Dagboeken 1994-1995
Dagboek 1994
Grepen uit het dagboek, alsmede correspondentie, documenten en
vele foto's
Aan het eind aparte hoofdstukken:
1. Begeleidingsactiviteiten van Louis Wallenburg door Dr Tom de Booij.
2. Faillissement Bond van Wetsovertreders
Zaterdag 1 januari Brief aan Lawrence Thornton, secretaris van de PGA van Europa.
First of all 1 want to wish you and your staff all the best for this new year
1994. Next I want to thank you for your really very encouraging letter. It gives
me great mental support in my sometimes lonely struggle.I will send you my third publication on the development of golf in the
Netherlands. It is an introduction for the meeting on January 31st,we organized
to discuss the problems in the exploitation of golfcourses. As you will see we
invited quite a number of people. The purpose is to unite forces between these
managers. There are 200 locations where you can play golf, already 65 locations
are not anymore operating under the umbrella of the Netherlands Golf Federation. Most of the people we invited were very enthousiastic about our initiative.
The persons are invited under personal title, so they can speak more openly.
The 28th of february we have our first meeting of the Caddiemasters
Association. About 50 caddiemasters were invited. The NGF does not like the
idea that the caddiemasters form a sort of union!
After this last meeting, I will concentrate more on the problems outside the
Netherlands. As l already announced in my last letter , that my first step will
be a visit to you. I will ask you what will be the best program for me. Where to start, which persons I have to see and
what type of problems etc. My main purpose will be to be as much informed about
the status 1994 of Golf in other European countries.This information will be absolutely necessary in order to get better
organised in the Netherlands. The money to pay all these expences is available.
with my golf clinicis I earned in 1993 38.000 guilders, and in 1994 it will be
about the same. Al this money goes to the Foundation. WeIl this is all for the moment . Thanks again for your support and we will
meet soon! sincerely yours, Tom de Booij
Zaterdag 8 januari Artikel in de Amersfoortse Courant: 'De schrik van het
gebefte gajes' door Henk Visser
Een dwarse jongen. Dat etiket heeft de Baarnse patriciër Tom de Booij altijd
gesierd. Hij was de schrik van 'het gebefte gajes', een actievoerder pur sang.
Als hij de leden van de gevestigde orde hard tegen de schenen kon schoppen dan
laat hij het niet. Diezelfde De Booij is in zijn derde jeugd verslingerd geraakt
aan de golfsport en doet er nu alles aan om het laatste bastion van de elite
voor het 'gewone volk' open te gooien. Hij reist naar bejaarden, werklozen en
gedetineerden en brengt op hen zijn enthousiasme voor het edele spel over."Ik blijf vechten voor de democratisering van de golfsport" , zegt De Booij
strijdlustig. Na een moment stilte voegt hij daaraan toe: "Tot het bittere
eind." Wat dat betekent vertelt zijn levensverhaal, waarin de een bonte actie
op de andere volgde.

Dr Tom de Booij blijft actievoeren tot het bittere eind. Nu wil hij
de golfsport democratiseren
Doctor Tom de Booij loopt al tegen de zeventig, maar
is nog even strijdbaar als in zijn jonge jaren. Toen maakte hij er bijna een
beroep van maakte om op vaak ludieke, maar soms ook agressieve wijze te ageren
tegen de autoriteiten. Hij was het eerste lid van het wetenschappelijk corps dat tijdens de Maagdenhuis-bezetting van
'68 (moet zijn '69) de kant van de
revolterende studenten koos. In de jaren daarvoor kwam hij in het geweer tegen de klasse- justitie in de
geruchtmakende Baarnse moordzaak. Hij was in het jargon dat hij
bezigde de schrik van het 'gebefte gajes', de rechterlijke macht dus.
Langdurig voerde hij actie tegen de toenmalige eerste burger van Baarn, mr Jan
van Haeringen. Daartoe richtte hij de WOB op, de 'Werkgroep Opblazen
Burgemeester' en samen met Neerlands meest bekende actievoerder uit de jaren zeventig, de Limburger .Dirk de Vroome, probeerde hij via het 'Verbond tegen Ambtelijke Willekeur' in de
Tweede Kamer te komen. Op dit moment, in de herfst van zijn leven, is hij druk
in de weerom de golfsport in Nederland te democratiseren. De naam van deze actievoerder pur sang: Tom de Booij die
al vele jaren een charmant villaatje bewoont aan een van die fraaie lanen waar
Baarn mee is gezegend.
Wilde acties
Maar het is er niet altijd even rustig geweest daar aan die lommerrijke
Koningsweg. Er was een periode waarin er regelmatig stenen door de ruiten
werden gegooid. Dat was voor De Booij aanleiding om zich met z'n gezin in een
caravan in de tuin te verschansen. Vanuit de caravan hield hij de wijde omgeving
met een oud jachtgeweer onder schot. Grote borden in de tuin maakten melding van
het feit dat 'hier met scherp zou worden geschoten'. Z'n caravan-actie leverde
een verhaal plus foto op de voorpagina van 'het meest gelezen ochtendblad' op. Dat was in de jaren zeventig, toen in Nederland via het kabinet Den
Uyl de verbeelding aan
de macht was. De Booij was in die dagen in een felle strijd gewikkeld met
Baarns burgemeester. Deze had volgens De Booij ten onrechte een ingezetene van Baarn, de student Erik van der Maal, gedurende zes weken in de
psychiatrische inrichting 'Zon en Schild' laten opnemen. De student was in de
isoleercel beland en dat was voor Tom de Booij aanleiding om voluit actie te voeren tegen de 'wantoestanden in de psychiatrie' .
Omdat hij zich schuldig had gemaakt aan het gappen van een dossier van de
gemeentelijke sociale dienst - in dat dossier werd een boekje open gedaan over
Van der Maal - werd De Booij op de bon geslingerd. Na lang en hevig aandringen van zijn kant volgde in hoger beroep een gevangenisstraf. Tijdens het
uitzitten van die (korte) straf zag De Booij kans om in het
Utrechtse Huis van Bewaring onder de gedetineerden een werkstaking te organiseren.
(Let wel dit was tijdens mijn eerste verblijf in het huis van Bewaring in
Utrecht voor mijn aandeel Maagdenhuis bezetting). Het verblijf in het Huis van Bewaring betekende voor Tom de Booij overigens niet een
eerste kennismaking met het vaderlandse penitentiaire systeem. Hij was al eerder veroordeeld: bij de
Maagdenhuis-bezetting had hij zich doordat hij zijn eigen kamer bezet had,
schuldig gemaakt aan huisvredebreuk (moet zijn lokaalvredebreuk). In tegenstelling tot de rebellerende studenten werd hij aanvankelijk niet
vervolgd. Ook dat vond hij een uiting van klassenjustitie. Na herhaald aandringen werd hij veroordeeld. Hij kon
kiezen uit het betalen van een boete en enkele dagen gevangenisstraf. Uiteraard
koos de militante wetenschapper voor de vrijheidsstraf.
Kaste-trauma.
De Booij is zoals hij het zelf omschrijft afkomstig uit het
patriciaat. In zijn familie kwamen en komen buitengewoon respectabele
lieden voor: een van zijn ooms bijvoorbeeld was admiraal en gezagvoerder over
Hare Majesteits 'Karel Doorman', het vliegkampschip dat eens de trots van onze vloot was. 'Onze familie is verwant aan de Van Lenneps en de Boissevains, de oudste adel
(geen adel maar patriciaat) van Nederland en aangetrouwd aan de Van
Limburg Stirums en de Van Riemsdijks (Philips). Daar heb ik een trauma van overgehouden waar ik nooit meer vanaf kom. Wat ik ook onderneem, ik blijf
onderdeel van die kaste'.-
De Booij's carrière verliep aanvankelijk volgens het
traditionele model. Hij studeerde geologie, promoveerde en kreeg een
ordentelijke baan aan de Universiteit van Amsterdam. In z'n vrije tijd
ontwikkelde hij zich tot een opmerkelijk alpinist. Hij leidde twee succesvolle Nederlandse expedities naar de
Andes, waar toppen werden beklommen die tot dan toe nog nimmer door de mens waren bereikt. Een
uiterst ambitieuze Himalaya-expeditie mislukte doordat De Booij halverwege deze exercitie
door ziekte werd geveld. Volgens een enkeling uit z'n directe omgeving
ligt in die mislukte expeditie de oorzaak van z'n latere langdurige strijd tegen de gevestigde orde.(Let
wel de expeditie lukte wel en de 7000 meter Nilgiri werd door 3 Nederlandse
alpinisten beklommen).
De man die zich later ontpopte als een geharnast elitair activist ontving voor het leiden van de expedities overigens een koninklijke
onderscheiding.
Na een bezoek aan de Universiteit van Berkeley, (waar het
verzet tegen de Vietnam-politiek van de Amerikaanse regering vorm kreeg), ging De
Booij zich wat balsturiger gedragen. Terug in Nederland vond hij dat hij z'n
studenten voortaan college moest geven in de zogenaamde geopolitiek. Die
geopolitiek maakte vooral duidelijk dat het bijvoorbeeld met de verdeling van
de grondstoffen op dit ondermaanse maar slecht is gesteld. De Booij wierp zich
in z'n colleges op als pleitbezorger voor Derde Wereldlanden. Deze nieuwe
invulling van het vak leidde uiteraard tot een conflict met de leiding van de
faculteit. Het conflict bleek onoplosbaar en De Booij moest de Universiteit
vaarwel zeggen. Hij werd eervol ontslagen. De vrij riante wachtgeldregeling die
hij kreeg, gaf hem alle ruimte om zich volledig te storten op het actievoeren. Zowel op regionaal als landelijk niveau trok hij ten strijde.
Een van degenen op wie hij zijn pijlen richtte, was president-directeur De Vries
van Bredero's Bouwbedrijf, dat in Utrecht het winkel- en kantorencomplex Hoog
Catharijne uit de grond stampte . De Booy verbaal niet de minste, liet via pamfletten en muurkranten weten
dat Jan van Brederode in zijn ' betonnen veste' diende te worden aangepakt.
Volgens een van de pakkende muurkrantteksten moest 'Jan de Vries worden
volgestort met beton en flink worden aangestampt zodat hij als fundament zou
kunnen dienen voor de derde fase van Hoog Catharijne'.
Schedels inslaan
In de actiekrant die deel uitmaakte van de campagne om
burgemeester Van Haeringen weg te krijgen, droeg Tom de Booij eigenhandig zorg
voor de wekelijkse spreuk van de week. Daaruit een kleine bloemlezing : 'Ook
ik ben ontroerd door de Appassionata, maar het is niet de tijd om daardoor
ontroerd te worden. Het is nu tijd om schedels in te slaan' (Lenin). 'Iedere
boom die geene goede vrucht voortbrengt, wordt uitgehouwen en in het vuur
geworpen' ( Mattheus 7.:19 ). En 'De Brink in Baarn waar Kerk, Staat en Bedrijf elkaar ontmoeten'.
Behalve tegen Baarns eerste burger ageerden De Booij en de
leden van de WOB ook tegen het jaarlijkse etentje van het edelachtbare
college, gemeenteraad en (top)ambtenaren na afloop van de begrotings behandeling. De 'Werkgroep Opblazen Burgemeester' vond dat het geen
pas gaf om zich op kosten van de gemeenschap te goed te doen aan spijs en
drank. In de actiekrant van 15 december '73 kondigde heer De Booij aan dat hij
zich namens de gemeenschap naar het etablissement Groot Kievitsdal te
Hilversum zou begeven om daar nauwkeurig vast te leggen wat en hoeveel er door
de geachte dames en heren zou worden geconsumeerd. De 'Operatie Kievitsdal' werd niet bepaald een doorslaand
succes. De WOB-leden kregen geen kans de uitspanning te betreden, een
politiekordon verhinderde dat. Dat was voor De Booij en zijn companen aanleiding
om het gezelschap via de megafoon duidelijk te maken dat hier (wederom) sprake
was van wanbeleid van de gemeente. De Wobbers maakten van de gelegenheid tevens
gebruik te ageren tegen andere misstanden zoals het ontbreken van een
(wekelijks) spreekuur van burgemeester en wethouders. De werkgroep was het ook
niet eens met het geheime telefoonnummer van de burgemeester en de directeur van
Sociale Zaken. Zij hekelden voorts het ontbreken van een spreekuur van de
raadsleden. Andere grieven van de WOB : 'het gebrek aan openheid in het politie beleid en het verzwijgen van zedendelicten'.
Gezocht: mr. Overbeek
Een ander doelwit van de acties van de WOB was de toenmalige
Utrechtse hoofdofficier van justitie:
Willem H: Overbeek. Deze zou zich onder andere in de roemruchte Baarnse
moordzaak hebben schuldig gemaakt aan klasse-justitie. De WOB verspreidde op
grote schaal pamfletten onder de kop 'Gezocht Willem Overbeek' . Het pamflet,
voorzien van een foto van de officier van justitie, maakte melding van zijn
'misdaden'. Als verzachtende omstandigheid werd vermeld dat de gezochte 'niet al
te snugger' zou zijn. Bij
het benaderen van de man zou grote voorzichtigheid geboden
zijn. Dr Tom de Booij beperkte zijn acties niet tot 't Gooi en Sticht. Samen met Dirk de Vroome, alias de Rooie Reus werd hij ook landelijk actief. Met het
oog op de Tweede Kamerverkiezingen van mei '77 richtten zij de VAW op, het
Verbond tegen Ambtelijke Willekeur. In een interview met de 'Haagsche Courant ' liet de onvermoeibare
activist, die inmiddels (voor een korte spanne tijds) naar Soest was verhuisd,
weten dat' ambtelijke willekeur een verlammende invloed had op parlement
en democratie'. En passant deelde hij de verslaggever ook mee dat Prins Bernhard in de Lockheed-affaire niet fout was geweest, maar de gemeenschap, die ambtelijke
willekeur had laten gedijen.
De kandidatenlijst van de nieuwe partij werd op 20 maart opgesteld, en
wel op een bijzonder originele manier. In een zaaltje van café 'Soestdijk' werd via het
Rad van Fortuin bepaald hoe de groslijst eruit zou gaan zien. Het rad wees een
18- jarige serveerster uit Leiden tot lijsttrekker aan. Tom de Booij, die had aangekondigd
dat de nieuwe partij 'binnen het parlement op buiten-parlementaire wijze actie
zou gaan voeren' moest genoegen nemen met een plaatsje in de achterhoede. Maar ook het lijsttrekkerschap
zou hem geen Tweede Kamerzetel
hebben gebracht: de VAW slaagde er niet in de kiesdeler te halen.
'Gewone mensen'
In de jaren die volgden, maakte hij tijdens een vakantie in Portugal kennis
met de golfsport. Dat gebeurde op aandrang van z'n echtgenote die hoopte de
ongeremde onstuimigheid van haar man in meer geëigende banen te leiden. Haar
opzet slaagde Tom de Booij raakte volledig verslingerd aan golf. Hij meldde
zich als lid bij de Veluwse Golfclub in Hoog Soeren. 'Omdat ik zelf deel
uitmaakte van de elite, leverde dat geen enkel probleem op'. Maar toen het bestuur na een paar maanden
besefte een geharnast actievoerder in huis te hebben gehaald, kreeg hij het
vriendelijke doch dringende verzoek om maar te bedanken. De Booij legde zich - geheel in tegenstelling tot zijn
vroegere habitus - daar soepel bij neer, maar ging niet lang daarna in de
tegenaanval. Hij volgde met succes de opleiding voor golfprofessional en richtte
vervolgens een golfclub op voor 'gewone mensen'.Als men lid van een golfclub wil worden, betaalt men minimaal F 5000.- voor een aandeel en daarnaast nog eens een
jaarlijkse contributie van minstens F 1000,-. Het lidmaatschap van de club van Tom:de Booij kostte niet meer dan F 15,-. In no-time had hij een paar honderd
leden rond zich verzameld. Zij kregen les op een recreatieterrein in de onmiddellijke omgeving van
kasteel Drakesteyn in Lage Vuursche. Uit dit
opmerkelijke initiatief werden twee echte golfclubs geboren: Be Fair en 't
Jagerspaadje, beide in Hilversum gesitueerd .Tom de Booij behaalde in de jaren die volgden ook de fel
begeerde B licentie professional. Met dat diploma op zak werd hij in '88 tot head-pro van de Nunspeetse Golf. en Country-,
club aangesteld. Het dienstverband duurde maar negen maanden. Terugblikkend
constateert Tom de Booij nu: "Ik was totaal niet geschikt voor die functie, ik moet zelf
bezig zijn, clinics
geven, maar men moet mij niet met verantwoordelijkheid opzadelen. Bovendien ben
ik een onmogelijk persoon om mee samen te werken . Deze plotselinge uiting
van zelf - kastijding is nog niet ten einde:"Ik verbaas me ook niet over het
feit dat ik altijd zoveel weerstanden heb opgeroepen." .
Op dit moment doet Tom de Booij krachtige pogingen om de golfsport in
Nederland een bredere basis te geven. Hij wil niet alleen de leerlingen van de
basisschool kennis met golf laten maken, maar ook bejaarden, werklozen en
gedetineerden. In dit sombere jaargetijde reist hij van het ene
verzorgingstehuis naar het andere, gewapend met een paar golfclubs en
golfballetjes. Zijn pogingen om bejaarden - al dan niet in een rolstoel - te
interesseren voor een soort minigolf blijven niet zonder resultaat. Daarnaast
voert hij fel actie tegen de gevestigde orde in de golfsport. Daartoe heeft hij
onder andere de 'Stichting Democratisering Golfsport' opgericht. De Booij
voorziet een 'langdurige en moeilijke strijd, waarin hij het polarisatie-model
niet ongebruikt kan laten'. Tenslotte laat de gedreven activist uit Baarn weten
dat hij 'met de strijd door zal gaan tot het bittere eind' .

Vakantie in Opio. Links de 39ste verjaardag van Jan Maarten. Links: Op Valbonne golfclub 1e tee , Marlof, Adrienne, Tineke en Tom
Dinsdag 24 januari Brief van de voorzitter van de NGF Rolf Olland
Beste Tom, Jouw invitatie van de bijeenkomst op 31 januari aanstaande - waarvoor dank - is
in goede orde ontvangen.
Met betrekking tot de (doel)stellingen van de Stichting DGS moet ik wel
stellen, dat jij en ik op vele fronten van inzicht en mening verschillen. Wat
dat betreft zou ik een (openbare) discussie best met je willen aangaan. Echter, ik ben 31 januari verhinderd. Met vriendelijke groeten, Rolf Olland
Dagboek Dinsdag 25 januari
Heerlijk uitgerust van vakantie Opio . Heerlijk met Adrienne, zeer harmonisch.
Niet over mijn revolutie gepraat. Bij terugkeer geen schokkende post. Positieve reacties over de meeting van 31 januari in
Vianen. Het is nu van belang om iets
op schrift te gaan stellen vooral alles wat er gebeurt voordat de mens op de wereld
komt. Onbegrijpelijk weinig reactie van Prof Brunia gehad, gewoon afwachten. Door mijn geschriften moet alles naar buiten
komen, anders geen bekendheid over mijn ideeën. Vooral over de verschillende delen in de
hersenen: Links/Rechts, Voor/Achter, hoe dit alles is geëvolueerd sinds
miljoenen jaren.
Woensdag 26 januari 8.00 uur gestart met breder onderzoek
man-vrouw. Gisteren veel gebeld Ze ruiken gewoon dat je thuis bent. Gisteren toch
weer wat cognac. Nu weer regiem wijn en brood!
Woensdag 26 januari Brief van mevrouw Th Galan
Naar aanleiding van een stukje dat in onze krant stond wilde ik u even schrijven. Ik wilde u namelijk zeggen hoe fantastisch ik het vind dat u voor de gewone mensen het golfen ook bereikbaar
maakt. Doordat mijn man en ik in 1988 bij mijn zus in Amerika geweest zijn drie
maanden kwam mijn man met de golfsport in aanraking en had daar zo'n plezier
in wij kregen de kans om daar naar toe te gaan via een spaarplan van de
grafische bond dus we hebben echt genoten Toen we terug kwamen en lazen dat hier in Westwoud
een golfclub kwam heb ik geïnformeerd of mijn man daar lid van kon worden maar
wat bleek je moest een certificaat van drie duizend gulden eerst kopen en dan nog een schrikbarend
hoog bedrag voor de contributie en dus ging dat niet door en sinds die tijd
volgen wij altijd het golfen op de tv en genieten dan van een Nick Faldo en
anderen golfers. Maar nu las ik dat u zelfs voor mensen in een rolstoel ook
minigolf mogelijk maakte. Ik zit zelf al meer dan elf jaar in een rolstoel dus dat vond ik helemaal prachtig ik heb nooit geweten dat wij dat ook zouden kunnen
doen. Misschien komt er nog eens een baan hier in de buurt van Hoorn zo een als
u voor ogen staat en dat zou ik erg leuk vinden. Maar al zou dat niet zo zijn
vind ik het al zo ontzettend goed dat er nu iemand is die probeerde die leuke
golfsport uit de dure hoek te halen Daarvoor mijn welgemeende dank al hebben wij er dan niets aan u heeft honderden mensen dan toch gelukkig gemaakt en
misschien is dit wel het begin voor meer mensen om zoiets te gaan doen Ik
bewonder u erg om dat idee. Naar Amerika gaan is iets dat je niet veel kan doen
dus heeft mijn man nooit meer kunnen golfen iets wat hij zo leuk vond en er zo
van genoten had. Hopende dat u in de toekomst nog veel meer mensen er warm voor
krijgt besluit ik deze brief met nogmaals mijn dank voor al die mensen die u wel dat plezier hebt gegeven en ik bewonder u
zeer. Misschien is dit schrijven een beetje raar maar het komt recht uit mijn
hart Vriendelijke groeten. Mevr Thoe Galan
Woensdag 26 januari Brief van de voorzitter van de N.P.G.A.
Zeer Geachte Heer De Booy, Hierbij doen wij U, ietwat verlaat, de antwoorden van
uw vragenlijst dd. 17
november 1993 toekomen.
*1. Neen, nog geen standpunt.
*2. Wij kunnen U geen inlichtingen verstrekken over gesprekken die nog
steeds plaatsvinden.
*3. Geen standpunt.
*4. Ieder lid van de N.P.G.A. kan als individueel lid worden van de NFWS. Wij
wachten nog op Uw informatie, zodat wij deze In Pro-Visie kunnen plaatsen.
*5. De verantwoording ligt bij beide organisaties.
*6. In overleg met de NGP zal binnen afzienbare tijd hiervoor een
adequate oplossing voor gevonden worden.
*7. Deze affaire is inmiddels met die persoon naar grote tevredenheid
afgehandeld.
Wij spreken voorts de hoop uit, dat uit Uw onderzoeken de voordelen voor de
Professionals en het Nederlandse Golf zullen komen, die wij allen nastreven.
Hopende dat bovenstaande antwoorden, die reeds in de laatste
ledenvergadering ter sprake zijn gekomen, U voldoende te hebben ingelicht,
verblijven wij met vriendelijke groeten. Hoogachtend Harm T. Herrema Voorzitter
N.P.G.A. (getekend i/o/H.A. Stevens)
Dagboek Donderdag 27 januari Gebeld over uitzending Vara voor Zaterdag over bejaarden golf. Lezing Rotary Voorschoten, Evolutie van het "bewuste zijn".Driedeling gemaakt I. Ontwikkeling Homo Sapiens II Genetische code III Ontwikkeling van embryo
Maandag 31 januari Bijeenkomst Vianen, presentatie van de Nota : "ZO IS TOCH DE REALITEIT "
III
De bedoeling van de discussie is om de verschillende problemen, die zich
voordoen bij de exploitatie van golfaccommodaties te inventariseren. Van groot belang is daarbij na te gaan wat de plaats is van de exploitant
in het sportgebeuren. Om de gedachten te bepalen hebben we een driehoek
ontworpen, die aangeeft hoe de exploitant zich verhoudt tov het vrijwilligers
en beroeps-kader. Bij een goede interactie van deze drie steunpunten wordt de sporter gediend. uiteraard kent elk hoekpunt zijn eigen belangen, die
soms tegenstrijdig kunnen zijn met de belangen van de andere hoekpunten. Maar
samenwerking is alleen dan mogelijk als daarbij het gezamenlijk belang goed
voor ogen wordt gehouden, namelijk het goed laten functioneren van de sporter. Om een eerste aanzet te geven voor de komende
gedachtewisseling brengen we
de volgende drie stellingen, met nadere toelichting, naar voren.
STELLING 1 : sport is een maatschappelijk verschijnsel
Om te weten of sport een maatschappelijk verschijnsel is moeten we ons eerst
afvragen wat we onder sport verstaan. In de Winkler Prins lezen we dat het
oud-franse werkwoord "se desporter" betekent zich verpozen, alsmede de volgende
definitie van sport:
Sport is een verbijzondering van spel (met name van het bewegingsspel),
waarbij de bewustheid in de spelbenadering een zodanige nadruk legt op de
afspraken omtrent de inzet van het spel( het winnen van het speldoel) en de weg
om dit doel te bereiken(spelregels) dat deze factoren in een spanningverhouding
komen te staan tot de aanvankelijke vitale bewegings- en speeldrang.
Het verschijnsel sport is momenteel in alle voegen van onze samenleving
waar te nemen. Denk alleen maar aan het heilig uur van studio Sport op Zondagavond, of de ruimte die het bedrukte papier van de maandagochtend
krant inneemt. Dan alle evenementen waar de gladiatoren zich meten: de
Olympische spelen, wereldkampioenschappen etc etc. Onder sport rekenen we ook een flinke wandeling in het
bos.( Van een rondje golf zegt men wel eens dat het een mislukte boswandeling
is).
Wat vinden we hier van terug in de Vaderlandse Politiek of van de plaats
die Sport inneemt in het Ambtelijke apparaat. Onze minister van wvc zegt hier over: Sport werkt als bindmiddel
in onze multiculturele samenleving. De voorzitter van het NOC*NSF ir F.W. Huibregtsen geeft aan, dat sport nog
alles behalve als een maatschappelijk verschijnsel wordt gezien.
De beleidspartners van de sport op nationaal niveau: de overheid, het
bedrijfsleven en de media zijn wel doordrongen van het besef dat sport
belangrijk is maar de omzetting in concreet handelen is nog niet voldoende. De
Heer Huibregtsen was zeer teleurgesteld over de plaats, die de sport inneemt in
de verkiezingsprogramma's. Alhoewel er wat bijstellingen zijn gemaakt, zijn we er
nog lang niet. Het rapport "Sport verdient sportmanagement" geeft een zeer goede
samenvatting van de huidige problematiek in de sportwereld. ( van Bergen et.al.).
Alhoewel dit rapport al ruim twee en half jaar geleden is geschreven verdient
dit rapport al onzer aandacht. Het wiel hoeft niet voor een tweede keer te
worden uitgevonden. De schrijvers van het rapport kiezen evenals wij het driehoeksdiagram om hun
betoog te illustreren.
De sport maakt een ingrijpend veranderingsproces door. Twee stromingen
vormen het spanningsveld, de ene kant streeft naar verzakelijking, sponsering,
beter management en de andere kant ziet de oplossing meer in interne
democratisering en het in stand houden van de eigen identiteit van de sportorganisatie . Dit is een gezond
spanningsveld, waar geen van beidé kanten de overhand moet krijgen. Door een
goede interactie kan iets goeds tot stand gebracht worden. voorop moet staan
zoals uit ons driehoek blijkt: de SPORTER. Dit moet het bindend cement zijn
waarop de belangengroeperingen elkaar moeten leren vinden.
Het grote gevaar van de tegenwoordige ontwikkeling is dat men de kans loopt
het kind met het waswater weg te gooien. Het verenigingsleven verliest zijn
monopolie positie , doordat de commercie zijn intrede heeft gedaan. Hoe kunnen
we enerzijds de basis van het sportgebeuren: het verenigingsleven, behouden
en anderzijds toch de exploitant aan zijn trekken laten komen. De kern van de sportvereniging is en zal hopelijk blijven : de vrijwilliger. In het NRC van 16 oct. 1993 staat een uitspraak van het Tweede Kamerlid L.P. Middel;" En toch
sodemietert zonder het vrijwilligerswerk
de hele maatschappij in elkaar. Het is de smeerolie van de Nederlandse samenleving". wil echter de vrijwilliger voor onze sportwereld
behouden blijven moeten de volgende aspecten, volgens het Rapport meer
aandacht krijgen:
a. management-aspecten van het besturen van de sportvereniging, b. interne marketing; c. voorlichting; d. selectie; e. belonings cq vergoedingsysteem; f. deskundigheidsbevordering.
Van de vrijwillige bestuurder mogen management kwaliteiten worden gevraagd.
Zij besluiten hun rapport met de stelling: Visie, beleid en management in
de de sport vragen om sportmanagement.
Stelling 2: Ideëel is commercieel.
In de vorige stelling hebben we meer het accent gelegd op het gevaar dat de
vrijwilliger zijn waardevolle inbreng dreigt te verliezen en dreigt
ondergesneeuwd te worden door het oprukken van de commercialisering. Maar voor
de commercie dreigen ook gevaren. Het best kunnen we deze illustreren met
voorbeelden uit het recente verleden in de golfsport. Zelfs een land waar de
golf een cultuursegment is van deze samenleving zien we wat er gebeurt als de
zakenman zich op de golfsport stort. zonder na te gaan wat de ideële kant is
van deze sport. Het loopt dan slecht af. Ondanks het feit dat er in Engeland
een behoefte is aan 700 banen, zijn er golfbanen voor een appel en een ei te
koop. Wat is de oorzaak van dit alles. In het jaarboek 1992 van de British PGA
staat een artikel getiteld "Leisure development" Het ondersteunt onze
stelling: ideëel is commercieel.
In Nederland hebben we recentelijk gezien dat bepaalde
golfbanen niet rendabel bleken. Deze golfbanen waren niet ingesteld op de
gewone greenfee speler maar meer op de zakenman, die behalve golf ook zijn zaken
kan doen. Dit bleek een verkeerde inschatting. Er werd teveel accent gelegd op
de inrichting van logeerfaciliteiten .In een commentaar in het Maandblad Golf
van maart/april 1990 lezen we:"
het grote verschil tussen het lidmaatschap
van een commerciële baan en dat van de bestaande oude clubs is niet zozeer
gelegen in de financiële hoek, maar in de gevoelswaarde".
Het exploiteren van een golfbaan vereist deskundigheid en een gedegen kennis
van de golfsport met al zijn facetten. Daartegenover staat ook dat bepaalde
commerciële golfaccommodaties juist zeer succesvol zijn gebleken. Door het
gebrek aan ruimte in de Randstad is het van belang om uit te zien naar andere
mogelijkheden om de golfsport te beoefenen. Het Golf Centrum Rotterdam is
daarvan een lichtend voorbeeld. Ook de golfschool van André Jeurissen is een
ander goed voorbeeld hoe een exploitant een 18 holes baan rendabel kan maken.
Wat te denken van de formule Spaarnwoude, met de golfschool van Ad Wessels Zo
zijn er meer voorbeelden te noemen (golfbaan Haarlemmermeer, Crayestein etc),
maar hetgeen wat daarbij opvalt is dat de initiatiefnemers van deze "successtories",
juist die mensen zijn, die van huis uit al veel kennis en ervaring hadden met
de behoeften en eigenaardigheden van de golfer. Een veel gehoorde klacht is dat er te weinig golfaccommodaties in Nederland
zijn en dat daardoor het golf niet beoefend kan worden door een groter
publiek. Iemand die in de Angel-Saksische landen zijn ogen goed de kost heeft
gegeven komt tot een heel andere conclusie. Men ziet daar dat er verschillende
soorten golfbanen zijn, van kleine pitch en putt banen tot 'championship'
banen en alles wat er tussen ligt. Alleen als men dit assortiment kan bieden, kan golf pas een
volkssport worden. Akkervelden, die nu alleen maar een probleem vormen om
rendabel te maken (landbouwpolitiek etc.) kan men omtoveren tot golfbanen.
Verder is in de tachtiger jaren een tendens geweest om alles te groots op te zetten. Een
golfarchitect die vanuit Engeland hier op bezoek was bij een golfclub verzuchtte: " Ik mis een golfclub met een blokhut."
Er zijn gelukkig in de laatste tien jaren vele mogelijkheden gekomen om op sportvelden de golfsport te beoefenen.
Nieuwe initiatieven worden momenteel ontwikkeld om op locaties aan de rand van
steden kleine golfbaantjes aan te leggen (City Golf,Short Golf). Nieuwe
mogelijkheden om het golf dichter bij de mensen te brengen, vooral om het
betaalbaar te maken. Ook is van belang dat door de beter bereikbaarheid van
deze locaties de jeugd door de golfsport wordt aangetrokken. Want uit dat
potentieel moet uiteindelijk de topgolfer te voorschijn komen. Dan is er het goede initiatief geweest om in 1990 de Nederlandse Vereniging
van Exploitanten van Golfaccommodaties (NVG) met een openbaar karakter op te
richten. Deze vereniging is er in geslaagd om een aantal wedstrijden te
organiseren voor golfers in Nederland die geen wedstrijden in clubverband
kunnen spelen. In 1992 en 1993 werden maar liefst in totaal honderd twintig
wedstrijden georganiseerd op volwaardige 18 holes banen, met over beide jaren
gerekend 4000 deelnemers! Helaas kunnen we betreffende deze activiteiten van
de NVG slechts twee spaarzame berichtjes in het blad Golfnieuws (april 1992
en maart/april 1993) terugvinden. Er zijn helaas nog een aantal exploitanten
van commerciële banen in Nederland die nog nooit hebben gehoord van de NVG!
We hebben een lijst gemaakt van locaties waar men in Nederland kan golfen
al of niet in clubverband. 131 locaties in clubverband, 34 locaties
aangesloten bij de NVG en 31 locaties op zich zelf staande commerciële
accommodaties. Opvallend is dat in het noordoosten van Nederland de
provincies, Friesland, Groningen, Drente,Overijssel in totaal slechts 9
openbare golflocaties zijn, totaal met een inwonerstal van ruim 2.6 miljoen.
In de V.S. is 1 openbare baan op 42.000 inwoners. In de vier noordoostelijke provincies zou dat neer komen
op 61 openbare banen!
Misschien kunnen nieuwe initiatieven worden ontwikkeld om enerzijds de
exploitant van de golfaccommodaties meer armslag te geven, terwijl anderzijds
het kostbare bezit van de inzet van de vrijwilliger niet wordt weggeveegd en
de plaats krijgt die zij verdient.
Samenvattend kunnen we stellen dat er goede zaken zijn te doen in de
exploitatie van golffaciliteiten, onder uitdrukkelijke voorwaarde dat men een
goed marktonderzoek moet doen, gepaard met kennis van zaken omtrent de
wonderlijke wereld van de Golfsport en haar beoefenaar.
Stelling 3: De Golfsport is een SPEL voor iedereen
De Golfsport zou een spel moeten zijn voor iedereen. Dat we daar nog ver
van verwijderd zijn is duidelijk. Het is in dit verband eens interessant om na
te gaan hoe andere sporten in de loop der tijd wel toegankelijk zijn geworden
voor iedereen. De eerste regels, die o.a. bij de opkomst van het voetbalspel in het midden
van de vorige eeuw werden vastgelegd hadden nog geen betrekking op de wijze
waarop het voetbalspel moest worden gespeeld, noch op de wijze waarop de
spelers zich tegenover elkaar hadden te gedragen. Integendeel de regels
beoogden 'de ordinaire massa' uit de buurt te houden van het exclusieve
vermaak, dat toen slechts was weggelegd voor adel en studenten en dat door hen
'sport' werd genoemd .Beiden beschikten immers over geld en lof vrije tijd. (F.C. Kollen). Pas een eeuw later, is in 1953 de doorbraak gekomen bij de voetbalsport.
"Een van de grootse zorgen van de KNVB vormde in die tijd de pogingen om
beroepsvoetbal in Nederland in te voeren buiten hem om. Het zou een aantasting kunnen betekenen van de KNVB als algemeen leidend lichaam in de
voetbalsport". (H.T. van Staveren). Er werd 1 jan 1954 de Nederlandse Beroepsvoetbal Bond (NBVB) opgericht. De concurrentie die de NBVB de KNVB aandeed trof de voetbalsport
in het hart. De KNVB ging echter verrassend snel overstag en op 14 augustus
1954 werd het beroepsvoetbal ingevoerd bij de KNVB. 25 november 1954 kwam al
een snel einde aan de strijd tegen de NBVB door een overeenkomst te sluiten om
samen te gaan. We zien daarna dat het nationale voetbal mee gaat tellen op
internationaal niveau. Het Cruyff effect hoeft hier niet nader onder de loep
te worden genomen want dat is genoegzaam bekend. Twintig jaar later - midden jaren zeventig -is het de beurt aan tennis en
hockey om door te breken . Ook daar is strijd gevoerd, maar uiteindelijk heeft
het geresulteerd in de ontwikkeling van tennis en hockey op internationaal
niveau: toptennissers zoals Krajcek, Siemerink etc en bij de hockey de
wereldkampioenen zowel bij de heren als de dames. Over de ontwikkelingen in de
fitnessbranche zal de Heer Drs L. Clyssen tijdens de bijeenkomst een inleiding
houden. Zijn conclusies betreffende strukturele veranderingen in de
fitnesswereld (1.1 miljoen mensen) zouden wel eens model kunnen staan voor
veranderingen, die plaats zullen moeten vinden in de golfwereld om het hoofd
te kunnen bieden aan de maatschappelijke ontwikkelingen.
Nu nog de doorbraak bij de Golfsport. Wanneer na enkele verwarde jaren van strijd van het democratiseringsproces de kruitdampen zijn
opgetrokken, zal een bakermat te voorschijn komen waarop de geboorte kan
plaatsvinden van een topgolfer: Piet Janszen, Britisch Open champion
2013? Het effect dat deze piet zal hebben is nauwelijks te overzien. We moeten
in ieder geval nu al beginnen om met vereende krachten te werken aan een gezonde
infrastructuur om in 2013 alles in goede banen te kunnen leiden. In Nederland
hebben we momenteel genoeg kennis en specialisten in huis om dit tot stand te
brengen, alleen het is alles nog te versnipperd en slecht gecoördineerd. Men
ducht elkaar vanwege de zogenaamde concurrentie, terwijl de markt juist wijd
openligt. De omvang van de doelgroepen ligt tussen de 15 miljoen en de al
100.000 golfende Nederlanders. Het aantal doelgroepen is onbegrensd. Toch
kunnen we al enkele specifieke doelgroepen noemen: jeugd vanaf 5 jaar, net
als in Zweden zou golf ook in het vervolg-onderwijs een plaatsje moeten
krijgen. Andere specifieke doelgroepen zijn : vliegeniers in opleiding,
bejaarden en gehandicapten (de rolstoeler). Met een bundeling van krachten van de
vrijwilligers exploitanten en het
beroepskader zal het mogelijk moeten zijn om de Golfsport als spel voor
iedereen toegankelijk te maken in het begin van de volgende eeuw! Een
belangrijke bijdrage voor de geestelijke en lichamelijke volksgezondheid
en een goed tegenwicht vormend voor de steeds verdere automatisering en
mechanisering 'van onze samenleving. T. de Booij
Aangehaalde literatuur:
1. Ir F.W. Huibregtsen 1993, Samen werken ten behoeve van de Sport. Rede
uitgesproken tijdens een bijeenkomst Samen leven door s?port, 30 nov 1993. Nat Sportcentrum Papendal
2. M. van Bergen, H. Broekmeulen,A.Kauffman, H. van de Wetering 1991 Sport
verdient Sportmanagement. Uitgave stichting AOG Groningen.
3. F.E. Kollen, Sport en Recht Tj Willlink Zwolle
4. H.T. van Staveren Het Voetbalcontract. Proefschrift Utrecht, uitgave Kluwer Deventer
Bijlage:
DE GETALSTERKTE VAN DE DOELGROEPEN VOOR DE GOLFSPORTBEOEFENING
15 miljoen minus de reeds 100.000 golfende Nederlanders
HET AANTAL DOELGROEPEN VRIJWEL ONBEGRENSD
Enkele voorbeelden: jeugd vanaf 5 jaar (Schoolgolf) ,bejaarden vanaf 70 jaar (Geriagolf)
,vliegeniers in opleiding ,motorrijders ,gehandicapten (incl. rolstoelbewoners), gedetineerden, asielzoekers etc
KARAKTER GOLFACCOMMODATIES:
"Champion" golfbanen (meer dan 6000 meter) 18 holes golfbanen 9 holes golfbanen par 3 banen (City- en Short Golf) "pitch" en "putt" banen mini golfbanen
CONCLUSIE: Als de verticale scheidingsmuur tussen de 18 holes en de mini golfbaan
wordt afgebroken en wordt vervangen door een horizontale verbindingsweg, kan
het proces van de democratisering van de golfsport pas werkelijk ingezet
worden.
Dinsdag 1 februari Brief aan Antoine
van Daele van de NVG
Beste Antoine en Fernand, Het was, dacht ik, een nuttige bijeenkomst die de eerste stap moet zijn
geweest om de NVG, niet een nieuw leven, maar een ander leven te geven. Ik vertrouw het jullie geheel toe. Wij als stichting hebben als katalysator ons werk gedaan , de chemische reactie is op gang gebracht,
aan jullie om deze aan de gang te houden. Mocht onverhoopt de reactie vastlopen
dan kom ik graag weer uit mijn schuilplaats te voorschijn
! Hierbij
nog even een overzicht van de aanwezigen . Aangegeven met (aanwezig.) Met het
woordje (verhinderd). wordt aangegeven die graag hadden willen komen, maar een bericht
van verhindering hebben gestuurd. Met het woordje (toegezegd.) bedoel ik die
personen die zouden komen en niet gekomen zijn. Waar niets achter staat hebben
niet op de uitnodiging gereageerd.
D. Armour (N.P.G.A.)(aanw.); J.B.H.H. Bastiaens (Best Golf en Country Club) (aanw.);
C.A.C. Beenackers (Golfbaan Princenbosch) (aanw.); J.H.A. Bolhuis (Golfbaan
Mereveld); P. Blokhuis (Openbare Golfbaan Spaarnwoude); Ir J.G .Brewer (NGF);
C.A.Buitelaar(WVC)(toegez.); B.N.L. Bult (NGF)(verh.); A.L.R.van Daele (De
Efteling) (aanw.); C.J.M.van Eerd (Company Club 'De Hooge Vorssel')(verh.);
F. Fluitman (Golf & Recreatie Haarlemmermeer)(verh.); H. Gerrits
(Openbare Golf Brunssumerheide); F. Heinsius (NGA)(toegez); H.T. Herrema (Golfbaan
Midden-Holland Expl.Mij)(verh.); B.G. Hesselman (Golf
& Country Club
Edda Huzid); R.E. Hetharia (NVC); Drs H.L. Heyster (NGF); Ir F.W.Huybregtsen (NOC*NSF)
(verh.); mw I.W.M. Jansen (Golf Centrum Noordwijk) (aanw.); G.J ol (Golf
Development International); A.J.C .Jeurissen (Openbare Golfbaan Welschap) (toegez); T. Kamphuis ( Company Club 'De Hooge Vorssel' )(verh.);
H. Ketelaar ( Dorhout Mees Golfcentrum); Drs J.W.L. Kruyt (Burggolf)(verh.);
C.H.J.A. Kuysters ( Crayenstein Golf )(verh.); H.C.W.F.Kuysters (Crayenstein
Golf)(verh.); L. Lampe (St.Golfmanagement Nederland); P.S. Lathouwers (Sponsor
stichting N.P.G.A.)(verh.); F.H.M.J. Leunissen ( De Efteling )(aanw.); J.C. Lodder
(Openbare Golfbaan Oude Maas); M.E.F. Looff (Stichting Openbare Golfbaan
Kralingen) (aanw.); P.A.J. Losecaat Verrneer (Aegon Golfpark Aelderholt) (aanw.);
C. Mackay (Golfbaan 't Sybrook); M.de Meijer (Golfbaan Midden-Holland Expl.Mij )(toegez.);
T.O'Mahoney (N.P.G.A.); R.H.B. Olland (NGF)(verh.); W..Richter ( Golfbaan
Ooghduyne)(toegez.); A.L. Rijks (Golfplan) (aanw.); F.J. Rypkema ( Burggolf
Vegilinbosschen)(toegez.); S. Seijen ten Hoorn ( Betuws Golfcentrum de Batouwe
)(toegez.); J. Scholte (Golf Centrum Rotterdam)(aanw.); Mw M. Siewers (Betuws
Golfcentrum de Batouwe)(toegez.); S.B. Slooten (Golfbaan de Rottebergen); G. Slot
(NFWS)(aanw.); W. Smit (Nunspeetse Golf Golf & Country Club)(verh.); Prof.Mr H. van
Staveren (Vrije Universiteit)(verh.); Mr Th.D. Stenfert Kroese (NGF); T. Straatman
(NGA); B. van der Velde (Short Golf)(aanw.); A.P. Verwoerd (NVG) (aanw.);
C. Vrijenhoek (Nederlandse Jeugd Golf Associatie)(verh.); A.C.Wessels (Spaarnwoude)(aanw.);
Mw I.Westendorp ( Best Golf & Country Club bv )(aanw.); W.Westphal (Contracton)(verh.).
Vrijdag 4 februari Artikel in De Telegraaf: Driebergen voorziet gevaarlijk
rijgedrag door nieuwe radarverklikker. Politie vreest goedkope detectors door
Charles Sanders
AMSTERDAM, vrijdag. Met meer dan 400.000 processen verbaal voor te hard rijden in 1993 en hele snelle, ,en waar de politie om de paar
kilometer snelheidscontroles uitvoert, floreert de markt voor radardetectoren.
Jaarlijks worden naar schatting 20.000 apparaten verkocht die de automobilist
zouden waarschuwen. met de nadruk op
zouden, want volgens politie en vakbladen werken veel installaties gebrekkig
of zelfs helemaal niet. Laatste noviteit: een detector die nog deze maand bij
grootwinkelbedrijven als V&D, Kijkshop, doe-het-zelfmarkten, Wehkamp en aan
boord van Transavia-toestellen te koop is voor nog geen 300 gulden. Het ding, op de markt gebracht door Paul Hubers uit Naarden, zou zowel de
geavanceerde snelwegradar van het Korps Landelijke Politie Diensten (KLPD,
voorheen AVD) als apparatuur van gemeentelijke korpsen detecteren. Inmiddels
heeft een test echter al uitgewezen dat deze Premier SRD4000 op de snelweg
veel te laat waarschuwt voor de op de loer liggende snelheidscontroleurs. Op
provinciale wegen, waar de politie . controleert met minder hoog waardige apparatuur, werkt
het apparaat wel goed. Hubers daarover: "Het kan altijd beter, dat blijkt. Maar
voor 295 gulden was tot
nog iets te koop. Door die lage hebben wij de grootwinkelbedrijven warm gekregen
detector in de schappen te leggen. Als je twee keer op een provinciale weg een boete
voorkomt,
heb je het bedrag er uit. De detector die tot nog - als enige overtuigend werd
getest, kost 1.400 gulden. Alleen geschikt voor de man met de dure auto. Wij richten
ons op een andere markt, zeg maar de
Opel Astra-rijder."
Strafbaar
Wat onbekend is over radardetectie: in het buitenland is het voeren van de apparatuur
strafbaar. Met name in Frankrijk heeft de politie een heksenjacht ontketend op
automobilisten die detectoren aan boord hebben. Dat gaat zo ver
dat de gendarmerie zogenaamde anti-detector detectoren heeft aangeschaft,
waarmee auto's die de apparatuur aan boord hebben feilloos worden opgespoord. Tom de Wilde van Stinger BV, het bedrijf dat volgens
onafhankelijke tests door onder meer de politie in Driebergen detectoren
levert die ook de geavanceerde snelwegradar ruim op tijd opsporen, zegt: "In Duitsland en België is het gebruik van de apparatuur
verboden. Maar de Fransen gaan nog veel verder. Eén van onze klanten moest
onlangs 1.600 francs boete betalen, waarna zijn detector uit de auto werd
getrokken. En zachtzinnig gaat dat niet." In het kat-en-muis-spel tussen politie
en hardrijders 'speelt het KLPD een opmerkelijk coöperatieve rol. De mannen
van de Porschegroep in. Driebergen zijn zelfs niet te beroerd om met hun dure
Multanova 6F-radars op te draven voor tests. De politie kwam daarbij
traditioneel als winnaar uit de strijd, want de snelweg-apparatuur bleek door
de hoge frequentie van zenden niet te achterhalen.Tot vorig jaar een duur maar goed middel tegen de Multanova
werd gevonden, de Stingerdetector. Daarvan zei een woordvoerder van de politie
in Driebergen: "Het ding werkt perfect en in Nederland is dit allemaal legaal.
Wij zijn niet blij." Twee maanden geleden was diezelfde politie evenmin blij
toen deze krant berichtte dat minstens één van de Multanova's niet volgens de door Justitie gestelde eisen
functioneerde en op veel te hoge frequenties bleek te zenden.
IJking
Gevolg: twee dagen later werden tien apparaten teruggestuurd
naar de importeur ter controle en ijking. Volgens de politie was één apparaat
gevallen en onzuiver geworden. De duizenden hardrijders die door deze Multanova
onder andere bij Amstelveen werden betrapt, zullen niet worden vervolgd.
De politie vreest dat veel goedkope detectoren vaak vals
alarm slaan. Rob van Rees: "Mensen gaan dan toch op de rem staan, met
levensgevaarlijke gevolgen voor het overige verkeer."
Paul Hubers, die deze maand hoopt op een verkoopsucces van
zijn SRD4000: "Hij piept inderdaad ook als er geen politie te zien is. Maar ik
ga daar juist rustiger door rijden. Ze maar gerust dat zo'n detector preventief
werkt.
(Zie mijn actie om deze detectoren te verbieden. Ik schreef op 23 oktober 1993 33 brief aan Officier van Justitie Utrecht met de volgende inhoud: Weledelgestrenge Heer, Hierbij heb ik de eer U het volgende onder uwe gewaardeerde aandacht te brengen. Sinds vorig jaar ben ik bijzonder ontstemd dat het mogelijk is om via de dagbladen te kunnen adverteren voor de aankoop van een radiodetector. .Deze detectoren maken automobilisten attent op de meetapparatuur van de AVD.. Dit. jaar heb ik na de publicatie (zie bijlage) van 21 april 1993 de heer T. Dellebeke van de AVD te Driebergen gebeld met de vraag of het uitlokken van een proefproces niet mogelijk zou zijn. Hij zag er wel iets in en zou me er over terugbellen, wat tot op heden helaas nog niet is gebeurd. Ook heb ik me verstaan met de procureur -generaal aan het Gerechtshof te s'Gravenhage de heer Mr E. Meyer . Deze maakte :me er op attent dat ik indertijd tijdens mijn maagdenhuis bezetting toch had gestreden voor de grondrechten van een rechtsstaat. Volgens hem is het niet aan het strafrecht om dit aan te pakken. Al veel te veel wordt het strafrecht misbruikt. Toch kan ik het niet verkroppen dat in een zelfde krant staat: verkeersdoden en een advertentie voor een radiodetector. Dat is te absurd voor woorden. Reden waarom ik door te hard te rijden in de buurt van Driebergen een verkeersovertreding heb begaan. Tegen de verbaliserende ambtenaar heb ik gezegd dat ik gaarne een proefproces wilde. uiteraard zal ik voor 16 december 1993 mijn boete onder protest betalen, maar ik hoop zeer dat U mij via een dagvaarding in de gelegenheid wilt stellen om mij als verdachte via een strafproces te verdedigen en de reden te omkleden waarom ik de overtreding heb begaan en een vermindering van de aan mij oplegde boete wil bepleiten. Inmiddels met de meeste hoogachting, Uwe dw Dr Tom de Booij voorzitter stichting Voorlichtingsproject en adviesburo Kriminaliteit en Strafrecht.)
Dagboek Zaterdag 5 februari Zeer succesvolle dag 31 ste over
exploitatie golf. 3 februari oprichting voor bejaarden Golfclub
Nooit te oud,. benoeming 3 bestuursleden. Met studie beginnen met moment
conceptie, in de bijbel staat het reeds beschreven.
Dinsdag 8 februari Pianoles. Begin met conceptie:Aleer men zich
verenigt en om zich te verenigen is het noodzakelijk zich eerst beslist en duidelijk
van elkaar af te
grenzen, Lenin.
Woensdag 16 februari Brief van R. Stokvis van de Universiteit
van Amsterdam
Geachte heer de Booij, gaarne bevestig ik onze afspraken over het onderzoek dat de doctoraalstudent
Sociologie J. Verboeket, in opdracht van de stichting DGS, zal uitvoeren. Het onderzoek en de rapportage vinden plaats in het kader van de
doctoraalscriptie. Het heeft betrekking op de omstandigheden die na ca. 1970 in
Nederland tot sterke groei van het aantal golfspelers hebben geleid en, in het
bijzonder, op de consequenties van die groei voor de verhoudingen binnen de
organisaties in het kader waarvan de sport beoefend wordt. Daartoe wordt de
ontwikkeling van de golfsport in een lange termijn perspectief bezien, beginnend
aan het eind van de negentiende eeuw tot het begin van de jaren negentig van
deze eeuw. Het accent komt te liggen op de periode 1970 - ca 1990. U heeft toegezegd Verboeket te helpen bij het verkrijgen van introducties bij
golforganisaties en personen die voor het onderzoek van belang zijn. Onkosten
komen voor rekening van de stichting DGS. Van mijn kant zal ik Verboeket zo goed
mogelijk begeleiden. Gezien Verboeket's studieverrichtingen en zijn interesse voor het onderwerp,
mogen wij verwachten dat hij een rapport produceert dat golfspelend Nederland
zal interesseren. Met vriendelijke groeten Dr R. Stokvis (Docent Sociologie
U.v.A.)
Dinsdag 22 februari Brief van de secretaris van de N.P.G.A. de heer H.A.
Stevens
Geachte Heer De Booy, In de laatste bestuursvergadering kwam wederom het gebruik van het N.P.G.A.-logo
ter sprake. Er is besloten, dat N.P.G.A. leden slechts gebruik kunnen maken van het
logo, wanneer dat rechtstreeks te maken heeft met N.P.G.A. aangelegenheden.
Derhalve verzoeken wij U om het N.P.G.A.-logo niet meer te gebruiken voor
doeleinden zoals b.v. DGS.
Wij nemen aan dat U ons besluit ter harte zult nemen en verblijven
inmiddels met hartelijke groeten.
Hoogachtend H.A. Stevens Secretaris N.P.G.A.
Donderdag 24 februari Brief aan 70 Nederlandse professionals
Hierbij zenden wij je enkele afschriften van
een aantal brieven. Alhoewel commentaar haast overbodig is, menen wij er toch
goed aan te doen om je te zeggen hoe teleurgesteld wij zijn over de standpunten
(beter gezegd geen standpunten), die het Bestuur van de N.P.G.A. heeft ingenomen. (
zie hun schrijven van 26 januari jl., vooral gezien de antwoorden op onze vragen
3, 5 en 6 en de brief van 22 februari jl).Wat betreft het verbod, in navolging van de NGF,
om gebruik te maken van het logo van de NGPA voor doeleinden van onze stichting, is te meer een
aanwijzing hoe het bestuur van de N.P.G.A. staat tegenover onze actiepunten
vastgelegd in onze nota" Zo is toch de realiteit II" (nov.1993).
Het is duidelijk, dat de stichting DGS op eigen kompas zijn tocht zal
moeten voortzetten, zonder daarbij te mogen rekenen op de steun van de
N.P.G.A.,
zoals die toch naar wij menen, bij monde van de voorzitter, was toegezegd
tijdens de Algemene Ledenvergadering van 6 december 1993. Mocht in de naaste
toekomst leden van de N.P.G.A. een beroep willen doen op de diensten van de
stichting DGS, dan zijn wij daar nog steeds toe bereid. Met vriendelijke
groeten Tom de Booij coördinator Stichting DGS.
Dagboek Zaterdag 5 maart Begin nieuwe periode. Golf afgesloten. Dadelijk met Ma naar Anderstein als echte amateur!. Vakbond opgericht: Gevangenen Vak Bond GVB. Eerst analyse maken en vooral casus gevallen. 9 maart is het 50 jaar geleden, dat ik vrijkwam uit Amersfoort, 3 x in gevangenis 1943-44 161 dagen 1971 50 dagen en 1976 40 dagen ruim 250 dagen in totaal. C2H5OOH laten staan dwz in sterke vorm, wijn etc toegestaan. Zie hoe lang je het volhoudt.
Maandag 7 maart Briefkaart van Wil Westphal uit Kreta
Beste Tom, Bedankt voor je post over de discommunicatie houding
van 'jullie' vereniging N.P.G.A.. Ik heb ook geen enkele reactie ontvangen over het
topsportbeleidsadvies, groet Westphal Op de briefkaart was een afbeelding van
de Slangengodin. Wil schrijft er bij de veel betekende woorden : Je
begrijpt
natuurlijk deze slangengodin!
Dagboek
Woensdag 9 maart Vandaag begint nieuwe fase. Afrekenen met Duitse
verleden: Rotterdam 1920-1940-1994. Vandaag naar Jan van Welbergen (arbeider ) om te
bespreken oprichting Gevangenen Vak Bond. Nieuwe strijd met als doel bewust laten
worden van de onderdrukte klasse. Wij zijn de elite de OSM versus DSM. Nu heeft Ma
heeft een beginnende blinde darm. Zou jammer zijn als het feest 40 jaar getrouwd
niet door zou gaan. Ze had veel pijn nu iets minder spannend we zullen zien, Ich
habe meine Sache...
Zondag 13 maart
LIED VOOR HET 4O-JARIG BRUIDSPAAR (Wijze van: "Auld lang syne .... ")
COUPLET:
Wij zijn hier allen bij elkaar, Op dit feest van jaren trouw,
En zingen over 't samen zijn, Veertig jaren man en vrouw.
REFREIN:
Oh lieve Tom en Adrienne, 't Is op deze 13 maart,
Dat zolang samen lief en leed, Wordt bekroond met drank en taart.
COUPLETTEN:
Pa is verzot op pianospel, Oefent uren lang met Bach,
En Mozart als z'n
lieveling, Speelt hij zo de hele dag.
Met Fredje Lingen in de bus, Zijn zij d'oudste van het stel,
Zo reizen zij naar opera, En genieten wonderwel
Zo zien zij daar de "Figaro", En de hele "Wagner-ring"
, De' "Parsival" en "Lohengrin",
Met kostuums en veel .. gezing.
Genieten ook van een concert,
Eten eerst, 0 wees niet bang,
Bij 'Keizer' als
het even kan,
En dan op de eerste rang.
Ma is tevreeE in bridgen met 'Nette' vrouwen uit ons Baarn
En golfen met de dames-club, Door het land en vlakbij Maarn.
Zo reist ze met de golfsters mee, Naar Tunesië en Cannes, Monaco en ook
Portugal,
Maar slaat nooit een 'hole-in-one'.
Ook Tom is gek op deze sport, Moet meer democratisch zijn,
De actie's zijn
niet van de lucht, Doet soms nu en dan wat pijn.
Dan zijn er ook de kinderen, Die hun eigen weg op gaan,
Hoe verschillend ze ook mogen zijn, Achter jullie blijven staan.
Met Joep en Sascha zijn ze blij, Gaan naar Amersfoortse Zoo,
Of naar het
Dolfinarium, En een kinderijsje toe.
Af en toe een beetje kibbelen, Maar ook lief zijn voor elkaar,
Houden jullie
het een hele tijd, Bijna meer dan veertig jaar.
REFREIN:
Oh lieve Tom en Adrienne,
Er komt een einde aan dit lied, - Nog vele jaren met elkaar,
Als 'Gouden Bruidspaar' in 't verschied!

40 jaar getrouwd. Links het bruidpaar; rechts Adrienne snijdt de
bruidstaart aan.
Maandag
14 maart Brief van golfprofessionals aan het bestuur van de N.P.G.A.
Aan het Bestuur van de N.P.G.A.
Ondergetekenden zouden met deze brief uiting willen geven aan hun bezorgdheid en ongenoegen over de wijze zoals
uw Bestuur, sinds u op 14 december aantrad (nu bijna 13 maanden geleden),
ons heeft bericht over de gang van zaken. Wij zijn ervan overtuigd, dat U uw
best doet. maar we merken hier zo weinig van.
Wat we dan wel van u horen, is niet bepaald opwindend en stimulerend.
Reden waarom wij u vriendelijk doch dringend vragen om bij uw
beleidsbepaling ernstig rekening te willen houden met de volgende vier punten:
1. Zo spoedig mogelijk het aanstellen van een directeur. Het moet een man zijn
die vele taken van uw Bestuur moet overnemen, hij moet een echte manager zijn, die het vak verstaat om ons imago op
te poetsen en er voor zorg draagt dat de N.P.G.A. een eigen identiteit
kan ontwikkelen; zodat de relatie met de NGF en NVG, op basis van gelijkwaardigheid, kan verbeteren. Hij zal zich vooral moeten richten naar de
lichtende voorbeelden betreffende de onafhankelijke positie
2. De opleiding van professionals moet door de N.P.G.A. zelf ter hand
worden genomen. Eventueel kunnen bepaalde onderdelen worden uitbesteed maar de
leiding en eindverantwoordelijkheid berust bij de N.P.G.A.
3. Bij wedstrijden voor professionals en amateurs moet de leiding
en eindverantwoording berusten bij de N.P.G.A. en de NGF. Bij wedstrijden
voor professionals berust de leiding en eindverantwoordelijkheid bij de N.P.G.A..
4. De referee's bij wedstrijden van professionals moeten onafhankelijk zijn
en vooral geen professionals uit eigen gelederen, zoals nu het geval is.
Wij hopen zeer dat u onze voorstellen in overweging wilt nemen, wij wijzen u er wel op, dat indien wij op de volgende Algemene Vergadering december 1994 nog steeds nul op het request
krijgen,
er andere middelen ons ten dienste staan om het door ons beoogde doel te
bereiken, dat wil zeggen een sterke onafhankelijke beroepsgroep
te worden, die niet aan de leiband
loopt van de NGF en die
ons inspireert om ons mooie vak uit te kunnen oefenen. Met vriendelijke groet,
A. Saddington, H. von Burg, R.J. Wechgelaer, G.W. Hutchinson, R.
Bos ,
G. J. Bakker, L.P. Galema, M. de Booy,
J.B. Saxton, N. Morbey, B. v. Strien, R. Tolmeyer, D. Burnside, D. Armour, E.P Haars, R. Richards, C. v.
Amstel, G. Davidson, M. Hansbeek. F. Stavast. H.E. Sterken, C. Smits van Waesbergne, R. v.d. Loop,
L v. Grieken, K. Veltman, C. Broekhuysen, M.J. de Ridder, D. Kuysters, W.J.P. Jaspers, N. Groenendal,
R. Jansen T. de Booy, P. Lawlor, W. Lemmens, M. Metgod, R.
Meinsma, D. de Groot, T. Klein Oonk, B. Griffiths
Vrijdag 18 maart is de eerste vergadering van het Bestuur van golfclub "Nooit
te oud" gehouden.
Misschien wist U het nog niet, maar de Stichting Centra Ouderenzorg
Boxtel-Esch-Liempde heeft er een nieuwe aktiviteitenclub bij. Bewoners van st.
Jozefzorg , Emmaus en Simeonshof beginnen de smaak te pakken te krijgen van dit
mooie spel. U vraagt zich misschien af hoe we hiertoe gekomen zijn, want golven is toch
niet de eerste sport waar je aan denkt om deze met ouderen te gaan doen.
Schuldig hieraan is de Heer T.de Booy uit Baarn. Hij wist op een dag enkele
direktieleden te overtuigen dat golven ook een geweldig aantrekkelijke sport is
voor ouderen. De Heer de Booy is zelf 69 jaar en is een zeer ervaren golfer en
heeft menigeen les gegeven. Het bijzondere aan hem is zijn enthousiasme dat zó
aanstekelijk werkt dat je van heel goede huize moet komen wil je daar niet voor
bezwijken. Nu is dat vonkje overgeslagen op enkele bewoners en hebben we op 11 maart voor het eerst echt het groene gras betreden. Nu
zult U zeggen: waar dan? In St.Michielsgestel of St.Oedenrode? Neen, gewoon in
het parkje tussen de aanleunwoningen. "Schitterend!", zou Tom de Booy zeggen. Hij heeft vanuit zijn
stimuleringsfonds sticks, balletjes, vlaggetjes enz.enz, .zelfs een grasmaaier
beschikbaar gesteld om meteen serieus van start te gaan. Tom houdt niet van half werk. Het voorstel is om de komende maanden elke
vrijdagochtend van 10.30 u. tot 11.30 u. samen te gaan golfen op ons privé
golfterrein tussen de aanleunwoningen. Iedereen die 70 jaar of ouder is kan meedoen!
Golfclub "Nooit te oud" nodigt U van harte uit. Namens het Bestuur Mevr.
Schaaders, Mevr. van Drunen de Hr Kluytmans (St Jozefzorg) Een bewoonster van
Emmaus en Matthieu als aktiviteiten begeleider.
Maart Artikel Clubblad golfclub de Haar: Wat frustreert en wat boeit ons in de
golfsport
Kwam het door het wervende, aan alle golf- en drivingrange leden
persoonlijk gerichte briefje? Of hongerden zo velen van ons naar kennis van
goed en kwaad, kennis van geboeidheid en frustratie?
Goeroe
Hoe dan ook, op dinsdagavond 14 maart jl. puilde de grote zaal van het
clubhuis, meestal in gebruik als restaurant, uit van de leden die dorstten
naar de waarheid over golf. En die hebben ze gekregen! Met een, althans door
mij, niet te evenaren welbespraaktheid toonde de Nederlandse golfgoeroe Tom de
Booy (niet Thijs,dat is zijn zoon!) ons zijn visie op het spel. Hij schuwde
niet zijn verhaal te larderen met regeltjes en etiquette; evenmin vermeed hij
het gladde ijs betreffende het eeuwige dilemma man/ vrouw . Zo gaan vrouwen b.v. met z'n tweeën terug naar de green om een
vergeten vlaggenstok terug te zetten! Dat doen wij mannen dus slimmer. Vrouwen
zijn daarentegen weer beter in ... Op z'n minst zeer geboeid, velen van ons
met rode koontjes hebben we naar professional de Booy geluisterd. En genoten
van a) hetgeen hij te vertellen had, en b) de wijze waarop hij dat deed. Dit
komt zeker voor reprise in aanmerking. In ons clubleven was dit een prima evenement waarvoor Hettie van RaaIte, die
dit voor ons regelde, van alle aanwezige heren een dankkus verdient. Van alle
dames, de meerderheid, een golfballetje, zou ik zeggen. Dus heren, geef Hettie
in natura wat haar toekomt, zodra u de gelegenheid hebt!
Peer Mulder

Lezing voor golfclub de Haar 14 maart
Eind maart Artikel in clubblad Golfclub Be Fair
Oplettende lezertjes van het regionale dagblad de Gooi en
Eemlander zal niet ontgaan zijn dat ons aller goeroe Tom de Booy op zijn
inmiddels toch al krasse leeftijd nog steeds zeer opmerkelijke initiatieven weet
te ontplooien. Zo maakte hij, volgens een door hem in januari aan dit blad
gegeven interview, de winterperiode productief door bejaardenhuizen te bezoeken
om ook deze niet geheel direkt voor de hand liggende catagorie van potentiële
golfspelers warm te maken voor onze edele sport. Voorts wordt door hem in dit
interview een lans gebroken voor speelrecht voor een eveneens sterk
gediscrimineerde groep landgenoten: de delinquenten. Vooruitlopend op de als resultaat van zijn acquisitie te
verwachten grote instroom van nieuwe leden uit deze bevolkingsgroepen , heeft Uw
bestuur - in al haar wijsheid - op de golfvergadering op 3 maart medegedeeld het
wenselijk te achten over te gaan tot het aanstellen van een drietal wijkagenten.
Zij zullen de persoonlijke titel van Marshall mogen voeren en zowel het
toenemende verkeer als de te verwachten criminaliteit in de hand moeten trachten
te houden. Om eventuele acties van de door ter adstructie van zijn
doelstellingen door Tom de Booy opgerichte " Stichting Popularisering Golfsport
" - die volgens de oprichter " polariserende acties niet bij voorbaat uitsluit"
op de velden van Be Fair van te voren al te voorkomen, heeft Uw bestuur besloten
de wijkagenten te kiezen uit de derde door Tom de Booy eveneens gediscrimineerd
geachte groep spelers; de werkelozen. U zult er dus ernstig rekening mee moeten houden dat met
ingang van het nieuwe seizoen, dat zoals U weet op 1 april ingaat, Uw
gedragingen in de baan dagelijks ernstig en nauwlettend in de gaten gehouden
zullen worden door de heren Kramer, IJben (met zijspan) en Leffelaar. Vooralsnog
zullen zij trachten dat uiterst vriendelijk en beleefd te doen en zij hebben
nadrukkelijk instructie van Uw bestuur om bij het oplossen van problemen hun
driver in de tas te laten. Daarnaast wordt door het bestuur de hoop uitgesproken dat
deze aanstelling tevens zal leiden tot een verkleining van de afstand tussen het
Bestuur en de leden. U mag de marshalls dus ook gewoon zelf ter verkrijging van
inlichtingen over U duistere zaken aanspreken. U ziet, wat de politiek in jaren niet voor elkaar krijgt
regelt Uw voortvarende bestuur in een handomdraai .Oom agent Leffelaar
P.S. Enig verband tussen de aanstellingsdatum per 1 april en het
folkloristisch gebruik tot het maken van dolle grappen op gelijke datum is in
dit geval, zoals U' zult merken, zuiver toevallig.
Dagboek Dinsdag 5 april De dag na Pasen. Nogal ongerust over
kromme penis, in ieder geval blijkt het vanmiddag 14.10 wat het is volgens de
dokter. Nog al onzeker geweest laatste week,
te veel alcohol en eten als compensatie. Het gewicht is onrustbarend .Zou het
lukken om de discipline te handhaven als het maar belangrijk genoeg is, ook
nog onzeker over welke onderwerpen: gedetineerden of neurofysiologie?
Eerst maar begonnen met gedetineerden ivm met bezoek aan prof. Kelk maandag a.s
Woensdag 6 april Hele opluchting, pyroni van jonge heer, kan
geopereerd worden.
Dinsdag 12 april Weer een poging doen om van mijn verslaving af te komen,.
ook zorgen dat alle zaken eens worden afgewerkt. Het belangrijkste is om de werkhypothese van de 8 kwadranten verder uit te werken.
Woensdag 13 april Gelukt weinig te drinken en goede opgang met amygdala.
Beslissing genomen einde golf van de hersenen, naar gedetineerden meer zin.
Alle lijnen komen bij elkaar: Machte en elite, K en S, DGS
naar BWO ook geen golfwedstrijden meer
Vrijdag 15 april is de eerste
golfwedstrijd gespeeld bij Emmaus. Wij willen iedere vrijdag morgen golf spelen van 10.30 uur tot 11.30 uur.
Bewoners die hieraan willen deelnemen zijn van harte welkom..We spelen bij de 3 huizen van de stichting en als in Liempde het huis en de tuin klaar
zijn, gaan we ook daar naar toe. Op 6 mei spelen we weer op Emmaus. Op 13 mei spelen op Simeonshof. Op 20 mei spelen op St Jozefszorg. Op 27 mei spelen op
Emmaus. Bewoners die mee willen naar de andere huizen kunnen met de auto mee vanaf
9.45 uur
Woensdag 20 april 50 dagen zitten dwz elke dag mijn dagboek
nalezen , die ik in de gevangenis te Utrecht heb doorgebracht. De eerste brief
aan Ma en kinderen heel frappant want het belangrijkste is toch
het afnemen van de vrijheid, dit besef is weer goed om opnieuw
te beleven vooral met het oog op de nieuwe vakbond voor gedetineerden.
Woensdag 20 april 1994 Brief van Officier van Justitie te Utrecht C.C.M.
Godefrooi
Registratienummer: 19448 Beschikkingsnummer : 4438282
aan: T. de Booij Koningsweg 45 3743 ET Baarn Beslissing op het beroep ingesteld tegen de beschikking met bovenvermeld
nummer: Betrokkene heeft beroep ingesteld bij de officier van justitie tegen een
beschikking waarbij hem wegens de gedraging "Overschrijding maximumsnelheid op
bord Al, van 21 tot en met 25 km/u" een sanctie van f 150,00 werd opgelegd. Naar aanleiding van het door betrokkene gevoerde verweer
is een nader onderzoek ingesteld. Tot op heden is dit onderzoek nog niet
afgerond. gelet op de termijn die inmiddels is verstreken na de door de
betrokkene gepleegde gedraging is er naar het oordeel van de officier van justitie sprake
van schending van een beginsel van behoorlijk bestuur. Gelet op het hiervoor overwogene zal de beschikking worden vernietigd.
(Ik had gehoopt in een rechtzaak aan te tonen dat de detectoren in auto's een
gevaar voor het verkeer oplevert en daarom moet worden verboden, zie het kranten
artikel van vrijdag 4 februari 1994)
Dagboek Dinsdag 10 mei Indeling boek: Wat weet een deur van het
huis zelf? uitgangspunt: buiten de mens: micro- macrowereld. De mens zelf: microwereld de
cel en zijn opbouw, neuronen, synapse, hersenen; macrowereld: evolutie en opbouw hersenen; epiloog
Zondag 12 juni Sterk gedroomd vergadering N.P.G.A. verloren in
stemming voor nieuwe lijn. Het is beter om terug te treden en de lijn van Drakestein-BGV weer door te zetten. Geheel te richten op het populariseren van de golfsport, bejaarden en gedetineerden. De
lezingen over mijn werk te houden en
alles op te schrijven wat ik weet. Dat is mijn bijdrage. Ook op het gebied van de
gedetineerden of beter gezegd gevangenen meer op wetenschappelijk en niet bestuurlijk
vlak.
Zondag 12 juni 1994 Brief aan de N.P.G.A. waarin het lidmaatschap per 1 januari
opzeg
De aanleiding van dit besluit is gelegen dat mijn stellingen in zake een
gezonde ontwikkeling van de
golfsport in Nederland geen navolging heeft gekregen bij het bestuur en leden
van de N.P.G.A.. Met de middelen van de stichting DGS zal ik tracht deze
bovengenoemde ontwikkeling te helpen bewerkstelligen.
Maandag
13
juni
Brief
aan de Algemeen Directeur van de
Penitentiaire Inrichtingen Nieuw Vosseveld, de Heer P.F.J.Koehorst Vught
Zeer geachte Heer Koehorst, Nog met de goede herinneringen aan de bijeenkomst van de PRI in Vught van 20
mei jl, neem ik de vrijheid om U het volgende onder Uw aandacht te brengen.
In mijn kwaliteit als voorzitter van de stichting Kriminaliteit en
Strafrecht
was ik uitgenodigd om aanwezig te zijn tijdens bovengenoemde bijeenkomst. Het was zeer verrassend om Uw standpunten inzake
de beeldvorming van onze gemiddelde Nederlandse samenleving omtrent de
criminaliteit te vernemen. De noodzaak om hieraan verandering aan te brengen
werd door U bijzonder goed en levendig naar voren gebracht. Zoals U uit mijn
betoog heeft kunnen opmaken was bij mij eenzelfde verontrusting aanwezig. Alleen
het probleem voor ons was, hoe brengt men hier een verandering teweeg.
U zult niet hebben kunnen bevroeden dat ik behalve
geïnteresseerd in deze
problematiek ook nog golfleraar ben. Na mijn universitaire loopbaan (geologie)
ben ik op 54 jarige leeftijd begonnen met de golfsport en twee jaar later
begonnen deze sport toegankelijk te maken voor een groter publiek. Dit bleek
geen eenvoudige taak, aangezien het imago van de sport duidelijk een elitair stempel
meedraagt.
Na
het
behalen
van
het
examen
golfprofessional,
heb
ik
op
vele
clubs
les
gegeven
en
mij
gespecialiseerd
voor
beginners
een
educatief
programma
op
te
zetten. Hiervoor
heb
ik
in
1993
een
stichting
opgericht.
Inmiddels
ben
ik
dit
jaar
bezig
om
in
bejaarden
tehuizen
in
Boxtel
met
de
gelden
van
de
stichting
deze
sport
te
promoten.
Dit
heeft
er
zelfs geleid dat ik ook mag beginnen met
het inrichten van een golfterrein ( ter
grootte van een voetbalveld) in de tuin van het kloosterbejaardenoord Molenweide
te Boxtel. Binnenkort zullen er zelfs wedstrijden gehouden worden tussen de
bejaardenhuizen onderling! (De bal waarmee gespeeld wordt is van een ander
kwaliteit van een normale golfbal en wel dat het geen gevaar voor de omstanders en spelers oplevert).
Uit de bijgevoegde
stencils kunt U het een en ander hierover lezen. Tijdens de rondleiding op 20 mei jl viel mijn oog op het net ingezaaide
sportveld van Uw inrichting en gingen mijn gedachten uit naar de mogelijkheid om ook voor de gevangenen deze sport toegankelijk te maken.
(Hierbij denkend aan de beoefening van de golfsport in vele penitentiaire
inrichtingen in de VS, zelfs worden hier wedstrijden gehouden tussen de
gevangenissen onderling.) U zult misschien in eerste instantie denken dat het een krankzinnig idee is, maar mijn vraag
aan U is om tijdens een gesprek met een korte uitleg en demonstratie te
illustreren dat het beoefening van de golfsport voor gevangenen een bijzonder
educatieve bezigheid zou kunnen zijn. Uw secretaresse zei mij hedenochtend dat het mogelijk was om U aanstaande
woensdag om 11 uur te bellen. Met de vriendelijke groeten Tom de Booij
Brief van de
Algemeen
Directeur van de Penitentiaire Inrichtingen Nieuw Vosseveld de Heer P.F.J. Koehorst
Zeer geachte heer de Booij, Met belangstelling heb ik kennis genomen van uw ideeën
omtrent het toegankelijk maken van de golfsport voor de in mijn inrichting
verblijvende gedetineerden. Helaas staan een aantal factoren het realiseren van uw sympathieke aanbod
in de weg. Zoals ongetwijfeld bij u bekend, is de invoering van de nota "werkzame
detentie" van de voormalige staatssecretaris van Justitie nagenoeg een feit. Omdat de arbeid tengevolge van genoemde nota een centrale plaats zal gaan
innemen, blijft er weinig gelegenheid voor nevenactiviteiten in het
dagprogramma. Er wordt getracht datgene wat er nu al is te behouden - of dat lukt is
echter de vraag. Het reguliere sportaanbod is afgestemd op de
belangstelling en mogelijkheden van de deelnemers en de opvattingen die
hieromtrent bestaan bij de instructeurs lichamelijke opvoeding. De begeleiding van sportprogramma's tijdens de avonduren en weekenden is,
tengevolge van de minimale personeelsformatie nauwelijks mogelijk. Hoewel ik niet twijfel aan uw opvattingen met betrekking tot de
educatieve waarde die de golfsport voor gedetineerden zou kunnen hebben, is
de realisering van het doel.- dat U met zoveel enthousiasme heeft gesteld -
het project om bovengenoemde redenen vooralsnog niet uitvoerbaar.
Met de vriendelijke groeten P.F.J. Koehorst
Zondag 19 juni (Vaderdag) -Dinsdag 21 juni Sascha komt logeren

Links Sascha wast haar opa. Rechts: De grootouders met Sascha naar Ouwerhand dierenpark in Rhenen
Zondag 26 juni. Mijn notitie betreffende Onderzoeksverslag : gezondheidsrecht
en gedetineerde vrouwen door Suzian van der Maas
Uit het verslag van de afgeronde stageperiode in de PIV Breda heeft Suzian
van der Maas een verzameling van gegevens en uitgangspunten vastgelegd die als
uitgangspunt moeten dienen voor een scriptie over gezondheidszorg en
gedetineerde vrouwen. Allereerst moge ik opmerken dat ik onder de indruk was van
de kwaliteit van haar verslag en het door haar verzamelde materiaal dat m.i
duidelijk heeft aangetoond wat het verschil is tussen mannen en vrouwen in
detentie. Illustrerend waren de verschillen in detentievervoer pagina 22 en 23
(nummering zelf aangebracht): " tot nu toe is nog nooit een vrouw ontvlucht uit
een inrichting of van een delinkwententransport". Bij lezing van dit
verslag viel mij ook een zin op die de rol van arts in een gevangenis in een
schril daglicht plaatst. pagina 25 punt 5:"Uit gesprekken met gedetineerde
vrouwen volgde dat er veel klachten zijn over de arts. Zijn algemene "" niet
serieus nemende " houding is een bron van ergernis..."
Aangezien een van de belangrijkste punten van haar onderzoek behelst tonen
van het verschil tussen mannen en vrouwen in gevangenissen lijkt mij het van het
belang een belangrijk verschil tussen vrouwen en mannen in de gevangenis nader
onder de aandacht te brengen en wel het PREMENSTRUELE SYNDROOM (PMS). Voor zo
ver mij bekend heeft de man hier geen moeilijkheden mee. wel schriftelijk
als mondeling heb ik Suzian op de hoogte gesteld in dit syndroom. (Hierbij nog
enkele afschriften van artikelen betreffende dit, syndroom) . Bij een gesprek
dat Suzian vervolgens had met de psychiater van de PIV Breda over dit onderwerp
heeft gehad, bleek dat de psychiater nogal sceptisch stond tegenover dit
probleem vooral betreffende het medisch aspect van dit probleem en derhalve het
niet van belang achtte in relatie tot de gezondheidszorg van vrouwen in
detentie. Vooral omtrent de onzekerheden die in de medische wereld bestaan om de
duiding van dit syndroom ( maatschappelijk versus fysiologisch). Inmiddels heb
ik uitgezocht dat een zekere Dr A. Pennings van het academisch ziekenhuis van
Nijmegen de specialist in Nederland is betreffende dit syndroom. Hij
vertegenwoordigt de stroming die gelooft in een fysiologische benadering van het
syndroom. Het lijkt mij toch van belang dat Suzian aan dit aspect - al is
het in een voetnoot ( in totaal had Suzian er in het bovengenoemd verslag 61,
er nog zou er nog wel bij kunnen betreffende dit syndroom) omdat er de
volgende argumenten zijn aan te voeren die het belang van het onder de aandacht
brengen van dit syndroom zou kunnen aantonen:
1. Indien een vrouw een delict zou hebben gepleegd in deze vitale periode het
van belang zou kunnen zijn om haar op de hoogte te brengen aan de eventuele
casualiteit en dat deze informatie eventueel zou kunnen leiden dat na haar
vrijlating zij op de hoogte is van de gevaren die zouden kunnen optreden tijdens
deze periode en daardoor preventief zou kunnen uitwerken.
2. Het verspreiden van de kennis van het PMS syndroom bij de leden van de
rechterlijke macht alsmede bij de het medisch personeel van de gevangenissen
lijkt geen overbodige luxe
3. Gezien de verschillende standpunten die omtrent dit syndroom bestaan het
brood nodig is om aan het syndroom een diepgaand onderzoek te wijden vooral in
verband met de criminalogische aspecten.
Ik hoop zeer dat de vergadering van maandag 27 juni aan dit onderwerp aandacht
zou willen besteden. Het is mijn mening dat in onze mannenmaatschappij te weinig
aandacht wordt besteed aan specifiek vrouwelijke problemen. Hierbij citeer ik
uit het verslag van Suzian van der Maas, pagina 16 tweede alinea:
" De arts is niet op de de hoogte van vrouw-specifieke symptomen van HIV
infectie en AIDS". Tom de Booij
Maandag 27 juni 1994
Aan de Besturen van de Nederlandse Golf Federatie, Nederlandse Vereniging van
exploitanten van Golfaccommodaties, en de Nederlandse Professional Golfers
Associatie
Geachte Bestuursleden, De stichting Democratisering Golf Sport heeft in de afgelopen periode in een
aantal geschriften duidelijk stelling genomen tegen het hardnekkige probleem van
de beunhazen. (Nota's : Zo is toch de realiteit I van 1 maart 1993, II
van 6 december 1993 en III van 31 december 1993).
Inmiddels heeft de stichting DGS helaas moeten constateren dat het
verschijnsel van de beunhazen eerder toe dan afneemt. In de maanden mei en juni
is het hoogtij voor de zgn golfclinics. Vooral wanneer er een groot toernooi
voor de Nederlandse Professionals aan de gang is, is het voor de
golfverenigingen en exploitanten van golfaccommodaties en golfleraren bijzonder
lastig om aan gekwalificeerde golfleraren te komen die bij machte zijn een
golfclinic te leiden. De nood wordt soms zo groot dat amateurs (tegen betaling)
worden ingezet. Om dit euvel de kop in te drukken, lijkt het ons gewenst dat de
ingehuurde golfleraren die zich bij de golfbaan presenteren zich moeten
legitimeren. Immers de amateurs zijn toch ook verplicht om hun GVB of NGF
handicap kaartje te laten zien, waarom dan ook niet voor de golfleraar. Hij zal
door middel van een copie van zijn examenpapier of zijn lidmaatschapskaart je van
de N.P.G.A. moeten kunnen aantonen dat hij een gekwalificeerde golfleraar is. Wij spreken hierbij de wens dat uw bestuur adequate
maatregelen zult nemen om het beunhazen probleem uit de wereld te helpen, en
niet zal volstaan met het antwoord :" Zo is toch de realiteit"!
Maandag 4 juli Brief van Lawrence Thornton secretaris van de PGA van Europa.
Dear Tom, Thank you for the card keeping me in contact with the current situation. I am
sorry that it has become necessary to resign your memberships, as I always
consider it easier to challenge a problem from within an organisation, rather
than from outside. On a Europewide scale we are making progress with the EGA, and more of the
Federations are now recognising the rise of their PGA on the evolutionary scale, and granting them greater autonomy. Although the position in The Netherlands has moved little, I believe that my
meeting with you eighteen months ago opened my mind to the reality of the situation, and has assisted with progress in many other
countries. I know that it will be a long process, but please be assured that you did start something which is already achieving a wider recognition than
you might have imagined. Best wishes. Lawrence
Vakantie Oostenrijk Zaterdag 3 juli- 16 juli

Links: Höhe Mut, Rechts: Höchsolden

Zandvoort. De zee wint het altijd. Opa met zijn twee kleinkinderen Sascha en Joep
Zaterdag 6 augustus -Maandag 8 augustus met veerboot heen en terug IJmuiden-Göteborg

Aan boord van de veerboot naar Göteborg. Middernachtzon
Dagboek Zaterdag 20 augustus en zondag 21 augustus Bespreking met Adrienne over
verdeling werkzaamheden in Uchelen. Op het terras van Motel
Werkzaamheden Tom
1. Zwendel affaire afwerken ALV, BWO sept/oct
2. Stichting gevangeniswezen
3. Onderzoek mogelijkheden oprichting gevangen vakbond..Actie tegen lakse
optreden O.M..-Min. van Justitie, verband leggen met Gonsalves (Meijenfeldt)
4. Procedure kort geding 4 juli -4 sept
5. Vrouwen in gevangenis (onderzoek wetenschapswinkel Susian van der Maas)
6. Schrijven van boek Wat weet een deur van het huis?
7 . Rangschikking 1924- heden papieren, krantenart., banden en foto's
8. Schijven Zo is toch de realiteit IV
9. Samenvatting Macht en Elite jaar 800 tot heden
10. Golfclinics en golf voor bejaarden/gevangenen
Werkzaamheden Adrienne
1. Financiën DGS, DGW en privé (geholpen door Tom)
2. kranten artikelen justitie etc
3. voorbereiding reis naar Israël
(Contract ondertekend door Tom en Adrienne)

Links Adrienne op het terras van ons motel leest ons contract door.
Rechts: Fietstocht bij Uchelen

Tijdens fiets tocht vanuit Uchelen naar vroegere onderduikadres. Links het huis van de familie Dobbelman waar ik eerst ondergedoken was. Op de stoep werd in oktober 1943 Louis Dobbelman met 3 schoten doodgeschoten., Rechts: het pad dat naar ons eerste hol leidde.
Links: Schaapskooi waar het eten voor ons klaar werd gezet; Rechts: Het hek van het kroondomein waar we steeds over heen moesten klimmen om naar ons tweede hol in het kroondomein te gaan
Artikel over golf van bejaarden. (geen datum)
In het najaar van 1993 maakten we kennis met de golfsport. De heer Tom de
Booy had aangeboden, er iets over te komen vertellen en te laten zien. Het doel dat Tom hiermee beoogde was: Democratisering van de
golfsport. Interesse wekken en toegankelijker maken van golf voor een breder
publiek. We moeten af van het vooroordeel, dat het een elitaire sport zou zijn. Voor ons was het een nieuwe activiteit die we graag aan ons pakket wilden
toevoegen. GOLF, zoals gezegd, heeft een ander image dan bijv. jeu de boules, kegelen of
sjoelen. GOLF bleek echter aan te slaan. Binnen ons zorgcentrum was belangstelling
voor de golfsport in het algemeen. De bewoners volgen het op de T.V. of ze hebben vroeger zelf golf gespeeld of
een van de kinderen speelt golf. Allemaal aanknopingspunten die mensen prikkelden om eens naar de introductie
bijeenkomst te gaan (zo'n 20 aanwezigen). Tom, (70 jaar) is een animator in hart en nieren, waar ik als
activiteitenbegeleider veel van leer. De overtuigingskracht en zijn liefde voor golf stralen van hem af. Doelgroep-analyse, doelstelling en werkwijze zitten verweven in zijn verhaal,
dat ook nog boordevol levenslessen zit. De aanwezigen zitten na een halfuur uitleg op het puntje van de stoel,
popelend om toch maar te kunnen beginnen. Ook buiten was het een succes. Gewoon in de tuin op het gazon. In minder dan
een half uur had Tom voor dag en dauw een golfveld uitgezet met alles erop en er
aan. Gemaaide greens, putjes, vlaggen club's en ballen. De les werd in praktijk gebracht en gaandeweg kregen we de slag te pakken.
Regelmatig bezocht Tom ons maar stak tevens
zijn energie in een volgende huis,
een kloosterbejaardenoord. wij, het thuisfront, oefenden en stimuleerden. Er
ontstond een groepje van 6 deelnemers. Het leuke was, dat er uit elk van de vier zorgcentra iemand
over bleef. Elke vrijdagochtend was het eerst koffie
drinken en een uurtje oefenen. Bij mooi weer buiten en bij slecht weer binnen. We
zijn nu anderhalf jaar verder. Met ups en downs is de groep gegroéid naar
10 vaste deelnemers. We hebben een partij gespeeld bij het eerder genoemde kloosterbejaardenoord,
wat een complete happening was, door de uitwisseling, de verjaardag van Tom die
we vierden (hij werd 70 en tot erelid benoemd) en misschien onverwacht door de
spanning van de wedstrijd. Er werd flink gestreden, men wilde niet voor elkaar onder doen en "moge de
beste winnen" werd menigmaal geroepen. Er zit een uitstapje aan te komen naar een nabij gelegen golfterrein. Nu zijn we zo ver dat we als golfclub "Nooit te Oud" ons bestaansrecht
verworven hebben en beginnen we aan het afbetalen van de ons gratis in bruikleen
gestelde materialen. Tom is ondertussen al weer op een nieuw adres bezig en we
zijn trots dat we
door zijn inspiratie als eerste ouderenclub zijn gestart. Mocht U lezer, dit feest mee willen maken, bel dan de heer Tom de Booy.
Dagboek
Zaterdag 27 augustus Sinds zondag 12 juni niet
bijgeschreven, wat een bewogen tijd is dit geweest. Met Erik en Jaqueline naar
Utrecht, die zondag 12 juni. Nu weer naar Erik en Jacqueline om te zeggen dat
ik de
BWO verlaat en het revolutie pad op ga van: DGW en DGS.
Augustus. Clubblad Eerste nummer van de golfclub Nooit te oud van de
verzorgingshuizen in Boxtel en omgeving
VOORWOORD
VOOR U LIGT HET EERSTE CLUBBLAD VAN GOLFCLUB "NOOIT TE OUD".. DIT TER GELEGENHEID VAN DE ZEVENTIGSTE VERJAARDAG VAN DE HEER TOM DE BOOIJ, INITIATIEFNEMER EN INSPIRATOR VAN DEZE NIEUWE ACTIVITEIT BINNEN DE STICHTING OUDERENZORG BOXTEL ESCH LIEMPDE. DIT BLAD WORDT GEPRESENTEERD TIJDENS DE EERSTE OFFICIELE WEDSTRIJD VAN ONZE GOLFCLUB OP WOENSDAG 31 AUGUSTUS, TEGEN GOLFCLUB "JUVENTUS" BEWONERS VAN HUIZE MOLENWEIDE TE BOXTEL.
MATHIEU HENDRIKS. HOE BEGON HET OOK AL WEER MET HET GOLVEN ??? ONGEVEER 4 MAANDEN GELEDEN KEEK IK DOOR HET RAAM NAAR BUITEN. EN WAT ZAG IK ??? EEN MAN MET EEN MAAIMACHINE IN ZIJN HAND EN ALS EEN WERVELWIND STOND HIJ GRAS TE MAAIEN IK DACHT, DAAR MOET IK HET MIJNE VAN WETEN DUS GING IK KIJKEN IK WERD HARTELIJK BEGROET IK VROEG: MOET JE AL DAT GRAS NOG MAAIEN EN TOEN WERD MIJ VERTELD: DIT WORDT ONS GOLFVELD EN HIJ HAD NOG VEEL MEER PLANNEN MAAR WE MOESTEN WEL 70 JAAR JONG ZIJN VEEL TIJD HAD HIJ NIET WANT HET GOLFVELD MOEST OM 10.30 UUR KLAAR ZIJN DUS GING HIJ ALS EEN WERVELWIND VERDER EN JAWEL HOOR, OM 10.30 UUR STONDEN DE GOLVERS KLAAR OM DE EERSTE LES TE VOLGEN EN VOLGENS MIJ, IS DAT IEDEREEN ~ED BEVALLEN. MET JOUW HULP WORDEN WIJ WEL KAMPIOEN
!!! TOOS EN JO
NOOIT TE OUD !!! 'N MOOIE NAAM VOOR ONZE CLUB WANT WIE HAD OOIT GEDACHT DAT JE MET JE 81 JAAR NOG ZOU GAAN GOLVEN IK VIND HET ERG GEZELLIG EN KIJK ER IEDERE VRIJDAG NAAR UIT OM GEZELLIG MET DE CLUB EEN BALLETJE TE SLAAN DAARBIJ HEBBEN WE FIJNE LESSEN GEHAD VAN DE HEER DE BOOIJ HOPEND ER NOG LANG VAN TE KUNNEN GENIETEN, ONZE DANK AAN DIE MIJNHEER UIT HET GOOI DIE ONS HET GOLVEN KWAM LEREN EEN SPORT, ZO GEZOND EN MOOI VOOR DAMES EN VOOR HEREN HIJ BRACHT SAAMHORIG- EN GEZELLIGHEID EN OOK EEN BEETJE STRIJD OP TIJD VOOR EMMAUS, SIMEONS EN ST. JOZEFHUIS EN PATERS EN ZUSTERTJES IN HUIS DAAROM
WILLEN WIJ HEM GEDENKEN VOOR DE AAN ONS ZOVEEL BESTEDE TIJD VOOR DIE BUITENSPORT OP HET GROENE TAPIJT MET DANK EN WAT GESCHENKEN !!!!
KRUYTMANS
HALLO TOM, IN DE EERSTE PLAATS WIL IK MIJN DANK OVERBRENGEN OMDAT WIJ ALLEMAAL ZO GENIETEN VAN JOUW INZET, ONS HET GOLVEN BIJ TE BRENGEN. HET VALT NIET MEE, ZOWEL VOOR JOU, ALS VOOR ONS. JE HOORT NU BIJ ONS HE, MET JE ZEVENTIG JAREN ! WE HOPEN DAT JE NOG LANG JE FIJNE WERK VOOR ONS VOORTZETTEN ALS ERELID VAN "NOOIT TE OUD". RIETJE SCHAADERS
GOLF IS EEN SPEL OOK VOOR MENSEN VOOR 70 JAAR EN OUDER!
Woensdag 31 augustus 1994 Golf-Derby Molenweide
Op de 6 holes golfbaan van het Kloosterbejaardenoord Molenweide te Boxtel
is vandaag de Golf-Derby gehouden tussen de Golfclub "Nooit te Oud "van de
verzorgingshuizen Emmaus,Simeonshof,St Jozefszorg en de Golfclub "Juventus"
van Kloosterbejaardenoord Molenweide. Na een enerverende strijd ( na zes holes
lag Juventus nog met 2 slagen voor!) hebben toch de spelers van de Golfclub
"Nooit te Oud" de wisseltrofee van de Derby Cup in de wacht kunnen slepen. Het
totaal aantal slagen van Juventus 367 en Nooit te Oud 337, waardoor Nooit te
Oud er met de trofee er vandoor ging. De spelers werden aangemoedigd door maar
liefst 30 supporters van de verschillende tehuizen. De beste score werd door Jo van der Eerde gemaakt met 50 slagen over 12 holes! Over enkele maanden zal de revanche plaats vinden op de golfbaan van
Simeonshof. Bericht opgemaakt door de coördinators van de Stichting Democratisering
Golfsport, Dr Tom de Booij Baarn

Golfderby Molenweide-Simeonshof

Links groepsfoto. Rechts Tom's 70ste verjaardag in Molenweide
Augustus. LANGS DE LIJN
De lang verwachte Boxtelse "Ïnterland"
zou gespeeld worden tussen de golfclub van Simeonshof
genaamd "nooit te oud" en
Juventus van de Molenweide.
Juventus is een zeer toepasselijke naam voor de kwieke sportlui van
onze Molenweide. Vol verwachting zaten we langs de lijn. Op alle aanplakbiljetten was te lezen dat de wedstrijd om 2 uur zou beginnen.
Het werd half drie. Nog geen spelers . Die zaten intussen in de Broeder van Oirschot-zaal geestelijke liederen te
zingen om Gods Zegen over de wedstrijd af te smeken. Eindelijk, daar was het dan zover ..... Alle spelers zagen er in
topvorm uit en de golfballen daar moest je met je leesbril naar kijken. Het werd
een spannende strijd. We zagen Zr. Yvonne uithalen voor de slag van haar
leven, maar na afloop van deze manhaftige actie bleef de bal stil op het gras
liggen. Gelukkig was haar arm niet uit de kom geschoten. De wedstrijd verliep verder-zonder-gele of rode kaarten en niemand had
na afloop een voetbalknie. DUS: golfen is een gezonde en gezellige sport. GA ZO DOOR TOT DE VOLGENDE
"GOLF".De
enthousiaste supporters van de Molenweide.W.K. .
2-3 september 70 ste Verjaardag gevierd met familie in Schiermonnikoog. Hotel Noderstraun aan het strand. Kosten f 2689 25
Viering 70ste verjaardag op Schiermonnikoog. De familie aan tafel in ons hotel

De familie aan de champagne
6-9 September. 4 dagen golfen met de greenkeepers van de Haagsche in België

Groepsfoto van België gangers: vlnr Adriaan Pessemier, Aad vd Sman, Tom de Booij met de beker, Nico vd Sman, Klaas Bellekom, Fred Menken, Jaap Kuyt, Gerard Snelderwaard, Menno Deknop
September Artikel in Golf Society "GVB is een
monstrum geworden "Dr De Booij's stichting wil Nederland democratiseren
(door Henk Visser)
Een groot deel van z'n leven heeft hij
zich verzet tegen de gevestigde orde. Als wetenschappelijk (hoofd) medewerker
aan de Universiteit van Amsterdam was hij betrokken bij de bezetting van het
Maagdenhuis. Als universitair docent gaf hij onderricht in de geo-politiek, de
leer van de ( ongelijke) verdeling van de delfstoffen. Hij speelde een leidende
rol "bij twee Nederlandse Himalaya-expedities en één naar de Andes. Op
latere leeftijd raakte hij in de ban van de golfsport. En ook hier zet hij zich
af tegen de gevestigde orde. Zijn naam: dr Tom de Booij, A-professional ( onder
andere betrokken bij de BMW-tour) en gewaardeerd lid van golfclub Anderstein. In
april van dit jaar richtte hij de 'Stichting Democratisering Golfsport' op. Een
opmerkelijk initiatief. Als coördinator heeft hij zitting in het bestuur dat
verder bestaat uit Tom O'Mahoney (voorzitter), Gerard de Smit (afkomstig uit de
tenniswereld waar hij betrokken was bij de jeugd-opleidingen) en Ad Wessels, de
head-pro van ·Spaarnwoude. De nieuwe stichting wil de golfsport in Nederland
populariseren zodat hij , voor iedereen toegankelijk wordt . Volgens Tom de
Booij is het bepaald, niet nodig om overal kostbare en ruimte verslindende
l8-holes banen aan te leggen. Hij verwijst in dit opzicht naar z'n eigen verleden.
Aan het begin van de jaren tachtig begon hij op een parkeerplaats en een recreatie-terreintje in de onmiddellijke omgeving van kasteel Drakesteyn in
Lage Vuursche met het lesgeven aan de jeugd. Het lidmaatschap kostte niet meer dan
F 15.- per jaar. In no time had hij een grote schare leerlingen rond zich
verzameld. Uit dat initiatief werden twee nieuwe golfclubs geboren : Be Fair en 't Jagerspaadje, beide in Hilversum
gevestigd. De militante Tom de Booij zegt onder het
motto : ongelijk doch gelijkwaardig te streven naar een structuur waarin NGF
en N.P.G.A. ( de Nederlandse Professional Golfers
Associatie) broederlijk naast elkaar de belangen van hun leden behartigen. De
NGF moet er naar zijn mening voor zorgen dat er voldoende accomodaties zijn
waarop de mensen het golfspel kunnen beoefenen met inachtneming van de regels en
etiquette.
Verpaupering
Op dit moment is er volgens De Booij in ons land sprake van
een verpaupering van regels en etiquette. Wie z'n ogen op onze banen goed de kost geeft, ziet dat er vaak maar wat aan
gerotzooid wordt. Er wordt een loopje genomen met de meest essentiële
onderdelen. van de etiquette. Men laat niet door. Er worden geen divots en
pitchmarks gerepareerd. De vlag wordt niet goed teruggezet. De marker is
uitgepraat, ook in belangrijke wedstrijden. De oude mores die de basis voor de
ware golfcultuur vormen, zijn niet meer 'bon ton' en dat is voor een groot deel te
wijten aan het GVB. Tom de Booij heeft zelf in het begin van de tachtiger jaren gepleit voor de
invoering van een GVB, maar het golfvaardigheidsbewijs in zijn huidige vorm vindt
hij niets meer of minder dan een. monstrum. Het hele multiple choice systeem is
naar zijn oordeel uit den boze en daar naast heeft hij grote bezwaren tegen de
vaak academische vragen. Het is toch belachelijk
dat kandidaten huizenhoog tegen het examen opzien en hun
toevlucht tot kalmerende middelen moeten nemen. Het is buitengewoon triest en
eigenlijk te gek voor woorden dat mensen vanwege de spanning onwel worden
tijdens het examen. " Veel golfers beschouwen dat
veelbegeerde GVB als einddoel en ook dat is treurig. Dit alles is allerminst
bevorderlijk voor het aankweken van de golfcultuur", aldus mijn geharnaste
gesprekspartner. Naar zijn mening kan juist de professional een sleutelrol
vervullen bij het vormen van de nieuwe golfers. " Maar in het huidige systeem is daar geen sprake van.
De club-professional mag zijn leerlingen een goede grip en techniek van de
verschillende
slagen bijbrengen, maar als het om regels en etiquette gaat, doen de clubs dat
liever zelf. En dat terwijl die commissie leden zelf ook vaak·maar over
een uiterst beperkte kennis van de regels beschikke," Dit onderwerp is een
van de
stokpaardjes van De Booy sr (zoon Mauk is als pro aan golfclub Anderstein
verbonden ). En hij weet waar hij over spreekt. Bij de lezingen die hij
regelmatig in den lande houdt, vormen de regels en etiquette steevast één van
zijn thema's. Op zijn homecourse Anderstein verzorgt hij regelmatig workshops
over dit onderwerp.
Drempels slechten
Dr Tom de Booij is van oordeel dat de
golfsport zo'n uniek gunstige uitwerking kan hebben op de (geestelijke)
volksgezondheid,·dat de te hoge drempels van nu geslecht moeten worden. Het
golfen moet gepropageerd worden. Het vormt je karakter, want je moet het
helemaal alleen doen. Golf is een eenzame daad, eenzamer dan de paringsdaad want
dat doe je met z'n tweeën. Wat gaat er niet allemaal door je heen op zo'n ronde.
Je krijgt een geweldige kick bij een mooie drive, pitch of putt, maar je moet
ook oplazers in ontvangst nemen wanneer je hopeloos mist. Niemand kan zich in golf
een arrogante houding permitteren, want je bent nooit zeker van een goeie
volgende slag. Als het aan Tom de Booij ligt, ontstaan
er op korte termijn in ons land golfscholen voor kinderen, bejaarden, aankomende
vliegeniers en andere groeperingen in onze samenleving die de golfsport niet meer
zien als een aardig tijdverdrijf, maar essentieel achten om inspiratie op te
doen om zich te kunnen handhaven in een steeds verder geautomatiseerde wereld. Net als
(zijn zwager) Toto Strumphler, die
elders in deze 'Golf Society' aan het woord komt, is hij voorstander van liet
afschaffen van de " belachelijke prijzen die door amateurs kunnen worden
gewonnen bijvoorbeeld op bedrijfsgolfdagen. Prijzen moeten worden teruggebracht
töt normale proporties : een balletje of een plastic zakje met wintertees."
Don't cheat
Het is naar het oordeel van dr Tom de
Booij van het grootste, belang dat de golfprofessionals door de NGF serieuzer
worden genomen. De pro's hebben nu volgens hem met niet het gevoel "erbij te
horen". Ze worden geduld, tot voor kort hadden ze met eens toegang tot het
clubhuis ". De N.P.G.A. heeft op het punt van de
opleidingen nu een adviserende rol, maar de NGF beslist. Dat is in de ogen van
De Booij een zeer ongewenste situatie. Hij spreekt van een " monopolie dat
doorbroken dient te worden in het belang van de de vaderlandse golfsport." NGF en
pro's moeten de handen ineen slaan om de aankomende golfer de golfcultuur
proberen bij te brengen, onder het motto : " Play the ball as it lies and don't
cheat ".
September Artikel in Golf Society. Artikel Pré-shot routine basis van een goede golfronde. Door John Poeldijk
Hoe je staat, is hoe je slaat. Deze simpele conclusie kan worden opgetekend
uit de mond van Tom de Booij; kort geleden 70 jaar geworden en nog steeds
super-actief in Nederlandse Golfwereld.
De man die pas op late leeftijd in
contact kwam met golf en enkele maanden als head-pro in Nunspeet werkte, heeft
nooit van zijn hart een moordkuil gemaakt, wanneer hij het met bepaalde
situaties in de maatschappij niet eens was. De Baarnse patriciër heeft het ook
nooit nagelaten om de gevestigde orde aan te vallen, wanneer dat in zijn ogen
noodzakelijk was. De golfwereld is aan zijn dadendrang niet ontsnapt. Maar De Booij verdiept zich ook, als
geen ander, in het golfspel. Een jaar of zeven geleden wilde hij, de man die
eens een goede baan had aan de Universiteit in Amsterdam in de geologie, wat
nauwkeuriger weten wat er allemaal in onze hersens afspeelt wanneer we met golf
bezig zijn. Vanuit Duitsland kwamen de eerste signalen met metingen rond een
bepaalde beweging en de reactie van de hersens. Daaruit bleek dat tot op 300ste
milliseconde je nog een activiteit kunt afbreken door te denken: ik doe het
niet. Het punt van 'no-return' breekt aan bij 90 milliseconde. "Op dat moment
wordt alle informatie over de beweging al naar je spieren gezonden en dan is
niets meer af te stoppen" las Tom de Booij. Het was voor Tom de Booij het begin van
een studie naar de zogenoemde pré-shot routine; de voorbereiding op een slag,
een chip of bijvoorbeeld een putt. "Wat en waar gebeurt iets in de hersens, vóór
je een bepaalde beweging doet? Dan blijkt ineens uit Amerikaanse literatuur"
constateerde De Booij, "dat topgolfers en de sub-top niet verschillen door hun
manier van golfen, maar door hun pré-shot routine. De topgolfer is niet
alleen stabieler, maar hij doet ook altijd precies hetzelfde tijdens de
voorbereiding op een beweging. Met gelijke tijdsonderbrekingen. Daardoor is zo'n
speler ook press-bestendiger. En dat is het aanwijsbaar verschil tussen top en
sub-top".
Impulsen
Tijdens het spelen van een rondje golf
krijgt het lichaam zoveel impulsen binnen, dat je een bepaalde routine moet
opbouwen om alles op de juiste manier te kunnen verwerken. "Al die impulsen
bepalen immers onze motoriek. Niet alleen rond zintuigen als het zien, het horen
en het voelen, maar ook rond de stand. Het voelen van hoe sta ik. En dat laatste
bepaalt uiteindelijk weer je automatische beweging. Er moeten twee fasen in onze
hersens geprogrammeerd worden: waar staat de vlag en hoever moet ik. Daarna moet je pas gaan denken aan de
beweging en de club-keuze. Wanneer dat achter de rug is, wordt de motoriek
opgeroepen die je eindeloos op de drivingrange hebt geleerd. Wanneer je echter
op het laatste moment toch nog aan water of aan out of bounds denkt, dan
verschijnt er op het computerscherm in je hersens de tekst: bad command, retry.
Wanneer alles in je gedachten klopt, dan laat je het schot gaan: het schot valt
als sneeuw die van een bamboeblad afglijdt. Wanneer je immers een goed schot
hebt, dan voel je de bal niet eens. En dat is logisch: want je hebt in je
pré-shot routine alles al meegemaakt. De angst is op dat moment uit je lichaam
vertrokken. Je verbaast je er dan ook niet meer om dat de bal binnen één meter
van de vlag ligt! Aan de andere kant: je denkt: gaat de bal wel in de hole?
Vergeet het dan maar. Want het programma dat hoort bij het NIET missen van een
puttje, is niet gepasseerd. Je roept op dat moment gewoon een verkeerd programma De komende maanden gaat Tom de Booij
samen met de in Nederland werkende professional Alan Saddington proberen om die
stukjes van de hersens te trainen die in actie komen voordat de beweging er is.
Bijvoorbeeld de relatieve tijdsafstand tussen bepaalde bewegingen zoals het aantrekken van het
handschoentje voor een slag, het optrekken van de broek (altijd duidelijk te
zien bij Ballesteros) en het omhoog steken van de armen (bij Fred
Couples). Die tijdsafstanden moeten constant zijn om een goed schot voor te
bereiden. Als we bij Saddington bepaalde begrippen hebben vestgesteld, dan kan
daar een speciaal trainingsprogramma op worden afgesteld. Maar daarvoor moeten
de 'hogere knopen' in de hersens getraind en geprogrammeerd worden. Onze 'lagere
knopen' in de hersens zijn geen probleem: ballen slaan op de drivingrange en
ballen slaan ... Die 'lagere knopen' zijn wel van groot belang, want die bepalen
de automatisering van de beweging". De meeste golfers weten ondertussen wel
dat gewoon lang nadenken bij een schot, niet altijd de meest perfecte uitwerking
heeft. "Wanneer je echt nadenkt dan gaat het fout" stelt De Booij. "Je moet over
een programmering beschikken die zo getraind is dat je niet meer hoeft na te
denken voor de echte beweging. Je komt bij de
bal en je kiest gewoon
voor een programma. In het begin is dat moeilijk om dat in te denken, maar
daar kun je op trainen: voor mij de complete training. Weet je wie de beste
golfers kunnen zijn? Dat zijn vliegers. Die nemen voor korte of lange afstanden
een check-list door en vliegen. Die zijn volledig voor-geprogrammeerd".
Tom de Booij is niet alleen bezig met
studie over golf. Hij is ook heel nadrukkelijk bezig met andere zaken in de
golfwereld. De afgelopen maanden heeft hij getracht om op de basis 'ongelijk
doch gelijkwaardig' te streven naar een struktuur waarin NGF en N.P.G.A.
(professionals) samen de belangen van de golfers kunnen behartigen. Daarnaast
voerde hij fel actie tegen de gevestigde orde in de golfsport. Daarvoor werd de
"Stichting Democratisering Golfsport" opgericht. Door te weinig steun onder de
professionals en door angst ('Wiens brood men eet, diens woord men spreekt',
zegt De Booij) is de Stichting dit jaar op doodspoor komen te staan. Datzelfde
geldt voor de Nederlandse Vereniging van Caddie-masters die door hem in het
leven werd geroepen. Even was men voor deze vakbond enthousiast, maar van
bovenaf werd ingegrepen. "Ineens wilde niemand nog iets met mij te maken hebben.
Ik ben nu nog het enige lid", stelt de man uit Baarn een beetje verbeten vast.
"Voor mij staat het vast: in Nederland is golf voor mij over. Ik heb geen zin
meer om aan dat spelletje mee te doen. Ik heb dan ook mijn lidmaatschap als
professional met ingang van 1 januari 1995 opgezegd, omdat ik niet langer
solidair kan zijn met de anderen, inclusief zelfs mijn beste vrienden die
golf-pro's zijn".
Bejaarden
Met hart en ziel werkt Tom de Booij aan
twee andere opvallende zaken in Nederland: Golf voor Bejaarden en Golf voor
Gedetineerden. De laatste activiteit moet nog echt van de grond komen. Zijn
activiteiten bij het Bejaarden Golf daarentegen nemen iedere maand toe. Eind augustus heeft Tom de Booij zelfs
in Boxtel een wedstrijd tussen bejaarden georganiseerd. "Als ik van zo'n
happening thuis kom, voel ik me een intens gelukkig mens. Want vergeet niet:
veel bejaarden voelen zich immers de afgeschrevenen uit ons leven. En waarom heb
ik bij de bejaarden zo'n succes? Omdat ik ze kan laten zien wat ze nog met golf
kunnen: uit hun invalidenwagentje of lopend met een ijzer 7 en een putter als
hulpstokken, over het baantje dat ik heb uitgezet: wel een baantje met perfect
gestoken holes en echte vlaggen op een kleine, maar goed gemaaide green. Ik heb
een vrouw, half verlamd, uit haar wagentje een putt van zo'n 11 meter zien
maken. Putter en bal heb ik haar toen meegegeven. Zo trots als een pauwen
zwaaiend met de putter, reed zij in haar invalidenwagentje naar haar kamer in
het bejaardenhuis terug. Van zoiets krijg ik een kick. Dat moment verdwijnt
nooit meer van mijn netvlies". De activiteiten in Boxtel haalden de
pers en de 'sneeuwbal' was aan het rollen. Het vervolg werd een kloostertuin,
waar paters en nonnen, naast bejaarden met een medische indicatie, de eerste
ontmoetingen met de golfsport hadden. Een non ging daar voor de eerste keer
achter de bal staan. "De club zat stevig tussen haar handen." Zij", vertelt De
Booij enthousiast, "slaat en mist de bal volledig. Ik ga naar haar toe en vraag:
als u gaat bidden, hoe sluit u dan uw handen? Heel devoot en losjes gaan de
vingertoppen naar elkaar. Als u nu ook eens zo losjes uw club vast gaat houden,
dan lijkt me dat veel beter. Vervolgens zet een priester zijn club achter de bal
en ook hij mist. Ik zeg: Pater, gaat u ook zo maar brood en wijn uitdelen in de
Mis. Zonder enige voorbereiding? Nee, dat deed hij niet. Hij bereidde dat
altijd voor steeds op
dezelfde manier.
Als u dat nu oók eens doet bij het slaan van een golfbal: altijd dezelfde
pré-shot routine. En op die pré-shot routine net zolang oefenen tot je er niet
meer over hoeft na te denken. Bij het slaan van een bal wil je toch iets
transcederen. Je wilt de materie geest laten worden. Dat is ook zo bij golf. Als
men over de bal heen slaat, dan is die bal ineens verandert van een bal die niet
in het spel was, tot een bal in het spel. En de bal is niet eens geraakt. En dat
is ook een brok mystiek. Net als brood en wijn op het altaar". Golf had de pater niet alleen een wijze
les bijgebracht, maar hij was ook ineens enthousiast over het spelletje.
Tom de Booij blijft erbij dat golf
volgens hem ook een volkssport kan worden, net als in Groot Britannië. Want golf
is, en de "Decisions on the Rules of Golf" spreken in dat opzicht duidelijke
taal, een heel simpel spelletje: "The Game of Golf consists in playing a ball
from the teeing ground into the hole by a stroke or successive strokes in
accordance with the Rules". En dat is golf: niets meer en niets minder!
Zaterdag 10 September Pro-Am met prominente op golfbaan in park aangelegd in Voorschoten

Pro-Am met prominenten in Voorschoten
Donderdag 29 september. Brief van Bob Polak
Ik ben redacteur van Hermans-magazine, het kwartaalblad over het werk
van Willem Frederik Hermans, en ik richt me tot u met enkele vragen over de
roman Nooit meer slapen. Hopelijk ben ik bij u aan het juiste adres en
was u indertijd als geoloog verbonden aan het Geologisch Instituut in Amsterdam.
Mocht dat niet het geval zijn, dan moet u mijn brief maar als niet geschreven
beschouwen. Onlangs ontdekte ik dat u (althans· "een" dr T. de Booy) model staat voor het personage
Brandel in Nooit meer slapen (23ste druk, pp. 38 e.v., 259 e.v.).
Hoofdpersonage Alfred Issendorf staat nogal ambivalent tegenover Brandel. Aan de
ene kant vindt hij hem oppervlakkig, aan de andere kant is Brandel heel wat
geslaagder in de wetenschap dan Alfred. Mijn vragen:
1. Was u inderdaad een studiegenoot van Hermans in de jaren veertig? Wat
studeerde u: geologie of fysische geografie? Zijn er nog anekdotes over die
studietijd te vertellen? Wat was Hermans voor een jongen?Had u wel contact
met elkaar?
2. Klopt het beeld in Nooit meer slapen dat u al jong een actief
sportbeoefenaar was (schaatsen, bergbeklimmen, motorrijden)?
3. Had u na uw studie nog contact met Hermans? Zo ja, waar bestond dat uit?
4. In 1960 zou u (p. 260) met Hermans hebben deelgenomen aan een excursie in
Zweeds Lapland, naar het meer Rissajaurre. Met Hermans was u de enige die het
meer overzwom. U keek onder het heldere water en zag de bodem, Hermans vergat dat. Is dat inderdaad zo gebeurd? Is er misschien nog meer over die excursie te vertellen? Welk beeld had u
toen van Hermans?
5. Hermans laat Brandel van zijn Himalaya-expeditie in 1962 terugkomen met
bevroren voeten. Brandel komt in een invalidenwagentje terug op Schiphol.
Klopt dat? Zo nee, hoe moeten we dit dan interpreteren? Als wraak van Hermans
op u?
6. Weet u wie model stond voor Alfreds promotor Sibbelee? Prof. dr C. G. Egeler?
Ik zou het zeer op prijs stellen als u mijn vragen wilt beantwoorden.
Mogelijk zijn er nog andere zaken die in dit verband interessant voor onze
lezers kunnen zijn. In afwachting van uw reactie, met vriendelijke groet, Bob
Polak.
Donderdag 6 oktober 1994 Brief van Bob
Polak
Geachte heer De Booij, Vandaag ontving ik in goede orde de twee artikelen uit NRC Handelsblad
uit 1982. Ik kende ze niet. Uw nadere informatie was wel zéér hermansiaans: toeval dat ons
telefoongesprek op 3 oktober plaatsvond en nog eens toeval dat het lemma
hermaphroditus op dezelfde pagina stond als het lemma Hermans!! Bijgaand zend ik u (op mijn beurt) een kopie uit het blad
Bulletin,
waarin ik de passage over Sibbelee heb gemarkeerd. Op wie zal Hermans hebben
gedoeld? Had prof. Brouwer (Sibbelee) aan iemand de pest? Zo ja, wie kan dat
dan zijn geweest? Of stond Egeler toch model voor Sibbelee en dacht hij (u
raakte immers in 1965 met elkaar gebrouilleerd, zo begreep ik uit ons
telefoongesprek) abusievelijk dat u model stond voor Sibbelee ... ? Misschien
kunt u er in uw artikel op ingaan? Wij zijn vooral geïnteresseerd in de werkelijkheid achter de fictie in
het werk van Hermans (en schrijven zo, op onze manier, aan zijn biografie).
Wat is waar en wat gefantaseerd? U gaf telefonisch al aan dat u zeker niet
in het geheel overeenkomt met Brandel. Dat blijkt ook wel uit de ingezonden
brief van Hermans uit 1982. In aanvulling op mijn eerste brief dan ook mijn vraag of u in uw artikel
wilt aangeven in hoeverre het beeld van Brandel overeenkomt met de
werkelijkheid. Om het hele rijtje maar af te
gaan,
- bent u inderdaad nooit een intieme vriend van H. geweest? (in
hoeverre kunt u zich Hermans van uw studie herinneren?)
- won u 'medaljes'
met langebaanwedstrijden op de schaats? zo ja, wanneer?
- was u op uw zeventiende jaar al een volleerd alpinist?
- reed u 200 op
een motor? - ging u al sinds uw zevende jaar elke zomer naar Zwitserland
- kan u jodelen?
- drinkt u inderdaad niet?
- rookt u inderdaad niet?
De overige vragen stelde ik al in mijn eerste brief (excursie naar Zweeds
Lapland in 1960 etc.). Heeft u in 1960 overigens Barry Bishop ook
meegemaakt, over wie H. schreef in het Handelsblad? Verder houden wij ons aanbevolen voor illustraties die wij bij uw artikel
kunnen opnemen (foto's uit uw studietijd, of van Hermans in 1960? of van
Bishop? of van Fjellang?, kaarten, tekeningen, treinkaartjes, kaartjes uit
1960 van het symposium, alles wat relevant kan zijn voor uw 'contacten' met
Hermans). Ik hoor graag weer van u, met hartelijke groet, Bob Polak, Vecht straat 89', 1079 JB Amsterdam
Dagboek Zondag 16 oktober. Bijna 2
maanden niets in dagboek geschreven. Maar het waren ook tijden die teveel onrust hebben
gezaaid. De
affaire van Zijl. De contacten met Loes en het hernieuwde contact met
Adrienne. Kamer boven op zolder ingericht voor archief. Begonnen aan het
schrijven
van het boek: Wat weet de deur van het huis? Eerste hoofdstuk Amygdala en emotioneel
geheugen. Tweede hoofdstuk ontwikkeling seksualiteit. Derde hoofdstuk selfish gene.
Zaterdag 22 oktober weer woelige dagen achter de rug.
Vooral te zien hoeveel verdriet Adrienne heeft gehad en nog heeft over mijn liefde
met Loes. Ik zal toch een oplossing moeten vinden want ze accepteert het gewoon
niet. De tijd zal het leren. Weer begonnen met golfen. Gisteren goede lezing over
criminaliteit. Meer doordrongen van het feit dat ik alles op moet gaan
schrijven.
Dinsdag 1 november Toch nog steeds niet gelukt om minder
C2H5OOH te nuttigen. Hierbij zegt ondergetekende geen sterke drank te genieten tot 1 dec
was getekend Tom de Booij. Het boek begonnen gisteren, eerste nette pagina in rood
boek geplakt Voorts begonnen met dossier vanaf 1970 alles te ordenen.
Ook goed gestudeerd. Alle verplichtingen achter de rug.
Woensdag 2 november Ontwenningsverschijnselen tijdens
slapen meer dromen 7.45 -12.00 hersenen studie onderbroken door George Sanchez en
Erik betreffende thema dag. Taart gekregen van Wallenburg . Spanning geen bericht
van
Loes daardoor morgen niet afhalen schiphol. Emotioneel blijk ik nog niet zover
te zijn al cerebraal. Niet lief geweest tegen Adrienne. Smerige brief van G.
Erik geadviseerd bestuursvergadering te beleggen. Wel goed geslapen iets meer wijn dan
goed voor mij is echter geen sterke drank.
Donderdag 3 november Loes belde uit Maastricht. Spannende
tijd gehad in Mozambique. Haar duidelijk gemaakt dat het proces langzaam
verloopt naar kameraadschappelijke vriendschap Geen andere keuze. Voetbal en
Witteman te veel wijn.
Vrijdag 4 november Adrienne s-Nachts pijn onderbuik deze
hormoonpillen toch. Kom weer veel dichter bij haar, terug van weg geweest.
Zondag 25 december 1e kerstdag Diner bij ons in huis voor familie met een
pianorecital van Tom de Booij: Bach Prelude 12 Wohltemperiertes Klavier, Mozart
andante
sonate KV 545, Laurens van Royen Reverie Song voor Mary. Daarna Filmvoorstelling 8
mm oude kinderfilms.
Lezingen gehouden in 1994: Vianen, Haarlemmermeer, Hooge Vorssel, Best, de Haar, Tilburg, Wilnis, Vught, 2e kamer, BWO, Voorschoten
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Hoofdstuk 1. Begeleidingsactiviteiten van Louis Wallenburg door Dr Tom de Booij.
(Louis Wallenburg: geboren te Baarn op 10-10-63 wonende te Baarn Bisschopswaai 13
)
Voorgeschiedenis
In 1974 heb ik mij ingezet voor de sanitaire voorzieningen van het
woonwagenkamp aan de Bisschopswaai in Baarn. Door middel van nog al niet
bepaald frisse acties (zie hiervoor mijn dagboek 1974), zijn na half jaar de sanitaire
voorzieningen aangelegd.. In 1994 is mijn mountainbike
gestolen, voor die ik gezet had voor de boekhandel de Boer in Baarn. Ik wilde een krant
kopen met een artikel over de affaire BWO. Ik ben toen naar het
woonwagenkamp
gegaan om te zien of mijn fiets niet te koop was aangeboden door de dief. Zo kwam ik weer in
gesprek met Willem Wallenburg die ik in een tijd niet meer had gezien
Enkele dagen later en wel op maandag
24 oktober belde Willem Wallenburg mij op. Hij vroeg mij om langs te
komen inzake problematiek van zijn zoon Louis Ik ben toen naar het kamp gegaan. Willem vertelde mij dat zijn zoon Louis
op woensdag 2 november moest Louis verschijnen voor kantongerecht te Amersfoort in
zake onrechtmatig genoten bijstand van de gemeente Baarn in de jaren 1 januari
1984 tot en met januari 1994 ten bedrage van f 143.252,41, vermeerderd met de
wettelijke rente. Van de vader heb ik een volmacht gekregen om daarmee te gaan praten
met de gemeente Baarn. Tevens vernomen van de Vader van Louis betreffende de
zorgelijke gezondheidstoestand van zijn zoon. Hij was behoorlijk agressief
gewest tegen zijn vader.
(Toeval of niet? Vandaag woensdag 29 april 2009, als ik net bezig ben met het
schrijven over mijn begeleiding van Louis in dit dagboek 1994, belt Louis
aan en vraagt mijn hulp omdat hij slechts 19 euro deze maand van de sociale
dienst had ontvangen. Of ik hem daarbij kon helpen zoadat ik meteen daarna de
sociale dienst heb gebeld en de zaak voor hem heb geregeld)
Hieronder volgt het deel van het logboek 26 oktober-24 januari 1995,
dat betrekking heeft op het jaar 1994:
Woensdag 26 oktober: Gesprek gehad met mr L.B. Hogenbirk, juridisch
medewerker bij het bureau WBO, toetsing en verhaal van de gemeente Baarn. Mr
Hogenbirk heeft mij toegezegd, gezien de toestand waarin Louis verkeert, aan
het kantongerecht te verzoeken de rechtszaak drie maanden uit te stellen. Telefonisch gesprek gehad met Mw H.J. Huveneers-van Noort van de sociale
recherche te Soest. Zij heeft Louis verhoord in zake de vermeende fraude. Dit
verhoor is vastgelegd in rapport dd 17 februari 1994. Gesprek gehad met Dr Manschot van het Riagg Amersfoort.
Zaterdag 29 oktober . Eerste bezoek gebracht aan Louis. Hem toegezegd om zijn
maatschappelijke
positie te verbeteren. Allereerst hem hulp te bieden inzake de civiele en
strafrechtelijke procedure inzake de vermeende fraude
Zondag 20 november Nadat Louis had ingezien dat ik in staat was om zijn maatschappelijke positie
te verbeteren: o.m. uitslag rechtzaak voor kantongerecht. Met Louis afgesproken om hulp van een dokter in te roepen, dwz dringend
noodzakelijke verbetering van zijn gezondheidstoestand.
Vrijdag 25 november. Gesprek gehad met Dr Y. van Outheusden van het Riagg te Amersfoort. Daarna rond 17.00
uur gezamenlijk naar Louis gegaan. Dr van Outheusden was van mening dat Louis zwaar aan het hallucineren was. pillen
voorgeschreven: Orap en voor bijwerkingen: Tremblex. Dezelfde avond pillen
gegeven aan Louis.
Zaterdag 26 november. Rond 17.30 uur pillen verstrekt aan Louis. Politie te Baarn melding gemaakt van mijn begeleidingsactiviteiten van Louis. Dr Andriessen te Baarn, huisarts van Louis, eveneens op de hoogte gebracht.
Zondag 27 november. Rond middaguur pillen verstrekt
Maandag 28 november Telefonisch gesprek met Dr van Outheusden, afspraak gemaakt om eind van de
week Louis weer te bezoeken. Mr Hogenbirk verwittigt van het feit dat Louis pillen wil slikken en vooruit
gaat. s-avonds weer pillen verstrekt, duidelijk minder goed. Moeilijke
communicatie.
Dinsdag 29 november Teleurstelling: Louis wilde pilletjes niet meer slikken. Hij gaf ze aan me
terug. Weer katatone bewegingen. Vader Willem gebeld.
Woensdag 30 november Met Dr van Outheusden gebeld. Ik moest het toch maar weer proberen.
Donderdag 1 december Louis zat in de woonwagen van zijn ouders. Gevraagd of hij de pillen wilde
slikken. Hij antwoordde van: "NEE" .Ik heb hem toen medegedeeld dat ik aan
het Riagg zou mededelen dat ik het had opgegeven om hem nog verder te
begeleiden. Tenslotte is Louis gezwicht voor het dreigement dat hij anders zo
worden opgenomen en heeft de pillen geslikt. Dr van Outheusden hiervan ' s-avonds in kennis gesteld. Afgesproken
gezamenlijk op 8 december een bezoek aan Louis te brengen.
Vrijdag 2 december Bezoek gebracht aan mevrouw Schilt, maatschappelijk werkster gemeente Baarn.
Haar op de hoogte gebracht van mijn begeleidingsactiviteiten van Louis. Gedaan
gekregen dat Louis ondanks het feit, dat hij niet de benodigde formulieren
tijdig had ingevuld, toch zijn uitkering zou kunnen blijven ontvangen.
Zaterdag 3 december Louis niet kunnen vinden. Later bleek dat hij lag te slapen
in zijn caravan. De pillen voor die dag gegeven aan zijn zuster gegeven, die het
dan aan zijn moeder zou geven. ' s-Avonds moeder gebeld :"Louis wilde de pillen niet slikken".
Zondag 4 december Louis bezocht rond middaguur. Hij heeft gelukkig de pillen weer ingenomen.
Donderdag 8 december Rond 5 uur bezoek aan Louis met dokter van Outheusden. Depot pillen
voorgeschreven (Semap) .
Vrijdag 9 december Semap pil gegeven aan moeder die erin slaagde om Louis de pil te laten
slikken.
Maandag 12 december Pillen geslikt .Van OvJ te Utrecht heeft Louis brief ontvangen dat hij verder zal worden
vervolgd wegens fraude.
Vrijdag 16 december Brieven voor machtiging om zijn zaken te behartigen gebracht voor
ondertekening door Louis
Zaterdag 17 december Louis heeft de brieven voor machtiging ondertekend Weer Semap pil gegeven Duidelijk verbetering in toestand
Dinsdag 20 december Vader Willem belde op dat Louis van Dr Andriesen zenuw pillen had gekregen. (lozaepamum) s-avonds bezoek met Dr van Outheusden. Hij zou Andriessen vragen om niet meer
deze pillen te verstrekken .
Woensdag 21 december Brief geschreven aan Dr Andriessen met verzoek Louis niet meer die pillen te geven
Zaterdag 24 december Semap pil gegeven. De hele week heeft hij geen pillen willen slikken Gelukkig
hem de Semap (depot) pil kunnen laten slikken. Weer boze brief gestuurd aan
Andriessen. Louis heeft de hele week geen pillen willen slikken omdat hij de
pillen (slaappillen!) die Dokter Andriessen hem had gegeven veel beter vond.
Dinsdag 27 december Dr van Outheusden had Dr Andriessen gevraagd om geen pillen meer te
verstrekken aan Louis. Volgens Dr van Outheusden had Dokter Andriessen de pillen
gegeven, omdat Louis niet weg wilde gaan als hij de pillen niet kreeg!
Zaterdag 31 december
Semap pil gegeven. Helaas had Louis sinds zondag de hele week geen pillen
willen slikken. (vanwege "het Andriessen effect")
Einde dossier Louis Wallenbrug 1994, wordt vervolgd in 1995 en daaropvolgende jaren
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Hoofdstuk 2. Faillissement Bond van
Wetsovertreders
In de volgende jaren zal steeds aan het eind van het jaar een
apart hoofdstuk worden gewijd aan het het faillissement van de Bond van
Wetsovertreders (BWO)
1994 BOND VAN WETSOVERTREDERS
Zaterdag 3 september heb ik een werkstuk geschreven:
200 DAGEN BESTUURSLID VAN DE BOND VAN WETSOVERTREDERS 26 februari 1994-13
september 1994
In dit werkstuk worden bepaalde documenten, correspondentie tussen gevoegd
19 februari werd ik door de voorzitter van de Bond van Wetsovertreders (BWO) Erik van der Maal uitgenodigd om op de algemene ledenvergadering van de Bond op 26 februari 1994 te Utrecht een openingsrede te houden. Ik heb toen een historische terugblik gegeven over het ontstaan van de BWO in 1971. In dat jaar heb ik na mijn gevangenisperiode in het HvB te Utrecht samen met de oprichters van de BWO (het heette toen nog BOWO) een werkstaking in het HvB te Utrecht georganiseerd. Het eerste nummer van de BOWO post (het blad van de Wetsovertreders) heb ik na mijn rede aan het bestuur van de BWO aangeboden.

Eerste pagina van de BOWO Post 27 mei 1971
De vergadering verliep niet bepaald zoals het behoort. Het werd een
onfrisse vertoning. De achter de bestuurstafel zittende leden beschuldigden
elkaar over en weer. Ik heb de vergadering voorgesteld om een streep achter dit
geruzie te zetten en over te gaan tot de verkiezing van het nieuwe Bestuur.
Gezien mijn vroegere betrokkenheid met de BWO, heb ik mij kandidaat gesteld, in
de hoop dat met fris bloed misschien de BWO weer nieuw leven zou kunnen krijgen.
Ik heb er wel bij gesteld, dat ik maar voor een korte tijd in het Bestuur wil
blijven zitten. Net zolang, maximaal een jaar, tot alles er weer gezond uit
ziet. In de zaal was een zekere H. G. die zich ook wilde inzetten voor
de goede zaak. Hij en ik werden gekozen. Herkozen werden de bestuursleden Jan
Govers, J. van Z. en Erik van der Maal. De bestuursleden Rob Heyes en
Willem-Jan Stevens hadden zich niet herkiesbaar gesteld en verdwenen uit het
Bestuur. Jan van Welbergen werd niet herkozen. G. en ik spraken af dat we
niets meer te maken wilden hebben met de oude perikelen en besloten met een
schone lei te beginnen. Na de vergadering van 26 februari 1994 schreef ik
diezelfde dag aan de voorzitter Erik van der Maal een brief met de o.m. de
volgende zinnen: " Nieuwe bezems vegen schoon. Ik heb erg veel zin om mijn ad
interim taak zo goed mogelijk te vervullen. We kijken niet meer om en gaan recht
op ons doel af."
Woensdag 2 maart werd de eerste bestuursvergadering gehouden. Ik kreeg de
taak om me bezig te houden met de contacten met de commissie's van gedetineerden
(GEDECO'S). In samenwerking met de stagiaires zou ik een analyse maken en op
basis daarvan een strategie uitstippelen.
Op 9 maart heb ik een intern discussie stuk gemaakt : GEVANGENEN
VAKBOND?, een eerste aanzet voor het maken van een analyse van bepaalde aspecten
van het gevangeniswezen anno 1994. Het was uitsluitend bestemd voor het bestuur
van de BWO, de twee stagiaires en het oud-bestuurslid Jan van Welbergen. We
hadden uitdrukkelijk afgesproken dat we elkaar steeds op de hoogte zouden houden
van al onze activiteiten op het gebied van de Gedeco's. Behalve van Jan Govers
en Erik van der Maal, heb ik tot op de dag van vandaag geen enkele reactie mogen
ontvangen op mijn discussiestuk. Zelfs bleek later dat Jan van Welbergen mijn
stuk niet eens had ontvangen.
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
GEEN GUNST MAAR RECHT
De franse filosoof Michel Foucault heeft eens gezegd. De
vier machtsmiddelen waarmee de heersende klasse zich bediend zijn : Justitie, Gezondheidszorg, Kennis en de Media. Één van deze machtsmiddelen van de heersende klasse: het justitiële
apparaat/willen wij aan een nader onderzoek onderwerpen. We zullen ons in
eerste instantie beperken tot het gevangenissysteem, en wel in het
bijzonder op een bepaald aspect: "Wat zijn de grondrechten van de gevangenen, die in het eerste hoofdstuk
van de Grondwet zijn opgenomen en wel in het bijzonder wat het recht tot vereniging, vergadering en betoging ( artikel 8 en 9)".Het is duidelijk dat indien dit niet verder in wetten en bepalingen nader
wordt omschreven de deur openstaat voor de meest onderdrukkende vorm die de heersende klasse ter beschikking staat:
HET VERLENEN VAN GUNSTEN. Indien men zich niet naar de normen van de
heersende klasse wenst te gedragen, kunnen de verleende gunsten onmiddellijk
worden
ingetrokken. Door deze dreiging eet men uit het handje met de gedachte aan
het Nederlandse gezegde : "Diens brood men eet diens woord men spreekt."
Het doel van ons onderzoek is om na te gaan of in de gevangenis de
gevangenen in alle gevallen het genadebrood moeten eten of dat er bepaalde
rechten zijn verworven waarop men kan terugvallen, en vervolgens op bepaalde
beroepsmogelijkheden kan aanwenden. In alle nota's van de overheid die we bij
onze analyse tot nu toe de revue hebben laten passeren zijn we niet veel over
deze materie te weten gekomen. (Taak en toekomst van het Nederlandse
Gevangeniswezen,Tweede Kamer , zitting 1981-1982, 17 539,nrs. 1-2,3; Werkzame
Detentie, beleidsnota voor het gevangeniswezen, Tweede Kamer, vergader jaar
1993-1994,22 999, nrs. 10-11) der staten).
In het Bajesboek vierde druk (uitgave papieren tijger 1992) " Er is nog een lange weg te gaan, voordat deze grondrechten in volle
omvang zullen kunnen worden uitgeoefend. Juist de ontwikkeling van
vakvereningsrechten voor gedetineerden( red. gevangenen) zou een aanzet tot
emancipatie (red. geestelijke bevrijding) van deze groep kunnen zijn". Uitgegaan moet worden van een tweedeling in de gevangenis : personeel en
gevangenen. Het belang van het personeel is er voor te zorgen dat
alles zo gladjes mogelijk verloopt (rust en orde), terwijl de
gevangenen bepaalde grondrechten willen behouden. Niet alleen de muren,
gesloten deuren maken het duidelijk, dat zij gevangen zijn maar ook de macht
van het justitiële apparaat waar tegen over zij vrijwel machteloos staan. Daarbij te bedenken dat één van de kenmerken van ons
gevangenistoepassing is de strikt individuele "behandeling".Indien een
gevangene wil klagen tegen een bepaalde in zijn of haar ogen misstand, hoe
verloopt dan zo'n klacht procedure? Als de klacht bij de Commissie van Toezicht komt ( een instantie die geen baas boven zich
heeft en de onafhankelijke rechterlijke machtsinstantie moet
vertegenwoordigen). Vandaar dat in de door deze commissie ingestelde
Beklag; commissie één van de drie personen een rechter moet zijn . Als
de beklag: commissie de klacht verwerpt kan de klager zich richten tot een
ander los hier van staand extern adviesorgaan: de Centrale Raad voor
Rechtstoepassing. Deze Raad benoemt een BeroepsCommissie (BC). De uitspraken van deze commissie zijn bindend en staan boven(hiërarchisch)
de uitspraken van de beklagscommissie Als de Beroeps Commissie de
Beklag Commissie ongelijk geeft kan deze Commissie niet meer hiertegen in
beroep gaan. Het kan dan ook gebeuren dat op zo'n manier de directeur van een
gevangenis ongelijk krijgt.
Let wel het recht om te klagen blijft altijd beperkt tot een individuele klacht. Vandaar dat er onder de gevangenen een duidelijke
behoefte is ook om hun collectieve klachten uitdrukking te kunnen geven.
Een uitkomst zou zijn wanneer ze hun klachten zouden kunnen spuien bij een
door hun verkozen en samengestelde vakbond, die dan de klachten kan doorgeven
aan de Commissie van Toezicht. Nu zo'n vakbond er
niet nog niet .Zo is het voor een ieder beter om strikt van voor zijn eigen
belang op te komen. Je leven wordt er niet beter op als je voor je
mede-gevangenen opkomt. Het gezegde: "Ieder voor zich en God voor ons allen",
geldt niet alleen voor gevangenen maar ook voor het personeel, iets wat ze
dus gemeenschappelijk hebben. Het is juist op basis van dit gemeenschappelijk
belang dat het voor beide genoemde partijen beter is dat men aan de gevangenen
een zekere wettelijk vastgestelde verantwoordelijkheid geeft, dwz het recht om
een vakbond van gevangenen in het leven te roepen. (GEVANGENEN VAKBOND). Maar juridisch zijn er vele voetangels en klemmen. Het probleem ligt vastgelegd in artikel 15 vierde lid van de grondwet.
"Hij aan wie rechtmatig zijn vrijheid is ontnomen kan worden beperkt in de uitoefening van het grondrecht van vergadering en vereniging
voorzover deze zich niet met de vrijheidsontneming verdraagt". Prof mr Th. W.
van Veen is van mening dat door de overheid niet kan worden aanvaard, dat
gevangenen collectieve belangen hebben, die zij mogen verdedigen tegen
de leiding van de gevangenis. Er is volgens hem geen ruimte voor machtsvorming
door vereniging en vergadering . Professor van Veen is zelfs van mening dat
gevangenen hun in de grondrecht verankerde recht van vereniging en
vergadering niet mogen uitoefenen. Haaks hier tegenover staat gelukkig
de uitspraak van de Hoge Raad,dat de gevangenen dit grondrecht wel hebben, alleen dat het door de directie
beperkt kan worden door het bovengenoemde artikel 15 lid 4. Haal uit je winst.
Op 25 juni 1983 heeft de Hoge Raad twee uitspraken gedaan (NJ 1983, nrs 295
en 296) over deze grondrechten. De Hoge Raad erkent het recht van vergaderen
en vereniging door gevangenen, met die beperking dat de directeur die rechten
kan beperken , mits· zij daar goede argumenten voor aanvoert. Het is dan aan
de Beroepscommissie zich te buigen of de directie het al dan niet goed heeft gehandeld. In 1984 heeft een
Beroepscommissie de argumenten van de directie niet ontvankelijk verklaart. Een
uitspraak van de Beroepscommissie was in 1984:
" Met name als bezwaren van organisatorische aard van de kant van de
directie door nadere afspraken zouden kunnen worden ondervangen, is naar
oordeel van BC (red. Beroepscommissie) 27 december 1984 ,A 161/84,PI 1985,nr
22, m.n. C. Kelk, een afwijzende beslissing van de directie met betrekking tot
het recht van vergaderen onredelijk te achten gezien art.15 lid 4 GW
(Grondwet)"
Maar in deze gevallen blijf je weer afhankelijk van de Beroepscommissie. Je
moet wel een heel sterk argument hebben om deze heren en dames zo ver te
krijgen dat de directie wordt teruggefloten. In de praktijk komt het er echter
op neer dat de Directie heel veel macht heeft. Hierbij komt ook nog de
situatie , die we later in ons historisch overzicht
In een praktijk voorbeeld zullen we beschrijven, dat de communicatie
tussen de Directie van een Gevangenis,en het Ministerie van Justitie Directie
van het Gevangeniswezen), dikwijls ten nadele van de gevangenen, bijzonder
veel te wensen overlaat. Let wel dit geldt voor die instanties en personen
buiten de gevangenis die opkomen voor de belangen van een gevangene. Wordt
deze klacht gericht aan het adres Ministerie van Justitie dan wordt men
al spoedig doorverwezen naar de Directie van de Gevangenis. Richt men
zich met een bepaald verzoek tot de Directie dan wordt men doorverwezen naar
het Ministerie van Justitie. In onze naar voren gehaalde gevallen blijkt ook
nog dat de uitspraken van deze twee instanties tegenstrijdig kunnen zijn. Wie
is hier van de dupe : de gevangene. Het bekende systeem van het kastje naar de
muur. Voor Justitie werkt dit systeem van afschuiven bijzonder effectief. Soms zijn er goedgunstige gevangenisdirecties die veel van de wensen van de
gevangen tegemoet komen,maar het woord "goedgunstig" geeft goed weer
hoe de de directie van de gevangenis alle kanten uit kan gaan. Gunsten kan je
geven maar ook weer afnemen, zonder hier nader uitleg aan te hoeven geven. Wat is ons eerste streven zal zijn :"Bajusgunst moet omgesmeed worden
tot Bajesrecht"
In dit verband wil ik een samenvatting geven van gebeurtenissen,die ik heb
meegemaakt sinds 1944, nu een halve eeuw geleden die een beeld geven in bepaalde aspecten die ik hierboven heb geschetst.
De oppermacht van de directie van de gevangenis, die door het verlenen van
gunsten zijn gezag kan handhaven. Door deze subtiele vorm van repressie~ wordt
de gevangene gedwongen voor zijn eigen belang op te komen en de directie naar
de mond te praten om geen verder moeilijkheden te krijgen in zijn toch al
zwakke positie. Het collectieve belang kan hem gestolen worden.
Na dit historisch overzicht willen we nagaan of er inderdaad in de laatste
tijd verbeteringen of veranderingen zijn opgetreden. Daartoe zullen we ons in
eerste instantie moeten wenden tot de Minister van Justitie en zijn
ondergeschikten, alsmede wat er in praktijk van hun bepalingen terecht komt,
door de ervaringen van gevangenen op te tekenen. Pas na deze analyse,
kunnen we ons een beeld vormen hoe de rechten van de gevangenen, verankerd in
onze grondwet, anno 1994 er voor staan. Vervolgens zullen we trachten een juridisch raamwerk te maken waarin het
mogelijk zou moeten zijn om een Gevangenen Vakbond op te richten. Bij navraag
bij het Ministerie van Justitie hebben we nagegaan welke personen we moeten benaderen om ons doel te bereiken.
Het Werkschema ziet er als volgt uit: Minister van Justitie staatssecretaris Secretaris -Generaal, Directoraal-
Generaal Jeugdbescherming en Deliquentenzorg ,Hoofd directie Deliquentenzorg en Jeugdinrichtingen Waarnemend Hoofd A Afdeling Juridische Zaken (nu nog mr dr
E.H.M Hirsch Ballin) (mr A. Kosto) (mr G.J.van Dinter) (mr H.B. Greven) (drs L. Elting (mw mr.drs. E.G.S. Jongeneel)
We zullen in strikt hiërarchische lijn van boven naar beneden onze plannen
voor het instellen van een vakbond voor gevangenen naar voren brengen.
Voor onze toekomstige werkzaamheden putten we inspiratie
uit de ideeën van Thomas Mott Osborne. In 1913 begon hij in de
Verenigde staten met de hervorming van het gevangenis stelsel. Osborne wilde
met zijn experimenten duidelijk maken dat gevangenen door het besturen van
elkaar ook zich zelf leren besturen. Onze werkhypothese is dan ook dat door het ontwikkelen
van verantwoordelijkheidsgevoel bij de gevangenen dit decriminaliserend effect zal gaan bewerken.
Het huidige Justitie beleid betreffende het gevangeniswezen - daarbij
bijgestaan door de media en de publieke opinie - is bezig met de fabrikage van menselijke tijdbommen. Bij het het ontploffen. van deze bommen wordt de
roep om meer repressie weer groter en zie daar we zijn niet ver meer af van
het moment dat Rotterdam geen 13.7 % centrum democraten in de
gemeenteraad hebben maar meer dan
COMMUNICATIE MINISTER VAN JUSTITIE- DIRECTEUR GEVANGENIS
22 november 1971 schreef ik aan de Minister van justitie een brief met het
verzoek om kerstpakketjes aan gedetineerden te geven, betaald uit de opbreng
van de verkoop van door een gedetineerde getekende briefkaarten. De geldelijke
opbrengst zouden wij dan overmaken op de rekening van Justitie die dan pakketjes
zouden kunnen kopen en de tekenaar en zijn medegevangen een "verlichting" van
hun straf tijdens de kerstdagen zouden kunnen laten ondergaan. Tegelijkertijd schreef ik een brief aan de directeur van de gevangenis van
Arnhem met de vraag om de tekenaar een bezoek te brengen in gevangenis van
Arnhem.
10 december 1971 antwoord op de brief aan de Minister, getekend door de
staatssecretaris Drs P Allewijn. Hij sprak zijn waardering uit voor het
plan van de kerstkaarten actie. Hij verzocht mij contact op te nemen met
de directeur van de penitentiaire inrichting.De adjunct-directeur D.E. Saalink weigert medewerking zolang de Minister van
Justitie niet met een andere regeling komt, want "ex-gedetineerden" mogen
geen contact onderhouden:
16 december 1971 schreef ik wederom aan Minister van Agt om toch mogelijkheden
te zoeken om de actie te laten doorgaan, waar hij in eerste instantie zo welwillend tegenover stond. Aardig
detail: De geestelijke verzorgers van het Humanistisch verbond, die in eerste
instantie hadden toegezegd om de pakketjes binnen te brengen]zijn terug gekomen
op hun gedane toezeggingen( Diens brood ... )
Taal noch teken van de Minister, zodat wij op eerste Kerstdag de pakketjes
over de muur hebben gegooid van de Gevangenis van Arnhem (deze pakketjes zijn
door de directie in beslag genomen waarde f 439). Na deze actie zijn we op
huisbezoek gegaan bij de Minister van Justitie van Agt in Heiligland. Hij
ontvangt ons hartelijk en staat ons toe om gedurende twee uur hem alles te
vertellen over onze denkbeelden(grieven) aangaande het gevangeniswezen. Deze
sessie werd bijgewoond door een fotograaf en een verslaggever van de Arnhemse
Courant. Ook maakten wij een bandopname van het gesprek.
CENSUUR
Wegens het vernielen en ontvreemden van een VVD verkiezingsbord in Baarn werd
ik veroordeeld tot 1000 gulden boete of 40 dagen hechtenis zodat me liet
insluiten op 20 october 1976 in het huis van bewaring I te
Scheveningen reg.nr 3807 Tijdens mijn verblijf schreef ik een toneel stukje
(integraal geplaatst in de bajes
krant febr 1977) 22 nov schrijf ik aan de directie van het huis van bewaring tnv de sociaal
kultureel werker(SKW) Boon, een brief waaruit enkele zinsnede:" "Mijn
toneel stuk werd afgewezen. Ik wees op artikel 42 van de beginselenwet
waar wordt gesproken, om er naar te streven om initiatief en uitvoering van ontwikkelen en
ontspanning zoveel mogelijk van de
onder de gedetineerden aanwezige krachten gebruik te maken. In art 81 van
de gevangenismaatregel wordt daar echter met geen woord over gerept. Ik
signaleerde dat de SKW inderdaad uitgaat van de gevangenismaatregel. De reactie van de SKW Boon was:" Behoudens enkele
schrijffouten moet ik toch toe geven dat u het een en ander leuk overgeschreven heeft. Toch zou ik
als ik U was alles nog eens goed nalezen. U geeft een nog al eenzijdige
belichting, over welke strijd heeft
U
het eigenlijk. Technisch gesproken lijkt het een onhaalbare zaak om dit op te voeren. Het zou betekenen dat iedere speler een hoofdstuk uit het wetboek van
strafrecht zou voorlezen. U kunt toch niet verwachten dat U hiermee het publiek
zult boeien. Hoogachtend J. Boon. Soc. kult werker ".
Met kerstmis hebben we de directeur van het HvB te Scheveningen de heer
Scheen in een schril daglicht te plaatsen door een briefkaart, zogenaamd
afkomstig van hem zelf, aan verschillende instanties en gevangenen te versturen.
26 december kreeg ik uit de gevangenis van een gevangene R.M.J.P. een brief
waarin wel aardige zaken staan: " Er is hier nogal paniek veroorzaakt toen jouw kerstkaart kwam. Ze hebben
bij alle jongens die van jou een kaart ontvingen de cellen nagekeken. Ze hebben
zelfs de recherche ingeschakeld maar toen die met artikel 29
geconfronteerd werden, hadden ze het al gauw gezien. Er is ook nog een beetje
paniek geweest over dat toneel stuk want bij D. hebben ze het in beslag genomen
en ook nog twee brieven die hij aan jou wilde sturen."
.
31 december ontving ik van de gevangene W.L.D. uit het HvB te Scheveningen
een brief waarin enkele veel betekende zinnen in voorkomen nl over de paniek die
het bewuste toneelstukje heeft veroorzaakt.
"Zo je ziet is dit mijn derde brief aan je. Mijn eerste, die van 17.12. is
ingehouden wegens iets in de inhoud. Die krijg ik bij ontslag. De tweede brief
is ook ingehouden. Je schrijft dat de geruchten je bereikte : dat iets van mij
in beslag is genomen. Ja, ik moest je toneelstukje afgeven en in verband
daarmede sprak de directeur over opruiende tal en over het afnemen van mijn
schrijfmachine en over vleugel D. Ik ben toen door de knieën gegaan en het
toneelstukje .afgegeven":
Tot zo ver de korte opsomming van enkele gebeurtenissen tussen september
1943 en 31 december 1976.
De belangrijkste punten waren:
1. de functionering van een commissie van" gedetineerden"
2. de communicatie tussen het Ministerie van Justitie en de Directeur van een
gevangenis
3. de functionering van een sociaal kultureel werker
Samenvattend kunnen we stellen dat het bijzonder belangrijk is om
na te gaan hoe anno 1994 deze drie aangehaalde onderwerpen momenteel
functioneren. Nader onderzoek zal dit moeten aantonen. Tom de Booij
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Op Donderdag 17 maart zou er een hoorzitting over de nota van staatssecretaris
Kosto "Werkzame Detentie" voor de vaste commissie van Justitie van de Tweede
kamer worden gehouden waarbij de BWO was uitgenodigd. J. v.Z. zou een
verhaal schrijven en de BWO op die dag vertegenwoordigen. Toen bleek dat J. v.Z. zich niet aan zijn afspraak had gehouden om het verhaal te houden,
moest ik hals over kop een reactie schrijven op de nota van Kosto: "Werkzame
Detentie". Op dezelfde dag, als de hoorzitting van 17 maart, heb ik s-nachts om
drie uur ml]n verhaal gefaxt. Namens de BWO heb ik dit verhaal tijdens de
hoorzitting nader toegelicht.( Tweede Kamer der Staten-Generaal, vergaderjaar
1993-1994, 22-999, nr 12)
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Donderdag 17 maart Tweede Kamer der Staten-Generaal.. Gedeelten van het verslag van
de Hoorzitting gehouden over de nota "Werkzame Detentie" Voorzitter is
Mevrouw Swilders-Rozendaal.
Bond van Wets-overtreders Belangen Overleg Niet-Justitie gebonden Organisaties
(BONJO)
De voorzitter: De laatste weken voor een reces, dus ook voor het
komende paasreces, heerst er altijd een hectische sfeer in dit gebouw. Dat
verklaart de afwezigheid van sommige fracties. Dat heeft dus niets te maken met
een gebrek aan belangstelling. De fracties van D66 en Groen Links zijn weliswaar
niet achter de tafel vertegenwoordigd, maar hun medewerkers zijn wel degelijk
aanwezig en zullen alle relevante opmerkingen noteren en doorgeven aan de
fracties. Ik constateer dat de heer De Booij hier aanwezig is namens de Bond van
Wets-overtreders. De heer Van der Maal is aanwezig voor het Belangen Overleg
Niet-Justitie gebonden Organisaties (BONJO).
De heer Zijlstra (PvdA): Voorzitter. Er zijn geen brieven. Klopt dat?
De heer De Booij: Ik heb vannacht om drie uur de stukken gefaxt. Dat
was afgesproken met de secretaresse.
De voorzitter: Dat klopt.
De heer Korthals (VVD): Voorzitter. Ik stel voor dat de
vertegenwoordigers in het kort aangeven wat er in die stukken staat. Wij hebben
ze namelijk nog niet gelezen.
De heer De Booij: Voorzitter. Ik heb zelf een detentieverleden tussen
de jaren 1943 en 1976. Ik kan dus spreken uit eigen ervaring tot 1976. In 1971
heb ik meegewerkt aan de oprichting van de Bond van Wets-overtreders. Ik ben
kort geleden in het bestuur benoemd. Vanuit die functie - uitgaand van mijn eigen ervaring en van de belangen van de Bond
van Wets-overtreders - heb ik een stuk geschreven, een stuk dat ik gisteren
aan u heb gefaxt. Daarin ga ik in algemene zin in op de nota. Ik geef daarbij aan wat mij het meeste
heeft geboeid en geraakt. Allereerst ga ik in op de hoofdpunten, de drie punten die
beginnen met "veilig", "menswaardig" en "doelmatig". Mijns inziens is de volgorde verkeerd. Daaruit lees ik dat in de nota primair is uitgegaan van
de veiligheid. Ik zit nu tegenover de wetgevende macht, die er naar mijn
oordeel bekaaid van af komt. Immers, pas op pagina 8 wordt iets over de wetgeving gezegd. Er wordt gesproken van veiligheid en regime. U
heeft hierover zojuist gesproken met de directeuren van gevangenissen en met
de verenigingen die de belangen van het personeel behartigen. Wij behartigen
de belangen van de gedetineerden of, beter gezegd, de gevangenen. "Gedetineerden" is toch eigenlijk een verhullend woord. Het gaat om
gevangenen. Er is duidelijk sprake van een tweedeling in onze maatschappij.
Ook kamerleden en pers maken zich daar schuldig aan. Wij kunnen meteen zien of
iemand achter de deur heeft gezeten of niet. Wij hebben het echter uitsluitend over bewaarders. Het is heel merkwaardig dat sommige mensen die daar niet
zijn geweest, spreken van "bewakers". Daar ligt het essentiële verschil. Wat
wij in deze nota duidelijk zien - en dat is zojuist ook al gezegd - is, dat de positie van de bewaarder door de omstandigheden als het ware gaat afglijden en dat hij
een bewaker wordt, een cipier. Dat die tendens zich voordoet, heb ik ook in
het stuk aangegeven. Dit punt is echter aan de orde bij de resocialisatie en
als wij het hebben over de Beginselenwet. Er is na de oorlog gestreden om op
dit punt tot verbetering te komen, vooral omdat veel mensen, zoals ook ik, in
een concentratiekamp hebben gezeten. Die hadden dus al achter de deur gezeten.
Die mensen weten hoe belangrijk het sociale contact met de bewaarders is. Als je in de bajes komt, wordt je ook geleerd dat er twee soorten bewaarders zijn: slechte en
hele slechte. Dergelijke uitlatingen horen echter bij het jargon van de
gevangenis. Tegen de leden van deze commissie zeg ik, dat het contact tussen de bewaarder en de gevangene van cruciaal belang is. Daarom denk ik aan een geheel andere werkwijze. Wij kunnen uitgaan van
doelmatigheid. Dat doe ik in mijn stuk ook: Vervolgens spreken we over werkzame detentie,
want daar gaat het hier uiteindelijk om. Ik denk in dit verband aan een
gevangenismaatregel die mij is opgelegd, omdat ik in 1971 weigerde zakjes te
plakken. Domela Nieuwenhuis had het 108 jaar geleden beter, want hij mocht in
hetzelfde HVB vertaalwerk doen. Ik mocht echter zakjes plakken. Er kon wel ander
werk gedaan worden, maar dat mocht niet. De Beginselenwet werd buiten werking
gesteld en ik kreeg de gevangenismaatregel ex artikel 100, punt g, opgelegd. Dit
betekent geen recreatie en een ijzeren kooi, afgelopen! Voor mij was het dat
niet, want ik ben als het ware geschoold in het geestelijk geweld. Dat wil zeggen: ik kan boeken lezen, ik kan
schrijven. Meestal is het zo dat degenen die in de gevangenis zitten, alleen het
lichamelijk geweld heel goed beheersen. Dat is nu nog meer zo dan vroeger.
Daarom verkeren deze mensen ook in een dergelijke positie. Het geestelijk geweld
ontbreekt bij die mensen echter. Dat betekent, dat voor hen de detentie een nog
grotere straf is dan voor mij of voor mensen die een bepaalde scholing hebben
gehad.
Dan zeg ik: dat werken is heel belangrijk. Dus tegen het voorstel van 20 uur
naar 26 uur zeg ik: ja. Als je werkt ben je namelijk uit je hok. Dat betekent
ook dat je de mogelijkheid hebt om iets te doen. Ik denk nu vooral aan de mensen
die in hun leven vooral lichamelijk bezig zijn. Zij kunnen in die situatie
lichamelijke arbeid doen. Zij kunnen zich dan ontwikkelen. Dat gaat natuurlijk
niet met de zinloze arbeid die men op het ogenblik moet verrichten.
In de nota staat dat de mensen in de gevangenis commercieel moeten werken.
Dat is prima, maar dan moeten zij ook ingeschakeld worden als werknemers, met
alle rechten en plichten van een werknemer. Ik denk in dit verband ook aan het
werk van Osborne in 1913. Door zijn woorden worden wij geïnspireerd. Hij zei:
Als men gevangenen verantwoordelijkheid geeft, leren ze ook besturen en daardoor
zichzelf beter kennen. Dat is één van de cruciale punten voor mij. Wat ik hier
aanhaalde, bleek ook uit mijn waarnemingen. Als je iemand als kind behandelt en als je iemand achter de deur zet en hem onderwerpt aan het sobere regime - de daardoor gaan veel mensen achteruit, ben je bezig met de fabricage van een menselijke tijdbom. Wat is daarom de conclusie van onze bond? De werkzaamheid moet op een goede manier en
commercieel verricht worden. Ik denk nu dus niet aan LBO, maar duidelijk aan een commerciële situatie. Zodra van een dergelijke situatie sprake is, heeft men ook een menswaardige omstandigheid gecreëerd. Er is dus sprake van een vicieuze cirkel. Ik denk in dit verband aan de vergelijking met een bedrijf. Als daar een doelmatig beleid wordt gevoerd, heeft men ook een menswaardig bedrijf. Hiermee zijn de twee middelen aangegeven. Deze middelen zijn niet zaligmakend. Er zijn ook andere middelen. Dat is
zojuist al gezegd. In mijn ogen kun je echter met deze middelen de doelstelling die ook de opstellers van deze nota voor ogen stond, bereiken de veiligheid van onze
samenleving en de situatie achter de deur verbeteren. Het gevangeniswezen
kan als het ware een bijdrage leveren voor de verhoging van onze veiligheid. Dat is natuurlijk wezenlijk is als je begint aan de goede kant. Naar mijn mening is men echter aan de
andere kant van de deur begonnen. Dat is ook de kritiek die wij hebben.
Wij komen juist op voor de mensen die achter de deur zitten. Men zou ons au sérieux moeten nemen,dat wil zeggen: als mens moeten, behandelen. Uiteraard geldt ook in deze situatie vrijheidsbeneming en uiteraard hebben daarbij het openbaar ministerie, de uitvoerende macht en de rechterlijke macht
ervoor gezorgd dat deze mensen el achter de deur zitten. Dat wordt ook do niet direct als onrechtvaardig gezien. Het gaat om het afscheid nemen van
de menselijke waardigheid. Die menselijke waardigheid kan verhoogd worden door een doelmatig beleid; niet een humaan beleid, want daar hebben zij geen oren naar. Die doelmatigheid kan een verhoging van de veiligheid van onze samenleving tot gevolg hebben. Daarmee
wordt ingespeeld op het "gesundes Volksempfinden", wat wij duidelijk
zien bij de AVRO, namelijk dat het volk zegt: sluit hem achter
de deur. Dan krijgt u een verrechtsing van onze samenleving. Wij hebben er helaas al enkele verschijnselen van gezien. Ik denk dat de nota een goede aanzet is, want werkzame detentie
spreekt ons zeer aan, maar dan op een wijze die een andere volgorde, een andere
filosofie beoogt. Dat willen wij hier namens de gedetineerden of beter gezegd de
gevangenen in het midden brengen. Dat kunt u teruglezen in dit stuk.
De heer Korthals (VVD): Het is duidelijk wat u bepleit. In wezen zat
uw uitgangspunt ook in de nota Taak en toekomst van het gevangeniswezen. Dat
ging meer in uw richting. Dan kom ik met het probleem waar wij nu als politici
mee zitten. Wij zien een geweldig toenemende criminaliteit, wij zien meer mensen
die in de gevangenis moeten. Wat u vervolgens vraagt, niet geheel ten onrechte
of misschien zelfs terecht, is arbeid op maat: iedereen moet naar eigen
mogelijkheden arbeid kunnen verricht. Dan krijg je natuurlijk heel sterk te
maken met het kostenaspect. Wil je iets van zinvolle arbeid gaan doen die
enigszins commercieel is, dan zal dat ook iets massaals in zich moeten hebben.
Heeft u zich daarin verdiept? Zegt u: dat gaat ons niks aan; ik kom puur voor de
individuele gevangene op? Of zegt u: uiteindelijk is het systeem dat ik voorsta
ook goedkoper? Maar dan moet u uitleggen waarom de nota Taak en toekomst niet
gewerkt heeft.
De heer De Booij: Het gaat ons niet om het moment van de detentie,
want dat is een bepaalde periode. Ik heb mensen meegemaakt die zeggen: over zes
weken kom ik terug, dan staan mijn slofjes weer klaar. De grootste straf begint
pas wanneer men uit de gevangenis komt. Men wordt niet meer verzorgd; kortom, de
eenzaamheid slaat toe. U weet beter dan ik wat dat de samenleving kost. Je leest
in elke krant zulke artikelen over wat er gebeurt met de criminaliteit en welke
schade dat veroorzaakt: mentale schade, geestelijke schade, niet om te rekenen
in guldens. Als u dan een mogelijkheid heeft om in de gevangenis een beter
klimaat te krijgen, niet door humaner beleid daar gaat het niet om - maar door
doelmatiger beleid, daardoor menswaardig en daardoor veilig, dan bespaart u een
heleboel. Maar dan moet u natuurlijk investeren. Jonkheer Krayenhoff (vroeger
directeur Akzo) zei vroeger altijd: elke sociale prestatie dient voorafgegaan te worden door een economische. Dan moet u dus investeren. De kost gaat voor
de baat uit. Zoals u weet, is dat een goede Nederlandse eigenschap. Het grote
manco nu zijn de bezuinigingen, want dat is het paard achter de wagen spannen. De
bewaarder moet weer in ere hersteld worden. Dat wordt hier echter afgebroken. Je
moet als het ware door PR die bewaarder "verkopen" aan het publiek en duidelijk
maken wat zijn rol is: een sociaal werker, een psychiater, een dominee; het is
alles. Het is onvoorstelbaar wat deze man te verhapstukken heeft. Als u die
relatie verbetert, zal er een goed contact mogelijk worden. Door dat achter-de-deurbeleid worden zij echter ook cipiers, vooral door het
gunstenbeleid.
Ik heb dat punt nog niet aangehaald: het verlenen van gunsten. Dat is het
meest repressieve wat ik ken, want als men zich niet goed gedraagt, kunnen die
gunsten worden afgenomen. Het zijn geen rechten. Het proces van verklikkers zal
als gevolg van deze nota ook bij de bewaarders plaatsvinden. Daardoor zal men
gunsten naar boven toe, naar het hogere apparaat krijgen. Dan krijg je een
verdeel en heerssituatie, wat alleen maar ten detrimente is van het uiteindelijke
doel van de nota, te weten de veiligheid. Afgaand op studies die ik heb gelezen,
bent u op de verkeerde weg wanneer u alles commercieel wilt hebben. Over die
studies kan mijnheer Van der Maal veel meer vertellen dan ik. Als u de kwaliteit
verhoogt, kan er een omslagpunt komen. Dan kan kwaliteit in kwantiteit omslaan
en omgekeerd. Dan is er een begin van een antwoord op de toenemende
criminaliteit. Deze politiek kunt u verkopen aan de omringende landen, net als
het drugsbeleid. Het commerciële aspect laat ik in het midden. De gevangene moet
wel het gevoel hebben dat hij in een commerciële "setting" werkt. Als hij buiten
de gevangenis komt, heeft hij voor een bedrijf gewerkt, zoals ik in het
concentratiekamp voor Philips heb gewerkt, en dan is er een vervolg voor hem
als goedkope arbeidskracht. Dat zie ik als iets dat voor politici te grabbel
ligt. In immateriële zin ligt het geld als het ware op straat.
De voorzitter: Ik nodig de heer Van der Maal uit om te reageren
wanneer ij zich geroepen voelt, ook al worden vragen gericht aan de heer De Booij
De heer Zijlstra (PvdA): De beste besparing op de gevangenis is, zo begrijp ik van de heer De Booij, is beperking van de recidive. Daarvoor zijn investeringen nodig. Als gevangenen het werk dat zij tijdens de
detentie hebben gedaan daarna in de maatschappij kunnen uitvoeren, is de kans
op recidive kleiner. Het gebrek aan nuttig werk tijdens de detentie is nu juist de grootste handicap waar gedetineerden mee te maken krijgen. Hebt u concrete ideeën
over de manier waarop je daaraan wat kunt doen? Zelf denk ik even aan de sfeer
van de arbeidsbemiddeling. Je zou mensen tijdelijk ergens kunnen laten werken
zonder dat een werkgever daarvoor hoeft te betalen. Mensen moeten in elk geval ergens binnen komen waar zij zich
kunnen bewijzen.
De heer De Booij: Ik heb daarover immateriële ideeën. De heer Van
der Maal kan er meer inhoudelijk op ingaan. Ik maak hierover wel een algemene opmerking. Als men het bedrijfsmatig, doelmatig gaat
aanpakken in de gevangenis, moeten plichten en rechten - niet gunsten worden gegeven aan de
gedetineerden in de vorm van een vakbond structuur, van vakverenigingsrechten.
De heer Van der Maal: Ik ga in op het werk. Bij detentie kun je
eigenlijk twee clusters van factoren onderscheiden die misdaadbevorderend
werken. Tijdens de detentie treden effecten op de gedetineerde op, zowel op
moreel, geestelijk, als op lichamelijk gebied. Mensen zijn er daardoor
slechter aan toe. Het is een cliché, maar het heeft een grote kern van waarheid: mensen komen over het algemeen slechter uit de gevangenis dan zij erin gegaan zijn. Bij "slechter" moet je niet zozeer denken aan gemener en corrupter, als wel aan slechter toegerust om behoorlijk in de maatschappij te functioneren. Dat was toch het sterkste punt al niet, anders was men niet
in de bak terechtgekomen. Dat is de eerste groep van factoren. De BWO is ervan
overtuigd dat de verslechterende - de asocialiserende - factoren versterkt
worden naarmate het gevangenisregime repressiever wordt. Wij proeven zowel uit de nota :er "Werkzame detentie" als uit het voorontwerp van de nieuwe Beginselenwet dat er een repressiever
gevangenisklimaat zal ontstaan. De begrippen "menswaardigheid" of "humaniteit"
laat ik buiten beschouwing. Die lap ik voor deze discussie maar even aan mijn
laars. Het gaat om de effecten. Thans is het effect al asocialisering. Mensen
komen er over het algemeen slechter in uit dan zij erin gekomen zijn; een is enkele uitzondering daargelaten. Na hun vrijlating vindt er ook als gevolg van allerlei factoren een soort
criminogene, misdaadbevorderende te werking plaats, die recidive in de hand werkt. Ex-gedetineerden worden gediscrimineerd. Zij krijgen over het
algemeen geen baan; zij zijn kansloos op de arbeidsmarkt. Veel
ex-gedetineerden lukt het niet om een behoorlijke huisvesting te vinden. Als gevolg van de
vooroordelen "eens een dief, altijd een dief", "kijk uit voor die gozer, die heeft in de bak gezeten" lukt het niet om
nieuwe relaties aan te knopen. Ex-gedetineerden kunnen vaak niet op een normale manier een verzekering afsluiten. Ik heb die ervaring want ik heb in de bak gezeten.
Ik heb dit aan den lijve meegemaakt. Je kunt uit de bak komen met het idee: "dit gebeurt mij niet, want ik probeer nog wat van
mijn leven te maken; alle wilskracht en doorzettingsvermogen die ik kan mobiliseren, zal ik gebruiken om buiten het
criminele circuit te blijven. Dan word ik je vervolgens met al die genoemde factoren en vooroordelen van de brave burgers, de burgers die zelf nog niet
voor hun wandaden gepakt zijn, geconfronteerd. Op een gegeven moment kom je op
een punt dat je zegt: mensen, fatsoensrakkers, bekijken jullie het allemaal maar; krijgen jullie allemaal het schompes maar, voor mij hoeft het niet meer; ik haal mijn koevoet weer uit het vet
en ik ga weer op pad. Dan volgt terugval, recidive. De mensen die mij hebben
nagewezen van "eens een dief, altijd een dief" krijgen dan gelijk. Dat is een
zichzelf waarmakende voorspelling. Die mensen en slaan zich op de borst en zeggen: zie is je wel, wij hebben het wel gezegd; hij deugt niet, daar komt nooit meer wat van terecht. Hier is wat aan te doen, ondanks dat de prachtige doelstelling van de resocialisatie uit de Beginselenwet - artikel 26 - niet gehaald wordt. Desalniettemin dient men wel meer aan resocialisatie, aan bejegening etcetera te doen. Werk kan inderdaad een
factor in dit geheel zijn. De meeste gedetineerden zullen het niet erg vinden
om hun werkweek van 20 tot 26 uur uit te breiden, mits er zinvol werk komt en er
een behoorlijke beloning tegenover staat. Ook dient er sprake te zijn van
werknemersrechten, zoals het recht op organisatie, zowel intern via commissies
of een ondernemingsraad, als extern bijvoorbeeld in de BWO of in een andere
bond. In de nota is er echter sprake van terugzetting op een sober basisregime,
waarvan wij vermoeden dat dit neerkomt op een soort EBI regime.
De heer Zijlstra (PvdA): Is dat niet een beetje overdreven?
De heer Van der Maal: Wij zijn bang dat het die kant op gaat! Bij de
instelling van de EBI's enkele jaren geleden hebben wij al gezegd: het gaat nu
nog om enkele tientallen plaatsen, maar dit aantal zal toenemen. Bovendien zal
het doel van de EBI's - minder ontsnappingen - niet bereikt worden. Vanaf de
instelling van de EBI's is het aantal ontsnappingen ook weer toegenomen en dit
geldt vooral voor de ontsnappingen met geweld. Tot voor enkele jaren geleden
werd Nederland bijna voor dit verschijnsel gespaard, maar dat is helaas niet
meer het geval. Dit werkt niet! De "werkzame detentie" werkt niet. Gevangenisstraf in het algemeen werkt
niet. De doelstellingen worden geen van alle bereikt. Er wordt zelfs een
averechts effect bereikt: geen resocialisatie maar asocialisatie. Een
capaciteitsuitbreiding tot 9000 cellen zal tot gevolg hebben dat ook de
misdaadbevorderende factoren - zowel tijdens als na de detentie - sterker
worden. Er zal sprake zijn van meer criminaliteit. Wij zijn ook voorstanders van
een veilige, prettige samenleving, een samenleving met minder criminaliteit. Op
deze manier zul je die echter niet bereiken. Wij maken dagelijks mensen mee die wandelende
tijdbommen zijn doordat zij in een EBI-regime worden geplaatst, doordat zij in
de gevangenis onderdrukt worden, doordat hun elk beetje perspectief dat zij
eventueel nog zouden hebben ontnomen wordt in zo'n gevangenis, hun
verantwoordelijkheid etcetera. Draag bij aan werkzame detentie, maar geef ze ook verantwoordelijkheid. Geef
ze mogelijkheden om zich te organiseren. Geef ze een behoorlijke beloning. Geef
ze een behoorlijke rechtspositie, want daar gaat ook aan geknabbeld worden. Het
beklag recht wordt ingeperkt. Juist het beklag recht. Zoals men weet is het voor
directeuren van gevangenissen en hun personeel soms lastig als gedetineerden te
vaak gebruik maken van hun beklag recht. Maar beklagrecht kan juist voor die mensen, die vaak aangetoond
hebben niet goed met hun eigen verantwoordelijkheden om te gaan, ook weer een
resocialiserende werking hebben in de gevangenis.
De heer Zijlstra (PvdA): Hoe moet het nu verder op het moment dat men
buiten de poort komt? Wat kunnen wij concreet doen om te bevorderen dat mensen
niet opnieuw op het slechte pad komen, dus meer kansen hebben in de samenleving?
Ik begrijp heel goed dat er binnen de inrichting maatregelen genomen moeten
worden, maar het gaat mij er ook om wat er buiten de inrichting moet gebeuren.
De heer Van der Maal: In eerste instantie zou er meer voorlichting aan
het publiek gegeven moeten worden, in die zin dat de vooroordelen waar het grote
publiek mee behept is in de trant van "eens een dief, altijd een dief" moeten
worden weggenomen. Ex-gedetineerden moeten de kans krijgen om na hun vrijlating
met een schone lei te beginnen. Zolang deze samenleving de ex-gedetineerde niet
die kans wenst te geven, moet diezelfde samenleving ook niet gek opkijken als
die ex-gedetineerde terugvalt in de criminaliteit. Ik kan mij ook voorstellen
dat werkgevers die nu gaan profiteren van goedkope arbeid in de gevangenis - en
dat mogen zij wat mij betreft - verplicht worden om een bepaald percentage van
hun personeel te laten bestaan uit minderheidsgroepen als ex-gedetineerden. Zo
is er ook een wettelijke regeling voor invalide werknemers. Er zijn nog meer
maatregelen denkbaar. Een betere begeleiding na de detentie. Vroeger was dat één
van de hoofdtaken van de reclassering. Thans komt de reclassering er niet meer
aan toe vanwege de reorganisatie/ bezuinigingen waar zij door getroffen is in de afgelopen jaren. De
reclassering is daardoor verworden tot een rapportagefabriek naar justitie en
zij komt te weinig toe aan de hulpverleningstaak. Daar zou meer geld in
geïnvesteerd moeten worden. Dat is geld dat zich tien- of honderdvoudig
terugverdient op de lange termijn.
De heer De Booij: Ik wil hier nog iets aan toevoegen. De heerZ.stra vraagt steeds naar wat er buiten de
inrichting moet gebeuren. Iemand heeft wel eens gezegd: je kunt de tweede stap
zetten als de eerste gezet is. Vandaag spreken wij over werkzame detentie, over
de gevangenissen. Dat is de eerste stap. De tendens in onze samenleving is:
ieder voor zich en "le bon dieu pour nous tous" of ieder voor zich en God voor
ons allen. In dit verband noem ik het individuele klachtrecht binnen de
gevangenis. Ik heb erover gesproken met de heer mr. Boekhoudt van
Strafrechtstoepassing. Ik zei hem: als ik nu een klacht indien over
pingpongballetjes, dan is het een collectieve klacht. Nee, daar is een trucje
voor, zei hij. U kunt zeggen dat u last heeft van die pingpongballetjes. Dan is het een individuele
klacht en die kan behandeld worden. Toen zei ik: ik zit op B1-18 en hoe zit het
dan met C2-27; daar is de muur altijd vochtig en deze man kan niet lezen of
schrijven, is bijvoorbeeld een allochtoon; kan ik dan voor hem klagen? Nee, dat
gaat niet. Ik heb ooit een werkstaking georganiseerd, omdat ik in een tijgerkooi
zat. Toen ging de commissie van gedetineerden naar de directeur. Deze verleende
gunsten, waarop de commissie stelde: dan dienen wij alleen een petitie in en dan
zullen wij adviseren om de zaak af te zeggen. Dat was in 1971. Een week later
werd alles weer teruggedraaid. De directeur ging met vakantie. De commissie van
gedetineerden werd uitgejouwd door de mensen die niet zijn gaan staken. Kortom,
het gehele idee van: "als je iets collectief doet, is dat slecht voor je". Dat
is in de samenleving ook het geval. Niemand geeft meer iets aan. Ziet men een
inbraak, dan zegt men niets. Dat individualisme levert een verloedering van de
maatschappij op. De roep om collectieve verbanden ontstaat omdat er aan het collectieve in de
gevangenis geen ruimte wordt gegeven. Ik weet dat artikel 15, vierde lid, van de Grondwet de beperking
inhoudt die de directeur kan opleggen aan het recht van vereniging en vergadering,
maar daarover is het laatste woord nog
niet gezegd. Er zijn arresten van de Hoge Raad daarover. Ik denk dat de wetgevende macht bij machte is en mijns inziens moet zijn - de
doelstelling is misschien het jaar 2076 - om een aanzet te geven ter zake van
het nadenken over een collectief arbeidsrecht. Wij spreken hier namelijk over
werkzame detentie. Als daaraan wordt begonnen, wordt verantwoordelijkheid
gegeven. Het is precies als bij een kind. Worden ze opgesloten en de ouders
geven ze geen enkele zeggenschap, verantwoordelijkheid, dan weet men wat voor
kind men krijgt. Dat is dweilen met de kraan open. De vragen die gesteld zullen
worden aan de heren Kosto of Hirsch Ballin hoe een en ander daarna moet, zijn anachronistisch. Men moet naar de wortel gaan en die ligt waar het
individualisme hoogtij viert en de trias politica in de samenleving in feite op
instorten staat. Als gedetineerden ergens komen, wordt gezegd, wij zijn de wetgevende macht,
dat is de rechterlijke macht en dat is de uitvoerende macht, maar die begrippen
kennen zij niet. Alleen de betrokkene is opgesloten, hij alleen en niemand
anders. Dat is een groot gevaar. Dat is het gevaar waar de heer Van der Maal
over heeft gesproken; de fabricage van tijdbommen. Ik voorzie dat. Ik heb
dan ook erg te doen met het personeel dat deze tijdbommen in de hand moet
houden.
Mevrouw Bloemen (CDA): De heer Van der Maal heeft geschetst dat men
gedurende de detentie asocialer wordt. Vindt hij dat men met het regime dat in
de nota wordt geschetst, asocialer of socialer wordt? Wordt het erger of minder
erg?
De heer Van der Maal: De factor werk is niet erg, in tegenstelling tot
hetgeen het grote publiek denkt. Men denkt dat gevangenen te lui zijn om te
werken. Men wil wel zinvol werk doen, als het kan, gekoppeld aan een
vakopleiding. Ik kom op de vraag of men asocialer of socialer wordt als de plannen die
worden voorgesteld in de nota, ten uitvoer worden gebracht. De plannen om mensen in principe terug te zetten op het sobere
basisregime komen erop neer dat - uitzonderingen daargelaten men de cel niet
uitkomt; dus een cellulair regime voor de mensen die niet willen werken. Ik heb
veertien maanden cellulair gezeten omdat ik geen wasknijpers wilde maken. Als ik
weer in de gevangenis terechtkom ik hoop dat dit niet gebeurt - dan maak ik weer
geen wasknijpers, en zeker niet als dat moet. Als het mij wordt gevraagd, zal ik
zeggen dat ik er nog eens over na zal denken, maar als het moet, zeg ik: bekijk het maar met je zootje. In de gevangenis
wordt getucht, er wordt wrok, rancune, bitterheid en haat ontwikkeld, het is een
accu die wordt opgeladen. Je kunt die niet ontladen, want dan kom je in de
isoleer terecht, krijg je conflicten met PIW'ers, word je in elkaar geramd
enzovoorts. Die gevoelens worden opgekropt en zij moeten er een keertje uit.
Dat gebeurt dan na hun vrijlating. Dat is ook een deel van de verslechtering die
men meemaakt door de gevangenis. Die verslechtering zal groter en ernstiger
worden naarmate dat sobere basisregime wordt toegepast op een grote groep
mensen. Bovendien schrijf je die mensen bij wijze van spreken af. Je ziet hier,
met die groeiende tweedeling, een spiegel van de maatschappij. Ook in de
maatschappij zie je dat er een groep ontstaat van kansloze mensen zonder
perspectief, die straks misschien een vijfde of een kwart van de bevolking
bevat. Die tweedeling zie je ook in de gevangenis. Dan is er het toneelspel: in
Amerikaanse gevangenissen is gebleken dat de grote maffiabazen zich het best
kunnen aanpassen. Het waren dus niet de beste mensen. Dat zie je ook in onze
gevangenissen. Dat heb ik zowel tijdens mijn eigen detentietijd kunnen
constateren als later, toen ik vaak gevangenissen bezocht, en nu, in mijn
functie van bestuurder van de BWO. De mensen die zich niet "aanpassen" en die in de ogen van de directie en de bewaarders lastig zijn, zijn niet altijd de
slechtste mensen.
Mevrouw Bloemen (CDA): Heb ik het goed begrepen dat u zegt dat degene
die zich conformeert aan het systeem, mee wil werken en opleidingen volgt, er
wel. eens beter uit zouden kunnen komen en dat de mensen die daar niet aan
meewerken, echt in de steek worden gelaten en er nog slechter uit komen?
De heer Van der Maal: Er zijn mensen die zich conformeren en die
binnen de bajes uit sluwheid of berekening het allemaal meespelen,
medegedetineerden gaan verklikken, gaan slijmen met de bewaarders en een
toneelstukje opvoeren om voor zichzelf gunsten te verdienen en om in een
makkelijker regime te komen. Dat wil niet zeggen dat die mensen per definitie
betere mensen zijn dan hun collega-gedetineerden die zeggen: ik wil geen
wasknijpers maken; bekijk het maar, ik blijf wel in mijn cel zitten.
Bovendien: wie maakt die selectie? Die zal worden uitgevoerd door PIW'ers, die
te werk gaan aan de hand van bepaalde maatstaven, zoals de vraag of iemand
gehoorzaam is en zich onderwerpt aan de discipline van het gesticht. Zo ja,
dan krijgt hij gunsten. Ik vind het heel belangrijk - De Booij heeft het al
gezegd - dat dit systeem van gunsten ontzettend repressief is. Je moet de
gedetineerden rechten geven. Het is ook een heilig principe van onze
rechtsstaat en van onze democratie dat, als iemand wegens zijn misdrijven
veroordeeld wordt tot vrijheidsstraf, de ontneming van de fysieke vrijheid de
enige straf is. Dat is het enige recht dat hem op bevel van de rechter
ontnomen wordt. Alle andere rechten die hij heeft, moet hij zoveel mogelijk
behouden. In feite gebeurt het tegenovergestelde, zeker n met zo'n terugkeer naar .een sober basisregime: alle rechten worden je eigenlijk ontnomen. Heel zoetjes aan kan iemand, als hij gehoorzaam is,
lijmt en zich netjes gedraagt, weer wat gunsten verdienen. Dat vinden wij verkeerd. Het zal niet effectief zijn at en het zal averechts uitwerken.
De heer De Booij: Ik heb nog iets op m'n hart, ook
al is dat niet direct een antwoord op een van de vragen. Dat betreft de
sociale contacten in de gevangenis. Er vindt op het ogenblik en verandering plaats. Van 1971 naar 1976
heb ik al duidelijk gezien dat je op de luchtplaats met allochtonen, verslaafden en dergelijke de hele
klasse maatschappij terug ziet: de vermogensdelicten als de binken, de kindermoordenaars helemaal in een hoekje en alles wat daartussen zit. Als men dan ziet welke sociale contacten kunnen ontstaan als men geen toilet heeft - in de pers staat
altijd dat men in die cellen alles heeft, zoals televisie en dergelijke ziet
men hoe "fantastisch" het vroeger was. Toen moest men per dag wel dertig keer
plassen. Het hoefde natuurlijk maar een paar keer, maar als je op de knop
drukte, kwam de bewaarder en dan kon je even met de bewaarder of met iemand
anders praten. Kortom: dat was "het sociale uurtje"; het was een enorm iets, een
verworvenheid. Die wordt afgenomen doordat je in je cel blijft. De heer Van der
Valk heeft geklaagd over zijn po, maar zelfs als dat een luxe-plee is die in het
Amstel-hotel niet zou misstaan, is het een verslechtering.
Zo zijn er dus dingen die ik tot slot wil noemen, op het gevaar af dat ik
overdrijf. Tijdens mijn detentie in het gewone normale regime van Nederland van
23 september 1943 tot 2 december 1943 in het Huis van bewaring, waar gewone
Hollandse bewaarders werkten, kwam ik wegens het smokkelen van een briefje in
een isoleercel terecht. Toen kwam ik in het concentratiekamp, bij Kotälla. Daar
was er sprake van fysiek geweld. Ik zal dat niet verdedigen; dit is de laatste
plaats om dat te doen. Maar als je nagaat welke sociale contacten er waren in
dat blok, waar de klachten door de oudste aan Kotälla c.s. werden voorgelegd,
dan moet je toch concluderen dat er een saamhorigheidsgevoel bestond. Het ging
niet alleen om politieke gevangenen
maar ook om zwarthandelaren en gewone criminelen. Daar bestond een goed
sociaal contact. Toen ik 1971 terugkwam en later ook in 1976 - ik kom er
dadelijk weer in terug; ik ben wel weer van plan om dat op een bepaalde manier
te bewerkstelligen - bleek dat er een verslechtering was opgetreden in dat
onderlinge sociale contact. Ik denk dat dàt wezenlijk is. Hoe dat goede sociale
contact kan worden hersteld, weet ik niet. Wèl kan ik beloven dat wij naar
aanleiding van wat wij vandaag hebben gehoord en de stukken die andere groepen
hebben ingezonden, een samenvatting zullen maken die wij u zullen toesturen.
De heer Van der Maal: Namens de BONJO kan ik naar aanleiding van de
vragen van de heerZ.stra zeggen dat er ons inziens veel meer gelegenheid zou
moeten zijn voor vrijwilligerswerk in de gevangenis. Ik denk hierbij ook aan de
term die de heer Kosto altijd gebruikt: de vermaatschappelijking van de detentiesituatie.
Dat is een stokpaardje van hem. Daarmee zou je dat a-socialiserende proces wat
tegen kunnen gaan. Voor het meer inzetten van vrijwilligers is nodig dat er een
behoorlijk bezoekersconvenant komt. Dat is al jarenlang in de maak. De BONJO en
ook andere organisaties zijn hierover al jaren met Justitie bezig maar er komt
niets uit. Daarnaast hebben wij kamerleden al eens benaderd om te bevorderen dat
er een betere controle plaatsvindt op de besteding van het vrijwilligersbudget.
Een grief van de BONJO is dat een groot gedeelte van dit budget op een oneigenlijke manier wordt gebruikt en niet
terechtkomt bij de vrijwilligersorganisaties waarvoor dit geld oorspronkelijk is bestemd.
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Woensdag 23 maart was de volgende bestuursvergadering. J. van Z. ontbrak op de
vergadering. Door H. G. werd voorgesteld over het onderwerp van de
Gevangenen Vakbond een aparte vergadering te houden waarbij dan ook J.'s
standpunt meegenomen kon worden. Nu volgt een periode van grote frustratie. Ik
voelde me machteloos, ik werd nergens van op de hoogte gehouden. In een brief
van 21 april aan de voorzitter van de BWO beklaag ik me over het feit dat
ik overal buiten wordt gehouden ondanks de gemaakte afspraken. De afgesproken
vergaderingen worden steeds om onduidelijke redenen door J. van Z. afgezegd.
Zowel de vergadering van 27 april en die van 18 mei. Deze laatste
werd verschoven naar 25 mei die op zijn beurt weer werd uitgesteld en wel tot
8
juni. Op de dag van de vergadering van 27 april moest J. van Z. zogenaamde
hulp bieden bij een strafproces, op verzoek van de ouders van de verdachte. De
tweede vergadering werd uitgesteld omdat J. van Z. een persconferentie moest
bijwonen over problemen rond een gevangenis in Zutphen. Volgens zijn zeggen ging
H. G. steeds met J. van Z. mede, om een oogje in het "zeil" te
houden. Dan komt eindelijk de grote dag van 8 juni de eerste vergadering
na 2 maart waar het voltallige bestuur aanwezig is. De stagiaires worden buiten
ons medeweten door J. van Z. gesommeerd niet bij de vergadering aanwezig te
zijn. Dit in tegenstelling tot ons verzoek dat ze er juist wel bij moeten zijn.
Zij maken immers de dagelijkse zaken van de BWO op het kantoor mee. Voor mij was
hun aanwezigheid van groot belang aangezien zij zich speciaal bemoeien met de
contacten met de Gedeco's en mijn nota als punt 5 eindelijk aan de orde zou
worden gesteld: " BWO als Gevangenen Vakbond ". De vergadering begint
meteen al hoogst onplezierig. Een kwartier te laat komen zij tegelijkertijd
binnen. Merkwaardig want J. komt uit Amsterdam en H. G. uit Nijmegen.
Hadden zij daarvoor een voorbespreking gehad? Het leek er veel op, want ze
vielen meteen met de deur in huis. H. G. begon met het voorlezen van een
tweetal brieven gericht aan het bestuur van de BWO ( een brief van George
Sanchez, secretaris van de Gedeco Norgerhaven en een van een BWO lid Ton
Spaninks). uit deze brieven moest blijken dat het J. v.Z. en H. G.
zijn die de kar van de BWO trekken en dat de overige bestuursleden niet voor
hun taak berekend zijn. Vooral de voorzitter moest het ontgelden. Er werd in
deze brieven de onvoorwaardelijke steun toegezegd aan H. G. en J. van Z. en gevraagd om een herschikking van bestuursfuncties te laten plaats
vinden. Het werd weer het oude liedje : de voorzitter kreeg voor de zoveelste
maal de zwarte piet toegeschoven. Omdat ik juist in het Bestuur was gekomen om
dit niet weer te laten gebeuren, stelde ik voor de vergadering te sluiten en op
zeer korte termijn een extra ledenvergadering uit te roepen. Zo kon het niet
verder doorgaan. Het voorstel van mij werd unaniem aangenomen. Vooral Van Z.
en G. benadrukten dat nu de onderste steen nu maar eens boven moest komen.
De ALV zal plaats vinden in de Kargadoor te Utrecht 2 juli om 11.00. H.
G. stelt de agenda op en J. v.Z. reserveert telefonisch een ruimte in
de Kargadoor. J. v.Z. zal zorg dragen voor de tekst van de extra editie
van het BWO nieuws, waarin de leden wordt medegedeeld waar en wanneer de ALV zal
plaats vinden. Donderdag 16 juni zullen we gezamenlijk het BWO-Nieuws klaar
maken en verzenden.
Zondagmorgen 12 juni kreeg ik opeens het onbestemde gevoel dat er iets
grondig mis was, en wel dat J. en H. helemaal niet van plan waren om de ALV
door te laten gaan. Misschien omdat bij het opstellen van de agenda het meest
belangrijke punt :"financiën" niet op de agenda door H. was geplaatst. Ik
stelde aan Erik van der Maal en zijn vrouw voor om op diezelfde zondagmorgen met
de auto naar het kantoor van de BWO te Utrecht te gaan, om de ledenadministratie
veilig te stellen en uit te printen, zodat we als er iets mis mocht gaan, we het
BWO nieuws toch op 16 juni konden verzenden. Zo gezegd zo gedaan, we hebben met
veel moeite toegang kunnen verschaffen in het programma van de computer en de
ledenlijst kunnen uitprinten. In de volgende dagen was J. v.Z. in geen
velden of wegen te bekennen. De afspraak die J. v.Z. met de voorzitter had
gemaakt tijdens de vergadering van 8 juni om op het kantoor van de BWO op
maandag 13 juni 1994 alle financiële bescheiden aan de voorzitter te tonen, is
hij niet nagekomen. Ook blijkt dat de tekst voor het BWO Nieuws niet was
gemaakt. Op de afgesproken dag van donderdag 16 juni gaan Erik en ik naar het BWO kantoor om het BWO nieuws te verzenden. Ons angstige gevoel van zondag 12
juni werd werkelijkheid. Het bleek dat alle ledenbestanden uit de computer waren
gewist. Alles werd nu duidelijk. Ze waren helemaal niet van plan om de
ledenvergadering te laten doorgaan. Het is ons toch nog gelukt om 400 nummers
van het BWO nieuws te drukken en te verzenden, zodat de volgens de statuten
benodigde termijn van 14 dagen voor het uitschrijven van een ALV nog net werd
gehaald.

Titel blad van BWO Nieuws 2 juli
Omdat J. v.Z. ook zijn belofte niet had waar gemaakt om op 13
juni op het kantoor van de BWO alle financiële bescheiden aan de voorzitter te
willen overleggen, hebben wij op 21 juni J. v.Z. met een aangetekende expressebrief gesommeerd om voor zondag 26 juni 24.00 uur deze financiële
stukken aan ons te overhandigen. H. G. hebben we gevraagd deze brief
mede te ondertekenen. Hij zei wel dat hij het concept van deze brief aan J. v.Z. had laten lezen. In die week logeerde
J. v.Z. een paar dagen bij H. G. in Nijmegen. Na veel telefoneren en faxen kregen wij de
ondertekening van de brief door H. G.. ( Let goed op de datum van de
brief 21 juni, dit in verband met gebeurtenissen die hebben plaats gevonden op
20 juni bij de Kamer van Koophandel te Utrecht).De brief is na drie weken weer
bij ons terug gekomen. Toen de brief voor de tweede keer door de PTT werd
aangeboden, namelijk op maandagochtend 27 juni te 10.00 uur, werd net op dat
tijdstip de woning van J. v.Z. door de deurwaarder in beslag genomen. De
voorzitter van de BWO was hiervan getuige. Deze inbeslagname gebeurde in
opdracht van de stichting Vrij die door J. v.Z. in 1993 ook al was
opgelicht. De vogel was gevlogen met achterlating van een oud TV toestel. H. G. heeft telefonisch bij de voorzitter Erik van der Maal (die toen al was
uitgeschreven door J. v.Z.) erop aangedrongen om aangifte te doen tegen J. v.Z., omdat hem (G.) nu al duidelijk was gebleken dat
v.Z. een
oplichter was die alleen nog bezig was om tijd te rekken en zijn zakken te
vullen. Was H. G. op dat tijdstip al van de uitschrijving van Erik van
der Maal op de hoogte en wist hij dat hij voorzitter van de BWO was geworden?
Het zal van groot belang zijn om dit nader te onderzoeken. Er zijn twee
mogelijkheden. Hij was op de hoogte en kon dus de brief van 21 juni aan J. v.Z. rustig tekenen, want de overige ondertekenaars Jan Govers, Erik van der
Maal en ik waren op dat moment volgens de inschrijving in het register van de
Kamer van Koophandel toch geen bestuursleden meer. De ander mogelijkheid is dat
H. nergens van af wist. (H. G. heeft onze vraag : "wist H. G.
af van de onbevoegde inschrijving door J. v.Z. ?" op de bestuursvergadering van 25
augustus 1994 met NEE beantwoord). Volgens uitspraken van Jan van Welbergen, was
H. wel in het complot betrokken. Het is in verband met latere civiele
procedures van het grootste belang om dit punt nader te onderzoeken. De
financiele schade kan dan op meerdere personen worden verhaald. Met H. G. hadden we afgesproken om op maandagmiddag 27 juni om 16.45 uur op
het kantoor van de BWO samen met de andere bestuursleden een vergadering te
houden , met als belangrijkste agendapunt: " Wat te doen". Vooral nu we geen
beschikking hebben over de financiële stukken om de leden op de ALV voor te
leggen. We hebben zelfs het angstige vermoeden dat de kas leeg is en we
misschien vele schulden zullen moeten betalen die J. v.Z. in de afgelopen
maanden heeft gemaakt.
Maandagmorgen 27 juni kregen we het bericht door dat er door bepaalde
bestuursleden mutaties waren aangebracht in het verenigingenregister van de
Kamer van Koophandel te Utrecht. Om 2 uur hebben Erik van der Maal en ik
inderdaad kunnen constateren dat er onbevoegde handelingen waren gepleegd bij de
inschrijving. Ten eerste bleek dat door J. varZ. het op 26 februari tijdens
de ALV gekozen bestuur niet was geregistreerd. Hij had op de vergadering van 2
maart al onze gegevens verkregen en wij hadden toen de benodigde formulieren
getekend. J. v.Z. heeft toen toegezegd om de mutaties aan te brengen. Wel
stonden nog steeds ingeschreven 2 ex-bestuursleden Willem-Jan Stevens en
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Dinsdag 28 juni Artikel Algemeen Dagblad .Penningmeester van Bond van
Wetsovertreders verdwenen door Eddy van der Ley
UTRECHT -De al maanden voortslepende bestuurscrisis in de Bond van
Wetsovertreders is geëscaleerd. Het huis van penningmeester/secretaris van Z. in Amsterdam werd gisteren op last van meerdere
schuldeisers ontruimd. Ook de financiële administratie en computerapparatuur van
de BWO, die de belangen behartigt van gedetineerden zijn weg. Volgens voorzitter
E:. van der Maal van de BWO is v.Z. met het geld verdwenen. "Het is een
rasoplichter, hij heeft tienduizenden guldens meegenomen. Het is een kleine heer Olivier", vindt Van der Maal. De problemen in het bestuur van de BWO
Donderdag 30 juni Artikel Volkskrant Bond van wetsovertreders door ruzie verdeeld
Een grimmige machtsstrijd heeft de Bond van Wetsovertreders (BWO) in haar
greep. Om de voorzitter van de bond buiten het kantoor te houden is het slot van
de voordeur veranderd. Een nieuw bestuur heeft voorzitter . Erik van der
Maal geschorst. Van der Maal beschuldigt de 'bezetters' van het bondskantoor van
verduistering en oplichting. . Volgens de voorzitter van de belangenvereniging
voor gedetineerden en ex-gedetineerden is er 'een coup' gepleegd door 'een
nep-bestuur'. 'We kwamen maandag vergaderen en kwamen er achter dat er een ander
slot op de deur zat.' Van der Maal heeft in de tuin vergaderd. Ondertussen
bereiden twee bestuursleden, penningmeester en secretaris J. v.Z. en
bestuurslid Hein G., een 'interim-bestuur' voor. Twee voormalige
bestuursleden, Jan van Welbergen en Willem Jan Stevens, . werden bereid gevonden
terug te keren. De vergadering in februari - toen zij hun posten opgaven - zou
ongeldig zijn, want de voorzitter had riiet-leden mee laten stemmen. De eerste
daad van de bende van vier was het schorsen van voorzitter Van der Maal. In een
brief verwijten zij hem 'voortdurend strijdig handelen met de belangen van de
BWO'. De voorzitter zou mede-bestuursleden constant en ten onrechte beschuldigen
van strafbare handelingen, en zou van het laatste 'Bondscongres' een chaos
hebben gemaakt. Bestuurder Van Welbergen erkent 'een persoonlijke vete' met Van
der Maal te hebben. Hij wilde boel nu even laten rusten. De vergadering
van zaterdag aanstaande, bijeengeroepen door Van der Maal, is verdaagd tot
september. Bestuurslid Stevens ziet dat· niet als een vertragingstechniek, maar
als de enige mogelijkheid een· volledige vergadering bij elkaar te krijgen. De
voorzitter zou 'een niet toevallige selectie' voor zijn vergadering hebben
gemaakt. Stevens betitelt de voorzitter als een 'psychopatisch paranoïde'
persoon die hem persoonlijk 'veel pijn' heeft gedaan. Volgens hem wortelen de
beschuldigingen van de voorzitter in teleurstelling. Van der Maals eigen
stichting 'Criminaliteit en Samenleving' is subsidie geweigerd; BWO krijgt
jaarlijks 48 duizend gulden van Reclassering Nederland. Bij BWO is de financiële
verantwoording volgens Stevens 'volstrekt in orde', en gaai het allemaal 'heel
openlijk'. Van der Maal heeft een andere lezing over de financiën van de BWO. Het
zou een chaos zijn. Controle van de boekhouding zou door penningmeester v.Z.
stelselmatig worden gedwarsboomd. Stevens belooft in het volgende BWO-nieuws
de ongeveer driehonderd leden (van wie het merendeel gedetineerd) op de
hoogte te stellen. De reclassering was niet
bereikbaar voor commentaar. MvE.
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Op
donderdagavond 30 juni 10.30 zijn Erik van der Maal en ik naar de politie
te Baarn gegaan om J. v.Z. aan te klagen wegens verduistering,
flessentrekkerij , valsheid in geschrifte. Door brigadier van politie T. Herms
is hiervan nota genomen. Inmiddels hebben de coupplegers, het "nep-bestuur",
niet stil gezeten en hebben o.m. een lasterlijke brief aan alle leden van de BWO
geschreven met de mededeling dat de ledenvergadering van 2 juli niet
doorging. Tevens hebben ze hierin medegedeeld dat de voorzitter met
onmiddellijke ingang was geschorst en van al zijn functies was ontheven en dat
H. G. als nieuwe voorzitter was aangesteld. Van der Maal zelf ontving
een brief met de gemeenste aantijgingen.
Omdat het de enige mogelijkheid was om weer ons bestuur ingeschreven te krijgen
in het register van de Kamer van Koophandel, hebben we Mr Leyendekker van het
advocatenkantoor Boone te Wijk bij Duurstede gevraagd om een kort geding aan te
spannen tegen de coupplegers .
Zo kan de nep-penningmeester/secretaris J. v.Z. op het kantoor van de BWO
ongestoord zijn louche zaakjes regelen. De politie doet niets.
2 juli hebben we onze algemene ledenvergadering. Van de directie van
de zaal waar we de vergadering hadden vernamen we dat v.Z. steeds heeft
getracht de zaal af te zeggen. Ook bleek de rekening voor de zaalhuur van
februari nog niet betaald te zijn. Op de vergadering ontbraken twee
bestuursleden : J. v.Z. en H. G.. Zij werden dus niet herkozen en
voor hen kwamen in de plaats Simon Speets en Julius Wutun. Tijdens de
vergadering horen we van de medewerker van de stichting Vrij te Amsterdam dat
v.Z. er in is geslaagd de stichting stek voor duizenden guldens op te
lichten. Hij heeft precies dezelfde taktieken gebruikt als bij ons. We werden
gewaarschuwd door de Heer Zonderop van de stichting Vrij dat het wel eens veel
erger zou kunnen zij als we nu vermoeden. Hij wilde nadrukkelijk voor deze man
waarschuwen: hij is in staat om alle vrijwillersorganisaties waar hij
binnendringt, op te blazen. De vergadering heeft ons het mandaat gegeven om die
stappen te doen die nodig zijn om alles weer in het gareel te krijgen. Ook gaf
de ALV het nieuwe Bestuur opdracht een Actie Comité en een onderzoekscommissie
in te stellen. Op persoonlijke titel heb ik in het weekeinde van 2/3 juli
gesprekken gehad met drie van de vier coupplegers. H. G. is zelfs bij
mij thuis geweest. Ik heb ze erop gewezen dat J. v.Z. een oplichter is en
dat zij nu nog de kans hebben om bakzeil te halen. Blijven zij toch pal achter
v.Z. staan, dan lopen zij een groot risico om aansprakelijk te worden
gesteld. Het was een ultieme poging van mij om de zaak te sussen, want de BWO
had van dit alles al zoveel schade ondervonden. Ik heb zelfs via de andere
coupplegers nog geprobeerd een gesprek te hebben met J. v.Z.. Dit is
helaas niet gelukt.
4 juli heb ik het hoofd van de financiële zaken van de Nederlandse
Federatie van de Reclassering in Den Bosch de heer P.Trossel op de hoogte
gebracht en hem toegezegd een dossier betreffende de zaak BWO toe te zenden. De
NFR is namelijk onze enige subsidiegever te weten voor rond 50.000 per jaar.
4 juli vragen we Mr Leyendekker om een kort geding tegen de coupplegers
aan te spannen. (Let goed op deze datum!)
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Maandag 4 juli Persbericht BWO H. G. mediavoorlichter BWO
Dinsdag 12 juli Artikel in Parool: Herrie over kas wetsovertreders.
De spanningen in de Bond "van
Wetsovertreders (BWO) lopen hoog op. Ex-penningmeester
J.
F. v.Z. heeft volgens voorzitter E. van der Maal de kas gelicht, maar
betwist op zijn beurt de legitimiteit van zijn opponent. Hij heeft zich met drie
medestanders als het nieuwe bestuur laten registreren - volgens Van der Maal om
subsidies te vangen. De BWO (nu 350 leden) zet
zich al jaren in voor (ex-)gedetineerden, bij bij voorbeeld beroepszaken bij
terugkeer in de samenleving. "Het is niet gemakkelijk een leven op te bouwen na
de bajes. Velen kunnen geen woonruimte vinden of blijven werkloos. Wij helpen
ze, anders komen de meeste terug in het criminele circuit." zegt de voorzitter.
Vorig jaar augustus ontstonden de eerste bestuurlijke problemen. Leden van het
toenmalige bestuur wilden zelfs de bond opheffen. Maar Van der Maal ging door.
"Juist nu het gevangenisregime door Kosto wordt aangescherpt en er wordt
geknaagd aan de rechtspositie van gevangenen, is het van groot belang dat iemand
voor hun belangen opkomt," zegt hij.
De voorzitter maakte een reddingsplan. Per 1 september 1993
begon een nieuw bestuur met v.Z. als penningmeester. In het begin was de
bond zeer over hem te spreken. In de loop van het jaar wilde de nieuwe
financiële man echter ondanks veelvuldig verzoek van het bestuur geen inzage
geven in de boekhouding. Van der Maal: "Wij wilden weten wat er gebeurde met de
50.000 gulden subsidie, maar v.Z. kwam onze afspraken niet na en riep dat
wij hem niet vertrouwden. Ondertussen bleek zijn achtergrond één grote zeepbel
te zijn." Op een ledenvergadering in februari van dit jaar vroegen leden inzage
in de financiën en eisten een kascommissie en controle door een accountant. v.Z. beloofde opening van zaken, maar kwam bij de ledenvergadering , op 2 jui
niet eens meer opdagen. Van der Maal bezocht hem thuis, maar zegt dat de
deurwaarder het hele huis had laten ontruimen en dat van de boekhouding niets
meer te vinden was. v.Z. zelf zegt gewoon te zijn verhuisd en alle spullen
van de bond in zijn nieuwe woning te hebben. Inmiddels heeft de omstreden
penningmeester samen met twee leden van het oude en H. G. uit het huidige
bestuur een eigen bestuur opgericht. "Ze hebben zelfs het slot in de deur van
ons pand in Utrecht veranderd en beweren nu het echte bestuur van de BWO te
zijn. Dat klopt niet, want wij zijn officieel door de ledenvergadering gekozen,"
aldus Van der Maal. "Zonder toestemming van de ledenvergadering hebben ze het
oude bestuur uitgeschreven en zichzelf als het echte bestuur opgegeven,"
benadrukt hij. Bij de kamer van koophandel in Utrecht staan inderdaad v.Z. en
G. als het bestuur van de BWO te boek. v.Z. erkent op zijn
beurt de benoeming van Van der Maal niet en wil tijdens het bondscongres dit
najaar aan de leden verantwoording afleggen over de gang van zaken. Volgens hem
was de stemming over het bestuur van Van der Maal in de ledenvergadering
ongeldig doordat er niet-leden meestemden. De penningmeester zou ook de de
stichting Vrij (ook voor gedetineerden en ex-gedetineerden) in Amsterdam hebben
opgelicht. "Gelukkig hebben wij zijn plannen op tijd ontdekt en is de financiële
schade vergeleken bij de BWO nog te overzien," aldus Chris, een medewerker van
deze stichting. Beide stichtingen hebben een· advocaat in de arm genomen en de
BWO bereidt een kort geding voor. Raadsman mr
J.
Leyendekker zegt dat de inschrijving bij de kamer van koophandel in elk geval
onrechtmatig is en de bond vreest dat het duo subsidies gaat aanvragen en
opstrijken. Van der Maal: "Wij willen de al wankele positie van gedetineerden
niet nog verder ondermijnen."
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Dinsdag 19 juli schrijft het nep-bestuur een brief aan de twee stagiaires ,
alsmede ons bestuurslid Jan Govers, waarin zij worden gedreigd dat als ze nog
uitlatingen doen over de BWO zij schade hiervan zullen oplopen. Zij lopen zelfs
de kans om voor gedane uitspraken over de BWO nog te worden aangeklaagd.
Werkelijk schandalige beledigende brieven ondertekend door de vier coupplegers.
Telefonisch heb ik aan H. G. gevraagd of hij achter deze brieven stond.
Hij bevestigde dit. (De stagiaires werden al eind juni, voor hun eindtermijn van
half juli, door J. v.Z. de laan uitgestuurd). We worden steeds ongeruster,
omdat het Openbaar Ministerie ( de OvJ Mr Hofstee ) niets doet en alles maar op
zijn beloop laat, terwijl het zonneklaar is dat er verduisteringen, valsheid in
geschrifte aan de lopende band worden gepleegd door J. v.Z..
Zo doen we opnieuw aangifte jegens Johannes Frederik v.Z. geboren 9 mei 1939
bij de politie te Baarn. We overhandigen de politieambtenaar T. Herms een lijvig
dossier met alle relevante documenten betreffende de misdrijven gepleegd door
v.Z.: Valsheid in geschrifte Sr 227; verduistering (Sr 321), oplichting (Sr
326), flessentrekkerij (Sr 326). Van deze aangifte heb ik telefonisch de overige
coupplegers op de hoogte gebracht, t.w. Jan van Welbergen, H. G. en
Willen-Jan Stevens.
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Donderdag 21 juli Aanklacht jegens J. F, v.
Z., geboren ........, adres onbekend, door het Bestuur van de Bond van
Wetsovertreders , met name door de voorzitter en een bestuurslid (zie statuten BWO artikel 13.1) Erik Jacob van der Maal Tom de Booij
Chronologisch overzicht van ervaringen met J. .F v.Z. wonende
voorheen in Amsterdam Haarlemmerhouttuinen 45 G. sinds 27 juni jl is het adres
ons momenteel niet bekend, maar volgens nog niet nader bevestigde berichten:
Mathenesserlaan 149 I te Rotterdam
1. Op 27 februari 1994 werd door de Algemene Leden vergadering van de Bond van
wetsovertreders(BWO) in de Kargadoor te Utrecht. het bestuur van de BWO
benoemd en wel de heren J. v.Z., H. G., Erik van der Maal, Jan
Govers, en Tom de Booij.
2. Op 2 maart 1994 werd de eerste bestuursvergadering van de BWO te Utrecht
Sweelinckstraat 6 met het nieuwe bestuur gehouden in aanwezigheid van de twee
stagiaires van de Hogeschool Midden Nederland te Culemborg, Nicole van Alder en
Danielle Janssen. Het bestuur heeft J. v.Z. opdracht gegeven om de
mutaties van twee nieuwe bestuursleden tw H. G. en Tom de Booij aan te
brengen in het verenigingenregister van de Kamer van Koophandel te Utrecht. De
twee, niet herkozen leden van het oude bestuur voor 26 februari 1994 tw Jan van
Welbergen en Willem-Jan Stevens zouden dan worden uitgeschreven.
3. Op 9 maart 1994 heeft de Booij een gesprek gehad met Jan van Welbergen
(vrijwilliger die de Booij zou assisteren bij het onderzoek en contacten met
gevangenen)
4. Op 9 maart 1994 werd door T. de Booij aan het bestuur van de BWO de nota:
gevangenenvakbond? toegestuurd .
5. Tijdens de bestuursvergadering van de BWO van 2 maart 1994 beloofde
J. v.Z. aanwezig te zijn bij de hoorzitting van 17 maart 1994 voor de
vaste Tweede Kamer commissie van Justitie in zake de nota Werkzame Detentie, en
hiervoor een BWO nota aan de bovengenoemde commissie te schrijven en op te
sturen.
6. Op 17 maart heeft Tom de Booij namens de BWO voor de vaste commissie van
justitie van de Tweede Kamer een nota gestuurd en gesproken tijdens de zitting
De laatst genoemde persoon heeft gesproken namens het Belangen Overleg
Niet-Justitie-gebonden-Organisatie. J. v.Z. die tijdens de vergadering van
2 maart had toegezegd om te komen is niet komen opdagen.
7. Op de bestuursvergadering van de BWO van 23 maart 1994 was J. v.Z. niet
aanwezig. zodat wederom de financiële zaken niet afgehandeld konden worden
J. v.Z. had, zonder toestemming van het Bestuur van de BWO, alle
financiële stukken etc van de BWO bij hem thuis liggen. De behandeling van de
nota van 9 maart van de Booij werd weer uitgesteld. J. v.Z. had de
stagiaires Nicole van Alder en Danielle Janssen gezegd dat door deze nota hun
werk voor de gedetineerden commissies (gedecos) in gevaar zou brengen en
overbodig zou maken. Dit hebben ze ook tijdens deze vergadering niet onder
stoelen of banken gestoken . Over punt 13 de grondrechten van gedetineerden nog
het volgende. Tijdens een bespreking van de prison Reform International op 20
mei jl. 1994 heeft de Booij namens de BWO voorgesteld om een onderzoek te doen
naar de oprichting van een gevangenen vakbond. Door afwezigheid van J. v.Z. is punt 10 vervallen, want alle financiële bescheiden zijn in handen van
J. v.Z. die met vakantie naar Italië is gegaan, althans dat beweerde hij
toen.
8. Voor de vergadering van 27 april jl heeft de Booij een aanvulling gegeven aan
de bestuursleden op zijn nota van 9 maart jl. De vergadering is niet doorgegaan
omdat H. G. en J. v.Z. zo nodig naar een strafproces moesten
gaan, omdat de ouders van de verdachte daarop aangedrongen zouden hebben,
hetgeen bij navraag onjuist bleek te zijn. Helaas heeft de Booij zijn twee mede
bestuursleden van der Maal en Govers geadviseerd om de vergadering uit te
stellen, omdat zijn nota van 9 maart jl aan de orde zou worden gesteld. Gezien
de afwijkende mening van J. v.Z., die wij al had vernomen via de
stagiaires leek het de Booij gewenst dat de vergadering derhalve door J. v.Z. zou worden bijgewoond.
9. L'histoire se repète! De Booij heeft weer aan de bestuursleden van de BWO een
brief geschreven met de tweede aanvulling op zijn nota van 9 maart en wel voor
de bestuursvergadering van woensdag 18 mei jl .J. v.Z. en H. G.
konden weer niet komen, moesten naar een belangrijke persconferentie. Helaas is
de Booij weer gezwicht voor het uitstellen van vergadering en wel om de reeds
genoemde reden. Dit in duidelijke tegenstelling tot wens van van der Maal om de
vergadering toch door te laten gaan.
10. Eindelijk komt er een bestuursvergadering op 8 juni 1994 wel in aanwezigheid
van alle 5 bestuursleden. Na een kwartier te laat komen v.Z. en G.
tezamen binnen op het bondskantoor te Utrecht. De vergadering wordt geopend door
de presentatie van twee belastende stukken jegens de BWO en enkele
bestuursleden. uit de agenda van de vergadering blijkt dat het punt financiën
aan de orde wordt gesteld. Weer heeft J. v.Z. geen enkele financieel stuk
bij zich en belooft aan de voorzitter Erik van der Maal dat hij op het kantoor
van de BWO maandag 13 juni alle financiële stukken zal overhandigen. Hij
beloofde ook aan Erik van der Maal de BWO scanner, die hij zonder toestemming
van het bestuur mee naar huis had genomen, , terug te brengen. Getuigen die deze
woorden uit de mond van J. v.Z. hebben gehoord zijn de overige drie
bestuursleden tw Jan Govers, H. G. en Tom de Booij. De notulen van de
vergadering laten zien dat J. v.Z. op zich genomen heeft om het BWO nieuws
met de oproep voor de algemene vergadering van 2 juli 1994 voor 17 juni te
verzenden. Hij heeft ook staande de vergadering de Kargadoor te Utrecht gebeld
voor de reservering van een zaal voor de ALV van 2 juli 1994.
11. ongerust over de gang van zaken betreffende de verzending van het BWO nieuws
door J. v.Z., zijn Erik van der Maal , Tom de Booij samen met een getuige
op zondagochtend 12 juni naar het kantoor gegaan en hebben de meest recente
ledenlijst, zoals die was bijgewerkt door de twee stagiaires uitgeprint en mee
naar huis genomen. We troffen ook een opengemaakte brief gericht van Erik van
der Maal van de Hogeschool Midden Nederland. De brief was niet meer in de
enveloppe. Inmiddels hoopt de heer van der Maal alsnog een kopie ontvangen van
de schrijver van deze brief, de heer H. Renders.
12. Omdat de week voorbij ging en de afspraak van J. v.Z. met Erik van der
Maal op maandag 14 juni niet doorging en wij taal nog teken hadden vernomen van
J. v.Z. zijn Erik van der Maal en Tom de Booij op donderdag 16 juni 1994
rond 10 uur naar het BWO kantoor gegaan om de extra editie van het BWO nieuws te
verzenden. Toen wij op het kantoor van de BWO kwamen bleek dat de ledenbestanden
, die zondag 12 juni nog aanwezig waren, waren gewist. We hebben toen ruim 400
brieven aan de leden van de BWO verstuurd. De verzending heeft plaats gevonden
ruim twee weken voor de vergadering van 2 juli a.s.
13. Zoals uit de agenda voor de vergadering van 2 juli 1994 blijkt, prijkt als
punt 6 op de agenda weer de financiële verantwoording. Ten einde raad hebben
toen de 4 bestuursleden aan J. v.Z. een aangetekende expresse brief
verzonden met de sommatie om voor 26 juni 1994 voor 24.00 alle financiële
stukken ons ter hand te stellen. Tom de Booij heeft H. G. in verband met
deze brief gefaxed.
14. Met H. G., Jan Govers en Erik van der Maal hebben wij in het
weekeinde 25/26 juni 1994 afgesproken om een vergadering te beleggen op het
kantoor van de BWO op maandagmiddag 16.45 uur. Om de ernst van de situatie te
bespreken met als enige agendapunt : hoe komen we aan de financiële stukken van
de BWO. H. G. drong er vrijdag 24 juni 1994 telefonisch bij de
voorzitter op aan om aangifte te doen tegen J. v.Z., omdat hem (G.)
nu al duidelijk was gebleken dat v.Z. een oplichter was die alleen nog bezig
was om tijd te rekken en zijn eigen zakken te vullen.
15. Maandag 27 juni 1994 is J. v.Z. verhuisd van de Haarlemmermeertuinen
45 G naar een ander, ons niet bekend, adres. Door de stichting Vrij is het huis
door een deurwaarder in beslag genomen. Op een oude TV na, was het huis geheel
ontruimd.
16. Maandag 27 juni rond twee uur zijn Erik van der Maal en Tom de Booij naar de
Kamer van Koophandel gegaan en hebben een afschrift gekregen van de inschrijving
van het bestuur van de BWO. Hieruit bleek dat op 20 of 23 juni jl J. v.Z.
(legitimatie rijbewijs) een mutatie als bestuurslid van de BWO had aangebracht.
Echter zonder toestemming van zijn overige bestuursleden krachtens artikel 13
lid 1..Hieruit bleek ook dat de toegezegde belofte op de vergadering van 2 maart
jl door J. v.Z. om het nieuwe bestuur in te laten schrijven niet was
gebeurd. Wel staan nog ingeschreven Jan van Welbergen en Willem-Jan Stevens.
Tijdens de vergadering van 26 februari jl heeft Willem-Jan stevens zich niet
herkiesbaar gesteld, en heeft Jan van Welbergen met 7 uitgebrachte stemmen het
niet gehaald om verkozen te worden. J. v.Z. heeft tevens de huidige
voorzitter Erik van der Maal uitgeschreven en als voorzitter ingeschreven H. G... Bij navraag bij notaris Windhorst te Baarn werd ons medegedeeld dat
dit juridisch in orde is. Want de Kamer van Koophandel is lijdelijk en mag niet
twijfelen aan de handelsbevoegdheid van een ingeschreven bestuurslid, maar door
het raadplegen van de statuten had men bij de Kamer van Koophandel kunnen weten
dat J. v.Z. niet vertegenwoordigingsbevoegd is ..
17. Maandag 27 juni jl rond half vijf wilden wij in het kantoor van de BWO, maar
het slot was door onbevoegden vervangen. Ook de eigenaresse Mevrouw Vreeswijk
van het pand was hiervan niet op de hoogte. Door twee agenten van politie van
Utrecht is geconstateerd dat de sleutel van ons kantoor niet past op het slot
dat door onbevoegden diezelfde middag was aangebracht. (zij hebben hier een
rapport van gemaakt).De heer G. is niet komen opdagen zodat wij in de tuin
vergaderd hebben
18. Naar aanleiding van een krantenbericht in de Volkskrant is de voorzitter van
de BWO door Willem Jan Stevens belasterd. Hiervan wegens smaad en laster
aangifte gedaan op donderdag 30 juni om half elf s'avonds bij de politie te
Baarn. De dienstdoende agent van politie was de brigadier heer Ton Herms.
19. 27 juni hebben wij contact opgenomen met de heer Mr J.I.J. Leyendekker van
het advocatenkantoor Boone voor een afspraak.
20. Van de heer van der Maal heeft de Booij een schrijven ontvangen n dat aan
hem was gericht door de heren G., v.Z., Willem-Jan Stevens en Jan van
Welbergen. Hier in staat dat hij als voorzitter geschorst was en een mededeling
aan de leden van de BWO dat de vergadering van 2 juli niet zou doorgaan. Boven
de brief stond ook dat de Booij een kopie zou krijgen. Tot op heden heeft de
Booij niets ontvangen.
21. Van de directie van de Kargadoor vernamen wij dat J. v.Z. de zaal voor
de algemene vergadering van de BWO van 2 juli jl had afbesteld. Wij hebben toch
de beschikking gekregen over de zaal in de Kargadoor, alwaar we de algemene
ledenvergadering hebben gehouden. Als nieuw bestuur werd gekozen Erik van der
Maal, Jan Govers, Julius, Wutun, Simon Speets,en Tom de Booij.
De algemene ledenvergadering heeft ons mandaat gegeven om die stappen te doen
die nodig zullen zijn om alles weer in het gareel te krijgen. Tevens hebben zij
ons gemachtigd een persbericht op te stellen. Ook gaf de ALV het nieuwe Bestuur
opdracht een onderzoekscommissie in te stellen.
22. Zondagochtend 3 juli heeft de Booij de heer H. G. te zijnen huize in
een onderhoud, de Booij gezegd dat hij niet zeker is van de handel en wandel van
J. v.Z.. De Booij heeft hem medegedeeld dat hij ernstige moeilijkheden zou
krijgen als hij zich uitgeeft als bestuurslid van de BWO. Hij vertelde de Booij
ook nog waarom hij niet op de vergadering was gekomen van maandag 27 juni 1994.
Hij was telefonisch een drietal malen bedreigd: er was hem gezegd dat hem nare
dingen zouden overkomen, wanneer hij niet de zijde van J. v.Z. zou kiezen.
Ook werd hij telefonisch lastig gevallen zonder dat aan de andere kant iets werd
gezegd.
24. Tijdens een gesprek dat de Booij zondagmiddag 3 juli met Jan van Welbergen
in zijn huis te Utrecht mocht hebben, heeft de Booij van Welbergen ingelicht
over de ernst van de situatie. Hij zelf had geweldige moeilijkheden en had
verleden week een zelfmoordpoging gedaan, door middel van gas. Reden waarom hij
van gas is afgesneden. Hij vroeg De Booij hem te vergezellen maandagmiddag 4
juli bij zijn bezoek aan de sociale dienst bij de heer R. Tolud in utrecht. Om
half twaalf verzocht hij de Booij niet te komen aangezien Maarten Zumpolle met
hem mee zou gaan. De drie gevoerde gesprekken met H. G., Jan van
Welbergen en Willem-Jan Stevens heeft de Booij op persoonlijke titel gedaan en
buiten medeweten van de voorzitter van de BWO de heer Erik van der Maal.
25. 4 juli 1994 heeft de Booij een telefonisch onderhoud gehad met het hoofd van
de financiële zaken van de Nederlandse Federatie van de Reclassering in
s'Hertogenbosch de heer P. Trossèl. De Booij heeft de heer Trossèl toegezegd een
dossier betreffende de hele zaak van de BWO toe te zenden. Dit rapport opgemaakt
woensdag 21 juli 1994 te Baarn Namens het Bestuur van de Bond van
Wetsovertreders Erik Jacob van der Maal voorzitter BWO Tom de Booij, bestuurslid
van de BWO
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Donderdag 21 juli Brief aan Prof . J.J.J. Tulkens Voorzitter van Penal
Reform International
Hooggeleerde Heer, Tijdens de informele bijeenkomst van de Nederlandse leden
van Penal Reform International van 20 mei j.l in Vught heb ik U toegezegd voor 2
juli a.s. een voorlopige notitie te sturen betreffende mijn voorstel tijdens de
bovengenoemde vergadering om een grondig onderzoek te verrichten naar de
mogelijkheid voor het oprichten van een gevangenen vakbond. De noodzaak om dit
onderzoek op korte termijn uit te voeren werd door mij ingegeven door de
lancering van de nota Werkzame Detentie die eerder voor een verslechtering dan
een verbetering van de gevangenen in de Nederlandse inrichtingen zal zorgen. De
uitlatingen van de directeur van de inrichting de heer Koehorst spraken
boekdelen. (In dit verband is het interessant U een copie toe te zenden van een
brief die de heer Koehorst aan mij heeft gestuurd alsmede
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Van de advocaat Mr Leyendekker horen we niets. Op 27 juli zou hij het concept van de dagvaarding sturen. Pas de volgende dag moeten we het
zelf nog gaan ophalen. De datum van het kort geding kon hij nog niet zeggen.
Helaas bleken in de dagvaarding vele fouten te zitten,
ondanks het feit dat we hem alle relevante documenten hadden overhandigd.
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Zaterdag 30 juli Advertentie in de Telegraaf in de kolom Speurders

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Maandag 1 augustus heeft het bestuurslid van de BWO Tom de Booij
een bezoek gebracht aan diverse Penitentiaire inrichtingen in Midden Nederland
en Justitie gebouwen. Hij heeft het BWO Nieuws rondgebracht met de
bedoeling om daarmee ze op de hoogte te brengen van de moeilijkheden waarin de
BWO was geraakt door de couppleging van oud bestuursleden zoals v.Z., G., van Welbergen Stevens. De volgende instellingen werden door hem
bezocht : Politie bureau Baarn, HvB Utrecht, Advocaat Leyendekker in Utrecht
Hamburgerstraat, OVJ Utrecht, Vrouwengevangenis Gansstraat Utrecht, Pieter
Baancentrum Utrecht, de heer Trossèl van Reclassering Den Bosch, .HvB den
Bosch , Gevangenis Vosseveld Vugt, Pompe instituut Nijmegen, Gevangenis Grave ,
Gevangenis Arnhem.
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Maandag 1 augustus Brief van prof Tulkens
Zeer geachte Heer De Booij, Dank voor Uw brief van 21 juli jl. Inderdaad is er
kennelijk een misverstand ontstaan over Uw voorstel. Daarvoor mijn excuses. Dat
neemt niet weg, dat Uw plan voor een onderzoek naar de mogelijkheden van een
internationale vakbond van gevangenen naar mijn oordeel niet via PRI zou moeten
plaats vinden. Die mening doet geen afbreuk aan mijn waardering voor Uw
bedoeling. Met name de vraag naar de positie van de gedetineerde als
arbeider-werknemer zou wel eens actueler kunnen worden. Althans in
Nederland na de nota Werkzame Detentie. Niettemin, als PRI - of U namens PRI -
een onderzoek zou doen, zou dat toch de indruk wekken, dat PRI niet
alleen achter het idee staat, maar er zich ook actief voor wil inzetten. Dat
acht ik op dit moment om zo te zeggen politiek niet opportuun, om de redenen die
ik aangaf. Iets anders is, of de BWO contacten zou willen leggen met
zusterorganisaties in andere landen met het doel tot een zekere samenwerking te
komen. Als U daartoe informatie zou willen hebben van PRI, voor zover U daarover
nog niet beschikt, kan het hoofdkantoor van PRI U wel op weg helpen. In dat
geval blijft het initiatief bij U en bestaat het onderzoek in eerste instantie
uit het aftasten van de interesse bij andere organisaties. Mocht dit enigszins
aan Uw bedoeling beantwoorden, dan stel ik U voor een brief te schrijven aan het
secretariaat van PRI, 169 C1apham Road, London SW9 OPU, met het verzoek U te
informeren over namen en adressen van organisaties van ex-gevangenen en
soortgelijke instellingen. Uiteraard ben ik graag bereid eventueel met U over
een en ander van gedachten te wisselen. Ik meende echter een antwoord op Uw
brief niet te moeten uitstellen, juist vanwege het gerezen misverstand. Met
vriendelijke groeten, J.J.J. Tulkens
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Vrijdag 5 augustus Een publicatie van H. G. :

Titelblad 'BWO NIEUWS?'
Enkele zinnen uit dit schotschrift die gaan over
Tom de Booij.------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Dinsdag 8 augustus zend de heer Trossèl een brief aan J. v.Z. in zijn hoedanigheid als penningmeester van de BWO, met de vraag of hij op 17 augustus alle financiële stukken sinds 1992 wil overleggen. ( Er wordt een afspraak gemaakt tussen v.Z. en de heer Trossèl voor 17 augustus. Deze afspraak wordt afgezegd door W.J. Stevens en verplaatst naar 2 september. Deze afspraak wordt 1 dag er voor nu door J. v.Z. afgezegd. Ze zien het kennelijk niet zitten om met hun "financiële stukken" bij de subsidiegever te verschijnen.)
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Totaal onrechtmatig door J.F v..Z. uitgegeven gelden bestemd voor van de Bond van Wetsovertreders in de 1994 periode van 1 januari 1994-20 juni (datum van de couppleging) Betaald door overmakingen van postbank f 6.337,16 Cash opgenomen f 36.067,46
. Totaal f 42.404j62Onbetaalde rekeningen/ die hadden moeten worden betaald door de coupplegers :
30-6 Hoek Driebergen autoverhuur 9.029,64; 22-9 Hoek Drlebergen 1.836,53; 30-9 Hoek Driebergen 3.426
, 22; juli stagiaire N. van Alder 235; juli stagiaire D. Janssen 125. Totaal f 14.652,39
Totaal onrechtmatig uitgegeven door coupplegers Van Postbank 2.450;Onbetaalde rekeningen 14,652,39 .
Totaal f 17.102.39Totale schade voor BWO opgelopen
Periode 1 jan 1994- 20 juni 1994 f 42.404,62
Periode 20 juni - 8 aug 1994 -
17.102,39
Totaal f 59.507,01
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Dinsdag 9 augustus hebben Erik van der Maal en ik een goed gesprek met George
Sanchez in Norgerhaven Veenhuizen. We hebben hem een dossier overhandigd met 22
bijlagen. Hij was zichtbaar geschrokken over de wandaden van J. v.Z. en
zijn kornuiten. Van der Maal geeft Sanchèz ook het cassettebandje met het
interview met het Algemeen Dagblad, waaruit blijkt dat hij door de journalist
verkeerd geciteerd was.
9 augustus was ik aanwezig op de vergadering van de kerngroep van de
de Bonjo in Amsterdam. Ik was door ons bestuur naar deze vergadering gestuurd om
de BWO te vertegenwoordigen. Na enige discussie over de vraag of ik de BWO wel
legitiem vertegenwoordigde werd een compromis gevonden door te bepalen dat ik op
persoonlijke titel de vergadering mocht bijwonen en niet namens de BWO. Maar
weer een bewijs dat wij niet de enigen zijn die erin zijn getrapt.
12 augustus doet George Sanchez uit Veenhuizen een bemiddelingspoging.
Hij slaagt er in om een gesprek op persoonlijke titel tot stand te brengen
tussen de voorzitter van het nepbestuur H. G. en mijzelf. Om 5 uur op
vrijdag 12 augustus heeft dit gesprek, dat drie uur duurde, in het Postiljon Motel van Arnhem plaats. We bereiken een
akkoord,
namelijk dat hij zijn medewerking zal verlenen om de zaak terug te draaien tot
de stand van zaken van 26 februari.Dat wil zeggen dat hij het toen gekozen
bestuur , uitgezonderd J. v.Z. wil inschrijven in het register van de
Kamer van Koophandel.
Maandagochtend 15 augustus verrassen we H. G. op het kantoor van de BWO en kunnen hem overhalen om met ons mee te gaan naar de Kamer van Koophandel om de onbevoegde inschrijving direct ongedaan te maken.
Er wordt ook afgesproken dat op korte termijn een bestuursvergadering bijeen
geroepen zal worden. Zo gezegd zo gedaan. Op 15 augustus wordt Erik van de Maal ingeschreven, en als bestuursleden H. G., Jan Govers en Tom de Booij. Het advocatenkantoor wordt op de
hoogte gebracht van het feit dat het kort geding van 7 september geen doorgang
behoeft te vinden. Immers ons doel is bereikt. De vervanger van Mr Leyendekker
deelde ons mede dat ze net bezig waren met de definitieve tekst van de
dagvaarding (1 1/2 maand nadat we bij Leyendekker om een kort geding hadden
gevraagd.)Er wordt ook een bestuursvergadering belegd en wel op woensdag 17 augustus in
de Prom te Baarn. Daarbij zullen ook worden uitgenodigd als toegevoegde
bestuursleden Simon Speets en Julius Wutun. Zij waren immers gekozen als
bestuursleden op de ALV van 2 juli te Utrecht. Ik ga na wat er nog op de giro van
de BWO staat. Het blijkt te zijn: f 18,97. Waar is het allemaal gebleven? We vragen aan
de Postbank om de 60 mutaties aan ons toe te zenden. Dat zal wel een hele tijd in beslag nemen, maar dan weten we in ieder geval waar het geld door J. v.Z. naar toe gesluisd is. Het verkrijgen
van deze mutaties vergt niet alleen veel tijd maar kost ook nog eens

Links: Het openbreken van het BWO kantoor aan de Sweelinckstraat in
Utrecht. Rechts: Tom de Booij en Erik van der Maal feliciteren elkaar op het
buro

Het schatkist van de BWO is leeg geroofd, het enige wat overbleef was het kleine schatkistje waar in het bedrag 18 gulden en 29 cent
Vrij
dag 19 augustus op het kantoor geweest. Ook H. G. was aanwezig. We werden onaangenaam verrast toen we een telefoontje kregen van autoverhuurbedrijf Hoek te Driebergen. Zij vroegen wanneer de BWO van plan was de openstaande rekening van f 9029,44 dd 30-06-1994 voor het verhuur van een Mazda 626 te voldoen. Ik ben meteen naar het bedrijf gegaan. Het bleek dat J. v.Z. namens de BWO sinds februari vele auto's had gehuurd en op de 'laatste rekening na van de giro van de BWO alles had overgemaakt. uiteraard geheel buiten medeweten van het bestuur. We hebben van onze kant de politie te Baarn en de Officier van Justitie op de hoogte gebracht van de nieuwe feiten. De politie te Baarn zo ver kunnen krijgen om aan de OvJ te vragen om J. v.Z. op de telex te zetten. Let wel omdat ik gedreigd had lokaalvredebreuk te plegen als hij de OvJ niet zou bellen. We hebben ook de heer W.J. Stevens gesommeerd binnen acht dagen de computerapparatuur terug te brengen. We kregen een aanmaning van de verzekering om de rekening van f 425,- te betalen. Willem-Jan Stevens had in augustus 1993 de computer apparatuur voor 100.000 gulden verzekerd. Waar het grootste deel van de apparatuur is, is tot op dit moment een compleet raadsel. Dit ondanks het feit dat Van der Maal al sinds begin '93 meerdere malen dringend verzocht heeft aan stevens om mee te delen welke computerapparatuur er voor welke bedragen bij welke leveranciers op welke data op grond van welke bestuursbesluiten op kosten van de BWO zijn aangeschaft, en waar de apparatuur zich bevindt.
Vrijdag 19 augustus Artikel in Utrechts Nieuwsblad. Coupplegers
halen bakzeil. Alles weer pais en vree bij bond van gedetineerden. Door Erik
van der Struijs . Utrecht
Alles is weer pais en vree binnen de Bond van Wetsovertreders (BWO).
De coupplegers hebben bakzeil gehaald, het rechtmatige bestuur is terug in
functie. Het kort geding, dat 7 september in Utrecht op de rol stond, gaat niet
door. De BWO behartigt de belangen van enkele honderden gedetineerden en
ex-gedetineerden in Nederland. Twee maanden geleden ontstond een bestuurscrisis,
toen penningmeester
-
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Viering van mijn 70ste verjaardag op het kantoor van de BWO,
Nadat ze alarm hadden
gegeven duurde het maar liefst drie kwartier voor de politie kwam ! Helaas werd de feestvreugde danig vergald door een telefoontje van de
brigadier van politie T. Herms te Baarn met de mededeling dat J. v.Z. weer
op vrije voeten was. Hij had een verklaring getekend. J. v.Z. is ook de
politie te slim af geweest, die weer geloof heeft gehecht aan zijn verhaaltjes.
Zelfs wist de politie te Baarn nog te stellen dat de schade wel mee viel, en dat
v.Z. belooft had alle stukken
te overleggen.
29 augustus besluiten we de belangrijkste apparatuur uit het kantoor
veilig te stellen. We zijn, nu J. v.Z. weer op vrije voeten is, bang
dat hij de zaak uit het kantoor komt weghalen. Voorts werd de telefoon van
het kantoor afgesloten en de huur werd door de verhuurder opgezegd. alsmede
de huur van het pand.
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Dinsdag 30 augustus Artikel Utrechts Nieuwsblad Bond gevangenen
bankroet. Door Erik van der Struijs
De Bond van Wetsovertreders
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Woensdag 31 augustus sturen we de politie te Baarn als ook de
Officier van Justitie te Utrecht een rapport over alle gebeurtenissen die
ondanks onze aangifte van 30 juni hebben kunnen plaats vinden . Door het slappe beleid van de OvJ in nog grotere
financiële moeilijkheden gekomen.
Had de OvJ direct actie ondernomen na onze aangifte van 30 juni dan was ons
veel leed bespaard gebleven. De politie te Baarn geeft ons op 31 augustus
nog de verzekering dat J. v.Z. alle financiële gegevens zal overleggen.
5 september wordt door ons het kantoor te Utrecht leeggehaald en de
inboedel ergens opgeslagen, omdat wij het pand uiterlijk op die datum leeg
moesten opleveren aan de verhuurder". Gelukkig behoeven we slechts een maand
huur te betalen, in plaats van de contractueel verplichte drie maanden. We ontvangen ook de 60 mutaties van de giro van de BWO waaruit blijkt dat
J. v.Z. voor zich persoonlijk een bedrag van maar liefst 42.000 gulden
heeft opgenomen. De stichting Democratisering Gevangeniswezen heeft momenteel een bedrag van
14.000 gulden voorgeschoten en daarmee de meeste rekeningen kunnen betalen. We
verwachten echter dat er nog eens een dergelijk bedrag aan niet-betaalde
rekeningen openstaat. Er melden zich dagelijks nieuwe schuldeisers. We vragen op 5 september aan de Officier van Justitie om onze aangifte nu
eens werkelijk serieus te willen nemen. We geven hem de verzekering dat wij
alles maar dan ook alles in het werk zullen stellen om de onderste steen boven
te krijgen en daarbij ook in een scherp daglicht te zullen plaatsen het beleid
van de overheid in deze zaak.
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Maandag 5 september Brief aan de Officier van Justitie te Utrecht G. Th
Hofstee
Edelachtbare Heer, Uit 60 mutaties van de Postbank t.n.v de Bond van
Wetsovertreders BWO die wij heden ontvingen blijkt dat door de ex-penningmeester
van de BWO J. v.Z. een bedrag van 42.000 gulden is verduisterd. Door de
stichting Democratisering Gevangeniswezen is reeds een bedrag van 14.000 gulden
voorgeschoten. Ons pand is ontruimd , de boedel opgeslagen. We verwachten nog
schuldeisers nog eens een bedrag 14.000 gulden aan onbetaalde rekeningen. Uit
het gesprek met de brigadier van politie te Baarn konden we opmaken dat ook hij
aan de fantastische verhalen geloof heeft gehecht. De kans is bijzonder groot
dat J. v.Z. weer druk doende is om zijn oplichterspraktijken voor te
zetten. Te uwer informatie zend ik U een afschrift van een brief die ik heden de
heer Trossèl van de Nederlandse Federatie van Reclasserings instellingen heb
geschreven. Ik zou U nogmaals er op willen attenderen dat U onze aangifte nu
eens werkelijk au serieux wilt nemen. lk kan U de verzekering geven dat wij
alles maar dan ook alles in het werk zullen stellen om de onderste steen boven
te krijgen en daarbij ook ineen scherp daglicht zullen plaatsen het beleid van
de overheid in deze. Hoogachtend Tom de Booij. Bestuurslid BWO. coördinator
Stichting DGW
------------------------------------------------------------------------------------------
Einde
rapport 200 DAGEN BESTUURSLID VAN DE BOND VAN WETSOVERTREDERS 26 februari 1994-13 september 1994Hierna volgen enkele documenten en correspondentie van de periode 13 september-31 december 1994
Dinsdag 13 september Brief aan de Officier van Justitie te Utrecht G.Th
Hofstee
Zaterdag 29 oktober 1994 Open brief aan de Hoofdofficier van Justitie te Utrecht,
G.Th Hofstee
Wat zou er allemaal gebeurd zijn indien het Openbaar Ministerie de aangifte
jegens J.F. v.Z. door Erik van der Maal en Tom de Booij bij de politie te Baarn werkelijk ter hand had genomen.
v.Z. werd door ons er van verdacht de
kas van de Bond van Wetsovertreders te hebben leeggeroofd,en de gehele
financiële administratie van de afgelopen jaren te hebben ontvreemd en andere
malversaties te hebben gepleegd,of in deftige taal gesproken: verduistering,
flessentrekkerij, valsheid in geschrifte. We zouden dan de mogelijkheid hebben
gehad om de onbevoegde en onrechtmatige inschrijving door J. v.Z. bij de
Kamer van Koophandel te Utrecht ongedaan te maken. Dan had vervolgens het op de
Algemene Ledenvergadering van 26 februari 1994 te Utrecht wettig gekozen Bestuur
ingeschreven kunnen worden bij de Kamer van Koophandel te Utrecht. We zouden
niet gedwongen zijn om
Najaar Artikel in Bonjo Bulletin: BWO failliet door oplichting
De Bond van Wetsovertreders (BWO) heeft één van haar doelstellingen bereikt:
volop aandacht, belangstelling en publiciteit in de landelijke media.
Bestuursleden schelden elkaar uit en de kas is ondertussen leeg. Het is voor
veel mensen onduidelijk wat er allemaal aan de hand is. Duidelijk is wel dat het
heel slecht gaat met Neerlands oudste en enige vakbond voor (ex-)gedetineerden,
de BWO. Het faillissement van een vrijwilligersorganisatie.
In februari van dit jaar werd een nieuw BWO-bestuur gekozen.
Centrale figuren hierin waren Erik van der Maal (voorzitter) en
J. v.Z. (penningmeester). Het bestuur bestond verder uit Tom de Booij. H. G. en Jan Govers. De oud-bestuursleden Willem-Jan Stevens en Jan van
Welbergen keerden niet terug. Stevens trok zich op het laatste moment terug en
Van Welbergen werd niet herkozen. De opzet van dit nieuwe bestuur was om de
bezem eens flink door de BWO te halen. Persoonlijke conflicten en onduidelijkheid over de boekhouding vormden
hiervoor de voornaamste reden .. Deze veelbelovende opzet is niet bereikt. De
persoonlijke conflicten bleven spelen en ook over de financiële administratie
kwam geen duidelijkheid.
Kamer van Koophandel
Uit de notulen van de bestuurvergaderingen van de BWO blijkt dat herhaaldelijk
bestuursbesluiten omtrent een onderzoek naar de financiële administratie door de
penningmeester tegen werden gewerkt. Bovendien verdween het onderling vertrouwen
tussen de bestuursleden al snel. v.Z. en G. (hierbij aangemoedigd door
de oud-bestuursleden Stevens en Welbergen) hadden ernstige kritiek op Erik van
der Maal. Hij zou te weinig doen voor de gedetineerden. Het bestuur wist
de schijn op te houden om gezamenlijk naar een oplossing te zoeken. De hoop
hierop verdween definitief in juni. J. v.Z. had onrechtmatig wijzigingen
aangebracht in het verenigingenregister van de Kamer van Koophandel. Het in
februari gekozen bestuur bleek nooit aangemeld te zijn door v.Z.. Bovendien
had v.Z. voorzitter Van der Maal uitgeschreven en G. deze functie
toebedeeld. De oud-bestuursleden Van Welbergen en Stevens werden ook weer als bestuurslid genoteerd.
Streken
Allengs werd duidelijk dat v.Z. nog meer streken had
uitgehaald. Alle sloten van het BWO-pand werden vervangen door het op minder
fraaie wijze aan de macht gekomen nieuwe bestuur. Een financieel onderzoek bleef
uit en de BWO leden wisten niet waar ze aan toe waren. Als reden voor deze
ongebruikelijke bestuurswisseling noemde v.Z. de onvrede over Van der Maals
beleid.
Hotelkamers
Duidelijk is inmiddels dat v.Z. niet uit onvrede over Van
der Maal tot deze ingrijpende maatregelen over is. gegaan. v.Z. en trawanten
hadden voornamelijk geen belang bij een financieel onderzoek, waar Van der
Maal steeds om gevraagd had.
Bekend is dat v.Z. voor tienduizenden guldens kosten heeft gemaakt. Op rekening of uit de
kas van de BWO. Hij heeft onder meer dure auto's geleast, hotelkamers gehuurd en
apparatuur gekocht. Dit vaak na een goede maaltijd. De kas is nu volledig leeg
en nog steeds komen rekeningen bij de BWO binnen. Over de rug van de leden van
de BWO heeft v.Z. zijn eigen aardse lusten botgevierd.
Kort geding
Onder dreiging van een kort geding werd bereikt dat de
onrechtmatige inschrijving bij de Kamer van Koophandel werd teruggedraaid. Het
legitieme bestuur werd weer in ere hersteld. Maar toen dit bestuur weer toegang
tot het kantoor kreeg, bleek dat de BWO inmiddels leeggeplunderd was. Het geld
is weg, de financiële administratie is verdwenen, het vertrouwen is weg en de
BWO is vleugellam.
Goed fout
Niet geheel duidelijk is de rol van de andere BWO'ers die bij de coup
betrokken- zijn geweest, al heeft Van der Maal een duidelijk visie: "Iedereen
die bij de' coup betrokken is geweest zit natuurlijk goed fout. Over het
functioneren van iemand kan men praten. Dat is nauwelijks gebeurd. De basis van
het conflict zat in de centen. v.Z. had baat bij zijn penningmeesterschap.
Het is een notoire oplichter. Ook bij anderen heeft hij al veel leed berokkend.
Zo staat bij Stichting Vrij in Amsterdam ook nog een rekening van hem open. Ook
andere bestuursleden zijn ruimhartig met de financiën omgegaan. Er zijn voor
tienduizenden guldens computers gekocht maar we hebben nauwelijks apparatuur. En
ondanks mijn herhaalde en dringende verzoeken om openheid van zaken over die
computeraankopen, is er nooit opheldering gekomen over waar al dat geld aan is
uitgegeven. Die apparatuur is gewoon verdwenen in de handen van Stevens. Hij had
er belang bij om zijn kooplust te verdoezelen en heeft zich laten meeslepen door v.Z.. Dat is jammer. Daardoor heeft hij zich alleen maar meer in de nesten gewerkt. Zoals de zaken ervoor stonden voor de coup, hadden
we nog iets met Willem-Jan Stevens kunnen regelen. Nu is alles zo verpest dat
alles tot het bot moet worden uitgezocht en juridische gevolgen waarschijnlijk
onvermijdelijk zijn. We hebben bewijs genoeg dat er gesjoemeld en zelfs
gefraudeerd is. Mijn aandringen .op openheid van zaken heeft er toe geleid dat
degenen die boter op hun hoofd hadden alles in het werk stelden om mij zwart te
maken en uiteindelijk weg te werken. Ik heb genoeg getuigen van het feit dat ik
wel goed functioneerde als voorzitter. "
Verantwoordelijkheden
Willem-Jan. Stevens heeft een ander verhaal. "Ik
heb me nooit verzet tegen een financieel onderzoek. v.Z. zou dat doen en hij
heeft ons verzekerd dat de boekhouding in orde was. Ik wist toen ook niet dat
v.Z. een oplichter was. Bovendien heeft hij in het begin veel goeds voor de BWO gedaan. We kregen veel reacties vanuit de bajes. Dat was onder Van der Maal
vaak minimaal. Van der Maal heeft een ongezond wantrouwen naar mijn inkoopbeleid
voor de BWO. Laat dat onderzoek maar komen. Hoe eerder alles afgehandeld is hoe
beter. Ik ben meegesleurd door v.Z.. De hele situatie grijpt me enorm aan.
Ik wordt er op m'n werk mee lastig gevallen en m'n privéleven leidt er ook onder. Ik denk dat het beter is dat de sleutelfiguren uit de
oude BWO verdwijnen en er een hele nieuwe club wordt opgericht. Ik doe niet meer
mee. Mijn naam is te beladen en m'n energie is op. Ik. hoop dat Erik van der
Maal ook zo verstandig is. Dat ik indertijd in het bestuur ben gaan zitten via
v.Z.'s constructie met de Kamer van Koophandel is misschien niet verstandig
geweest. Maar Van der Maal functioneerde niet en ik wilde me niet terugtrekken
voor verantwoordelijkheden. Als ik had geweten wat J. v.Z. voor schurk
was, had ik natuurlijk anders gereageerd".
Commissie
Inmiddels is een onafhankelijke ónderzoekscommissie in het
leven geroepen. Doel van deze commissie is: het onderzoeken van de feiten, het
herstellen van het vertrouwen en het maken van aanbevelingen voor de toekomst.
Maar het blijft een vraag of er nog wel een toekomst is voor de Bond van
Wetsovertreders. De geschiedenis heeft in ieder geval geleerd dat het raadzaam
is om vrijwilligers die als nieuweling bij een organisatie binnenkomen en gelijk
de kas willen beheren, eens nader naar hun motivatie te vragen. Of een
referentie op te vragen bij een vorige werkgever.
Vrijdag 2 december
Brief aan Yvo Baudoin
Beste Yvo,Het is weer een paar maanden geleden dat we elkaar zagen op de Bonjo
vergadering, Deze brief schrijf ik je niet als bestuurslid van de BWO maar a
titre personel (grapje:op dezelfde basis waarop ik de vergadering van de
kerngroep mocht bijwonen!). Dit weekeinde krijg je van de voorzitter van de BWO
een uitgebreid dossier over de perikelen van het laatste jaar. Reden waarom ik
je schrijf is om mijn persoonlijke visie te geven op alle dramatische
gebeurtenissen. Nog nooit in mijn leven heb ik zo rot tijd gehad. Bedrog,
leugens, en vooral de negatie van de buitenwereld, Ik ben toch wel wat gewend
wat betreft het afkeuren van mijn acties en het negeren van mijn visies. Maar
dan was het een mening tegenover een andere mening, en dit kon en kan ik goed
aan, want wie de bal kaatst moet hem ook verwachten. Wat er dit jaar sinds mijn
komst, 26 februari 1994, als bestuurslid bij de BWO is gebeurd is van een geheel
andere orde. Hier was ik nu voor de eerste keer in de afgelopen dertig jaar de
brave borst, Misschien juist daarom heb ik zo zwaar moeten verduren, onnodig om
in deze brief nader in te gaan op wat er allemaal is gebeurd. Mijn visie is al
neergelegd in het dossier:"200 dagen bestuurslid BWO'. Nu de BWO op de rand van
de afgrond hangt is het voor mij van groot emotioneel belang om de BWO weer te
laten herrijzen uit de as. Niet zo zeer om de ruim 16.000 gulden die ik (dwz
namens de door mij opgerichte stichting Democratisering Gevangeniswezen) heb
voorgeschoten, maar omdat ik zelf aan de wieg heb gestaan van de BWO (toen BOWO
geheten) in 1971. Zelfs heb ik de eerste actie van de BWO geleid, -een
werkstaking in het HVB te Utrecht. Verder heb ik dit jaar gestreefd om de BWO
weer die werkzaamheden te laten verrichten zoals deze in de statuten zijn
vastgelegd . Meer lijkend op de werkzaamheden van een vakbond. Op 9 maart heb ik
hierover een stuk geschreven (zie nummer .. uit het dossier) Dit is een van de
redenen geweest waarom twee andere bestuursleden zich tegen mij hebben gekeerd tw
v.Z. en G.. Deze zagen zo'n vakbond niet zitten vooral v.Z.
niet, die heel andere bedoelingen heeft gehad met de BWO! Afgelopen Maandag zijn
we bij de heer Trossel van de NFR geweest om onze subsidietoelage toe te
lichten. We kregen van hem toen de indruk dat we een gerede kans maken op een
subsidie voor het volgend jaar. Alleen wilde hij behalve een begroting voor 1995
ook nog een voorlopige conclusie van de onderzoekscommissie voor 16 december
willen ontvangen. Maar dit heb je al van Erik gehoord. Op het het eerste
gezicht lijkt dit een onmogelijke opgave voor jullie commissie, maar als je het
A4tje leest wat ik hierbij bij sluit, is het niet moeilijk om in te zien dat de
situatie waarin de BWO is gekomen uitsluitend en alleen te wijten is aan het
feit dat een bestuurslid met het tonen van een rijbewijs mutaties heeft kunnen
aanbrengen in het register van de Kamer van Koophandel op 20 juni jl te utrecht.
Hij heeft kans gezien, om ons uit te schrijven en zijn mede-coupplegers in te
schrijven. Voorts hebben zij op 27 juni jl het kantoor bezet (hoor mij eens, als
vroegere medebezetter van het Maagdenhuis) en dat verder blijkt dat de
methoden die door van Z. zijn gehanteerd.
Hij heeft kans gezien iedereen tegen iedereen op te zetten, en zijn macht op een
uiterst geraffineerde manier te versterken.
Hopelijk zal het resultaat van de onderzoekscommissie een bijdrage
mogen leveren, zodat andere
instellingen of organisaties behoed moge worden voor de praktijken van de J.
v.Z.s (want er lopen meer mensen rond die op een dergelijke manier
organisaties zoals de stichting vrij en de BWO ernstig beschadigen). Wat voor
straf J. v.Z. ook, krijgen, hij mag in ieder geval NOOIT meer de kans krijgen om zijn schandalige acties te kunnen uitvoeren, vooral niet bij
organisaties die juist opkomen voor de zwakkeren in onze samenleving. Als hij
het toch niet kan laten , laat hij dan maar eens proberen bij een multinational
liefst een wapenfabrikant die momenteel goed verdient aan de wapenleveranties
aan Joegoslavië of Rwanda. Hij heeft sinds zijn komst in het bestuur van de BWO
vele mensen ernstig geestelijk beschadigd. Dit geheel afgezien van de schade/die
hij de BWO heeft toegebracht tegenover de buitenwereld en zijn financiële
malversaties. Iedereen is er ingetuind, en niemand begrijpt eigenlijk waarom het
zo ver heeft kunnen komen. Maar nu v.Z. is ontmaskerd en alle betrokkenen zo
spoedig mogelijk de BWO weer op de rails willen zetten, kan verdere schade
misschien nog beperkt worden. Het enige voordeel van deze angstaanjagende tijd
moet zijn, dat het nieuwe Bestuur (gekozen op de ALV van begin september?)
duidelijke richtlijnen mee zal krijgen en zich moet vastleggen aan een soort
regeerakkoord. Om de zaak zo spoedig mogelijk te normaliseren hebben wij het
volgende scenario ontworpen, dat uiteraard door mijn mede-bestuursleden moet
worden goedgekeurd. Volgende week gaan wij naar de KvK te Utrecht om het bestuur
gekozen op de algemene leden vergadering van 26 februari jl te laten
inschrijven, en de door v.Z. op 20 juni jl onbevoegde inschrijving ongedaan
te maken. uiteraard nadat we in een "bestuursvergadering" om een ALV op zeer
korte termijn te laten plaats vinden. we zullen deze oproep plaatsen in een
extra editie van het
BWO nieuws en tevens aan de leden van de BWO vragen wie zich candidaat wil
stellen voor een bestuurspost. Tom de Booij
Vrijdag 30 december PERSBERICHT. Bond van Wetsovertreders (BWO).
Naar aanleiding van onjuiste informatie die er momenteel over de BWO
verspreid wordt volgt hier een kort verslag van de huidige stand van zaken:
1. Het financieel beleid van de BWO van de afgelopen jaren vormde begin dit jaar
aanleiding voor enige bestuursleden en een aantal kritische leden om de zaken
eens goed op een rijtje te zetten.
2. In dat kader drong de voorzitter aan op volledige openheid van zaken.
3. Dat leidde ertoe dat twee bestuursleden, gesteund door twee ex-bestuursleden
in juni een "coup" pleegden. Hun motivatie hiervoor was dat door die gewenste
openheid van zaken hun financieel wanbeleid uit zou komen.
4. De bona fide bestuursleden, die door de coup twee maanden uitgeschakeld
waren, slaagden er in om onder dreiging van een Kort Geding de coup ongedaan te
maken. 5. Bij terugkomst op kantoor bleek ons echter dat de coupplegers er in
geslaagd waren om tijdens hun onrechtmatige bewind de BWO geheel leeg te
plunderen.
6. Het legitieme bestuur besloot om alles in het werk te stellen om de BWO van
de ondergang te redden: er werd een Onderzoekscommissie ingesteld die moet
nagaan hoe het zover is kunnen komen, en hoe de BWO in de toekomst beter kan
functioneren.
7. De conclusies en aanbevelingen van die Onderzoekscommissie zullen aan een
extra te beleggen ledenvergadering worden voorgelegd, waarna de leden kunnen
bepalen hoe het nu verder moet met de BWO.
8. In tegenstelling tot berichten in de media van afgelopen dagen is de BWO een
belangenorganisatie die zich inzet voor de rechtspositie van gedetineerden en
ex-gedetineerden, en als zodanig nog steeds de enige Bond in Nederland.
9. In tegenstelling tot berichten in de media is de voorzitter niet
afgetreden.
10. Er zijn juridische stappen ondernomen tegen degenen die door hun
onrechtmatig gedrag de BWO veel schade hebben berokkend.
11. Het bestuur betreurt het dat de BWO als gevolg van onjuiste informatie die
momenteel over onze Bond verspreid wordt, weer op een negatieve wijze in de
publiciteit komt; temeer omdat dit de overlevingskansen van onze Bond schaadt.
12. Iedereen die meer informatie wenst kan hiervoor terecht bij de voorzitter,
die tevens woordvoerder van de BWO is: Erik van der Maal, tel. 02154 - 17902;
fax 02154 - 30150.
Einde BWO affaire. Wordt vervolgd in 1995 tot in 2001,
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Dagboek 1995
Grepen uit het dagboek, alsmede correspondentie, documenten en
vele foto's
Aan het eind aparte hoofdstukken:
1. Behoud Woonwagenkamp aan de Bisschopswaai in
Baarn
2.
Begeleidingsactiviteiten van Louis Wallenburg door Dr Tom de Booij, deel 2
3. Faillissement Bond van Wetsovertreders, deel 2
Maandag 16 januari. Brief van Ronald Naar
Beste Tom, Hierbij een korte reactie op jouw voorstel om een briefwisseling te gaan
voeren over ethiek met betrekking tot topbeklimmingen tijdens dure, gesponsorde
expedities. Het probleem is dat jij wellicht geen oude koeien uit de sloot wilt halen,
maar de lezers - die op de hoogte zijn van het dispuut - zullen deze brieven
toch als zodanig lezen. Dan is Bart weer op zijn piempeltje getrapt, gaat ook
reageren en dan begint het oude gekissebis weer van vooraf aan. Welis-nietes,
welis-nietes. Daarnaast vertrek ik over nauwelijks drie maanden naar de K2. Dat wordt een
fantastisch project, met negen zeer goede klimmers op de mooiste berg ter wereld
(?). Het zelf leiden van deze ploeg, het halen van die lastige top en het
allemaal veilig terugkeren is op dit moment mijn hoofdopdracht en daaraan is de
komende acht maanden al het andere ondergeschikt. Ook een briefwisseling dus.
Jij zult de eerste zijn die dat begrijpt.
Hopelijk tot spoedig, met vriendelijke groeten, Ronald
Dagboek Vrijdag 20 januari Ongelooflijk dat ik al die tijd niet heb bijgeschreven. Nu eindelijk de synthese in mijn leven gevonden. Biologisch psychiatrie - Rechtspraak- van der Maal- Romkema - Kok- Werkgroep Wallenburg Onderzoek Booij. Gisteren bij raadkamer geweest voor Louis Wallenburg. Weer vroeg opgestaan. Lange tijd niet gedaan meestal tot half negen nu is het zes uur. Het hersenonderzoek nu gesplitst op : schizofrenie en alles wat daar bij komt kijken (Pas weer bijgeschreven zie dinsdag 28 maart).
Dinsdag 14 februari Brief aan mijn schoonzoon Paul Lamme
Beste Paul, Ik voel de behoefte om nog even te reageren op ons gesprek van
zondag jl na Ajax-Feyenoord. Mijn vraagstelling was onduidelijk, vaag en
verwarrend. Daardoor kwam er een discussie tot stand die even niet prettig was
voor beide kanten. Je had volkomen gelijk door fel te reageren met woorden als:
je vraagt ons naar een standpunt dat je al daar voren hebt ingenomen. Inderdaad
zoals je weet staat mijn "strijd" nummer 1 en daarna volgt pas vrouw, kinderen en
nu ook nog klein kinderen. Dat is al 30 jaar zo en zal de volgende 30 jaar ook
zo blijven! Wat kan je anders van een bipolaire patiënt verwachten. Ik had de
probleemstelling anders moeten brengen, zoals in het doen van een mededeling, dat
ik nu bezig ben met iets wat ik momenteel beschouw als een synthese van een
vraagstuk waar ik ook al dertig jaar mee bezig ben. Je weet sinds mijn studie
naar "macht en elite" zie ik hoe wij als kinderen bij de gratie gods (zie Sarte)
op uiterst (onbewuste) geraffineerde wijze de macht sinds 800 jaar na Christus
in Nederland hebben kunnen behouden, en er steeds weer in geslaagd zijn om
anderen de kastanjes (lees: centjes) uit het vuur te halen. Over geld praat je
niet dat heb je. Hoe meer je muntstukken hebt met op de rand geslagen : God zij
met ons, deze te meer is God met je. Jouw reactie is meer dan begrijpelijk. Je
bent bezig op voortreffelijke wijze. je gezinnetje in stand te houden en op te
bouwen. Meer dan jouw goed recht. Daarbij maak je mijn lieve dochter gelukkig en
maakt voor Opa heerlijke etentjes klaar en last but not least heb je bijgedragen
tot het maken van twee wezentjes die een hele diepe (onbeschrijfelijke) plaats
in mijn hart hebben ingenomen. Desondanks het geluk van Schiermonnikoog kan niet
beletten dat ik door ga met mijn strijd tegen iedereen en alles inclusief
mijzelf, ik zou eerder willen zeggen in tegendeel. De manische (creatieve)
fasen die ik af en toe heb, wordt dan gevolgd - gelukkig niet meer door en
depressieve - maar door een kabbelende gezapige fase. Ik doe dan als het ware
weer krachten en inspiratie op om weer in het strijdperk te treden. Begin
zeventiger jaren heb ik een strijd gevoerd, waar ik de energie ontleende aan het
stille applaus - uiteraard en begrijpelijk niet bepaald mijn kaste - maar van de lower social class. (De PTT beambte die op gevaar af voor ontslag mij vertelde
dat ik door de politie werd afgeluisterd, etc) . Toen ik midden jaren
zeventiger jaren richting Baader Meinhof stuurde, zag ik dat dit stille applaus
verstomde en de weg een letterlijk en figuurlijk een "dead end" was. (Het
zelfmoord plegen van Ulrike Meinhof was daarbij voor mij een lichtend
voorbeeld). Zo koos ik voor de golfbal , misschien kon ik daar mijn ei kwijt.
Het heeft geleid tot de golfoorlog, die ik uiteindelijk verloren heb. In 1980
begon ik golf voor iedereen mogelijk te maken door in de bos van Drakensteyn te
beginnen met les te geven aan de boswachter, kinderen van de kiosk etc. Het
einde van deze strijd kwam toen ik in zag dat alle golf professional, inclusief
mijn eigen zoon geen poot hebben uitgestoken om de strijd tegen de elite te
willen aangaan:" Diens brood men eet etc". Ook daar verstilde het stille applaus
, de voedingsbron voor mijn energie. Als die opdroogt dan is het uit."Als het
tij keert moet je je bakens verzetten". Mede dank zij de IRT affaire vlamde de
strijd tegen het OM weer op. In 1974 heb ik samen met Joost van Steenis al een
werkgroep opgericht: Werkgroep Openbaar Ministerie. Volgens Michel Foucault zijn
er in onze kapitalistische maatschappij vier onderdrukkende mechanismen:
Justitie ,Onderwijs , Gezondheidszorg en Persmedia. De ervaringen ( het
veldwerk) die ik verleden jaar heb mogen doen, hoe ellendig dan ook heeft de
volgende werkhypothese opgeleverd: onze samenleving heeft voor de bescherming
van ons bezit een artikel in het Burgerlijk Wetboek ontworpen over te goede
trouw (boek 2, art 118). Volgens de dialectische principes hebben we ook een
politiek apparaat ontworpen die dit bezit moet beschermen het civiele en het
strafrecht. Als het civiele recht ons geen oplossing meer biedt om de problemen
die zijn gerezen tussen de burgers nemen we het boek strafvordering uit de kast
en dragen aan het OM op om (Sv. art. 27.1) iemand aan te merken als verdachte,
iemand waarvan we verdenken dat hij met een redelijk vermoeden een strafbaar
feit heeft begaan. Er wordt nu uitgegaan van te kwader trouw. De rechter moet
dan maar beslissing of de verdenking juist is geweest. We hebben zowel in de IRT
affaire en als ook in onze zaak duidelijk kunnen zien dat het apparaat van het
OM niet meer functioneert. Ze dient de sterken (Rob de Vilder, Joep Nieuwenhuizen,
ABN-amro etc etc) en vertrapt de zwakken.(Louis Wallenburg van het woonwagenkamp
te Baarn). De beer is los en alles glijdt verder af: normvervaging,
bureaucratisering, ontmenselijking Zo kan in het zieke lichaam de altijd
aanwezige virussen hun slag slaan. Hij meer je de symptomen bestrijd en niet de
oorzaken des te resistenter worden deze virussen. Ze dringen zelfs door tot in
de computers. Nu hebben wij twee exemplaren van het virus onder de microscoop
gelegd. Door hun gangen na te gaan en hun schadelijke werking, loop je
natuurlijk kans door het virus te worden besmet, maar dat risico neem ik omdat ik
heb gemerkt dat tegen dit soort bedreiging onze maatschappij vrijwel geen vinger
uitsteekt. Het volkomen negeert en wegwuift. Nu Paul ik hoop dat je de enigszins
cryptische tekst begrijpt, anders kom ik er graag op terug. Gelukkig durf je je
schoonvader open en eerlijk altijd kritiek (tegenspel) te geven. Je weet dat ik
dit niet alleen waardeer maar ook hard nodig heb anders spat ik helemaal uit
elkaar. Zie maar wat mijn lieve schat Adrienne voor mij heeft betekent en nog
steeds betekent. Dat het een eenzame strijd is weet ik maar al te goed. Dat ik
mijn doel niet zal bereiken weet ik ook, maar als ik een glimlach van een
gevangene (van het systeem) kan ontlokken en het stille applaus hoor kan ik weer
doorgaan. Ik ben er nog altijd trots op dat mijn drie kinderen "Jan Ebeltjes"
kennen en nu alle drie dienstverlenende functies hebben en niet toe getreden
zijn tot de vereniging van duitendieven (VVD) en niet op cocktails in Aerdenhout
en Wassenaar prietpraat verkopen , over hoe lekker ze hebben gegeten in een 5
sterren restaurant etc Ik vond in mijn dossier nog het volgend visite
kaartje dat ik van je gekregen heb, een paar jaren geleden toen ik met mijn
hersenonderzoek begon. Je wens is in ieder geval jaren later in vervulling
gegaan. Ik hoop dat we in de toekomst nog vele open discussie mogen hebben.
Nogmaals dank voor je lekker etentje en ook voor onze discussie, die toch wel op
een zaak duidelijkheid heeft gegeven. Jij ziet de strijd die ik voer niet zitten
( hiervoor heb je het volste recht uiteraard en is het ook meer dan legitiem)
.Ik ga (lees: ik bepaal .. zie Maria) toch door met de strijd! Waar pas ik in
het boek dat ik nog van te lezen krijg? Heel veel liefs aan je heel lieve
vrouw en ook aan mijn twee aller dierbaarste. Ze waren zondag in topvorm. Wat heb
ik van ze genoten in het zwembad. Je (schoon)vader en vriend Tom
Dinsdag 28 februari. Brief aan Dr Ron Hyman psychiater in Academisch
Ziekenhuis Utrecht, divisie Psychiatrie
Beste Ron, Behoorlijk opgewonden verliet ik afgelopen Dinsdag 21 februari jl
het AZU. Voor de eerste maal had ik iemand ontmoet, die wat zag in mijn "tegenstellingssyndroom".
Al jaren ben ik bezig met het begrip tegenstelling (dichotomie). Een begrip
waarbij wij blijkbaar niet zonder kunnen leven, een soort noodzakelijk kwaad. Je
hebt aangeboden om dit "braaksel" aan een kritisch onderzoek te onderwerpen. Je
zei dat je er niet voor zal schromen om te zeggen of het de moeite waard is om
er verder aandacht aan te besteden. Mocht het wel iets opleveren, dan zou met
een gekuiste versie getracht moeten worden om een discussie op gang te brengen
tussen de verschillende wetenschappers die ik tot op heden bezocht heb om hun
advies en raad te vragen: " Wat te doen" en "Hoe nu verder". Zoals ik je al heb
gezegd ben jij de eerste die er echt iets in ziet, alhoewel Ben van Cranenburgh
mij in de afgelopen jaren bijzonder heeft gestimuleerd en er bij mij op
aangedrongen heeft om iets op papier te zetten. Maar jij bent de eerste die het
belang ervan in ziet om buiten de vakgebieden te treden en eens te
inventariseren wat andere neurowetenschappers voor modellen hebben gebruikt. We
waren het direct met elkaar eens dat al die modellen natuurlijk niet kloppen met
de werkelijkheid maar dat we ze nu eenmaal nodig hebben om verder te komen. Door
mijn benadering als geoloog kan ik misschien een steentje bijdragen om iets meer
te weten te komen van het meest complexe en meest fascinerende brok
materie/energie wat we in ons universum kennen: "de hersenen gevangen door benen
muren!" Tot nu toe heb ik sinds 1990 bezocht: Brunia, Vroon, Köster (Utrecht),
Gaillard (Soesterberg), Holstege (Groningen), Cools, Mulder (Nijmegen), Frijda (GU
A'dam), Orlebeke (VU), Hoogland (VU), de Jonge (Solvay), Romein (Herseninstituut
Amsterdam), Bootsma, Den Brinker (Bewegingswetenschappen VU), Kerr (Nijenrode) ,
Van der:Linden (AZU), W. Lang (BP specialist werkend onder Deecke, Wenen).
Mede door jouw inspiratie, kan misschien mijn chaos toch wat geordend worden
zodat iemand anders er ook iets aan heeft. Zoals je heel terecht zei:" De
tegenstelling zit in je zelf: het zit in jouw koppie en het moet er uit anders
is er geen sprake van tegenstelling en als jij verdwijnt dan verdwijnt dat wat
er in zit en er niet is uitgekomen ook. Je hebt een leeftijd dat je je toch niet
meer kan veranderen, maar je zult toch moeten proberen je kennis die je vergaard
hebt voor een ander toegankelijk te maken". Als ik je goed begrepen heb zal ik
mij ten eerste de volgende vraag moeten stellen:
"Wat is de reden waarom verschillende neurowetenschappers steeds weer
dichtomieën hanteren om hun wetenschappelijke resultaten te presenteren".
We hebben drie dichotomieën die worden gebruikt:
1. Posterieure versus anterieure gebieden (gescheiden door de centrale sulcus).
Verwerking prikkels versus planning en uitvoering:stimulus response.
2. Linker versus rechter hersenhelften (gescheiden door het mediane (sagitale)
vlak.
3. Dorsale versus ventrale hersenstructuren. (gescheiden door het
transversale vlak)
Ik zal me uitsluitend beperken tot de laatste dichtomie en nagaan welke
theorieën in de literatuur van deze dichotomie gebruik maken. Zou deze
vergelijkende studie ons verder kunnen helpen en hoe relateert deze dichotomie
zich tot de twee eerst genoemden. De natuur laat zich gelukkig niet in onze "pigeonhole
manier" van denken opleggen. Het enige wat ik op voorhand zou kunnen stellen is
wel dat de verticale manier van denken ( de evolutie van onze aarde van
precambrium tot het kwartair) in de neurowetenschappen onvoldoende aan bod is
gekomen en dat de geoloog door zijn manier van denken iets zou kunnen bijdragen. Dank zij ons gesprek heb ik mijn trauma - niet te kunnen schrijven -
doorbroken en begonnen met het kanaliseren van mijn gedachten op papier onder de
titel: "wat weet een deur van het huis". (Binnenkort stuur ik je de eerste
aanzet en de inhoudsopgave!). Doordat ik niet gehinderd wordt door
specialistische kennis kan ik rustig rondfietsen door alle publicaties, zonder
geremd te worden. Het grote gevaar hierbij is wel dat door mijn
veralgemenisering er alles veel te eenvoudig uit komt te zien. We weten nog zo
weinig van "The 3-pound universe". Voorafgaande aan mijn vergelijkende studie is
het van belang om na te gaan wat we tussen die benen muren hebben zitten en dan
wel gezien in kwantitatieve zin. Zoals ik je al vertelde heb ik Ben van
Cranenburgh een notitie opgestuurd betreffende de kwantiteit van onze neuronen,
synapsen etc. Ik werd geïnspireerd door de publicatie van Cherniak, die op zijn
beurt weer was geïnspireerd door de Russen Blinkow en Glezer. (S.M. Blinkov,
I.I. Glezer ,1968, The human brain in figures and tables, a quantitative handbook,
Basis Books, Inc publ Plenum Press).
Alhoewel de hoeveelheden neuronen en synapsen etc veel minder zijn dan men
gewoonlijk in de literatuur aangeeft, zijn er toch zo verschrikkelijk veel dat
het begrijpelijk is dat we er nog zo weinig van weten. Er hoeft maar iets mis te
gaan in de bedrading en we krijgen mensen die schizofreen zijn. Je hebt me heel
erg duidelijk gemaakt dat het begrip schizofreen veel te losjes wordt gebruikt.
Het is zo'n complex verschijnsel dat het onjuist is om er - net als in het geval
van kanker - alle verschijnselen onder een noemer te brengen. Alhoewel wel
duidelijk is dat het een stoornis is die meer in de frontale corticale
structuren zijn oorsprong heeft dan in de subcorticale structuren, is de
interactie tussen alle neurotransmitters zoals glutamate, dopamine en serotonine
- om er maar een paar te noemen - zo complex dat van een goede verklaring en
begrip van de ziekte nog lang geen sprake kan zijn. Wie weet zou het wel eens zo
kunnen zijn als bij de rolverdeling die aan aan bepaalde toneelspelers worden
toebedeeld opeens niet meer worden opgevolgd, iedereen door elkaar begint te
spreken en de toeschouwer als toneelspeler er niets meer van begrijpt. In een
bijlage geef ik een zeer ruw overzicht van de theorieën die
ik de revue wil laten passeren. Ook nog een drietal schema's
tegenstellingen . Vooral die van Ruedinger is interessant omdat de
congresgangers "Frisch von der Leber" hun ideeën over het geheugen op het
schoolbord moesten opschrijven! De twee andere zijn van Goldberg (1982,1985) die
mij op het spoor hebben gebracht om de archicortex tegenover de paleocortex te
plaatsen. Het is deze tegenstelling die de basis is van waarvandaan ik
vertrokken ben en steeds weer naar wil terugkeren. Het is op zijn minst gezegd
vreemd dat iedereen ongewild en onwetend tov andere wetenschappers toch weer
dezelfde basis opzoekt. Afgelopen Zondag wist Midas Dekkers (VARA uitzending:
Vroege vogels) het heel plastisch tegenover elkaar te stellen: Sex onder de
gordel en liefde boven de gordel. Het intieme contact dat de amygdala heeft met
de hypothalamus en de relatie van de hippocampus met de prefrontale cortex heeft
(Simonev, Cools). Ik ben benieuwd wat je van deze eerste opzet vindt. Misschien
kan je al beginnen met het kaf van het koren te scheiden en te zien of de
indeling wel verantwoord is. Je had toen je mijn lijst zag al enkele bezwaren
omtrent de indeling. Nogmaals mijn dank voor de wijze waarop je me te woord hebt
gestaan met de vriendelijke groeten, Tom de Booij
Zondag 5 maart- 20 maart Reis naar Israël met Adrienne en
Jan Maarten.
Uit aantekeningen van Adrienne: Zondag 5 maart: aankomst Tel Aviv in donker. Hotel Vaz Dias. Slechte
nacht veel lawaai. Maandag 6 maart langs Middellandse. Hans Aalsvel reisleider,
begon met terreur. Mooi amfitheater gezien. Aquaduct 10 km lang vanuit de
bergen. Naar Haifa, slechte stemming in bus.
Door naar Akko kruisvaarders stad, 19e eeuw voor Chr., gelopen op stadsmuren.. Naar Nazareth kerk
v
aankondiging Maria. Vervolgens Tiberias aan het meer van Kinneret (Galilea). Weer aanvaring van Hans met Jannie. Bij Kanaan
een bruiloft gezien. Hotel met uitzicht op meer. Dinsdag 7 maart Boottocht naar Capernaum. Tabgha wonderbaarlijke spijziging en berg der zaligsprekingen. Tom
heeft de Bergrede voorgelezen uit Mattheus .

Links:Tom leest de bergrede uit Mattheus. Rechts: begin van de via dolorosa
Golan hoogvlakte afgezet met elektrisch hek. Over Jordaan , Jericho klooster tegen de bergen. Naar Jerusalem Hotel Olijfberg. Hof van Gethasme, Aksa moskee, Via dolorosa. Klaagmuur mannen links vrouwen rechts. Knesset geen entree. Menora van 5 meter hoog. Bethlehem geboortekerk Jezus, Yad Vasem spiegel met 5 kaarsen zeer indrukwekkend 300 000 joods kinderen opgenoemd. Maquette Jeruzalem hoe het vroeger was.

Jan Maarten en Tom bij klaagmuur

Links; Menora van 5 meter. Rechts: Na modderbad aan Dode zee. Tweede van rechts: Tom met er achter Jan Maarten
Vrijdag 10 maart naar dode zee 400 meter onder zeeniveau. Massada met kabelbaan. Modder bad aan dode zee Qumran vondst van dode zeerollen. Steenbokken gezien, bedoeïen tent in woestijn. Zaterdag 11 maart Sabbat, in hotellift special voor sabbat. De groep vertrekt dus afscheid van Jan Maarten was ziek met koorts. Auto gehuurd en 1 weekje met Adrienne door Israël. Zondag 12 maart naar Kibboetsen. Maandag 13 maart Verjaardagsontbijt. Weer Kibboets bezocht Engelse vrouw die al 40 jaar daar zat, eten in soort kazerne, TL verlichting, sla en pannenkoeken! Dinsdag 14 maart Naar Tel Arad woestijn tot andere kant Massada. Geluncht in bedoeïen tent. Tom weer drijven in Dode zee, ik niet was verkouden

Links : Dode zee en rechts Massada. Rechts: Tom drijft in Dode zee.
Gewandeld door prachtig botanische tuin. s-Nachts allebei
koorts.
400m onder zeeniveau, voel je je sloom. Donderdag 16 maart Via pas bij Jericho eerste
slecht dag regen, richting Ben Sean. Naar Haifa bij joodse mensen gegeten, ongezellig
huis overal TL buizen. Rituelen aan tafel. Vader drinkt uit zilveren beker en
houdt een gebed, op onze borden een vingerhoed, daarna zegen, daarna wortelsoep.
Tom krijgt longontsteking .
Einde aantekeningen van Adrienne over onze reis naar Israël.
Maart Op verzoek van de redactie van het Hermans-magazine schreef ik een reactie op
de hierboven aangehaalde recensie van den Boef. Dit werd gepubliceerd in
het Hermans-magazine, jaargang 4, nummer 14, maart 1995, p.57-58
Brandel, Den Boef, De Booij ...
Tom de Booij
Op pagina 38 van Nooit meer slapen lezen we:
'De stewardess komt langs met een stapeltje kranten. Op goed geluk kies ik er
een uit, blader erin. 'Zonder het eigenlijk te willen, begin ik toch te
lezen. 'DE NEDERLANDSE EXPEDITIE STEUNT OP 'SHERPA-BEROEMDHEDEN
. 'Het is een brief
over die Himalaya-expeditie, waar Brandel aan meedoet. Daarna volgt een weergave van het grootste deel
van
een artikel uit, zo blijkt uit een aantekening achterin de roman, het
Algemeen Handelsblad van 3 oktober 1962. Hoewel Willem Frederik Hermans
de auteur, prof. dr CG. Egeler, niet noemt, geeft hij diens artikel vrijwel
letterlijk weer. Op drie plaatsen voegt Hermans een uitroepteken toe en verder
maakt hij de rol van sherpa Danu, de kok, belangrijker ten koste van Dorjee.
Zo ligt in de roman niet Dorjee maar Danu als een waakhond voor de tent van
zijn sahib te slapen. Het belangrijkste verschil met het originele artikel
is wel dat Hermans de naam De Booij vervangt door de gefingeerde naam BrandeI,
over wie de schrijver wel het een en ander heeft te zeggen. 'Brandel is nooit
een intieme vriend van mij geweest. Heel andere figuur dan ik. Branie' et
cetera (pp. 42 e,v.). Wat is fictie, wat is werkelijkheid? zal de lezer
mogelijk vragen. Wat de werkelijkheid betreft: professor Egeler en ik
-- onder anderen wij stonden, dunkt me, model voor Brandel - waren indertijd
verbonden aan het Geologisch Instituut van de Universiteit van Amsterdam.
Samen hebben we drie geologische-alpInistische expedities ondernomen: in 1952
en 56 naar de Andes in Peru en, inderdaad, in 1962 naar de Himalaya in Nepal. Hermans was toen als
wetenschappelijk hoofdmedewerker verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen. Ik kan me niet herinneren hem in die tijd
te hebben ontmoet. Wel sprak ik hem in de beginjaren tachtig nog eens op
Schiphol. Tijdens onze studie in het begin van de oorlog maakte ik Hermans slechts uit de
verte mee; hij is twee jaar ouder dan ik. Egeler, zeven jaar
ouder, studeerde al in de oorlog af. Nog enkele andere onderdelen in Hermans
beschrijving van Brandel komen overeen met de werkelijkheid. Zo klommen Egeler
en ik inderdaad beiden al op jonge leeftijd met onze ouders in de Zwitserse
Alpen..Maar dat we nooit dronken is grote fictie. In feite berusten
de meeste eigenschappen die Hermans Brandel toedicht op zijn fantasie. Noch
Egeler noch ik waren fanatieke motorrijders, om nog een ander voorbeeld te
noemen. De vraag wat fictie is en wat werkelijkheid in het geval Brandel doet
terzake, want op 4 oktober 1982, twintig jaar na dato, schreef August Hans den
Boef onder de titel 'Onder geologen' een artikel in NRC Handelsblad,
waarin hij Brandel en mij volledig over één kam scheerde. Den Boef betitelde mij, misschien niet
geheel ten onrechte, als 'een warhoofd, maar een volhouder'. Hij stelde echter
verder dat Hermans in Nooit meer slapen de datum van het Halndelsblad-artikel
niet juist aanhaalde. Het had volgens hem 30 oktober in plaats van 3 oktober
1962 moeten zijn. Den Boef: 'Zou het dan zestien jaar en zestien drukken
lang verkeerd in de roman hebben gestaan?' Maar Hermans had gelijk. Het
artikel dateert van 3 oktober 1962. Volgens August Hans den Boef had Hermans de bedoeling om mij in Nooit
meer slapen te pakken te nemen. Op de Nilgiri in de Himalaya liep ik in
1962 een kleine longontsteking op, maar Hermans laat Brandel in zijn roman met
bevroren voeten in een invalidenwagentje terugkeren. Den Boef: 'Het zou een van
de weinige wraakoefeningen van Hermans zijn die nooit buiten een kleine kring
(in dit geval de Nederlandse geologen) is gekomen.' Er volgde op 11 oktober 1982 een felle ingezonden brief
vanuit Parijs in NRC
Handelsblad. Hermans: 'Deze doctorandus is bezig met een studie over mijn
roman Nooit meer slapen te schrijven, ter gelegenheid waarvan hij me van
tijd tot tijd per onbeleefde briefkaart de domste nadere toelichting denkt te
kunnen vragen.' Hermans ontkende dat de romanfiguur Brandel een portret van 'de
geoloog Dr Tom de Boo[ij]' zou zijn. Voor een wraakoefening op mij was geen
enkele aanleiding, de bevroren voeten van Brandel had Hermans ontleend aan het
treurige lot van de Amerikaanse fotograaf en bergbeklimmer Barry Bishop, die
hij in1960 op een excursie in Zweden had leren kennen. Den Boefs bewering dat Hermans mij te pakken had willen nemen werd door de
schrijver getypeerd als 'lasterlijke onzin' die behalve aan het 'onzorgvuldige
karakter' van Den Boef te wijten zou zijn aan het 'kinderachtige peil van
Nederlandse literaire doctorandussen, die zich niet kunnen voorstellen dat een
roman door geheel of grotendeels denkbeeldige personages zou kunnen zijn
bevolkt'.Met deze stelling kan ik me geheel verenigen. Het staat de auteur van een
roman nu eenmaal vrij om fictie en werkelijkheid door elkaar te halen. Volgens
een Russische filosoof: 'De waarheid is de optelsom van leugens!'.
Uit mijn dagboek periode dinsdag 28 maart- 8 augustus 1995
Dinsdag 28 maart Na indrukwekkende reis Israël ziek
geworden longontsteking. Te veel energie opgebracht voor BWO. Alles wat in niet
in de hand heb mislukt. Nu concentreren op het schrift.
De beste manier om uiting te geven aan mij gevoelens. Alle andere
wegen leiden tot zelfdestructie en belachelijke vertoningen, be your age. Mijn
lieve dochter en ook Adrienne hebben mij dat op niet mis te verstane manier te
kennen gegeven
Woensdag 29 maart Ziekte iets beter, alles opruimen daarna
beginnen aan schrijven.
Vrijdag 31 maart. Alles opgeruimd klaar
voor de start op papier. Vulpen gekocht nu netter schrijven. Brieven geschreven
over alles af te rekenen wat met de BWO. . 21 rozen van Louis Wallenburg
Zaterdag 1 april . Aprilgrap voor Mauk niet opgegaan. Mauk vertelt
betreffende mijn beslissing om te stoppen met actie die meer dan één persoon
betreffen. Als antwoord nu moet je aan je eigen golf gaan denken vooral chippen. Fraai
die rozen ze bloeien zo mooi.
Zondag 2 april. Heerlijk in zon gehoord Lied van der Erde van Mahler. In de avond
concertgebouw Krystian Zimmerman, Bach was vooral mooi
Maandag 3 april Eindelijk rust alle
paparassen weg, nu aan de wetenschap. Foto's van longen laten maken en begonnen
met Russisch elke dag 15 woorden.
Dinsdag 4 april Veel piano. Depressief. Adrienne
de hele dag weg, nog wel moe na inspanningen.
Woensdag 5 april Zwaar depressieve droom, maar daarna in natuur weer heerlijk.
Goed gegolfd rondje van 80 slagen.
Donderdag 6 april. Zeer depressief, veel geslapen nu maar beginnen
met boek der tegenstellingen
Vrijdag 7 april Rangschikking van afbeelding, bij elk plaatje een
praatje, zo proberen een samenstelling te maken van de losse gedachten
Zondag 9 april Prachtige Mattheus Passion.
Donderdag 13 april L. gebeld, zeer negatief, geschrokken door haar
beschuldigingen. Meteen brief gestuurd, daarna weggevlucht in de muziek. Nu proberen toch weer door te gaan
ondanks zeer depressieve bui met schrijven van tekst.
Maandag 9 mei Waarom weet ik niet maar een lange tijd niet de moeite genomen om om iets op
te schrijven. Misschien door de schok van de BWO daardoor
naar depressie. Al het materiaal nu goed geordend. Rustig geworden
alhoewel nog wel een brok onverteerd is achter gebleven. Ik word niet meer
gebeld Alles is rustig geworden Toch voorlopig het beste, Zeer
gefascineerd door muziek en quantum fysica. Nog niets gehoord van Hyman, had
beloofd om te reageren op mijn theorie Het is de dialectiek die ik verder
wil uitbouwen: man- vrouw, tegengestelde einden van een continu spectrum.
Zaterdag 5 augustus. Veel te dik na heerlijke vakantie
met Adrienne in de Ardennen. Na 10 wedstrijden gelijk geëindigd en playoff verloren door
zenuwen, niet te geloven. Nu is de koek op en trachten te vermageren en ook de
stijfheid in de rug laten verdwijnen. Mooi boek over lucide dromen. Dinsdag 8
augustus Vandaag gesprek met Hyman. Maar
zien wat het wordt, nu nog even de gelegenheid om alles op papier te zetten.
Voorlopig einde dagboek . Zie vervolg woensdag 11 oktober
April Artikel in het tijdschrift voor psychosynthese
EVOLUTIE door Martine Ruppert en Teun Timmers
De eeuwige Robin Hood. Interview met dr Tom de Booy
In zijn jonge jaren, hij is nu 70, was Tom de Booy docent
geologie aan de Gemeente Universiteit van Amsterdam. Hij was actief in de
democratiseringsbeweging van de universiteit en vocht in de Maagdenhuisrellen
mee aan de kant van de studenten. Zijn militante opstelling kostte hem
uiteindelijk de kop; hij werd op nonactief gezet. Dit verhinderde hem niet om door te gaan met
zijn strijd tegen onrecht en of dat nu de verouderde krankzinnigen wet van 1884 was, waar hij in de zeventiger jaren actie tegen voerde,
democratisering van de golfsport in Nederland of het lot van woonwagenbewoners,
onrecht heeft vele gezichten. Zijn huidige studie betreft neurofysiologische
processen. Net zo uitwaaierend als zijn interessegebieden zo dreigt het
gesprek dat we met hem over evolutie hebben ook steeds weer uit de hand te
lopen. Het is alsof hij steeds als een aap van tak tot tak voor ons uit springt,
van associatie naar associatie, ons verleidend met zijn enthousiasme.
'Evolutie is aanpassen.' Wat heb je met het onderwerp evolutie?
Het is belangrijk voor mij als geoloog omdat je daarbij denkt aan de globe
waar je op rond loopt. Ik heb dan een beeld van de mens die uit het water komt
en gaat vissen. Plaatsing van homo sapiens op deze aarde en de relatie ten
opzichte van de kosmos. Dat is een grondgedachte die ik als kind al had en
altijd bij mij is geweest. Ik zie mezelf op deze ronde aarde, ik mag even kijken
naar wat er voor en na mij gebeurt. Ik ga weer terug naar het hiervoormaals.
Ik ben altijd bezig met het kosmisch principe, met het geheel, en dat is
evolutie. Evolutie is aanpassen en die aanpassing interesseert me.
Is het dan niet zo dat de mens achter de evolutie
aanloopt als je ervan uitgaat dat de mens zich aanpast? De mens is deel van het
geheel en is tegelijk veranderaar en aanpasser.
En je ziet er ook maar steeds een deel van. Het
universum is net zo ver als ik wil denken. De waarheid is altijd asymptotisch.
Heeft de evolutie een richting?
Ja, maar hij wordt niet door mij bepaald, ik bepaal hem mee. Ik zie
een relatie tussen hoe mensen in relatie zijn en het functioneren van de
hersenen. Ik zie een duidelijke correlatie waarvan het belangrijkste principe is
dat de verbieder verboden wordt om te verbieden. Dat is een grondthema van mij.
Als je het principe van inhibitie plaatst op de samenleving kom je een heel
eind. Ook bij een schizofreen. Bij een schizofreen bijvoorbeeld is dat systeem
van inhibitie kapot. In principe zijn er in deze kamer bijvoorbeeld veel meer
geluiden dan je waarneemt. Je hebt geleerd om niet relevante geluiden te
onderdrukken. Je leert dat die niet relevant zijn voor jouw bestaan. Die latente
inhibitie is bij een schizofreen opgeheven. Voor een schizofreen is dus iedere
prikkel belangrijk.
En dat is dus het begin van chaos? Alles heeft bij zo iemand betekenis, dus
niets heeft betekenis?
Niet in termen van chaos en orde, dag en nacht en zo. De interactie, de
dialectiek houdt op. Het blaast zichzelf op. Als bijvoorbeeld de chaos in de DNA
in actie komt wordt op dat moment zelf ook bepaald wanneer dat proces moet
stoppen. Er wordt constant verboden. Als dat mechanisme ophoudt te verbieden
ontstaat er kanker. Dus die cel die in principe alles kan worden en die niet
verboden wordt, wordt een kankercel. Het centrale gezag is naar de kloten
geholpen. Het centrale gezag wordt niet meer aangehouden. En in onze samenleving
zie je hetzelfde gebeuren, we spreken dingen met elkaar af. Het principe van het
verbieden wordt in onze samenleving negatief gezien. We zijn blind voor de
natuurlijke orde en die is dat alles in principe verboden is. Tot datgene wat
zich wil manifesteren zich manifesteert. In der beschränkung zeigt sich der
Meister. Een goede schilder zet die ene streek die de goede is. Als de
leegte werkelijk leeg blijft, kan er pas een verbinding ontstaan.
Zou je zo gedreven zijn als zo'n inhibitie er niet was?
Nee natuurlijk niet; heb je vijanden lief. Ik zou werkeloos zijn als ze niet
bestonden: Ik weet niet waarom ik al die acties voer, het is denk ik een raison
d'être. Ik ben immoreel, ik wil niet iemand helpen. Een glimlach krijgen is niet
mijn doel maar geeft me wel brandstof om door te gaan. Je hebt altijd een
omgeving nodig om manifest te worden.
Wat mij intrigeert is dat je in het begin zei, dat je als kind een kosmisch
bewustzijn had. Wat je dan bij veel mensen tegenkomt is dat ze een kanalisering
voor dat besef zoeken. Ze gaan b. v. mediteren. Herken je dat principe van
kanalisatie?
Het is een constante oorlog die ik voer met die dualiteit, en die
kanalisatie wil ik ook weer opblazen. Ik voer een constante strijd met het
kosmisch bewustzijn en de kanalisering ervan. Als ik gekanaliseerd ben kan ik
niet meer open en ontvankelijk zijn voor prikkels, dus dan ben ik dood. Maar als
je wilt paren of fietsen of een golfbal wilt slaan moet je wel kanaliseren en
niet eindeloos ouwehoeren over veranderingen.
Je zegt vaak dat je verlangt naar rust.
Ja natuurlijk, maar je hebt rust en rust en dat heb ik dan niet. Er is het
schuldgevoel dat ik moet vechten voor de arbeider. Maar dat is natuurlijk
flauwekul want je hebt de onbewuste drang om te overleven als homo sapiens, je
helpt bij het in stand houden van je soort.. Als hofnar wet je dat je iedereen
onderuit moet halen. Ik voel dat ik genoodzaakt ben om tegen de top van de
samenleving te strijden en waarom, dat weet ik niet, dat moet je echt niet
vragen. Maar er is wel een duidelijk het conflict tussen die twee werelden.
Interessant dat je het steeds hebt over dualiteit, die niet bestaat, maar je
hebt het wel over het conflict tussen twee werelden.
Maar eigenlijk is het .een interactie tussen die twee werelden. Het is nooit
of/of, dat bestaat niet. Het is een continu spectrum. Dualiteit is een
noodzakelijk kwaad dat ik invoer.
Wat moet er in de wereld gebeuren volgens jou?
Gebeuren? Er gebeurt gewoon iets.
Dus wij moeten ons vrijwillig inperken?
Al die discussies over homosexualiteit of kernenergie of milieu moeten in
een andere context geplaatst worden, namelijk dat wij op een bolletje leven met
elkaar. We moeten maar gewoon bekennen dat geweld een goed iets is. Er zijn nu
ongeveer 80 oorlogen aan de gang. De hypocrisie in onze samenleving, die zal ons
denk ik opbreken. We moeten terug naar een primitievere benadering, minder
hoogdravend, de arrogantie van de mind breekt ons nu op. Maar weet ik veel!
Maandag 1 mei - Woensdag 17 mei Mahler feest
Samen met de Mahler deskundige Donald Mitchell in kleine zaal Concertgebouw

Samen met de nestor van de Nederlandse Muziekwetenschap Eduard Reeser in het Gemeente archief Amsterdam, waar de tentoonstelling was over Mahler. Aan de muur foto's van Mahler gemaakt door mijn grootvader Han de Booij.
Mei. Artikel van Pater Oosterhout van het Huize
Molenweide in Boxtel
Een goed jaar geleden kregen wij te horen dat
het golfspel bij ons ingevoerd zou worden. Hr. de Booy uit Baarn zelf
ex-professioneel golfer, zorgde ervoor dat wij de nodige vlaggen, sticks,
putters en balletjes in ons bezit kregen. Het ging allemaal van zelf, het werd
ons gegeven. Nu nog de nodige spelers, want ja we zijn bijna allemaal boven
de 80 in dit Huize Molenweide. Met een beetje moeite kregen we zes spelers bij
elkaar, die het golfen graag deden, ze zagen wel in dat je met golfen niet ouder
maar juist jonger wordt en dat willen ze wel. Onze club van zes moest natuurlijk
een naam hebben, de een meende dat de naam "de oudje.' doen het nog best" heel
toepasselijk was, en zo nog een paar mooie namen. Maar het is uiteindelijk
JUVENTUS geworden wat JEUGD betekent. En met die naam zijn wij heel blij, daar
zit nog toekomst in, en wie wil dat niet. Trouwens van de zes spelers is er maar
één boven de 80, de andere vijf zijn nog niet zo gevorderd, dus nog in goede
doen. We zijn nu in 1995. April nodigde niet erg uit tot hervatting van het
golfspel en ook de grasmat wachtte op beter weer. Maar we zijn weer aan de slag,
en alle zes spelers zijn ongehavend door de winter heen gekomen en zijn weer
enthousiast aan de slag gegaan. Ja, de lente doet wonderen en ook
JUVENTUS staat er weer gezond en jong bij. Mhr de Booy is al weer een keer op
werkbezoek geweest, zijn lessen hebben we nodig om ons op onze fouten te wijzen,
en aan te geven hoe het wel moet. Wij zijn blij met die lessen, want die hebben
we hard nodig, en we vinden zelf dat we zo al aardig vorderingen maken, en dat
schept vreugde in het leven. We zijn nooit te oud om nog te leren. Op 26 mei
komt Mhr. de Booy ons weer opzoeken en ik meen dat er dan een wedstrijd op het
programma staat met de leden van de golfclub van Simeonshof. Daar zijn we een
beetje huiverig voor want zij hebben één speler die zo professioneel te werk
gaat dat wij gedoemd zijn te verliezen, zoals het vorig jaar. De goede man
traint dag en nacht en daar valt van onze kant niets te doen. Hij woont ook
buiten Simeonshof ( aanleunwoning). Wij hebben met zijn zessen een leuke en
goede club, maar tegen zo iemand ben je zeker te verliezen. Wij zijn maar gewone
enthousiaste amateurs en dat wensen we ook te blijven. Een goede amateur
verdient ook wel eens te winnen op sportieve wijze. Alles bij elkaar zijn wij
leden van JUVENTUS heel gelukkige mensen nu wij op onze leeftijd nog kunnen
sporten. Niets is beter voor het soepel houden van de spieren
Woensdag 5 juli Verslag van José Brusselers over het
golven voor ouderen.
Vanuit het raam van de flat van mijn
moeder in Boxtel maakte ik kennis met de golfsport voor ouderen. Via haar kwam
ik aan het telefoonnummer van dhr. de Booy, die dichter bij Laren dan bij Boxtel
bleek te wonen. Op mijn vraag of hij mogelijkheden zag om bij ons in het
verzorgingshuis Johanneshove ook een club te starten, kreeg ik een positief
antwoord. Na een introductie met dia's werden de bewoners uitgenodigd om in de
tuin, waar dhr. de Booy een aantal holes had uitgezet, een partijtje. mee te
spelen.12 Bewoners gaven zich spontaan op om lid te worden van de club.
Afgesproken werd om op dinsdag- en donderdagochtend te starten met 6 bewoners en
2 vrijwilligers. Tijdens de introductie vertelde dhr. de Booy dat wij gedurende
het golfen een soort 'Lourdeseffect" zouden krijgen: de bewoners zouden hun
wandelstokken en loopfietsen aan de kant zetten om te spelen. Dit gebeurde! De
vrijwilligers en ik reden met de loopfietsen en de bewoners speelden 1 1/2 uur zonder
naar hun hulpmiddel om te kijken. Na afloop begrepen zij niet hoe dat kon. De
bal, de club en de putter hebben blijkbaar ook een psychisch effect. Eén
bewoonster was nog nooit in de tuin geweest en genoot nu zichtbaar van onze
prachtige omgeving. Vanaf donderdag spelen we 1 keer per week en ik hoop dat de
bewoners ook zelf aan de slag gaan. Ik dank dhr. de Booy voor zijn enorme
enthousiaste inzet en de gratis proefperiode. De enige kosten zijn de aanschaf
van een tweedehands handmaaimachinetje voor het maaien van de greens. Competitie
spelen met Boxtel lijkt mij nog wat moeilijk, we hebben pas 3 keer gespeeld,
maar het uitstapje zien we wel zitten. Na dit verhaal hoop ik dat de golfsport
voor ouderen een groot succes wordt.

Kleinkinderen op bezoek, roeien op de Eem en in pierebadje in de tuin
Donderdag 20 juli. Gedeelten van een brief aan
Willem van Rijn, de schoonvader van mijn dochter Mariette
Beste Willem, Mijn excuses voor het
niet of te laat reageren op je werkstuk. De reden is gelegen in het feit dat ik
het heel moeilijk vind om commentaar te geven , want onze manier van denken op
dit gebied is zo anders. Toch waag ik alsnog een poging. Als geoloog is het
moeilijk om te geloven in een God of het hiernamaals, zoals die door de
monotheïstische godsdiensten wordt beschreven. In het boekje dat ik je hierbij
geef staat op p.152 iets waar ik wel achter kan staan " de mens leeft nog maar
kort op aarde( .. ).De mensheid bevindt zich nog in de puberteit. Ze is dronken
van zich zelf,moet haar krachten beproeven in concurrentie, en ze moet de aarde
, haar moeder uitzuigen; ze denkt niet aan haar kinderen en ook niet aan de
toekomst van de overleving."
Voor mij zijn "Eten of gegeten worden" of "aanpassen is overleven"
uitgangspunten die voor mij van waarde zijn en me mogelijkheden bieden om het
leven hier op aarde enigszins in een context te kunnen plaatsen. Nu terugkomend
op je werkstuk. Je gaat uit van de stelling dat een " volledige nieuwe aanpak"
moet worden bedacht. Uit de evolutie van de biosfeer valt het steeds weer op dat
door middel van twee processen veranderingen worden bewerkstelligd: natuurlijke
selectie en genetische mutatie. We staan bij alles altijd weer op de schouders
van onze voorgangers. Elk experiment is geslaagd ook al zijn de uitkomsten
negatief, vanwege het feit dat het een experiment is. Maar diegenen die in staat
zijn om een experiment (een nieuwe aanpak) op te starten worden door de
gemeenschap daartoe in staat gesteld; ze zijn als het ware vrijgesteld. Verreweg
het grootste deel van onze samenleving moet er voor zorgen dat het dagelijkse
brood op de plank komt, ze kunnen zich niet inlaten met vernieuwingen of zitten
in situaties waar het motto "diens brood men eet, diens woord men spreekt" van
toepassing is. In je voorbeschouwing staat vet gedrukt:" .. de boodschap die
ermee verbonden is, kennelijk niet meer over komt". Alvorens na te gaan hoe de
boodschap beter overgebracht moet worden, dient mijns inziens worden nagegaan of
de boodschap nog wel de lading dekt. Het zou belangrijk zijn om deze boodschap
door vele mensen van verschillende afkomst, al of niet godsdienstig, onder de
loupe te nemen. Let wel ik ga van de werkhypothese uit dat er een orde bestaat
en dat niet alles willekeurig verloopt. Want als wetenschapsman wil ik ook graag
een steentje bijdragen om bepaalde verbanden te kunnen leggen die voorheen nog
niet waren gelegd. De enige zekerheid, die ik wel heb is dat achter die
ontdekking meer vragen naar voren komen dan door de ontdekking zijn opgelost.
1. Ik denk dat juist de massacommunicatie de wereld de mogelijkheid kan bieden
om de noodzakelijke veranderingen te bewerkstelligen.
2. Door de steeds groter wordende kloof tussen arm en rijk in ons land,wonen de
anonieme armen juist steeds dichter bij.
3. Dat de dialoog het zal moeten zijn die het moet gaan maken ipv de monoloog is
volkomen juist.
4. Door het geven van golfles aan bejaarde nonnen en paters ben ik er juist
achter gekomen dat zij in hun leven veel hebben gemist tijdens het overbrengen
van de boodschap wat te maken heeft met prestatie en lichamelijke conditie.
5. Het reizen naar verre landen zou de ogen moeten doen openen om te zien op
welke wijze wij nu als in het verleden als withuiden de wereld steeds uitbuiten,
resp uitgebuit hebben als onderdrukken en onderdrukté hebben. In naam van J.C.
wordt en werd iedereen over de kling gejaagd, de moslims hebben we hierbij het
goede voorbeeld gegevens en doen ons precies zo na.(Wat dacht je van de strijd
tussen katholieken moslims in Bosnië?)
6. Muziek gaat altijd vooruit op de maatschappelijke ontwikkelingen. (Beatles,
Stones).Het is wel verontrustend, dat juist op dit gebied zo weinig vernieuwende
impulsen zijn waar te nemen.
7. Over dit onderwerp kan ik niet veel zeggen
8. Inderdaad heel sterk is de spreuk: "mijn macht wordt in zwakheid volbracht".
Dit zou een heel mooie slogan kunnen zijn. Een overwinning is slechts mogelijk
door de opeenstapeling van nederlagen
9. De tijd dat vele heilige huisjes omver gehaald moeten worden is zeer zeker
aangebroken!
10. Ik lees elke ochtend aan Adrienne een stukje voor uit het oude testament. We
zijn begonnen bij het begin en zijn nu bij het boek Numeri aangekomen. Alles wat
God verbiedt zijn we er in tegen gekomen. Iedereen slacht iedereen af en wat ons
opvalt is dat de Here voor een zijde kiest die van Abraham en zijn navolgelingen,
de rest wordt zonder pardon afgemaakt. Wel geeft deze Tora een goed beeld in de
handel en wandel van homo sapiens! Opvallend is hoeveel begrippen , getallen etc
overeenkomen met die van het nieuwe testament zoals de 40 dagen, etc. Door de
vondsten van de dode zee rollen is er wel een duidelijk verschil te maken tussen
de symbolische en historische Jezus. Het lijkt me belangrijk dat hier meer
aandacht aan wordt besteed
11. Inderdaad alle gelovigen bezitten de sleutels van het koninkrijk hoe dat
koninkrijk er ook uit mogen zien. We zijn alle een deeltje van het universum,
alles is met alles aan elkaar verbonden is. Er kan nooit gesproken worden van
dat de een belangrijker is dan een ander als het om deze zaken gaat.
12. Inderdaad de "vissers van mensen" zullen andere visnetten moeten
aanschaffen......
13. De (laatste tijd heb ik me verdiept in de sexuologie, genetica en het heeft
me verbaasd hoe weinig ik hiervan wist en hoe belangrijk deze feiten zijn om een
beter inzicht te krijgen over dit taboe onderwerp en vooral over de
overeenkomsten en verschillen tussen man en vrouw. Zo ook het feit dat het
mechanisme van metabolisme van al onze mannelijke cellen afkomstig zijn van de
vrouw. Dat de sexe pas bepaald wordt na zes weken,dwz of het mannelijke SRYgen
op de korte arm van het Y chromosoom al of niet zijn werk heeft verricht. Zo
zien we dat bevruchte eicel zich tot een vrouw kan ontwikkelen ondanks het feit
dat zij het Y chromosoom heeft. (Androgen insensitivity syndrome). In de
dierenwereld zien we dat niet alleen door middel van sex chromosomen ook de
sekse bepaald kan worden door de temperatuur of het gedrag. . Een beter inzicht
betreffende deze materie lijkt mij essentieel. De vrouw zal dan niet meer zo
veel willen lijken op de man, zoals nu de trend is.
14. De vermaterialisering is een feit alleen hoe gaan we er mee om. Niet door ons
als een consumentenslaaf te gedragen. Het zijn allemaal hulpmiddelen. Zo hebben
we een bril nodig om te lezen, een fiets of een auto om ons voor te bewegen,
maar we zullen meer volwassen er mee moeten leren omgaan. De vermaterialisering
is een onomkeerbaar proces.
(Helaas heb ik het einde van mijn brief niet in mijn archief teruggevonden)
Maandag 2 juli - 4 augustus Vakantie met Adrienne nar de Ardenne. Gegolfd op de banen van Five nations, Durbuy, Chateau Royal Ardennen, Gonse, Rougemont, Clevaux, Houthalen

Lekker golven in de Ardennen. Adrienne wint na 10 wedstrijden.
Zondag 20 augustus De Booijen dag in tuin van Elsbeth en Jaap in Terborg

Croquetten en grote lunch in tuin van Elsbeth en Jaap
Dinsdag 22 augustus Brief van Willem van Rijn als antwoord op mijn brief
aan hem van 20 juli jl
Beste Tom, Nu het huwelijksfeest van onze jongste zoon achter de rug is,
vind ik eindelijk even tijd je uitvoerige commentaar op mijn werkstuk voor het
projectteam "Leve de Kerk" aan een summiere beschouwing te onderwerpen. Veel
antwoorden resp. wederwoorden op daarin aan de orde gestelde vragen of
beschouwingen zijn overigens terug te vinden in het door mij op mijn verjaardag
uitgereikte boekje "Het Rozendal". Ik dacht er verstandig aan te doen mijn
opmerkingen over je commentaar per door jou genummerde pagina te geven:
Pagina 1 Geloof is geen wetenschap en veel
"Wetenschap" blijkt later op geloof te berusten. Voor "Geloof" worden blijkbaar
andere, nog niet wetenschappelijk gedefinieerde antennes gebruikt.
Het is voor mij onbegrijpelijk dat een geoloog, die dagelijks betrokken is bij
het immense vraagstuk van afstand en tijd, waarin hij bijvoorbeeld miljarden
jaren terug moet denken, twijfelt aan het menselijke geloof in een "almachtige"
God, welke benaming deze nietige mens er dan ook aan wil geven. Bij mij zou er
alleen twijfel daarover opkomen als ik deze god zie afgebeeld in een stuk hout
of steen, maar niet in een Schepper van het onbegrepen en onbegrensde Heelal•
Je opmerking "eten of gegeten worden" is
slechts een even egoïstische variant van "Pluk de dag, want morgen sterven wij".
Juist om deze atheïstische slogan te bestrijden is de "natuurlijke" God naar
Zijn "goddelijke" mens gekomen om hem Zijn onvoorstelbare Liefde te laten zien.
Pagina 2 Het lijdt geen twijfel dat in het scheppingsgebeuren natuurlijke
selectie en genetische invloeden een rol hebben gespeeld. Met de
"mutatiesprongen" zit men echter tot op de dag van vandaag in de maag. Zouden
deze sprongen op metafore wijze zijn weergegeven in het
scheppingsverhaal? Is er op aarde een ingenieur te vinden die voor het bouwen
van een ongelooflijk gecompliceerde machine niet eerst proefmodellen bouwt? De
God waarin ik geloof is geen hokus-pokus figuur of tafeltje dek je man, maar
weet bijvoorbeeld computers te bouwen die miljarden malen ingewikkelder zijn dan
de menselijke proefmodelletjes. Vernieuwingen behoeven niet te berusten op
experimenten. Ieder mens dient zijn eigen begaafdheid op zijn eigen niveau te
evolueren. Dit is in feite als een scheppingsopdracht te zien. Iedere ontdekking
kan inderdaad leiden tot meer vragen. Het hangt er echter vanaf vanuit welk
gezichtspunt men deze vragen wil beantwoorden: biologisch, abiologisch of
antibiologisch.
Pagina 3 Je inzet voor bejaarden heb ik van meet af aan zeer bewonderd. Dat deze
mensen in hun lichamelijke conditie zijn gefrustreerd door grove
misinterpretaties van zogenaamde "geloofswaarheden" lijdt geen twijfel. Aan de
andere kant besteden in onze tijd zeer veel mensen zoveel aandacht aan hun
lichamelijke conditie" en prestaties, dat zij echte geloofswaarheden die van
groot belang zijn voor het ogenblik als lichamelijke prestatie niet meer
mogelijk is, totaal vergeten. Als muziek altijd vooruit gaat op maatschappelijke
ontwikkelingen ziet het er voor de toekomst van onze wereld belabberd uit. De
moderne muziekontwikkeling als die van Beatles en Rolling Stones zie ik als
"drugs voor niet verwerkte levensproblematiek". De ongekende verspreiding
daarvan door de massamedia is angstaanjagend voor ouders en opvoeders. Nieuwe
impulsen om dit kwaad te keren zijn broodnodig.
Pagina 4 en 5 De meeste opmerkingen op deze pagina's zijn voorhanden in mijn
boekje. Lees bijvoorbeeld op pagina 53 het verschil tussen het oude en het
nieuwe verbond. Wat het universum betreft moeten we er wetenschappelijk van
uitgaan dat er meer planeten bestaan dan het aantal mensen dat op aarde heeft
geleefd, leeft of nog zal leven. "Woningnood" is daar dan ook uit te sluiten,
maar aan wie zal de keuze zijn op welke "planeet" hij of zij terecht komt. Zal
in de chip van de nog maar zeer bekende gecompliceerde menselijke
"hersencomputer" niet alles zijn opgeslagen en dagelijks worden "overgeseind"
naar een hemelse "macrocomputer" die de code van de te bewonen "planeet"
aangeeft? Zou "de hel" niet het "alleen" bewonen van een "planeet" zijn."?
Het zijn deze gedachten die de "cybernetica- mens" parten zal gaan spelen als
de vlucht van het informatiegebeuren steeds groter wordt en hem gaat benauwen.
Misschien zal hij dan pas terugkeren naar een levende Schepper die beloofde zijn
hand vast te houden en hem te begeleiden naar het Land van het eeuwige Licht,
waar alle onzekerheid als sneeuw voor de zon is verdwenen en hij zich nooit
alleen op een "planeet' als de aarde zal voelen.
Over het eerst bestaan van man of vrouw kan ik me niet opwinden. Het hele
scheppingsverhaal is een metafoor, die in de tijd waarin het geschreven was
paste. Het woord "Adam" betekent bijvoorbeeld "rode aarde" en geeft aan dat de
mens uit materie is gevormd.
Pagina 6
Afsluitend nog dit: Mogelijk is de aap het laatste product uit de
"proeffabriek"van onze Schepper geweest. Alleen het schepsel mens werd door Hem
goed bevonden om Zijn Beeld en Zijn gelijkenis te dragen in een vrije wil en
denkvermogen. Hartelijke groeten Willem
Conclusie van de briefwisseling tussen Willem en Tom:
WILLEM: MOGELIJK IS DE AAP HET LAATSTE PRODUCT UIT DE "PROEFFABRIEK" VAN
ONZE SCHEPPER GEWEEST. ALLEEN HET SCHEPSEL MENS WERD DOOR HEM GOED GEVONDEN OM
ZIJN BEELD EN ZIJN GELIJKENIS TE DRAGEN IN EEN VRIJE WIL EN DENKVERMOGEN
TOM: DE MENS IS EEN LAATSTE PRODUCT VAN EEN LANGE REEKS VAN MEER EN
MINDER GESLAAGDE EXPERIMENTEN VAN MOEDER NATUUR EN IN STAAT OM ZIJN WOONPLAATS
AARDE MET ALLES WAT ER OP LEEFT TE VERANDEREN EN ZELFS TE VERNIETIGEN INCLUSIEF
ZICH ZELF
Maandag 2 oktober . Elsbeth verdedigt met succes haar proefschrift in Parijs

Links: Elsbeth na haar behalen van de doctorstitel in Parijs, op de
achtergrond de Odeon. Rechts: Zondag 15 oktober feest ter ere van Elsbeth in de
Tijgerzaal van Artis
Vrijdag 1 december Brief aan golfprofessional André
Jeurissen van golfclub Welschap
Beste André, Hierbij zend ik je de tekst van de lessen die ik gegeven heb in
het voorjaar voor de Golfschool de Batouwe. De NPGA heeft in de tekst geen
interesse getoond, met als commentaar ( via Harm-Jan Peters) :"geen interesse,
teveel regels en etiquette" Ze hebben de spijker op de kop geslagen. Dit was ook
de primaire reden, dat ik vorig jaar mijn lidmaatschap van de NPGA heb opgezegd.
Ik was van mening dat zij mede schuldig zijn aan het feit dat op de golfbanen
van Nederland in de laatste tijd een duidelijk tendens merkbaar is, die
gekenmerkt kan worden door : "doe niet zo moeilijk, iedereen doet het toch" (dit
slaat o.m. op het commentaar dat ik tijdens wedstrijden krijg van spelers
waarvoor ik mark, nadat ik er opgewezen heb, dat hij twee strafslagen bij
zijn score moet bijtellen, aangezien hij een takje voor de bal in de bunker
heeft verwijderd). Zoals ik je al telefonisch mededeelde zou ik gaarne voor de
adviseurs van de NPGA een klein betoog willen houden over hoe in deze trend op
de lange term verandering moet kunnen worden gebracht: door de jonge
professionals beter te scholen op het gebied van regels en etiquette. .Ik stuur
je een copie van een decision die duidelijk aangeeft dat Nederland steeds verder
verwijderd raakt van de interpretatie van de spirit of the game. Ik kom weer
heel graag terug in de gelederen van de NPGA als ik een bijdrage mag leveren
voor een betere golfgedrag op onze golfbanen. Nu André Zie maar wat Je er mee
doet. Mijn hoop is 100 verwachting nul. Met de hartelijke groeten Tom de Booij.
Dagboek Woensdag 11 oktober Bij nalezen van oude dagboeken is het mij opgevallen dat er vele hiaten zitten. Zeer spasmodisch , jammer alle informatie gaat dan verloren. Nu een nieuw rood boek genomen dat hanteerbaarder is dan het vorige dikke 'kasboek'. Dit noodzaakt me om netter te schrijven. Nog zeer onder de indruk van de promotie van mijn zuster Elsbeth in Parijs In een zweetkamertje voor vijf juryleden heeft Elsbeth op onnavolgbare wijze haar proefschrift (2 dikke, haast onleesbare, pillen) in het Frans verdedigd. Wat opviel was de precisie waarin ze alles verwoordde. Het CED (Class elementaire deux) syndroom heeft bij haar geholpen. Ze had een boeman als promotor gehad. De bekende stok achter de deur. Zelf moet ik ook trachten orde te scheppen in de chaos. Even leek het dat er een wetenschapsman (Hyman) was die mij wilde helpen bij mijn hersenstudie, maar ook die net als zoveel andere heeft het te laten afweten. Dan is er nog het feit dat de zorg voor Louis Wallenburg op niets is uitgelopen. Een jaar werk voor niets. Nu maar zien wat er van komt. Vervolgens de domper met de golf gehad in België met de 4 pro's Martin, Marco, Mauk, Laas. Slecht geëindigd, duidelijk is geworden dat ik niet meer hoor bij hun denken, dat alleen maar aan golf denkt. Iets wat ik had ook had opgeschreven oktober 1992. na het spelen op de grote nationale baan bij Parijs.

Golven in de Ardennen met Mauk en zijn vrienden
Wat wel goed is gegaan zijn de vele golfclinics, die ik heb
gegeven in de afgelopen tijd. Heel andere manier van les geven, voortgekomen door de
studie van de hersenen, zoals gisteren voor firma Deco. Nu begin ik alle oude notities over mijn studie in bepaalde ordners te brengen. Het hoofdthema
is: de
verbieder wordt verboden te verbieden: VVV. Dan is er de muziek. Proberen nog
preciezer te zijn in het studeren maar verder gaat alles zoals ik het wil. 20
oktober een
meeting met wetenschappers over muziek en het brein. Misschien kan
ik een steentje bijdragen. Vandaag ook fitness centrum in Baarn gebeld om meer beweging te doen, want rust
roest. Nu nog het belangrijkste de relatie met Adrienne, duidelijk de laatste tijd te veel met zelf
bezig geweest. Ze zocht dan ook
haar weg in golf bridgen, etc.
Donderdag 12 oktober. Kamer opgeruimd. Nu beginnen met alles op orde te brengen
in de verschillende boeken. Goed gestudeerd. Brief Antoine van Daele over
afwezigheid van pro's op Pro-Am Anderstein. Lang gesprek gehad met Loes over alles
en
nog wat. 's-Avonds erg moe ,dat komt door alle emoties met de pro's en verkoudheid.
Vanochtend even bij de bejaarden geweest om hun op weg te helpen bij het putten op
de 6 holes baan, zeer dankbaar zijn ze. Gisteren de belastingdienst, politie en
sociale dienst medegedeeld dat mijn bemoeienis met Louis zijn gestopt. Ze
waren er zeer mee begaan. Vreemd gedroomd over reizen Himalaya en veel over
vader, moeder en Brouwer. De trigger waarschijnlijk omdat ik aan Loes had verteld
niet te gaan naar de reünie van de geologen. Nu naar Batouwe, de laatste clinic
van het seizoen.
Vrijdag 13 oktober. Gisteren een heel bijzondere dag dag. Na een succesvolle laatste
clinic van het jaar een ontmoeting gehad met Huub en Adelheid Kortekaas.
Een beeldende kunstenaar met een heel bijzondere filosofie. De
werkelijkheid is een illusie . Zijn ideeën sloten geheel aan bij mijn
ideeën,
alleen via een andere weg tot dezelfde conclusie gekomen. Gelijke geesten. Wat
voor mij heel bijzonder was om te zien dat hij een vorm had gevonden om
zijn ideeën gestalte te geven nl via de kunstvorm. Mijn pogingen
om het wetenschappelijk te laten zijn is precies waarom ze tot nu toe mislukt zijn. Het
is ook een kunstvorm die ik moet zoeken. Hij heeft me een
prachtig boek gegeven ter afsluiting van een bijzondere avond. Wat ik er nog mee
aan moet is nog steeds niet duidelijk Ik moet het meer overlaten en niet coute
que coute naar een vorm zoeken die komt van zelf wel.. De dag een beetje
doelloos
doorgebracht nog sterk onder de indruk van de ontmoeting Huub
een brief geschreven met mijn denkbeelden vooral over het egoproject. Dit is toch een belangrijke vondst. Het blijkt dat
het zeer goed overkomt: De verbieder
wordt verboden om te verbieden.
Zaterdag 14 oktober. Niet veel bijzonders. 's-Middags langs ouders van
Louis had dag en nacht tegen zijn caravan gebonkt. Ook zag ik bij hem weer katatone bewegingen
(boksen). Bij borrel JM erg gezellig gekeken naar Sonja met 4 homo's. Te veel
gedronken.
Zondag 15 oktober 2 golfschool cursussen, daarna naar
Artis huldiging Elsbeth. Leuke mensen gesproken vooral vriendin van Joachim
gravin van Randwijck, wel te veel gedronken ook waren alle kinderen en
kleinkinderen waren aanwezig. Ook met Heilbron gesproken,gezegd dat ik het niet
zie zitten om iets te ondernemen via de universiteit.
Maandag 16 oktober. Niet lekker geslapen. Weer begonnen met sorteren het
is niet
erg stimulerend. Geloof dat ik het even laat zitten de ruwe indeling in 18 stukken en maar eerst wat
meer ga leren om nieuwe inspiratie op te doen
Woensdag 19 oktober Goed gegolfd 82 slagen met Mario en Dick Maans.
Zaterdag 11 november. Vreemd toch zo spasmodisch, ik leef sinds 20
dagen niets opgeschreven toch veel gebeurd. Louis Wallenburg in
gesticht. Zelf aan fysiotherapie en gebleken te hoge bloeddruk 93-197. Wat zit daar
onder de onderdruk ,wat zit me dwars? Waarschijnlijk nog geen goed formule
gevonden voor
mijn hersenstudie in goede banen te leiden ? Alle clinics zijn nu voorbij alleen
nog 3 lezingen. Begin '96 reis naar Egypte. Vannacht veel gedroomd over
arrestatie, ondergrondse etc. Naar Düsseldorf mooie Turandot. Heel gezellig met
Adrienne nog niet
gekomen tot gesprek over...
Zondag 12 november Lekker opgeruimd nu echt beginnen met ordenen van
kennis.
Maandag 13 november 9 holes gepeeld niet geconcentreerd.
Dinsdag 14 november 9 holes Be Fair prachtig geworden. Alles aan
kant wat betreft publicatie etc.
Woensdag
15 november Zeer succesvolle lezing van greenkeepers in Papendal, voor hun wel en niet
voor de pro's. Nu beginnen met de ontwikkeling van de hersenen na de bevruchting
dus prenatale ontwikkeling.
Woensdag 6 december Verjaardag Sascha. Grote dag vanochtend 6 uur wakker tot
ergernis van Adrienne, kapstok gevonden voor mijn boek: het droste blikje. De
laatste tijd erg over ingezeten om iets te vinden maar gedachtig aan de
woorden van de psychiater Mojet in '87. Niet forceren het komt van zelf wel. Zo ook nu.
Dick Winnubst gebeld en Tom Roep, mijn oude ego makkers. Tom Roep
had nog
goede kritiek, niet te veel willen moraliseren het moet een telescopische
analyse
zijn van alle bestanddelen die we in ons lichaam hebben die aan de verre
voorouders doet denken. Verder is het belangrijk om te belichten de asymmetrie
van de tijd, verleden: alles wat is vastgelegde chaos: fractals en klassieke mechanica, toekomst: quantumfysica Nu proberen om de discipline op te brengen om niet verloren
te geraken. Hoofdstuk voor hoofdstuk: oorsprong zware metalen, televormen,.DNA/RNA/seks
ontwikkeling etc. De rest van december:
atoom, molecuul, cel geschreven. Nu op naar '96. Gisteren 31 december
nieuwe vondst: wat is het grootste orgaan: de huid. Van weefsel naar orgaan.
Einde dagboek

Kerstmis in Baarn met kinderen en kleinkinderen
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Hoofdstuk 1. Behoud Woonwagenkamp aan de Bisschopswaai in Baarn
Woensdag 8 februari 1995
DE ZEVEN VRAGEN AAN DE BEWONERS VAN HET WOONWAGENKAMP AAN DE BISSCHOPSWAAI
TE BAARN
Op verzoek van Willem Wallenburg heb ik ,Tom de Booij, op 25 juli 1994 een
gesprek gehad met de Burgemeester van Baarn, de Heer J.P. MIEDEMA en de Heer Ing
J. ROEST over de sanitaire omstandigheden in het woonwagenkamp. De Burgemeester heeft mij in aanwezigheid van de Heer Roest toegezegd:"Wanneer de heer de
Rooy met de bewoners van het kamp een gesprek zal hebben
over hun wensen en klachten zal de Booij daarbij aanwezig moeten zijn"
DIT IS NIET GEBEURD!!! Net zoals jullie worden we overal buiten gehouden. Het blijkt nu zelfs dat er
een werkgroep van de gemeente Baarn aan het werk is, die het hele kamp aan de Bisschopswaai wil opdoeken. (de zogenaamde Werkgroep Opdoeken Bisschopswaai (W.O.B.)).
7 februari 1995 heb ik de heer Roest gevraagd om nadere inlichtingen over de
boze plannen van de gemeente, om jullie te deporteren naar Eemland VI. Misschien
mogen jullie je woonwagen verkopen aan de Gemeente waarna je deze weer van die
zelfde gemeente mag huren! De heer Roest zou me direct laten weten hoe de zaak er voor stond. Taal nog
teken ontvangen! Zondag 12 februari 1995 kom ik om 11 uur op het kamp om jullie de volgende
vragen voor te leggen:
VRAAG 1: ZIJN JULLIE BEREID OM GEZAMENLIJK VOOR JULLIE BELANGEN OP TE
KOMEN ?
Als jullie op deze vraag JA zeggen dan volgt :
VRAAG 2: GAAN JULLIE ER MEE AKKOORD DAT ER EEN VERENIGING WORDT
OPGERICHT MET BIJVOORBEELD MET DE KLINKENDE NAAM: "BELANGEN BEHARTIGING WOONWAGENBEWONERS BISSCHOPSWAAI?
(Voor alle hiervoor nodige administratieve rompslomp zal ik zorg
dragen, zoals opstellen statuten, inschrijving notaris, kamer van
koophandel etc)
VRAAG 3: WAT IS ER, WANNEER EN DOOR WIE EN WAAROM OVER DE
BISSCHOPSWAAI BESLOTEN?
VRAAG 4: IN HOEVERRE ZIJN DE BEWONERS BIJ DIE BESLUITVORMING
BETROKKEN; EN OP WELKE WIJZE ZIJN ZIJ ER IN GEKEND?
VRAAG 5: WELKE OVERLEG VINDT ER MOMENTEEL PLAATS EN OP WELKE WIJZE
WORDEN JULLIE ER BIJBETROKKEN?
VRAAG 6: WAT ZIJN DE TOEKOMSTPLANNEN EN OP WELKE WIJZE WORDEN DE
BEWONERS IN STAAT GESTELD HUN INSPRAAK EN MEDEZEGGENSCHAP BIJ DIE
PLANNEN TE VERWEZENLIJKEN?
VRAAG 7: WAT ZIJN JULLIE WENSEN EN VERLANGENS?
TOM DE BOOIJ KONINGSWEG 45 3743 ET BAARN tel. 02154-12852
Dinsdag 14 februari Brief aan de Burgermeester van Baarn Mevrouw L.A. Snoeck-Schuller
Wedeledelgestrenge Mevrouw, Helaas is Uw voorganger vorig jaar overleden. Vlak voor zijn ziekte heb ik
nog een gesprek met de Burgemeester mogen hebben. In aanwezigheid van de heer
Roest heb ik de aandacht mogen vestigen op de sanitaire toestand van het
woonwagenkamp aan de Bisschopswaai te Baarn. De burgemeester heeft mij toen
toegezegd, dat als er vanuit de Gemeente met de bewoners over hun problemen zou
worden gesproken ik daarbij uitgenodigd zou zijn worden om daarbij aanwezig te
zijn. Er is sinds 1974 toen ik bepaalde (niet welriekende acties) heb gevoerd voor
de verbetering van de sanitaire voorzieningen een bepaalde vertrouwens relatie
gegroeid tussen kampbewoners (vnl Willem Wallenberg en zijn familie) en mijzelf.
Reden waarom ze me weer in juli 1994 om steun gevraagd voor hun problemen. Van de gemeente Baarn heb ik eind vorig jaar vernomen dat er zich (achter
gesloten deuren) een werkgroep buigt over de problemen rond het kamp. Vorige week heb ik nogmaals gevraagd aan de de Heer Roest hoe de vlag er voor staat. De Heer Roest zou nadere informatie inwinnen en mij dit
berichten. Terwijl ik deze brief aan het schrijven ben werd ik gebeld door de
heer Rooy, die een notitie van de heer Roest had gekregen met de opdracht om mij
op de hoogte te brengen betreffende de gang van zaken op het kamp. Hij deelde
mij mee dat Vrijdagochtend 17 februari 1995 rond 10.00 uur hij tezamen met de
politie op het kamp zou komen om de bewoners een schrijven te overhandigen
waarin zij o.m. worden uitgenodigd aanwezig te willen zijn voor een bespreking
op het gemeentehuis van 13 maart jl waar nadere mededelingen worden gedaan
omtrent,de toekomstplannen van het kamp. De heer de Rooy kom mij geen verklaring
geven
voor het feit dat ik in het verleden niet ben uitgenodigd om aanwezig te zijn
bij de besprekingen die de
Gemeente Baarn met de bewoners heeft gehad sinds juli 1994. Dit feit is
duidelijk in tegenspraak met de uitdrukkelijke toezegging van de burgemeester
dat ik WEL uitgenodigd zou worden. Gaarne zou ik door U uitgenodigd willen worden om bij de uitreiking deze brieven aanstaande Vrijdag aanwezig te mogen zijn, zodat daarmee alhoewel
te laat, enigszins tegemoet wordt gekomen aan de belofte gedaan door Burgemeester Miedema in juli 1994. In afwachting op Uw positieve antwoord, verblijf ik met de gevoelens van de
meeste hoogachting, Dr T. de Booij Koningsweg 45 3743 ET Baarn
Donderdag 23 februari Brief aan de Wethouder van de Gemeente Baarn de Heer H.P.C. van de Kerk
Ruimtelijke Ordening, volkshuisvesting, openbare werken en milieu
Edelachtbare Heer, Hierbij zou ik mijn erkentelijkheid willen uitspreken over het feit, dat U
mij hedenmiddag driekwartier in de gelegenheid heeft gesteld om, op Uw verzoek,
op informele manier met U kennis te mogen maken. Zoals U het bij het maken van
de afspraak al duidelijk formuleerde: " Om eens elkaar beter te leren kennen".
Het bleek dat U het nodig heeft gevonden Uw ambtenaar de heer K. de Roy uit te
nodigen om bij dit gesprek aanwezig te zijn. Ons gesprek ging over de toekomstplannen van het kamp Bisschopswaai, en mijn
betrokkenheid bij deze plannen. Ik heb in korte trekken geschetst wat mijn motieven zijn om mij te bemoeien met het wel en wee van de
kampbewoners. U zei dat U zich al op de hoogte had gesteld van mijn acties in de
zeventiger jaren aangaande de renovering van het kamp. U deelde mij mede dat het woonwagenkamp verplaatst zal worden naar een ander
gebied in Baarn: Eemland VI. De huidige bewoners van het kamp (legaal of
illegaal) zullen een plaats kunnen krijgen op de twee locaties in het Eemland VI
project. U heeft mij toegezegd om mij informatie te verstrekken over de wijze en het
tijdstip waarop de besluitvorming tot stand is gekomen om het woonwagenkamp te
"liquideren". Voor mij is het van groot belang na te gaan op welke wijze deze
besluitvorming tot stand is gekomen en welke overwegingen daarbij een rol hebben
gespeeld. U zinspeelde op: "de vervuiling en de struktuur van de grond en het
kostenplaatje!."
U heeft alle (legale en illegale) woonwagenbewoners per brief van 17 februari jl. uitgenodigd om aanwezig te zijn voor een bijeenkomst maandag 13 maart 1995,
waar U de woonwagenbewoners zult informeren over de stand van zaken ten aanzien van de nieuwe woonwagencentra in het
Eemdal. Uw ambtenaar de Roy deelde mij mede dat het hem niet bekend was dat ik namens
de kampbewoners optrad. Hij had toch vele contacten gehad met de
woonwagenbewoners in de laatste jaren, maar van een zekere De Booij had hij nog
nooit gehoord. In antwoord op de vraag van de Heer de Roy heb ik U toen medegedeeld dat ik
op 26 juli 1994 met de burgemeester J.P. Miedema, vergezeld door de Heer
Ing.J. Roest een onderhoud heb gehad over de sanitaire voorzieningen van het
kamp. Ik heb dit gesprek gevoerd in mijn "functie" als vertegenwoordiger van een
aantal kampbewoners. (bijlage: afschriften van notities die betrekking hebben op
deze bespreking). Kennelijk hebben deze stukken de Heer de Roy niet bereikt,
zodat dit de vermoedelijke reden moge zijn waarom voor hem mijn relatie t.o.v de
bewoners van het woonwagenkamp niet duidelijk was. Aan het eind van ons - voor mij bijzonder plezierig gesprek -
heb ik U aangeboden om in de toekomst bij en informatief alle besprekingenbetrokken te worden als hun woordvoeder - "liaison officer" belangenbehartiger
( of welke naam U ook aan mijn positie "autoriteit die geen autoriteit is" zou willen toedichten). In ieder geval zou ik een soort brugfunctie
kunnen vervullen die twee verschillénde culturen: die van de burgers ( mensen
zoals wij ) en de woonwagenbewoners nader tot elkaar kunnen brengen. Ik heb U
de verzekering gegeven, dat ik mijn steentje letterlijk en figuurlijk wil
bijdragen om een goede gang van zaken te bewerkstelligen.
"Voorkomen is beter
dan genezen". U zei, dat U hier uiteraard niet direct een antwoord op kon geven en zich
over mijn aanbod zou willen beraden en mij daarover binnenkort zou berichten. Mocht Uw antwoord positief uitvallen, is het bijzonder spijtig, dat ik
uitgerekend 11 maart a.s. verhinderd ben om aanwezig te zijn. Ik zou U derhalve willen vragen of U mijn compagnon E.J. van der Maal (wonende
te Baarn, Zandvoortweg 210, 3451 BJ Baarn tel 17902) zou willen uitnodigen - als
mijn vervanger - om bij deze belangrijke bijeenkomst aanwezig te kunnen zijn. In afwachting op Uw positief antwoord, alsmede de toezending van de
informatie betreffende de besluitvorming: "liquidatie kamp aan de Bisschopswaai",verblijf
ik met de meeste hoogachting, Tom de Booij
Dinsdag 19 december 1995 AAN DE LEDEN VAN DE RAAD DER GEMEENTE BAARN
Namens een 12 tal inwoners van het woonwagenkamp aan de Bisschopswaai te
Baarn richt ik mij als hun belangenbehartiger tot U, om de aandacht te vragen
voor hun noodkreet. In een openbare raadsvergadering op 25 augustus 1993 is besloten tot het
opnemen van 22 woonwagenlokaties ln Eemdal VI (voorstel nr 118) . Dit heeft tot
gevolg, dat alle inwoners van het woonwagenkamp Bisschopswaai te Baarn, over niet al te lange tijd verplicht worden om het
kamp aan de Eem te verlaten en met de woonwagens naar het Eemdal VI moeten
vertrekken. Zij hebben van Uw wethouder H.P.C. van de Kerk vernomen, dat zij een huur
voor onze standplaats betalen, die maar liefst 45% meer is dan zij nu betalen! U
zult begrijpen dat zij dit niet pikken. Gedwongen deportatie en dan nog eens
meer betalen ...
Tevens moeten zij in een omgeving wonen die hen cultuurvreemd is, namelijk
tussen de burgers in. Het is voor mij net zoals voor U als burger moeilijk te
begrijpen wat het betekent om als woonwagenbewoner in Nederland door het leven
te gaan. Er is hun alles aan gelegen om deze cultuur in stand te houden. Ook waren zij zeer verontrust door een artikel in het
dagblad De Telegraaf van
vrijdag 15 december 1995. Het wetsontwerp voor de opheffing van de
Woonwagenwet zal komende zomer in de Tweede Kamer komen. Volgens een advocaat
betekent dit " Een doodsteek met een strik
erom". Er zitten een paar addertjes onder het gras. Want het
afstammingsrecht vervalt straks. Het woonwagenkamp en de hechte familiecultuur
worden voorgoed de nek omgedraaid. De notulen van de raadsvergadering nog eens doorlezend was de volgende zin
voor de kampbewoners die het niet zien zitten om te verkassen: "De heer Veldhuijsen merkte
terecht op dat een nieuwe raad dit besluit kan openbreken". Vlak naast hun, door U geplande, standplaats worden huizen aangeboden van
bijna achthonderd duizend gulden. .Het lijkt voor de hand om te denken dat de
huizen heel wat minder waard zullen zijn als de kopers weten dat ze buren worden
van woonwagenbewoners! Hun hartenwens zal ik aan het slot van deze brief aan U overbrengen:
"Laat ons maar gewoon zitten op het kamp aan de Eem. We hebben het hier goed
naar onze zin. Niemand heeft van ons last en het argument van de vervuiling kunt
U toch niet echt serieus nemen. Wij hebben daarover ons licht opgestoken en uit
de rapporten gezien dat het best meevalt. De echte vervuiling ligt niet direct
onder onze woonwagens maar meer naar het gebied ten noorden van onze wagens. Wij kunnen U hierbij de verzekering geven, dat wij blijven zitten waar we
zitten". Mede namens de kampbewoners verblijf ik hoogachtend, Dr T. de Booij
Mede-ondertekenaars van deze brief, 12 inwoners van het woonwagenkamp aan de
Bisschopswaai te Baarn: G. Hanse (27-5 1960);J. Keijzer (21-1-57); J. Maasman (23-6-1951); A. Schild (19-8-1926); A. Schild (27-9-1926); J. Schild (11-02-1959); B. Wallenburg (13-1 1959); D. Wallenburg (26-3-1962);J.E.Wallenburg (2-01-1970);L. Wallenburg (10-10-1963);W. Wallenbrug (31-5-1932);W. Wallenburg (11-06-1961)
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Hoofdstuk 2. Begeleidingsactiviteiten van Louis Wallenburg door Dr Tom de Booij.
Hieronder volgt het tweede deel van het logboek 26 oktober-24
januari 1995
Vrijdag 6 januari Met Dr van Outheusden bij Louis op bezoek geweest. Louis ziet er veel beter
uit. Zorgt zelfs voor zijn eigen eten. Heeft ook zijn auto verzekerd.
Zaterdag 7 januari Semap pil gegeven. Een brief van OVJ voor bekeuring onverzekerd rijden f 500,- (14 augustus
1994)
Maandag 9 januari Gesprek gehad met Dr van Outheusden in Amersfoort. Plan gemaakt voor mijn
verdere begeleidingsactiviteiten: brief schrijven namens Louis aan OvJ met de
vraag om een forensisch-psychiatrisch rapport van hem te laten maken. Op die
manier kan de psychiater die het onderzoek zal uitvoeren nadere informatie
opvragen aan het Riagg met name aan de behandelde geneesheer Dr Y.van Outheusden.
Hopelijk zal dan duidelijk naar voren komen dat mijn begeleidingsactiviteiten er
tot op heden toe hebben geleid dat de gezondheid van Louis aanzienlijk is
verbeterd. Sinds 1 april 1993 is het Riagg, eerst door Dr Manschot en vervolgens
sinds medio juli 1994 door Dr van Outheusen, er niet in geslaagd om Louis
duidelijk te maken dat de pillen van essentieel belang zijn voor het verbeteren
van zijn gezondheidstoestand. Helaas zijn in juli 1994 door Dr Andriessen
rustgevende pillen aan Louis verstrekt! die hij vervolgens allemaal tegelijkertijd heeft ingeslikt, zodat hij in
allerijl
naar het ziekenhuis is gebracht voor het leegpompen van zijn maag. Een dag
heeft Louis in het ziekenhuis van Baarn mogen blijven. De hulp is
ingeroepen van een medicus van het psychiatrisch ziekenhuis Zon
en Schild. Deze heeft te kennen gegeven dat de toestand van Louis niet van
dien aard was om opname te rechtvaardigen. Sinds die tijd is zijn toestand hollend achteruitgegaan, tot het moment dat
door mijn begeleidingsactiviteiten Louis de levensgevende pillen weer wil
slikken en zelfs bereid is gevonden voor het krijgen van een injectie. Op die
manier behoeft hij geen pillen meer te slikken , maar eens per drie weken een
injectie!
Woensdag 11 januari Oproep van OvJ te Utrecht om te verschijnen voor de raadkamer van het
arrondissementsrechtbank op 19 januari 1995 teneinde gehoord te worden inzake
een bezwaarschrift tegen kennisgeving van verdere vervolging dat ik namens
Louis had ingediend.
Donderdag 12 januari Griffier van het parket medegedeeld dat ik op 19 januari a.s. voor de
raadkamer zal verschijnen
Vrijdag 13 januari Informatie ingewonnen bij verschillende instanties voor het opstellen van
het rapport betreffende de voorgeschiedenis van Louis dwz in de periode voor
24 oktober 1994. Sociale Recherche Soest, Mw Schilt maatschappelijk werkster
gemeente Baarn, Politie te Baarn F. van der Veld (over datum inname rijbewijs,
mocht hij niet geven ivm privacy), Gesprek gehad met Dr Manschot in
aanwezigheid van Dr van Outheusden (zie voor inhoud van gesprek, mijn
schrijven Dr Manschot dd 13 januari 1994). Ruim een uur een gesprek gehad met de ouders van Louis. In dit gesprek
hebben we nog eens de verschillende zaken de revue laten passeren. De
symptomen die nu bij het terugspelen van de " band" al eerder door zijn ouders
zijn geregistreerd: in het begin van de tachtiger jaren duidelijk aanwijzingen dat hij een
afwijkend gedrag begon te vertonen. Vele malen is Louis naar huisarts geweest:
dan weer klachten over zijn hart, dan weer over zijn hoofd etc. Dan komt de
noodtoestand van 31 maart 1994: Louis had zijn vader een klap op zijn hoofd
gegeven. Zijn vader heeft toen de psychiatrische hulpdienst te Amersfoort
ingeschakeld. Zo begon de ellende. Louis waste zich niet meer, stopte spinnen in zijn
broek, kookte wormen, dronk water uit de vervuilde rivier de Eem De ouders zagen met afgrijzen dat hij s-nachts met de auto weg ging. Deze
toestand is zo erg geworden dat het een regelrechte obsessie werd voor de
ouders. Vooral getergd door het feit dat de huisarts Dr Andriessen had gezegd
dat het een ongeneeslijke ziekte was en dat het in zijn hoofd zat. De vader
vroeg zich af waarom maken ze dan geen foto van hun "kop". (Trouwens iets wat
ik recentelijk heb voorgesteld aan het Riagg: "een PET scan te maken of te
zien of de ventricles in zijn hersenen vergroot zijn ten koste van de
hippocampus). Dan komt het fatale moment van het doorslikken van teveel pillen aan door
Louis. Hij wordt besmeurd onder modder in erbarmelijke toestand gevonden en
opgenomen in het ziekenhuis te Baarn. Een door het ziekenhuis te Baarn
opgeroepen medicus van Zon en Schild te Amersfoort beweert dat Louis niet
behoeft opgenomen te worden en heen gezonden kan worden! Tot overmaat van ramp voor zijn ouders komt hij na een dag alweer terug. De
ouders hadden zo gehoopt dat er eindelijk hulp zou komen opdagen. Zo
vertrekken weer maanden, tot Vader Willem mij belt om te vragen of ik hulp kan
bieden, vooral ivm de komende rechtszaak voor het kantongerecht
Donderdag 19 januari Met Louis Wallenburg naar de rechtbank
Zaterdag 21 januari Zware pil gebracht. Slecht nieuws. Hij slikt de pillen
niet meer. De moeder geeft ze hem, maar vader Willem zegt dat hij ze niet
slikt. Hij was zo stil
Zondag 22 januari 9.30 gebeld door moeder. Naar kamp. Met Louis eerst over zijn
maatschappelijke positie daarna over zijn ziekte. Pil laten slikken, emotioneel
betoog, dat het maar voor mij moest doen.
Maandag 23 januari Advocaat Laout wil toegevoegd raadsman zijn voor
Louis
Wallenburg Dinsdag 24 januari De moeder had nog meer gegevens over jeugd. Goede leerling
.Judo medailles
Einde tweede deel logboek Louis Wallenburg
Brieven in relatie met Louis Wallenburg
Vrijdag 13 januari Brief aan Doktor C. Manschot Psychiater Riagg Amersfoort
Geachte Dokter Manschot, Zoals afgesproken heb ik U heden doorgefaxt de
toestemming van Louis Wallenburg voor het geven van Uw informatie aan
ondergetekende. Voor alle zekerheid zend ik als bijlage de originele, door
Louis Wallenburg getekende, verklaring. Tevens zou ik U willen dank zeggen
voor de bereidwilligheid om mij vandaag te willen ontvangen voor een
onderhoud. In aanwezigheid van Dr van Outheusden heb ik U tijdens ons gesprek
van hedenmiddag een drietal geschriften overhandigd:
1. De trilogie van de onmacht
2. De voorgeschiedenis van Louis Wallenburg
3. Het logboek van mijn begeleidingsactiviteiten sinds 24 oktober 1994.
Mijn vraag aan U was om de voorlopige tekst van het geschrift, onder nummer
twee genoemd, te willen corrigeren op eventuele onjuistheden, of te voorzien
van enkele aanvullingen. Zoals ik U reeds mededeelde zijn deze geschriften
bestemd om aan de rechter te overhandigen op de zitting van de raadkamer op
donderdag 19 januari 1995, alwaar ik namens Louis Wallenburg een bezwaarschrift tegen verdere vervolging, inzake zijn vermeende fraude, ga toelichten.
Tevens heeft U toegezegd om mij ( of door Dr van Outheusden) voor 19
januari a.s. een brief te sturen waarin U Uw bevindingen inzake mijn
begeleidingsactiviteiten van Louis Wallenburg sinds 25 november 1994 zou
willen vastleggen. Immers deze brief kan van belang zijn om de rechter te
overtuigen van mijn legitimiteit inzake mijn bemoeienissen voor Louis
Wallenburg. Uit het gesprek dat wij hedenmiddag mochten hebben zou ik enkele door U
gedane uitspraken, in mijn eigen bewoordingen, willen herhalen ( U heeft mij
daarbij te kennen gegeven dat ik deze gegevens onder embargo zou kunnen
registreren onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat ik heden de schriftelijke
toestemming van het geven van informatie over Louis Wallenburg zou laten
ondertekenen door Louis en om vervolgens deze vandaag nog aan U door te
faxen): 31 maart 1993 heeft Dr Andriessen de hulp ingeroepen van de Psychiatrische
hulpdienst Amersfoort. In eerste instantie heeft Mevrouw Jaspers van deze dienst Louis Wallenburg onderzocht. Pas in een
later stadium bent U de behandelende geneesheer geworden van Louis Wallenburg.
U heeft tot medio juli 1994 getracht Louis Wallenburg medisch te begeleiden in
zijn ziekte . U heeft het vermoeden geuit dat het misschien schizofrenie zou
zijn, maar helemaal zeker bent U daar tot op de huidige dag, niet helemaal
zeker van. In ieder geval heeft U helaas moeten constateren dat het U niet
gelukt is om greep op Louis te krijgen. Het was vallen en opstaan, maar
uiteindelijk heeft U moeten constateren dat de behandeling niet het gewenste
effect heeft gesorteerd. Begin 1994 is Louis gestopt met het innemen van de
voor hem zo broodnodige medicatie. U heeft Uw bewondering geuit voor de activiteiten
van uw opvolger Dr van Outheusden. "Hij heeft het beter gedaan dan ik " waren
Uw openhartige woorden. Helaas ben ik vanwege de korte spanne tijds totaal vergeten U te vragen wat nu? Wanneer kunnen we met Louis beginnen met de afbouw van de
Orap-Semap pillen en de opbouw van de toediening van injecties. Dit zou dan
uiteindelijk moeten ressorteren in het geven van een injectie eens in de 3
weken. Uit het gesprek, dat ik na afloop van ons gesprek, heden met Louis mocht
hebben, blijkt weer eens te meer hoe zeer hij uitkijkt naar deze injecties,
hij heeft meer dan genoeg van die pillen. Alhoewel hij me heden nog te kennen
heeft gegeven dat deze pillen van wezenlijk belang zijn voor zijn herstel en
hij ten volle bewust is van het feit dat er een relatie bestaat tussen het
innemen van de pillen en zijn herstel .U zou mij ten zeerste verplichten, indien U samen met
Dr van Outheusden op
zeer korte termijn, een programma zou kunnen opstellen voor de toekomstige
medicatie van Louis Wallenburg.
Inmiddels met de vriendelijke groeten, Tom de Booij
Woensdag 18 januari Brief van het Riagg van Dr I. van Opheusden en Dr
C.T.M. Manschot
Geachte heer De Booij, Ruim 10 weken geleden bent u betrokken geraakt bij de behandeling van de
heer L. Wallenburg, geboren 10-10-1963, wonende Bisschopswaai 13 te Baarn,
zijnde een woonwagenkamp. U heeft zich opgeworpen als belangenbehartiger van
de heer Wallenburg, zoals u dat eerder al deed voor alle bewoners van het
kamp, waardoor u bij hen veel vertrouwen en aanzien geniet. Als vertrouwenspersoon van de heer Wallenburg hebt u een belangrijke
bijdrage kunnen leveren aan de behandeling van zijn psychiatrische ziekte,
waarvoor hij al ruim anderhalf jaar behandeld en begeleid wordt door het Riagg
in Amersfoort. Deze behandeling is steeds moeizaam verlopen, met als oorzaak vooral het
zeer gebrekkige ziekte-inzicht van de heer Wallenburg zelf, de daaruit
voorkomende medicatie-ontrouw en het algehele wantrouwen jegens artsen - deels
ook voortkomend uit zijn ziekte zelf. Het zal u dan ook niet verbazen dat wij als behandelaars zeer content zijn
met uw inzet rond de persoon van de heer Wallenburg. Met name het feit dat hij
van u - als vertrouwde figuur - gemakkelijker medicatie accepteert, heeft tot
een opzienbarende verbetering van zijn algehele toestand geleid. Nadere
mededelingen over medische-inhoudelijke aspecten van de ziekte van de heer
Wallenburg zullen wij in dit schrijven niet doen, daar deze onder het medisch
beroepsgeheim vallen. Indien, in het kader van een forensisch-psychiatrische rapportage om
informatie zal worden gevraagd, bestaat die mogelijkheid uiteraard wel. Een kritische kanttekening willen wij plaatsen bij het feit dat u zich
niet alleen als belangenbehartiger maar ook als raadsman van de heer
Wallenburg wilt opwerpen. Ook wanneer hij u daar toestemming voor zou
geven, vragen wij ons af of de belangen van de heer Wallenburg daarmee
optimaal zouden worden gediend, aangezien hem dan een professionele advocaat onthouden
wordt. Een nauw overleg tussen u en de toegewezen raadsman lijkt ons een voor de hand liggende oplossing. Dit laat onverlet het respect dat wij hebben voor uw enorme inzet,
waarover verder niets dan goeds. Met de vriendelijke groeten Riagg
Amersfoort en Omstreken. getekend door Dr van Opheusden arts en Dr Manschot
psychiater
Donderdag 23 februari Brief aan de Gemeente Baarn t.a.v. Mw A. Willems
Juridisch medewerker en WBO toetsing en verhaal.
Geachte Mevrouw, Hierbij deel ik U mede, dat ik gisteren aan de Kantonrechter Mw Mr
H.H. Bloem tijdens de terechtzitting van woensdag 22 februari 1995 te 14.50
inzake het verzoek Verz ABW Fraude (EJ) van de Gemeente Baarn contra Wallenburg,
heb beloofd om de stukken die de kantonrechter van mij heeft ontvangen ook aan U
zou doen toekomen.
Het betreft vier stukken: 1. Trilogie van de onmacht, 2. Voorgeschiedenis Louis Wallenburg,
3.Logboek begeleidings activiteiten van Louis Wallenburg door Dr Tom de
Booij periode 24 oktober-heden, 4. Brief van Dr Manschot en Dr van Outheusden van het Riagg Amersfoort aan
Dr
T. de Booij dd 18 januari 1995.
De kantonrechter was in de veronderstelling dat ook de heer
Wallenburg was opgeroepen. Bij navraag hedenochtend bij het kantongerecht deelde
mevrouw de griffier A.M.F. van Manen mij mede dat uit de stukken bleek dat Louis
Wallenburg niet was opgeroepen om aanwezig te zijn. Zoals U uiteraard van Uw ambtenaar Mr Hogenbirk hebt vernomen is op voorhand
door de kantonrechter aan de Gemeente Baarn medegedeeld dat zij van mening is
dat zij de uitspraak van 28 september 1993 van de kantonrechter te Boxmeer, JABW
94/nr 75, niet kan volgen, zodat er nog overblijft de aanklacht van de Gemeente
Baarn jegens L. Wallenburg betreffende het tijdvak van 11 mei 1989 tot en met 31
januari 1994. In die periode zou Louis Wallenburg naar Uw mening onterecht
bijstand hebben ontvangen ten bedrage van f 86.836,36. De kantonrechter te Baarn heeft de zaak voor onbepaalde tijd aangehouden
daarbij in overweging nemende dat het beter is om de uitspraak van de rechter in
de strafzaak af te wachten, zodat deze uitspraak als richtlijn zou kunnen dienen
voor de civiele rechtszaak. De kantonrechter heeft mij gevraagd om haar mede te
delen het moment waarop ik de tijd rijp zou achten voor de voortzetting van de
terechtzitting voor de kantonrechter. De kantonrechter deelde Uw ambtenaar Mr Hogenbirk mede dat de Gemeente zal
moeten aangeven het moment dat zij geen langer uitstel meer dulden. Zeer terecht kapittelde de kantonrechter mij over het feit dat ik de
kennelijk door mij geschreven brief (bezwaarschrift) van 6 februari 1995 aan de Gemeente Baarn door Louis Wallenburg had laten ondertekenen. De kantonrechter Mw Mr Bloem zei letterlijk:"Dat komt niet goed
bij mij over, U kunt in het vervolg beter de brieven schrijven namens de heer
Wallenburg". Hopende U hiermee van dienst te zijn geweest verblijf ik met de gevoelens van
de meeste hoogachting, Tom de Booij
Bijlage 1.DE TRILOGIE VAN DE ONMACHT
CASUS 1 E.J. van der Maal wonende te Baarn heeft op 5 december 1971 mijn hulp
ingeroepen omtrent zijn maatschappelijke moeilijkheden. Medio februari 1972
heeft Van der Maal mij zijn dossier, dat hij in een onbewaakt moment uit het
archief afkomstig van de Gemeentelijke Sociale Dienst te Baarn had meegenomen, overhandigd. Bij de bestudering van dit dossier
bleek dat van der Maal van 18 december 1970 tot 8 januari 1971 in het
Nederlands Hervormd Psychiatrisch Ziekenhuis "Zon en Schild" te Amersfoort
via een inbewaringstelling als krankzinnige was opgesloten. De geneeskundige
verklaring (bedoeld in het eerste lid art.17 van de wet tot regeling van het
Staatstoezicht op krankzinnigen van 27 april 1884) ondertekend door de gemeente arts H. Heijbroek geeft op de vraag 4: Welke feiten en verschijnselen op grond waarvan u oordeelt dat
patiënt in
zijn (haar) geestvermogens gestoord is, zijn door u zelf waargenomen? Dr
Heijbroek vult als antwoord in : GEEN. Toen de gemeente Baarn aan mij vroeg om het dossier van Van der Maal terug te geven, heb ik dit geweigerd. Dit resulteerde in een
dagvaarding om te verschijnen op vrijdag 21 september 1973 voor de
arrondissementsrechtbank te Utrecht om terecht te staan voor het opzettelijk
wederrechtelijk toe-eigenen van het dossier van Van der Maal. Op 28 september
1973 werd ik vrijgesproken. Na enig aandringen hebben wij de officier van
justitie W.H. Overbeek bereid gevonden om hoger beroep aan te tekenen. Op 20
december 1973 heb ik terecht gestaan voor het Gerechtshof te Amsterdam. Ik
werd wegens verduistering, artikel 321 van het WvS veroordeeld tot een geldboete van twee honderd gulden of
twee dagen vervangende hechtenis. Ik heb de Hoge Raad gevraagd om na te gaan
of er vormfouten waren gemaakt. 8 oktober 1974 heeft de Hoge Raad mijn beroep verworpen. Door het in de openbaarheid brengen van de Baarnse K-Z Zaak heeft de
burgemeester van Baarn Mr J. van Haeringen in een brief van 26 november 1974
eerherstel verleend aan Van der Maal, waar aan het eind van de brief de
volgende zinnen zijn te lezen: "Ik vertrouw dat U zich gezuiverd zult weten van ieder blaam en dat de
spanningen die zich hebben voorgedaan volledig tot het verleden gaan behoren".
Van belang was dat aangetoond werd dat de KZ wet verouderd was. Dit moge
blijken uit een commentaar van de hoofdredactie van het dagblad Trouw van 29
november 1974 : ":Dit feit is een goede aanleiding ons er nog eens aan te
herinneren hoe hopeloos verouderd de thans nog geldende krankzinnigen wet
vanuit 1884 is en hoeveel vaart er moet worden gezet achter het werk van de
commissie die bezig is een nieuwe wet voor te bereiden.
Bijlage: Brief van Van der Maal waarin wordt bevestigd wat ik voor hem
heb gedaan in de jaren zeventig.
CASUS 2 Arend Romkema wonende te Loenersloot heeft op zaterdag 6 december 1975
mijn hulp ingeroepen om hem te helpen met zijn maatschappelijke
moeilijkheden. Hij was op dat moment met verlof uit het Ned Hervormd
Ziekenhuis Zon en Schild. Romkema werd ontslagen uit Zon en Schild op 7
januari 1976, waar hij sedert 19 juni 1973 werd verpleegd. Voor de nazorg bleek niets te zijn geregeld, zodat ik deze taak op me genomen heb. Na vele instanties om hulp gevraagd te hebben, ben ik uiteindelijk
beland pij de Sociaal Psychiatrische Dienst in utrecht. Tezamen met Dokter
K. Lamberts , de psychiater van de SPD, hebben we in de periode 9 april 1976
tot 4 oktober 1977 getracht Romkema zo goed mogelijk te begeleiden. Dit is
gedeeltelijk gelukt. In ieder geval zijn we er in geslaagd dat Romkema niet
meer terug behoefde te keren naar Zon en Schild. Tot op de dag van vandaag
onderhoud ik contact met Arend Romkema.
Bijlagen: Brief waaruit blijkt hulpverlener van A. K. Lamberts bevestigd
CASUS 3 Willem Wallenburg wonende te Baarn heeft op 24 oktober 1994 mijn hulp *) ingeroepen om hem te helpen bij de
maatschappelijke moeilijkheden van zijn zoon Louis. 2 november 1994 zou Louis
terecht moeten staan voor het kantongerecht te Amersfoort voor het onterecht
ontvangen van bijstand ten bedrage van f 143.887,36. De gezondheidstoestand
van zijn zoon Louis was dermate zorgwekkend dat hij niet in staat zou zijn om zich naar behoren te kunnen verdedigen. Van de gemeente Baarn gedaan
gekregen dat de rechtszaak drie maanden werd uitgesteld. Met de hulp van Dr
Outheusden ben ik er in geslaagd om de afgelopen maanden (zie rapportage)
Louis zover te krijgen dat hij de pillen regelmatig slikt. Dit heeft tot
resultaat gehad dat Louis momenteel zeer goed vooruitgaat.
*) In 1974 heb ik een actie
gevoerd tegen de gemeente Baarn om te protesteren dat het woonwagenkamp te
Baarn over volstrekt onvoldoende sanitaire voorzieningen kon beschikken. Als
gevolg van deze actie is door de gemeente Baarn in 1975 voor half miljoen
gulden geïnvesteerd in goede sanitaire voorzieningen.
Bijlage: Brief van Dr Outheusden die een beschrijving geeft van mijn
begeleidingsactiviteiten.
SLOTCONCLUSIE
Deze drie casussen moge aantonen, dat de medische voorzieningen te wensen
over laten als het gaat om opvang en nazorg van bepaalde personen in onze samenleving. Het eerste geval laat zien dat door middel
van een oude wet iemand die lastig wordt gevonden, in de zeventiger jaren zo
maar in een psychiatrische inrichting kan worden gestopt. Het tweede geval laat zien dat wanneer iemand uit zo'n inrichting komt er
niet gezorgd wordt voor een goede nazorg. Het derde geval geeft aan dat de
medische wereld machteloos staat. Door de nieuwe wet (Wet bijzonder opnemingen
in psychiatrische ziekenhuizen BOPZ) is in de negentiger jaren heel moeilijk
via rechtelijke machtiging te laten opnemen. Wel een andere benaming dan de
wet uit 1884: (regeling van het Staatstoezicht op krankzinnige!). Maar wat is er voor in de plaats gekomen? Pas wanneer er iets heel ernstigs gebeurt, kan iemand worden geholpen.
Tussen spanlakens en platspuiten zit nog een wereld van vele mogelijkheden:
een goede opvang en nazorg in eigen omgeving. De kosten aan de samenleving
zullen dan veel lager zijn dan momenteel het geval is, maar men moet wel
zorgen voor goede krachten die het vertrouwen genieten van de steeds groter
wordende groep van mensen die zowel lichamelijke als geestelijke moeilijkheden hebben!
Zondag 23 april Brief aan de Direkteur Sector Sociale Zaken en Huisvesting van de Gemeente Baarn
de Heer J. van Nuis
Geachte Heer van Nuis, Hierbij zou ik gaarne de volgende zaak onder Uw aandacht willen brengen. Op
24 oktober 1994 ben ik begonnen om Louis Wallenburg te begeleiden.. 26 oktober
1994 heb ik in verband hiermede een bezoek gebracht aan de sector Sociale Zaken
en Huisvesting van de gemeente Baarn (zie hiervoor Uw schrijven dd 27 oct. 1994, waar ik een uitvoerig gesprek heb
gehad met Mr L.B. Hogenbirk, juridisch medewerker WBO, toetsing en verhaal. Twee maanden geleden heb ik in verband met de rechtszaak voor de
kantonrechter te Amersfoort woensdag 22 februari 1995 een brief geschreven aan Mw A. Willems, waarin ik een viertal bijlagen heb bijgesloten waarin duidelijk
naar voren komt mijn betrokkenheid inzake Louis Wallenburg. Zoals ik met de Gemeente Baarn heb afgesproken komt alle correspondentie
bestemd voor Louis Wallenburg naar mijn adres. Dit in verband met de uitsluiting
van elke mogelijke verstoring van mijn begeleidingsactiviteiten. Helaas is door
een omissie het eenmaal voorgekomen dat door een vergissing van Uw afdeling toch
een ambtelijk schrijven direct in de handen van Louis Wallenburg is gekomen,
hetgeen direct negatieve gevolgen had voor de gemoedstoestand van Louis
Wallenburg. Dit vond plaats op vrijdag 17 februari jl en op maandag 20 februari
jl heb ik hierover mijn beklag ingediend bij mevrouw A. Willems, juridisch
medewerkster WBO toetsing en verhaal. Het zou nooit meer gebeuren werd mij
verzekerd. Inmiddels is er weer veel gebeurd gelukkig in de positieve zin. 22 februari
1995 ontving ik een brief van de psychiater J.M.J.F. Offermans die door de
rechter-commissaris te Utrecht belast is voor het maken van een
forensisch-psychiatrisch onderzoek van Louis Wallenburg . Dit naar aanleiding
van mijn verzoek gedaan tijdens de terechtzitting van de Rechtbank te Utrecht op
donderdag 19 januari 1995. Inmiddels heb ik een zeer goed onderhoud gehad met Dr
Offermans op 3 maart jl. Dit heeft tot gevolg gehad dat Dr Offermans en ik
tezamen met Louis
Wallenburg en de vader en moeder van Louis in de woonwagen van Vader Willem een
goed gesprek hebben gehad, die door Dr Offermans als zeer nuttig werd
gekwalificeerd. Zelfs hebben wij Louis Wallenburg kunnen bewegen om zich te
onderwerpen aan een EEG test alsmede een Scan. Iets wat de omgeving (inclusief
zijn moeder)en de doktoren van het Riagg te Amersfoort niet voor mogelijk hadden
gehouden dat ik hiertoe Louis zou kunnen bewegen. Helaas is nog niets bekend van
het resultaat van het onderzoek. Wanneer de rechtszaak voor de Rechtbank van
Utrecht weer zal worden voortgezet, zal de uitspraak van wezenlijk belang zijn
om de terechtzitting voor het kantongerecht te Amersfoort weer te doen
hervatten. (zie hierover mijn schrijven aan mw Willems dd 23 februari 1995). Inmiddels is de gezondheidstoestand van Louis Wallenburg sterk verbeterd.
Hierover ik Uw maatschappelijk medewerkster Mw Schilt op de hoogte gebracht, toen ik het inkomstenformulier R.W.W van Louis over de maand maart 1995 kwam inleveren. Ik had verzuimd om het woordje neen in te
vullen en volstaan met een streep. Ik heb toen getekend i.o. van Louis
Wallenburg. Hiermede heeft mevrouw Schilt toegestemd. Toch ontving ik een brief
van Uw afdeling om het formulier alsnog te voorzien van de handtekening van
Louis zelf. Aan deze opdracht heb ik toen gevolg gegeven. Met type out heb ik
toen mijn naam weggeschrapt en Louis zijn handtekening laten plaatsen. Toch
kreeg ik wederom het formulier terug met de mededeling dat de handtekening niet
klopte. Maandag 10 april jl ben ik wederom bij Uw dienst geweest om met de hand
op mijn
hart verklaard heb, dat
het de handtekening van Louis Wallenburg was. Na ruggespraak met de juridische dienst heeft men alsnog het formulier
geaccepteerd met de mededeling dat de uitkering zo spoedig mogelijk zou worden
overgemaakt. Groot was mijn teleurstelling en verbazing toen ik vrijdag 21 april jl een
uitkeringsspecificatie ontving waarin stond dat Louis Wallenburg's uitkering was
geblokkeerd en dat op 11 april jl de uitbetaling niet had kunnen plaatsvinden.
Dit ontdekte ik dus 11 dagen nadat ik de verzekering had gekregen dat het zou
worden overgemaakt. uiteraard heb ik niets te maken met Uw beleid inzake de blokkering. Wel heb ik recht op
een mededeling omtrent deze blokkering op een eerder tijdstip. Zaterdag 22 april
jl heb ik de vader van Louis Wallenburg in kennis gesteld. Louis was er
inmiddels ook achter gekomen dat hij niets had ontvangen. Heden 23 april jl ben
ik langs het woonwagenkamp gegaan en heb Louis de gang van zaken uitgelegd. Het
was duidelijk dat hij pijnlijk was getroffen en het aan zijn gezondheidstoestand
geen goed heeft gedaan. Dit is te meer jammer omdat in de maand April Louis weer
zijn oude werk heeft opgenomen namelijk door met een door hem aangeschaft
laadbakje, oud ijzer heeft opgehaald. Hij heeft in de maand april hieraan f
150,- verdiend. Wie had dat durven hopen enkele maanden geleden dat Louis weer
onder de mensen is en zelfs in staat is om wat werkzaamheden te verrichten.
Helaas is zijn laadbakje vorige week in de strijd gesneuveld en is hij voorlopig
met zijn werkzaamheden moeten opgehouden. Ik zou U hierbij nogmaals willen
vragen om mij tijdig op de hoogte te willen brengen omtrent uw
beleidsactiviteiten inzake Louis Wallenburg zolang ik met de begeleiding bezig
ben. We bevinden ons nog op een zeer kritiek punt. Het is niet ondenkbaar dat
hij weer door een bepaalde, zogenaamd voor ons onbelangrijke, gebeurtenis weer
kan terugvallen. Ik heb mij de laatste maanden intensief verdiept in zijn ziekte
en kan U wel zeggen dat de geringste verstoring catastrophale gevolgen zou
kunnen hebben. Dit zou zonde zijn na alle bemoeienissen die zowel het Riagg te
Amersfoort, de familie en ikzelf sinds oktober 1994 hebben gedaan. We zijn op de
goede weg en U zou mij ten zeerste verplichten geen verdere onnodige verstoringen
te willen veroorzaken, anders wordt het dweilen met de open kraan. Met de meeste hoogachting,
Tom de Booij
cc. De burgemeester van Baarn, Mw drs. M.R.Th.J. Wolterink-Oremus , mw Mr A. Willems , juridisch medewerkster WBO Toetsing en verhaal, Dr
C.T.M. Manschot, psychiater Riagg Amersfoort
Woensdag 4 oktober Brief aan het Riagg Amersfoort t.a.v. Dr Manschot
Geachte Dokter, Helaas heb ik vanmiddag de handdoek in de ring moeten gooien
wat betreft de verzorging van Louis Wallenburg .Hij weigert de Semap en Orap
pillen langer in te nemen. Mijn taak is volbracht met negatief resultaat. Ik heb
de politie van Baarn van dit feit op de hoogte gesteld en ook zijn huisarts Dr
Andriessen (dwz zijn vervanger Dr J.M. de Graaf te Baarn). Mocht er sinds dit
moment iets ernstigs gebeuren dan draag ik daar helaas niet meer de morele
verantwoordelijkheid voor.. Morgenochtend zal ik uw vervanger telefonisch op de
hoogte brengen. Inmiddels met de vriendelijke groeten, Tom de Booij.
Maandag 6 november Machtiging opname Louis Wallenburg in psychiatrische
kliniek Zon en Schild te Amersfoort
ARRONDISSEMENTSRECHTBANK UTRECHT. Kenmerk: 51196 FA RK 95/5519
Proces-verbaal van verhoor in verband met een vordering van
de officier van justitie in dit arrondissement, strekkende tot het verlenen van
een voorlopige machtiging om in een psychiatrisch ziekenhuis te doen opnemen en
te doen verblijven: naam voornamen geboortedatum woonplaats verblijfplaats :Wallenburg, :Louis, :10 oktober 1963, :Baarn, Bisschopswaai
13, Op 06 november 1995 zijn mr.M.M.A. Spliet, als lid van de
enkelvoudige kamer, en C. Launspach-van den Broek als griffier gegaan naar Baarn,
Bisschopswaai 13, teneinde op voornoemde vordering van de officier van justitie
te horen:
- mr. G.J.J.M. Pubben, raadsman van de betrokkene, - mevr. G.W. Wallenburg-Schild, moeder van betrokkene, - dhr. de Booij, kennis van de ouders van betrokkene, - dhr. B. van der Goot, psychiater verbonden aan de RIAGG Amersfoort en omstreken.
Dhr. de Booij verklaart: Op verzoek van de ouders dhr. Wallenburg behartig ik de materiële en
immateriële zaken van dhr. Wallenburg. In april 1993 heeft de vader van dhr. Wallenburg de
krisisdienst gebeld. Dokter Manschot is vervolgens zijn behandelaar geworden.
Dhr. Wallenburg heeft toen medicatie voorgeschreven gekregen doch heeft deze
vanaf ongeveer januari 1994 tot en met oktober 1994 niet meer
ingenomen. Dhr. Wallenburg was er toen slechter aan toe dan nu. . Dhr. Manschot wilde dhr. Wallenburg alleen dan op laten nemen als er echt sprake van gevaar was. Op een gegeven moment accepteerde dhr. Wallenburg weer
medicatie. De RIAGG had mij de verantwoordelijkheid gegeven m.b. t. de
medicatie; ik moest er op toezien dat hij deze regelmatig innam. Elke dag bracht
ik dhr. Wallenburg zijn medicatie; hij nam deze trouw. Tot een maand geleden
toen wilde hij geen medicatie meer. Hij zei: 'Ik ben niet ziek en wil die pillen
niet'. Dit heeft dhr. Wallenburg ook afgelopen vrijdag gezegd in het bijzijn van
zijn advocaat dhr. Pubben. Dhr. Wallenburg weet dat er vandaag een zitting plaatsvindt. Vanmorgen rond
12.00 was hij nog thuis. Daarna is hij met zijn auto vertrokken. Mocht de RM worden verleend dan zou het verstandig zijn
hierover contact op .te nemen met dhr. in 't Veld politieagent te Baarn. Hij
behartigt de belangen van 'het kamp'.
De psychiater verklaart: Ik ken dhr. Wallenburg nog maar kort. Dhr. Manschot kent hem
beter omdat dit zijn vaste behandelaar was. Later is dhr. Opheusden zijn vaste
behandelaar geworden.
Het laatste contact wat
dhr. Wallenburg met hem
had dateert van april
1995.Van Dhr. Manschot heb ik begrepen dat dhr. Wallenburg goed functioneert
wanneer hij zijn medicatie trouw inneemt. Ik hoor dat dhr. Wallenburg last heeft van de bijwerkingen
van zijn medicatie. Hij kan wellicht worden ingesteld op andere medicatie die
minder of geen bijwerkingen hebben. Ik heb begrepen dat dhr. de Booij er-op toezag dat dhr.
Wallenburg zijn medicatie innam en hij ook contact onderhield met dhr. Manschot
over het beloop van dhr. Wallenburg. Dhr. Wallenburg onderhield geen poliklinisch contact met dhr. Manschot. Van de ouders van dhr. Wallenburg en van dhr. de Booij heb ik
begrepen dat dhr. Wallenburg roekeloos rijdt en dag en nacht op pad zou zijn met
zijn auto. Hij zou in zijn gejaagdheid en in zijn chaotisch gedrag iemand kunnen
overrijden. Ik hoor van de moeder van dhr. Wallenburg dat haar zoon vorige week nog een
aanrijding had. Ik heb geen contact gehad met de politie m.b.t. het gedrag van dhr. Wallenburg. Van de moeder van dhr. Wallenburg hoorde ik ook, dat haar
zoon af en toe een boksende houding aanneemt en dan zegt dat hij dit van Jezus
moet doen. Ik kan hieruit concluderen dat er bij dhr. Wallenburg sprake is van (bevels)wanen. Mocht de RM worden verleend dan pleit ik voor een periode van
twee of drie maanden. In deze periode kan hij dan weer worden ingesteld op
medicatie. Dhr. Wallenburg kan hoogstwaarschijnlijk worden opgenomen in Zon en Schild te
Amersfoort.
De moeder van betrokkene verklaart: Mijn zoon is hier rond 12.00 uur nog geweest. Daarna is hij met zijn auto
vertrokken. Mijn zoon gaat wel eens ' s nachts op pad. Maar het komt ook regelmatig
voor dat hij gewoon thuis is. Eten doet hij in een snackbar. Het klopt wel dat hij zich niet graag wil wassen of
verschonen. Vorige week zaterdag heeft mijn zoon een aanrijding gehad met zijn auto. Mijn man is zoals U ziet even weg gegaan. Ik denk dat hij hier
niet tegen kan. Hij wil ook niet dat zijn zoon wordt opgenomen. Voordat dit
gebeurt zou ik eerst met hem willen overleggen.
De advocaat verklaart: Ik heb afgelopen vrijdag met mijn cliënt gesproken. Hij vertelde mij dat
hij geen medicatie meer wilde innemen. Ik hoor de psychiater desgevraagd opmerken dat hij had
gehoopt dat mijn cliënt eieren voor zijn geld zou kiezen, hij weet wat hem te
wachten staat. Ik hoor de psychiater vervolgens opmerken dat het gevaar
bestaat uit roekeloos rijden in zijn auto en dat hij mogelijk last zou hebben
van (bevels)wanen. Ik hoor de moeder van mijn cliënt opmerken dat er op 'het
kamp' geen sprake van gevaar is omdat men" het dan wel onder controle heeft,
maar dat het gevaar wel aanwezig is zodra mijn cliënt met zijn auto 'het kamp'
verlaat, zij hebben dan geen controle meer over hem. Mijn cliënt vertelde mij dat hij geen stemmen hoort die hem bepaalde
opdrachten geven. Ik hoor de psychiater opmerken dat hij de indruk heeft dat
mijn cliënt dit ontkent omdat hij weet wat anders de consequenties zijn. Ik hoor de psychiater desgevraagd opmerken dat als de RM mocht worden
verleend, mijn cliënt hoogstwaarschijnlijk kan worden opgenomen in Zon en
Schild te Amersfoort en er een kleine kans bestaat dat hij op de afd. van Dhr.
Manschot wordt geplaatst. Mocht de RM worden verleend dan pleit ik voor de
duur van drie maanden. Voor het overige refereer ik mij aan het oordeel van de
rechter.
Het lid van de enkelvoudige kamer deelt de aanwezigen mede dat zij de
gevorderde machtiging verleent voor de duur van 3 maanden
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Hoofdstuk
3. Faillissement Bond van Wetsovertreders, deel 2
1995 BOND VAN WETSOVERTREDERS
Zondag 15 januari Kort verslag van Erik van
der Maal over zijn contacten met Tom de Booij.
In 1970 bevond ik mij in een crisissituatie. De balans die ik na een tot dan
toe nogal chaotisch leven kon opmaken, zag er zomaar en overwegend negatief uit:
- een "moeilijke" jeugd met veel autoriteitsconflicten, allerlei
vormen van mislukte
jeugdhulpverlening, veelvuldige aanvaringen met politie en justitie; - een
onafgemaakte schoolopleiding; - na een 12-banen-13-ongelukken-loopbaan,
arbeidsongeschikt verklaard: - een detentieverleden en een
psychiatrische-inrichtingsverleden; - geldzorgen en schuldenproblematiek; - een
alcoholprobleem dat na drie mislukte ontwenningskuren alleen maar
verergerd was;
. - overige lichamelijke en geestelijke
gezondheidsklachten; - een stukgelopen huwelijk; - een vorm van
contactgestoordheid die door wrok en rancune, en overmatig drankgebruik
verergerd werd; - een gevoel van
machteloosheid m.b.t. de mogelijkheden om op constructieve wijze nog iets van
mijn leven te maken; ~ een slepend conflict met de gemeentelijke autoriteiten,
dat uiteindelijk geleid had tot een gedwongen opname (in het kader van de
Krankzinnigenwet) in een psychiatrische inrichting (Zon en Schild); - welke
opname weer tot nieuwe,
zeer ernstige, problemen leidde omdat
de rechtmatigheid
van die opname door mij (aanvankelijk zonder resultaat) aangevochten werd. Ik
liep toen zelfs met plannen om degene die uiteindelijk verantwoordelijk was voor
die opname, de burgemeester van Baarn, iets ernstigs aan te doen wanneer ik geen
rechtsherstel zou krijgen. Kortom, een somber geheel, waarbij de problemen
elkaar versterkten, en waarbij ik mij door de reguliere hulpverlening in de
steek gelaten voelde. In deze periode kwam ik, na een vervelend incident op het
Baarnse politiebureau, in contact met dr. Tom de Booij, waarvan ik via de
kraakbeweging in Zeist had gehoord dat deze zich op onconventionele wijze
inzette voor de belangen van mensen die door de reguliere hulpverlening
genegeerd werden of "opgegeven" waren. Nadat De Booij zich verdiept had in de problematiek die voor mij op
dat moment het belangrijkst was (de K.Z.-affaire), besloot hij om zich in te
zetten voor mijn rechtsherstel. De aanpak van De Booij was inderdaad
"onconventioneel" en leidde tot resultaat: na een periode van acties werd ik
door de gemeente Baarn officieel volledig
gerehabiliteerd. Hetgeen ertoe
heeft geleid
dat ik, mede door de steun van enige personen met wie ik via De Booij in contact
was gekomen, en met steun en begeleiding van een psychiater (dr. Sjef Teuns),en
met de steun van mijn huidige echtgenote er in slaagde om mijn leven een andere
wending te geven. Waarbij ik o.a. leerde om op een doelmatiger wijze met mijn
problemen en frustraties, met mijn mogelijkheden en beperkingen. om te gaan.
(In het boek van dr. H. Bouman "Ambtelijke Willekeur
en Corruptie in Nederland", Wereldvenster, 1978, wordt verslag gedaan van de
door De Booij gehanteerde methode en acties die tot mijn rechtsherstel geleid
hebben). Wat mij in de benadering van De
Booij het meest aansprak was de wijze waarop hij, zonder betutteling en bevoogding,
mij leerde om beter met mijn verantwoordelijkheden om te gaan,
zonder dat ik
daarvoor mijn eigen principes hoefde te verloochenen.
En dat gebeurde
op een wijze die mij in mijn eigen waarde liet. Ook kreeg ik, bijna ongemerkt, van hem een stuk
politieke en
maatschappelijke bewustwording mee, die mij beter in staat stelde om
de manier waarop onze samenleving in elkaar steekt beter te doorgronden, en er
vervolgens beter mee om te gaan. Hetgeen ertoe bijdroeg dat ik beter ging
functioneren en mij weerbaarder kon opstellen ten aanzien van de problemen waar
ik vroeger verkeerd (want vaak zelfdestructief) op reageerde. Terugkijkend op
die periode besef ik dat De Booij voor mij een goeroe is geweest, zonder wiens
steun, inzet en betrokkenheid ik
er niet in geslaagd
zou zijn om nog ooit redelijk "normaal" en
tevreden te functioneren in deze samenleving. Voor het eerst in mijn leven werd
ik op doelmatige wijze geholpen door iemand die - zonder hulpverlener te zijn
er in slaagde om goede hulpverlening te gaven; zonder autoriteit te zijn er
in slaagde gezag uit te stralen dat geaccepteerd werd: - zonder leraar te zijn
erin slaagde mij belangrijke dingen uit het leven te leren zonder reclasseerder te zijn erin slaagde om iemand die nota bene op 19-jarige leeftijd
door de officiële
reclassering was opgegeven (citaat uit reclasseringsrapport:
"deze man is onverbeterlijk") te reclasseren. De Booij en ik zijn inmiddels goede
vrienden geworden, En in bepaalde opzichten kan ik nu op mijn beurt een bijdrage
leveren aan zijn pogingen om mensen te helpen die door de reguliere
hulpverlening niet geholpen willen of kunnen worden.
Woensdag 25 januari Brief van de Officier van Justitie G.Th. Hofstee te Utrecht
Geachte heer De Booij, Naar aanleiding van uw brieven d.d. 29 oktober
1994 en 10 december 1934 bericht ik u het volgende. Hieronder geef ik u een kort
overzicht van de handelingen van de politie Eemland-Noord, onder mijn
verantwoordelijkheid en in mijn opdracht verricht, naar aanleiding van de door u
gedane aangiften. In dit overzicht tracht ik zoveel mogelijk de door u gestelde
vragen te beantwoorden. Op 21 juli 1994 hebben u en de heer E.J.. van der Maal bij de politie te Baarn aangifte gedaan tegen de
heer J.E v Z. terzake verduistering, valsheid in geschrifte, oplichting en
flessentrekkerij. Deze feiten zouden door v Z. zijn gepleegd in zijn valse
hoedanigheid van penningmeester van de Bond van Wetsovertreders. U presenteerde
zich bij die gelegenheid als zittend en bevoegd bestuurslid van de Bond. Tevens
werd duidelijk dat binnen het bestuur van de Bond van Wetsovertreders problemen
waren ontstaan over de bestuursverkiezing en tevens ten aanzien van inschrijving
van het (nieuwe) bestuur bij de Kamer van Koophandel. Zowel u en Van der Maal
aan de ene kant, als een aantal personen, waaronder v Z., aan de andere kant
beweerden bevoegde bestuursleden te zijn. Een en ander was voor u zelfs reden om
een kort geding tegen v Z. aan te spannen teneinde de inschrijving bij het
Verenigingsregister van de Kamer van Koophandel te veranderen; dit kort geding
zou dienen begin september 1994. Zoals u al is meegedeeld was bovenstaande
onduidelijkheid over de vraag wie het bevoegde bestuur van de Bond van
Wetsovertreders was, mede gelet op de inschrijving van het bestuur in het
Verenigingsregister van de Kamer van Koophandel d.d. 27 juni 1994, waarbij de
heer v Z. als penningmeester was ingeschreven, voor de politie reden om de
uitkomst van het kort geding af te wachten. Immers kon, gelet op bovenstaande
onduidelijkheid, v Z. niet met zekerheid als verdachte worden aangemerkt.
Nadat op 15 augustus 1994 door u opnieuw aangifte werd gedaan waarbij tevens
duidelijk werd dat het kort geding geen doorgang zou vinden en op 16 augustus
1994 de inschrijving bij de Kamer van Koophandel veranderd zou worden, in die
zin dat v Z. niet als bevoegd penningmeester zou blijven geregistreerd,
heeft de politie het opsporingsonderzoek aangevangen. Het was voldoende
duidelijk dat tenminste vanaf die datum v Z. niet bevoegd was als
penningmeester van de Bond op te treden. Nadat ook informatie was ingewonnen bij
de Firma Hoek B.v., waar v Z. een aantal auto's had gehuurd, heb ik de
aanhouding van v Z. als verdachte bevolen. Op 25 augustus 1994 is v Z.
aangehouden. De verklaring die v Z. als verdachte heeft afgelegd is u
inmiddels bekend. U bent in de gelegenheid gesteld om op die verklaring te
reageren. v Z. verklaarde als penningmeester van de Bond noodzakelijke
betalingen te hebben gedaan en tevens de financiële administratie onder zich
genomen te hebben. Hij heeft de afspraak gemaakt deze ter inzage aan de politie
te overleggen.
Het Wetboek van Strafvordering bood op dat moment geen mogelijkheden v Z.
langer vast te houden; hij is daarop door mijn ambtgenoot Wijbrandts in vrijheid
gesteld. Inmiddels is duidelijk geworden dat v Z. zich niet aan de afspraken
heeft gehouden; de administratie is niet aan de politie ter inzage gegeven en
zijn afspraken met de Nederlandse Federatie van Reclasseringsinstellingen heeft
hij niet nagekomen. U heeft vervolgens op verzoek van de politie een
gedetailleerd financieel overzicht opgesteld ten aanzien van de gebleken
betalingen door v Z..
Voorts is als verdachte gehoord in deze zaak de heer W.J. Stevens, zulks
terzake het beweerdelijk verduisteren van een scanner van de Bond van
Wetsovertreders. Deze heeft verklaard de scanner op verzoek van v Z. aan v Z. te hebben overhandigd.
Genoemde verklaring van Stevens en de door u naar aanleiding van de verklaring
van v Z. verstrekte gegevens ten aanzien van de betalingen in naam van de
Bond gedaan, hebben mij reden gegeven opnieuw de aanhouding van v Z. te
bevelen. Daar v Z. zich veelal in België bevindt is de aanhouding tot op
heden niet gerealiseerd. Overigens veroorloof ik mij nog twee opmerkingen. Waar
u onder andere uw beklag doet over het feit dat u in augustus 1994 mij op het
parket niet te spreken heeft gekregen moet ik u meedelen dat het zinloos is
zonder enige afspraak of aankondiging tevoren u bij het parket te vervoegen. Uw
contactpersoon was en is de heer Herms dan wel de heer Meinema van de politie
Bemland-Noord.
Voorts deel ik u nog mee dat ik brieven heb ontvangen van de heer H. G.,
ook blijkens het laatste uittreksel van de Kamer van Koophandel nog bestuurslid
van de Bond van Wetsovertreders, waarin deze meedeelt niet gekend te zijn in het
doen van aangifte door u en de heer Van der Maal. Hij steunt deze aangifte niet
onvoorwaardelijk en is van mening dat er wellicht iets fout is gegaan maar dat
dit eerst goed zou moeten worden uitgezocht. Voorts deelt hij uw mening niet
over het optreden van de politie en het openbaar ministerie in deze zaak. Het
onderzoek zal de aanhouding van v Z. en naar aanleiding daarvan nog het
opnemen van mogelijke getuigenverklaringen behelzen. Een mogelijke
strafvervolging hangt mijns inziens in het bijzonder af van het antwoord op de
vraag in hoeverre v Z. gelden niet ten behoeve van de Bond heeft aangewend,
doch ten eigen bate. Voorts zal, zoals u zelf schrijft in uw brief van 29
oktober 1994, van belang zijn in hoeverre v Z. eventueel door hem
toegebrachte schade bereid is te vergoeden.
Hoogachtend, de officier van justitie, G.Th. Hofstee
Zaterdag 28 januari Brief Aan de Officier
van Justitie te Utrecht Mr G.Th. Hofstee
Edelachtbare Heer, Hierbij zend ik U een transcript van een band opname van een gesprek dat
ondertekende met de heer Spijkerman gisteren mocht hebben. Het moge duidelijk
zijn dat wij bijzonder geschokt waren om uit de mond van de heer Spijkerman te
vernemen dat ons bestuurslid H. G. zich mag rekenen tot de categorie van
personen van beroepsoplichters evenals onze ex-penningmeester v Z.. Bij ons rijst onmiddellijk de vraag: wist het Openbaar Ministerie dat
H. G. een beroepsoplichter was? En zo ja, waarom heeft het Openbaar Ministerie
ons, als slachtoffers, niet tijdig van de malafide praktijken van H. G.
op de hoogte gebracht. Veel ellende had ons bespaard kunnen blijven. Wij hadden
de zaak sneller kunnen afwikkelen en hadden dan onze jaarlijkse subsidie van de
Nederlandse Federatie van Reclasseringsinstellingen zeker al kunnen ontvangen.
Nu is deze subsidie aangehouden in afwachting van het resultaat van een
onderzoekscommissie die zich buigt over de perikelen van de BWO in 1994. Zoudt U ons op deze klemmende vraag zo spoedig mogelijk kunnen antwoorden en
eveneens op de vele vragen die wij herhaaldelijk aan U hebben gesteld na onze
aangifte van malversaties begaan door v Z. op 30 juni 1994? Namens het bestuur van de Bond van Wetsovertreders
Dr Tom de Booij
Bijlage: Tekst van gedeelten van een telefonisch onderhoud van Tom de Booij met de
heer F.H.J. Spijkerman directeur begrafenis en crematoria onderneming Haag 332 4813 XE Breda tel 076-216877 op vrijdagmiddag 17.00 uur
26 januari 1995.( De heer Spijkerman heb ik gevraagd naar de praktijken van
H. G. in de jaren tachtig toen hij werkzaam was bij bovengenoemde
onderneming) "Deze meneer is een notoire boef en heeft ons voor ruim drie ton
opgelicht. Hij heeft dat op een zeer inventieve manier gedaan. Na veel vieren en
vijven is hij uiteindelijk door de rechtbank veroordeeld en een jaar
gevangenisstraf gekregen. Meneer was het hier niet mee eens. Maar ja hoe gaat het met strafrechterlijke zaken. Op een gegeven moment is het uit het zicht verdwenen. We hebben wel geprobeerd via een
civielrechtelijke procedure hem aan te pakken. Hij heeft uiteindelijk bekend
maar er was niets meer te halen. We hebben loonbeslag gelegd. Het bleek echter
dat hij enorme belastingschulden had en die hebben nu eenmaal voorrang op onze
schulden, zodat wij naar onze centen konden fluiten. We hebben van de politie vernomen dat hij zo'n 40 veroordelingen op zijn naam
had staan van zedendelicten, valsheid in geschrifte tot de meest vreselijke
misdaden aan toe. Deze man verstaat de kunst om iemand op een charmante manier te
belazeren. Ik zal u vertellen, ik weet de datum nog precies, 30 november 1987
ben ik er achter gekomen dat hij ons had bedrogen. Hij had bij ons de zorg over
de debiteuren bewaking. Toen ik een computeruitdraai onder ogen kreeg, bleken er
vele posten open te staan. G. gaf dan als reden op dat bv een familie bezig
was met een boedelscheiding en het geld over een paar maanden zou komen. Een
andere familie had wat onderling onenigheid over de betaling etc. Hij heeft al
het geld in eigen zak gestoken. Ik ben toen willekeurig een aantal mensen gaan
bellen. "Meneer of mevrouw we hebben wat problemen met onze computer er staat
nog in dat we van U nog een bedrag van 4300 gulden mogen ontvangen". Als antwoord kreeg ik
toen: "Maar meneer wij hebben het bedrag allang geleden in contanten aan de heer
G. uitbetaald, hij had ons gezegd dat dit in de uitvaartwezen de gewoonte
was". Het was een bedrag van drie ton dat hij op die manier had verduisterd.
G. woonde indertijd in Raamsdonkveer we hebben hem toen aan het hoofd
gesteld van een plaatselijke uitvaartonderneming die we hadden opgekocht omdat
de directeur van dat bedrijf er genoeg van had. We wilden een frisse wind laten
waaien en hebben na een sollicitatieprocedure G. aangesteld. Hij heeft zich
er helemaal ingestort met de bekende gevolgen ... Hij heeft in die tijd zo'n 120
uitvaarten verzorgd. Door de negatieve publiciteit die toen over ons heen is
gekomen zijn we nu dat gebied kwijtgeraakt. De mensen daar hadden er geen
vertrouwen meer in. Er zijn mensen die er nog steeds niet over heen zijn, wat
hun in die tijd was overkomen. Stel je eens voor je verliest je man en of
vrouwen krijgt dit er nog bij, dit is heel slecht. Nadat G. bekend had, zei hij als smoes, dat hij wel geld moest
verduisteren omtrent hij bedreigd werd en gechanteerd was door koppelbazen.
Eenmaal heeft hij zelf bezoek gehad van woonwagenbewoner dié hij had opgelicht
voor 12.000 gulden! Als wij een particuliere onderneming waren geweest waren we failliet
geweest. Het bestuur van onze stichting heeft ons gezegd om de zaak absoluut niet aan
de grote klok te hangen. Maar ja natuurlijk hebben we zelf ook wat laten
liggen,we hebben het ook niet goed genoeg gecontroleerd. Ook was er een notaris
die in het bestuur zat, die de publiciteit niet goed kon hebben. We hebben het
geval G. onder de roos gehouden. Hij is ook wel gearresteerd en heeft zelfs tot kerstmis in het politiebureau
vastgezeten. U weet hoe het gaat in Nederland, toen werd hij weer naar huis
gestuurd. Ik zou het heerlijk vinden als Uw Bond de wandaden van G. in de
publiciteit zou brengen en er voor zal zorgen dat hij op de zwarte lijst komt.
G. zelf heeft wel de publiciteit gezocht door een schandalig artikel over
het uitvaartwezen in de Telegraaf van zaterdag 2 juli 1994 te plaatsen. Hij
trapt het hele uitvaartwezen de grond in. Misschien om na te trappen of om in de
publiciteit te komen. Kort daarna las ik in de Volkskrant dat hij bij Uw bond
werkzaam was. Nu meneer de Booij ik denk dat ik als mijn bestuur deze boodschap van U meldt
zij daar heel blij mee zijn, want het zit nog heel diep bij ze. De intense
gemene manier waarop de heer G. ons heeft bedrogen.
Na dit gesprek belde de heer Spijkerman mij weer op met de mededeling dat
G. ook nog gewerkt had bij het Zuiderziekenhuis in Rotterdam bij de
afdeling mortuarium. We moesten daar maar eens navragen wat G. daar weer
had uitgespookt.
Donderdag 2 februari Brief aan de brigadier van politie te Baarn
T. Herms
Hierbij doe ik namens de Bond van Wetsovertreders aangifte van verduistering,
valsheid in geschrifte, oplichting en flessentrekkerij gepleegd door Heinrich G. geboren 27-januari 1947 te Kleef, wonende te Nijmegen Hillekensacker
2137 6546 LC Nijmegen. Hij heeft deze daden gedaan in de periode 26 februari
1994 tot op de huidige dag. Heden heb ik aangifte gedaan bij de politie te Baarn voor verduistering van
een personal computer door Heinrich G. zie mutatie nr PL0930/95-000824.
Mondeling heeft de heer Oosterbrugge gezegd dat hij deze zaak zou voegen bij de
zaak van v Z..
Enkele opmerkingen tot slot die ik namens Tom de Booij doe en niet namens de
BWO. In ons speurwerk de laatste dagen zijn we een eindeloze reeks van misdaden
begaan door H. G. op het spoor gekomen. Waren we eerder door het O.M.
geholpen dan was ons inzake Heinrich G. heel wat ellende bespaard gebleven. Inmiddels hebben we van de OVJ Hofstee een uiterst onbevredigend antwoord
gekregen, vooral wat betreft inzake G.:
"Voorts deel ik u nog mee dat ik brieven heb ontvangen van de heer G., (
... ) waarin deze mededeelt niet gekend te zijn in het doen van aangifte door U
en de heer Van der Maal"
Dat wij in eindeloze brieven en documenten het tegendeel hebben aangetoond
doet blijkbaar niet ter zake. U begrijpt hoe zeer ik door dit alles diep bedroefd ben en
het gedrag van het OM onbegrijpelijk vind. Mensen als v Z. en G. kunnen
ongestoord hun gang gaan. uit het register van de Kamer van Koophandel van Nijmegen staat H.
G. geregistreerd onder
nummer 4154 met zijn eenmanszaak FINIS AETERNITAS een
uitvaart organisatie . Dit volgens de Ned Uitvaart bond onwettig. Hij heeft
immers geen enkel papier. Maar ja, van de Kamer van Koophandel hebben we toch al
geen hoge pet op. G. is ook bezig om er voor te zorgen dat wij geen subsidie krijgen en is bezig met zijn steunpunt "Weerom" om geld te kloppen uit de
zakken van gevangenen. Ook dit kan hij rustig en ongestraft blijven doen. Nu onze strafrechterlijke benadering op niets is uitgelopen,
beginnen wij binnenkort aan een civielrechtelijke procedure. We kunnen van
G. tot het jaar 2025 nog geld opeisen. Mocht ik eerder overlijden dan zal
ik via mijn wilsbeschikking er voor zorgen dat tot het jaar 2025 G. geen
cent ongestraft mag verdienen!
Inmiddels met de vriendelijke groeten. Tom de Booij
Zondag 19 februari. Vertrouwelijk rapport over de wandaden van H. G.
"WAAR HET AAS IS, DAAR ZULLEN DE GIEREN ZICH VERZAMELEN"
"Burgerlijk Wetboek 3,titel 5, art.118 :
- 1. Een bezitter is te goeder trouw, wanneer hij zich als
rechthebbende beschouwt en zich ook redelijkerwijze als zodanig mocht
beschouwen.
- 2. Is een bezitter eenmaal te goeder trouw, dan wordt hij geacht dit
te blijven.
- 3. Goede trouw wordt vermoed aanwezig te zijn; het ontbreken van
goede trouw moet worden bewezen".
Het begrip 'goede trouw' dekt naar vroegere inzichten zowel de subjectieve,
vooral zakenrechtelijk relevante onbekendheid met een feitelijke toestand of een
rechtstoestand ( de feiten kennen of behoren te kennen), als de objectieve,
vooral verbintenisrechtelijk relevante maatstaf van behoorlijkheid (het 'te
goeder trouw' uitvoeren van verbintenissen uit een overeenkomst).
In het Nieuwe BW wordt het begrip goede trouw gebruikt ter aanduiding van het
eerstbedoelde begrip. Elders onderscheidt het vernieuwde wetboek nog tussen
(bewuste) 'kwade trouw' en het meer neutrale 'niet te goeder trouw'.
De objectieve behoorlijkheidsmaatstaf 'goede trouw' bij de uitvoering van
verbintenissen is in de wet omschreven als: de (eisen van) redelijkheid en
billijkheid, soms ook ' billijkheid' sec. uit de jurisprudentie blijkt dat de concrete omstandigheden een gewichtige
rol spelen. Voor wat 'redelijkheid en billijkheid' eisen, geeft de wet de
rechter enig houvast. Daarbij moet rekening worden gehouden' ... met
algemeen erkende rechtsbeginselen, met in Nederland levende rechtsovertuigingen
en met maatschappelijke en persoonlijke belangen, die bij het gegeven geval zijn
betrokken'.
(uit: Teleac-Nieuw Burgerlijk Wetboek, praktische informatie voor beroep en
bedrijf 1992)
VOORWOORD
In onze samenleving zijn wij opgevoed om van dit denkkader uit te gaan. Problemen kunnen ontstaan wanneer andere Nederlandse Staatsburgers
menen uit te gaan van een heel andere standpunt, namelijk dat zij bewust het
woord "goede" verwisselen voor het woordje "kwade".
Het is het resultaat van deze dramatische botsing tussen de twee denkbeelden
die we in het afgelopen jaar bij de Bond van Wetsovertreders (BWO) hebben mogen
meemaken. Aan de ene kant een aantal mensen die zich uit idealisme als
vrijwilliger hebben opgegeven om zitting te nemen in het bestuur en aan de
andere kant een aantal personen die in het bestuur zitting nemen met als enige
doel om zich meester te maken van overheidsgelden. De technieken en werkwijzen
van deze laatste categorie personen zijn bijzonder vernuftig, sluw, meedogenloos
en arglistig. We hebben de laatste weken een intensief onderzoek gedaan naar de praktijken
van ons bestuurslid van de BWO, Heinrich G. geboren 27 januari 1947 in
Kelle, Duitsland. Naar aanleiding van de resultaten van dit onderzoek lijkt het
ons van belang om het een en ander aan het papier toe te vertrouwen, voordat het
te laat is. Voor de praktijken van een ander BWO bestuurslid Johannes Fredericus
v Z.
zouden we mogen verwijzen naar twee eerder door ons bestuurslid De Booij
opgestelde rapporten:
"Aanklacht jegens v Z.", dd 4 juli 1994 en het rapport getiteld: "200 dagen bestuurslid van de BWO, 26 februari 1994 - 13 september 1994".
Uiteraard zullen gebeurtenissen beschreven in deze rapporten over de
perikelen binnen de BWO opnieuw aan de orde komen, maar nu bezien vanuit de
wetenschap dat niet één maar twee beroepsoplichters de BWO naar de rand van de
afgrond hebben gebracht. Het is des te meer noodzakelijk om deze rapportage betreffende de figuur
G. aan het licht te brengen, aangezien het Openbaar Ministerie tot nu toe
het finaal heeft laten afweten.
Ook in het geval van onze ex-penningmeester heeft het OM verstek laten gaan.
Na onze aangifte jegens van v Z. op 30 juni 1994 hebben wij ervoor gezorgd
dat v Z. werd opgespoord en hebben we hem toen door de politie laten
aanhouden op 25 augustus 1994. Na enkele uren liep meneer v Z. weer vrolijk
rond en er ontbreekt tot op de huidige dag ieder spoor van deze oplichter, en,
wat erger is: de financiële administratie van de BWO die hij heeft meegenomen. Hopelijk hebben we meer kans om de andere oplichter voor het gerecht te
slepen. H. G. zit letterlijk en figuurlijk nog hoog en droog langs de
Maas in de stad Nijmegen op het adres Hillekensacker 2137. Momenteel is hij
zelfs bezig om een vereniging van de grond te krijgen die de belangen van
(ex)gedetineerden wil gaan behartigen: STEUNPUNT WEEROM. Gezien zijn verleden is
het niet ondenkbaar dat de door de gevangenen gestorte bedragen in dezelfde
bodemloze put komen, waar al zoveel gelden in zijn verdwenen. Hoe H. G.
er steeds weer in slaagt de dans te ontspringen en "frisch und fröhlich" door
kan gaan, zonder dat iemand hem een strobreed in de weg legt is werkelijk
ongelooflijk .
Het is de rode draad die door dit rapport "Waar het aas is, daar zullen de
gieren zich verzamelen" heen loopt. Het rapport moge ook een les zlJn voor
diegenen die nog het slachtoffer zullen worden van deze soort van misdaad, die
vermoedelijk meer materiële, maar vooral immateriële schade aan onze samenleving
teweegbrengt dan de zgn georganiseerde misdaad waar de kranten bol van staan.
Deze werkhypothese wordt ondersteund door de feiten die wij tijdens ons
onderzoek steeds weer zijn tegengekomen. Hierbij speelt de schaamte de hoofdrol
die men voelt als men door mensen als G. en v Z. wordt opgelicht,
bedrogen, gechanteerd en hoe men steeds weer in hun doortrapte valstrikken en
leugens trapt.
Het hele proces dat men dan doormaakt laat zich indelen in drie opeenvolgende
fasen:
1. "te goeder trouw"
Tijdens de eerste fase is men zielsgelukkig dat men iemand heeft gevonden
zoals H. G.. Hij gaat voorbeeldig van start en weet voor elk probleem
een oplossing, kortom het neusje van de zalm. Tijdens gesprekken met vroegere
werkgevers werd G. zelfs als lichtend voorbeeld gesteld voor zijn
collega's. In deze eerste fase zoekt G. het potentiële slachtoffer met zorg uit.
Bij voorkeur een persoon of organisatie die zwak in de schoenen staat, hetzij
omdat er organisatorische onvolkomenheden zijn, hetzij omdat het om een
maatschappelijke kwetsbare groep gaat, hetzij omdat verwacht kan worden dat dit
slachtoffer, wanneer de zwendel uitkomt, ervoor terugdeinst om de zaak in de
publiciteit te brengen. G. zorgt dat hij het vertrouwen van het potentiële
slachtoffer krijgt, door zich zeer actief in te zetten voor de zaak en het
slachtoffer allerlei voordelen in het vooruitzicht te stellen. Het slachtoffer prijst zich gelukkig in contact gekomen te zijn met zo'n goede hulp.
G.
bouwt zo een enorme "goodwill" op. Intussen peilt G. de kansen om zijn slag
te slaan en weet daarbij feilloos de zwakke kanten van het potentiële
slachtoffer op te sporen. Daarna slaat hij zijn slag, erop vertrouwend dat: - àf de zwendel niet uitkomt -
af, als het wel uitkomt, het slachtoffer te beschaamd of te bang is om de zwendel aan de grote klok te hangen. Dan komt de tweede fase.
2. "voordeel van de twijfel"
Men begint te twijfelen, en gaat overal vraagtekens bij plaatsen. Maar H. G. slaagt er in om alle twijfels te ontzenuwen. Op meesterlijke wijze voert
hij dan een toneelstuk op en zegt dan steeds verontwaardigd: "vertrouw je me
soms niet". Dit gaat alles op een uiterst geraffineerde wijze, zodat men dan
weer geneigd is om alle twijfels te laten varen. Onze ervaring leert dat leden
van het vrouwelijk geslacht H. G. veel eerder door hebben dan wij
mannen. Ze laten zich niet verleiden door zijn rationele benadering en mooie
babbels en gaan meer op hun intuïtie af. Dan komt fase drie.
3. "de ontmaskering of beter gezegd de ontluistering"
Het bedrog komt uit. wat dit betekent voor de bedrogene is alleen te
begrijpen en te vatten voor diegenen die dit ook, net zoals wij, aan den lijve
hebben meegemaakt. Het is voor ons ook totaal onmogelijk om deze gevoelens van walging, verdriet, boosheid, en vooral schaamte te
verwoorden. Voor de buitenstaanders kunnen wij alleen maar volstaan door feiten aan te dragen.
Wat is echter het antwoord van H. G. op de ontdekking van zijn
oplichting, bedrog, flessentrekkerij, valsheid in geschrifte etc etc ? Chantage en
intimidatie! Bovendien draait hij de zaken op een perverse wijze om: het is
allemaal de schuld van de anderen, dwz degenen die hem ontmaskerd hebben.
Daarbij gebruikt hij een samenspel van verdichtsels teneinde zowel mogelijk
verwarring te zaaien en tijd te rekken. Maar vooral moeten de boodschappers van
het slechte nieuws in een kwaad daglicht gesteld worden. Deze worden beschuldigd
van "valse aantijgingen". Dit heeft in vele gevallen tot gevolg dat men heeft
afgezien van verdere vervolging, ondanks het feit dat G. datgene toegeeft
waarvoor onomstotelijk bewijsmateriaal voorhanden is, maar hij ziet kans om door
zijn taktieken de mensen in een juridische houdgreep te houden en zich te
omringen met advocaten van kwade zaken. G. maakt gebruik van chantage- en
intimidatiemiddelen om mensen die hem door hebben de mond te snoeren. En meestal
lukt het hem dit ook perfect. Bovendien gebruikt hij het mechanisme van "blaming
the victim": de schuld ligt niet bij hem, maar bij het slachtoffer. Na aldus de buit te hebben opgestreken verlaat
G. zijn "werkplek" om
weer op zoek te gaan naar nieuwe kandidaten die "geplukt" kunnen worden. Zo kan hij rustig weer met een schone lei beginnen en doen alsof er niets aan
de hand is. Als het toch tot een strafrechterlijke of civiele procedure mocht komen weet
hij het zo te draaien dat de straf minimaal uitvalt door zijn
vertragings taktieken. In de civiele rechtsgang kunnen de gedupeerden naar hun
centen fluiten. "Pluk eens veren van een kikker". (Nu is H. G. echter op tegenstand gestuit waar hij niet op gerekend
had. Hij voelt dat het net nu nauwer en nauwer om hem heen wordt gespannen. Hij
laat nu steken vallen en reageert minder koel en berekenend als in het verleden het geval is). Dit waren in het kort de drie fasen die men moet doormaken. Dit soort mensen
vormt een directe bedreiging voor het vrijwilligerswerk. Het is opvallend dat H.
G. altijd als slachtoffer kiest die personen of
organisaties die voor de zwakke en kwetsbare mensen opkomen. Zoals we dadelijk
zullen zien door mensen te treffen zoals nabestaanden van overledenen die door
H. G. als uitvaartleider werden begraven of gevangenen die hun zuur
verdiende gelden moeten afstaan of een organisatie die met overheidsgelden bezig
is om de belangen van (ex)-gevangenen te behartigen.
Het meest lugubere is wel dat de samenleving, zowel de pers als de overheid,
de praatjes van H. G. cs wel geloofwaardig achten, terwijl ze de
onloochenbare feiten gepresenteerd door de slachtoffers niet geloven! Het
fraaiste voorbeeld hiervan is het artikel dat hij heeft gepubliceerd in de
Telegraaf van 2 juli 1994 waar hij het uitvaartwezen door het slijk haalt, en
daarbij te weten dat hij zelf dit uitvaartwezen voor vele tonnen heeft
opgelicht.
Ook wij als BWO hebben dit zelfde lot moeten ondergaan . Toen wij een
advertentie wilden plaatsen in het Algemeen Dagblad in juli 1994 met een oproep
voor die mensen die gedupeerd waren door de malversaties om hun nog geleden
schade te vergoeden, werd deze advertentie geweigerd omdat volgens de redactie
van het AD wij volgens de inschrijving van de Kamer van Koophandel niet het
Bestuur van de BWO vertegenwoordigden. H. G. was toch immers de
voorzitter doordat hij nl. met zijn medecoupplegers het wettig gekozen bestuur
van de BWO op 20 juni 1994 bij het verenigingenregister van de Kamer van
Koophandel te Utrecht had laten uitschrijven.
Het meest navrante van dit alles is dat wij beter hadden kunnen weten. Vooral
als je leest wat Willy Debets, een rechercheur bij de afdeling Fraude van de
gemeentepolitie te Amsterdam over vergelijkbare gevallen schrijft in zijn boekje
met de sprekende titel: " De firma's List & Bedrog", uitgegeven door Koninklijke Vermande,
Lelystad in 1993.
Wij willen U niet onthouden wat aan het slot van het voorwoord staat
(soortgelijke woorden zouden wij ook kunnen schrijven aan het slot van ons
voorwoord):
"In dit boek wordt een aantal recente en waar gebeurde criminele
geschiedenissen onthuld. Met verbijstering en ongeloof zult u deze spannende verhalen lezen. U zult
ontdekken hoe vindingrijk de oplichters en bedriegers zijn, maar ook hoe
gemakkelijk mensen voor een criminele kar zijn te spannen; hoe goedgelovig de
slachtoffers toch - achteraf - geweest zijn. Dit boek kan dienen tot "Leeringh ende Vermaeck". Wees op uw
hoede voor de vermommingen in vele gedaanten van de "Firma's List & Bedrog". Wees
kritisch naar u zelf ..... "
Toch zouden wij staande willen houden dat zelfs als we dit boek in 1993
gelezen zouden hebben we er in 1994 toch waren ingelopen. De Fransman zegt
treffend: "L'expérience ne se transmet pas". Vrij vertaald:" Door schade en
schande wordt men wijs". Maar dan is het toch al mooi te laat en zit je met de gebakken peren. Zo is de Bond van
Wetsovertreders door deze praktijken bijna ten gronde gericht. Of zoals een
vertegenwoordiger van een stichting ons vertelde: " Als we een particuliere
onderneming waren geweest, waren we allang failliet geweest".Het
is in deze tijd noodzakelijker dan ooit om tegen deze soort van criminaliteit,
die de kwetsbare groepen in onze samenleving tot doelwit heeft uitgekozen, op te
treden. De soort van misdaad die wordt gepleegd door snelle jongens goed in het
pak en zoals Debets het treffend beschrijft: "met de gave om het behang van de
muren te kletsen". Ze zijn gewapend niet met een stengun maar een "pengun". Zij
zijn in staat om met een pennenstreek een heel bestuur van een Bond uit te
schrijven om dan met dure huurauto's hun louche zaakjes te regelen. Zo kon
J. v Z. ondanks het feit dat hij bij het BOVAG-waarschuwingssysteem geregisterd stond als wanbetaler nog bij een grote
firma in het midden van het land grote auto's huren. Zelfs kon hij een auto
straffeloos inwisselen voor een nog grotere bolide ondanks het feit dat hij nog
een rekening van 9000 gulden moest betalen ... !
Tot besluit van dit voorwoord willen wij nog wel even kwijt de vraag die ons
als Bond van Wetsovertreders de laatste tijd steeds weer wordt gesteld:
"Jullie zijn er toch om de belangen van (ex)gevangenen te behartigen". Dat is
waar, maar om deze soort mensen vrijuit te laten gaan die aanwijsbaar de
belangen van deze (ex)gevangenen beschadigen gaat ons echt te ver. Wij zijn niet
op wraak of vergelding uit, maar wel om er alles aan te doen dat dit soort
mensen niet meer de kans krijgt om de zwaksten - de nabestaanden van
overledenen, zieken, gevangenen - van onze samenleving te treffen".
DOSSIER H. G. 1947-1995
Aan het begin van dit hoofdstuk zouden wij onze "dank" willen uitspreken aan
J. v Z.. Hij immers heeft ons voorzien van de gegevens betreffende H. G. tot de periode dat hij zijn intrede deed in het bestuur van de BWO in
1994. Tekenend voor onze grenzeloze naïviteit is het dat we steeds, door het
geven van het voordeel van de twijfel aan H. G., deze gegevens niet
hebben nagetrokken ondanks het feit dat we deze gegevens al van J. v Z. in
augustus 1994 hebben mogen ontvangen. Maar in de loop van het verslag zal
blijken dat wij toen we over deze feiten beschikten G. altijd het voordeel van de twijfel hebben gegeven (fase 2) zelfs nadat overduidelijk bleek dat
hij ons had belazerd, voorgelogen etc. Een mens kan zich immers verbeteren. Pas
heel langzaam kregen we het gruwelijk besef dat we op een meest verschrikkelijke
manier waren bedrogen. (fase 3). Om het berokkenen van nog meer schade te voorkomen, zullen we alle namen van
de bedrijven en plaatsnamen van de bedrijven en personen, die door G. in
het verleden zijn opgelicht voorzien van gefingeerde afkortingen. Alle feiten en
gebeurtenissen die betrekking hebben op de BWO zullen wij wel met naam en
toenaam vermelden. De documenten die het bewijs voor onze beweringen moeten
vormen hebben wij - onder embargo - overlegd aan de onderzoekscommissie Perikelen BWO 1994.
Heinrich G. werd geboren in Kleef en volgens een ander
rapport in Kelle. Dit is een klein dorpje enkele kilometers ten noordoosten van
Kleef, waarschijnlijk vallend onder de gemeente Kleef. Ook blijkt hij als
geboorteplaats op te geven: Nijmegen en Keulen. Ook betreffende het geboortejaar is nog geen directe zekerheid verkregen. In
een rapport staat 1946, terwijl een andere stuk vermeldt 1947. Wel is er overeenstemming omtrent zijn geboortedag: 27 januari!
PERIODE 1947-1980
Wat weten we van H. G. voor 1 juli 1979, de dag waarop hij werd
aangenomen als uitvaartleider in het bedrijf X te Y ?
Hij is matroos geweest op de grote vaart (vandaar misschien zijn
vol getatoeëerde armen), leerling-bakker ( hij bakt ze inderdaad bruin), heftruck
chauffeur (om iedereen te tillen), heeft verder gewerkt in een betonfabriek
(zeker in gewapend beton). H. G. is in Cuyck getrouwd met M.J.W. Thijssen op 28 augustus 1972.
In 1980 had hij uit dit huwelijk drie kinderen (van resp. toen 7-4-2 jaar). In 1979 daagt de stichting pensioenfonds voor gezondheid geestelijk en
maatschappelijke belangen G. en zijn vrouw voor het gerecht aangezien zij
de huur van hun huis aan het Fazantenveld 124 te Cuyck niet wensen te betalen .
Zij worden gesommeerd het huis te verlaten met ingang van 1 oktober 1979. Van de directeur van uitvaartbedrijf X te Y vernamen we dat hij vanaf 1 juli
1979 daar werkzaam is geweest. Begin 1980 heeft G. een uitvaart zo voortreffelijk
geregeld dat de familie zo enthousiast over G. zou zijn geweest dat, toen
er weer een sterfgeval in de familie voorkwam, zij naar H. G. vroegen. Als
antwoord kregen zij toen dat hij voor zichzelf was begonnen. De waarheid was
volgens de directeur iets anders, hij kwam te laat bij die desbetreffende
uitvaart. Hij had als smoes dat hij de vorige avond met de familie van de
overledenen te diep in het glaasje had gekeken! De tegenwoordige directeur van
deze uitvaartonderneming heeft toen de seance kunnen redden. Hij vertrekt uit plaats X om zich aan te melden bij bedrijf W in plaats U.
Deze nieuwe werkgever, directeur van een uitvaartonderneming kreeg van zijn
vorige werkgever de mededeling dat hij nu het neusje van de zalm had gekregen.
Maar bij recente navraag wist deze directeur zich niets meer te herinneren,
alleen dat G. naar het oosten van het land was vertrokken om voor zichzelf
te beginnen (later bleek het een neusje te zijn dat al maandenlang in de
viswinkel had gelegen). Het sollicitatiegesprek met zijn nieuwe werkgever vond plaats op 7 januari
1980. Hij gaf als reden op van zijn vertrek uit plaats Y dat hij er geen
toekomst zag om langer te blijven en ook waren de werkomstandigheden niet
optimaal. Zo werd H. G. aangenomen mede door lovende woorden van zijn vorige werkgever. Hij gaf op dat hij HBS had
en stivu W-gediplomeerd '74-'75. Een cursus in het balsemen in Frankrijk had
gevolgd en in Engeland een examen had afgelegd. Verder gaf hij op, onder de
rubriek vrijetijdsbesteding liefhebberijen : duiken (bedoeld wordt
waarschijnlijk ontduiken). Zijn geloof: R.K. Hij kreeg een netto-salaris van
2300 gulden per maand met gratis pensioenvoorzieningen. zijn laatst
genoten-salaris was f 2750 per maand en 400 gulden extra. De directeur heeft voor hem een huis gekocht van 150.000 gulden.
G. zou daar een huur betalen van f 575,- per maand. (Wat de directeur
niet wist is dat 7 dagen nadat hij G. had aangenomen deze door de
politierechter werd veroordeeld tot 2 maanden gevangenisstraf voorwaardelijk en
een geldboete van f 600,-). In de huurovereenkomst werd het pand als dienstwoning aangemerkt. Deze
overeenkomst is gedateerd op 12 mei 1980 maar G. heeft geweigerd om te
ondertekenen omdat hij het niet eens was met de term dienstwoning. In het begin functioneerde
H. G. voortreffelijk en zag kans om de
order voor de begrafenis binnen te slepen van een lid van de familie die hij zo
goed had verzorgd in dienst van zijn vorige werkgever. De familie was immers zo
enthousiast geweest dat zij er op stond dat H. G. ook deze uitvaart
mocht regelen. De directeur ging met vakantie naar Tunesië en was zo te spreken over de werkwijze van de heer
G. dat hij hem toevertrouwde om de leiding van
het bedrijf tijdens zijn vakantie over te nemen. Hij had geen betere kunnen
vinden! Na terugkomst van de directeur wilde H. G. met zijn gezin met
vakantie gaan naar Palma de Majorca . De directeur beloofde om G. en zijn
gezin bij terugkomst met zijn Amerikaanse auto van Schiphol af te
halen. Nauwelijks had G. zijn hielen gelicht of het bleek dat hij niet
alleen zijn hielen maar ook het uitvaartbedrijf had gelicht voor tienduizenden
guldens. Verbijstering alom, het kon toch niet waar zijn. Er komt een onderzoek en het
blijkt dat er f 11.436,85 uit de kas was verdwenen, er geen kasboek was
bijgehouden en belangrijke financiële stukken waren verdwenen. Van een
medewerker H. heeft de directeur gehoord wat er zich allemaal heeft afgespeeld
tijdens zijn vakantieperiode. Hij heeft de hele zaak in het honderd laten lopen
en blijk gegeven van een volstrekte onkunde en bewuste onwil om het
uitvaartbedrijf goed te leiden. Volgens deze medewerker is hij in die drie weken
toen hij de feitelijke leiding over het bedrijf had, geen dag op het kantoor
geweest. Heel plastisch drukt deze medewerker zich uit over G.: "Die jongen is een grote lapzwans, nietsnut, een onderwereldfiguur, praat me
er niet van. Jij hebt 3 weken vakantie gehad, nou hij ook!" Dan volgen er een
serie klachten die er niet om liegen. Alles ging mis tijdens de uitvaarten. Zeer
opvallend is het rommelen met het bandje van de telefoonbeantwoorder. De totale schade van de verduisterde gelden komt neer op een bedrag van
25.000 gulden. Na zijn ontdekking heeft de directeur de politie op 1 augustus
1980 ingeschakeld en gevraagd hem aan te houden als hij terugkomt van vakantie.
Op het politiebureau verneemt hij van de rechercheur iets over het
strafrechterlijke verleden van G.. Het scherm van de computer mocht de
directeur niet zien, maar zag wel het gezicht van de rechercheur en hoorde zijn
commentaar van opperste verbazing. Wat hij heeft kunnen opvangen over het
strafrechterlijke verleden van H. G. was het volgende: "In de jeugdperiode vóór 1965 plusminus 10 maal veroordeeld. Daarna 27 maal
van 6 februari 1965 tot 12 april 1979 voor: oplichting alleen en in vereniging heling verduistering zedendelicten mishandeling valsheid in geschrifte vervalsen van cheques". De avond van de terugkomst van
H. G. doet de directeur H. de
volgende boodschap toekomen die voor zichzelf spreekt: "Moet je goed luisteren. Naar aanleiding van diverse dingen heb ik 12 dagen
de tijd gehad om uit te zoeken wat voor kerel dat je bent , je bent nu een open
boek voor me. Je hebt me van alle kanten belazerd en bedonderd, ik heb vandaag
geen tijd meer voor je. Je komt maar met de trein naar huis, laat je gezicht vandaag niet meer zien en
zet geen stap op mijn terrein. Morgenvroeg om 9 uur kom ik bij je thuis om e.a.a.
uit te praten. Goed begrepen ... tot morgen." Maar dit gesprek was niet meer nodig, want om acht uur werd
H. G. van zijn bed gelicht door de politie. Ja, u begrijpt het al hij zat
maar 2 dagen op het politiebureau! Maar wat voor concrete feiten heeft de directeur om zijn beschuldiging jegens
G. hard te maken. Het geval van de begrafenis van die familie die zo enthousiast was geweest
over G.. Een van de nabestaanden van het overleden familielid waarvoor
G. de uitvaart had geregeld schrijft een brief met vele vraagtekens omtrent
de declaratie van G.:
" Over grafrechten en een grafsteen die finaal doormidden is gebroken, en
ook een post van f 939,50 ivm afhandeling op Schiphol (het lijk moest gehaald
worden uit Engeland) komen mij zonder specificatie bijzonder hoog voor,
hetzelfde geldt voor porti en telefoonkosten van f 473,50-, ook de kosten
kerkkoor komen hoger uit dan de begroting". Maar wat doet de heer X ondanks zijn klachten:
" Omdat ik de betaling niet wil laten wachten totdat Uw antwoord mij onder
ogen komt (dat zal pas zijn na terugkomst van vakantie gevolgd door een kort
verblijf in London) heb ik per gelijke post de A.B.N. te A. opdracht gegeven fl
10.000,- ter nadere verrekening aan U over te maken. Wellicht wilt u nog eens
nagaan hoe de breuk in de grafsteen kan zijn opgetreden. Inmiddels teken ik u nogmaals dankend voor al Uw goede zorgen en inzet,met de
gevoelens van de meeste hoogachting, getekend. .. Mr G "
De tienduizend gulden zijn nooit terechtgekomen bij de directie, maar in de
bodemloze put van H.G.! Hij zou toch immers voor zichzelf beginnen, weet U nog
wel .Het meeste schokkende dat we in het dossier van de directeur hebben
aangetroffen was de gang van zaken bij de uitvaart van mevrouw W te H. In een
met de hand geschreven notitie lezen we: "G. had hen dood willen rijden"
(klantenbinding?). Antwoord G.:" Vannacht had hij nog aan de monitor
gelegen". De totale schade bedraagt uiteindelijk fl 25.080,61. Maar dat is niet alles
want G. begint met zijn intimidatie- en chantage technieken. Let wel op 15
augustus, 3 dagen na zijn ontslag op staande voet, neemt G. de advocaat c. in de
armen. Hij vecht het ontslag als onwettig aan, omdat er geen vergunning van het
gewestelijk arbeidsbureau aanwezig was. De advocaat van G. schrijft aan de advocaat van de directeur: " alles wat in het exploit staat is volkomen uit de lucht gegrepen. Een en
ander kan slechts gekwalificeerd worden als valse aantijgingen. Ik sommeer
namens cliënt het gegeven ontslag te herroepen en zorg te dragen voor
doorbetaling van loon. Zo ik terzake niet binnen 14 dagen na heden van U
vernomen heb, heb ik opdracht Uw cliënt in rechte te betrekken. Tevens moge ik U
verzoeken Uw cliënt er op te wijzen dat het niet aangaat allerlei praatjes over
cliënt rond te strooien ..... " (N.B. een prachtig staaltje van "blaming the
victim").
Als antwoord op de brief schrijft de advocaat van de directeur:
"De inhoud van uw brief van 15 augustus is lijnrecht in strijd nadrukkelijke
bekentenis die uw cliënt heeft afgelegd tegenover gemeentepolitie te G., nl dat
hij belangrijke bedragen heeft verduisterd en geld uit de kas heeft
medegenomen."
27 augustus meldt de advocaat van de directeur dat het beslag op roerende
goederen maar ten dele is gelukt omdat de meeste goederen stonden op de lijst
van aanbrengsten van mevrouw G. (ze zijn buiten gemeenschap van goederen
getrouwd), terwijl de wijnvoorraad door de gerechtsdeurwaarder Herenis niet
gevonden werd. Hij had tenslotte geen bevel tot huiszoeking bij zich.
2 januari 1981 spreekt de president van de arrondissementsrechtbank te
Zutphen uit dat G. de dienstwoning moet verlaten en veroordeelt G. tot
de kosten van het geding. In een brief dd 23 februari 1981 schrijft de advocaat van de directeur aan de
directeur de volgende schrijnende, cynische zinnen, die zo kenmerkend zijn voor
de zaak die wij naar voren willen brengen van alles, dwz alles op basis van" TE
GOEDER TROUW".
"G. heeft van de gemeente A een woning toegezegd, maar het huis is nog
niet klaar en het is hem niet mogelijk de woning te betrekken. Gelet op het
vorenstaande zal in het geval wij het ontruimingsvonnis executeren de raadsman
van G., confrère C., met succes een zogenaamde executie·kort geding tegen
ons voeren. Vaste jurisprudentie is namelijk dat het in strijd met de goede
trouw is om in situaties als de onderhavige tot ontruiming over te gaan". Na zijn ontslag krijgt
G. van de gemeente Y een uitkering van de sociale
dienst. De sociale dienst deelt de directeur van het uitvaart bedrijf mede dat
G. een civiele procedure tegen de directeur heeft ingesteld! 19 november volgt een terechtzitting met gesloten deuren van de directeur
tegen G. waaruit blijkt dat G. nooit een cent huur heeft betaald vanaf
1 april 1980 toen hij in het huis is komen wonen. Nu komt de ontknoping! In een schrijven van 20 november 1980 bericht de advocaat van de directeur: "De advocaat van
H. G. heeft mij direct na de zitting ,zonder de
aanwezigheid van zijn cliënt, laten weten dat er ongetwijfeld een oplossing te
vinden is. Dat ik echter een voorstel in beraad wil nemen komt eigenlijk voort uit het
feit dat G. nooit een goede concurrent zal kunnen worden, omdat hij zijn
papieren niet heeft en uw collega's eerder kwaad dan goed zal doen, en u verder
toch niet de illusie behoeft te hebben dat u ooit enig bedrag van hem inkasseren
kunt. We moeten dan praktisch zijn in plaats van principieel"
Op 11 december 1980 doet G. via zijn advocaat C een voorstel dat hij
bereid is tegen het op staande voet ontslag per 12 augustus geen bezwaar te
maken indien het concurrentiebeding wordt opgeheven. Daarnaast wenst hij dat de
partijen over en weer afstand doen van iedere geldvordering en is bereid te
vertrekken met een termijn van drie maanden uit de woning. "Hij verlangt
overigens dat wij aanvullend de Justitie laten weten dat de zaak
civielrechtelijk is geregeld" Zo werd de zaak geseponeerd. De directeur deelde ons
mede dat hij gezwicht is voor de chantage van G. Hij had anders het huis
gekraakt en dan zou de schade die hij toch al had opgelopen nog groter worden. Hier eindigt het droeve relaas van een directeur van een uitvaartonderneming
die nog steeds als hij in Nijmegen komt, de woonplaats van G., met walging terugdenkt aan deze man 15 jaar na dato!
Dat zegt toch wel wat over de immateriële schade die G. mensen toebrengt.
PERIODE 1985-1987
Zo verlaat G. de plaats Y in het voorjaar van 1980. We zijn het spoor
duister tot hij weer opduikt in 1985. Hij woont inmiddels in het plaatsje R.
In deze plaats had in 1981 een grote uitvaartonderneming een andere
begrafenisonderneming overgenomen. In 1985 zochten ze een nieuwe directeur voor dit overgenomen bedrijf. Ze
wilden hiermee in dit gebied een frisse wind laten waaien. Inderdaad ze werden
op hun wenken bediend. Het bedrijf startte een sollicitatieprocedure en H. G. werd aangenomen. In het sollicitatieformulier had
G. als referentie opgegeven het
uitvaartbedrijf dat hij vijf jaar daarvoor had opgelicht! Je moet het lef er maar voor hebben. Zo
overtuigd is hij van zijn eerste
indruk die hij maakt, dat hij er op speculeert dat referenties niet worden
nagetrokken! Het wordt nog veel erger. Zijn vroegere werkgever komt er achter dat
G.
weer in het uitvaartwezen werkzaam is en waarschuwt telefonisch de directeur van
het uitvaartbedrijf dat G. in 1985 heeft aangenomen. Wat krijgt hij voor antwoord? "Waar bemoeit U zich mee? De heer
G. wordt hier als model gesteld voor
zijn collega's. Hij is een lichtend voorbeeld!" Twee jaar gaat het goed. G. heeft in die tijd 120 uitvaarten geregeld in
zijn gebied. In de dankbetuigingen van nabestaanden voor de goede verzorging
komt zelfs in de krant speciale vermelding met betrekking tot de wijze waarop de
heer G. de uitvaart had geregeld. Volgens de directie heeft hij de pers zo weten te manipuleren dat zijn naam
erbij werd vermeld. Nu komt het meest ongelooflijke: de uitvaartonderneming draagt aan
G. op
om zorg te dragen voor de bewaking van debiteuren! Maar na verloop van tijd komt er twijfel omtrent de gang van zaken en vraagt
de directie om een computer-uitdraai. Het bleek dat vele rekeningen nog niet
betaald waren, maar G. had voor elke niet betaalde rekening een goed
verhaal. onenigheid in de familie, familie bezig met boedelscheiding etc. (fase
2) Desondanks begint de twijfel steeds grotere vormen aan te nemen en de
directeur gaat een aantal mensen bellen: " Meneer of mevrouw, we hebben wat problemen met de computer, er staat nog in
dat we van U nog een bedrag van 4300 gulden tegoed hebben". Het antwoord is duidelijk: " Maar meneer wij hebben het allang geleden in contanten aan de heer
G.
betaald, hij had ons gezegd dat dit in het uitvaartwezen de gewoonte was." Dan komt de klap op de vuurpijl. (fase 3) Er stond ook nog steeds een rekening open van f 12.000 voor de begrafenis van
een jonge vrouw, overleden aan kanker, van een woonwagenbewoner. Deze bracht
steeds grote boeketten bloemen naar het graf van zijn overleden vrouw. De directie nodigde hem uit om eens even op het bureau te komen en vroeg
hem waarom hij de rekening nog niet had betaald. De man ontplofte ter plekke.
Hij had dit meteen na de uitvaart contant aan de heer G. overhandigd . De
weduwnaar heeft G. 's-avonds met een bezoek vereerd, maar de heer G. was niet thuis ... ( hetgeen de
directie achteraf wel erg jammer vindt ... ) Zo kwam eind 1987 de ene malversatie na de andere aan het licht. Totale schade 350.000 gulden. Hij had er zelfs geen been in gezien om
vervalste rekeningen te fabriceren zodat de mensen de uitvaartkosten op zijn
privé-rekening overmaakten. Hij had ook een keer een lijk met de auto weggebracht naar Frankrijk. Bij
terugkomst was vlak voor een wegrestaurant de lijkauto spontaan in brand
gevlogen. Volgens G. gingen ook in vlammen op: 2000 gulden en zijn
rijbewijs (pas later bleek dat hij helemaal geen rijbewijs had). Zijn bijrijder
had gezien dat G. toen de auto in brand stond gauw iets uit het
dashbordkastje weggriste en wegmoffelde . Nu komt de meest traumatische fase voor de directie. Overal moeten ze de
gedupeerden een bezoek brengen met excuses. Het district waar G. zo'n 120
uitvaarten had verzorgd had uiteraard het vertrouwen in de onderneming verloren,
zodat ze door het toedoen van G. dit gebied zijn kwijtgeraakt. Nadat uiteraard de recherche op de hoogte was gesteld van de misdadige
praktijken kregen dezelfde mensen nog eens bezoek van de recherche alsof het al
niet genoeg was geweest. Mensen die hun dierbaren hadden verloren bleken nu ook
nog eens slachtoffer van een gewetenloos oplichter te zijn. De zaak is voor het gerecht gekomen en bij de behandeling komt nog een hele
nare zaak aan het licht. We citeren een krantenbericht uit 1987: "Een bejaarde Bredanaar eist uit naam van
zijn vorig jaar overleden zoon
drieduizend gulden van de inmiddels ontslagen uitvaartverzorger( red. H. G.). Zijn relaas werd ondersteund door de weduwe van de overleden man uit
Z. Deze had bij wijze van laatste wil bepaald dat de begrafenisgangers in de
gelegenheid gesteld moeten worden geld te schenken aan het Koningin Wilhelmina
Fonds. Hij vond dit zinvoller dan zijn begrafenis te laten overladen met
grafkransen en bloemen. En zo stond er tijdens de uitvaart een collectebus op
het crematorium waar volgens de vader van de overledene zeer veel giften in
gestort werden. De mensen die toezicht hielden op het condoléanceregister
meldden dat op een bepaald moment de collectebus vol was. Er kon eenvoudig geen geld meer
bij". G. heeft na afloop het slot verbroken en de enveloppen leeggehaald. Hij
heeft voor de rechtbank die wandaad niet ontkend, maar wel gezegd dat het niet
om drieduizend gulden ging, maar slechts om zevenhonderd gulden. Nu komt weer zijn "geniale smoes" " De bus was niet vol, maar verstopt omdat veel mensen er enveloppen in
stopten" De officier noemde het in zijn requisitoir "een minne daad".
G. is uiteindelijk veroordeeld tot 1 jaar gevangenisstraf. (Hoe lang
G. uiteindelijk heeft gezeten is ons nog niet bekend). De civiele procedure is op papier door de directie gewonnen. Maar alleen op
papier, want G. had kans gezien om de Hoge Raad te vragen om een uitspraak of de door hem verduisterde gelden in aanmerking zouden moeten
komen voor de inkomstenbelasting. Het antwoord van de Hoge Raad was bevestigend. Zo kon het gebeuren dat eerst
de enorme belastingschuld die G. had tov van de staat der Nederlanden moest
worden voldaan, pas daarna kwam de directie van de uitvaartonderneming aan de
beurt. Eind van hét liedje was wel dat ze daar vrijwel geen cent hebben gekregen.
Alleen een rijpaard hebben ze kunnen krijgen tezamen met een trailer. Het paard
at de bloemen van de graven op en dat was dus ook geen succes. De trailer hebben
ze nog wel kunnen verkopen. De directie had de zaak maar opgegeven omdat het bestuur niet graag wilde dat
er nog verder publiciteit aan werd gegeven. Eind december schrijft de directeur
van het in 1987 opgelichte bedrijf aan de directeur van het door G. in 1980
benadeelde bedrijf: "Graag wil ik U nogmaals bedanken voor de morele steun die ik van U middels
onze telefoongesprekken ervaren heb". Ze zouden er wel voor zorgen dat G. in het uitvaartwezen nooit meer aan te bak zou komen. Groot was hun verontwaardiging om van ons te
vernemen dat G. sindsdien heeft gewerkt bij het PC uitvaartcentrum te Amsterdam. Wij hebben ons tot het bedrijf gewend. om te vragen of
G. bij hun had gewerkt. Ze hebben ons het volgende medegedeeld: "We hebben maar besloten niet op uw verzoek in te gaan, het is dermate
ingewikkeld om te achterhalen waar de man heeft gewerkt en hoe hij
gefunctioneerd heeft".
Uit het rapport dat v Z. betreffende zijn collega had gemaakt konden we
ook nog opmaken dat hij gewerkt had bij het Zuiderziekenhuis afdeling pathologie
in Rotterdam. Het rapport gemaakt door v Z. zegt verder: "Verdacht van diefstal van preparaten. Er is geen aangifte gedaan.
Overgeplaatst naar andere afdeling. Door collega beschuldigd. Mocht niet langer
werken op pathologische laboratorium. Gedegradeerd naar lagere functie. Lagere
loonschaal. Ontslag wegens werkweigering." Op onze vraag om nadere informatie kregen we van de heer Luyendijk van het
Zuiderziekenhuis de volgende mededeling:" Er is overleg gepleegd. We hebben een andere positie dan particuliere
ondernemingen. Vanuit onze positie bezien kunnen wij U geen nadere informatie
betreffende de heer G. verstrekken". Interessant is om te melden dat G. momenteel staat ingeschreven in het
register van de Kamer van Koophandel te Nijmegen onder de naam van het
eenmansbedrijf FINIS AETERNITAS, een uitvaartonderneming die alles wat je maar
wilt voor je kan verzorgen ... Zoals al eerder gezegd heeft G. een steunpunt Weerom opgericht om de
gevangenen centen uit hun zakken te kloppen. We hebben de Minister van Justitie
Mw Mr W. Sorgdrager, Officier van Justitie te Utrecht Mr G.Th Hofstee, Prof.
J.J.J. Tulkens van het Ministerie van Justitie en Drs A.Rook adjunct directeur van het Gevangeniswezen en J.G.A. van den Brand,
directeur van het HvB Havenstraat te Amsterdam hierover ingelicht. En we zullen
op onze eigen manier zowel de gevangenen als de directeuren van de penitentiaire
inrichtingen op de hoogte stellen.
PERIODE 1994-1995
Na vele omzwervingen zijn we eindelijk aanbeland bij de episode uit het leven
van Heinrich G. dat hij zijn kampement opslaat bij de Bond van
Wetsovertreders (BWO). De periode dat hij het bestuurslidmaatschap heeft vervuld loopt van 26 februari 1994 tot 16 januari
1995. Hij heeft, tezamen uiteraard met zijn handlangers, kans gezien om ons in die periode op de rand van het faillissement te brengen, afgezien van de
immateriële schade die hij ons en de gedetineerdenbeweging heeft berokkend. We
zullen de gehele periode de revue laten passeren. Let wel, alle uitspraken die
wij doen over de heer G. zijn keihard te maken aan de hand van
schriftelijke bewijsstukken en ander bewijsmateriaal. We zullen met zorg proberen om onnodige verdachtmakingen te vermijden.
Ach,
goede wijn behoeft geen (graf)krans .
Hoe begon het allemaal? 26 februari 1994 werd een bondscongres (=algemene ledenvergadering) van de
BWO in de Kargadoor te Utrecht gehouden. De opkomst was goed, en er waren ook
een aantal (terecht) kritische leden. Tijdens de vergadering bleek voor de
aanwezigen duidelijk dat er iets mis was in de gelederen van het bestuur. Maar
wat er precies aan de hand was kwam tijdens de vergadering niet boven tafel. Wel
werd duidelijk dat door de aanwezige leden hele grote vraagtekens werden gezet
bij het financiële beleid in het algemeen en de totaal ontoereikende financiële
verantwoording van de interim-penningmeester, v Z., in het bijzonder (De
aftredende penningmeester schitterde door afwezigheid, en kon dus ook niet
gedéchargeerd worden). Er werden twee nieuwe bestuursleden benoemd, in de hoop
om met een schone lei te beginnen. De samenstelling van het gekozen bestuur was:
Erik van der Maal, voorzitter, J. v Z., penningmeester, en als
bestuursleden H. G., Jan Govers en Tom de Booij. Op 2 maart 1994 was de eerste bestuursvergadering, waar bleek dat door een
lid (dat op 26 februari niet herkozen was) de legitimiteit van het bondscongres
werd aangevochten, omdat er zogenaamd mensen gestemd hadden die geen lid zouden
zijn. Dit was de eerste daad van de toekomstige coupplegers. De brief werd zgn
geschreven door Jan van Welbergen , maar duidelijk was toen al dat de brief was
gedicteerd en ingegeven door mensen die al vanaf het begin dat het bestuur
aantrad om orde op te zaken te stellen, het nieuwe bestuur het besturen onmogelijk wilden maken. De briefschrijver heeft dit ons later eerlijk opgebiecht.Nu weten we dat dit het prille begin is geweest om drie bestuursleden het
functioneren verder onmogelijk te maken, tw Erik van der Maal, Jan Govers en Tom
de Booij. Dit waren pottenkijkers die zo snel mogelijk moesten worden
geliquideerd. Immers: deze drie wilden het uitdrukkelijke verzoek van het bondscongres tot instelling van een
kascommissie, een accountantscontrole en een onderzoekscommissie, daadwerkelijk
honoreren. Hetgeen nu niet bepaald strookte met de belangen van de twee andere
bestuursleden, v Z. en G. , die met de niet herkozen Van Welbergen en
Stevens een "schaduwbestuur" gevormd hadden. Het is achteraf onbegrijpelijk gezien dat we zo naïef zijn geweest om steeds
weer uit te gaan van "te goeder trouw". In deze vergadering van 2 maart hebben we de penningmeester
v Z.
toevertrouwd om het nieuwe bestuur in te laten schrijven in het register van de
Kamer van Koophandel. (Later is gebleken dat hij dit niet heeft gedaan) . Het is wel navrant om te weten dat op hetzelfde ogenblik dat je met vereende
krachten probeert de BWO weer nieuw leven in te blazen, later blijkt dat de penningmeester tezamen met
H. G. door het land toerde
om hun privé-zaakjes te regelen ( 5 dagen na de vergadering van 2 maart neemt J. voor eigen gebruik van de BWO bankgiro een bedrag op van 10.000 gulden!. Zoals we nu weten is de kas toen de penningmeester het
beheer erover had leeggeplunderd. Op het moment dat wij de kas weer overnamen
was er precies 18 gulden en zeven en negentig cent over! En een gesloten
geldkist je waarvan de inhoud nog onbekend ..).De geplande vergaderingen in maart, april,en mei werden uitgesteld of
gefrustreerd door het afwezig zijn van de penningmeester die het moment waarop
hij de beloofde opening van zaken met betrekking tot de financiën zou geven, op
deze wijze steeds voor zich uit wist te schuiven. We weten nu dat de coupplegers
druk doende waren een schaduwkabinet te vormen om als het moment daar was een
coup te plegen. Dan komt eindelijk de grote dag, woensdag 8 juni 1994 dat er een vergadering
zal plaats vinden waar alle bestuursleden, inclusief de penningmeester, aanwezig
zullen zijn en waar eindelijk de lang verwachte openheid van zaken zal komen.
Wie schetst onze verbazing als J. v Z. en H. G. tezamen, een
kwartier te laat, op het kantoor verschijnen en meteen een motie van wantrouwen
lanceren tegenover de overige drie bestuursleden. Met de grofste leugens,
gestaafd door twee brieven van gevangenen en (ex)gevangenen, beginnen zij te
beweren dat zij de kar van de BWO trekken en nog meer schandalige drogredenen.
(De twee brieven blijken zij achteraf zelf geregisseerd te hebben ... ).
Interessant is om te vermelden dat de twee stagiaires die normaal op
uitdrukkelijk verzoek van het bestuur bij de vergadering aanwezig te zijn, nu
door v Z. waren weggestuurd. Door het gerezen wederzijds wantrouwen had verder vergaderen geen zin en werd
unaniem besloten om de gerezen problemen voor de leggen aan een Algemene
Ledenvergadering, waar volgens de woorden van v Z. de onderste steen boven
zou komen. De datum werd geprikt: 2 juli 1994. Afgesproken werd dat door H. G. de agenda zou worden vastgesteld en dat
J. v Z. de kopij voor de extra editie van het BWO
Nieuws met de convocatie voor de ALV, zou samenstellen en voor verzending zou
zorgen. J. v Z. heeft tijdens de vergadering telefonisch de vergaderruimte
gereserveerd in de Kargadoor te Utrecht. Nu te weten dat ze er alleen maar op
uit waren om deze vergadering niet door te laten gaan, ze hadden er immers juist
geen enkel belang bij nogmaals met een aantal leden te worden geconfronteerd die
openheid van zaken zouden eisen. Achteraf bezien zijn we er met zijn drieën
volledig ingetuind. Ook werd bepaald dat de verzenddatum van de extra editie BWO
Nieuws uiterlijk voor vrijdag 17 juni moest zijn, aangezien anders niet wordt
voldaan aan de termijn gesteld in de statuten voor het oproepen van een ALV.
Vanaf dat ogenblik hebben J. v Z. en H. G. alles in het werk
gesteld om ervoor te zorgen dat de 'deadline' niet zou worden gehaald, zodat voor de grote vakantie geen vergadering kon plaats
vinden. Waarom weet hij nu nog steeds niet, maar De Booij begon achterdocht te
krijgen. Zondagochtend 12 juni belde hij Van der Maal op. Hij zegt aan Van der
Maal:"Stap in mijn auto, we rijden naar Utrecht en gaan de ledenlijst uit de
computer printen" . Een onbestemd voorgevoel maakte zich van hem meester, want
v Z. en G. zouden wel eens de ledenbestanden kunnen wissen. Hadden we
maar meer geluisterd naar deze onbestemde gevoelens. Zo gezegd zo gedaan. De volgende dag, maandag 13 juni had
J. v Z. toegezegd om de financiële
bescheiden aan de voorzitter te overleggen. Wie er op kwam dagen laat zich nu makkelijk raden. Geen
J. v Z.. Dit was de zoveelste
maal dat v Z. zijn toezegging om openheid van zaken te geven niet nakwam. In deze week heeft
G. vele telefoongesprekken met de voorzitter gevoerd.
Van J. v Z. ontbrak ieder spoor. H. G. heeft Van der Maal
medegedeeld dat J. v Z. 16 en 17 juni niet aanwezig kon zijn op het
kantoor voor het aanleveren van de kopij. Hijzelf moest dringend voor zaken naar
Rotterdam (later bleek om zijn ontslagprocedure bij het Rotterdamse Ziekenhuis
aan te vechten) en J. v Z. had een lievelingstante die op sterven lag. We
beschikken over keiharde bewijzen dat v Z. en G. alles in het werk
hebben gesteld om de tijdige verzending van het extra BWO-Nieuws met de
convocatie voor de ALV onmogelijk te maken. Als zij daarin daadwerkelijk
geslaagd waren, dan hadden ze immers de legitimiteit van die ALV achteraf kunnen
betwisten. Wel is H. G. zijn belofte nagekomen om de agenda voor de ALV samen te
stellen. Interessant was wel dat het punt financiën niet op de agenda voorkwam,
het agendapunt waar juist alles om draaide. Openheid van zaken betreffende de financiën van de BWO. Maar ja achteraf
bekeken is het logisch want de kas was al· bijna leeg geroofd. Als wij op het kantoor komen op donderdag 16 juni zijn onze angstige
voorgevoelens uitgekomen. De ledenbestanden waren uit de computer gewist. We slagen er met veel pijn en moeite in om vrijdagavond 17 juni 600
exemplaren van de extra editie van het BWO Nieuws op de post te doen. Dit leidt
tot paniek in het kamp van de oplichters. Er moet nu echt iets gaan gebeuren om
korte metten te maken met de drie bestuursleden die de zwendelpraktijken boven
water willen krijgen. Zelf geven wij op dat moment H. G. nog steeds het voordeel van de
twijfel en fixeren ons alleen op J. v Z.. H. gaat zo ver om ons aan te
sporen aangifte bij de politie te doen tegen J. v Z., omdat het voor hem
nu wel vast staat dat v Z. een oplichter is en er met de kas vandoor is. Hij
zegt tegen Van der Maal dat hij dinsdag 21 juni een afspraak heeft gemaakt met
de stichting stek . Deze stichting is door J. v Z. in 1993 voor grote
bedragen opgelicht. H. wilde wel eens weten wat J. v Z. voor boef
was.(Bij nadere informatie bij de stichting stek blijkt dat ze nog nooit hebben gehoord van
H. G. , allemaal pure leugens om ons zand in de ogen te
strooien. In werkelijkheid waren ze op dat moment samen bezig met het
voorbereiden van de coup, hierbij achter de schermen gesteund door de in
februari niet-herkozen bestuursleden Stevens en Van Welbergen. We blijven wat
betreft G. in onze fase 2 steken: het voordeel van de twijfel! Dan komt de zwarte dag van maandag 20 juni 1994. De dag dat
J. v Z. en H. G. de Voorzitter van de BWO Van der
Maal hebben uitgeschreven uit het verenigingenregister van de Kamer van
Koophandel te Utrecht. Ze behoeven de twee andere op 26 februari gekozen
bestuursleden Govers en De Booij niet uit te schrijven, want J. v Z. had
immers opzettelijk deze bestuursleden niet ingeschreven in maart 1994, ondanks
het feit dat v Z. ons in maart had medegedeeld dat dit geregeld was. J. v Z. hoefde slechts zijn rijbewijs te laten zien en ja hoor de nieuwe
voorzitter van de BWO volgens de KvK werd H. G.. Twee niet herkozen
bestuursleden bleven gewoon ingeschreven te weten Willem-Jan Stevens en Jan van
Welbergen. Zo gemakkelijk gaat dit allemaal in ons kikkerlandje. Met een
pennenstreek wordt je als wettig gekozen bestuur weggeschreven. De Kamer van
Koophandel gaat uit van TE GOEDER TROUW! Van der Maal belt maandag 20 Juni het kantoor van de BWO
op en merkt tot zijn stomme verbazing dat het antwoordapparaat meldt: H. G.
voorzitter en J. v Z. penningmeester met de desbetreffende
telefoonnummers. Erik van der Maal als voorzitter komt niet meer voor op het
bandje. Erik vraagt 's avonds H. G. telefonisch om uitleg. Deze weet
glashard te melden dat er iets moest gebeuren aangezien leden van de BWO
aangifte hadden gedaan jegens van der Maal wegens smaad en laster, en om nu orde
op zaken te stellen hebben ze maar even een kleine bestuurswisseling uitgevoerd.
G. zegt ook nog tegen Van der Maal, we hebben dit gedaan om te zien wat je
reactie zou zijn. Duidelijk om Van der Maal te provoceren in de hoop dat hij
emotioneel zou reageren. Van belang is het nu om precies na te gaan wat er in die week van maandag 20
juni tot 27 juni precies is gebeurd. Dinsdag 21 juni was er een vergadering van de BONJO met als agendapunt: het
vrijwilligersstatuut (o.a. m.b.t het onderwerp oneigenlijk gebruik van
subsidiegelden). J. v Z. die namens de BWO aanwezig zou zijn, schitterde
door afwezigheid. Woensdag 22 juni komt Van der Maal op het kantoor en heeft een gesprek met
G. over de financiën. Jan van Welbergen belt op en krijgt Van der Maal aan
de telefoon. H. neemt het gesprek over en zegt: "Erik is hier op bezoek".
Kort daarna verlaat H. G. het kantoor. Van der Maal merkt bij het
weggaan dat zijn sleutel niet meer in het slot past! Donderdag en vrijdag 23 en 24 juni krijgt Van der Maal van
G. te horen
dat hij J. v Z. niet vertrouwt en vraagt G. aan Van der Maal wederom
om aangifte te doen jegens J. v Z.. Achteraf blijkt dat J. v Z. in
die week bij H. G. logeerde. G. was wel bereid om een sommatiebrief
te ondertekenen, waarin het bestuur v Z. tot 27 juni alsnog de gelegenheid
gaf om met de financiële stukken boven water te komen. H. G. kon dit
gemakkelijk doen want wij zijn het bestuur volgens de KvK niet meer en dus heeft
de brief volgens H. G. geen enkele waarde. Nog steeds leven we in de veronderstelling dat
J. v Z. de grote boef is
en dat H. G. een heldenrol speelt en zich opwerpt om J. v Z. op
heterdaad te betrappen. De bonafide bestuursleden willen en regelen een
bestuursvergadering voor maandag 27 juni 1994 te 16.45 uur. G. belooft
aanwezig te zullen zijn en uit ook tegenover ons zijn bezorgdheid over J. v Z.. Door de stichting stek wordt Van der Maal op de hoogte gebracht van het feit dat de deurwaarder maandag 27 juni om 9 uur 's ochtends
J. v Z. uit zijn huis komt zetten. Van der Maal hoopt nog spullen van de BWO zoals
een computer, een printer, een scanner en natuurlijk de financiële administratie
daar aan te treffen. De vogel is gevlogen, een oud TV toestel en nog wat voedsel is alles wat in de woning aanwezig is. Van der Maal en De Booij gaan naar de Kamer van Koophandel om te zien wie er
ingeschreven staan. Van der Maal had van een open kampster (Petra) op het
kantoor gehoord dat J. v Z. veranderingen had aangebracht in het register,
bovendien deelde Petra hem mee:" ze zijn bezig jou eruit te werken".
Het blijkt nu duidelijk dat de "de bende van vier" (G., v Z.,
Stevens en Van Welbergen) een coup gepleegd hebben. En ons is ook inmiddels
duidelijk wat van elke couppleger de achterliggende motieven zijn geweest. De motieven van
G. worden wel duidelijk uit dit rapport: zie hiervoor de
in het Voorwoord beschreven drie opeenvolgende fasen die een oplichter gebruikt
om zijn doel te bereiken. De motieven van v Z. zijn ook duidelijk: via de coup wil hij nog het
maximale financiële voordeel voor zichzelf bereiken, waarna hij de aftocht kan
blazen, en daarbij zijn medecoupplegers gewetenloos in de steek laat en met de
brokken laat zitten. Het motief van Stevens is simpelweg : het voorkomen dat alsnog het financiële
wanbeleid van de jaren 1991 tlm 1993 (vooral m.b.t. de computer-aankopen en de
zgn. gedeco-giften) aan het licht komt. Begrippen als "kascontrole",
"accountantscontrole" en "onderszoekscommissie " zijn schrikbeelden voor hem
geworden. Stevens hoopt die schrikbeelden voor eens en altijd kwijt te zijn door
de drie bona fide bestuursleden te elimineren. Over Stevens zal een apart
rapport geschreven worden. Het motief van Van Welbergen (die in het geheel trouwens een ondergeschikte meelopersrol speelt) was eenvoudig rancune dat hij in februari niet meer als
bestuurslid herkozen werd. De Kamer van Koophandel deelt ons mede dat we maar via een kort geding moeten
proberen om de zaak weer terug te draaien. Zij stonden machteloos tegenover deze
fraude. Wel erkennen ze dat het geen goede zaak is dat op deze wijze
bestuursmutaties in het verenigingenregister kunnen plaatsvinden: ze zouden
"niet ongelukkig zijn" als dit hiaat in de wetgeving door middel van
reparatiewetgeving gedicht wordt. Zelf zijn wij er nog steeds van overtuigd dat
de Kamer van Koophandel fout zat bij de v Z. op 20 juni 1994 gepleegde
mutatie. Immers: raadpleging van de bij de Kamer van Koophandel gedeponeerde stukken
toont duidelijk aan dat v Z. niet bevoegd was en op eigen houtje
rechtshandeling namens de BWO te verrichten. Bij het kantoor van de BWO aangekomen zien we dat het slot weer is verwisseld
en dat we geen toegang hebben tot ons eigen kantoor. In de tuin vergaderen Van
der Maal, Govers en De Booij. H. G. verschijnt niet en zegt later dat
hij door J. v Z. was weggelokt. J. had hem gevraagd met spoed naar het
station in Arnhem te gaan om een (ex)gedetineerde te spreken die in
moeilijkheden zat. H. zei dat hij niemand aantrof, en het een duidelijk
bewijs was dat J. v Z. hem had weggelokt. Hoe kunnen we toch zo stom zijn om elke keer weer in deze leugens te trappen,
of althans het voordeel van de twijfel te geven. We staan volslagen machteloos. Niemand gelooft ons meer. Ten einde raad doen we op donderdag 30 juni aangifte bij de politie te Baarn
jegens J. v Z. wegens verduistering etc. Dan komt de Algemene Ledenvergadering van 2 juli 1994.
J. v Z. had de Kargadoor gebeld dat de ALV niet door zou gaan. De coupplegers hebben een brief
op 27 juni 1994 verstuurd, ondertekend door de bende van vier, dat Van der Maal
voor het leven was geroyeerd. De brief staat vol met leugens en valse
aantijgingen jegens Van der Maal. De Justitie doet niets en de coupplegers kunnen vanuit het BWO kantoor
opereren, en hoe ongelooflijk het ook moge zijn de pers gelooft hun ook nog.
Niet gehinderd door kennis van zaken denkt men dat registratie bij de Kamer van
Koophandel bepaal wie er in een bestuur zitten, zelfs als deze registratie
onbevoegd en onrechtmatig gepleegd is ... Ten einde raad probeert De Booij in het weekeinde van 2-3
juli om op persoonlijke titel de coupplegers inclusief de advocaat van het team Maarten Zumpolle ervan te overtuigen dat ze in handen zijn gevallen van een
oplichter. We hadden van de zoon van J. v Z. en de stichting Stek in
Amsterdam gehoord wie de ware J. v Z. was. Hij had zelfs bijstandsmoeders
opgelicht. Dit soort mensen heeft het steeds gemunt op de zwaksten in onze
samenleving. Zijn eigen zoon deelde ons mede dat v Z. al meer dan tien jaar
zo aan het werk was, en het verbaasde hem niets dat hij nu bij ons zijn slag
geslagen had. H. G. komt zelfs op zondag 3 juli helemaal naar Baarn om met De Booij over de nieuw ontstane situatie te spreken. Hij kan De Booij
overtuigen dat ook hij ervan overtuigd is dat J. v Z. een oplichter is en
dat hij druk bezig is hem te ontmaskeren. Nu weten we wel beter. In de periode
van 3 juli tot 15 augustus zijn G. en v Z. samen opgetrokken en hebben
vanuit het BWO kantoor rapporten en brieven geschreven die slechts één doel
hadden , namelijk het zwart maken van de drie bestuursleden Van der Maal, Govers
en De Booij, alsmede de door hen weggestuurde stagiaires, waarbij ze er niet
voor terugdeinsden om de meest laffe leugens en aantijgingen en intimidaties te
hanteren. Maandag 4 juli gaan Van der Maal en De Booij naar de advocaat Leijendekker in
Wijk bij Duurstede om te vragen of hij een kort geding wil aanspannen bij de
rechtbank. Begin augustus komt het bericht dat het kort geding zal plaatsvinden
op 7 september 1994. Van de advocaat krijgen we wel een voorschotrekening van
bijna 6000 gulden. Onder de dreiging van een kort geding gaat G. zijn tactiek veranderen.
Hij is slim genoeg om te beseffen dat de coupplegers juridisch geen poot hebben
om op te staan! Via een gevangene in Norgerhaven waar H. G. een goed
contact mee had opgebouwd ,wordt een ontmoeting gearrangeerd tussen G. en
De Booij in het postiljonhotel bij Arnhem. Er wordt daar een akkoord gesloten,
namelijk dat H. op 15 augustus de inschrijving zal wijzigen het wettig gekozen bestuur, met uitzondering van
J. v Z., weer in het register van
de KvK te Utrecht in te schrijven. Op zo'n manier kan hij een kort geding
voorkomen. En op zo'n manier kan hij zich weer tegenover ons geloofwaardig
maken. En ja hoor, we geven hem daardoor weer het voordeel van de twijfel,
stekeblind als we zijn voor alle aanwijzingen die we in het verleden hebben
gehad. Maar het merkwaardige feit doet zich voor dat als iemand uitgaat van
goede trouw, kwade trouw bewezen moet worden. Het lukt ons H. G. maandagochtend op het kantoor te Utrecht te
verrassen. We belden vanuit een telefooncel een straat verderop en zeiden dat we
er aankwamen om de inschrijving door hem te laten verrichten. Hij dacht dat we
in Baarn waren en toen we bij het kantoor aankwamen was hij al bezig om weg te
gaan, maar ja nu moest hij wel met ons mee om zich geloofwaardig tegenover ons
te maken. Zo gezegd zo gedaan: hij heeft ons weer ingeschreven en zijn "kameraad
J. v Z." uitgeschreven alsmede de twee andere coupplegers Jan van
Welbergen en Willen-Jan Stevens. Woensdag 17 augustus hebben we een BWO bestuursvergadering belegd in Baarn,
om vervolgens met de sleutel die G. ons toegezegd had het slot te
veranderen en weer intrek te nemen in het kantoor te Utrecht. H. G. komt
zonder bericht van verhindering niet opdagen. Van Jan van Welbergen horen we
's-middags dat hij op hetzelfde moment op het station in Utrecht zich heeft
moeten verantwoorden tegenover zijn medecoupplegers, v Z.,Stevens en Van
Welbergen. Daar zal een hartig woordje zijn gesproken. Het zou heel interessant
zijn als eens precies uitgezocht zou worden wat er toen precies besproken is.
Tot nu toe beschikken we over twee totaal verschillende versies. We besluiten het kort geding niet te laten doorgaan als
H. G. heeft
voldaan aan zijn toezeggingen. De eis in het kort geding, namelijk het
ongedaan-maken van de onbevoegde bestuursmutatie van 20 juni, is dan immers al
ingewilligd. We geven H. tot donderdag 18 augustus de tijd om alle besluiten
genomen tijdens de bestuursvergadering van 17 augustus met zijn handtekening te
bekrachtigen. Doet hij dat dan wordt hij weer opgenomen als "volwaardig"
bestuurslid. We geven hem voor de zoveelste maal het voordeel van de twijfel! We
zijn na de vergadering van 17 augustus 's-middags naar het BWO kantoor gegaan.
Van tevoren hebben we zowel de politie te Baarn als Utrecht ingelicht over het
feit dat wij weer intrek nemen in het kantoor aan de Sweelinckstraat te Utrecht. Net zitten we aan de koffie of Jan van Welbergen stuift naar binnen onder het
roepen van kreten als: :"is hier braak gepleegd" Even later gevolgd door twee
agenten van politie. Ze waren telefonisch gewaarschuwd dat er op dit adres een
inbraak had plaatsgevonden. Ze zagen al snel dat het loos alarm was. We weten nu
pas wat er werkelijk gebeurd is. Net toen we binnenkwamen na het slot te hebben
uitgeboord, (we moesten wel omdat H. ons de sleutel niet had gegeven) ging de
telefoon. Het bleek Willem-Jan Stevens te zijn. Hij was natuurlijk stomverbaasd
ons daar aan te treffen. Hij heeft toen in allerijl H. G. gebeld, die op
zijn beurt de politie te Utrecht heeft gebeld met de mededeling dat er in het
kantoor aan de Sweelinckstraat was ingebroken. Tevens Jan van Welbergen
telefonisch gevraagd om onmiddellijk naar het kantoor te gaan met een taxi om te
zien wat daar aan de hand was. Ze hoopten dat we bezig waren met geweld toegang
tot het kantoor te forceren. Net te laat want de politie kan geen sporen van
braak ontdekken. Dezelfde avond zijn we naar Nijmegen gereden om H. een sleutel te geven
van het nieuwe pand en hem te vragen alle stukken te ondertekenen. Dit heeft hij
inderdaad gedaan, alsmede een bewijs van ontvangst voor de certificaatsleutel.
H. ondertekent o.m. het volgende stuk: aangetekend schrijven waarin W.J
Stevens voor de laatste maal gesommeerd wordt om een overzicht te geven van wat hij in de laatste jaren
aan computers en aanverwante artikelen op kosten van de BWO had aangeschaft
(Deze apparatuur was door Willen-Jan Stevens maar liefst voor een ton verzekerd,
zonder dat we daar in het Bestuur iets van wisten). 18 augustus 1994 hebben we een persbericht doen uitgaan dat
het kort geding niet doorgaat en dat een onderzoekscommissie zich gaat buigen
over de perikelen BWO 1994. Als we tezamen met H. G. op 19 augustus een werkbespreking hebben
over wat ons nu te doen staat worden we gebeld vanuit Driebergen. De firma Hoek
zei ons dat er nog een rekening voor een huurauto openstond van 9000 gulden. Het
bleek dat J. v Z. namens de BWO sinds februari in dure huurauto's door het
land heeft gereden. G. zegt glashard dat hij hier niets van wist maar dat
hij wel op 17 augustus bij hem thuis gezegd had dat we maar eens moesten
informeren bij de firma Hoek te Driebergen. Het was weer de zoveelste leugen.
Hij wist al die tijd al dat J. v Z. zonder toestemming van het bestuur in
dure huurauto's reed. Zoals we in ons verslag van 13 september al hebben
beschreven hebben we een val voor J. v Z. gezet en hem door de politie
laten arresteren toen hij zijn huurauto kwam inruilen voor een duurdere wagen.
De politie heeft hem nog dezelfde dag laten gaan. Volgens de politie viel het
allemaal wel mee, hij zou de hele financiële administratie bij de Reclassering te Den Bosch brengen en de volgende week
openheid van zaken aan de politie geven. Die wacht nog steeds op v Z. ...
Hij had ook nog fl 16.000 op de rekening staan, en was in staat om alle uitgaven
te verantwoorden. We hoorden het bericht van de arrestatie tijdens de bestuursvergadering van
25 augustus (De Booij's zeventigste verjaardag werd in de pauze uitbundig
gevierd). We hebben een foto van het Bestuur met feestmutsen op inclusief H. G., een waarlijk unieke opname).
G. was op de vergadering gekomen omdat Van der Maal heel slim op
de
agenda had gezet onder punt 26: declaraties van bestuursleden die nog geld
tegoed hebben . ("waar het aas is, daar zullen de gieren zich verzamelen"). Hij diende dan ook prompt een A4tje in met een declaratie van 4000 gulden
echter zonder nota's of andere specificaties. Maar voordat we aan punt 26
toekwamen moesten de bestuursleden nog een aantal brieven ondertekenen. Dat J. v
Z. er met de kas van door is, dat de leverancier van de computers , de
firma Impulce te Amsterdam aan ons een overzicht moest sturen van wat Stevens
allemaal bij hun heeft aangeschaft (nog steeds hebben we dit overzicht niet
gekregen, rara hoe zou dat kunnen! Impulce heeft het wel meerdere malen
toegezegd!). Ook een brief gericht aan de vroegere penningmeester Ida Janssen-Andeweg om
alle financiële bescheiden aan ons te overhandigen uit de vorige jaren en
tenslotte ook een brief met het bestuursbesluit om Willem-Jan Stevens als BWO
lid voor het leven te royeren. Deze brieven werden unaniem door alle
bestuursleden gefiatteerd en ondertekend, dus ook door G.. Inmiddels komen de vele rekeningen binnen, die op rekening van de PTT en de
KvK na, allemaal door de stichting Democratisering Gevangeniswezen (DGW) betaald
zijn. (totaal ruim f 15.000 gulden). Tevens hebben we besloten om de huur op te
zeggen, want de kas was leeg en we konden de huur niet meer betalen. uit de
bankafschriften die we hebben mogen ontvangen over het gehele jaar bleek dat
door v Z. al dan niet met medeweten van H. G. maar liefst 40.000
gulden was verdwenen. 5 september hebben we het kantoor ontruimd. We vragen wederom aan de OVJ om
onze aangifte nu eens werkelijk serieus te willen nemen. 13 september is er weer een bestuursvergadering.
G. heeft afgezegd want