De Uranische Vijfster, Nieuwsbrief nummer 3
.Baarn, 24 November 2001, tijdperk VissenStichting DWA aan Stichting Vulcanus
Het verschijnsel van de precessie van de seizoenspunten
Hoe verklaren we tegenwoordig dit verschijnsel van de precessie van de seizoenspunten? De aarde kunnen we het beste vergelijken met een tegen de wijzers van de klok draaiende tol, die niet rond is maar een afplatting aan de top heeft en een uitstulping aan equator (de diameter in het gebied van de equator heeft een grotere diameter dan in de poolgebieden en wel 21 kilometer). De aardas maakt een hoek met het vlak van de ecliptica. De maan en de zon oefenen krachten uit op de aarde tengevolge hiervan is de aardas niet steeds op hetzelfde punt in de hemel gericht en maakt deze as een kleine cirkel. Het wiebelen van de as van een draaiende tol met een tegengestelde richting als de draaiing van de aarde, dus nu met de klok mee. De tijd die deze as rondom de noordpool hemelpool beschrijft duurt bijna 26.000 jaar. Tegenwoordig wijst de aardas ongeveer naar de Poolster (Polaris). 5000 jaar geleden was hij gericht op de ster Thuban van het sterrenbeeld de Draak.
De precessie verschuiving is ook van toepassing op de dierenriem. Het lentepunt is het punt waar de ecliptica , of de baan van de zon, de celestische equator snijdt. Het is de positie waar de zon staat op de eerste dag van de lente 21 maart. Dit lentepunt wordt dan gezien tegen de achtergrond van de sterrenbeelden van de dierenriem. Tengevolge van de precessie verschuift dit lentepunt in westelijke richting (met de wijzers van de klok mee). Het lentepunt verschuift één graad in ongeveer 72 jaar (exact 71.6) en voor een teken van de dierenriem dus 30 x 71,6 = 2148 jaar en voor de hele dierenriem 12 x 2148 = 25,776 jaar (Het Kosmische Grote Jaar). 6000 jaar geleden was het lentepunt in Tweelingen, het bewoog daarna naar de Stier, Vissen en over enkele honderden jaren komt het lentepunt in Waterman te liggen. Hier volgt de tabel van de verschillende lentepunten tov. de dierenriem
AD 2369 1e graad Vissen (begin Waterman tijdperk)
,, 0221 ,, Ram (exact 5 uur, 27 minuten en 40 seconden)
BC 1927 ,, Stier
,, 4075 ,, Tweelingen
,, 6223 ,, Krab
,, 8371 ,, Leeuw
,, 10519 ,, Maagd
,, 12667 ,, Weegschaal
,, 14815 ,, Schorpioen
,, 16963 ,, Boogschutter
,, 19111 ,, Steenbok
,, 21259 ,, Waterman
,, 23407 ,, Vissen
,, 25555 ,, Ram
De equinoxen waren voor de vroegere mensen heel belangrijk het gaf de seizoenen aan, ook bepaalden zij de vierhoeken van de aarde. Ze wisten toen nog niet dat de aarde een bol was. Het is erg belangrijk om dit goed te realiseren bij het bestuderen van de mythen van de vroegere mensheid.
De Griekse astronoom Hipparchus was de eerste die in 128 v. Chr de precessie ontdekte. Beter om te zeggen herontdekte want het staat wel vast dat vroegere culturen met de precessie rekening hebben gehouden..Hipparchus vergeleek zijn metingen aan de sterren met die van de oude Egyptische en Babylonische astronomen en ontdekte op die manier het verschijnsel van de precessie van de seizoenspunten.
Er is ook nog een ander natuurverschijnsel, waaraan men de precessie kan
bepalen, namelijk de Melkweg als referentiepunt. De Maya's berekenden de
precessie op basis van de waargenomen beweging van het december solistitum-zon
als voorgrond in de richting van de Melkweg als achtergrond. Het Galactisch centrum van de melkweg was daarbij een cruciaal referentiepunt
voor de precessionele verandering. Dit centrum is gelegen in het brede deel van
de Melkweg in de buurt van de Boogschutter. Zij zagen dit als de baarmoeder van
de hemel, de bron van de schepping. Ook gebruikten de Maya's nog een andere
methode voor het bepalen van de precessie. Behalve de vier seizoenspunten zijn er
nog de zenit punten als voorgrond met het sterrenbeeld van de Plejaden als
achtergrond ( Zenith: het punt op de hemelbol dat loodrecht staat boven de
waarnemer op Aarde).
In een volgende nieuwsbrief gaan we nader in op het getal 72 het aantal jaren
dat de precessie van de aardas van één graad teweegbrengt.