De Uranische Vijfster, Nieuwsbrief nummer 12. Baarn, 1 Maart 2002, tijdperk Vissen

Stichting Democratisering Wetenschap en Astrologie aan Stichting Vulcanus

Vervolg Uranische Vijfster Nieuwsbrief 10

C. De Indo-Europese invasie in de periode van 4300 - 1000 v Chr.
Verstoring van de oude Neolithische culturen door stammen, die vanuit het Noorden en Oosten in Zuid Europa en het Nabije Oosten binnenvallen. Het begin van de mannenmaatschappij, die met horten en met stoten er in slaagt om de samenlevingen voor wie de Moeder God centraal stond te overmeesteren

This masculine world ìs that of the Indo-Europeans, which did not develop in Old Europe, but was superimposed upon it. Two entirely different sets of mythical images met.(…) The study of mythical images provides one of the best proofs that the Old European world was not unobstructed line of development to the modern Europeans. The earliest European civilisation was savagely destroyed by the patriarchal element and it never recovered, but its legacy lingered in the substratum which nourished further European cultural development The Old European creations were not lost; transformed , they enormously enriched the European psyche.

Dit citaat uit het belangwekkende boek van Marija Gimbutas (p.238) zal de leidraad worden voor onze volgende nieuwsbrieven.
Het is nog onzeker waar deze Indo-Europese stammen vandaan kwamen. Sommige geleerden denken dat ze kwamen uit het gebied rondom de Zwarte Zee en de Kaukasus. Het waren vermoedelijk nog gedeeltelijk nomaden, die leefden van de jacht en de visserij, mogelijk ook dat zij begonnen met een primitieve vorm van veeteelt en landbouw. Zij beschikten over paarden en tweewielige strijdwagens waardoor ze zich snel konden verplaatsen. Ook beschikten zij over bronzen en later ijzeren wapens. Het waren echte krijgers. Zij werden vergezeld door een priester kaste van hoog aanzien Ze hadden een gemeenschappelijke taal de proto Indo-Europese taal.
Het eerste teken van deze Indo-Europese invasie wordt door Gimbutas aangegeven als de eerste Kurgan invasie in Zuid Europa. Zij zegt hierover:

The Old European and Kurgan cultures were the antithesis of one another, The Old European were sedentary horticulturalists prone to live in large well-planned townships. The absence of fortifications and weapons attests the peaceful coexistence of the egalitarian civilisation that was probably matrilinear and matrilocal (red dat is dat de man na het huwelijk bij de familie van de vrouw intrekt).

The Kurgan system was composed of patrilineal, socially stratified, herding units which lived in small villages or seasonal settlements while grazing their animals over vast areas. One economy based of farming, the other on stock breeding, produces two contrasting ideologies. The Old European belief system focused on the agricultural cycle of birth, death and regeneration, embodied in the feminine principle a Mother Creatrix. The Kurgan ideology, as known from comparative Indo-European mythology, exalted virile, heroic warrior gods of the shining and thunderous sky. Weapons are nonexistent in Old European imagery; whereas the daggar and battle-axe are dominant symbols of the Kurgans, who like all historically known Indo-Europeans, glorified the lethal power of the sharp blade".

Er zijn theorieën, die aannemen dat klimatologische en/of vulkanische uitbarstingen er voor gezorgd hebben dat de Indo-Europese volken uit hun gebied werden verdreven. Ook wordt het wel in verband gebracht met grote overstromingen ten gevolge van het afsmelten van de terugtrekkende gletschers, die er voor hebben gezorgd dat aan het eind van het Pleistoceen de zeespiegel rond 100 meters zou zijn gestegen. Rond 5600 v.Chr. zouden grote vloedgolven zich een weg hebben gebaand door de smalle doorgang van de Bosporus en op die manier de vruchtbare gronden rond de Zwarte zee en de Kaspische zee hebben overstroomd. Dit zou dan de oorzaak kunnen zijn geweest voor grote migratie.

De Indo-Europese volken beschouwden zich als superieure wezens. Zij hadden Goden die uit de hemel kwamen. Zij werden voorgesteld als een storm god zittend op een hoge bergtop, met donder en bliksem. Zeus op de Olympus of Wotan in de Walhalla. Dit in scherp contrast met de Moeder Godin die voortkwam uit de aarde. Zij brachten het licht dat het symbool was van het goede in tegenstelling tot de duisternis van het kwade van de Moeder Godin. Hun huid was licht gekleurd itt. tot de donker gekleurde mensen uit het mediterrane gebied (In India kwamen de Indo-Ariers die binnenvallen waar de donker gekleurde Dravidians leefden)

We zullen ons in deze strijd om de macht beperken tot twee gebieden: Griekenland en Israël . Vooral aan de verandering van de symbolen van beide culturen vastgelegd in mythen geven een goed inzicht in de ontwikkeling van het matriarchaat naar het patriarchaat.

Griekenland
Het zijn de Mycenen, die rond 1900 v Chr. vanuit het noorden Griekenland binnen vielen.De Mycenen stichten o.a de belangrijke stad Mycene met de beroemde koning Agamemnon aan het hoofd. Hun steden waren omringd door dikke muren. Zij veroverden rond 1450 v Chr de Minoïse beschaving op Kreta. Toch hebben zij veel van deze hoge beschavingscultuur overgenomen. We willen even stil staan bij dit feit want door recente geologische en archeologische vondsten heeft het er alle schijn van dat het verdwijnen van deze hoge beschaving van Minoers is veroorzaakt door een gigantische vulkanische uitbarsting.

75 km ten noorden van Kreta liggen twee eilanden Thera en Therasia, samen onder de naam Santorini, liggen de resten van een geweldige vulkanische uitbarsting. Reeds 2 miljoen jaar is dit gebied in de Aegische zee een haard van aardbevingen en vulkanische uitbarstingen. Santorini is het meest actieve van de zuid Aegische vulkanische zone. Deze zone is 500 km lang en 20 tot 40 kilometer breed. Het is gekarakteriseerd door aardbevingen op dieptes van 150-170 km. We hebben hier te maken met een zone waar een Afrikaanse korst duikt onder de Eurasische korst met een snelheid van 5 cm per jaar in noordoostelijke richting. Voor onze menselijke geschiedenis is de belangrijkste uitbarsting geweest de Minoïsche uitbarsting. Volgens de geologen heeft de uitbarsting rond 1645 v Chr. plaats gevonden. Dit in tegenstelling met de aanname door de archeologen en historici, die steeds de ouderdom van 1467 v Chr. aanhouden, terwijl zij beide de zelfde verschijnselen en verbanden trekken. Voor de uitbarsting was het vermoedelijk een vulkaan van ongeveer 1500 meter hoogte. De uitbarsting is vergelijkbaar met de uitbarsting van de Krakatau in 1883, alleen waarschijnlijk 4 maal zo hevig. Het was een van de grootse uitbarstingen in de recente geschiedenis. Geweldige massa van 30-40 kubieke meters van rhyodactische magma zijn uitgestoten. Na de uitbarsting is de magma kamer ineen gestort en heeft de tegenwoordige vorm gekregen. De uitbarsting bereikte een hoogte van bijna 40 kilometer en heeft ervoor gezorgd dat enorme hoeveelheden op de aarde zijn neergedaald. Op de Satorini eilanden heeft een dikte van 50 meter as en puimsteen gemeten. In 1969 hebben archeologen op het schiereiland van het eiland Thera een belangrijke havenstad gevonden met goed bewaarde prachtige muur schilderingen. Ook de omringende gebieden werden met een hele dikke laag as bedekt. Maar misschien nog het ergste waren de door de uitbarstingen en aardbevingen veroorzaakte vloedgolven van tientallen meters hoog (tsunami's). De kustplaatsen van Kreta werden door deze golven vernietigd. Het enige wat de golven heeft gespaard is het paleis bij Knossus, omdat het op een hoger gelegen plaats was gelegen en niet door de golven werd overspoeld. Door de bedekking van geweldige as laag werd de landbouw vernietigd en ontstond een grote hongersnood. De handel en visserij lagen ook stil omdat de gehele vloot door de golven was vernietigd. De overgebleven bevolking was dusdanig verzwakt, dat de Mycenen de macht over het eiland wisten te verkrijgen.

Men heeft nu het vermoeden dat het weggezonken gebied ten gevolge van de vulkanische uitbarsting overeen komt met het door Plato beschreven gebied van de Atlantis. Hij beschreef in zijn dialogen Timaios en Kritias rond 335 v Chr. een eiland dat in de Atlantische oceaan dichtbij de straat van Gibraltar zou hebben gelegen en dat 9000 jaar daarvoor zou zijn vernietigd en door de oceaan zijn verzwolgen.
Tijdens zijn bezoek aan Egypte heeft Solon in 590 v Chr. verhalen over de Atlantis gehoord en opgeschreven . Plato heeft deze verhalen opgenomen in zijn geschriften. Solons woorden zijn helaas verloren gegaan.

We citeren uit Timaios p.13

Kritias: Wil je dan luisteren , Sokrates, naar dit erg gekke verhaal, dat toch volkomen waar is , zoals Solon, de uitblinker van de Zeven Wijzen eens heeft gezegd. Nu was Solon een verwant en een heel goede vriend van mijn overgrootvader Dropides. Hij vertelde aan mijn grootvader Kritias- die helaas oude man op zijn beurt voor mij ophaalde - dat onze staat in vroegere dagen enorme wonderbaarlijke prestaties had verricht, maar dat die door de tijd en het uitsterven van de mensen in vergetelheid is gebracht.

In Egypte hoorde Solon van een priester over een machtig rijk, dat op een eiland in de Atlantische oceaan zou zijn gevestigd. Poseidon heerste over dit gebied. De naam van dit eiland en de omringende oceaan werd gegeven naar zijn eerstgeboren zoon Atlas. In het begin was het een vreedzaam volk met een hoge trap van beschaving. Echter na 1000 jaar werd de bevolking corrupt en hebzuchtig.. Ze trokken ten strijde tegen de Grieken. Ze werden echter door de Grieken verslagen. God besloot daarop om hen te vernietigen. Door een geweldige aardbeving die gigantische golven veroorzaakte werd het eiland vernietigd en zonk het in de oceaan weg om nooit meer boven te komen.
Er zijn duidelijk aanwijzing in de geschriften van Plato, die er op wijzen,. dat hij een beschrijving geeft van een gebied ten noorden van Kreta. Archeologische vondsten tonen aan dat de Minoïsche cultuur zich uitstrekte niet alleen tot Kreta, maar ook de eilanden ten noorden van Kreta in de periode 3000-1450 v Chr.
Er zijn ook nog mensen die geloven dat Atlantis ligt nabij de Azoren en dat de eilanden de bergen zijn van het verzonken continent, maar gezien recente vondsten is dit zeer onwaarschijnlijk. Uiteraard zijn in de geologische geschiedenis op vele plaatsen op de aarde door vulkanische uitbarstingen grote gebieden door de zee, inclusief hun bevolking verzwolgen, waarvan de Krakatau het meest recente voorbeeld is.
De geoloog Tom Pfeiffer heeft in zijn website een aantal argumenten aangevoerd, die het zeer waarschijnlijk maken dat Atlantis slaat op de geschiedenis van het eiland Santorini in de Aegische zee.
 

  1. Plato heeft het over een cirkelvormig eiland met concentrische structuren dat geheel overeenkomt met de reconstructie van het cirkelvormige eiland voor de grote uitbarsting.
  2. De datum van 9000 jaar geleden, dat Atlantis zou zijn verzwolgen moet waarschijnlijk 900 jaar zijn. Waarschijnlijk een vergissing van Solon, die het oude Egyptische getallen systeem misschien verkeerd heeft geïnterpreteerd. Plato leefde in ca 300 v Chr. en Solon reisde naar Egypte 300 jaar. Hetgeen overeenkomt met het feit dat de uitbarsting van Santorini heeft plaats gevonden.
  3. De archeologische vondsten op het eiland Thera wijzen er op dat voor de uitbarsting een goed ontwikkelde rijke oligarische mariene cultuur heeft bestaan, met een intensieve handel en scheepvaart. Er zijn geen lichamen gevonden, want volgens de geologen hebben enkele maanden voor de grote uitbarsting kleine uitbarstingen plaats gevonden. Men heeft een as laag van 1-4 cm teruggevonden. De bewoners zijn toen klaarblijkelijk gewaarschuwd voor het naderende onheil.

Het samenvallen van geologische, klimatologische omstandigheden die geleid hebben tot het verdwijnen van de beschaving is ons inziens met het verhaal van de uitbarsting op Santorini duidelijk aangetoond. In dit geval van het einde van de Minoïsche cultuur.
Op hun beurt is de Myceense beschaving eveneens ten onder gegaan, en wel na de veroveringstocht tegen de machtige stad Troje. Deze 10 jaar durende strijd is vastgelegd in een aantal mythen, die zijn vastgelegd door Homerus en zijn onsterfelijke Ilias en Odyssee. Alhoewel Troje met de grond gelijk werd gemaakt is het met hun beschaving bergafwaarts gegaan. Door opgravingen heeft men kunnen vaststellen, dat Troje inderdaad heeft bestaan en rond 1250 v Chr. door de Mycenen werd verwoest. Er zijn verschillende oorzaken aan te wijzen voor het verdwijnen van deze Myceense cultuur. Volgens de geleerden is het waarschijnlijk een combinatie geweest van verschillende oorzaken: economische factoren, klimaatsveranderingen, interne sociale opstanden, invasie van andere volken.
De steden liepen leeg, tot zij in 1110 v Chr. geheel verlaten waren. Er kwam toen uit het Noorden weer een nieuwe golf van Indo-Europese stammen en wel van de Doriers. Zij waren niet geïnteresseerd in de steden, maar leefden in kleine agrarische samenlevingen. Deze tijd werd de donkere eeuwen genoemd, die duurde van 1100-800 v Chr. De Doriers worden beschouwd als de voorbode van de klassieke Griekse beschaving. De Dorische tijd duurde van 1100 tot 750 v Chr.
We zullen ons niet verder verdiepen in de geschiedenis van Griekenland, maar in de religie en vooral hun mythen, omdat deze ons heel duidelijk laat zien hoe met horten en stoten de matriarchale samenleving werd vervangen door het patriarchaat.
Een heel duidelijk voorbeeld van deze overgangsfase vinden we terug in de het Griekse drama Orestes geschreven door Aeschylus (525- 456 v.Chr.). Ook Sophocles (496-406) in samenwerking met Euripides(480-405) hebben deze mythe verwoord. Maar we beperken ons in eerste instantie tot die van Aeschylus. In het tweede millennium was een van de machtigste Myceense steden Argos in de Peleponessus. Twee broeders Atreus en Thyestes streden om de macht van Argos. Thyestes heeft de vrouw van zijn broer Astreus verleid. Atreus heeft zich gewroken door de twee zonen van Thyestes te vermoorden en hun gebraden vlees tijdens een banket op te dienen waar hij zijn broer had uitgenodigd. Nadat Thyestes er heerlijk van had gegeten, zag hij een andere schaal die op bevel van Atreus was binnengedragen, met daarop de bloederige hoofden, voeten en handen van zijn zonen. Hij verliet Argos en nam zijn zoon Aegisthys mee en voedde hem in zijn verbanning op. Er kwam een vloek te liggen op de familie van Atreus. Agamemnon, de oudste zoon van Atreus nam de troon van Argos over van zijn vader. Zijn broer Menelaus kreeg later de heerschappij over Sparta van koning Tyndareos. De vrouw van Tyndareos Leda werd door Zeus, vermomd als zwaan, verleid. Zij kreeg een tweeling Helen en Clytemnestra.
Agamemnon trouwt met Clytemnestra . Zij krijgen drie kinderen Iphigenia Elektra en Orestes. (Volgens Sophocles was er nog een derde dochter Chrysothemis). Toen Agamemnon naar Troje vertrok voor zijn krijgstocht, heeft hij om de goden gunstig te stemmen, zijn dochter Iphigenia geofferd. Nu was het de tijd voor Aegisthys, zoon van Thyestes, om wraak te nemen tegen Agamemnon, de zoon van Atreus. Tijdens de afwezigheid van Agamemnon wist Aegisthys zijn geliefde Clytemnestra voor zich te winnen. Ook zij wilde wraak, omdat haar man haar dochter had geofferd. Toen Agamemnon terugkeerde van zijn krijgstocht naar Troje, heeft ze samen met Aegisthus haar man in het bad vermoord. Aegisthus nam de macht over van Argos. Electra, de dochter van Clytemnestra, samen met haar broeder Orestes, zonnen op wraak op hun moeder die hun vader had gedood. Orestes groeide op in het land van Phokis. Na jaren kwam hij terug en wist hij samen met zijn zuster hun moeder Clytemnestra en haar vriend Aegisthus te vermoorden.
Door zijn daad kwam Orestes in de macht van de wraakgodinnen. Deze waren de godinnen van de oude religie van de Grote Moeder, die in de Myceense tijd toch nog een zeker invloed behielden. De oorspronkelijke taak van deze godinnen was om drie zonden te bestraffen, de belangrijkst was dat men geen familie leden mag doden die in met elkaar verwant zijn in de moederlijke lijn. Zij waren dus de beschermers van het matriarchaat. Zij bestraften dus iedereen die de afstamming via de moeder in gevaar brachten. Dus was het een doodzonde dat Orestus zijn moeder heeft vermoord.
Deze wraak godinnen werden door Aeschylus, de kinderen van de nacht genoemd. Robert Graves noemt de namen van de wraakgodinnen Alekto, Megaira en Tisiphone. Drie onsterfelijke zwarte maagden met slangen in hun haar. In de matriarchale religie werden zij als rechtvaardig voorgesteld, terwijl in de patriarchale religie zij weerzinwekkende godinnen waren, die wreed en bloeddorstig waren. Wanneer een moeder was beledigd, of vermoord, kwamen zij uit de onderwereld en namen zij wraak door de zondaar krankzinnig te maken of te doden.
In het drama Orestes wordt de patriarchale god Apollo ten tonele gevoerd, die met zijn orakelspreuk Orestes had bevolen om de dood van zijn vader te wreken door zijn moeder te doden. De opvattingen van Apollo betreffende de positie van de vrouw liegen er niet om. Apollo zegt dat kinderen niet zijn gerelateerd aan hun moeder. Zij zorgt alleen voor de groei van het zaad, dat de man er in heeft gebracht. We citeren uit het drama

Apollo: This it too I answer; mark the truth of what I say
The mother is not the true parent of the child
Which is called hers. She is a nurse who tend the growth
Of young seed planted by its true parent, the male.
So, if Fate spares the child, she keeps it, as one might
Keep for some friend a growing plant. And of this truth,
That father without mother may beget, we have
Present, as proof, the daughter of Olympian Zeus:
One never nursed in the dark cradle of the womb;
Yet such a being nor dog will beget again. (p.169-170)

Orestes wordt in het derde deel van het drama voor het gerecht gesleept en moet zich verantwoorden voor de moord op zijn moeder. Er zijn 12 rechters. Bij de stemming blijken er zes stemmen voor Orestes en zes stemmen tegen Orestes. De Godin Athene moet nu de beslissende stem afgeven en we citeren uit het drama: Even verderop in het drama van Aeschylus doet Athene er nog een schepje boven op:

Athene : My duty to give the final vote. When your
Are counted, mine goes to uphild Orestes plea.
No mother gave me birth. Therefore the father's claim
And male supremacy in all things, save to give
Myself in marriage, wins my whole heart's loyalty.
Therefore a womans 's death, who killed her husband, is
I judge, outweighed in grievousness by his. And so
Orestes, if votes are equal, wins the case.
Let those appointed bring the urns an count the votes.

Dit is duidelijke taal die laat zien dat Athene wel een heel andere rol speelt als in de Moeder Godin religie! Maar haar woorden en die van Apollo zijn twee duizend jaar later weer terug te vinden bij de wetenschapper Herbert Spencer (1820-1903):

"vrouwen zijn niet meer dan broedmachines van het mannelijk zaad!"

De Wraakgodinnen die de oude orde vertegenwoordigen spreken, na het gunstig vonnis van Orestes, hun afgrijzen uit:

The old is trampled by the new!
Curse on you younger gods who override
The ancient laws and rob me of my due!

In dit verband is het interessant om te zien hoe de figuur van Athene een transformatie heeft doorgemaakt. In de oude Moeder Godin religie werd het kind uit de moeder geboren zonder tussenkomst van de man, terwijl in de patriarchale religie het mogelijk is dat een vrouw werd geboren uit de man zonder tussenkomst van de man, zoals bij Athene die uit het hoofd van Zeus is gekomen en dus geen moeder had.
In oude religie speelt de Godin Athene een belangrijke rol. Wie was die Athene vroeger dan?
Athene vormde samen met Medusa en Metis de drie aspecten van dezelfde godin Anatha. Athene vertegenwoordigde de nieuwe man, Metis de volle man en Medusa de donkere fase van de man. (in de oude religie onderscheidde men drie fasen van de maan terwijl in de latere religie men vier kwartieren van de maan onderkenden). Athene was tezamen vroeger met Medusa geassocieerd met vrouwelijke wijsheid. Athene was de eeuwige maagd verbonden met de nieuwe maan en vertegenwoordigt de vrouwelijke moed kracht en waardigheid. In de patriarchale wereld worden Athene en Medusa elkaars rivalen! Poseidon in de vorm van een paard veroverde Medusa in een van de tempels ter ere van Athene. Zij beviel van een tweeling. Dit wekte de woede op van Athene. Waarschijnlijk jaloers op de seksuele uitspatting van Medusa, omdat Athene prat op haar maagdelijkheid ging en daardoor een machtige plaats op de Olympus had weten te veroveren. Anderen zeggen weer dat Medusa zich durfde te meten met de schoonheid van Athene. Ook Poseidon was een rivaal van Athene, want hij wilde haar leiderschap van Athene overnemen. Poseidon was verbitterd en zond geweldige vloedgolven naar de Phriasian vlakte waar de stad van Athene stond. Om zijn toorn tevreden te stellen gebood Athene dat de vrouwen van Athene het stemrecht werd ontnomen en werd het de mannen verboden om hun moeders naam te dragen. In de patriarchale tijd werd Medusa voorgesteld als een gevleugeld monster met priemende ogen, grote uitstekende tanden, uitgestoken tongen, kopere klauwen en haren als slangen. Als men haar gezicht zag veranderde men in steen. Perseus de zoon van Zeus weet met oa de hulp van Athene het hoofd van Medusa er af te slaan en geeft het hoofd van Medusa aan Athene die het heeft bevestigd op haar schild.
Athene is dus eigenlijk een verrader van haar oorspronkelijke religie. Ze heeft zich nu verenigd met de zonnegoden en probeert ten strijde te trekken tegen alle invloeden en symbolen van de oude religie.
Tot zo ver de versie van Aeschylus. In zijn boek the Greek Myths gaat Robert Graves nader in op de oorsprong en duiding van de mythen van Agamemnon, Ageithus, Clystemnestra en Orestes en zegt daarvan dat de dramatische vormen die de Griekse toneel schrijvers als Aeschylus, Sophocles en Euripides er aan hadden gegeven de oorspronkelijke verhalen vrijwel zijn uitgewist. Een aantal matriarchale elementen zijn duidelijk vertekent. De dood van Agamemnon symboliseert de offerdood van een heilige koning in de midzomer in de oude Moeder Godin religie.. De Godin ter ere van wie Agamemnon werd geofferd verschijnt in de gedaanten van zijn drie dochters Electra, Iphigeneia en Chrysothemis

De Goden van de Olympus hebben een compromis gezocht in het matriarchale en het patriarchale principe door de heilige familie te laten bestaan uit zes godinnen en zes goden. Pas toen Athena werd geboren uit het hoofd van Zeus was de balans naar het patriarchaat doorgeslagen. Dionysis een andere god werd geboren uit de dij van Zeus en neemt de plaats in van Godin Hestia in de heilige raad.
Ook het verschil komt tot uiting bij de twee zusters .Chrysothemis, die de moeder meer verdedigt althans niet wil meewerken aan haar dood en Electra die duidelijk de zijde van de man heeft gekozen door samen met Orestes haar moeder te vermoorden. Het is opmerkelijk dat in het drama van Aeschylus de zuster Chrysothemis niet bestaat, terwijl in het drama Electra van Sophocles en Euripides een zeer belangrijke rol speelt. Zou het zo kunnen zijn dat Aeschylus dit matriarchale element niet zag zitten?

We willen eindigen met een citaat van Sheila Collins, aangezien dit heel goed weergeeft wat er eigenlijk aan de hand is als een theologisch concept wordt vervangen door een ander theologisch concept.:

Theology is ultimatly political. The way human communities deify the transcendent and determine the categories of good and evil have more to do with power dynamics of the social systems which create the theologies than with the spontaneous relevation of truth from another quarter.

In de volgende nieuwsbrief zullen we zien hoe de matriarchale cultuur door de inval van de Hebreeën wordt onderdrukt en vernietigd.

Gebruikte literatuur
Aeschylus The Oresteian Trilogy. Vertaald door Philip Vellacott. Penguin books
Collins,Sheila (1974) A Feminist Reading of History. Radical Religion Journal. Berkeley, Califormia, p.12-17 Eisler, Riane (1987) The Chalice & the Blade. HarperSanFrancisco. ISBN 0-06250289-1
Gimbutas , Marija (1989) The Language of the Goddess. Thames & Hudson.ISBN 0-500-28249-8
Gimbutas, Marija.(1996) The Goddesses and Gods of Old Europe 6500-3500 BC. Myths and Cult Images. University of Californian Press. ISBN 0-250-04655-2
Gimbutas, Marija (1999) The Living Goddess. Univ. of California Prees. ISBN 0-250-22915-0
George Demetra (1992) The Mysteries of the Dark Moon: the Healing power of the Dark Goddess HarperSanFrancisco. ISBN0-06-250370-7
Graves , Robert (1955) The Greek Myths. Penguin classics
Graves, Robert (2001) The White Goddess. Farrer, Straus , and Giroux , New York.36 ste druk
Haas, G. de ( 1994) Publieke Religie. Uitg. Ten Have b.v., Baarn. ISBN 00 259 4515 5
Mallory(1989) In Search of the Indo-Europeans. Thames & Hudson. ISBN0-500-27616-1nstPlato Timaios- Markale, Jean (1997) The Great Goddess.
Reverence of the Divine Feminine from Paleolithic to the Present. Inner Traditions, Rochester, Vremont. ISBN 0-89281-715-1
Plato, Timaios - Kritias. Vertaling in Nederlands door Hans Warren en Mario Molengraaf., 2000 Bert Bakker Uitg.ISBN 90 531 18707
Stone, Merlin ((1976) When God was a Women. Harvest/Harcourt Brace edition ISBN 0-15-696158-X

Internet:
Tom Pfeiffer(2001) Santorini Decade Volcano (met o.a zeer uitgebreide literatuur lijst)