, Bertie Lumey, Willem
Jan van Veen en Jan Bresser. Deze laatste bief heeft me weer
boos gemaakt. Ik heb hem een scherpe brief teruggeschreven maar niet verstuurd.
Wonderlijk ik schijn wat hij ook doet er erg door te worden geprikkeld. Waarom
weet ik niet precies. Elsbeth heb ik weer een brief gestuurd. Ik heb wel een
beetje schadefreude om te zien hoe Jacob reageert. Het wordt ook en tijd
dat de wereldproblematiek ook een beetje op hun ontbijtbord terecht komt, het is
altijd zo gemakkelijk van een afstand en ook vrij anoniem om Krishnamurti te
lezen, terwijl de problemen voor het opscheppen liggen. Wat ik hier
momenteel meemaak is zo ontzettend intens, ontroerend en diepgaand, helaas kan ik
er hiet niet over praten, dat komt wel als ik thuis ben. Gelukkig heb ik de
tijd om dit alles rustig te verwerken zodat in alle poriën van mij kan
doordringen en niet dat het door een buitje weer is weggewassen. Ik verheug om
met je samen dit alles heel rustig door te praten, we hebben er de hele zomer
voor. Moeder bood nog geld aan om met zij tweeën op vacantie te gaan. Erg lief
van haar. Over de poen heb ik geen zin om over na te denken. 1 juli krijgen we
de spaarrekening van 10 ruggen terug zodat we dan weer uit de zorgen zijn en daarna
zien we wel. Als je het vergelijkt met wat ik hier meemaak moeten we ons
diep schamen om daar een woord over vuil te maken. Ik ben heel zwaar aan
het studeren. Tot nu toe veel gelezen over vroegere revoluties. Wat een problemen en
hoe weinig er van terecht gekomen maar ja doorzetten maar. Alle kleine beetjes
helpen. Nu heb ik me gestort op het doorwerken van het Kapitaal van Marx. Echt
tijd voor een gevangenis. Normaal neem je daar gewoon de tijd niet voor. Ik ben steeds
rustiger aan
het worden, wees maar niet bang dat ik te rustig zal worden, maar voel me
meer ontspannen en heb gelukkig heel vele goede contacten met de medegevangenen.
Schat van mij, ik hou heel veel van je en heb veel vertrouwen in de toekomst,
Je t'aime. Ton amour
24 mei 1971, Utrecht Huis van Bewaring I Wolvenplein
27 Utrecht. Brief aan Adrienne
Wat heerlijk je brief vandaag. Altijd zonder beklag
zonder kreet van je "hebt me maar in de steek gelaten". Heerlijk voor
me dat geeft
het gevoel van steun, vriendschap en ook dat je nu uit jezelf ziet wat voor
troep het is. Maar vergeet niet het is altijd zo'n troep geweest
alleen zien we
het nu pas en worden we wakker uit onze zachte bedjes en gouden lulletjes en
kutje. Dan komt het hard aan. Mijn optimisme groeit bij de dag, omdat ik alles
duidelijker en ontspannender begin te zien, wat me erg helpt is het lezen of
beter blokken, studeren in Marx's kapitaal en de geweldige vriendschap die ik
hier ontmoet. Ik zit in een mannengemeenschap en heb vele vrienden dat is iets
dat
ik jaren (eigenlijk sinds de Himalaya) erg gemist heb. Het is zo direct
zonder flauwe kul recht voor zijn raap. Ik zal nog wel eens heimwee hebben naar
deze tijd, maar ja mijn toekomstige werkzaamheid zullen me zeker wel weer
eens terugbrengen naar deze "dierbare "plek. Het klinkt misschien
overdreven, maar
het menselijke contact en verder het gevoel dat je door je zijn zonder meer
zonder de stoffige wijsheid mensen kunt helpen in hun ellende en leegte. Mijn laatste denkpatroon is: de
strijd tussen tegenstrijdigheden zoals goed-kwaad,
vriend-vijand, geluid-stilte, vuur-water etc., zal altijd blijven bestaan , maar
als je hier van uitgaat dan wordt de strijd minder een strijd waar je zelf bij
betrokken bent, want je ziet het als onafwendbaar, dus geeft het je moed en
kracht
en vanuit dit punt te leven. Het wordt ontspannen, het is zo nieuw voor
me als een soort openbaring zodat ik het nog niet duidelijk op papier kan zetten.
Het moet hier nog rijpen, maar in ieder geval is het een "nieuw standpunt", waar vandaan je weer vele
mogelijkheden krijgt. Jullie bezoek was heerlijk. Mariette zag behoorlijk pips om het neusje,
pas halverwege kleurde ze wat bij. Mauk's
oogjes waren nat. Heeft het geholpen? Heerlijk om te horen van J.M. Ik heb veel
vertrouwen in hem. Gelukkig dat we hem op tijd hebben losgelaten. Hij heeft zijn
eigen tempo. Zou je Elsbeth dan nog een
ding kunnen vragen, iets wat ze toch wel kan doen de tekst van de brief die men
moet sturen voor het aanvragen van naturalisatie, dat is niets
compromitterend. Als
ze dat zelfs niet durft, dan weet ik het niet meer, dan geef ik het op. De rest
mag ze laten, want dat kan niet anders, dat zie ik wel maar de laatste vraag van
de brief moet ze nog meer maar eens lezen. Heeft ze mijn 2e brief gekregen want ik kreeg
nog geen antwoord van haar. Bel haar maar op!
Ingesloten stuur ik je een brief die je moet uittikken, wanneer het nodig is
als instructie geef, moet je hem versturen naar de dan op te geven adressen
ipv mijn ondertekening komt te staan w.g. T. de Booij. Ik ben benieuwd wat ze
zullen doen. Het is een vrij belangrijke testcase en ik hoop dat het zal
helpen om hier in verandering te brengen of althans dat de publieke opinie zich er
mee bemoeit. Zou je de ingesloten briefkaart willen opsturen aan H. Kuiper, adres
staat in het adressen systeem en mij tevens opsturen een aantal broodkaarten van 20
cent, laten we zeggen 10 stuks. Nu grote schat ik verheug me op donderdag en
neem Jan Maarten mee want hij moet het ook zien Heel veel liefs en zoentjes
van je schat Tom, je mannetje.
Vrijdag 28 mei 1971 brief van Jan Maarten
Lieve Vader, Wat leuk was het je weer te zien. Ik wou
wel iets meer zeggen, maar de tijd vloog voorbij. Mama vond je één brok zenuw!
toen je binnenkwam met het verhaal van de nutteloze zakjesplakken aan kwam
dragen. (...) Jouw brief die je aan ons hebt gestuurd daar ben ik het gewoon mee
eens. Ik had dit verhaal wel eens meer gehoord, maar toch vond ik het fijn dat je
het op papier zette, dan kan je altijd weer terugkijken. Het is wat je schreef
over, omdat je een goede baan hebt, je minder straf krijgt als iemand die
veel lager op de maatschappelijke ladder staat. Dat is klassenjustitie, volkomen
onrechtvaardig natuurlijk dat kan iedereen wel begrijpen. Toen ik in de
wachtkamer zat te wachten, voordat wij (mama en ik ) binnen gelaten moesten worden,
dacht ik aan Kees Boeke en zijn vrouw die hier verscheidene malen ook hebben
moeten zitten, toen
ze geen belasting wilde betalen. Misschien kennen enige bewakers hem nog van
vroeger, je moet maar eens vragen. Je moet nog van twee kinderen uit mijn klas de
groeten hebben ze vonden het wel een stunt . Tot over 2 weken als je thuiskomt.
Veel liefs Jan Maarten
Vrijdag 28 mei 1971. 4.20 's-ochtends tot 5.25 uur. Brief aan Adrienne
(toen ik de brief bijna klaar had kwam de bewaarder
die jou indertijd er heeft uitgelaten - grijs haar - jij zei: terug in je hok dan
even door het ruitje gluren. Hij hoort n.l. schuifelen zo goed passen ze op mij.
Hij herhaalde woorden terug in je hok)
Lieve schat van mij. Het eerste daglicht filtert schoorvoetend door het matglas en is nog
vermengd met het oranje neonlicht dat
met schijnwerpers op onze kooien schijnt, de vogels zijn als begonnen met hun
activiteiten. Ik werd tot nu toe nog nooit zo vroeg wakker, maar ik heb zo
sterk van je gedroomd, dat ik ervan wakker werd. Het bezoek heeft me zeer
aangegrepen, want het was ondanks dat ik me had voorgenomen rustig te blijven en
alleen maar geconcentreerd wilde zijn op jullie en vooral Jan Maarten een
confrontatie van onze twee wereldjes.. Ik zag hoe moeilijk - en dat is
begrijpelijk - je het had met mijn nieuwe acties. Je vangt alleen wat vlagen op
een
copie van een brief waarin elk woord besloten ligt en mogelijkheid tot verdere
actie en dan nog een kwartiertje nadat we meer dan een half uur hadden moesten
wachten met een bewaarde erbij, die haast had en ons wilde afhandelen als koopwaar.
Jan Maarten vond het ook maar naar. Hij stootte jou ook aan van "hou nou op". De
schat, ik had er zo de pest is dat hij niet meer aan bod kwam. Misschien is het
beter dat hij de volgende keer alleen komt. Ik vond het hem veel sterker en
zelfstandiger geworden. Echt al een jongeman .Ik was nogal geschrokken van
de
oude klacht. "Martelaartje spelen". Ik ben bezig met een proces dat niet
omkeerbaar is dat heb ik in eerder brieven al geschreven en het zal ook lange tijd
duren voordat we alles met elkaar hebben besproken. Niet zo zeer dat je het
niet me eens hoeft te zijn, maar wel dat je op de hoogte bent van mijn motieven,
doelstellingen. Pas daarna kan je kritiek leveren dat is zoals je weet zeer goed en gezond voor me. Deze strijd die ik hier letterlijk
en figuurlijk geheel
in mijn eentje voer is het waard om gestreden te worden, het gaat om iets
fundamenteels n.l gedane ARBEID wat is dat, dat is gestold zweet van de ARBEIDER.
Ik heb zo diep getroffen door het Kapitaal van Marx en zo zo en door overtuigd
van de wetenschappelijke waarde van zijn grondstelling en zijn analyse van
ons systeem. 100 jaar geleden en nog actueler dan toen hij het schreef. Wat een
vooruitziende blik. Het is te vergelijken met Mozart, Shakespeare, Darwin,
Newton, Galileo, Aristoteles ga maar door. Het is een openbaring vooral doordat ik
tegelijkertijd veel in de bijbel lees. Verder de confrontatie met nu,
Business Week, Fortune, Scientific American. In mijn cel de mogelijkheid om
zoveel reizen, expedities te maken in het mooiste gebied onbekendste gebied op aarde
onze menselijke geest. Overmorgen is het Pinksteren. Het belangrijkste feest
want de uitstorting voel ik aan, verjonging in zich zelf dus niet het krijgen
van iets onpersoonlijks van boven of beneden (zgn God), maar meer een losmaken
het afdoen van allemaal onnodige ballest. Het lichter maken van je geestelijke
bagage , zo voel ik het. Door deze 14 dagen afzondering van de wereld zal ik nog
beter in staat om dit proces door te maken. Ik ben elke dag bezig met het
losmaken en het laten beëindigen en afsterven van de hoop dat er nog een
dialoog met dit systeem mogelijk is. Ik heb dus geen hoop in Polak, maar alleen
de mensen die net zo voelen als ik en dan gesterkt worden. Het enige dat
moeilijk is en ook daadwerkelijk plaats vindt is het contact met mensen. Zo had ik
gisteren bij mijn laatste lucht een geweldig goed en diepgaand gesprek
met een bewaarder over het zijn op deze aarde. Hij kwam uit zichzelf ook met
verhalen over de jaren voor de oorlog. Het was een dialoog en minder de
monoloog die ik gewend ben om via mensen met zichzelf uit te voeren. Door
de grote behoefte aan menselijk contact en het afstoten van de verlokkingen en
verbloemingen van onze samenleving (TV, radio, luxe eten en drinken) is het
misschien noodgedwongen,- beter mogelijk om contact te maken zelfs door mijn
ruitje in de stalen deur heb ik goede gesprekken of door schreeuwen via het
rooster in het raam naar mijn maat in een paar cellen verder op. Deze gesprekken
eindigen meestal met "Het gaat goed met Hilversum III". dit is
speciaal
voor de directeur van Veronica die vlak boven mij woont toen die op de luchtplaats
tegen mijn maat heeft gezegd dat hij het een goede mop vond. Nu lieve schat
ik hoop dat ik even contact met je heb gehad door mijn roerselen van mijn
denkwereld aan je door te geven met als hoofdmotief: Dat we bij mijn terugkomst
op de Waldeck Pyrmontlaan zo snel mogelijk weer bij elkaar terug zijn, MET BEHOUD
VAN ONS EIGEN MENS ZIJN. Als dit verloren gaat is alles verloren. Ieder heeft het
recht om zijn of haar leven te bepalen en hoezeer we belast zijn door de economische, sociale etc
structuur maar ons streven is om zo veel mogelijk vrij te laten en juist door zoveel elkaar geestelijk
vrij te laten de
mogelijkheid te ontdekken en te scheppen van echte vriendschap. Elkaar te helpen
het overwinnen van het gevoel van eenzaamheid. Met zijn tweeën is het beter dan
alleen. Het is zo gezellig (dat woord zegt het nog beter). We hebben elkaar nodig
en daarom houden we veel van elkaar. Het nodig hebben verdwijnt dat
de een de ander geestelijk wil inpalmen. Dat is gebeurd. Maar we moeten
blijven strijden dat het niet met ons gebeurd. Ik geloof je ik weet het bijna
zeker dat dat ook niet gebeurd omdat we zo zeer met elkaar zijn vergroeid. Het
is voor het eerst dat ik zo vroeg wakker
werd en ik weet ook zeker hoe jij je gisteren na het bezoek hebt gevoeld, bewust
of onbewust. Mijn acties zullen in de toekomst meer of minder gericht zijn op
het elkaar bewust maken van onze ballast, het is nu voor mij mogelijk om
contact te maken met de zgn Jan de Arbeider want ik ben het gewoon zelf geworden.
Ik slaap met hem op de grond ik hoef het niet meer te spelen. Ik ben het gewoon
en daardoor heeft iemand die maatschappelijk gezien boven hun staat er geen
begrip voor. Dat is ook zeer begrijpelijk. Mijn actie "arbeid" kan ik in een
paar woorden duidelijk maken aan Jan de slemiel die nauwelijks lezen of
schrijven kan hij die begrijpt het meteen omdat hij het al lang wist en aanvoelde,
maar door zijn gebrek aan taal en woorden het niet hard op kon denken (of zeggen)
terwijl de meer ontwikkelende (dus belast met stoffige wijsheid) het nauwelijks
begrijpt en vooral onbewust of bewust niet wil begrijpen. Nu grote schat, ik kruip
er weer onder en ga wat mediteren of soezen. Tot over 11 daagjes We moeten
proberen het NIET TE OVERHAASTEN. We must take our time. Er is zoveel gebeurd.
Je t'aime. Ton grand amour.
Zaterdagavond 29 mei 1971. Brief van Adrienne
Vanmorgen je brief, waar ik ontzettend blij mee was. Ik had net zo'n rot
gevoel over het bezoekje als jij, heb 's-nachts geen oog dicht gedaan, maar de
omstandigheden waren dan ook ellendig. Ik zei al tegen Jan Maarten dat dat half
uur wachten funest was, voor jou waarschijnlijk veel erger dan voor ons. Wat
denk je allemaal dan, dat we niet komen misschien of een ongeluk? De bewakers
hadden onderling moeilijkheden over de tijd, vandaar dat ze gejaagd waren, enfin
allemaal droeg het niet bij tot een prettig contact. Ik vond het nog het ergste
voor Jan M., die helemaal niets heeft kunnen zeggen. Ik ben erg benieuwd wat hij
je heeft geschreven! Ik had mijn tong wel kunnen afbijten toen ik de kreet van
martelaartjes spelen had gezegd, maar ja het was op dat moment het enige verweer
dat ik had tegen jouw woordenvloed en je gepreoccupeerd zijn met je actie. Het
is weer een goede les voor me, als je met iets bezig bent mag ik niet van je
verlangen dat je je op mij instelt, maar aangezien ik je nu maar 1 kwartier per
week mag zien, viel dit me wel heel erg zwaar, vandaar mijn noodreactie. Uit je
brief merkte ik dat je het wel begreep, intussen zit jij nu maar in je hok. Ik
leef erg met je mee, dat je dit ook nog allemaal moet ondergaan. We zullen
inderdaad, als je weer bij ons bent enorm moeten wennen aan elkaar, het wordt
een confrontatie van twee werelden en hopelijk kunnen we allebei genoeg begrip
voor elkaar opbrengen, anders zie ik dat het volkomen mis kan gaan. Ik zal ook
proberen niet eerder kritiek te leveren, voordat ik al je ideeën en
doelstellingen heb gehoord, anders verval ik in precies dezelfde fouten als de
mensen die jou beoordelen zonder precies te weten wat je bedoelt. Wat ik
inderdaad vurig hoop zoals jij het zo goed uitdrukt, is dat jij in staat zal
zijn om een dialoog met mensen op te bouwen en niet altijd de monoloog via
andere mensen met jezelf. Dat is geloof ik iets heel essentieels voor jou, anders
dan eindig je op een dood spoor. Zoals Paul Lamme vandaag nog tegen me
zei, ik wil altijd zo graag met Uw man praten, maar het lukt me niet, hij praat
altijd zoveel en daar kom ik niet meer tussen! Ik zit natuurlijk boordevol met
vragen maar die bewaar ik maar tot je weer bij me bent. De kinderen hebben nu
allemaal Pinkster vacantie, tot Donderdag. Morgen gaan we dus 2 dagen naar Aerdenhout 's avonds met Mammie naar de schouwburg. Ik zei tegen Mariette dat ze
dan wel een jurk aan moest doen, waarop ze meteen zei, ik neem alleen mijn
alleroudste vieste kleren mee! het protest tegen de nette Grootmama komt hier
mooi naar voren. Ze zei ook nog toen we zo met z'n vieren aan tafel zaten,
wat zal het gek zijn als we weer met z'n vijven zijn, we zij nu al weer zo
gewend met 4. Dus zal je je plaats waar moeten maken in je gezinnetje ! Weet je
wat geloof ik heel goed voor je is als we weer thuis bent om 1 week alleen maar
lichamelijke arbeid te doen, (dit zeg ik echt niet omdat je veel in de
tuin moet doen, want dat heb ik allemaal gedaan), maar na al dat denken wat jij
de afgelopen 50 dagen heb gedaan lijkt me dit een absolute noodzaak. Door jouw
brief en deze van mij, zijn we alweer en stapje dichter bij elkaar gekomen, ik
denk ontzettend veel aan je . Nog 1 bezoekje , godzijdank , dan is dat weer
voorbij, maar voor hoelang? Hetty Oostendorp zei laatst nog tegen me wat heb je
toch een vermoeiende man! Ik zei : ja dat is zeker waar in ieder geval "never a
dull moment?". Dat is lijkt me nog veel erger. Dag grote schat, ik ga gauw naar
de bus met alle andere stapels post. Hou je maar taai! heel veel zoentjes,
je vrouwtje.
6 juni 1971 Utrecht B 1/18 B 1050 Huis van Bewaring.
Brief aan Adrienne
Lieve schat van mij. Het is nog maar 3 nachtjes slapen
in de kooi en dan kom je me halen. Zou je voordat ik het vergeet een fototoestel
willen meenemen om mij te fotograferen als ik uit het huis van bewaring wordt
losgelaten. De ex-gedetineerde T.de B staat weer in de koude, harde
maatschappij. De
laatste dagen zijn goed voorbij gegaan. Ik heb me nu helemaal geschikt in
de beperking daardoor veel kunnen leren en of nadenken. Marx, Sartre, Reich.
Erg veel indrukken, wat hebben er al een boel mensen over een heelveel dingen
nagedacht. Ik ben heus niet de enige! Het bezoek was heerlijk. Ik geloof
dat we dicht bij elkaar waren. Nu lieve schat over enkele uurtjes ben ik weer
thuis na ene zeer interessante excursie (om nooit te willen missen) O ja, lieve
brief van Mariette vol met leuke dingen, vooral over Paul(de) Lamme !
Dank haar. Ik hoop dat ik weer in het gezinnetje mag komen. Geef me wel de tijd
om te wennen. Niet ongeduldig worden en niet te veel verwachten. Dag schat je
t'aime, ton amour.
Einde correspondentie van Adrienne en Tom in de periode van mijn hechtenis in het huis van bewaring
Diverse correspondentie in de periode van
mijn detentie
14 mei 1971 Mijn brief aan mijn zuster Elsbeth,
Enkele zinsneden in een brief van mijn zuster Elsbeth waarin ik de hulp van
haar man Jacob als rechter vraag voor een man die hier onschuldig zit .
Verder in de brief: Als je de verklaring hoort van de tragiek van de moderne
slaven (gast)arbeiders dan rijzen je de haren te berge. Zij zijn machteloos en
worden door iedereen zelfs in de gevangenis als kamelendrijver, woestijnrat
uitgescholden. Ja Elsbeth dit zijn vervelende vragen maar in de toekomst blijft er
maar één keuze over of op je eilandjes te blijven zitten en hopen dat de
vloed niet hoger zal stijgen of er van af et duiken en te zwemmen! Elke dag maak
ik hier een "leven" mee , 50 dagen zijn aan de korte kant. In ieder geval ben ik
blij dat ik in hoger beroep ben gegaan anders had ik nu al weg moeten gaan. Nomes
vroeg 30 dagen hechtenis en Schreuderpiefje 50 dagen. Hij sliep tijdens mijn
laatste woorden maar ik zal hem toch maar een bedankbriefje sturen voor de
gelegenheid die mij heeft geboden om met zijn troetelkindertjes te mogen
kennis maken wat hier voor onrecht gebeurd. Als iemand niet kan lezen en schrijven is hij helemaal aan
de heidenen overgeleverd. Ik heb net 5 minuten geleden een man geholpen om
briefkaarten naar zijn huis en familie te schrijven (Hij kan niet lezen en schrijven
anno 1971 Nederland). Hij zei steeds maar: "Wat bent U toch goed
af. U kunt lezen en schrijven. Ik verveel me zo in de cel". Nu lieve Elsbeth, Laat
spoedig wat horen. Ik ben in gedachten veel bij je want ik voel hoe je in deze
tijd ook intens mee leeft als geen ander Veel liefs van je broertje Tom
20 mei 1971. Brief van de architect Ir. W. van Tijen
Zeer geachte Dr. de Booy. Ik hoop dat U mij toestaat om U eens te schrijven.
Wanneer U
daaraan geen behoefte heeft, kunt U het volgende ongelezen laten. Het
is U misschien bekend , dat Uw ouders sinds lang relaties
met ons hebben. Mijn overleden broer, die waarmede ik het meeste persoonlijke
kontakten had, was een van de beste vrienden van Uw vader. Met Uw moeder kunnen mijn vrouw en ik altijd heel open
over alles spreken - beter dan met Uw vader - en wij doen dat van tijd tot tijd
wederzijds graag. Zo hoorden wij ook enkele malen over wat zich tussen U en de buitenwereld en
tussen U en Uw ouders afspeelt. Daarin is zoveel algemeen en intens menselijks, dat het ons diep
ter harte gaat, ook al hebben wij er rechtstreeks niets mede te maken.
Het is of men een belangrijk boek leest of een belangrijk
toneelstuk ziet, dat dat dwingt tot bezinning op dat, ene, waar ieder mens
altijd onbegrijpend voor blijft staan. Mulisch heeft het voor mij in
Tanchelijn mooi uitgedrukt, wanneer hij Evenwachter laat zeggen: " Ik ben
een mens, maar dat is onmogelijk". In het geval
van U en de Uwen komt daar dan bij, dat het niet om een
verbeelding gaat, maar om levende werkelijkheid. Ik weet, dat U de moed
en de kracht hebt gevonden, om
zich tegen voor U onverdraaglijke gegevenheden in de samenleving
openlijk te verzetten. U wilt van ons geloven, dat mijn vrouw en ik dat bewonderen en U daarbij van harte innerlijke bevrediging toewensen. Ik
vermoed echter, dat U daarbij zult hebben ondervonden, dat het zich verzetten -
afgezien van materiële konsekwenties - de
dingen voor U zelf en voor anderen even problematisch laat,
als het zich niet verzetten. In mijn eigen leven is er ook altijd een oprechte drang geweest naar openlijk verzet tegenover bepaalde verschijnselen in de samenleving,
die ik niet kon aanvaarden. Ik heb twee maal in mijn leven innerlijk volkomen
bereid op de rand van een dergelijke daad gestaan. Door omstandigheden
zonder wezenlijk belang is het er beide keren niet van gekomen. Ik had graag een
ander mens willen zijn, maar ik ben in wezen een NIET-daadmens geworden.
Waarschijnlijk lagen de schijnbaar toevallige
omstandigheden toch in mijn wezen; en heb ik voor daadmens
toch niet de echte dispositie. Ik betreur dit wel, maar kan het niet verhelpen. Men is, zoals men is. U heeft geheel vanuit U zelf de
weg van de daad kunnen kiezen. U zult het Henriette Roland Holst waarschijnlijk
kunnen nazeggen:
" Ik treur niet, dat mijn ongeschoeide voeten het stenig pad betraden van de daad...
Ik won er het recht, wie daden doen te groeten met de zuivere naam van kameraad."
U zult zelf wel dergelijke momenten van innerlijke trots kennen. Daarnaast zult U stellig ook vele momenten kennen van grauwe
uitzichtloosheid.
Uw huidige verblijf zal voor U onaangenaam zijn, maar voor
iemand als U is dat natuurlijk niet van doorslaggevend belang. Eerder geeft het
mogelijk gelegenheid tot bepaalde bezinningen. Dat wensen wij U toe. Maar daad of geen daad, het geheim van mens en samenleving blijft.
Ik heb wel jarenlang gehoopt en ook wel gelooft, dat een
evolutie naar een redelijker samenleving en naar vrijer mensen mogelijk
was. Ik moet U zeggen, dat ik hierin geen realistische mogelijkheid meer
kan zien,. toch mag een mens natuurlijk nooit nalaten wat in dezen zin in zijn persoonlijk vermogen ligt, U het Uwe, wij het onze. Zonder reële
gevolgen is dit op zichzelf natuurlijk ook niet. Toch heb ik het gevoel,
dat ieder mens daarbij voor onoplosbare raadselen in zijn bestaan blijft staan.
Ook de diepste geesten hebben nooit een wezenlijke uitweg kunnen vinden,
behalve misschien in religieuze ervaringen, die echter voor iemand als mij gesloten zijn. Ook meen ik wel bemerkt te hebben, dat ook
daarbij het raadsel blijft. Dit alles wil niet zeggen, dat het bestaan - tenminste voor mensen als
wij - onleefbaar is. Dikwijls schaam ik mij daarover, maar het is zo. Het is daarbij niet de materiële welvaart, die voor mensen als
Uw ouders en ons belangrijk is. Wij hebben de hongerwinter, toen de
burgerlijke zekerheden van ons afvielen als een bevrijding gevoeld en ik kan daarnaar terug verlangen.
Maar er zijn zoveel echte zuivere schoonheden, die natuur en
kultuur voor ons beschikbaar stellen. Daar durf ik zonder schuldgevoelens van te
genieten. Ook van de oprechte trouw en kameraadschap
en liefde en vriendschap tussen mensen ondanks alle uiteindelijke eenzaamheid kan heersen. Soms vraagt men zich af, hoe dit verantwoord mogelijk is. Maar ook Lenin
erkende "Geluk" te midden wat hij terecht "een vuile hel" noemde. Het zou absurd zijn, wanneer ondanks alles in de
samenleving en in ons
zelf er ook geen mogelijkheden tot genot van jeugd en schoonheid en goedheid
waren. Ik kan dat alles altijd het beste vinden bij kinderen. Het is iedere keer
weer een wonder een jong leven vanuit puurheid te zien beginnen de raadsels
van het bestaan af et tasten. Ik denk dan wel aan een regel van A. Roland Holst:"Alle duistere daden in het
huis bedreven vonden in een wiegelied vergeving ". De manier,
waarop een kind je aan kan kijken, dat is iets ondoorgrondelijk prachtigs. De verhouding tussen mensen brengt mij ook op Uw ouders. Ik verzoek U toe te
staan, om daar iets over te zeggen. Inzake Uw moeder ligt hier geen probleem. zij begrijpt U - zij het vanuit een eigen standpunt - en
leeft geheel met U mede. Met Uw vader is dit - zoals U weet - anders. Wanneer ik aan dit
gehele
geval denk, dan kan ik niemand van de betrokkenen beklagen, eerder benijden.
Hoe intenser men dingen beleeft - aangenaam of niet hoe waardevoller. Maar voor Uw vader kan ik alles
zwaar te dragen vinden. Niet dat ik meen dat hij gelijk heeft - integendeel - maar ik weet,
dat hij vanuit zijn eigen wezen niet anders KAN. Wij weten toch o.a. via Marx ons denken en
voelen door onze sociale situatie gekonditioneerd wordt. Voor Uw vader met zijn marine-verleden en sociale milieu is anders
denken en voelen nagenoeg onmogelijk. Dat Uw moeder dit wel kan is een hoge uitzondering. De onmacht daartoe kan Uw vader
niet worden ·aangerekend. Ik hoop, dat U dit in Uw gevoel tegenover hem kunt verwerken. Het is duidelijk hoe
gelukkig hij geweest moet zijn met Uw suksessen
in Uw beroepsleven. Het moet intens bitter voor hem zijn, dat U genoodzaakt is geworden om een andere
weg te gaan. Nog eens
- ik hoop, dat U het niet onbescheiden acht, dat ik dit zeg - ik meen, dat het op
Uw weg ligt dit van hem te aksepteren. Niet
omgekeerd. Ik kom nog even terug op onze gevoelens t.o.v. onze samenleving. In mijn diepe afschuw
van Vietnam, Nixon en het gehele
misdadige wereldwijde systeem waarvan dit alles expressie is, acht ik
mij van niemand te mindere, wel kan ik een afschuwelijk gevoel van
machteloosheid tegenover dit alles en ook van een schuldgevoel
daardoor. Ik voel mij op een eiland van redeloos bevoorrechten - niet primair materieel
- maar vooral door de ondanks spanningen toch in wezen
harmonieuze relaties, die ik heb in mijn huwelijk, met kinderen
en kleinkinderen, met enkele vrienden en met mijn beroepsleven. Dat ik in het laatste heb nagestreefd heft het
gevoel van redeloze bevoorrechting niet op. Ik heb hier geen uitleg kunnen vinden, hoewel ik heus niet naar de gemakkelijkste
weg heb gezocht. Gelukkig weet ik door ervaringen van nabij, dat sterken en zuiveren
ook buiten bevoorrechting echt geluk kunnen vinden, maar ik huiver vaak, wanneer ik denk aan het tomeloos vele, dat hopeloos verbitterd moet worden
geleden. Ik hoop, dat de dingen voor U anders liggen en zullen liggen. U zult het moeilijk hebben en nog moeilijk
krijgen, maar dat is voor
iemand als U niet het belangrijkste. De grootste moeilijkheid zal voor U
m. i. zijn of worden, of alles wat U heeft gedaan en doet of laat
voor U werkelijk zin blijft hebben. U zult daaraan bij ogenblikken waarschijnlijk
wanhopig moeten twijfelen en dat wens ik U
ten slotte toe, want wat is een mens zonder twijfel? Ik stop. Ik hoop, dat ik U niet heb verveeld. Ik hoop, dat U
uit het bovenstaande zult hebben begrepen, dat ook anderen, die U niet kent, met
spanning volgen, wat zich om U en tussen U en de Uwen
afspeelt. Men is dankbaar, wanneer het leven door persoonlijk ingrijpen nog ergens
zo gespannen wordt beleefd. Onze eigen dank daarvoor en onze
oprechte hoop op sterkte gaan daarbij naar U en de Uwen uit Uw Wim van Tijen
23 mei 1971 Mijn brief aan de Minister van
Justitie
Enkele zinsneden uit deze brief: Krachtens Art 49 van de Gevangenismaatregel
ben ik in mijn hoedanigheid van veroordeelde -gedetineerde verplicht om de aan
mij opgedragen arbeid in het gesticht naar behoren te verrichten. Art 51
van boven genoemde wet staat uitdrukkelijk dat de arbeid zoveel mogelijk
dienstbaar moet worden gemaakt aan het onderhouden, vergroten en
verwerven van vakbekwaamheid. De arbeid die ik gedurende de afgelopen 4 1/2 week
heb verricht bestond uit het plakken, vouwen van bruine monsterzakjes. Alhoewel
een zeer nuttige bezigheid meen ik zonder overdrijving te mogen stellen, dat
deze aan mij opgedragen werkzaamheid niet zal leiden tot het onderhouden ,
vergroten of verwerven van vakbekwaamheid, terwijl arbeid die dat
wel doet gevonden kan worden en dus mogelijk is. Reden waarom ik na ampele
overwegingen, tot het besluit ben gekomen om art 49 te overtreden, zodat ik van
25 mei 1971 deze en soortelijke aan mij opgedragen werkzaamheden in het
gesticht waarin ik ben ondergebracht niet naar behoren zal verrichten. Ik ben mi
ten volle bewust dat deze overtreding zal leiden tot een disciplinaire straf
aangezien mijn daad onverenigbaar is met de goede orde en tucht in het meergenoemde
gesticht. U zult ongetwijfeld aanvoeren dat U gerechtigd bent de woorden "zoveel
mogelijk "uit te breiden tot het woord onmogelijk door financiële , sociale
, economische omstandigheden. Copie aan de directeur van het H.v.B.
27 mei 1971 Epistel van de medegedetineerde M.
van Schaik getiteld: Viezeriken van de Z.G.N Maatschappij
Het begon op donderdag 13 mei j.l. ik M.v. Schaik
maakte een paar opmerkingen tegen v.d. Linden waarop hij mij toe kwam
lopen en vroeg (heb je wel eens een goed pak slaag van me gehad) ik ben dus
bril dragend,
dus zette dus mijn bril af, waarop ik antwoordde: Als jij zo graag wil slaan
dan ga je gang. Waarvan hij gretig gebruik maakten. Ik liet het er dus
niet bij zitten en sloeg dus terug. Waarbij m'n ring zijn oog raakte en hem
zodanig verwonde dat hij een keep bij het rechteroog had van plm een cm. Een
bewaarder genaamd jopsen die alles had gezien gebeuren maakte daarvan een
rapport op. dat was dus 13 mei. Vrijdag 14 mei op deze datum ben ik
voor geweest op de meervoudige kamer te Utrecht en kreeg een eis van de
officier g.n. van meyenfeldt van vier maanden onvoorwaardelijk en een
voorwaardelijke ter beschikkingstelling van de regering, helemaal
gefrustreerd van deze eis kwam ik wee in het H. v.B. En ging daarop naar m'n cel toe.
Ik zat nog geen twee minuten . Toen werd mij gezegd dat ik bij de adjudant
directer Beselaar moest komen..Ik had nog geen stap in zijn kantoor gezet
toen begon hij al te razen en te tieren dat ik een viezerik was en een
lafaard
dat ik v d. Linden had geslagen waarop ik antwoordde nou meneer die andere
is
toch wel degelijk 2 jaar ouder als mij dus ik ben achttien en vd linden
20 jaar. Enfin ik moest m'n bek houden van hem , want ik had niets te
zeggen. Toen vervolgd hij v. Schaik U had van mij een plaatsing in groep C,
dat is dus geheel, uit de gemeenschap. Toen zei ik dat ik dank U wel en ging
weer naar m'n cel en nou wel een minuut later kwamen ze weer van Schaik: U
moet naar een andere cel. Nou ik naar de andere cel. Toen kreeg ik
het in een keer op m' n zenuwen en gooide twee borden kapot en sloeg een
ruitje kapot met een mes van mijn bestek, ik kon dit alles niet in één dag
verwerken. Maar op het moment dat ik met m'n mes het ruitje kapot sloeg kwam
een zekere Wieringa m'n cel binnen en de heer Snel nog een paar andere
bewaarders m'n cel binnen toen begon snel en wieringa beiden met
gummiknuppels op mij in te hakken tot ik bijna m'n bewustzijn verloor. Ze
gooide mij van C/2 naar C/1 gewoon als een zak vodden naar beneden. De
strafcel waar ik pas zaterdag middag ongeveer plm 4 uur weer uit mocht
via E. vd Sluis ook adjunct directeur. Ik heb gelijk een brief over het
gebeurde naar commissie van toezicht geschreven. Die hieraan een onderzoek heeft ingesteld. En wieringa ter verantwoording
geroepen. En hij sprong bij hoog en laag tegen een ambtenaar van toezicht dat hij mij 3x
verzocht heeft om de cel uit te komen voordat hij begon te slaan. Waarop ik zeg
dat hij lief tot ie sterft. Aldus naar waarheid opgeschreven door M.v. Schaik
27 mei 1971 Mijn brief aan Jan Ebeltjes
Vriend en kameraad Janneman, het is nog vroeg in de ochtend, de vogels
fluiten niet omdat ze het mooi vinden, maar omdat ze moeten blijven leven en
daarachter hoor je het geluid van bromfietsers, auto's het enige door
mensen voortgebrachte geluid, dat doen ze niet omdat ze het mooi vinden, maar
omdat ze moeten leven. In de gang hoor je wat stemmen van bewaarders en het
gerinkel van sleutels langzaam zonder overtuiging . Deze mensen doen dat niet
omdat ze het mooi vinden, maar omdat ze moeten leven en ik zelf zit hier te
schrijven aan een wit tafeltje in een cel zonder dat iemand mij dat vraagt of
dat ik door iemand ben bevolen. Uit eigen verkiezing in de gevangenis, uit eigen
verkiezing in eenzame afzondering verstoten van de "voorrechten"die de
maatschappij kan en zo graag wil bieden? of ook omdat ik moet Leven?. Ja maar ik
vind het ook mooi tegelijkertijd. Het enige "doel"van dit leven is dat men
probeert zijn eigen leven te leiden, dit betekent niet een egoïstisch leven (ach
laten we dat woord maar helemaal laten vallen, omdat misschien iedereen
egoïstisch is op deze aarde, het heeft daarom geen betekenis meer want het woord
beoogt toch om verschillende schakeringen aan te geven, tegenstellingen,
emoties, verdriet, vreugde, warmte maar dit woord is zonder betekenis
omdat iedereen hetzelfde is op dit gebied en kan er dus niet meer van spreken
min of meer). Nu wordt de deur opengedaan dor de bewaarder de vrijheid, die
dacht dat ik bezat, is weer wreed verstoord. Ik veer op uit mijn stoel, want er
staat een mens in de celopening die zijn mond opendoet en geluid
voortbrengt. (Doel = iets dat je stelt en waarvan het bereiken niet belangrijk
is wel het stellen ervan). Hij mompelt of ik wat op te geven heb.
Braaf zeg ik "de sportmeester", want ik wil graag morgen sport doen. De
verlokking van de maatschappij is weer sterker gebleken.. Net zo zuigend als de
ventilator die net is aangezet door iemand die ik niet ken. Hij zuigt al de
lucht uit mijn cel, maar nieuwe lucht komt door het matglas heen of beter door
de geperforeerde verroeste gaatjes van het smalle rooster waarin liggen
opgehoopt cigaretten peukjes en ander afval, alsmede heel wat zoutkristallen van
al de zeik die er door de verschillende bewoners door heen gegooid is. Door het
schrijven van deze plaatsbepaling ben ik weer meer dan ooit bewust hoe zielig
hoe onbetekenend wij zijn, als we ons verbeelden belangrijk te zijn. Pas wanneer
we ons goed ontspannen en onze zintuigen gebruiken ( net kom je aan mijn raampje
tikken, wat een feest een zuivere kameraad te ontmoeten) kunnen we vrij zijn.
Als een orgaan het niet doet, moet een ander orgaan dubbel werken, dat is niet zo
belangrijk want we hebben als mens genoeg organen om iets te horen, zien, van
het onbegrensde, het vergankelijke van deze strijd der tegenstrijdigheden.
Altijd zo lang er leven is, zo lang er beweging is, zolang er warmte is,
zolang we tegenstellingen houden zoals: goed-kwaad, dag-nacht . Weer word ik
afgebroken dwz de bewaarder komt met ontbijt: kop thee en een geel bakje (wit
van binnen) gemaakt van aardolie uit Iran of Venezuela met er in suiker
bruin gekleurd, maar hij haalde uit zijn zwarte broekzak een beginselverklaring
van de S.J. en jouw brief er bij die ga ik nu gauw lezen dus vriend nu ga
ik ontbijten want ik moet ook LEVEN! Tom de Booij of beter Tommie.
P.S. Je brief gelezen. Ongelooflijk wat voel jij alles goed en zuiver aan., Laat
je net verpesten en onzeker maken (dat zal je ook niet) door zulke
geschriften. Je vraag is bijzonder goed en keihard, maar je mening deel ik
volmondig of beter jij maakt mijn ogen hiervoor open. Dat is het wezen van leven
elkaar de ogen, oren, mond doen openen.

Briefkaart van Ton Regtien en zijn vrienden in Groningen om mij sterkte te wensen tijdens mijn detentie
Tijdens mijn verblijf zijn studenten bij het Huis van bewaring gekomen met geld om mij vrij te kopen. Ik heb ze door de bewaarders laten zeggen dat ik helaas geen gebruik wilde maken van hun vriendelijke geste.
Juni 1970. Artikel van Boudewijn Chorus in de Vrije Socialist.
Tom de Booy vanuit de gevangenis 'mijn 50 dagen zijn rijkelijk kort'
OVER COLLABORATIE, MAAGDENHUISTHERAPIE EN GEVANGENIS-ERVARINGEN.
"De verkiezingen die vorige week voor de Tweede Kamer gehouden zijn hebben
een verschuiving naar links opgeleverd. Desondanks zal er straks ten gevolge
van die uitslag -een nog rechtsere regering komen met de oerconservatieve nieuwe
partij DS'70 op een sleutelpositie. Is dat al kiezersbedrog, het aan de macht
komen van de progressieve concentratie zou voor de kiezers die daarop gestemd
hebben een regelrechte teleurstelling moeten worden. Want in werkelijkheid heeft
die progressieve concentratie geen alternatief voor de maatschappij waartegen
zij protesteert. 1). Ook die progressieve concentratie zou moeten gaan
"collaboreren" met de ekonomiese machthebbers en slechts hier en daar een verzachting van de ergste
uitwendige kwalen kunnen bewerken. Noch een linkse noch een rechtse regering
of volksvertegenwoordiging kunnen de maatschappij veranderen, ook al is het de
hoogste tijd. Meer dan bijsturen kunnen zij niet. En wie de beschuldiging van
collaboratie uitspreekt moet er direkt bijzeggen dat wij allemaal collaboreren,
omdat we niet anders kunnen leven, omdat we - en dat geldt ook voor de redaktie
van Vrij Nederland- zonder meespelen,concurreren,adverteren etc. geen krant meer
kunnen maken. Het gaat dan niet om de schuldvraag, het gaat om een analise van het verschijnsel om te
trachten bloot te leggen met welke gevaren wij onszelf bedreigen door het spel
te blijven meespelen. Wat de Fransman Etienne de la Boetie in 1548 schreef over
de burgerlijke ongehoorzaamheid, dat men de machthebbers niets behoeft te
ontnemen MAAR ALLEEN NIETS MEER TE GEVEN, geldt vier eeuwen later nog steeds; maar dat niet meer geven, dat niet meer collaboreren eist een
nieuwe horizontale samenwerking,die het resultaat is van een massaal
bewustwordingsproces. Dat moet aan de basis beginnen, waar ouders kunnen leren
van hun kinderen. Of om het nog eenmaal met de woorden van Mitscherlich 2) te
zeggen:"wij zullen moeten leren onze kinderen op een dusdanige wijze lief te
hebben en te verdragen dat net hun mogelijk wordt óns lief te hebben, óns te
verdragen, met minder bitterheid en indifferentie dan voorheen. Wij bezitten hier
een niet te onderschatten vrijheid om het fatum te corrigeren". Sinds de duitse psichiater dit schreef, in
1963, zijn er golven van protestbewegingen over de wereld gegaan,voornamelijk
voortkomend uit de jongste generatie. Het verzet tegen collaboratie neemt toe, maar ook
de repressie van machthebbers, die sterke wapens kunnen hanteren, maar die
tegenover massale ongehoorzaamheid uiteindelijk even machteloos zullen staan als de amerikaanse
regering tegenover de vrijheidsstrijders in Vietnam. De keuze tussen
collaboratie en verzet is de keuze tussen geestelijke zelfmoord en menselijk
leven" 3)
Dit citaat van Jan Rogier in Vrij Nederland van 8 mei 1971 is om een aantal
redenen interessant. Behalve het probleem van "collaboratie" op zich-een
probleem waarmee zeker ook de anarchistiese beweging een zware pijp heeft te
roken al was het alleen al uit histories oogpunt: vaak hebben immers zich
anarchisten noemende lieden gedacht het probleem op te lossen door moord en
bomaanslagen (denk aan het onuitroeibare stempel op anarchisten als zijnde chaos-veroorzakers en potentiële misdadigers)-komen zaken WEL en NIET naar voren waarvan het aardig is eens te konstateren waarom (juist) die
naar voren komen, of aardiger nog:waarom NIET. En om in het kort met dat laatste
te beginnen: Rogier spreekt in het citaat (en in het hele artikel) over de keuze
die inderdaad(ook door Vrij Nederland naar hij er uitdrukkelijk bijzegt) het
meest beoefend wordt, nl.die van de collaboratie. In zijn slotzin noemt hij even
de andere keuze: het verzet. Maar hij SPREEKT er in het geheel niet over. Hij
wijdt niet uit over de mogelijkheden van die andere keuze wat bedoelt hij met
verzet,HOE kun je je verzetten en wat is er dan verkeerd aan verzet, als hij
zelf voor collaboratie kiest (en, - nogmaals - met hem het ex-verzetsblad VN). Het
is natuurlijk heel mooi van Rogier om eens goed na te denken over die collaboratie en eens volmondig
toe te geven dat ook hij collaboreert, daarbij overigens en passant opmerkend dat
hij niet anders kan en tenslotte (volgens mijn interpretatie dan) dat verzet
alleen tot geestelijke zelfmoord leidt. Maar het was toch wel mooier geweest als
hij eens even goed en liever beter over dat alternatief had nagedacht: het niet-collaboreren, het zo min mogelijk collaboreren, incidenteel, het plegen van kontinu verzet. Misschien dat Rogier dan ook nog had kunnen aantonen waarom dat
onvermijdelijk tot geestelijke zelfmoord zou leiden. En dan kom ik op de konstatering waarom naar alle waarschijnlijkheid Rogier WEL over collaboratie schrijft. Het is een uitgebreid verhaal, maar alle facetten zijn de moeite toch wel even
waard vooral omdat ze uit de doeken worden gedaan door iemand die in ieder geval
probeert verre te blijven van collaboratie aan het sisteem en die dat ook
verschillende malen bewezen heeft en steeds opnieuw bewijst: Tom de Booy. De meesten van ons kennen De Booy, die zich vroeger altijd liever guerrillero, verzetsstrijder, dan
anarchist liet noemen (al hoeft het een het ander niet uit te sluiten)
langzamerhand wel. In de oorlog weigerde hij (als zovelen overigens) als student
aan de Gemeentelijke Universiteit van Amsterdam de loyaliteitsverklaring die de
Moffen hem voorlegden te tekenen. Hij dook onder, deed wat in het verzet (maar
ja, dat zegt iedereen tegenwoordig wel) werd verraden en gepakt en via
Arnhem(gevangenis) en Amersfoort (kamp) naar Duitsland,"ins dunkele hinein"
gevoerd. In 1944 kwam hij terug op valse papieren. Na de oorlog vatte hij zijn studie
geologie weer op en in 1957 werd hij wetenschappelijk medewerker, hard op weg
naar een professoraat. Intussen bereikte hij geregeld de voorpagina's van de
bourgeois-pers (waarvan het Handelsblad en NRC in de' familie en
kennissenkring van Tom loon-aangevend waren: happy few, roomlaag van de bourgeoisie) als bergbeklimmer en
bedwinger van talrijke Himalaya-toppen. Kortom, tom's carrière was, niet in de
laatste plaats door zijn afkomst uit het 200 van-mertens-groepje, gebeiteld. Maar
op een goede dag kwam voor Tom de grote aha erlebnis, kreeg hij werkelijk kontakt
met de studenten en begon hij in te zien waarvoor hij zou gaan opleiden. Vanaf dat moment draaide alles 180 graden voor hem en bleek dat wat hij
vroeger als gevolg had beschouwd oorzaak te zijn en omgekeerd. En al spoedig
werd hij voor gek verklaard (hebben we daar soms Rogier 's "geestelijke
zelfmoord" ?). Tom gaf zijn carrière op, deed mee aan zachte en harde gezagsondermijnende
aksies en nestelde zich tenslotte met zijn kameraden in het Maagdenhuis 4). Toen hij ná de bezetting in tegenstelling tot de
meeste studenten die meegedaan hadden niet voor het gerecht werd gesleept (de
justitie vreesde dat ze het wetenschappelijk personeel niets kon maken, omdat
die kantoren in het maagdenhuis hadden, de laatste studentenlokalen waren daags
tevoren uit het maagdenhuis overgeplaatst uit voorzorg tegen een bezetting) gaf
hij zichzelf aan en dwong de officier van justitie ook tegen hem een
gerechtelijke aanklacht in te dienen. Die kwam en, tekenend voor Tom's
konsekwentheid, toen de studenten na de veroordeling zich neerlegden bij het vonnis (omdat ze hun doel,een politiek proces en een nieuwe immense
blamage van het justitieel gezag,bereikt hadden) ging Tom door tot de Hoge Raad.
Met andere woorden: hij weigerde te collaboreren door zich met een boete vrij
te kopen. En ook toen de Hoge Raad het vonnis bevestigde en zelfs twintig dagen subsidiair méér vroeg dan Mr. Noomes,weigerde hij. 5) Toen het arrestatiebevel kwam(eind april 1971) bleef hij konsekwent en liet
zich voor vijftig dagen meevoeren naar het Utrechtse Huis van Bewaring aan het
Wolvenplein. Daar zit hij nu zijn straf uit. Maar nu waar het omgaat, het waarschijnlijke WAAROM van Rogiers's plotselinge
hand in eigen boezem steken, waarvan de samenvatting in het citaat. Met Tom de
Booy, die sinds het maagdenhuis nog tal van nuttige dingen deed 6) maar voor
zichzelf vooral steeds bezig was met de vraag: hoe pleeg ik zo effektief
mogelijk verzet en collaboreer ik zo min mogelijk? had ik in maart van dit jaar
een lang gesprek waarvan ik de weerslag in interview-vorm publiceerde in het
Utrechtse studentenblad Troof van 5 maart 1971, Het deel daarvan dat onder meer
over die collaboratie gaat,spreekt voor zichzelf en lijkt me interessant genoeg
om hier in zijn geheel af te drukken. (Hierna volgt een deel van het interview
dat ik reeds eerder heb afgedrukt.)
Wat Vrij Nederland's collaboratie betreft lijkt me dit wel genoeg zeggen.
Interessant is dat dit interviewen de "onthullingen" die De Booy daar in doet
volkomen door VN genegeerd zijn totdat Rogier met zijn artikel komt, dat waarschijnlijk als excuus 5 mei mocht hebben, waardoor hij noch de redaksie
impliciet in hoefden te gaan op De Booy's aantijgingen. Afgezien van het
Shell-verhaal komen we met de mening van Tom over journalisten als bij Vrij
Nederland en De Groene wel in een heel moeilijk gebied. Hetzelfde gebied
waarin Jan Rogier zijn keuze zo duidelijk kan doen. Tom's felle uitval naar de
VNers en de Groenen tekent wel heel schril het probleem van de collaboratie.
Juist bladen als Vrij Nederland en De Groene vervullen binnen de binnen-
en in mindere mate ook buiten-parlementahre oppositie in Nederland beslist een
nuttige en in zekere mate bindende funksie, al geldt dat vrijwel uitsluitend voor de intellektuelen en semi-intellektuelen onder
de oppositionelen. Als mogelijke aanzetters van gedeeltelijke of totale hervorming is die groep een niet te onderschatten faktor. Ik hoop daar later nog eens
aandacht aan te besteden. De Booy zelf betaalt intussen de tol van zijn niet-collaboreren, zijn verzet met vijftig dagen huis van bewaring. Via twee naar buiten gesmokkelde brieven
is het al weer duidelijk geworden dat hij ook binnen de muren van het
justitieel gezag niet stil zit. Tachtig jaar eerder overigens zat tussen diezelfde utrechtse
muren onze vriend Ferdinand Domela Nieuwenhuis, ook alom politieke opruiende
aksie zij het niet in de daad, zoals Tom, maar nog in woord en geschrift.
Tachtig jaar eerder zei een gevangenisbewaarder tegen FDN: "Och,meneer, u
komt er weer uit als uw tijd om is, maar wij zitten hier levenslang" 7) En nu heeft De Booy, blijkens een van zijn brieven, met eenzelfde logika het
gevangenispersoneel plus de direkteur een stevige ontsteltenis bezorgd door
ze op zijn bekende suggestieve manier duidelijk te maken, dat in feite niet
hij, De Booy,gevangen zit maar zij, personeel en direkteur. Zij zitten
volledig vast in hun systeempje en kunnen er niet uit, terwijl De Booy
natuurlijk zo vrij als een vogel is. Hij schrijft
me: "ik ben natuurlijk nog niet in staat om je een beeld te geven van mijn
ervaringen, want ik ben nog midden in de belevenissen en het is nu nog niet
de tijd een analise daarvan te maken. Maar ik weet wel, dat vijftig dagen
rijkelijk kort is. Gelukkig dat ik in hoger beroep ben gegaan want Noomes gaf
mij maar 30 dagen. Ik begin me hier nu pas thuis te voelen en kan nu beter observeren omdat ik nu door de omgeving
ben geaccepteerd. Je voorspelling in troof komt aardig uit 8). Net 15
minuten geleden heb ik bijvoorbeeld een man geholpen met het schrijven van
briefkaarten aan zijn familie. Anno 1971 kan hij niet lezen en schrijven.
Het leek of ik weer op ekspeditie was ergens in de binnenlanden van Peru of
Nepal en dat in Utrecht. Dat is nog maar een tipje van de sluier die ik voor
je oplicht. Je begrijpt dat ik je half juni veel te vertellen heb".
Maar via personeel van het huis van bewaring heb ik eigenlijk al weer genoeg gehoord: Tom is met alle mogelijke zaken van gedetineerden bezig. Hij praat
uren met ze, schrijft hun verhalen op voor advokaten, diskusieert met ze en laat
ze in voorkomende gevallen zien dat hun (mis)daden terug te voeren zijn op het
sisteem, op de onrechtvaardigheid van de welvaartsverdeling en hoe hun
primaire rechten worden geschonden zonder dat ze het zelf weten. Of, zoals Tom
in het interview zei: "geen hond van links heeft in de gaten dat de fundamenteelste regels uit onze grondwet dag na dag worden
overtreden door wie zich parlementaire demokraten noemen". En, zoals hij vanuit
de gevangenis schrijft :"Je hoeft helemaal niet naar Vietnam,Angola,Brazilië
te gaan om het FASCISME in aksie te zien. Hier in Utrecht is het wel ingekapseld in een laag plastic, schuimrubber, maar misschien juist
daardoor veel afschuwelijker, hopelozer. Daarbij te bedenken dat dit onrecht
wordt aangericht door mensen die denken, heilig geloven en met hun volle inzet
en integriteit juist het beste met deze mensen voor hebben. En daarbij bedoel ik niet eens alleen de rechterlijke macht".
Inderdaad, want Jan Rogier zal het ook wel het beste voorhebben. Maar ja, hij
collaboreert, en wie weet wat hij allemaal aanricht. Misschien wel de
geestelijke zelfmoord van zichzelf en even zovele collega's, maar toch niet die
van Tom de Booy.
Boudewijn Chorus.
1) Hier duikt weer het eeuwigdurende misverstand op, dat zij die een
maatschappij willen veranderen of vernietigen dat alleen maar met recht zullen
kunnen als zij een pasklaar alternatief in de hand hebben. Ik signaleer nog
maar eens het autoritaire en "neo-kolonialistiese" van een dergelijke
denkwijze. Het post-revolutionaire nulpunt moet ingevuld worden door degenen die de strijd gevoerd hebben: de nieuwe maatschappij moet
vanaf dat moment volgens gezamenlijk inzicht groeien. Iedereen mag daarover
richtlijnen in zijn hoofd hebben, maar een pasklaar alternatief is volstrekt
bevoogdend en werkt bovendien alleen in de kaart van groepsbelangen, waarbij
onvermijdelijk een onderdrukte en uitbuitende klasse elementen zullen zijn in
een zo bij voorbaat verrotte "nieuwe" maatschappij.
2) Alexander Mitscherlich, Duits psichiater en auteur van o.a. "Op weg naar
een vaderloze maatschappij", waarin ideeën die verwant lijken aan die van Habermas.
3) Een mooie slotzin,-maar niet duidelijk. M.i. bedoelt Rogier hier te
zeggen: Wie voor collaboratie kiest (zoals Vrij Nederland bijv.) kiest voor
menselijk leven (dwz die kan het uithouden), maar wie voor verzet kiest pleegt
geestelijke zelfmoord. -Een vooruitzicht dat Rogier dus voor jongens als De Booy heeft klaarliggen?
4) Achteraf heeft De Booy over het maagdenhuis gezegd: "Door
de konfrontatie met de macht -en dat hebben geleerd in het maagdenhuis- zagen we
opeens dat in de lege ruimte die we onszelf hadden gekreëerd ,de speelruimte die we onszelf
hadden aangemeten, dat in onze eigen Vrije Maagd binnen vier dagen opnieuw een
volledig fascistiese maatschappij kon worden opgebouwd. Opnieuw reproduceerden
we datgene wat we in onze opvoeding kregen ingepompt. Het heeft ons het inzicht
gebracht, hoezeer we denken in machtskoncentraties, in tegenstellingen, in termen van verliezen
en winnen. Maar als dan de ludieke figuren komen dan zie je door het zwijgen wat
hen werd opgelegd waar de krisis werkelijk lag: in ons denkpatroon. En nu begint daar het vervolg
van te komen. Heel langzaam, niet revolutionair maar
evolutionair, komt het besef dat het positief resultaat een
verkleinde maagdenhuis-therapie is die binnen de talloze ontstane aksiegroepen wordt gehanteerd. Ze krijgen
bij het scheppen van die tegenstellingen de gelegenheid om naar de diepere
gronden te gaan. We gaan terug naar de vraag: waarom zijn we er altijd op uit
om, als we een groep vertegenwoordigen, ons altijd weer van die groep té
distantiëren in plaats van namens die groep iets in het midden te brengen? Dat moet niet langer. Dat leidt af van de werkelijke strijd. En
dan zie je dat het anarchisties perspektief wel degelijk terug komt en een enorm
voordelige taktiek of ideologie - hoe je het noemen wil - is in déze lokale
situatie. Het gaat nu eerst om je eigen omgeving. Wat konstateer je daar. En wat ga je doen.
Gezamenlijk of alleen. Om het vakuum op te vullen. Dat vakuum dus, waarin
wij met ons geordende leven een sisteem in stand houden dat de mensheid
eenvoudig in zijn totaliteit gaat ELIMINEREN. We kunnen dat vakuum niet door
een stellingenoorlog doorbreken maar alleen door een guerrilla van de ergste
soort".
5) Met de uitspraak van de Hoge Raad was natuurlijk wel
jurisprudentie inzake bezettingsaksies ontstaan, iets dat de andere maagdenhuizers ook wilden voorkomen in die tijd van gezagswaanzin.
6) Onder meer het alarmerende rapport inzake de chemiese analise van het roet
dat de schoorstenen van het Demka Staalbedrijf in Utrecht uitbraken:
levensgevaarlijke zilverdioxyde deeltjes!
7) "Van Christen tot anarchist", F. Domela Nieuwenhuis,pag 44
in Bruna-uitgave door Albert de Jong.
8) Die voorspelling was ongeveer, dat Tom er in de gevangenis wel in zou
slagen het halve personeel en gedetineerdenwereldje om te turnen.
11 juni 1970 Artikel in Chemisch Weekblad: Grondstoffenpolitiek en samenleving
Dr . Tom de Booy. Amersfoort; 1943-1944 gevangenis Arnhem; 1954 promotie te Amsterdam;
1955-1957 onbezoldigd buitengewoon assistent aan de Universiteit van
Amsterdam; 1957-1970 wetenschappelijk hoofdmedewerker aan deze universiteit;
23 juni 1970 deloyaal ambtenaar; 1 december 1970 eervol ontslag
en veroordeling wegens deloyaliteit; april-juni 1971 gevangenis te Utrecht
(nog vanwege de Maagdenhuis bezetting, aanval op het systeem). Daar dr. de Booy momenteel in de gevangenis te Utrecht
verblijft, en
daardoor niet in staat is tot het schrijven van een artikel naar aanleiding van zijn lezing (welke niet van
papier af is gehouden), plaatsen wij een verslag van de lezing zoals
eerder gepubliceerd in
" Utrechtse Universitaire Reflexen" van 26 maart
1971. Hoewel dr. de Booy toestemming heeft gegeven voor het publiceren van de
letterlijke tekst van zijn lezing (beschikbaar op magneetband), hebben we
hiervan geen gebruik gemaakt, daar de tekst,' vanwege het feit dat dr. de Booy met zijn gehele lichaam spreekt, en vanwege allerlei zaal.
effecten, waarschijnlijk onbegrijpelijk is voor de lezer die de lezing
niet heeft bijgewoond.
"De mens heeft door de tijden heen steeds geprobeerd om aan de aarde
verschillende delfstoffen te onttrekken, die hem mede in staat stelden zich in
stand te houden . Het lijkt wel of deze zelfde delfstoffen hem momenteel in zijn bestaan
bedreigen. De geologische ongelijke verdeling van deze delfstoffen in de
aardkorst brengt grote problemen met zich mee. De rechtmatige verdeling van
deze delfstoffen is volkomen mislukt. Het heeft geleid en leidt nog steeds
tot moord en doodslag". (Uit: Waar gaat de aarde naar toe? Afscheidscollege van dr. T. de Booy,
uitgesproken op 30 november 1970).
Verslag van de lezing van T. de Booy
Uit deze woorden valt gemakkelijk de relatie politiek en
geologie af te leiden. De geoloog die onder andere moet trachten met zijn
kennis delfstoffen op te sporen die van belang kunnen zijn voor de samenleving, zal daarbij op politieke
afspraken en belangen stuiten. Dit is duidelijk aangetoond in de lezing, die dr. T. de Booy onlangs in Utrecht (in het kader van de ,gammacyclus) hield
onder de titel: "De invloed van de 'grondstoffenpolitiek op de samenleving".
In een analyse van de feiten (immers analyse en lokalisatie dienen vooraf te
gaan aan 'generalisatie) schetste hij het volgende beeld:
Reeds 4 1/2 miljard jaar bestaat onze aarde. Via de interferentie van
lithosfeer, atmosfeer en hydrosfeer komen we bij de biosfeer waarvan de
mens een deel uitmaakt. Nemen we daarvan een tijdopname dan krijgen we de
situatie van de mens nu, een detail, dat wij onder invloed van ons
egocentrisch denkpatroon, het belangrijkst achten. Langzamerhand zien we dat
er een neiging bestaat mondiaal te denken in plaats van alleen maar
nationaal, een neiging die bij de multi-nationale corporaties het sterkst
naar voren komt. Deze corporaties zijn strikt neutraal (en kiezen daarom altijd de zijde van de sterkste) en
hebben als uitgangspunt het welzijn van de mens. In poging het
mondiale denken te propageren stuiten zij op een probleem: het onbegrip
van de mens (die liever nationaal denkt), hetgeen hen erg verdriet. De corporaties streven naar winst - dit leidde van een produktgerichtheid
naar een consumentgerichtheid - met op de achtergrond de gedachte: als wij
eerst rijk zijn dan kunnen we ons daarna ontspannen teneinde de rest van de
wereld te helpen.
Bestaansminimum
Voor het voeren van een mondiale politiek is het noodzakelijk te
beschikken over grondstoffen en energie. Die grondstoffen zijn over de
hele wereld verspreid. In 1969 leverde Zuid-Afrika 80 pct. van de
goudproduktie, dit komt neer op 80 000 goudstaven (van 121;2 kilo per staaf),
die hoofdzakelijk in de mijnen rondom Johannesburg gedolven worden. De
apartheidspolitiek van dit land biedt ongekende mogelijkheden voor goedkope
exploitatie; Mijnwerkers verrichten hun werk soms 3000 meter onder de grond. De 360 000 zwarte (tegen 40 000 blanke) mijnwerkers ontvangen hiervoor een
loon van 1600 gulden (inclusief woning, voedsel en medische zorg) terwijl het
bestaansminimum op 3200 gulden ligt. Zou men de lonen optrekken tot dit
minimum dan zou dat betekenen dat er geen dividend uitgekeerd kon worden aan
aandeelhouders. De gezamenlijke goudmijnen betaalden in 1969 een netto
dividend van 644 miljoen gulden, dat wil zeggen gemiddeld 1600 gulden per arbeider! De
regeringen van de westerse landen zullen er ongetwijfeld voor zorgen dat dit
dividend in elk geval uitgekeerd blijft worden.
Een andere belangrijke delfstof is de bauxiet. Guinea, onder bewind van
Sekou Touré heeft - op Australië na - de grootste en rijkste bauxietreserves
ter wereld. Dat betekent dat de westerse landen in de toekomst voor een groot deel van dit land
afhankelijk zijn voor hun bauxiet. Er zijn dan ook grote investeringen gedaan,
vooral in het bauxietproject bij Boké. Volgens de prognose zal daar in 1974
acht miljoen ton bauxiet geproduceerd worden. Dit politiek en economisch
oogpunt wordt de bauxiet niet in het land zelf verwerkt tot aluinaarde en
tenslotte tot aluminium, maar uitgevoerd naar de aluinaarde fabrieken in West-Europa. Dit datzelfde oogpunt zullen
pogingen worden gedaan het bewind van Sekou Touré te elimineren en daarvoor in
de plaats een ander bewind te stellen waardoor de EEG van bauxiet verzekerd is.
Oliereserves
Voor de verwerking van grondstoffen is energie nodig. Vroeger leverden
vooral kolen die energie. In het begin van de jaren zestig echter schakelde
men over van de dure kolen naar de goedkope importolie, waardoor de olie, die
in 1957 27 pct. van het totale energieverbruik vormde, in 1969 60 pct. daarvan leverde. Door allerlei omstandigheden
ontwikkelde de oliemarkt zich van een "buyers-market" (teveel aan olie) naar een "sellersmarket" (te weinig olie). Dit werd
onder andere veroorzaakt door een grotere vraag naar olie dan was voorzien, te weinig
geld voor nieuwe investeringen, onvoldoende alternatieve energiebronnen (achterblijven
van de ontwikkeling van kernenergie) en verminderde levering van de kant van
Libië. West-Europa is geheel van de invoer van olie afhankelijk terwijl de V.S.
die nu nog 3 van de 14 miljoen vaten per dag invoeren (één vat is 160 liter),
in de toekomst (is 1980) 11 miljoen vaten zullen invoeren. Waar komt die olie vandaan? De tien olieproducerende landen, die de laatste tijd veel in het nieuws
zijn door hun onderhandelingen met de grote oliemaatschappijen om een hogere
prijs voor hun olie, zijn: Libië en Algerije (welke landen de grootste reserves hebben),
Saoedi-Arabië, Iran, Koeweit, Irak, Abu Dhabi, Qatar, Venezuela en Indonesië.
Deze landen bezitten een oliereserve van 422 miljard vaten. De V.S.heeft een
oliereserve van 37 miljard vaten, een hoeveelheid, die toereikend is voor slechts
9 1/2 jaar. Door de energiepolitiek van de V.S. is de Amerikaanse olie-industrie de
laatste jaren sterk achteruitgegaan. Voor de winning was de V.S. afhankelijk
van kleine onafhankelijke oliemaatschappijtjes. Door financiële beperkingen
gingen vele hun geluk, meestal met succes, in het buitenland beproeven. De prikkel werd hen ontnomen; van de 40 000 in 1958 waren er nog maar 4000
oliemaatschappijen over in 1970. Ook het aantal proefboringen is sinds 1955
met 65 pct. teruggelopen. De meervraag naar olie die in de toekomst zal ontstaan kan waarschijnlijk worden opgevangen door de olie die men in het Arctische en
het Noordzeegebied hoopt te vinden. De onderhandelingen onlangs tussen de
OPEC landen (olieproducerende) en de 23 grote oliemaatschappijen hebben er
voorlopig toe geleid dat de Perzische Golfstaten meer voor hun olie krijgen.
Daar tegenover staat dat de "Free World" gedurende vijf jaar is verzekerd van
olie uit die landen. Alleen Libië en Algerije zijn nog niets overeengekomen.
Pogingen van die landen om eventueel de kraan dicht te draaien teneinde hun
eisen kracht bij te zetten zullen niet worden ondersteund door de Perzische
Golfstaten die immers hun zin hebben. De Sjah van Perzië heeft zelfs na afloop van de overeenkomst gezegd de V.S.
erkentelijk te zijn voor haar militaire en economische hulp en verzekerde een
hechte vriend van het westen te blijven.
Deloyaal
De heersende olieschaarste en de perikelen daaromheen resulteerde in een
hernieuwde belangstelling voor de uranium ontginning,
welke vanaf 1960 nogal was verwaarloosd. Aangezien de nucleaire energie een
steeds grotere rol gaat spelen moet men over steeds grotere hoeveelheden
uranium beschikken. Intussen hadden de oliemaatschapijen zich al ontfermd
over de uranium ontginning. Nederland heeft zich met Engeland en Duitsland
verbonden in het ultracentrifuge project voor de verrijking van uranium. Deze
uranium wordt naar ons land aangevoerd van de Zuidwestafrikaanse kust waar
Rio Tinto Zinc, een Engelse maatschappij, de uranium ontgint. Daar zijn wij
erg gelukkig mee, gezien de grote rol die de kernenergie zal gaan spelen. Het probleem van de kernenergie, van energie überhaupt, is het probleem van
de kennis. Daarom reageert nu de intelligentia. In de toekomst gaat het niet
langer primair om grondstoffen, maar om de "know-how", de technische kennis.
en vaardigheid. Elke nieuwe ontwikkeling in de energie vraagt steeds meer
kennis. Die technische kennis wordt onderwezen op universiteiten en
hogescholen, en
daar wordt de blauwdruk van morgen ontwikkeld. Nu is de onrust van de
intelligentia te verklaren want op de universiteiten is een crisis ontstaan:
jonge studenten staan niet langer zonder meer loyaal ten opzichte het
systeem van "profit-making". Aan dit systeem ontbreekt een wezenlijk element:
het menselijke. In het computersysteem van de multi-nationale corporaties is geen plaats
voor menselijk-contact, de noodzaak daartoe neemt onder invloed van de computer ook af. Dáár zet de jeugd zich
tegen
af. Typerend voor het niet langer zonder meer loyaal staan tegenover "het
systeem" acht dr. De Booy het feit dat Japan - welk land in 1980 de grootste
staal producent zal zijn - een produktiviteitstoename heeft die tweederde
minder is dan werd verwacht. Een ander verschijnsel doet zich voor bij de plannen tot vestiging van een
staalconcern op de Maasvlakte. De fraaie volzinnen van de industrieën waarin
zij verzekeren dat de bedrijven "schoon" zijn, worden gelogenstraft door de berichten en beelden op radio en televisie. Dit veroorzaakt wantrouwen en
minachting bij de werkende klasse. De buurtbewoners gaan er zich mee bemoeien,
er worden actiecomités gevormd, aldus dr. De Booy in zijn laatste
kwartiertje: een subjectieve belichting van de feiten. Het wantrouwen bij de
werkende klasse zal toenemen als niet wordt begonnen met de grondanalyse. Wat
ziet de arbeider nu? De discrepantie tussen de beloften van de mensen die hij
in een overheidsorgaan kiest en diens daden als deze eenmaal gekozen is. Dan
trekt de arbeider zich terug en wisselt zijn revolutionair elan in bij de bank
van lening voor een bromfiets. Hij ziet de studenten die de blauwdruk van
morgen zullen uitvoeren hetgeen leidt tot een gapende kloof tussen hem en
hen. De aanvankelijk op de universiteiten waar te nemen deloyaliteit ten
opzichte van het systeem verdwijnt van na het tweede of derde jaar wanneer
de beurs van ZWO komt, of het assistentschap en niet te vergeten de aanlokkelijkheid om te
behoren tot een
goed functionerend systeem. In een gesprek lichtte dr. De Booy dit toe, "We zouden het
systeem tot de grond toe af moeten breken, het proces desintegreren, om daarna
de lege ruimte samen in te vullen. Doelstelling moet zijn een maximale
ontplooiing van het individu, waarbij verschillen tussen mensen (welke nu eenmaal
bestaan) als
positief moeten worden ervaren en als uitgangspunt moeten worden genomen om iets nieuws op te bouwen.
In dit licht moeten we een mondiaal denken ontwikkelen. Dat is de enige
overlevingskans. Je zou de maatschappij opgebouwd kunnen denken als een zandloper. Bovenin bevindt zich de happy few, de kaste. Als
je daarin geboren
bent kun je niet vallen. Degenen die daarvandaan bewust uit de structuur
stappen blijven in een orbit rondom de top cirkelen, terwijl als iemand van het
volk (ook wel het plebs) eruit wordt gestoten hij zijn baan kwijt is en valt
als een baksteen. Dat is een triest iets. De werkende klasse heeft een
chronisch wantrouwen ten opzichte van de intelligentia. Ze zien dat op de universiteiten gewoon
dezelfde of nieuwe
(nog ergere?) recepten worden gemaakt. Dat wantrouwen kun je verhelpen door eerst
het huiswerk te doen en daarbij moeten we ons afvragen wat het betekent
morgen te leven. De basisstrijd is het vrijmaken van jezelf en anderen. Eerst moeten een aantal structurele elementen van
maatschappij worden
afgebroken, daarna moet je proberen geestelijk bewustzijn optimaal te laten
functioneren, zodat je in staat bent een situatie kritisch te bekijken.
Een wezenlijk detail in de strijd is het ontmantelen van de intellectuele klasse, de happy few. Ze gebruiken een
bepaalde code. Als je die code kunt vertalen voor de werkende klasse, als je ze
kunt laten zien dat die mensen niet dat voorstellen wat ze pretenderen voor te
stellen, dat het niet nodig is hoog tegen ze op te kijken, dan ben je een heel
eind. Maar er zijn nog teveel mensen gespeend van kennis van de samenleving en
dat verhindert betrokkenheid. Het besef moet van de grond af komen. Je moet
dus proberen het besef door te geven naar beneden. Je moet de
mensen leren dat ze de krant moeten lezen, hoe ze die moeten lezen. Zo werk je naar een einddoel
door in dat streven ligt je
solidariteit. Dat betekent niet dat je al een alternatieve
maatschappijvoorstelling hoeft te hebben. Nee, in het afbreken ben je eigenlijk
al bezig in te vullen door mensen geschikt te maken voor de lege ruimte. Vanuit
het niets werken naar het doel toe, dát is essentieel.
In de Engineer Mining Joumal is onlangs een lijstje gepubliceerd waarop de
arme landen staan in volgorde van politieke maal geologische gesteldheid,
=
p x g. De p (lees: politieke "betrouwbaarheid") is als volgt gemeten: vrije
aansporing van economie; mogelijkheid van politieke onrust; mogelijkheid van
onteigening; mogelijkheid van dodende belasting; kunstmatige wisselkoers;
beperking van terugtrekking van kapitaal en overmaking van winsten; vrij
personeelsbeleid; oneerlijkheid van regering en employées. De g is gemeten
op: verleden van ontginning en produktie; geologische klassificatie;
transportmiddelen; gezondheid; werkkrachten; aanvoer van voorraden;
mijnrechten en methoden van eigendomsrecht.
Het produkt van p x g ·kan maximaal honderd zijn. We krijgen dan het
volgende lijstje:
Arme landen:
Mexico 7 x 10, Zuid-Afrika 8 x 8, Z.W.-Afrika 7 x 9, Angola 7 x 9, Mozambique 7 x 9, Spanje 9 x 7, Brazilië 6 x 10, Portugal 9 x 6, Rhodesia 6 x 9, Argentinië 6 x 8, Indonesië 5 x 9. Het grappige is dat de landen met de hoogste cijfers de strengste regimes
hebben en dat van die landen in het westen actiecomités zijn.
Annemiek van Steenbrugge en Freek Nijland
Mijn dagboek over de periode 10 juni 1971 - 22 juni 1971
Donderdag 10 juni Telefoon orgasme Veel mensen opgebeld. Ik
praatte in een stuk door vol met alle verhalen die ik kwijt wilde en vooral om de
mensen te laten zien hoe ik het voelde maar dat was niet mogelijk. Nee wie er
niet is geweest kan het nooit navoelen wat het betekent om gevangen et zitten. De
rest van de wereld is vijandig omdat ze gewoon doordraait en zich iet om de zaak
bekommert, zeer begrijpelijk maar waar.
Vrijdag 11 juni Agressie
Om 2 uur naar de Kees Hoekert met bandrecorder naar de rechtszaal. De
politierechter Nomes verwonderde zich: " Meneer,wat doet u hier meneer de Booy". Mijn antwoord:
" Ik ben
van de pers". Nomes:" Voor welke krant?" Ik antwoordde : "Voor Geopol". Hij
vertrouwde het
niet en heeft de pers kaart opgevraagd en vervolgens bij schorsing na gecheckt.
Het bleek goed ik mocht blijve.n Kees en Jasper happende Kees verdween en
zei dat het hem niet meer interesseerde Bij terugkeer bekeuring op auto. Ha dacht ik,
weer een paar dagen terug naar Huis van bewaring.
Op bezoek bij Mevrouw Eikelburg Kanonstraat 28 Utrecht, wiens man ik in de bajes
had ontmoet en mij had gevraagd om de groeten over et brengen en om te zeggen
het hem diep speet. Hij had nog geprobeerd zelfmoord te plegen dat niet was
gelukt omdat de bewaarders het hadden kunnen beletten. Ze wilde hem het wel
vergeven maar dan met rattekruid. Dat was ellende. Hij
had invalide dochter van tien jaar 3 x gepakt terwijl zij in ziekenhuis
lag met bloeddruk
250 Waarop de dochter tegen haar zusje had gezegd dat hetze
dat het zo een nare smaak in de mond had. Als hij niet meer terug mag komen
dreigde hij haar te zullen vermoorden, maar de pooiers in de buurt zouden hem
afmaken als hij terug zou komen. Ze was nu al panisch over haar dochtertje dat ze niet te lang weg was voor
het halen van patates frites. Het verkrachte meisje zat in Friesland maar het zou
wel 1 of 2 jaar duren voordat ze genezen zou zijn. Wat een verdriet en leegte. Zelf
was ze doordat hij gevangen zat weer aangesterkt na 12 1/2 jaar ellende Hij had
ook een slechte jeugd gehad maar ze haatte hem in het diepst van haar hart. Hoe
kon zij hem vergeven, dat als hij dronken thuis kwam, haar met mes mishandelde of met
zijn mokkel naaide terwijl de kinderen in dezelfde kamer waren en zij in het
ziekenhuis of met het geld dat zij voor de afbetaling van haar orgel naar de
hoeren bracht of van het geld of op een dag een hoer en zijn dochter (invalide bij
de geboorte) naaide. Ja wat lul je dan nog? Waar blijven dan mijn mooie woorden
over gelijkheid, gerechtigheid, vergeving etc HaHaHa. Gelukkig heb ik niet
getracht vals sentiment aan de dag te leggen alleen geprobeerd een menselijk
contact met haar te krijgen hetgeen lukte maar helpen kan je toch niet.
Daarna naar Boudewijn en Leonie brieven die ze aan Jan Ebeltjes konden
doorgeven..Zij gingen naar een feestje. Wel een afknapper. Ik was om 12 uur thuis in mijn
mooie veilige villa wat een
contrasten.
Zaterdag 12 juni Afkicken
Interview voor VARA als Piet Steenman
Zondag 13 juni Telefoon taboe gezegd. Familie revolutie
In bed barste gelukkig de bom van hypocrisie. Het flink doen van Mariette dat
het haar niets kon schelen dat ik in het gevang zat. Het bleek dat ze in een
gezelschap
met vrienden de vraag kreeg. Waar is je vader toch? Hij rent niet meer langs? Hij
is
op reis en niet dat hij in het gevang zit. Felle reactie van familie maar
tijdens
ontbijt daar rustig over gepraat Adrienne was duidelijk in moeilijkheden
geweest en in zekere mate verdrongen door het feit dat ik gevangen zat tegenover
anderen en flinker et doen dan ze zich in feite voelde. Het
moet voor hun geweldig moeilijk zijn constant op de grens van die wereld te leven.
Maandag 14 juni Geopol leeft weer
Stencil gemaakt interview Vara. Aan eten explosie van Adrienne. Ze had de brieven van mij
niet aan de kinderen laten lezen.Ook deze dingen heeft ze voor zich zelf gehouden. Het is interessant om te zien hoe
anderen weer anders op mijn daad hebben gereageerd. Het doorvertellen wordt niet
gezien als
in hun belang dus blijft het geheim. Slechts dingen over iemand worden
doorverteld
met de lichtsnelheid of nog sneller ,maar dingen die niet kloppen met het
verwachtingspatroon blijven steken. Ook bij de pers is dit het geval
14 juni 1971 GEOPOL-BAARN
MACHT IS RECHT
Gedeelten uit de Zaterdag informatie
(VARA)
radio uitzending van Zaterdagmorgen 12 juni 1971:
Jaap van de Berg: "Soms vraag je je af of juristen, rechtsgeleerden, mensen
zijn of insecten. Soms denk je ....ja...,deze jurist is een mens, bijv. die groep advocten
en die Haarlemse rechter-commissaris,
die zich hebben ingespannen om die gedeserteerde Amerikaans'e jongen Waver in
Nederland het asiel te geven waar hij menselijk gesproken natuurlijk zo wie zo
al recht op heeft. Maar soms denk je ook ... nee...nee... , daar zit nou weer één van die 100% juristen,
zoals bijv. de staatssecretaris Wiersma van Justitie, en dat zijn
koudbloedige insecten, wespen of spinnen of zoiets. Die meneer WIERSMA is op de
televisie komen zitten zeggen, dat Nederland helemaal niet verplicht is om Waver
niet uit te leveren en daarom laat de Nederlandse regering van de heer P. de Jong het ook niet na, want in de
V.S. heeft zo'n andere jurist, ene NIXON, met zijn pinkvinger gewenkt (U weet
wel de jurist Waarvan een andere Nederlandse jurist, ene LUNS, zojuist heeft
gezegd dat ,hij zo'n fatsoenlijk leven leidt) en als het dan gaat liggen aan de
insecten van ons Nederlandse Ministerie van Justitie, dan gaat die Amerikaanse
jongen - ondanks onze,historische gastvrijheid - mooi het spinnenweb in."
Met de acties rond Rinus Wehrman, de soldaat die weigerde zijn haar af te
knippen en daarom tot 2
jaar werd veroordeeld, is ook de Bond van
Wetsovertreders in het nieuws gekomen. Deze bond is,
opgericht door een groot aantal verontrusten over het gevangeniswezen,
gevangenispersoneel, reclasseringsmensen, studenten van sociale academies,
belangstellenden,delinquenten en ex-gedetineerden.
... "Laat minister POLAK zich
ook eens een keertje opsluiten in
die cel, dan zal hij het eens een keertje zien, en laat hij met zijn pispot naar
het washok lopen, hè...en dat hij zakjes moet plakken de hele dag en dat hij
zijn "after-shave" niet kan kopen. Laat hij dat eens een keer meemaken"..
Dit is Piet Steenman, hij komt net uit het Huis van Bewaring.
Het was de tweede keer in zijn leven dat hij gevangen zat, de eerste keer was in 1943. In de tussenliggende 28 jaar is
er wel het een en ander gebeurd met het gevangeniswezen. Een aantal
mensen uit de reclassering, het gevangeniswezen, studenten van de sociale
academies en zomaar belangstellenden is zich bewust geworden van de vooral
geestelijke nood waarin de gevangene zich bevindt. Ze vinden, dat er vele
mankementen, zijn in het gevangenissysteem. Door het oprichten van de Bond van
Wetsovertreders willen, ze nu proberen ideeën en krachten te bundelen om
veranderingen aan te brengen.
Marga Duursma (een van de initiatiefneemsters): "Mensen die momenteel
binnen het gevangenissysteem gevangen houden worden, worden mijns
inziens behandeld als kinderen van een jaar of 3. Alle verantwoordelijkheid wordt hen ontnomen, vaders van gezinnen mogen gewoon niet meer hun
gezin financieel onderhouden,de bezoektijden zijn afschuwelijk, bovendien
zijn zij altijd in het bijzijn van een bewaker. Mensen hebben totaal toch geen
privacy meer, ook al zitten ze in hun cel. Ja, de hele behandeling is eigenlijk
niet op de persoon afgestemd en dat is gewoon het essentiële, omdat ieder mens waarschijnlijk een eigen behandeling nodig zal hebben.
Momenteel is het zo, je wordt een nummer en je wordt
ondergebracht in het systeem, je staat geregistreerd ergens... en dan krijgt
iedereen een min of meer een gelijke behandeling. Volgens mij kan dit niet,aangezien de
vescheidenheid in delicten en aangezien de verscheidenheid in persoonlijkheden
"... ,
Materieel is erin de gevangenis veel veranderd. Er kan naar de t.v gekeken worden,gesport, er is een ontspanningsruimte en een kantine. Maar tegelijkertijd wordt het verbieden van het gebruik van deze voorzieningen
als middel toegepast om de gevangene te straffen. Er is een categorie, dië zich
er naar gedragen om vooral maar niet Ajax-Feyenoord op de t.v. te hoeven missen.
Piet Steenman (ex-gedetineerde): "Je komt binnen en wat zie je dan.. er is pingpongen,
... er is televisie.. er is een kantine .. er is AFTER
SHAVE van TABAC ...(kan je kopen voor f. 4.50). Nou jongens, dat is geweldig ...
dan zegje: "Dit
is gewoon een paradijs, waar lullen ze over"... Dan zit je daar even,. en dan
denk je: Waarom hebben die mensen er dan toch ergens de pest in..." Je voelt toch een enorme verbittering...en ze kankeren
op dingen...en er is een hoop agressie. Op een goed ogenblik hoor je dat
iemand zijn hele cel in elkaar timmert ... 's nachts...en ja,wat is dat dan...
WAAROM ...Dan opeens ontmoet je iets, dat het hier gaat om het welzijn van de
mensen... De geestelijke verzorging is hetzelfde gebleven als in 1943...En als dus de materiele dingen hetzelfde waren gebleven als in 1943.. nou ja,
goed, dan is het allemaal toch kloten...o.k. Maar nu krijg je dus die luxe en
die afhankelijkheid en doordatje dat natuurlijk niet wilt missen...moet je braaf je best doen. En dan zie je daar de kantinelijst met
opgetaste waren
met after-shave van Tabac voor f 4.50 en dan zeggen ze: "Hoe kan dat nou?
Ik verdien f 1.50
per dag, ik heb een baal shag nodig,ben een roker, en voor wie is dat dan?"...En dan voelen ze zich weer als
jan slemiel. En dan kan hij iets krijgen wat hij niet kan krijgen.
Dat betekent dat je invoert welvaart, de welvaartsstaat, zelfs in die gevangenis,
alles kan materieel is het prima,maar geestelijk is het niets"..."
De Bond van Wetsovertreders streeft ernaar om een ander klimaat te bewerkstelligen
zowel in als buiten de muren. Zoals dat ook en met succes door soortgelijke
bonden in de Scandinavische landen wordt gedaan.
Marga Duursma: "Ja, vooropgesteld, en dat blijft een beetje vaag klinken natuurlijk, maar dat is dat deze mensen hun zelfstandigheid kunnen
behouden of althans kunnen terugvinden. Dat ze tevens een zelfrespect kunnen
ontwikkelen, een gevoel van eigenwaarde wat ze dus momenteel wordt ontnomen en
daarnaast zitten er gewoon wat materiele kanten aan, naar de gezinnen en naar de
familie toe; maar het punt wat ikzelf gewoon afschuwelijk vind, is het feit
dat alle relaties en kontacten, die men had voor de detentie, die worden gewoon
kapot gemaakt door het hele regime en het systeem. De mensen worden niet in
staat gesteld om deze kontacten gewoon te handhaven...Het is onze bedoeling
om figuurlijk gesproken de muren van gevangenissen en huizen van bewaring te
doen neerklappen,opdat de mensen naar buiten kunnen zien of horen en lezen
wat daar binnen de muren gebeurd"...
(Jan Ebeltjes alias Jaap van den Berg, Tom de Booij alias Piet Steenman)
Dinsdag 15 juni Routine werk begint
Alle kranten geknipt, wat een
wereld. Door en door ziek.
De boete van 500 gulden voor Maagdenhuisbezetting overgemaakt aan uitgeverij van
de Socialistische Jeugd van Nederland

Na 50 dagen in de bajes is het goed toeven op de Waldeck Pyrmontlaan
Woensdag 16 juní. Contact met vrije maatschappij
Naar Boudewijn en Leonie. Hij vond het Geopol pamflet tegenvallen. Polak
pispot goedkoop. Hij realiseert niet wat ik daar heb meegemaakt. Leonie zei nog dat ze het
interessant vond om te horen dat ik haar als vijand zag toen ik gevangen zat. Ja dat
kan niemand indenken die daar niet is geweest, nl het gevoel van agressie tegen
iedereen incl. je eigen vrouw en kinderen dat je gevangen zit en iedereen
in de
gevangenis is je vriend. Wonderlijk die scheiding, die duidelijk elk moment van
de dag nl dat je daadwerkelijk voelt dat je opgesloten bent! dat zij je
opsluiten en
dat iedereen dat maar gewoon vindt en zelfs er niets tegen onderneemt en zelfs niet
over durft te praten. Dat is misschien wel de vreemdste gewaarwording nl dat
iedereen het verdringt. Terug naar de plek van de misdaad. Brieven en
tijdschriften voor Ebeltjes gebracht bij het HvB. Aan de andere kant van de
gracht en de hoge muur hoorden
we het gebrul van de gekooide leeuwen, ik roep het gaat goed met Hilversum III.
Ik hoorde ook de stem van Jan Ebeltjes. Ik zou heel wat gegeven hebben om de
nacht met ze door te brengen. Ja die mannengemeenschap mis ik, maar de
vrijheid om te
gaan waar je wilt is ook wat waard en het gezinnetje. De mogelijkheid is wel
heel
erg dat zij nog in een wereld leven die als de vijand beschouw, dat moet
heel moeilijk zijn om te verwerken. Dit zal ook een voortdurende confrontatie
blijven!
Donderdag 17 juni De zin is zinloos
Dagboek van af 9 juni tot vandaag opgeschreven.
Vrijdag 18 juni Formule Geopol : waarheid zonder meer
Voor de eerste keer
heerlijk geslapen.
Zondag 20 juni Jan Ebeletjes is in hongerstaking gegaan.
Maandag 21 juni. Val van 90 meter van Huantsán 1951. Dus 19 jaar
oud.
Stencil gemaakt voor oproep staking. 28 mensen zouden in het HvB meedoen
met de staking. 2000 ex exemplaren van stencil staking BOWO en 500 exemplaren :
macht is recht. Pers ingeschakeld om morgen te komen bij de actie. Bij AVRO
Televizier eerst sceptisch, Cees van Drongelen was chef redactie. Met Dik van Veen rubberbootje opgehaald
in Vinkeveen.
21 juni 1971 Pamflet van GEOPOL. Onder Embargo tot dinsdag 22 juni
1971 7.00 uur
Morgen Dinsdag 22 juni 1971 begint om 7 uur in het Huis van Bewaring te
Utrecht, Wolvenplein 27 (030-24445) een ééndaagse werkstaking door
een groep van tenminste 28 gedetineerden, om te protesteren tegen de aard en
beloning van de verplichte werkzaamheden. Krachtens art. 49 van de gevangenismaatregel is iedere
veroordeelde gedetineerde verplicht om de hem of haar opgedragen arbeid te
verrichten. Werkweigering wordt gestraft met de tuchtmaatregel art. 100 punt g:
onthouding van lectuur, van het gebruikmaken der kantine of van andere voorrechten voor ten
hoogste vier weken (apart luchten in tijgerkooi, geen
recreatie zoals t.v., dammen, schaken of pingpongen.)
Gisteren bereikte ons de stakingsoproep:
Bowo post! Extra Editie , juni 1971
Gedetineerden, Behalve degenen die pas binnen zijn, is het de meesten van ons reeds
bekend dat er een algemene werkstaking op touw wordt gezet. De datum
is nu bekend en op hulp van buitenaf (pers, radio"en event. T.V.) kan worden
gerekend. De reden van de werkstaking is het op een groffe manier overtreden van
enige beginsels van de wet gevangeniswezen, n.l.
artikel 38. De arbeid wordt zoveel mogelijk dienstbaar gemaakt aan het ONDERHOUDEN, VERGROTEN/VERWERVEN van de
VAKBEKWAAlI1HEID (denk even aan wasknijpers,puzzels, e.d.)
artikel 51. De arbeid wordt zoveel mogelijk dienstbaar ge maakt aan de ONTWIKKELING van de VAKBEKWAAMHEID
artikel 26. Met handhaving van het karakter van de straf of
de maatregel wordt hun tenuitvoerlegging mede dienstbaar gemaakt
aan de VOORBEREIDING van de terugkeer van de gedetineerden in het
maatschappelijk leven. Wij rekenen op uw steun en verzoeken u het nieuws te verspreiden
onder uw lotgenoten met als doel de actie op een zo goed mogelijke
manier te laten verlopen. Het is echter in het belang van de kracht van de
actie dat het gevangenispersoneel er buiten blijft (ook geestelijke
verzorging en reclassering e.d.). Steun de mensen die dit buiten en binnen dit Huis van Bewaring voor ons
mogelijk hebben gemaakt en doe mee! Nogmaals in het belang van de actie: Bewaar de geheimhouding ... en
weiger te werken op de vastgestelde datum.
zie ommzijde:
HONGERSTAKING VAN JAN EBELTJES
ln hetzelfde Huis van Bewaring te Utrecht is JAN EBELTJES, cel B 1-14 (registratienummer
C 2095 sinds afgelopen vrijdag 18 uur in een 14 daagse hongerstaking
gegaan om ondermeer te protesteren tegen het onnodig lange voorarrest in
de Nederlandse Huizen van Bewaring. Hij zelf zit reeds 2 1/2 maand in voorarrest
zonder dat er iets aan zijn zaak wordt gedaan ." Het is gebleken, dat zijn brieven door de censuur zijn achtergehouden. Hij
was bij zijn arrestatie; verslaafd aan drugs en krijgt nu dagelijks 450 g.luminal
en 22 g. metadon (een verslavingsmiddel). In plaats van verpleegd te worden
stoppen ze hem vol met drugs om hem rustig te houden.
KOMT VANDAAG DINSDAG 22 JUNI 1971, AAN DE POORT VAN HET HUIS VAN BEWARING AAN HET
WOLVENPLEIN TE UTRECHT OM ONZE
SOLIDARITEIT TE BETUIGEN HET DEZE STAKERS, DIE VECHTEN VOOR BETER
LOON EN BETER WERK.
In 1971 verdient de gedetineerde 80 cent per dag voor het maken van 4000
wasknijpers!
WIJ MOETEN ZORGEN DAT DE STAKERS NIET WORDEN GESTRAFT HET LUKTE BIJ RALPH
WAVER EN RINUS WEHRMANN!!
Waar zij voor vechten is iets wat niet veranderd is sinds de vorige eeuw. Het Huis van Bewaring, gelegen in het centrum van Utrecht werd in
1856 geopend en in januari 1887 begon Domela Nieuwenhuis zijn 1
jaar celstraf. Hij schrijft daarover:"Het 'werk dat ik te verrichten
kreeg, bestond in het plakken van
doosjes voor de bekende stijfselfabrikant Duyvis te Utrecht.
Verkeerdelijk was uit mijn brieven begrepen, dat ik zakjes moest
plakken. En zo is in de wereld gekomen het op alle nationale feesten nog
steeds gebruikelijke "Nieuwenhuis moet zakkies plakken, hi, ha, ho". Te Utrecht was geen ziekenzaal en dus moest ik in mijn cel verpleegd
worden ..."
Net als JAN EBELTJES in het jaar 1971.
Dinsdag 22 juni om 2.30 geoefend met rubberbootje op vijver in Baarn en in tuin geprobeerd hoe hoog ik kon gooien met stencilrol om 3 uur bek af naar bed. Bijna geen oog dicht gedaan. Zeer gespannen net als vroeger bij zware bergtocht. Vooral dat de oversteek zou lukken en niet bedorven zou worden door te veel stuntwerk Om 5.39 op. Adrienne heeft gezorgd voor ontbijt met eitje, gesterkt op weg. Plenzende regen alles grauw en ellendig, om 6.15 verkenning van omgeving. Precies om half zeven met Marga en iemand van de SJ stencils uitgedeeld en interview radio journaal. Om 7 uur stencil in bus van HvB. Spanning of ze zouden staken. Om 8.45 kwam AVRO televisie. Van vuilnis man en postbode hoorden dat er gestaakt werd alleen niet hoeveel mensen. Marga kwam terug met de mededeling dat de directeur had gezegd dat er niet gestaakt werd. De operatie oversteek begon om 9.45, ik had mij te voren in park verkleed. Ik stapte in het bootje en even later aan de overkant, gevolgd door bootje met journalist van Utrechts Nieuwsblad. Van bootje afgestapt in gras met brandnetels. Daarna rolletjes stencils over de muur gegooid, een stencil werd teruggewaaid door de wind. Ik flikkerde bijna in het water. Van politie niets te zien. Daarna weer in bootje en naar de wal geroeid door menigte opgewacht en 2 agenten die zeer behulpzaam waren bij de landing. Maar tijdens het gesprek met hen, bleek dat ze niet van plan waren om een proces verbaal op te maken. Ze hadden schijnbaar geen aanklacht gekregen van de directeur. André Schmidt wilde dat ik voor de camera nog eens de oversteek zou maken, dit vertikte ik en werd hij boos. Nog met gillen contact gehad met Jan Ebeltjes die in zijn cel zat. (Voor nadere details over deze actie zie de persartikels)
22 juni 1971 Aktie stencils gooien voor oproep staking Huis van Bewaring
Artikel Utrechts Nieuwsblad van 23 juni 1971

De Booij met rubberbootje om de gracht over te steken, gevolgd door Boudewijn Chorus

Aankomst bij het grasland rond het Huis van bewaring

De Booij gooit de pamfletten over de hoge muur van het Huis van Bewaring

Tergkeer na de oversteek, geholpen door twee agenten van politie

De Booij legt uit het doel van de actie aan twee inspecteurs van politie, tweede van links Wierda , naast hem rechts Boudewijn Chorus

De Booij slaagt erin mondeling contact te krijgen met Jan Ebeltjes in het Huis van Bewaring
Koppen in de krant: De gedetineerde van 't Wolvenplein willen beter
werk een echt loon. Staking ontkend. Gevangen brachten buitenwereld op de hoogte
van staking. Stencil over de muur gegooid. Dr Tom de Booy 's eenmans invasie
(Door Carlo Nagel) UTRECHT - In het Utrechtse Huis van Bewaring zitten zo'n
120 gedetineerden, van wie verreweg de meesten in voorarrest. Zij zijn niet
verplicht te werken en het gros zou dan ook waarschijnlijk van het zakjes
plakken of wasknijpers maken afzien, ware het niet dat op de primitieve arbeid
een beloning van enkele guldens in de week staat. "Het is mensonterend dat wij in
feite worden gedwongen dat stom werk te doen", zegt een gevangene. "Want
dat geld heb je nodig om een sigaretje te kunnen kopen. Daar heb je behoefte aan
als je op je berechting zit te wachten. Op dinsdag 22 juni schreven de gezamenlijke gedetineerden een
briefkaart de minister van justitie. "Wij, gedetineerden in het huis van
Bewaring te Utrecht, willen blijk geven van ons ernstig ongenoegen over de
uitermate primitieve soort arbeid, waarmee wij onze tijd noodgedwongen vullen en
waardoor een regelrechte inbreuk wordt gemaakt op de Beginselenwet en de
Gevangenismaatregel, die immers bepalen dat, waar mogelijk, de opgedragen
werkzaamheden dienstbaar moeten zijn aan een verhoging van de vakbekwaamheid",
zo begon de brief ..
De Booy actie
Op dezelfde dag stak de Baarnse geoloog dr. Tom de Booy in
een rubber bootje het water van de Wittevrouwensingel over om rolletjes stencils
over de gevangenismuur te gooien. De Booy, die juist zelf 50 dagen in het
Huis van Bewaring had doorgebracht loste op die manier het verzoek van zijn
ex-medegedetineerden in: "Licht jij de pers in om de aandacht te vestigen op
onze problemen". In de brief van de gedetineerden aan de minister werd ook
gesproken over "de beledigend lage beloning van 10 tot 20 cent per uur". "Zelfs een
gedetineerde die,
ondanks zijn spanningen ijverig werkt, kan daar onmogelijk zijn minimale
persoonlijke behoeften van bekostigen, laat staan dat hij daarvan zijn gezin
kan onderhouden, zodat zijn vrouw naar de gemeentelijke sociale dienst moet
om daar dan toch weer geld te krijgen". De Booy rekende op een werkstaking in het Huis van Bewaring toen hij op 22
juni in zijn bootje van wal stak. Die was ook wel degelijk overwogen. "Maar", zo
schreven de gedetineerden, "het zeer welwillende en begripvolle beleid dat onze
directeur Kroes de laatste maanden heeft gevoerd, deed ons de democratische
weg van een ordelijke petitie kiezen. Wij willen de directeur tonen, dat wij de
goede wil en het vertrouwen dat hij ons geeft, waard zijn".
Harde maatregelen
Maar dat het afzien van de staking niet alléén een vriendelijk gebaar aan de
directeur was, blijkt een week later uit een gesprek met enkele gedetineerden.
Een van hen zegt: "Directeur Kroes heeft met zoveel woorden gezegd dat hij wel.
begrip had voor onze actie, maar dat hij bij een werkstaking harde
maatregelen zou nemen". Die "harde maatregelen" zouden volgens de gevangenen hebben
bestaan uit cellulaire opsluiting, ook in de uren dat er nu wat aan recreatie kan worden
gedaan, en het wegvallen van in de loop der jaren moeizaam verkregen verbeteringen van de leefbaarheid in
het Huis van Bewaring.
"Kijk", zegt een van de gedetineerden, "met die demonstratieve
actie van De Booy waren wij het natuurlijk helemaal eens. Maar voor wij tot
staking hadden kunnen overgaan, was ons doel al bereikt: druk uitoefenen op
het ministerie door middel van publiciteit. Hadden wij de staking toch
doorgezet, dan zou onze positie voor jaren zijn verslechterd. Bovendien
zou het de opinie van het publiek, dat ons toch al ziet als een stelletje
moordenaars en verkrachters, tegen ons hebben ingenomen. Nu heeft iedereen
kunnen zien, dat wij ook op een ordelijke manier begrip kunnen vragen voor
onze mensen"..
Regime 1880
Intussen is de hevigheid van ongenoegen over
de soort werk en de beloning bij de gedetineerden niet verminderd. De voorzitter van de contactcommissie van gedetineerden in Utrecht, die al
zeven maanden in voorarrest heeft doorgebracht, zegt: "De meesten hier zitten voor economische delicten, voor rijden onder invloed, het roken van
een hasjsigaret, omdat zij een boete niet hebben betaald - vrij normale
mensen. En die worden geconformeerd met een regime anno 1880. Het is toch
belachelijk dat je voor het maken van duizenden wasknijpers 80 cent per dag betaald krijgt?" De lage beloning voor het werk in het Huis van
Bewaring kan leiden tot bepaald ongewenste transacties. Het komt voor
dat een gedetineerde met eigen geld (waarvan hij overigens in het Huis van
Bewaring niet meer dan f 4,50 per week mag besteden) een minder goed gesitueerde gedetineerde
voor zich laten werken, met de
belofte een veelvoud van het verdiende bedrag zal terugbetalen als weer
vrij is. Je kan je dan afvragen of rookwaren niet in verzorgingspakket van
gedetineerden behoren te worden opgenomen.
Broodbeleg
Behalve shag en sigaretten besteden de gedetineerden hun "zakcentje" in de
kantine voornamelijk aan aanvullend broodbeleg. Een van de gedetineerden toont
demonstratief zijn beleg voor de avondmaaltijd en die van de volgende ochtend: twee
of drie dunne plakjes kaas. "Vanavond eet zes ik boterhammen, morgenochtend vier,"
zegt hij. "Daarvan kan ik er dus drie beleggen." De gedetineerden vinden dat
zij voor zover mogelijk, best werk zouden kunnen doen
dat beter past bij hun werkzaamheden. "Waarom," vraagt de voorzitter van de commissie zich
af, "zou ik geen administratief werk kunnen doen in mijn cel, desnoods tegen het
minimumloon? Dan zou zelf mijn onderhoud hier kunnen bekostigen of mijn gezin ervan
betalen. Wij ondergaan hier leed in naam van de gerechtigheid, die ons aan de andere
kant uitbuit. Ik heb hier gevangenen gesproken, die zeggen: "Als ik straks
weer vrij ben, ga ik terugnemen wat me hier is ontstolen." Een andere gedetineerde zegt met een somber lachje: "Ja,
ik werk ook -
wasknijpers. Ik zat al een paar maanden in voorarrest. Mijn vrouw leeft met vijf
kinderen van 10 gulden in week van sociale zaken. Van haar kan ik moeilijk geld voor sigaretten vragen. Dan
steel je van je eigen kroost."
Zakcentje
De beloning voor het gedetineerdenwerk, de heer Van der Griend beaamt het, is
aan de lage kant: met toeslagen voor erg goed werk maximaal f 2,15 per
dag. ,,Maar het is nu eenmaal zo, dat de gedetineerde een volledige
verzorging krijgt en de gemeenschap veel geld kost. In de meeste gevallen wordt
bovendien zijn gezin door de gemeenschap onderhouden via de bijstandswet. De
beloning voor het werk moet dan ook uitsluitend worden gezien als een
zakcentje, zeker niet als een normaal loon." De deskundigen zijn het er
over eens dat het uit
psychologische overwegingen veel beter zou zijn als gedetineerden wel een
volledig loon zouden verdienen en er zelf hun gezinnen van konden onderhouden.
"Maar dan moet je volwaardige produktie bedrijven binnen de Huizen van
Bewaring creëren en daar is nu eenmaal geen geld voor. En ook maakt het onregelmatig arbeidsverloop en het voortdurend gaan en
komen van anderen dat onmogelijk." Bij afwezigheid van directeur Kroes (vakantie) zijn het thans
de twee adjunct directeuren A. H. A. van den Besselaar en J. van Eck van der
Sluys, die voor de gang van zaken in het Utrechtse Huis van Bewaring
verantwoordelijk zijn. Hun zienswijze op de werksituatie van gedetineerden
komt grotendeels overeen met die van de heer Van der Griend. ,,De gedetineerden werken niet alléén om de beloning," meent de heer Van den Besselaar. "Het is echt ook zo, dat de tijd er sneller door gaat. En dat geldt
met name voor de werkplaats, waar zo'n 35 gedetineerden bij elkaar werken."
Sfeer is goed
Volgens de adjunct-directeuren is de sfeer in het Huis van
Bewaring echter goed. Vooral op het gebied van de recreatie heeft de
contactcommissie·het een en ander bereikt. Juist deze week heeft de directeur,
bij wijze van proef, toegestaan dat de gedetineerden een eigen radio in de cel
mogen hebben om overdag naar te luisteren. "Dat we nu ons eigen programma kunnen kiezen, is belangrijk",
zegt een van de gedetineerden. "Het geeft een stukje privacy, waaraan je zo'n behoefte hebt." Volgens hem heeft de contactcommissie het volledig vertrouwen
van de mede-gedetineerden, is zij zelfs populair. De commissie onderschrijft dat de verstandhouding in het Utrechtse Huis van Bewaring goed
is. ,,Aan de·directeur, aan de bewaarders ligt het niet," zeggen zij. "Het is
de minister, die ons met een fooi afscheept, voor vervelend, primitief werk.
Dat, en de lange tijd van voorarrest, en de onzekerheid, zijn het ergste."
Tweede artikel. UTRECHT - Leden van de in 1 mei opgerichte Bond van wetsovertreders en
anderen hebben vanochtend onder aanvoering van dr. Tom de Booy uit Baarn actie
gevoerd bij de ingang van het Huis van Bewaring aan het Wolvenplein in
Utrecht. Er was een werkstaking van de gevangenen aangekondigd uit protest tegen
de aard en de beloning van de verplichte werkzaamheden, die zij moeten
verrichten. De actievoerders deelden stencils uit aan voorbijgangers, waar in
als reden van de werkstaking werd genoemd "het op een grove manier overtreden
van enkele beginsels van de wet gevangeniswezen". Om kwart voor tien voer
geoloog De Booy zelfs in een rubberbootje van de Wittevrouwensingel naar de
achterkant van het Huis van Bewaring, waar hij rolletjes van elk twintig
stencils over de muur naar de luchtplaats van de gevangenen gooide.
Volgens de directeur van het Huis van Bewaring, de heer W. H. Kroes, is-er-geen
sprake van een werkstaking en zou de contactcommissie van gedetineerde van de acties van buitenaf hebben gedistantieerd. Dr. De Booy is pas- op 9
juni - uit het Huis van Bewaring in Utrecht ontslagen, waar hij 50 dagen had
gezeten wegens de bezetting (indertijd) van het Maagdenhuis in Amsterdam. Hij
heeft veel grieven overgehouden van zijn gedwongen verblijf op het Wolvenplein.
"Met geestdodend werk in de, cel het vervaardigen van 4.000 wasknijpers per dag
- verdienen de gevangenen 80 cent. De welvaart is alleen in die zin tot
het Huis van Bewaring doorgedrongen, dat er in de kantine van alles te krijgen
is. Maar wie geen geld van zichzelf heeft, kan van zijn"beloning niets kopen".
,De Booy heeft meer, grieven over slechte sociale omstandigheden in het Huis van
Bewaring: "De selectie is er onvolledig; alles loopt er door elkaar. Mensen
zitten maanden in voorarrest, zonder dat hun zaak voorkomt. Sinds Domela
Nieuwenhuis hier in 1887 een jaar celstraf doorbracht, is er geloof ik niets
veranderd". Ook de extra strafmaatregelen, die. de gevangenen bij een vergrijp
tegen de regels krijgen opgelegd, zijn De Booy een doorn in het oog. Bij
werkweigering of een uiting van agressie word je alleen "nog maar in een kooi
gelucht". Televisie kijken is er niet meer bij, lectuur wordt niet meer
verstrekt. 'In het begin zie je nog niet zo wat er allemaal aan agressie leeft;
later schrik je ervan. Die agressie wordt door de gevangenen opgevreten en komt
pas naar buiten als ze weer vrij zijn". Zelf heeft dr. De Booy ook twee weken
werk geweigerd. Hij schreef de demissionaire minister van justitie een brief
waarin .hij wees op artikel 51 van de wetgevangeniswezen: "De arbeid moet zoveel
mogelijk dienstbaar ,worden gemaakt aan, de ontwikkeling ,:van de
vakbekwaamheid". In het stencil dat vanochtend werd uitgereikt, wordt ook
gesproken over de·in voorarrest zittende Jan E., die sinds 18 juni in een
veertiendaagse hongerstaking zou zijn gegaan uit protest tegen de lange tijd van
zijn voorarrest. De Utrechtse politie, die eerder op de ochtend al bij de ingang
van het Huis van Bewaring had gesurveilleerd, was snel ter plaatse toen De Booy
in zijn éénmansrubberbootje de Wittevrouwensingel overstak en zich door het hoge
gras, vol brandnetels, naar de - gevangenismuur worstelde. Met krachtige
zwaaien van zijn rechterarm wierp de geoloog, vijf rolletjes stencils over de,
muur, waarna hij terugroeide.
Inspecteur J. Wiarda was De Booy - in -roze trui en korte broek -
behulpzaam bij het op de kant klimmen en informeerde belangstellend naar het
doel van de actie. "Het gaat om die mensen daar achter de muur,'" zei de Baarnse
geoloog. "Die hebben nu tenminste niet de indruk, dat zij door iedereen in de
steek word gelaten".Hij probeerde daarna door roepen contact te krijgen met de
gevangenen aan de andere kant van het water, achter de muur. Een moeizaam
gesprek, dat door het langs dreunende verkeer nauwelijks verstaanbaar was. Tegen
half elf werd de actie voorlopig als afgesloten beschouwd. Volgens de heer
Kroes, directeur van het huis van bewaring, is ,, deze dag gelijk aan alle
voorgaande, afgezien dan van het feit dat de telefoon de hele dag roodgloeiend
staat." Van een werkstaking is volgens hem geen sprake. Overigens wil de heer
Kroes niet ontkermen dat er onder de gedetineerden ontevredenheid is over de
aard van het werk (zakjes plakken, wasknijpers in elkaar zetten, enz,) en de
beloning. Deze onvrede bestaat naar zijn mening niet alleen op het Wolvenplein,
maar in alle huizen van bewaring en gevangenissen. De heer Kroes deelde
ons mee dat er reeds dagen het gerucht de ronde deed dat dinsdag zou worden
gestaakt. De contactcommissie van de gedetineerden, die vreesde, dat een staking
de verhoudingen in het huis van bewaring zou verslechteren, vroeg gistermorgen
een onderhoud aan met de heer Kroes. Tijdens dit gesprek, waarbij ook drie
uitgesproken ontevreden gedetineerden·("agitatoren") - aanwezig waren kwam men
tot de conclusie dat met een staking op dit moment niemand gediend kon zijn.
Besloten werd een petitie aan het departement te richten waarin gevraagd werd om
zinvollere arbeid en een betere beloning. In het huis van bewaring verblijven op het ogenblik 120 gedetineerden. Honderd van hen zitten, in
preventieve hechtenis en zijn derhalve niet verplicht te werken. De twintig
veroordeelden zijn tot arbeid verplicht. Volgens de heer Kroes bestaat er op
het departement alle begrip voor de wens van de gedetineerden om zinvoller werk
te krijgen. De grote moeilijkheid is echter dat het bedrijfsleven slechts in
staat en bereid is de allereenvoudigste en aller eentonigste werkorders aan
gedetineerden uit te besteden. "We zitten," zegt de heer Kroes in een vicieuze
cirkel: er wordt slecht gewerkt omdat er slecht werk is."

Tekening gemaakt door een gevangene van het Huis van Bewaring
Utrecht naar aanleiding van mijn actie van 22 juni 1971
23 Juni 1971 in Volkskrant: AVRO's Televizier bracht gisteravond twee nogal buitenissige evenementen,
in beeld.
Dat was ten eerste het geschreeuw van dr. T. de Booij,die trachtte
op die manier over een gracht contact te maken met gedetineerden in het
Utrechtse huis van bewaring, van wie hij dacht dat ze bij de staking betrokken
waren. Zelden hebben we iemand zo fysiek betrokken
zien schreeuwen op het scherm of het moest Barbara Streisand
zijn geweest in een show van een paar jaar terug. Er was trouwens
kwalitatief verschil tussen de twee.
23 juni 1971 'Fan Mail'
Mijnheer de Booy, Met belangstelling hebben wij Uw zotte "werkzaamheden"
van de laatste dagen gevolgd. Vooral met het oog op Uw gezondheid, raden wij U aan, het wat kalmer aan te doen. Wij zullen Uw gedoe met belangstelling blijven volgen
Rechts Nederland. oqy
Vrijdag 25 juni 1971 Telefoon gesprek Directeur van het Huis van Bewaring
in Utrecht met een medewerkster mevrouw Adrienne de Booij-Strumphler van de
Uitgeverij Geopol
3 minuten wachten
K. Ja, met Kroes hier,
A. Met uitgeverij Geopol, Mevr. de Booy, heeft U mijn brief ontvangen voor
aanvrage van bezoek. Ik wou even vragen, kan het ingewilligd worden?
K. Nee, mevr. d. B., dat doen we beslist niet.
A. 0, beslist niet?
K. Nee, beslist niet.
A. Het is nl. zo, wij gaan dus met vacantie en nu wilden we dus nog wat tekeningen
aan hem opgeven, die hij voor ons kan
maken, dus in zoverre zou het fijn zijn.
K. U zult misschien begrijpen Mevr. d.B., dat de figuur van Uw man nou bepaald hier in het huis van bewaring geen persona grata is,
gezien de acties van deze week en dat zijn eigen standpunt een keiharde
guerrilla voeren, dat mij dat nou niet het nodige vertrouwen geeft om een
zakenbezoek te geven. Bovendien moet ik zeggen, zaken bezoek, daar verstaan
wij onder en dat is een algemene opvatting, iemand heeft een zaak, wordt
ingesloten en komt daardoor in moeilijkheden met zijn zaak en dan staan we een zakenbezoek toe. Heel wat
anders is het hier, dacht ik, hè. En ik dacht dat het derde is, dat er ook
een regeling is dat ex-gedetineerden, en dat is Uw man, in het algemeen niet
in het gesticht worden toegelaten.
A. Nee, nou ja, goed, in zoverre zou U dus mijn man kunnen weigeren, dat
begrijp ik wel, dat zijn de regels van het huis, maar kunt U mij niet
toestaan om een kort onderhoud met Jan E. te krijgen?
K. Nou mevr.K moet U eens luisteren, ik heb een zo hoge opvatting
van het huwelijk, dat ik dacht dat man en vrouw wel eens één konden zijn en
dat weet ik wel dat hoeft niet altijd.
A. Nou kijkt U eens, ik ben de uitgeverij, dus in zoverre heeft dat niets verder met mijn man te maken.
K. Nee, maar ik ben hier toch niet zo gek op, dat moet ik U eerlijk zeggen en, maar ik kan het niet toestaan, ik doe het
beslist niet.
A. En mijzelf dus ook niet...
K. Nee, nee wilt U hier met mij van mening over verschillen dan
vind ik best, ik zou zeggen, belt U dan directie gevangeniswezen Den Haag, en
dan wil ik U het telefoon geven.
A. En wat kan ik daar bereiken dan?
K. Nou dan moet U afdeling regiem, zou U kunnen vragen, dan heeft
U een beroep tegen mijn beslissing.
A. Dus het is absoluut niet mogelijk, het is nl. alleen maar voor die
tekeningen begrijpt U.
K. Nee, nee, maar moet U eens luisteren, alles gaat alleen voor
die tekeningen, maar ik ken nu zo langzamerhand Uw man en
ik ken Jan E. en dat zijn beide... beide... dus voor mij overwegingen
om te zeggen daar begin ik niet mee en de wijze...
A. U kunt Uw medewerking dus niet geven?
K. Nee beslist niet, maar ik zeg U eerlijk 070 den Haag nr. 614311
en dan kunt U vragen naar de afdeling regiem, Meneer Wetma, en dan hebt U
daarop een beroep.
A. 0 ja op die manier, er is verder op het moment dus niets te doen.
K. Goed fijn dank U.
De journalist Julius Vischjager (afgekort V.) had ook een telefonisch
onderhoud met de directeur Kroes (afgekort K).
V. Weet u iets van de BOWO heeft u daar wel eens iets van gehoord, ik weet er
verder niet veel van.
K. Ja (lachen) meneer moet U eens luisteren het is
verschrikkelijk eenvoudig om Tom de Booy op te bellen.
V. Tom de Booy heeft U
daarvan een adres van
K. Nou meneer, die woont in Baarn, maar dat moet u dan maar van
mij aannemen dat u het dat niet van mij hebt, hoor, maar hij woont in Baarn
(Opmerkelijk was dat hij mijn adres heeft opgegeven, terwijl hij anders zo discreet
is met het geven van inlichtingen over
personen).
Verder op in het gesprek
V.Ja ja Jan Ebeltjes, is daar een mogelijkheid om
daar contact mee te krijgen met deze man
K. Het is dus zo dat ik niet over
mensen hier praat.
28 juni 1971 Jan Ebeltjes moet voor de politierechter in Utrecht komen
Hij heeft mij zijn bevindingen geschreven:
Ik ben berecht. Ik wou heel graag man tegenover man praten, maar helaas lukte
dit niet, want men zei, dat ik niet telkens hetzelfde moest zeggen, dus gooide
ik het ergens anders op en zei ik, dat ik het met de behandeling, die ik in het
huis van bewaring onder ging totaal niet eens was, wat heel begrijpelijk is,
want in plaats van de verslaving af te helpen stopten ze mij vol met medicijnen,
zodat ik opnieuw naar de verslaving toegewerkt werd. Ik vertelde hen,dat ik
metadon en luminal kreeg toegediend, maar ik kreeg slechts ten antwoord, dat dit
niet op hun terrein kwam, terwijl ze wisten, dat ik onder invloed was van drugs.
Ik werd hier vreselijk kwaad om. Het hekje waar ik voor stond begon gewoon te
zigzaggen in mijn ogen en ik voelde me bijna krankzinnig worden, vooral toen de
rechter tegen mij zei dat ik nou eens op moest ophouden. Ik vroeg mezelf af of
ze me nu als een mens, een dier of een dood iets beschouwden, vooral omdat deze
mensen dachten dat ze me kenden, terwijl ik noch de rechter,noch die andere
personen tevoren gesproken of gezien heb. Dit maakte me gek, omdat dit buiten
het menselijk vlak ging, anders hadden ze immers mijn grieven aan moeten horen,
al was het uren. Helaas is dit niet gebeurd, wat natuurlijk zeer te betreuren
is. Ik begreep de uitspraak, maar wat ik de mensen, de rechter en de officier
probeerde duidelijk te maken was, dat iedere dag dat ik moest zitten een stap
verder naar de verslaving was. Ze begrepen echter niet, dat ze het hier alleen
maar erger mee maakten. Toen heb ik het ergste gevraagd wat een mens vragen kan,
namelijk of ik,dan in een psychiatrische inrichting behandeld kon worden. Ze
zeiden, dat ik dat met de dokters Meyers vereniging moest overleggen. Ik
was er kapot van. Die straf kon me geen bal schelen ze moeten alleen
menselijk blijven. Ik vind dat ze me als een product behandelden en dat
wil ik gewoon niet wezen. Ik heb het allemaal niet kunnen verwerken en daarom
was ik voor hun normaal en toen het z.g. toch beter wisten dan ik kon ik het
gewoon niet meer uiten en ging toen plotseling tegen de muur staan. Als ze me
even hadden laten staan had ik het wel kunnen verwerken, maar wat zag ik, drie
man kwamen op me af stormen en dit maakte me volkomen krankzinnig en wat er
zich daarna afspeelde wist ik niet meer. Eenmaal beneden, in de gang waar de cellen waren zag ik Tom en ik heb
gelukkig met hem kunnen praten. Als dit niet zo was geweest had ik toch mijn
doel bereikt en was ik door de schuld van die heren toch het gekkenhuis in
gegaan. Ik werd in het volkswagen busje geladen om weer vervoerd te worden naar
het huis van bewaring. Inmiddels was ik weer een beetje gekalmeerd en bij het
huis van bewaring aangekomen zag ik de poort al open staan en wie zag ik staan
alter kamaraat en nog twee andere bewaarders. Tot zover nog niks aan de hand. IK
vroeg of ik de directeur mocht spreken en dat kon ook maar ik moest even
wachten. Mijn vriend Rienie kon doorlopen en ik dacht dat ik gelijk daarna wel
bij de directeur moest komen, want ik stond nog steeds op de gang. Maar wat
gebeurde er toen,de deur van de gevangenisvleugel ging open en ik zag, dat alle
jongens, binnen zaten. Een man of acht kwamen rondom mij staan en ik vroeg wat
er aan de hand was. Ik zag plotseling, dat de deur van de observatiecel
openstond en toen maakten ze me weer helemaal gek. Ik was er net een beetje over heen, maar toen
gebeurde er zo veel. Ik werd gek van al die mensen, het leken er wel honderden.
In de observatiecel kwam ik weer bij bewustzijn en ging een beetje mediteren.
Dit hielp gelukkig heel veel. Daarna kwam er een bewaarder die iets vroeg,ik zei
echter niets. Toen kwam de dokter met een spuit aandragen. Ik vroeg hem wat
ging doen en gaf hem een hand en hij mij. Ik praatte wat met hem, maar bleef ondertussen mediteren. Ik overwon de toestand en mocht s'avonds de
observatiecel uit. Die zelfde avond kwam mevr.Kalf
van de reclassering en ik praatte met haar en hoorde dat Marga Duursma
gehuild had. Dit stemde me bijzonder droevig en teruggaande naar mijn cel dacht
ik; gek, Marga huilt, maar in feite moesten die hoge heren huilen. Voor Marga heb ik een zwak hart en
nu ik dit schrijf en aan Marga denk moet ik inwendig weer huilen. De emotie
waren te veel en ik moest ontzettend veel verwerken, maar gelukkig kon ik
zelf, zonder hulp van de dokter, alles opbrengen. Ik hoop, dat de heren door deze
uitspattingen van mij wat bewuster zijn geworden, zodat ze geen verslaafden meer in het huis van
bewaring douwen, maar daar waar ze thuis horen. Ik hoop dat ik een heleboel jongens op deze manier voor een volgende keer heb
geholpen. Nu ben ik op dokters advies uit de beperking en heb meegedaan aan het
toneel. Het ging allemaal prima, maar toch waren ze nog wantrouwig tegenover
mij, want er zat een bewaarder bij terwijl ik op drie hoog was. Als ik mezelf
van kant had willen maken had ik slechts hoeven te springen, m.a.w. hieraan kun
je wel zien wat een flauwekul het allemaal is om er een bewaarder bij te zetten.
Een dag later voelde ik me al stukken beter en woensdag 30 juni was er toneel en
trad ik als fakir op wat mij ontzettend goed heeft gedaan. Ik trad voor zo' n 110 man op, wat geen kleinigheid is. Een
kwartier van tevoren heb ik gemediteerd, maar
dan ook heel sterk. Toen ik opkwam begon iedereen te klappen zonder dat ik iets
gedaan had. Ik keek de zaal rond en zag al die mensen zitten. Opeens werd het stil en ik dacht
zo bij mezelf; met deze mensen valt iets te doen, ze zijn niet verrot zoals die
hoge heren van het z.g.n. Recht. Op het toneel heb ik het een en ander gedaan en had enorm succes. Na mijn optreden heb ik ook
ontzettend veel reakties gehad. De volgende dag heb ik tegen de broeder gezegd,
dat ik even met de medicamenten zou stoppen. Ik heb het nu teruggebracht tot
eenmaal per dag. Als ik nu op de gang loop voel ik me sterk als ik terug denk
aan mijn fakirs optreden. Ik liet de drie zwaarste mensen (250 kilo bij elkaar)
boven op mij staan terwijl ik op het glas lag met mijn rug en haast niet meer kon ademhalen. Ik loop op de gang en een heleboel
bewaarders zeggen tegen mij; wat ben je rustig. De jongens zeggen, dat ik er
stukken beter uitzie. Dit komt gewoon,omdat ik mijn grieven heb en had. Wat ik
anders tegen de bewaarders kankerde is nu geëxplodeerd door te keer te gaan
tegen de rechters. Ik heb de officier(Boss) geschreven of hij na dit alles de volgende keer
rekening wil houden met vooral gevallen als deze ene of ik zijn privé adres kon
krijgen, zodat indien hij er prijs op stelt wij samen nog het een en ander
kunnen bespreken.
1 juli - 8 juli Met Adrienne op vakantie naar Zeeland
Heerlijk de vakantie, na alle emoties, weer dicht bij elkaar . Naar Hansweert, Domburg,
Vrouwenpolder, Haamstede.

Adrienne voor caravan bij Hansweert
1 juli 1971 Brief van de Commissie van
gedetineerden aan de heren Van den Besselaar en Eck van der Sluys
adjunct-directeuren van het Huis van Bewaring te Utrecht.
Mijne Heren, Wij hebben door een nauwe en prettige samenwerking met de
heer Kroes in korte tijd een aanzienlijke verbetering bereikt, niet alleen
van de leefbaarheid binnen dit gesticht voor de gedetineerden, maar
evenzeer van het algemene klimaat en van de relatie tussen de gedetineerden
en het personeel. Eclatante bewijzen hiervan zijn wel de als werkstaking
geplande demonstratie, die door onze tussenkomst tenslotte in een bijzonder
gedisciplineerde petitie gestalte heeft gekregen en daarna de in alle
opzichten geslaagde, geheel door ons verzorgde ontspanningsavond van
gisteren. In onze ontmoeting van hedenmiddag is ons echter gebleken, dat U
anders dan de heer Kroes, moeilijk een voortgaande verbetering van de
leefbaarheid in zo'n "snel tempo" kunt of wilt toestaan. Bij dit slagroom
gevecht gaat het o.i. niet om de knikkers, maar om het spel. Echter
een serieus spel! Wij menen, ook als tolk van alle gedetineerden, dat het
door ons verdiende geld besteed moet kunnen worden op de wijze, zoals het
ieder van ons goeddunkt, binnen het raam van de mogelijkheden. Aangezien
aardbeien dan wel getolereerd kunnen worden, maar de slagroom niet, wordt
het wezen van de bestedingsvrijheid aangetast en de besteding autoritair
voorgeschreven. Een volgende stap zou dan ook kunnen worden, de schrapping
van de hele reeks artikelen in plaats van uitbreiding. Het gaat ons zeer ter
harte dat de opgaande lijn, die in de leefbaarheid hierbinnen en in de
onderlinge relaties geëntameerd was, niet doorgetrokken kan worden. Het
meest eenvoudige voorstel was voor U al een struikelblok. Het lijkt ons
daarom verstandiger onze regelmatige besprekingen enige weken uit te
stellen. Hoogachtend de Commissie van gedetineerden, PC-1 Kroon, PC-3 Vermey,
A 1/7 Eckhardt, A 1/6 Vermeulen, C 2/6 Kooymans.
1 juli 1971 Notulen van de 18e vergadering van
de commissie van gedetineerden Huis van Bewaring met Directie en staf
Aanwezig zijn:dhr van de BESSELAAR (adj dir),
voorzitter, dhr Mr VERMEULEN (commissielid ) notularis , dhr Heer ECK VAN
DER SLUYS (adj.dir), dhr LAVANT (huismeester), dhr ECKHARDT
(commissielid) , dhr KOOYMANS (commissielid), dhr KROON (commissielid )
dhr VERWEY (commissielid)
Agendapunt 1. Uitbreiding van het kantine-assortiment.
De voorzitter opent de vergadering om 17.00 uur
Dhr VERMEY vraagt hoe het komt dat de toegezegde kaartspelen en de haarlotion
"pantène" nog niet
verkrijgbaar zijn en
dat de door een aantal gedetineerden bij de aardbeien bestelde room niet is geleverd.
Dhr VAN DEN BESSELAAR opponeert tegen de verkoop van room, dat room niet
lang houdbaar is, het winkeltje te klein is voor een te groot assortiment en
dat
vroeger met de Commissie overeengekomen zou
zijn het aantal kantine-artikelen
niet uit te breiden.
Mr VERMEULEN weerlegt deze argumenten:
het is niet de bedoeling de
room, evenmin als de aardbeien, te bewaren zodat de
niet-houdbaarheid geen rol speelt, de afmetingen van het winkeltje zijn
evenmin van invloed, omdat de niet houdbare
artikelen niet via het winkeltje lopen maar
via de "buitenkantine" een fixatie van het aantal
kantine-artikelen zou een onnodige, voor de leefbaarheid schadelijke
stroefheid geven en ook in de afgelopen weken is het assortiment meerdere malen uitgebreid en ingekrompen zonder dat zulks
moeilijkheden gaf .
Dhr ECK VAN DER SLUYS geeft toe, dat uitbreiding van het kantine-assortiment op zich zelf
wel uitvoerbaar is. Toch heeft ook hij onoverkomelijke,
zij het andere, bezwaren:n 1) Niet-gedetineerden en personeel zullen zeggen
dat het te gek is wanneer gedetineerden in een strafinrichting nu
ook al "aardbeien met slagroom
geserveerd krijgen". Zijn vrouw heeft hem zulks gezegd en hij
acht zijn vrouw een betrouwbare graadmeter voor de publieke opinie. 2) Voorts
is hij van mening, dat de vernieuwing binnen het gesticht niet te vlug mag
gaan gezien mogelijke weerstanden die door veranderingen opgeroepen zouden
kunnen worden.
Dhr VERMEY ·meent, dat wanneer de publieke opinie, b.v in de persoon van een verslaggever, werkelijk de directie
zou aanvallen op het kantine-assortiment, de directie zo'n verslaggever zou
kunnen vragen met welk recht deze zich zou bemoeien met de manier waarop gedetineerden hun eigen zuur verdiende
geld willen besteden. Hij merkt voorts op, dat een afwijzende directie-beslissing op
een normaal uitvoerbaar voorstel, alleen op grond van het feit dat er teveel te vlug verandert,
door de Commissie
moeilijk aan de gezamenlijke gedetineerden is te
verkopen.
Mr. VERMEULEN heeft zeer ernstige bezwaren
tegen het standpunt van dhr ECK VAN DER SLUYS. Hij
verwijt hem
het verwerpen van een
voorstel zonder behoorlijke argumentatie en slechts op gevoelsmatige gronden. Een
argument van "nu niet, het gaat allemaal te vlug" acht hij geen
argument op zich zelf.
Op die manier wordt
de Commissie van
gesprekspartner gedegradeerd
tot een nederige indiener van verzoeken. En hij voelt er niets voor om aldus,
als een schijn-gesprekspartner, voor Piet Snot te zitten. Wanneer de directie
meent dat de tijd niet rijp is voor verdere vernieuwingen en dit directie-gevoelen al voldoende argument is om een overigens eenvoudig
uitvoerbaar voorstel af te wijzen,
dan
prefereert hij de discussie te
hervatten
op
een tijdstip dat de
directie daar zelf dan ook de tijd rijp voor
acht.
Na een vruchteloze discussie van één uur sluit de voorzitter de
vergadering om 18.00 Uur
3 juli 1971 Enquête formulier van een gedetineerde aan alle gevangenen van
het Huis van Bewaring
Alle alle gevangenen,
Het is vele van U bekend dat ik dit huis van bewaring een commisie van
gedetineerde in zekere mate werkzaam is. Het is ook vele van u bekent dat
deze comissie op zeer ondemocratische wijze gekozen is. Een veel
gehoorde klacht is dat de huidige comissie teveel op eigen belangen let.
Hier willen wij verandering in zien te brengen, en wel op de volgende
wijze.
Ten eerste, een comissie samen te stellen die op zo eerlijk mogelijke
wijze gekozen is d.i. door middel van een te houden stemming.
Ten tweede, een regelmatig contact te onderhouden van comisssie leden en
alle gedetineerde.
Ten derde, alle pas aangekomen gedetineerde binnen enkele dagen in te
lichten over de werkwijze van de betreffende comissie en een korte
samenvatting te geven over gang van zaken in het algemeen. Verders naar
het luisteren van klachten en sugesties die o.i. juist in het beginstadium
veel waarde hebben.
Ten vierde, de mogelijkheid te scheppen om elke twee maanden en nieuwe comissie samen te stellen d.m.v. een verkiezing en een soort krant uit te
geven waar iedereen zijn eventuele grieven in af kan laten drukken, deze
krant moet natuurlijk volkomen onafhankelijk staan van de comissie.
Bent U het hiermee eens. Vul dan de onderstaande bon in en geef deze af aan
de reiniger deze zal zorgen dat deze op bestemd plaats aankomt
-------------------------------------------
Ik ben het met bovenstaande eens en zou graag zien dat dit gerealiseerd
zou worden.
Naam ............. Cel nr. ..........
Hoogachtend D.J. Weverling A 1/9
9 juli 1971 Jan Ebeltjes komt uit het Huis van bewaring en gaat voor Geopol in Baarn werken

9 juli 1971. Jan Ebeltjes (links) wordt vrijgelaten uit het Huis van Bewaring in Utrecht na 3 maanden gevangenisstraf.,
Jan Ebeltjes komt vrij om 7.29. Hij werd uitgewuifd door de adjunct directeur de Besselaar en de bewaarder Niele. Niet om te geloven.
17 juli 1971 Bespreking in caravan met Jan
Ebeltjes over zijn werkzaamheden voor Geopol
Arbeid
1. Geopol activiteiten a. eigen ontwerp voor tekeningen b.
opdracht van Adrienne illustratie van tijdschrift Geologie en Politiek
2. Reparatiewerkzaamheden bedrijfspand Geopol aan de Waldeck Pyrmontlaan
3. Werkzaamheden buiten Geopol : houthakken, kerststukjes, afkit,schilderen
etc
Salaris
1. Geopol: in principe laag en arbeidsintensief (per week)
2. Reparatie:uurloon, niet minder dan kost en niet meer
als dat het door een ander zou geschieden. .Het totaal salaris moet meer bedragen dan kost en inwoning en zakgeld
bedraagt. Het moet een begin zijn voor de mogelijkheid om geheel zelfstandig te
kunnen opereren.
Kost en inwoning
In de keuken zal een lijst worden opgehangen waarop zal worden
aangegeven de gebruikte maaltijden , waarna per maand zal worden afgerekend
. De bedragen van kost en ook inwoning zullen ook later worden vastgesteld in
verband met de onbekendheid grootte bedrag sociale uitkering.
De maaltijd zal worden doorberekend indien Jan niet heeft opgegeven dat hij
niet ervan zal~gebruik maken (net als in een motel). Bij tijdig afzeggen dus
niet berekend. Ontbijt en lunch kan ook door Jan zelf in de keuken buiten de
etensuren worden bereid. De huur van de caravan zal ook nader worden bepaald.

Jan Ebeltjes aan het werk voor de uitgeverij Geopol




Tekeningen gemaakt door Jan Ebeltjes voor Geopol
Dinsdag 20 juli Jan heeft interview over de BOWO. (zie na mijn dagboek
het artikel in Haagse Post)
Krijgt geen uitkering van de sociale dienst te Baarn. Jan was zichtbaar
teleurgesteld en werd opgehaald voor feest door een zekere Cas . Ik besef me
dat hij wel eens weg zou kunnen fladderen.
Woensdag 21 juli. Inderdaad was de vogel gevlogen. Taal nog teken. Zo zie je
weer. Om 1 uur kwam hij terug had heerlijk feest gehad.
Vrijdag 23 juli Jan is in Utrecht blijven slapen.
Zaterdag 24 juli Jan is nog niet terug.
Zondag 25 juli Grote schok. De caravan was leeggehaald. De vogel was
gevlogen
niet duidelijk of hij het zelf heeft weggehaald, zijn schoenen laten staan maar in
donker misschien niet gezien. De grote teleurstelling is wel dat hij het 's
nachts moet doen
zonder een bericht achter te laten. Hij voelde zich bij ons te veel gebonden en wilde zijn
ketenen verbreken, begrijpelijk maar het doet verschrikkelijk veel pijn. De
echte a-solidariteit is veel voor hem geweest. Hij heeft het op deze
manier moeten doen, het door een ruit springen en niet gewoon via de deur.
Niet even een belletje van ik blijf bij Cas slapen. Voor Adrienne ook een hele
schok, ze had heel
sterk over hem gedroomd. Gewandeld door bossen wat een geluk om de liefde
van Adrienne en Dino te voelen want nu ben je toch niet alleen Jan wel. We
moeten hem vrijlaten geen enkele wrok. Hij is gevlogen maar het kooitje staat openen, hij blijft
altijd welkom want het is en blijft mijn vriend. In ieder geval is het weer een
goede les
dat a-solidariteit ook inderdaad asolidariteit betekent en dat je elkaar moet
vrijlaten. De zondag doorgebracht zonder iets nuttigs te kunnen doen. Adrienne
heeft me geweldig opgevangen. Met 2 pillen naar bed. Om half elf wakker
geschrokken van harde toeter. Misschien komt hij nog terug, maar nee...
28 juli - 3 augustus juni 1971 Haagse Post: BOWO's kleine strijd tegen dikke gevangenis muren

Wetsovertreder Ebeltjes (l.) en Duursma ; rode Boekje voor Gevangenen
De Bond van Wetsovertreders of BOWO is 9 mei in het Drentse plaatsje
Westerbork opgericht om de Nederlandse vakbond voor (ex- gedetineerden) te
worden. Ruim 2 maanden later heeft hij een paar stencils en een enkele actie
achter de rug; alle Nederlandse gedetineerden werden automatisch lid gemaakt,
enige 10 tal sympathisanten contribueerden uit zich zelf. Er is een adres Westerkade 5 bis Utrecht. Er zijn woordvoerders vooral uit woorden, plannen en
idealen.
Anonieme actiegroepen
Marga Duursma (22)
en Jan Ebeltjes (24), bestuursleden van een bond zonder bestuur, die droomt
van een weg van autonome actiegroepen, vullen elkaar uitstekend aan bij
een gesprek in een Utrechtse; uitspanning. Zij komt uit de theorie en
zocht welbewust de praktijk, hij deed het omgekeerde. Zij noemt een
opstel van de Duitse theologe J. Dorothee Sölle over de Duitse gevangenis
situatie (uit "Politiek Avondgebed") als bron van inspiratie, hij filosofeert
over het nut van een kogel of het doorsnijden
van remleidingen, ter sanering van het penitentiair stelsel. Zou dat
laatste nu wel een verstandige daad zijn? Ebeltjes, pratend met oprecht enthousiasme en
veel uitroeptekens: "Ha, ha, dan ken je Ebeltjes niet!" Marga Duursrna, klein,
kordaat en nu een beetje bezorgd: "Ik zou zo ontstellend nijdig op je
worden." Jan Ebeltjes, vrolijk uithalend: "Nee, jij bent niet gewelddadig
hè? Als je door 5, 6, 8 man de strafcel ingeknuppeld wordt!" Het idee voor de BOWO rijpte tijdens het laatste
studiejaar van Marga (nu sociaal
werkster) aan de academie De Horst in Driebergen. De daar in september 1970 opgerichte Projectgroep Gevangeniswezen besloot, na bestudering
van de berg materiaal die in de loop der jaren van geleerde zijde over het
strafsysteem is bijeen geschreven (en die vooral·gebruikt wordt als de berg weer
uitgebreid moet worden), enige daad bij het woord te voegen. Een 100 studenten van andere sociale academies en
universiteiten werden opgetrommeld voor studieweekends, en de activisten die praktisch heil zagen in een structuurloze vereniging wonnen het tenslotte
van de zorgvuldige, meer theoretische planners.
Zelfstandigheid
Oprichtster Duursma formuleert als eerste kernpunt van de de BOWO-doelstellingem: Elke
gedetineerde moet zijn eigen zelfstandigheid
kunnen terugvinden; gevangenen worden nu behandeld als kinderen van een jaar
of drie, Ze worden onmondig verklaard, alle verantwoordelijkheid wordt hun
ontnomen, ze kunnen hun gezinnen niet meer financieel onderhouden. De
bezoektijden zijn afschuwelijk, er is altijd een bewaker bij; de relaties die ze
hebben worden moedwillig kapot gemaakt. Het is zo'n dwang matig keurslijf,
dat houdt niemand vol. Gevangenen zouden behoorlijk werk moeten
kunnen doen, tegen een normaal salaris. De muren van de gevangenis zouden
eigenlijk naar beneden moeten klappen, waardoor de communicatie
met de buitenwereld normaal wordt. Het maatschappelijke leven moet gewoon door kunnen
gaan". Dit voorjaar kwam Marga 3 maanden wekelijks
als gesprekleidster in het Utrechtse Huis van Bewaring; Ebeltjes maakte vanaf
8 april, een zelfde termijn vol als permanent
bewoner. Hij is "koopman, sloper en kermisreiziger" en liep in april met1800
gulden aan zilverwaren rond (uit de opbrengst daarvan wilde hij de hard
drug pervetine aanschaffen) toen hij door de "een of andere koekenbakker"
verraden werd. Dat betekent de 3 maanden voor schut: routine voor Jan Ebeltjes, die 10 van
zijn 24 levensjaren 2 achter de nog niet neergeklapte muren
sleet. Zonder stemverheffing schetst hij in een paar zinnen zijn achtergrond,
met het vanzelfsprekende patroon van gebroken gezinnen en
kindertehuizen. Zijn maatschappelijk leven speelde zich achter de tralies
af, en zijn gevoel van eigenwaarde is nu rond die zeldzame levensloop
opgetrokken: "Ik heb nou dingen waar ik over kan praten, en waar ik een
ander een dienst mee kan bewijzen". In de gevangenis is Ebeltjes een
beroeps-querulant, en daar is hij trots op. "Ze waren geestelijk helemaal
dolgedraaid" zegt hij over de bewakers, als hij, over de door de hem toegepaste
vervreemdingstechniek vertelt: "De
bewaarders altijd onze slaven noemen, en elke .keer als er een kwam al je
gebeld had zeggen: zie je wel, dat je mijn slaaf bent". En: "Tegenover hun de wereld buiten steeds, de gevangenis noemen - zo van "zo, mag jij
vanavond weer fijn naar de gevangenis?" en "Hoe was 't in de gevangenis?' als
ze hun dienst begonnen". Hij kwam op 9 juli uit het Utrechtse Huis van Bewaring, en
voelt zich nu helemaal "clean" ("alle pillen en spullen weggegooid"). Maar de
eerste maand lag hij met pijn in zijn zijde, longen en nieren, bevende
met een dikke jas over zich heen tegen de kou, te ontwennen. "Ik had die dokter
één keer gezien, en heb nog 7 keer om hem gevraagd. Hij kwam niet. Toen heb ik
geroepen: "nou breekt de pleuris uit, ik moet de ,dokter hebben". Kwamen er 5
bewaarders op me af. Ik zeg: "Hou me niet tegen hoor", maar ze pakten me beet
en zetten me weer in m'n cel".
Dolgedraaid
Tenslotte ontdekte hij de juiste weg: na een brief aan
Minister Polak van Justitie kreeg hij bericht van de gevangenisarts ("Toen kon
ik opeens bij 'm komen. Plotseling!"), die hem daarna "als mens" behandelde, "niet
zo als 'n dier in zo'n hok", en het ontwenningsmiddel methadon verstrekte. Een
ander succesje was het interpelleren van de directie over het hoofdstuk Werk.
Volgens de fraaie woorden van de Beginselenwet Gevangeniswezen moet dat
gevangeniswerk ("zoveel mogelijk", staat er angstig bij) mede
dienstbaar worden gemaakt aan 't "onderhouden, vergroten of verwerven van vakbekwaamheid". In de praktijk
bestaat het er uit het op kaarten steken van wasknijpers, het vervaardigen
van rollen kastpapier en het vouwen van folders.
Spijkerbed
Koopman, sloper en kermisreiziger Ebeltjes nam het niet. Wijzend op de Fruin editie
van de
Nederlandse Wetboeken sprak hij: "Vakbekwaamheid, meneer de directeur,
het staat in het wetboek van Fruin. Moet u 'ns horen, ik ben fakir, ik moet m'n vakbekwaamheid onderhouden. Dit is mijn beroep op de kermissen,
en als ik dat niet bij hou dan is het pleite. Dan hebt u een misdaad begaan
tegen mij, want dan ga ik weer jatten. ". De directeur mompelde "moeilijk, moeilijk", het verlangde spijkerbed kwam niet, maar tegen het verzamelen en stukslaan van
lege jampotjes werd niet opgetreden.

Jan Ebeltjes op zijn spijkerbed
Zodat de fakir, overeenkomstig art. 38 van de Beginselenwet, plaats kon nemen op het gruis ten einde zijn
vakbekwaamheid te onderhouden. Verzoekschriften aan ministers en citaten uit de wetboeken
- dat zijn effectieve methodes merkte Jan Ebeltjes, die vroeger alleen
aan "een kogel"en" kapot maken"dacht om de de structuren van het
gevangenisbestel wezenlijk te veranderen.
Hij woont nu in het Baarnse huis van zijn Utrechtse
gevangenisvriend dr Tom de Booy,. die van lector in de geologie, via
de Maagdenhuisbezetter de derde steunpilaar van de BOWO werd, en heeft als
praktijkdeskundige
van de Bond een taak in het leven gekregen. .
Knokploeg
Ebeltjes, als "tekenaar/journalist" verbonden aan De Booy's activistische
cel GEOPOL: "lk geef me maar voor één ding, ik ben fanatiek hoor. Ik ben nu
een beetje een studie aan het maken." (Marga Duursma, met enige moederlijke
trots: "Zeg maar gerust: zeer grondig.") "We schrijven alles op, we zoeken
alles uit. Pas als we alles uitgezocht hebben slaan we toe. Want er moet geen speld tussen te krijgen zijn, anders ben je weg".Projecten: het Rode Boekje voor Gevangenen, met veel tekeningen voor Jan
de Arbeider; het omzetten van 1 maand voorwaardelijk in een nieuw verblijf
binnen de muren ("Dat is m'n hartewens: een dagboek maken, met de jongens
praten. Het allerkleinste wil ik nog pakken, want juist dat kan je de nek
breken"); het verzamelen van materiaal over "De Knokploeg", die, 2 jaar
bestaat en met helmen, schilden en traangas wordt ingezet bij stakingen en
reilen in Huizen van Bewaring. Ebeltjes: "Dat is gewoon fascisme. Die willen we gewoon kapot hebben."
Duursma, ter aanvulling: "Met daarvoor iets beters in de plaats." Gevraagd naar de hoofdpunten
waarop hij het strafrechtelijk systeem hervormd zou willen zien, noemt
Ebeltjes er zonder aarzeling: Hij wil alle gedetineerden behoorlijk
gesalarieerd werk laten doen, dat ergens goed voor is ("Een hijskraan
machinist
kan niet verwachten dat ie 'n hijskraan in zijn cel krijgt - maar hij zou wel
boekjes kunnen krijgen, om uit te leren"); in de tweede plaats vraagt hij om beter gevangenispersoneel , "De bewaarders zijn zeer onbeschoft, en
meestal niet zo goed gehumeurd - in verband met de ploegendienst en zo. "Het
is voor mij ook geen pretje hier", zeggen ze steeds; nou, als 't voor hem geen
pretje is mag hij voor mij oprotten. Omdat ze slecht gehumeurd zijn, beginnen ze dat bot te vieren op jou. Ze kunnen helemaal niet openlijk wezen, ze
hebben nooit tijd, de afstand met de gedetineerden is verschrikkelijk groot. Twee minuten praten, "ik kom
zo terug", en over een jaar moeten ze nog terugkomen. Hoe kun je vertrouwen
in deze mensen hebben?"
Eenmansguerrilla
Zijn andere 3 punten zijn zonder uitzondering leerstukken
die in de recente vakliteratuur uitvoerig ter discussie staan. TBR, ter
beschikkingstelling van de regering voor een onzekere periode: "Helemaal
afschaffen. Deze jongens weten absoluut niet meer waar ze aan toe zijn."
Voorarrest: "Als 'n zaak rond is, is die rond. Je merkt ontzettend veel dat juist het voorarrest de
spanning geeft. Je hoort niks anders: "Wanneer kom jij voor?", "Wanneer
moet je voorkomen", "Ik ben nog niet voor geweest". Iedereen is
ontzettend zenuwachtig, door de onzekerheid word je volkomen kapot gemaakt. Je krijgt
zo'n agressie tegen de justitie." En tenslotte de reclassering:
"Voor mij paniekvoetbal. Justitie zit er veel te veel achter; je krijgt 't
gevoel dat ze zich.niet met jou, maar met de justitie bemoeien."Een·heleboel jongens kunnen het daarom niet opbrengen. Ze doen wel mee, voor verkorting van de straf,
maar na een tijdje gaat het niet meer". Ebeltjes stelt een eenmansguerrilla in het
vooruitzicht, en noemt de prestaties van de BOWO tot nu toe hele kleine dingetjes: "Voor mij zijn
het een soort geinmakertjes geweest. Nou gaan we dit alles op papier zetten." Marga
Duursma wil uitzoeken en publiceren wie er in de Commissie van Toezicht van de gevangenissen
zitten ("Ze zijn zoals ze nu draaien machteloos; ik wil er zelf wel eens in
zitten"), maar vindt, sinds ze een keer in de trein van een wildvreemde het enige
nummer van het clubblad "BOWO-Post" kreeg, de decentralisatie binnen de Bond een redelijk succes.
Nut
Contact met de Directie Gevangeniswezen is er sinds
januari niet meer geweest, aan het benaderen van de politieke partijen (die
in hun programma's allemaal zwijgen) is nog nauwelijks gedacht. Het
ideaalbeeld van de Noorse KROM, een militante pressiegroep met zo'n 900
leden, is ver verwijderd: de BOWO bestaat uit verhalen, enthousiasme en
idealen. Een slotvraag. Hebben gevangenissen eigenlijk nut? Marga
Duursma: "Nee. Behandeling en begeleiding wel." Jan Ebeltjes: "Nee. Het
zijn hogescholen der misdaad." En wanneer zou de maatschappij de gevangenis
dan kunnen missen? Duursma: "Morgen! of over 5 jaar bijvoorbeeld." Ebeltjes, die ook dit juist lijkt te
taxeren: "Misschien over 1000 jaar."
A. J. Heerma van Voss
24 augustus 1971. Jan Ebeltjes is weer opgepakt en zit in Lemmer en gaat
na drie dagen naar Leeuwarden.
26 augustus 1971 Brief van Jan Ebeltjes uit gevangenis van Leeuwarden
Er volgt in de komende maanden een uitgebreide correspondentie met Jan. Hij
stuurt ook vele tekeningen op die ik gebruik voor mijn Geopol uitgaven. Ik heb
hem enkele malen mogen bezoeken, vanwege het feit dat hij journalist en tekenaar
is voor Geopol. Dus een zakelijk bezoek.
6 september 1971 Brief Jan Ebeltjes uit Leeuwarden aan een zekere
Berend
Hier heb je dan een briefje van het bevrijde gebiet, en dat is dan de
Gevangenis in Leeuwarden, ik zelf vin het een eer dat ik hier ga zitten, want
Utrecht willen ze mij en Tom niet meer hebben.(Inderdaad ik heb van de Directeur
Kroes zelf gehoord dat zolang hij directeur is van het huis van bewaring in
Utrecht ik, net zoals Jan Ebeltjes er niet meer in mag komen en mijn detentie in
andere gevangenissen zal moeten uitzitten , hetgeen ook is gebeurd maar dat zien
we wel in de volgende jaren van mijn dagboek).
7 september 1971 Brief van gedetineerde Huis van bewaring in Utrecht. D.J. Weverling
Beste Tom Deze morgen heb ik van de huismeester mondeling moeten vernemen
dat je een brief naar me geschreven heb, daarvoor natuurlijk mijn hartelijke
dank. Lezen mocht ik hem echter niet, daarvoor ben je zoals je zelf wel wet niet
mondig genoeg meer voor, zodra de sleutels van de justitie hoort rinkelen.
Daarom zit ik nu zoals je wel begrijpen zult in een soort vacuüm terug te
schrijven, maar ze hadden mij geen groter plezier kunnen doen, want hieruit
blijkt weer hoe belachelijk en willekeurig het systeem is waar uit ze te werk
gaan. Ik moet toch aannemen dat je niet iets geschreven heb wat met een of
andere misdaad te maken heeft, zodat dat het niet kan wezen waarom ze mij de
brief niet wilde laten lezen. Maar ik wilde het graag weten en ben ook aan
verschillende autoriteiten gaan vragen, je kan je mijn verbazing wel enigszins
voorstellen toen ik te horen kreeg dat het ex-gedetineerde (dat ben jij)
verboden was om in contact te staan met gedetineerde, kan je je voorstellen wat
een troep dat zou worden als deze regel consequent doorgevoerd zou worden, van
elke afzender zou de doopceel gelicht moeten worden, en elke brief zou daardoor
ongeveer 6 maanden onderweg zijn. Voor de rest is er weinig nieuws te vermelden
Afgelopen maandag hoorde ik via de radio van Amerikaans onderzoek dat was
ingesteld naar de minderwaardigheidscomplexen in verschillende beroepsgroepen
door 2 psychiaters en 2 psychologen. Het bleek dat procentueel meer
minderwaardigheidscomplexen voorkwamen bij politieagenten, beroepsmilitairen en
gevangenispersoneel. Ze zijn toen nog verder gaan zoeken en kwamen toen tot de
conclusie dat die mensen ook meetbaar kleinere geslachtsdelen hadden
(zodat je nooit meer kan zeggen dat een politieagent een grote l... is ).
Tom dit was het wel weer, de zeventiende ga ik de hele avond zitten grinniken om
het feit dat ik dan na een paar uur oud en wijs genoeg geworden ben om jouw
brief te mogen lezen, met de hartelijke groeten van A 319, D.J. Weverling
10 september 1971 Geopol. Tekening Jan Ebeltjes met tekst uit Leeuwarden:

De middelste vrouw weet het allemaal niet eet, die ander met de vinger
omhoog denkt van : "nou heb ik het gevonden."Maar ze twijfelt wel, "Wat zal ik
nou gebruiken?", denkt ze.
De tak met de waspoeder eraan is ene teken dat de vrouwen er lekker instinken,
want die tak bloeit lekker..
17 september 1971 Brief van Bull Verwey (directeur van radio Veronica) uit
het Huis van Bewaring Utrecht reg nr 2136-11/11 aan Jan Ebeltjes
Beste Jan, Abdoela, Ali. Je brief hen ik netjes ontvangen. Ik.wist
niet wat ik zag, dat je al weer "zit". Je zei toen, dat zal me niet meer
gebeuren. En nu is het , alweer zover. Hoe is het met je spijkerbed? Ligt het
nog lekker? Weet je hoe je ook goed kunt oefenen? Allemaal punaises op je stoel
leggen met de punten omhoog en je dan met een plof er op laten neervallen en dan
kijken hoe het prikt. Je hebt het nu over het vechten met 7; of 8 man
parketwachters en met bewaarders, maar als je het nu aan mij eerlijk vraagt en
je zou een eerlijk antwoord willen hebben dan durf ik je te zeggen, dat het dan
aan je zelf ligt. Dat klinkt misschien vervelend voor je, maar als ik iets uit
mijn eigen ervaring ga vertellen, moet je van de eerlijke waarheid uitgaan
vind ik; nu ik zit ook al 4.maanden: ik heb nog nooit één rot opmerking van
de bewaarders gekregen, integendeel een uiterst correcte houding en als je wat
vraagt, dan kan het altijd binnen de perken van hun voorschriften. Ik zal:je wat
vertellen. Ik heb laatst een of twee dagen of mijn bed gelegen. Je weet, dat
gebeurt mij niet zo gauw, want ik heb al tijd veel te doen. Ik barstte van de
kiespijn. Nu, ongevraagd kwamen ze bij mij met aspirine en als ik sliep of lag
te dommelen werd heel zachtjes de deur opengedaan om je niet te storen, en werd
je brood enz. neergezet. Dat hoefden ze toch ook niet te doen. Nou, en dat deed
mij toch wel wat. Het een zowel als het ander. Maar als ik dat nu niet zou
willen vertellen of rottigheid over die mensen spuien vind ik dat geen stijl. Als je het niet eens bent met b.v. de lange voorarresten of een strafmaat, dan
moet je in Den Haag zijn, maar dan kom je op heel ander terrein. Een stel knapen
zijn van hier overgeplaatst ik geloof ergens naar Zeeland. Wat denk je dat
er gebeurd is? Ze zijn hem daar gesmeerd en hebben zich hier met 2-dagen weer
graag gemeld, want het was hier toch wel heel goed zeiden ze. Kijk, je moet
altijd steek houdende dingen hebben, als je wat beweert en het komt in de pers.
Maar je weet het ook wel, smeerlap, want je bent niet voor niets een fakir! En
ik wil je toch graag behoeden voor dingen, die niet houdbaar zijn, en waardoor
jij jezelf in moeilijkheden zou brengen die geen zin hebben en niet houdbaar
zouden blijken. Want dat gun ik je toch niet. Ik heb veel te veel met je gelachen. Als je dit epistel krijg: is mijn vonnis al geveld. Ben
erg benieuwd. Ik hoop dat je niet al te lang daar zult zitten, want er is
toch geen barst aan en je spijkerbed en glasscherven wachten op je!! Jan
het allerbeste en gedraag je als een echte fakir. Het gaat goed met Hilversum
Drie !!Tot ziens, Bull Verwey

Bull Verwey wordt gearresteerd
Radio Veronica en Bull Verwey
Het gebeurt op zaterdagavond 15 mei 1971 om 21:50 uur. Een explosie op het
zendschip van Radio Noordzee. Het achterdek vat vlam. Dj Alan West rent het
dek op en ziet nog net een rubberbootje wegvaren. In paniek snelt hij terug
naar de studio en roept om hulp.
19 september 1971 Mijn brief aan Jan Ebeltjes vanuit het ziekenhuis Berg
en Bosch in Bilthoven
Ik was een paar dagen daarvoor opgenomen voor een operatie aan een pees van
mijn linkerhand.. Pas 2 dagen na mijn operatie kwam de dokter even kijken. Ik was
net aan het wandelen in het bos. De zusters kwamen achter me aan hollen en
gillend van waar bent u meneer de Booy? De dokter was razend geweest dat ik niet
op mijn bed lag. De zusters kregen geweldig op hun donder waar de patiënten bij
waren. Iedereen vond het schandalig zoals hij daar te keer was gegaan toen hij
bij mij kwam was hij poes lief, tegen mij en durfde niets te zeggen. De
slijmerd, tegen zwakkeren durft hij wel maar niet tegen mij.
26 oktober 1971. Uitgave Geopol. Tekening en tekst Jan Ebeltjes
Wie zijn de grootste vervuilers van de Rijnmond? Shell, Akzo, Staatsmijnen,
Hoogovens

Gaat men nog meer produceren in de komende jaren???
Op deze vraag kregen de verslaggevers van het Vrije Volk, Joost van der Hooff
en Kees Slager (Vrije Volk 9 oktober 1971) van de grootste
vervuilers het volgende antwoord:
Albatros (SHELL, AKZO, Hoogovens ): "geen noemenswaardige uitbreidingsplannen".
SHELL raffinaderij: "Voor de 50 ha
onbebouwd terrein heeft men enkele uitbreidingsplannen (o,a, ketelhuis)".
AKZO Herbicide-·Chemie Botle: "25 ha onbebouwd terrein geen concrete uitbreidingsplannen zijn".
Ketjen Carbon (60%s AKZQ): "Geen uitbreidingsplannen voor de naaste toekomst".
Gelukkig voor de aandeelhouders staat er in de wetenschappelijke literatuur en
jaarverslagen heel wat anders!
Shell gaat zijn raffinage capaciteit verhogen van 25 naar 27 miljoen ton per
jaar. Chevron van 12.5 naar 15 miljoen, terwijl British Petroleum (BP)de kroon spant en
in de naaste toekomst in plaats van 4.5 miljoen
maar liefst 22.5 miljoen ton ruwe olie gaat raffineren.
Shell's Rotterdamse Polyoleijnen fabriek gaat in plaats van 30.000 zo'n 75.000 ton
produceren. Oxirane Chemie Nederland bouwt een propeenoxide fabriek in
Rozenburg en zal eind 1971 155.000 ton gaan produceren.
Nu weet het land, waar de zon nooit meer vol zal schijnen, wat het te
wachten staat...
30 oktober 1971 Artikel in Leeuwarder Courant. Rechtszaak tegen Jan Ebeltjes

Tekening van Jan Ebeltjes, gegeven aan de rechters tijdens zijn proces
Voordat de heren achter de tafel het in de gaten
hadden kregen ze allemaal een tekening van Jan in handen gedrukt. Nogmaals
benadrukte de laatste, dat hij de inbraak uit protest had gepleegd. De officier
wuifde dit weg: "U hebt de buit, verpatst, en het geld dat je ervoor hebt
gekregen hebt u opgemaakt en niet gereserveerd voor een of ander nobel streven.
Het was een doodgewone ordinaire inbraak hè?" Dat kon Jan niet ontkennen. De
Rechtbank doet over twee weken uitspraak.
19 november 1971 Brief van Jan Ebeltjes uit Koepel Gevangenis in Arnhem
Hallo Tom en Adrienne Puf Puf Puf, ik werd met spoed naar Arnhem de koepel
gebracht, om 3 uur, persona non akrata.
In de volgende periode tot zijn vrijlating uit de gevangenis van Arnhem op 23
december, volgt een uitgebreide briefwisseling met Jan Ebeltjes
30 november 1971 Artikel in Elsevier : Waar zijn de studentenleiders
toch gebleven ?
Paul, Ton, Wietske, Bertus, Maarten, Peter en Johan doen niet meer mee
Waar zijn ze gebleven? Het universitaire leven biedt meer
stof tot protesteren dan ooit. Voor bezettingen, betogingen, het verstoren van
vergaderingen zou volgens bepaalde normen wel meer dan één argument te vinden
zijn. Maar de studentenleiders, de jongens op de barricaden laten het afweten.
Het ministerie kan de vroegere studentenvoorlieden tarten zoveel als het wil:
studenten-, staf- en bouwstop, verhoging van collegegelden, verkorting van de
studieduur enzovoort... het mag niet baten. De barricaden blijven onbezet. De
open plaatsen worden niet meer ingenomen. Er is geen aspiratie meer voor het vak
van studentenleider. En degenen die dat vroeger waren hebben andere bezigheden
gevonden. Wie waren het? Wie zijn ze nu?
Paul Verhey Ton Regtien Wietske Miedema Bertus Hendriks

Johan Middendorp Peter Cohen Maarten Abelen
Paul Verhey (24), zoon van Amsterdams communistische
wethouder, de grote man achter de Maagdenhuis-bezetting, oud-voorzitter van de
Asva, die de politionele gummiknuppel van zeer nabij kent... racet tegenwoordig,
in een formule V-wagen (Van Zalinge Kaimann, 1300 cc, 13 mille). Paul wordt
gesponsord door twee "grootkapitalisten", die zich onledig houden
met het stillen van "kunstmatige behoeftes" als het eten van rumbonen en het
gebruik van het "milieubedervend produkt" plastic. Maar dat is niet de enige revisionistische, betaalde hobby
die de communist Paul er op na houdt. Tevens wekt hij de "proletariërs aller
landen" op tot het eten van Era, het drinken van koffiemelk en het studeren bij PBNA. Paul is namelijk ook nog fotomodel bij Holland Location, waar men Elsevier
het geheim van Pauls succes uit de doeken deed: het is een gewone, leuke, recht-toe-recht-aan jongen. En naar
dat type is tegenwoordig veel vraag. Het zit er dik in dat Paul zich na een
carrière als autocoureur als advocaat vestigt. Hij heeft zich dit jaar weer op de
studie rechten geworpen.
Ton Regtien (Maagdenhuis) heeft, juist voordat de storm der
bezuiniging de universiteiten teisterde, kans gezien een baantje te veroveren. Hij
is nu wetenchappelijk medewerker aan het Instituut voor Sociale en Bedrijfspsychologie. Hij studeerde in juni
van dit jaar af. Drs. Regtien (32) moet nu de schande dragen dat hem door de gemeente
Amsterdam
een "bewijs van goed gedrag" naar Groningen is meegegeven
Wietske Miedema (eens Asva-voorzitster, nu 24 jaar) heet nu mevrouw Brill.
Alle Maagdenhuisbezetters waren naar zeggen een beetje verliefd op haar, maar Wietske is nu van Paul Brill, hoofdredacteur van het blad Student en medewerker aan De
Groene. Het paar wil een huis ("Eigendom is diefstal") kopen. Wietske studeert
psychologie in Amsterdam (GU) en Arabisch.
Arabisch. Niet zo vreemd als men weet dat zij evenals haar
"Arabische" studiegenoot en voormalig studentenleider Bertus Hendriks (oud-Asva-voorzitter), vier weken gevangenisstraf voor de bezetting van het
Maagdenhuis) zitting heeft in het Palestina-comité. Bertus (28) studeert
behalve Arabisch ook nog psychologie en maakte onlangs een reisje naar Jordanië.
Johan Middendorp heeft het ook wel gezien. Zijn
sollicitatie bij de Amsterdamse Sociale Academie Cicsa leek eerst succes te
hebben. De leerlingen hadden hem al aangenomen, maar de leraren wezen hem af. Waaruit
maar weer blijkt dat studerenden zonder leiders weinig of geen invloed hebben.
Peter Cohen (inmiddels ook al weer 29) maakte het als
Asva-voorzitter eens zo bont dat de Asva-ledenraad het ooit nodig vond zich van
Peters aan de dag gelegde activisme te distantiëren. Hij doet het nu ook wat
kalmer aan. Peter ("Studenten zijn ook arbeiders") heeft zijn studie voltooid,
werkt halve dagen bij het Siswo(onderzoek onderwijs) en brengt de rest van
zijn dagen door met het verzorgen van zijn vijfeneenhalve maand oude baby en
het besturen van de Bond van Wetenschappelijke Arbeiders.
Maarten Abeln (psychologie, 25 jaar) heeft zich bij de
bestaande universitaire structuur in Nederland neergelegd. Op bijzonder
vreedzame wijze vertegenwoordigt hij nu de Groninger studenten in de
Universiteitsraad en zo nu en dan heeft hij een schnabbeltje bij verschillende publiciteitsorganen. Behalve Oosteuropese, bezit Maarten
ook nog Arabische belangstelling. Weliswaar studeert hij geen Arabisch, maar
wel wordt hij beschouwd als een van de oprichters van het Palestina-comité. Het echte revolutionaire vuur dat hij aan de dag legde of toen hij als scholier door de American Field Service uit de VS naar huis werd gestuurd, is bij
Maarten nu wel gedoofd.
Dat waren ze. Daar zijn ze gebleven.
Einde artikel Elsevier
Commentaar: wel een erg tendentieus artikel, met waarschijnlijk
vele onwaarheden. Maar het geeft goed weer de verrechtsing van de
media, alhoewel Elsevier niet bepaald ene links weekblad genoemd kan
worden. Ondank is werelds loon.
22 november 1971 Brief aan de Minister van Justitie Mr A.A.M. van Agt
verzoek kaartenactie
Excellentie, In het Huis van Bewaring te Leeuwarden heeft mijn vriend en
gedetineerde Jan Ebeltjes 2 tekeningen gemaakt (2 fotokopieën ingesloten) Hij
heeft mij verzocht om hier van briefkaarten te
vervaardigen om vervolgens deze kaarten aan vrienden en kennissen te verkopen, de
opbrengst van de verkoop van de Kerstkaarten wilde Jan Ebeltjes bestemmen voor zijn mede-gedetineerden
tijdens de komende feestdagen. Ik ben mij er terdege van bewust dat bepaalde
reglementen bestaan die het direct
toezenden van pakketjes etc niet mogelijk maken, maar ik zou U willen vragen of
het een of andere manier niet binnen uw competente valt om dit symbolische gebaar
te willen toestaan van een gevangene aan zijn medegevangene om daarmee met de
Kerstdagen en gebaar van medemenselijkheid en vriendschap te willen
overbrengen in een tijd vol kille harde zakelijkheid, een waar lichtpunt om de
werkelijk betekenis van het kerstfeest te onderstrepen. Excellentie U zoudt mij
ten zeerste verplichten indien U mij zoudt kunnen toestaan de geldelijke
opbrengst van de verkoop der Kerstkaarten vervaardigd door Jan Ebeltjes aan
U te mogen overmaken met het doel om de medegevangenen van Jan Ebeltjes een "verlichting"van
hun straf tijdens de Kerstdagen te laten ondergaan. Inmiddels met de gevoelens
van de meeste hoogachting, Uwe dw Tom de Booij. .
22 november 1971 Brief aan de directeur van de Koepel gevangenis van Arnhem
met verzoek
bezoek aan Jan Ebeltjes
23 november Brief directeur Koepel gevangenis Arnhem. Ik krijg geen
toestemming om als ex-gedetineerde Jan Ebeltjes te bezoeken
5 december 1971 Brief van mij aan Jan Ebeltjes.
Vanmiddag bezoek gehad van een mooie vogel Erik van der Maal. Hij woont hier
in een kraakpand en had vroeger jou*) op de Slotlaan samengewoond. Hij was
gisteren bij de vergadering van de Coornhert Liga geweest. Zij hadden over
mijn actie van Utrecht gesproken. Ze vonden dat maar niets dat anarchistisch
gedoe. Nee,. je moest proberen door langzaam onderhandelen de zaak te
verbeteren. Nu ze gaan hun gang maar en ze zullen wel van zelf zien dat het op
niets uitloopt mar dan hebben ze het langs de natuurlijke weg geleerd.
*) Volgens Erik van der Maal was dat André Koppen
Noot Opgeschreven in 2009. Volgens de herinnering van Erik van der Maal was de
reden van zijn komst, : Ik kwam nadat ik gearresteerd (zwart rijden) was en op
het politiebureau op een heel lullige manier gefouilleerd was (waarna ik
plotseling f 600,- kwijt was..). Ik vertelde jou het verhaal en tot mijn
grote verbazing (want ik dacht dat zo'n keurige meneer dit toch echt
wel zou afkeuren) vond je het een leuke stunt.
10 december 1971 Brief van de staatssecretaris van Justitie Drs P. Allewijn
als
antwoord op mijn brief van 22 november 1971
Geachte Heer de Booij. Ik heb waardering voor het plan om van de tekeningen van den heer Ebeltjes
kerstkaarten te doen vervaardigen en de opbrengst van de verkoop daarvan ter
beschikking te stellen van de gedetineerden, waarbij met name wordt gedacht aan
een bijdrage voor activiteiten tijdens de komende feestdagen en de
jaarwisseling.
Gaarne verzoek ik u hiertoe rechtstreeks contact op te nemen met de directeur(en)
van de penitentiaire inrichting(en) die u in uw plan wilt betrekken. Tevens gelieve u schriftelijk de
Directie gevangeniswezen afdeling Regiem Plein 2b te
's-Gravenhage, hiervan te berichten, opdat ons mijnerzijds de betrokken
directeur (en) van uw voornemen in kennis kan worden gesteld. Waar de heer Ebeltjes momenteel nog is gedetineerd, moge ik u willicht ten overvloede in
overweging geven van het feit van de detentie ter wille van zijna anonimiteit bij
de verkoopactie van de kaarten niet te noemen.
.10 december 1971 Brief van de Minister van Volksgezondheid en Milieuhygiëne Dr L.B.J. Stuyt
Geachte Heer De Booy, Ten vervolge op mijn brief van
13 augustus
1971,
no. 137976, betreffende de onderwerpelijke
aangelegenheid deel ik u het volgende mede. Bij de metaalsmelterij van de
N.V.
Staalgietwerk S.M.D.K. te Utrecht-Noord
is op 26 juli 1971 de stofafzuig- en filterinstallatie (met doekenfilter) voor
de elektro-oven II in gebruik genomen. De hete gassen uit de oven worden
vermengd met lucht en via een gekoelde leiding naar een koelinstallatie gezogen. Hierna wordt
het afgekoelde rook-luchtmengsel door droge filters gevoerd die alle roet- en
ijzerdeeltjes eruit vangen. Het drogefiltersysteem bestaat uit 442
kunststofslangen die als grote stofzuigerzakken fungeren. De aldus gereinigde
afgassen ondergaan nog een naverbranding, waarna zij via een ventilator door de
70 m hoge schoorsteen worden afgevoerd. Het in de kunststofslangen opgevangen roet en staalstof wordt er automatisch
uitgeklopt, bevochtigd ter voorkoming van stofhinder en in bakken verzameld.
In·het bedrijf werd verder een rookafzuiginstallatie aangebracht om tijdens het
gietproces ontstane rook uit de werkruimte te zuigen. Tevens heeft het bedrijf door het installeren van een nieuwe zandsilo het
risico van stofoverlast beperkt. Verder zal een procedé uitgewerkt worden voor de verwerking van het
opgevangen roet en staalstof. Het ligt in de bedoeling dit te pelleteren met klei en dit weer in het smeltproces in te zetten. Dit
"recycling"-proces" is de beste oplossing voor het probleem van de afvalstoffen.
Verwacht wordt dat aldus, hoewel de oorzaak van de hinder niet geheel is
weggenomen, deze toch tot een minimum is beperkt. Tenslotte vermeld ik nog dat het Rijksinstituut voor de
Volksgezondheid nog
enige tijd zal voortgaan met het verrichten van metingen om het effect van
bovengenoemde maatregelen juist te kunnen beoordelen. Hoogachtend getekend
door de Minister van Volksgezondheid en Milieuhygiëne
(De in 1970 gevoerde actie tegen Demka heeft dus wel zijn vruchten afgeworpen)
De kerstkaarten actie rond de Koepel gevangenis van Arnhem



De vier briefkaarten gemaakt door twee gedetineerde in de Koepel gevangenis van Arnhem. De kaarten links boven en onder zijn gemaakt door Jan Ebeltjes
15 december 1971. GEOPOL Baarn,
Uit de koepel gevangenis te Arnhem kreeg Uitgeverij GEOPOLBAARN vier
tekeningen, gemaakt door twee gevangenen, met de vraag daarbij om deze
tekeningen op briefkaart-formaat te laten afdrukken en aan belangstellenden
te verkopen. Een van de gevangenen schreef ons:
"... alle vier voor 60 cent en dat geld wil ik dan voor de jongens in de
gevangenis besteden. Dit is gewoon belangeloos, dat geld dat wij er dan van
maken gaat naar een gevangenis of naar de jongens, die in een politiecel zitten
met Kerstmis en Nieuwjaar, want die krijgen niks, en wij zullen dan proberen of
ze het zo kunnen krijgen of in de vorm van een pakketje met wat er in... "
Dit alles is eenvoudig. Wij drukken de briefkaarten en U koopt ze.
Moeilijker is het om de opbrengst op de plaats van bestemming te krijgen. 22
november j.l. heeft Geopol aan Minister van Justitie, Mr A. A. M.
van Agt, gevraagd om het geld op zijn rekening voor het boven omschreven doel
te mogen overmaken. 10 december j.l. heeft de Minister hierop geantwoord
en ons gevraagd om direct contact op te nemen met de directeuren van de
gevangenissen, die wij in de actie willen betrekken. Helaas is gebleken, dat de
Minister geen rekening heeft gehouden met het feit, dat een van de medewerkers
van Geopol in de gevangenis heeft gezeten. Het huishoudelijk reglement van de
gevangenis verbiedt namelijk elk contact tussen gevangenen en ex-gevangenen.
Gelukkig hebben wij een andere weg gevonden en zijn enkele geestelijke
verzorgers van gevangenen bereid om pakjes met levensmiddelen en rookartikelen
binnen de muren te krijgen. De 60 cent voor de 4 briefkaarten kunt U overmaken
ten name van Geopol, AMRO BANK, Baarn (Pg. van Bank: 456494) of door het
opsturen van 60 cent aan postzegels (in gesloten envelop). Meer briefkaarten
kunnen besteld worden bij Geopol, Waldeck Pyrmontlaan 3a, BAARN, tel.
02154/2852. Dezelfde gevangene schreef ons nog het volgende:
"De maatschappij is
er de schuld van dat er spanningen zijn in het Huis van Bewaring en in de
Gevangenis". Fons Jansen heeft een liedje gemaakt en dat was ongeveer
"Hij was geboren als cipier, tiere, tiere; lazerus,
Zijn sleutelbos was zijn ramelaar, tiere, tiere, lazerus,
Bij 40 jaren werken bij het gevang
Dronk hij zich zelf een delirium, tiere,. tiere, lazerus".
En zoiets draait op de radio in de gevangenis. Wat zie je nou hiervan als
gevolg? .... De jongens worden beïnvloed en gaan het liedje zingen (dat
is menselijk). Hierdoor wordt de bewaarder er aan herinnerd dat hij cipier is.
Hij krijgt telkens een hersenspoeling, omdat de jongens dat maar blijven zingen.
Nu komt de spanning en die gaat als volgt ... De cipier vraagt of de gevangene
op wil houden het liedje te zingen, hij vraagt het beleefd en wat zie je nou,
dat de maatschappij de spanning bewust of onbewust naar binnen heeft gebracht,
want de bewaarder is geprikkeld om steeds te moeten zeggen van hou nou eens op
met dat liedje te zingen Er zijn jongens, die het .nu juist leuk
vinden en zingen verder. De spanning wordt zo groot (wat menselijk is) dat de
bewaarder een rapportje schrijft. De gevangene moet bij de directeur komen en
krijgt een aanmaning. Het hek is helemaal van de dam, want bij terugkomst
in zijn cel zegt hij tegen de bewaarder: "Wat een misselijke gasten zijn
jullie". Daar begint het gedonder...." de bewaarder wil het uitleggen, maar
krijgt de kans niet om dat te doen, omdat de gevangene kwaad is. De gevangenen
en bewaarders zitten er maar mee en nou gebeurd er iets, zie GRONINGEN. De
gevangenen krijgen de schuld en vieren het bot op de bewaarders of op de cel.
Hier zie je aan dat niet alleen de bewaarders en de gevangenen de schuld hebben,
maar de spanningmaker Fons Jansen (waar de maatschappij zijn eigen de pleuris om
lacht en de bewaarders en de gevangenen in de zeik zijn gezet).
Ik hoop dat ik dit filosofisch een beetje goed heb weergegeven. Zo zijn er nog
meer voorbeelden van zaken, die de maatschappij op de gevangenen afreageert en
de gevangenen weer op de maatschappij.
WIE weet hier een oplossing op?? Niemand? Zint eer ge begint, want als de
gevangenen buiten komen dan wilt U ze toch ook niet hebben!! of wel bekijk
ook alles aan twee kanten, ook al is het moet. Waar er twee ruzie hebben,.hebben
de twee partijen schuld".
16 december 1971 Krijg van Jan Ebeltjes een lange brief die uit de gevangenis is gesmokkeld
16 december 1971 Brief aan Minister van Justitie van Agt
Hierin deel ik hem mee dat de
directeur van de gevangenis van Arnhem mij niet toestaat om de heer Ebeltjes
te bezoeken aangezien het contact tussen gedetineerden en ex-gedetineerden (zoals
ondergetekende)
niet mogelijk en dat het plan van het geven van kerstpakketjes niet op zijn medewerking
behoeft te rekenen Verder schrijf ik hem nog het volgende:
De geestelijke verzorgers van het humanistisch verbond, die in eerste instantie
hadden toegezegd om de pakketjes met levensmiddelen binnen de gevangenismuren te
brengen zijn bij nader inziens teruggekomen op hun toezeggingen, zodat ons plan
geheel in de lucht komt te hangen. De kerstkaartenactie verloopt echter zonder
moeilijkheden en reeds 3000 kaarten konden worden afgezet, zodat we op een
opbrengst van ongeveer f 300,- kunnen rekenen. We kregen daarbij vele
adhesie betuigingen van de meest uiteenlopende personen tw rechters,
predikanten, advocaten , huisvrouwen etc.* De Heer Ebeltjes zal op 23 december
1971 op vrije voeten worden gesteld. We zullen ons dan beraden op de te
nemen maatregelen om ons gestelde doel te bereiken. Wij zouden U ten zeerste
erkentelijk zijn indien U ons nog suggesties aan de hand zou kunnen doen over de
te voeren acties.
*) Vijf gulden is overgemaakt door de president van de Hoge Raad Mr G.E.
Langemeyer .Zelfs van de president van Rechtbank in Leeuwarden die Jan Ebeltjes
voor 4 maanden heeft veroordeel, hij stuurde f 1, 80 aan postzegels!.
De briefkaarten die we aan de directeuren van gevangenissen, hebben gestuurd weer
terug gekregen met de opmerking : geweigerd retour afzender!
23 december 1971. Jan Ebeltjes komt vrij uit de gevangenis van Arnhem.
Uit mijn dagboek: Om 5 uur wakker. Adrienne gepraat om ons geestelijk goed
in te stellen voor de komst van Jan. Naar Arnhem. Bij een café van
vrachtwagenrijders naar de Wilhelminstraat gevraagd. Uitgelegde gekregen door
een man die daar 6 jaar had gezeten. Bij gevangenis gekomen. Om 7.15 hoorde ik
een rauwe kreet en ja daar stond Janneman met een doos onder zijn arm. Geweldig
moment. Alles goed doorgesproken, heel anders contact .
24/25 December Kerstactie Zie artikel Arnhemse Cournat

Jan Ebeltjes tijdens het inkopen voor de Kerstpakketjes in de Albert Heyn winkel in Baarn
27 december 1971 Artikel Arnhemse courant
ARNHEM - Honderdvijftig kerstpakketjes zijn op eerste kerstdag over de muur
van de koepelgevangenis in Arnhem gegooid op het moment dat de gedetineerden
werden gelucht. De directie van de gevangenis stond niet toe dat de pakjes langs
de normale weg aan de gedetineerden werden uitgereikt. Het programma was al tot
Nieuwjaar gepland, de pakketjes vielen daar niet meer in te passen.
Maar weinig mensen hebben er erg in gehad wat er op eerste kerstdag bij de
koepelgevangenis aan de Wïlhelminastraat, in Arnhem aan de hand was.

24 december 1971. Onze auto met caravan wordt geparkeerd naast de Koepel gevangenis van Arnhem aan de Wilhelminastraat
De avond
tevoren verscheen er een auto met een kleine, onopvallende caravan, die
op de parkeerstrook kortbij de ingang van de gevangenis werd gezet. . Op
stencils stond waar het om ging. In de Arnhemse koepelgevangenis waren vier
tekeningen gemaakt door twee gedetineerden met doel om deze als briefkaarten te
verkopen en de opbrengst te bestemmen voor kerstpakketjes voor de gevangenen.
Ruim drieduizend kaarten werden verkocht. Deze
Netto opbrengst 439 gulden. Maar er waren grote moeilijkheden ontstaan om de van
dit geld gekochte levensmiddelen en rookartikelen binnen de gevangenismuren te
krijgen. En omdat een antwoord van de minister uitbleef, werd om een minuut over
twaalf 's-nachts bij het aanbreken van eerste kerstdag, een actie ingezet door
een tiental jongeren, onder wie een vrouw. Een van de tien, Jan Ebeltjes, drukt
op de bel van de koepelgevangenis en vroeg de portier of er misschien een brief.
van de minister was ontvangen. Daar was hem niets van bekend. "Maar gaat u maar
naar de directeur". Vanuit een auto, had intussen een kerstlied door de
nachtelijke stilte geklonken. Om één uur verscheen er een surveillanceauto van
de politie. Tekst en uitleg werd gegeven aan de beide agenten. Verder koest
houden was het parool. Om kwart over zes verscheen als eerste een bewaker bij de
gevangenis.

Jan Ebeletjes geeft de eerste bewaker die op eerste kerst ochtend bij de poort van de Koepel gevangeis komt een pamflet
Ebeltjes was er als de kippen bij en gaf hem een pamflet. Om kwart voor acht kwam de aalmoezenier. Ebeltjes: "Wat vindt u er van dat we van minister Van Agt geen pakketje mogen aanbieden. Vindt u dat menselijk of onmenselijk. ,,Daarop kon de aalmoezenier geen antwoord geven. "Wat denkt u er dan van als gevangenen geheel belangeloos, zonder bijbedoeling, iets willen geven?". Aalmoezenier: "Natuurlijk vind ik dat onmenselijk. ,,Maar er is een reglement. En het reglement staat niet toe dat er enig contact is tussen gedetineerden en ex-gedetineerden" Hij moest nu echter weg, want binnen zaten ze voor de dienst op hem te wachten. Tegen negenen arriveerde adjunct directeur J. Alewijn bij de gevangenispoort. Ebeltjes: "Wij hebben geen bericht gehad van minister Van Agt. We wilde u nu vragen of u soms wel bericht van hem hebt gehad op de een of andere manier, waarin zwart op wit staat dat wij de. pakketjes op een 'heel normale manier mogen afleveren". Waarop de heer Alewijn zei dat alles tot en met Nieuwjaar was geregeld en hij dus niet wist wat hij met de pakketjes moest doen. "Daar komt het op neer ". Ebeltjes:"Als U wel bericht had gehad van minister Van Agt en deze had gezegd: geef het maar, had u de pakketjes .dan wel of niet aangenomen. De heer Alewijn: "Daar valt lang en breed over te discussiëren".

Wat zullen we doen? Dan maar de pakketjes over de muur gooien is het enige wat er op zit
In de caravan werd weer beraadslaagd. Als enige oplossing werd gezien om de pakketjes over de gevangenismuur te gooien tijdens het luchten van de gedetineerden. Tegen half tien gingen de eerste pakketjes over de muur.

De kerstpakketjes worden over de gevangenismuur op de luchtplaats gegooid
Even na elven volgde de tweede dropping. In totaal ongeveer honderd vijftig pakketjes. Tegen de politie zeiden we nu gaan we naar het huis van minister van justitie Van Agt om hem te vertellen van onze slechte ervaringen, terwijl hij toch in eerste instantie het een goed plan had gevonden. De politieagent zei toen: Dan zal U worden gearresteerd. Mijn antwoord was : "Als dat even zou kunnen op eerste kerstdag". Zo gezegd zo gedaan gingen we naar zijn huis in Heilig Land. Daar aangekomen ( hij was allang geïnformeerd over onze komst) kwam van Agt al naar buiten en gaf mij een hand en begroette mij door te zeggen: "Zo meneer de Booij heb ik de eer een beroemd man te mogen ontmoeten" (zie foto). Deze ironie kon ik goed waarderen. Bij binnenkomst werden we toegelaten in zijn werkkamer. De familie moest het kerstfeest voortzetten zonder echtgenoot en vader. In het artikel van de Arnhemse courant staat te lezen wat er daarna gebeurde

We worden verwelkomt - op de eerste kerstdag - door de Minister van Justitie Mr van Agt voor zijn huis in Heilig Land
Ook in het Utrechtse Huis van Bewaring kreeg de groep op tweede Kerstdag te horen dat de kerstpakketjes niet in ontvangst konden worden genomen. Er werd na verloop van tijd weer aangebeld, waarop na het opengaan van de deur de pakketjes eenvoudig binnen werden gezet. De portier wierp ze prompt naar buiten, waar de pakketjes echter toch nog op het terrein van de gevangenis bleven liggen. Meer succes had men in het politiebureau in Baarn en het politiebureau op het Paardeveld in Utrecht, waar de pakketjes wel werden aangenomen. In Utrecht werd de lijst van arrestanten nagekeken. Zes namen kwamen er op voor. Alle zes kregen ze een pakketje. Enkele pakketjes werden er verder afgegeven bij de Emous commune in Haarzuilens.
27 december 1971 Artikel in de Arhemsche Courant. Exclusieve reportage
Minister Van Agt van justitie heeft op de middag van eerste kerstdag in
zijn woning aan de Andreasweg te Nijmegen nogal wat verwijten te horen gekregen.
Op de man af werd door dr. Tom de Booy gevraagd of hij bang was om impopulair te
zijn, onzorgvuldig was geweest en belangrijke taken van de een naar de ander zou
afschuiven. Dr. De Booy had -'s morgens met een aantal jongeren kerstpakketjes
over de muur van de:Arnhemse Koepelgevangenis geworpen en belde 's middags aan,
de woning van minister Van Agt aan. Samen met de ex-gedetineerden Jan Ebeltjes
en Erik van der Maal.
Met veel belangstelling luisterde de minister twee uur
lang in zijn werkkamer naar hetgeen De Booy. die in 1943 werd opgepakt als
politiek gevangene en vorig jaar vijftig dagen zat voor de Maagdenhuisaffaire in
het gesprek naar voren bracht. Een gesprek van mens tot mens. De vragen van de
drie gingen zo breed en diep dat er volgens minister Van Agt dagen over
zou moeten worden gepraat. "Op het moment kan ik niet anders doen dan een paar
kanttekeningen rnaken". Volledig erkende hij dat er in het gevangeniswezen nog
heel wat te verbeteren valt. ,,Dat is geen punt van twijfel, maar niet alleen
dit kabinet, maar alle kabinetten gedurende een reeks van jaren hebben het
systeem overeind gehouden zoals het is. Allemaal zijn we er schuldig aan zoals
de zaken er vandaag voorstaan .Eerste vraag die zich laat stellen is of er
bij onze wetgeving wel steeds de juiste keuze gemaakt is bij het strafbaar
stellen' van gedragingen. Het gevangenis moet werken binnen met kader dat er is.

Het twee uur durende gesprek dat Jan Ebeltjes, Tom de Booij en Erik van der Maal (vlnr op onderste foto) in de werkkamer van minister van Agt mochten hebben, vergezeld door een journalist (bovenste foto tweede van links) en een fotograaf van de Arnhemse courant.
